Brief bestuurlijke reactie aan RKC - onderzoek doelen bestuursakkoord
Tekst van het document
Rekenkamercommissie Altena via griffie
Datum verzonden 16 maart 2021 Uw brief
Geachte leden van de Rekenkamercommissie,
Hartelijk dank voor uw rapportage. Daarin staat een aantal bruikbare conclusies en aanbevelingen die ons helpen de ondersteuning van het democratisch proces naar de toekomst toe verder vorm te geven. In onze reactie richten we ons op deze conclusies en aanbevelingen. We zijn trots op wat we als raad en college de afgelopen periode samen hebben bereikt, zeker als in ogenschouw wordt genomen dat we met een nieuwe gemeente zijn gestart. Daarom zijn we allereerst blij dat u constateert dat de inzet op acties grotendeels op schema ligt (conclusie 9). Voordat we verder inhoudelijk op uw rapportage ingaan, willen we benadrukken dat het Bestuursakkoord een echt politiek akkoord is tussen de coalitiepartijen. Dat maakt ook dat het naar onze mening logisch is dat niet alles SMART geformuleerd is. Het is geen document dat primair bedoeld is om een prominente rol te spelen in de sturingscyclus van de gemeente.
Ons kenmerk D2021-03-001494 2021-001520 Betreft Uitgaande brief Bijlage(n) 0 Behandeld door Bas Duijster Team Team Bestuursondersteuning Telefoonnummer 0183-516111 E-mail b.duijster@gemeentealtena.nl
Bij de wijze van rapporteren maken we gebruik van doelenbomen en ook u constateert dat deze kans biedt voor de sturing op maatschappelijke effecten (conclusie 5). Daar ligt wat ons betreft ook het belangrijkste aangrijpingspunt voor sturing door de raad: de sturing op inhoudelijke doelstellingen. Daarop willen we investeren. Het feit dat u constateert dat de inhoudelijke doelstellingen uit het Bestuursakkoord goed zijn doorvertaald naar het collegeprogramma (conclusie 3) doet ons deugd en onderstreept dat we als college daaraan groot belang hechten. Uw aanbeveling om in een volgende bestuursperiode een midterm-review te overwegen (aanbeveling 8) is het overwegen waard. De huidige periode leende zich daar minder goed voor vanwege de kortere looptijd (3 jaar). U beveelt de raad aan om na te denken over een groter aantal begrotingsprogramma’s (conclusie 2 en aanbeveling 4). Uw stelling daarbij is dat dit de sturingsmogelijkheden van de raad vergroot. Wij plaatsen daar een drietal kanttekeningen bij.
1/3
Gemeentehuis Altena Sportlaan 170 4286 ET Almkerk Postbus 5 4286 ZG Almkerk T (0183) 516100 E info@gemeenteAltena.nl
www.gemeenteAltena.nl
1.
2.
3.
In de eerste plaats zijn wij van mening dat sturing in het publieke domein vooral op inhoudelijke doelstellingen moet plaatsvinden. Op de inhoud maken we immers het verschil voor onze inwoners. We denken daarom dat uw conclusies en aanbevelingen (conclusies 1, 10 en 11 alsmede aanbeveling 1, 2, 3, 5, 6 en 7), om te investeren in meer concrete doelstellingen in een bestuursakkoord en de vertaling daarvan in concrete en herkenbare doelstellingen in een collegeprogramma het volle pond mogen krijgen; Hoe deze doelstellingen (mede financieel) worden geclusterd in begrotingsprogramma’s, is aan de raad. U geeft aan dat het overgrote deel van de begroting staand beleid is (conclusie 6). Het aantal begrotingsprogramma’s heeft daar geen invloed op. De vraag is dus of de sturingsmogelijkheid van de raad wordt vergroot door het aantal begrotingsprogramma’s te vergroten; Bij de afweging hoeveel begrotingsprogramma’s worden ingesteld, is een belangrijke afweging op welk aggregatieniveau de raad wil sturen en hoeveel financiële bewegingsruimte het college krijgt voor de uitvoering van de inhoudelijke doelen. Hoe meer programma’s, hoe vaker met financiën zal moeten worden geschoven over programmagrenzen heen c.q. hoe meer begrotingswijzigingen de raad te verwerken krijgt zonder dat dit de voortgang van de inhoudelijke doelstellingen beïnvloedt.
Ons huidige aantal programma’s is overigens ook niet ongebruikelijke in gemeenteland.
Verder legt u de vinger bij de financiële vertaling van de doelen (conclusie 7 en 8). Uw conclusies luidt dat de kosten van het Collegeprogramma weinig transparant zijn en dat er geen totaalbeeld is van de behaalde resultaten en de daarmee gemoeid zijnde kosten. Zoals we hiervoor al hebben aangegeven, ligt de focus op het behalen van inhoudelijke doelen. Niet ieder doel is ook van een raming te voorzien, al was het alleen al vanwege het feit dat niet aan iedere taak een integrale kostprijs is te geven. Zo werkt de sturingscyclus binnen de gemeente ook niet: de afweging van de middelen vindt vooraf plaats bij de Kadernota en vervolgens in de Begroting, maar daarna wordt, behoudens bij de analyse van de jaarrekening, niet meer teruggekomen op het geld c.q. de input. De resultaten zijn leidend voor het college. Voor ons is de vraag of een nacalculatie op aggregatieniveau van individuele taken echt waarde toevoegt. Ten slotte hebt u conclusies en aanbevelingen over de samenhang tussen de diverse sturingsdocumenten. Daarbij gaat het u met name om de consistentie in de terminologie (conclusie 4). Dit is een aandachtspunt dat ter harte wordt genomen. Conclusie 12 is feitelijk correct. Nogmaals dank voor uw rapportage. Wij zullen er ons voordeel mee doen. Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester,
drs. A.J.E. van der Werf-Bramer 2/3
drs. E.B.A. Lichtenberg MCM www.gemeenteAltena.nl
3/3
www.gemeenteAltena.nl