Memo toezegging integrale verordening sociaal domein over stapeling voorzieningen (toezeggingen Altenatafel)
Tekst van het document
1. Stapeling Welke regelingen worden aangepast? Er worden diverse regelingen aangepast, met een aantal regelingen kan een stapeling worden veroorzaakt. Dat geldt niet voor primaat verhuizen/woonvoorzieningen en de financiële toets huishoudelijke hulp. De beleidsregels afbakening jeugd en vervoer jeugd zijn nog in ontwikkeling. Hiervan is de impact in combinatie met andere voorzieningen nog lastig weer te geven. Primaat verhuizen geldt alleen voor nieuwe meldingen. De kans dat deze inwoner een uitkering heeft is zeer gering. Het gaat hier overwegend over ouderen en mensen met een dusdanige arbeidsbeperking dat er geen sprake is van tegenprestatie. Indien er huishoudelijke hulp is, wordt deze door de verhuizing al herzien. Het kan zijn het 1 van de 36 inwoners betreft die meer dan 1500 kilometer reist. Aangezien alleen het aantal mensen bekend is en niet welke mensen, is dat op dit moment niet te achterhalen. De financiële toets bij huishoudelijke hulp geldt alleen voor nieuwe aanmeldingen. Er kan geen samenloop plaatsvinden met bestaande huishoudelijke hulp (daar geldt deze toets niet voor) en een uitkering (inkomen is te laag). Het kan zijn dat het 1 van de 36 inwoners betreft die meer dan 1500 kilometer reist. Wij beschikken echter op dit moment niet over hun inkomensgegevens.
Een inwoner met een bestaande voorziening kan gevolgen van de aanpassingen in de verordening ondervinden als: 1. 2. 3. 4.
De inwoner meer dan 1500 kilometer met de deeltaxi rijdt Door het nieuwe normenkader minder Huishoudelijke hulp krijgt dan nu Tegenprestatie moet doen Mantelzorgwaardering
Aantallen Deeltaxi Huishoudelijke hulp P-wet uitkering Mantelzorgwaardering
1539 1241 524 1350 (in 2021)
Stapeling Van de bovenstaande aantallen, hebben de volgende aantallen inwoners een combinatie van de voorzieningen. Deeltaxi en huishoudelijke hulp 490 Deeltaxi en P-wet uitkering 2 Huishoudelijke hulp met P-wet 29 In beginsel kunnen 521 huidige inwoners geraakt worden door de aanpassingen in de verordening met een stapeling.
Zij moeten dan wel aan de volgende zaken voldoen: Meer dan 1500 kilometer per jaar reizen en jaarbudget verbruiken Volgens het nieuwe normenkader minder hulp krijgen* Geen re-integratietraject volgen of andere uitsluitingsgronden hebben op basis waarvan de tegenprestatie niet kan worden opgelegd.
Op dit moment 36 inwoners: 2% 65% kans op vermindering Geen gegevens
Stel dat toevallig alle 36 klanten verbruik deeltaxi boven 1500 kilometer in deze stapeling zitten. Dan heeft 65% daarvan de kans dat de indicatie HbH negatief wordt bijgesteld. Dat zijn 23 klanten. Er zijn onvoldoende gegevens rondom de tegenprestatie. Aangenomen mag echter worden dat de 31 inwoners met uitkering en een deeltaxi of huishoudelijke hulp, maar beperkt of niet in aanmerking zullen komen voor een verplichte tegenprestatie. Mantelzorgwaardering De verwachting is dat het grootste deel van de inwoners/huishoudens met een Wmo-voorziening ook een mantelzorgwaardering ontvangt. De stapeling met een voorziening op grond van de P-wet is minder waarschijnlijk. Het is echter niet mogelijk gebleken om dit verder te kwantificeren.
2. Tegenprestatie De minister heeft indertijd geeft aangegeven dat de omvang van de werkzaamheden en de duur in tijd in de regel beperkt zijn (het moet gaan om werkzaamheden voor een paar uur per dag of per week). In de Memorie van Toelichting van de wet is verder nog opgenomen dat het leveren van een tegenprestatie vaak werkzaamheden van korte duur omvat, terwijl een participatieplaats voorziet in werken voor een langere periode van maximaal twee jaar. De tegenprestatietegen moet gaan om werk van enkele uren per dag of week en beperk in duur (enkele weken of maanden). Jurisprudentie Het is zeker niet de bedoeling om een bijstandsgerechtigde langdurig onbetaalde arbeid te laten verrichten. Dit houdt zeker geen stand bij de rechtbank. In ons geval RBZWB (rechtbank Breda): zie uitspraak hieronder. ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171 Uit rechtsoverweging 4 Bij de tegenprestatie naar vermogen gaat het niet om een re-integratie-instrument, maar gaat het puur om een tegenprestatie voor de uitkering (zie expliciet bladzijde 9 van het advies Raad van State en nader rapport, kamerstuk 32815, nr. 4). Uit de Memorie van Toelichting (MvT) onder 2.3 blijkt dat het
moet gaan om onbeloonde maatschappelijke nuttige werkzaamheden. Naar hun aard zullen deze niet direct gericht hoeven te zijn op toeleiding tot de arbeidsmarkt. Verder mogen de werkzaamheden niet in de weg staan aan acceptatie van algemeen geaccepteerde arbeid of aan re-integratie gericht op arbeidsinschakeling, omdat het uitgangspunt werk boven uitkering voorop staat. Het college zal aan de hand van de individuele omstandigheden en de voorhanden zijnde onbeloonde maatschappelijke nuttige werkzaamheden de aard, de duur en de omvang van de tegenprestatie moeten bepalen. De omvang van de werkzaamheden en de duur in de tijd dienen daarom in de regel beperkt te zijn. Dit is ook nog opgenomen in de notitie van de Minister: “wat gaat er veranderen in de wet WWB”, waarin staat vermeld dat het moet gaan om werkzaamheden voor een paar uur per dag of per week. In de MvT is verder nog opgenomen dat het leveren van een tegenprestatie vaak werkzaamheden van korte duur omvat, terwijl een participatieplaats voorziet in werken voor een langere periode van maximaal twee jaar. Bij een tegenprestatie naar vermogen gaat het om het opleggen van normale burgerlijke verplichtingen dan wel kleine gemeenschapsdiensten.
Uit rechtsoverweging 5 Gelet op de bedoeling van de wetgever zoals deze blijkt uit de kamerstukken en de notitie van de Minister, kan een aanbod om werkzaamheden voor 32 uur per week te verrichten niet aangemerkt worden als een tegenprestatie naar vermogen als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de WWB. De rechtbank is van oordeel dat door te verlangen dat een uitkeringsgerechtigde nagenoeg een volle werkweek werkzaamheden moet verrichten, de grens van een tegenprestatie wordt overschreden. Het gaat dan immers niet meer om werkzaamheden van beperkte omvang. Oordeel van de rechter De rechter is van oordeel dat er in deze casus geen sprake is van een tegenprestatie naar vermogen zoals bedoeld in de WWB. Een aanbod om werkzaamheden te verrichten voor 32 uur per week kan niet worden aangemerkt als een tegenprestatie naar vermogen, hiervoor betreft het teveel uren en krijgen de werkzaamheden het karakter van reguliere arbeid. Verder stelt de rechter dat in de overeenkomst geen beschrijving is gegeven van de werkzaamheden. Uit de vorige uitspraak kunnen wij opmaken dat het van belang is om de werkzaamheden duidelijk te omschrijven, anders kunnen zij niet getoetst worden door de rechter. De algemene omschrijving laat zien dat er door de gemeente geen maatwerk is geleverd of is gekeken naar de individuele omstandigheden van de uitkeringsgerechtigde.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond. Ondanks het feit dat deze uitspraak betrekking heeft op de WWB is dit een belangrijke uitspraak voor de uitvoering van de tegenprestatie van de Participatiewet. Deze uitspraak somt namelijk alle vereisten van de tegenprestatie naar vermogen op.
61 Kamerstukken II 2010/11, 32 815 nr. 7 p. 50. 62 Rb. Zeeland-West-Brabant 25 februari 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171. 63 Rb. Zeeland-West-Brabant 25 februari 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171, r.o. 1. 64 Rb. Zeeland-West-Brabant 25 februari 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171, r.o. 4. 65 Rb. Zeeland-West-Brabant 25 februari 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ5171, r.o. 5. 66 Rb. Zeeland-West-Brabant 25 februari 2013
Vergelijking met andere gemeenten. We hebben de huidige omvang van de tegenprestatie vergeleken met een zevental gemeenten (waarvan die uit het werkgebied van MidZuid). Dit levert het volgende beeld op: Gemeente ` Drimmelen Geertruidenberg Oosterhout Alphen aan de Rijn Eindhoven Kampen Veldhoven Zwartewaterland
Duur 6 maanden 12 dagen 3 maanden 500 uur per jaar niet opgenomen 12 maanden 6 maanden 3 maanden
Uren per week 10 uur 16 uur 10 uur 20 uur niet opgenomen 20 uur 10 uur 16 uur
De variatie aan mogelijkheden is groot. Als we kijken naar het uitgangspunt wat we in de verordening hebben opgenomen lopen we in de pas met de gemeenten Drimmelen en Veldhoven en hebben we wat betref het aantal uren per week aansluiting bij de gemeente Oosterhout. We lopen redelijk in de pas met de gemeenten in het verzorgingsgebied van MidZuid. Uiteraard kun je gaan voor het beleid van de gemeente Rotterdam, Alphen aan de Rijk en Kampen (allen 20 uur per week). In principe maakt het niet uit wat je regelt: in alle gevallen gaat het om het aanbieden van het van activiteiten die moeten aansluiten op de individuele omstandigheden van de uitkeringsgerechtigde. Kortom het gaat om maatwerk optima forma. Conclusie Het is goed te melden dat met de huidige verordening de vrijblijvendheid van het inzetten van tegenprestatie weg is. Met alle veranderingen die worden doorgevoerd is het zaak eerst aan de slag gaan met het verplichte karakter in de uitvoering. Na opgedane ervaring kan dan op een later
moment altijd nog bezien worden of een verdere aanscherping gewenst is. We moeten voorkomen dat we straks in de uitvoering vastlopen door vanuit een te hoog ambitieniveau van start te gaan.
3. Aantallen bijstand In de raad is nog gesproken over de aantallen mensen in de bijstand. Volgens het CBS is dit voor onze gemeente 12,1 per 1000 inwoners. Wij horen bij de laagste gemeenten van Nederland. Overigens is er al een bezuiniging op de uitkeringen geboekt van 288.000 euro conform het Berenschotrapport welke gerealiseerd moet worden met efficiënter werken in de uitvoering. Deze opgave is al in de begroting verwerkt. Gezien de onvoorspelbaarheid van Corona wordt niet geadviseerd om deze opgave te verzwaren. Via deze link zijn de cijfers van het CBS te benaderen: https://www.cbs.nl/nl-nl/deelnemers-enquetes/deelnemers-enquetes/decentraleoverheden/sociale-zekerheid-overheden/bijstandsuitkeringenstatistiek--bus--