CConstaterende datAltena
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Beslispuntenmemo bij RV Wijziging gemeenschappelijk regeling Streekarchief Langstraat Heusden Altena

Raadsvergadering 12 december 2023, gemeente AltenaBij agendapunt: Wijziging gemeenschappelijke regeling Streekarchief Langstraat Heusden Altena3.674 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beslispunten SALHA wijziging Wgr 1

Inleiding

Op 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regeling (Wgr) gewijzigd. Deze wetswijziging dient voor 1 juli 2024 in alle gemeenschappelijke regelingen (GR-en) geïmplementeerd te worden. Ook de gemeenschappelijke regeling Streekarchief Langstraat Heusden Altena (GR SALHA) moet worden gewijzigd. Deze beslispuntenmemo geeft inzicht in de wijzigingen van de Wgr die noodzakelijkerwijs leiden tot wijziging van de GR SALHA. Deels zijn deze verplicht, deels is er sprake van een keuze in de invulling van de wijziging.

1.1

Gewijzigde procedure totstandkoming GR-wijziging

Een eerste belangrijke wijziging ziet op het proces tot de totstandkoming van een GR-wijziging. Bij alle GR-en waar raden niet aan deelnemen – zoals ook het geval is bij de GR SALHA –, is het vanaf 1 juli 2022 verplicht om zienswijze over de concept gewijzigde regeling te vragen aan de raden. Nadat gemotiveerd op deze zienswijzen is gereageerd en aanpassingen in de concept-GR zijn doorgevoerd, kan aan de raden toestemming worden gevraagd voor het wijzigen van de GR. Deze procedurewijziging heeft direct invloed op de wijziging van de GR SALHA, vandaar dat wij deze hier alvast expliciteren.

1.2

Niet alle wijzigingen van de Wgr leiden tot een te maken keuze in de GR

Een aantal van de wijzigingen in de Wgr leiden tot verplichte toepassing en leiden soms tot een verplichte wijziging van GR-en waarbij geen keuze te maken valt in de wijze waarop deze wordt toegepast. Onderstaande tabel geeft aan welke wijzigingen verplicht zijn. De verplichte wijzigingen zonder keuzemogelijkheid zijn in de nieuwe tekst van de GR opgenomen. De lichtpaarse markering geeft aan dat, ondanks dat sprake is van een verplichting, toch een keuze mogelijk is. Deze keuze wordt behandeld in paragraaf 2.1. Daarnaast zijn er twee wijzigingen die niet in de tekst van de GR opgenomen moeten worden, maar altijd van toepassing zijn: de gezamenlijke enquête en de uitbreiding van de bevoegdheid van de rekenkamer. Wijziging

Geregeld in:

Keuze?

Opnemen in GR?

Zienswijze van raden over ontwerpregeling, wijziging regeling of toe- en uittreding als raden geen deelnemer zijn aan de GR.

Art. 1 Wgr

Nee

Ja, tenzij verwijzing naar wettelijke bepaling.

Reactie van (dagelijks) bestuur op zienswijze begroting.

Art. 35 Wgr

Nee

Ja, tenzij verwijzing naar wettelijke bepaling.

Wijziging

Geregeld in:

Keuze?

Opnemen in GR?

Aanpassing termijnen in de begrotingscyclus

Art. 34, 34b en 35 Wgr.

Nee

Ja, tenzij verwijzing naar wettelijke bepaling.

Gezamenlijke enquête naar gevoerde bestuur als raden geen deelnemer zijn.

Art. 155 Gemeentewet

Nee

Nee, bevoegdheid altijd van toepassing.

Uitbreiding van de bevoegdheid van de rekenkamer tot bestuur van het samenwerkingsverband.

Art. 184 Gemeentewet

Nee

Nee, bevoegdheid altijd van toepassing.

Pagina 1 van 7

1.3

Wijzigingen van de Wgr die leiden tot een te maken keuze in de GR

Andere wijzigingen van de Wgr geven de deelnemers de vrijheid om te kiezen of, en zo ja op welke manier zij de wijzigingen implementeren in de eigen GR. Onderstaande tabel maakt dit inzichtelijk voor GR-en die gesloten worden tussen gemeentelijke bestuursorganen. De wijzigingen waar een keuzevrijheid is, zijn lichtpaars gemarkeerd. Deze worden behandeld in de paragraven 2.2 tot en met 2.6. Voor wat betreft de Gemeenschappelijke adviescommissie is er voor gekozen hierover geen artikel op te nemen in de tekst van de GR. De omvang van de GR SALHA is klein en de lijnen zijn kort, waardoor de inspanning tot het oprichten en in stand houden van een adviescommissie niet in verhouding staan tot het doel dat met de adviescommissie wordt gediend. Wijziging

Geregeld in:

Zienswijze over specifieke besluiten van het bestuur

Art. 10 lid 6 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

Participatie van inwoners en belanghebbenden

Art. 10 lid 7 en 8 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

Actieve informatieplicht door bestuur

Art. 17 Wgr

Ja

Ja, vastleggen hoe dit wordt ingevuld

Gemeenschappelijke adviescommissie

Art. 24a Wgr

Ja

Niet verplicht.

Evaluatie van de GR

Art. 11 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

Voorwaarden en gevolgen van uittreding, waaronder de gevolgen van de rechtspersoon en voor het vermogen van de gemeenten waarvan bestuursorganen deelnemen.

Art. 9 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

1.4

Keuze?

Opnemen in GR?

Voorbereiding keuzes

In het volgende hoofdstuk bespreken wij in de verschillende paragrafen alle lichtpaars gearceerde rijen van bovenstaande tabellen. De gemaakte keuzes dienen zowel aan te sluiten bij het (uitvoerende en beleidsarme) karakter van het samenwerkingsverband SALHA, als bij de intentie van de wetswijziging, namelijk het bieden van een instrumentarium waarmee de raden in staat gesteld worden het wenselijke niveau van grip en controle op samenwerking te effectueren en de democratische legitimatie van samenwerkingsverbanden op grond van de Wgr te vergroten.

2

Advies wijzigingen

2.1

Termijnen begrotingscyclus (art. 34, 34b en 35 Wgr)

Wat betreft de gewijzigde termijnen geldt dat deze vanaf 1 juli 2022 in werking zijn getreden. Omdat het uiterste termijnen betreft, behoeft hier in beginsel geen keuze te worden gemaakt. Wel kan er voor gekozen worden om andere termijnen in de GR SALHA op te nemen, bijvoorbeeld vanwege de P&C-cyclus van de verschillende gemeenten of omdat er regionale afspraken over de termijnen zijn gemaakt. Als hiervoor gekozen wordt dan laat dit onverlet dat de uiterste wettelijke termijnen hoe dan ook gelden, dus afwijkende termijnen moeten in ieder geval passen binnen de uiterste wettelijke termijnen. Afwijkende termijnen hoeven dus niet in de GR te worden vastgelegd, maar als deze in de GR worden vastgelegd dan dient iedere deelnemer zich daar ook aan te houden. Afwijkende termijnen kunnen als zogenoemde ‘stok achter de deur’ worden gebruikt. Tot slot kan er voor gekozen worden in de GR SALHA slechts te verwijzen naar de geldende wettelijke bepalingen voor wat betreft de termijnen. Dit heeft als voordeel dat een wijziging van de uiterste Pagina 2 van 7

wettelijke termijnen niet in de GR hoeft te worden aangepast maar heeft als nadeel een verminderde zelfstandige leesbaarheid van de GR. Op dit moment zijn de begrotingstermijnen uitgebreid opgenomen in artikelen 29, 30 en 31 van de GR SALHA. Deze vallen binnen de uiterste wettelijke termijnen. Keuze: blijven de andere termijnen dan de wettelijke in de GR SALHA gehandhaafd? Zo ja, welke? Zo nee? Dan worden de nieuwe wettelijke (uiterste) termijnen opgenomen. Advies: In de GR SALHA blijven de huidige uiterste termijnen gehandhaafd, op twee uitzonderingen na, waarbij wordt aangesloten op de nieuwe wettelijke termijnen in de Wgr: • •

de uiterste termijn voor toezending van de ontwerpbegroting aan de raden wordt twaalf weken voordat zij door het algemeen bestuur wordt vastgesteld; de uiterste termijn voor toezending aan GS wordt 15 september.

Motivatie Volgens de GR SALHA moet de kaderbrief vóór 1 februari aan de raden toegezonden worden. Op basis van de Wgr moet de kaderbrief vóór 30 april ter informatie worden aangeleverd. Het aanleveren van de voorlopige jaarrekening en de ontwerpbegroting dient volgens de GR SALHA te gebeuren vóór 15 april. De raden kunnen tot en met 1 juli een zienswijze indienen op de ontwerpbegroting. De Wgr stelt dat de voorlopige jaarrekening vóór 30 april aangeleverd moet zijn en dat de ontwerpbegroting wordt aangeleverd 12 weken voordat deze door het algemeen bestuur wordt vastgesteld. Omdat de huidige in de GR genoemde termijnen haalbaar blijken en duidelijkheid geven wordt ervoor gekozen deze te handhaven. Voor het aanleveren van de ontwerpbegroting is er voor gekozen aan te sluiten bij de termijn van twaalf weken voor vaststelling door het algemeen bestuur, zodat de zienswijzeprocedure haalbaar blijft. In de GR SALHA is opgenomen dat de vastgestelde begroting vóór 1 augustus aan gedeputeerde staten wordt gezonden. Op grond van de Wgr moet deze vóór 15 september worden aangeleverd. Voor wat betreft het aanleveren van de begroting aan gedeputeerde staten is er geen reden om van de wettelijke termijn af te wijken. Er is daarom voor gekozen deze in de GR over te nemen.

2.2

Zienswijze over specifieke besluiten van het bestuur

Volgens artikel 10, vijfde lid Wgr moet in een GR worden opgenomen welke bestuursbesluiten, voorafgaand aan het nemen er van, voor het geven van een zienswijze moeten worden voorgelegd aan de raden van de gemeenten waarvan de colleges deelnemen in een GR. Er zijn een aantal verplichte besluiten waarvoor zienswijze gegeven moet worden1. Naast deze wettelijk verplichte zienswijzeprocedures, is het verplicht om iets op te nemen over de bestuursbesluiten die voor zienswijze aan de raden voorgelegd worden. Het ligt voor de hand te kiezen om ingrijpende besluiten of besluiten met een (grote) financiële consequentie voor zienswijze aan de raden voor te leggen. Oftewel, besluiten die de controlerende en budgettaire bevoegdheden van de raden raken. Voor SALHA geldt dat sprake is van een organisatie die vooral gericht is op uitvoering en (veel) minder op beleid. Voorstelbaar is daarom dat, buiten de wettelijk verplichte bestuursbesluiten waarop zienswijze kan worden gegeven door de raden, er verder geen bestuursbesluiten van SALHA worden aangewezen welke voorafgaand aan het nemen van het besluit ter zienswijze aan de raden moeten worden voorgelegd. Keuze: Worden er bestuursbesluiten genoemd in de GR waarop de raden voorafgaand hun zienswijze mogen geven?

1 Denk aan de zienswijze op de begroting en de zienswijze op het oprichten van en deelnemen in een

privaatrechtelijke rechtspersoon door het bestuur van een gemeenschappelijke regeling. Pagina 3 van 7

Zo niet: dan wordt vastgelegd dat daarvan geen gebruik wordt gemaakt, buiten de besluiten waarvan wettelijk of reeds in de GR SALHA is bepaald dat ze voor zienswijze langs de raden moeten. Zo wel: dan adviseren wij scherp te hebben welke besluiten dit dan betreft. Advies: In de GR SALHA vervalt de mogelijkheid tot het geven van een zienswijze op de kaderbrief. Dit sluit aan bij de wettelijke bepaling, aangezien artikel 34b Wgr bepaalt dat de kaderbrief slechts ter informatie aan de raden hoeft te worden gezonden. De raad heeft nog steeds de mogelijkheid om, als zij daar aanleiding toe ziet, de kaderbrief te agenderen voor een raadsvergadering. Ook kan het bestuur besluiten zelf om een reactie te vragen, in geval de kaderbrief aanmerkelijke gevolgen heeft voor de begroting bovenop de reguliere indexering. In de GR SALHA wordt artikel 34 nieuw opgenomen. Op basis hiervan wordt een besluit van het algemeen bestuur ten aanzien van de bestemming van een positief resultaat boven de vastgestelde bandbreedte (de bandbreedte bedraagt op dit moment maximaal € 150.000,- ) onder bepaalde voorwaarden ter zienswijze aan de raden voorgelegd. In de GR SALHA wordt opgenomen dat er, naast de wettelijk verplichte en de besluiten die al in de regeling worden genoemd, geen andere besluiten aan de raden voorgelegd worden ter zienswijze, tenzij het bestuur anders beslist.

Motivatie Als organisatie is SALHA uitvoerend van aard. In opdracht van de gemeenten worden de archiefwettelijke taken uitgevoerd. Er zijn, naast de planning en controlcyclus, op voorhand geen besluiten te voorzien waarover de raden via een zienswijze geraadpleegd dienen te worden. Daarom wordt in de regeling een dynamisch artikel opgenomen, waarin staat dat er geen andere dan de wettelijke verplichte en de reeds in de regeling genoemde besluiten voorgelegd worden tenzij het bestuur anders beslist. Dat betekent dat de vrijheid bestaat voor het bestuur om bijvoorbeeld het meerjarenbeleidsplan of besluiten die substantieel afwijken van het bestaande beleid ter zienswijze aan de raden voor te leggen. Met deze dynamische bepaling wordt enerzijds aan de wettelijke verplichting voldaan, terwijl anderzijds de flexibiliteit bestaat alsnog de raden in de gelegenheid te stellen zienswijze te geven op die besluiten waarvan het bestuur van SALHA het wenselijk vindt.

2.3

Evaluatie van de GR SALHA

In artikel 11a van de Wgr is opgenomen dat een gemeenschappelijke regeling bepalingen omtrent de evaluatie van de regeling moet bevatten. Uit de toelichting op de wetswijzing volgt dat verplicht is om in elke regeling iets op te nemen over evaluatie maar dat dit ook betekent dat mag worden opgenomen dat er geen evaluatie plaats zal vinden. Wordt er niet geëvalueerd dan wordt dat opgenomen in de GR en hoeven er geen verdere keuzes gemaakt te worden. Wordt ervoor gekozen om wel te evalueren dan is het ook goed om na te denken over de frequentie en de termijn van de evaluatie. Bijvoorbeeld minstens eens per zes jaar of elke vier jaar. Ook kan er iets worden opgenomen over het moment. Zo is het bijvoorbeeld aan te raden om de evaluatie niet vlakbij of rondom raadsverkiezingen te laten plaatsvinden omdat dan de evaluatie mogelijk niet de aandacht krijgt of het momentum mee heeft dat het verdient om het een nuttige evaluatie te laten zijn. Overigens kan de keuze voor het moment ook buiten de GR gelaten worden om niet ‘vast te liggen’. Hoe specifieker in de GR wordt opgenomen hoe met de evaluatie om te gaan, hoe ‘vaster’ dit ligt en hoe minder flexibiliteit er is daarvan af te wijken. Tot slot is het ook goed om bij voorbaat na te denken over wát het onderwerp van de evaluatie dient te zijn.

Ziet dat bijvoorbeeld op de inhoudelijke taken die zijn opgedragen aan SALHA? Of de wijze waarop de financiën worden geregeld en de deelnemers bijdragen? Of wordt er gekeken naar de effectiviteit en het nut van de samenwerking binnen de GR SALHA? Het staat vrij om hier iets over op te nemen in de regeling. Denk hierbij ook aan de mogelijkheid om op te nemen dat een jaar voorafgaand aan de evaluatie een besluit wordt genomen door de deelnemers of door het bestuur over de inhoud van de geplande evaluatie. Op dit moment is er nog niets over evaluatie opgenomen in de GR SALHA, dus dat dient in ieder geval te worden toegevoegd. Pagina 4 van 7

Keuze: Wel of geen evaluatie laten uitvoeren ten aanzien van de GR SALHA? Zo niet: dan wordt in de GR opgenomen dat geen evaluatie plaats vindt. Zo wel: dan adviseren wij ook na te denken over: 1: de termijn waarbinnen geëvalueerd wordt en met welke frequentie; 2: wat er geëvalueerd gaat worden. Advies: In de GR SALHA wordt opgenomen dat op verzoek van minimaal 2 deelnemende colleges of op initiatief van het bestuur eens per zes jaar een evaluatie van de GR SALHA uitgevoerd kan worden. Het bestuur van SALHA besluit, in samenspraak met de colleges, over het precieze onderwerp van de evaluatie en het moment waarop deze evaluatie uitgevoerd wordt. Motivatie Het is zinvol om periodiek de GR te evalueren. Aangezien de opdracht aan het SALHA een langdurige is, namelijk het beheren van de gemeentelijke archieven voor tenminste 100 jaar, is het wenselijk daarvoor ook een duurzame organisatie in te richten. Dat betekent dat bij een evaluatie niet zo snel de vraag op tafel zal komen of de samenwerking voldoende bestaansrecht heeft, maar eerder de vraag of de opdracht aan SALHA op de juiste manier wordt ingevuld en of de samenwerking van de verschillende colleges binnen SALHA leidt tot de verwezenlijking van de gewenste doelen.

Alhoewel evaluaties nuttig kunnen zijn en ter verbetering van de dienstverlening ingezet kunnen worden, zijn er met een goede evaluatie ook aanzienlijke tijd en kosten gemoeid. Niet alleen voor SALHA, maar ook voor de raden die ‘iets’ van het betreffende evaluatierapport moeten vinden en deze ter bespreking moeten agenderen om de evaluatie nuttig te laten zijn als instrument om de grip op de samenwerking te vergroten. Om die reden is het advies om niet 4-jaarlijks de regeling te evalueren maar eens per 6 jaar hiertoe de mogelijkheid te openen. Hiermee wordt zowel recht gedaan aan de duurzame toekomst van de organisatie als aan de noodzakelijkheid van zelfkritisch vermogen. Wellicht ten overvloede wordt vermeld dat ook de instrumenten van de gezamenlijke enquête en de uitbreiding van de bevoegdheid van de rekenkamer de raden inzicht kunnen verschaffen in het wel en wee van SALHA .

2.4

Participatie van inwoners en belanghebbenden

Volgens artikel 10 lid 7 Wgr wordt in een gemeenschappelijke regeling opgenomen op welke wijze de ingezetenen (van de gemeenten waarvan bestuursorganen deelnemen aan een gemeenschappelijke regeling) en belanghebbenden betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid. Het originele wetsvoorstel liet de ruimte om per gemeenschappelijke regeling een afweging te maken of er mogelijkheden voor participatie van inwoners en belanghebbenden in worden opgenomen. Echter, in het aangenomen amendement van Bromet is opgenomen dat het niet mogelijk is in een gemeenschappelijke regeling op te nemen dat geen ruimte wordt gegeven voor participatie. Er moet, met andere woorden, in elke gemeenschappelijke regeling een minimale variant van participatie worden opgenomen. Op dit moment is daar in de GR SALHA nog niets over opgenomen, dus dat dient in ieder geval te worden toegevoegd. Keuze: Op welke manier wordt in de GR SALHA invulling gegeven aan participatie? Advies: In de GR SALHA wordt opgenomen dat participatie van inwoners en belanghebbenden wordt toegepast bij al die bestuursbesluiten waarvan het bestuur – aanvullend op de wettelijke verplichte en de al in de GR geregelde besluiten – afzonderlijk heeft bepaald dat die voorgelegd worden aan de raden ter zienswijze. Bij de uitvoering hiervan wordt aangesloten bij de gemeentelijke regelgeving omtrent participatie.

Hiervoor kunnen bijvoorbeeld de gemeentelijke inspraakmomenten worden ingezet. Motivatie In de GR is, op grond van artikel 35, derde lid Wgr, opgenomen dat de ontwerpbegroting ter zienswijze wordt voorgelegd aan de raden. Op dat moment is er, via de gebruikelijke kanalen, inspraak mogelijk. Pagina 5 van 7

Door in de GR SALHA op te nemen dat participatie wordt toegepast bij de besluiten die het bestuur bijkomend voordraagt ter zienswijze aan de raden, geeft SALHA zo ruim mogelijk en toch passend bij het karakter van de GR invulling aan de wettelijke plicht te voorzien in participatie van inwoners en belanghebbenden. Verder wordt met behulp van klanttevredenheidsonderzoeken zoals de Kwaliteitsmonitor dienstverlening archieven geïnventariseerd wat de wensen van de klanten van het Streekarchief zijn.

2.5

Voorwaarden en gevolgen uittreding uit GR SALHA (art. 9, lid 1 Wgr)

Alhoewel in alle gemeenschappelijke regelingen (voor onbepaalde tijd) bepalingen zijn opgenomen over de wijze waarop deelnemers kunnen uittreden, is het sinds de wetswijziging van 1 juli 2022 verplicht om deze bepalingen uit te breiden. Uit de bepaling moet duidelijk worden welke gevolgen er zijn voor het vermogen van de rechtspersoon en voor het vermogen van de gemeenten waarvan de bestuursorganen deelnemen in de gemeenschappelijke regelingen. Dit betekent dat in GR SALHA moet worden opgenomen op welke wijze wordt bepaald wat de gevolgen van de uittreding zijn en op welke manier het vermogen van de deelnemers wordt beïnvloed. In artikel 36 van de GR SALHA is op dit moment een uittredingsregeling opgenomen. Deze voldoet echter nog niet aan de minimale wettelijke vereisten omdat onvoldoende is uitgewerkt welke gevolgen een uittreding heeft voor het vermogen van SALHA en voor de gemeente waarvan het college uittreedt uit de GR SALHA en tot slot voor de gemeenten waarvan de colleges blijven deelnemen. Keuze: bepaal op welke wijze wordt bepaald welke gevolgen uittredingen hebben voor SALHA en welke gevolgen dit heeft voor de (financiële) positie van de uittreder en de deelnemers. Advies: In de GR SALHA wordt aangesloten bij de wettelijke plicht tot het vastleggen van de uittredingsbepalingen.

Dat betekent dat de in de GR opgenomen regeling inzicht geeft in de gevolgen van een uittreding, zowel ten aanzien van het vermogen van SALHA als voor het vermogen van de achterblijvende deelnemers en de uittredende deelnemer(s). In de uittredingsbepaling wordt in ieder geval ook opgenomen dat bij uittreding van een deelnemer geen verrekening plaats vindt van het vermogen. De huidige opzegtermijn is met zes maanden erg kort, advies is dit te verlengen naar twee jaar. Uittreding vindt plaats op 1 januari na het verstrijken van de opzegtermijn. De uittredende deelnemer betaalt in jaar één van de uittreding 66% en in jaar twee 33% van de bijdrage aan de begroting die de deelnemer voldeed in het jaar voorafgaand aan de uittreding. In de uittredingsregeling wordt expliciet opgenomen dat bij uittreding of opheffing van de regeling ook sprake moet zijn van het ontvlechten van de archieven en de materialen die in de archiefbewaarplaats van SALHA liggen opgeslagen. Verder zijn er geen bijzonderheden aangegeven waarmee aanvullend rekening gehouden moet worden. Motivatie De huidige regeling biedt onvoldoende helderheid en is in strijd met de huidige wettelijke plicht zodat de uittredingsbepalingen deels herzien en aangevuld moeten worden.

Waar nodig wordt dit gedaan zodat aan de Wgr wordt voldaan en voor toekomstige gevallen duidelijk is wat de financiële consequenties zijn van een uittreding uit de regeling. Op deze wijze is het voor de raden duidelijk welke gevolgen een besluit tot uittreding heeft voor de financiële positie van de eigen gemeente. Gezien de langdurige aard van de samenwerking binnen het SALHA is een opzegtermijn van een half jaar erg kort, daarom is er voor gekozen dit te verlengen naar twee jaar. Daarnaast is het SALHA een kleine GR, waardoor de impact van uittreding van één van de deelnemers groot is. Een ruimere termijn is wenselijk om de uittreding goed te kunnen regelen.

2.6

Actieve informatieplicht door bestuur

Sinds 1 juli 2022 moet ook in gemeenschappelijke regelingen opgenomen worden op welke wijze inlichtingen door het bestuur van een gemeenschappelijke regeling worden verstrekt aan de raden van gemeenten waarvan de colleges deelnemen aan de gemeenschappelijke regeling. Dit is bepaald in artikel 17 van de gewijzigde Wgr. Daarin is ook een actieve informatieplicht opgenomen: de raden van de deelnemende gemeenten moeten alle inlichtingen ontvangen die zij nodig hebben voor de uitoefening van hun taken. Pagina 6 van 7

In artikel 18 van de GR SALHA is uitgewerkt op welke wijze de informatieverstrekking aan de raden plaats vindt. In het derde lid van dit artikel is de actieve informatieplicht vastgelegd: het bestuur van het SALHA informeert de raden van de deelnemende gemeenten schriftelijk over onderwerpen van strategisch belang. Keuze: artikel 18 laten zoals het is of nog aanvullen/wijzigen? Advies: In artikel 18 benadrukken dat de raad actief wordt geïnformeerd, door het woord ‘schriftelijk’ te vervangen door ‘actief’. Motivatie Artikel 18 voldoet in zijn huidige vorm al aan de gewijzigde Wgr, maar de actieve informatieplicht wordt door toevoeging van het woord ‘actief’ nog verder benadrukt. Het SALHA streeft er naar de raden goed op de hoogte te houden door nieuwe gemeenteraden uit te nodigen voor een kennismaking en nieuwe beleidsplannen toe te lichten aan de raden.

Pagina 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13593062/1