Verweerschrift college
Tekst van het document
Aan De vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften van de gemeente Altena Postbus 5 4286 ZG ALMKERK 4800 PA BREDA
Datum verzonden
Uw brief
Geachte voorzitter, Op 24 januari 2023 heeft het college besloten om op grond van artikel 6 van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg), het voorkeursrecht van toepassing te verklaren in het gebied tussen de A-27, de Vijcie en de Schans. Aan de gronden is een niet-agrarische bestemming toegedacht, te weten “bedrijventerrein met bijbehorende voorzieningen, wegen, waterberging en natuurlijke inpassing”. Het huidige gebruik van de aangewezen gronden is agrarisch en wijkt af van de toegedachte bestemming.
Ons kenmerk 2021OV OLO
Betreft Verweerschrift
Bijlage(n)
Het collegebesluit is op 14 maart 2023 bekrachtigd door de gemeenteraad (ex artikel 5 Wvg). Het voorkeursrecht geldt nu voor een periode van 3 jaar op de gronden. In dit besluit heeft de gemeenteraad besloten om de uitvoering hiervan op te dragen aan het college van burgemeester en wethouders. Bezwaren tegen het college- en het raadsbesluit Tegen het collegebesluit zijn drie bezwaren ingediend. Tegen het raadsbesluit is door twee eigenaren bezwaar gemaakt. Eén van de indieners had ook al bezwaar gemaakt tegen het collegebesluit. Met het besluit van de gemeenteraad om het voorkeursrecht te bestendigen, is formeel het collegebesluit vervallen. Als een besluit niet meer geldt, dan kan daar ook geen bezwaar meer tegen gemaakt worden. De wet geeft echter aan dat een bezwaar tegen het collegebesluit, ook gezien moet worden als een bezwaar tegen het raadsbesluit. Dit om te voorkomen dat mensen twee keer moeten reageren (Artikel 6, lid 3 van de Wvg: Indien bezwaar of beroep aanhangig is tegen een collegebesluit tot voorlopige aanwijzing en dit besluit vervalt omdat een besluit van de gemeenteraad tot aanwijzing in werking is getreden, wordt het bezwaar of beroep mede geacht te zijn gericht tegen het besluit van de gemeenteraad). De bezwaren tegen het collegebesluit moeten dus worden aangemerkt als een bezwaar tegen het raadsbesluit en kunnen in dezelfde procedure worden behandeld.
U wordt verzocht een advies uit te brengen over de onderhavige bezwaarschriften.
Behandeld door Lenard Schoonen Team Vastgoed en Omgeving Telefoonnummer
E-mail l.schoonen@gemeentealtena.n l
Gemeentehuis Altena Sportlaan 170 4286 ET Almkerk Postbus 5 4286 ZG Almkerk
T (0183) 516100 E info@gemeenteAltena.nl
Bezwaarmakers De volgende personen hebben bezwaar gemaakt. Kadastrale gemeente: Werkendam Volgnr. Besluit Wvg 30 39 6 7 8 9 10 16 11
ter grootte van (m2) sectie nummer recht 45.927 R 3083 Eigendom 1.035 R 3082 Eigendom 14.780 R 424 Eigendom 16.515 R 2813 Eigendom 1.235 R 2816 Eigendom 36.740 R 2814 Eigendom 5.585 R 2817 Eigendom 17.540 R 1759 Eigendom 21.148 R 1973 Eigendom
op naam van J. Laaij J. Laaij G. Laaij D. Middelkoop D. Middelkoop D. Middelkoop D. Middelkoop D. Middelkoop HP Vastgoed B.V.
Hierna te noemen Bezwaarmaker 1 Bezwaarmaker 2
Bezwaarmaker 3
Bezwaarmaker 4
Ontvankelijkheidsbeoordeling Om aangemerkt te worden als belanghebbende bij deze procedure moet bezwaarmaker aan de volgende criteria voldoen: • Objectief bepaalbaar • Persoonlijk belang • Eigen belang • Rechtstreeks bij het besluit betrokken belang • Actueel Alle indieners zijn eigenaar van gronden die zijn aangewezen als gronden waar het voorkeursrecht van toepassing is. Daarmee hebben belanghebbenden belang bij het resultaat van de procedure en hebben daarom ook procesbelang. Het bezwaarschrift van bezwaarmakers is binnen de gestelde termijn ontvangen. De bezwaarschriften die zijn ingediend zijn voorzien van naam, adres, etc. Daarnaast bevat het bezwaarschrift de verwijzing naar het genomen besluit en zijn bezwaargronden openomen. De gemeente is van mening dat de bezwaren van bezwaarmakers ontvankelijk zijn, omdat de bezwaarschriften voldoen aan de vereisten van artikel 6:5 Algemene wet bestuursrecht (Awb). Bezwaarmaker 1 (bezwaar ingetrokken) De gemeente heeft op 12 april 2023 met bezwaarmaker 1 een koopovereenkomst gesloten voor de aankoop van zijn eigendom. In de overeenkomst is afgesproken dat de levering uiterlijk 20 juni 2023 plaatsvindt en dat het bezwaar formeel wordt ingetrokken, zodra de notariële akte is gepasseerd.
Op het moment van opstellen van deze brief, is de notaris bezig met het opstellen van de conceptakte, maar heeft de juridische levering nog niet plaatsgevonden. Aangezien er sprake is van een onherroepelijke koopovereenkomst en we er vanuit kunnen gaan dat het bezwaar dus wordt ingetrokken, wordt in deze brief niet verder ingegaan op dit bezwaarschrift. Bezwaarmaker 2 Bezwaar Bezwaarmaker 2 geeft aan dat op het perceel een bestemming zonneweide is ingepland.
2
Gemeentelijke reactie Het voorkeursrecht is op de gronden gevestigd met de intentie om binnen enkele jaren de gronden te kunnen aankopen voor de ontwikkeling van een bedrijventerrein. De vestiging van het voorkeursrecht maakt echter alleen dat een eigenaar, als die zelf besluit om zijn perceel te vervreemden, dit eerst aan de gemeente moet aanbieden. De Wvg heeft geen verdere doorwerking op de bouw- en gebruiksmogelijkheden van een perceel. Of de ontwikkeling van een zonneveld op deze locatie al dan niet zou kunnen worden vergund, hangt dus niet af van het Wvg-besluit, maar van het geldende bestemmingsplan. De ontwikkeling van het nieuwe bedrijventerrein volgt te zijner tijd een andere, ruimtelijke procedure. Als bezwaarmaker het dan niet eens is met de voorgenomen bestemmingswijziging van de gronden naar een bedrijfsbestemming, kan hij op dat moment via die procedure daar zijn reactie op geven. Of een zonneveld al dan niet binnen de mogelijkheden zal gaan passen, is niet bekend. Het college is van mening dat het voorkeursrecht terecht is gevestigd op de grond van bezwaarmaker. Bezwaarmaker 3 Bezwaar • Door de vestiging van het voorkeursrecht op een deel van de gronden van bezwaarmaker, konden die percelen niet meegenomen worden in de bedrijfsoverdracht naar de nieuwe BV van de zoon.
• Bezwaarmaker geeft aan dat hij een mondelinge overeenkomst had met Rijkwaterstaat over de aankoop van een perceel grond wat hij nu pacht. Door de vestiging van het voorkeursrecht gaat die transactie niet door. Bezwaarmaker geeft aan dat hij hierdoor grote schade leidt. Gemeentelijke reactie • Het klopt dat een overdracht van de bedrijfsstructuur naar een BV-constructie niet rechtstreeks mogelijk is binnen de kaders van de Wvg. De gemeente kan echter wel medewerking verlenen middels een overeenkomst. De bepalingen in deze overeenkomst moeten vervolgens opgenomen worden in de overdrachtsakte bij de notaris. Op 10 maart 2023 hebben we een conceptovereenkomst toegestuurd naar de adviseur van bezwaarmaker, om zo de door bezwaarmaker gewenste inbreng in de nieuwe BV van de zoon te bewerkstelligen. Daarop is geen reactie gekomen. Als de overeenkomst akkoord is, kan die door beide partijen ondertekend worden en kan die naar de notaris worden gestuurd voor de verdere afwikkeling. • Bezwaarmaker bezit gronden direct grenzend aan de A-27. Deze gronden vallen binnen het tracébesluit voor de verbreding van de snelweg. Rijkswaterstaat heeft de afgelopen jaren met bezwaarmaker onderhandeld over de aankoop van deze grond. Bezwaarmaker wilde echter niet alleen financieel gecompenseerd worden, maar ook met ruilgrond.
De gemeente is geen partij in de onderhandelingen tussen Rijkswaterstaat, de grondeigenaar van het ruilperceel en bezwaarmaker. Het is de gemeente niet toe te rekenen dat door de vestiging van de Wvg de eigenaar van het ruilperceel zich terugtrekt. Als bezwaarmaker van mening is dat Rijkswaterstaat, danwel de eigenaar van het ruilperceel, in strijd handelt met de mondelinge overeenstemming, zal daarvoor een separate juridische procedure gevolgd moeten worden. Daarnaast moet worden gesteld dat, uitgaande van de regels voor het bepalen van een schadeloosstelling bij een dergelijke aankoop door Rijkswaterstaat, het voor de vermogenssituatie van bezwaarmaker niet uit zou hoeven te maken of er sprake is van een financiële vergoeding of een grondruil bij overdracht van de grond. Het college is dan ook van mening dat het voorkeursrecht terecht is gevestigd op de grond van bezwaarmaker.
3
Bezwaarmaker 4 Bezwaar • Bezwaarmaker is van mening dat een bedrijfsbestemming op zijn grond niet reëel is en dat deze grond altijd al bedoeld was als uitbreidingslocatie voor kassenbouw. Hij is het dan ook niet eens met de aanhouding van het principeverzoek voor de uitbreiding van zijn bedrijf wat is ingediend. • Bezwaarmaker meent aanvullend dat de bevoegdheid om de Wvg van toepassing te verklaren wordt ingezet voor een ander doel dan waarvoor deze bedoeld is, namelijk het tegenhouden van de ontwikkeling van het perceel. • Tot slot is bezwaarmaker van mening dat de gemeente een te groot gebied heeft aangewezen voor de gewenste ontwikkeling. Gemeentelijke reactie • Het voorkeursrecht is op de gronden gevestigd met de intentie om binnen enkele jaren de gronden te kunnen aankopen voor de ontwikkeling van een bedrijventerrein. De Wvg dwingt een eigenaar niet tot verkoop. De vestiging van het voorkeursrecht maakt echter alleen dat een eigenaar, als die zelf besluit om zijn perceel te vervreemden, dit eerst aan de gemeente moet aanbieden. De Wvg heeft geen verdere doorwerking op de bouw- en gebruiksmogelijkheden van een perceel, zoals die nu aanwezig zijn. De vraag of op deze locatie het bedrijf van bezwaarmaker uitgebreid kan worden, hangt dus niet af van het Wvg-besluit, maar van de mogelijkheden binnen het bestemmingsplan.
De ontwikkeling van het nieuwe bedrijventerrein volgt te zijner tijd een andere, ruimtelijke procedure. Als bezwaarmaker het niet eens is met de voorgenomen bestemmingswijziging van de gronden naar een bedrijfsbestemming, kan hij te zijner tijd via die procedure daar zijn reactie op geven. • Het doel van de Wvg is enerzijds om als gemeente grip te houden op de ontwikkeling van het gebied en anderzijds om ongewenste prijsopdrijving in het gebied te voorkomen. De gemeente heeft de intentie om in dit gebied een nieuw bedrijventerrein te gaan ontwikkelen. Conform het bepaalde in artikel 5 Wvg mag de gemeenteraad gronden aanwijzen waarbij in het besluit tot aanwijzing aan de betrokken gronden een niet-agrarische bestemming wordt toegedacht en waarvan het gebruik afwijkt van die bestemming. Dit besluit volgt uit het voornemen van de gemeenteraad om een nieuw bedrijventerrein te gaan ontwikkelen in Werkendam Noord. Daarmee voldoen we aan de bepalingen van de wet. • Op dit moment zijn er twee mogelijke ontwikkelrichtingen voor het nieuwe bedrijventerrein, te weten de parallelvariant langs de A-27 en de centrale variant rond de Rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI). De uiteindelijke keuze voor één van de twee (of een combinatie) zal eind 2023 genomen worden. Tot die tijd zijn beide opties mogelijk en reëel. Het aanwijzen van een grotere locatie is zondermeer toegestaan.
Dit blijkt ook uit de uitspraak van Rechtbank Oost-Brabant (ECLI:NL:RBOBR:2022:2011) van 20 mei 2022. Hierin stelt de rechter dat bij de vestiging van een voorkeursrecht vóór het begin van de bestemmingsplanprocedure hoort dat alleen een globaal beeld bestaat van de beoogde bestemming. Het uiteindelijke grondgebruik hoeft nog niet op perceelsniveau vast te staan. Voor alle percelen in het gebied doet zich een risico voor van verlies van regie en prijsopdrijving. Zodra de definitieve keuze is gemaakt, zal de Wvg kunnen vervallen van de gronden die buiten het zoekgebied vallen. De verwachting is dat de keuze eind 2023 zal worden gemaakt door de gemeenteraad. Het college is van mening dat het voorkeursrecht terecht is gevestigd op de grond van bezwaarmaker.
4
Met vriendelijke groet, Namens burgemeester en wethouders van de gemeente Altena
Lenard Schoonen Beleidsadviseur Grondzaken | Team Omgeving en Vastgoed Rentmeester NVR
Deze brief is automatisch aangemaakt en derhalve niet handmatig ondertekend
5