CConstaterende datAltena
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Beleidsplan bij RV Beleidsplan schuldhulpverlening 2024-2027

Raadsvergadering 12 december 2023, gemeente AltenaBij agendapunt: Beleidsplan schuldhulpverlening 2024-20278.024 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1

Inhoud 1.

Samenvatting ............................................................................................................................................3

2.

Inleiding .....................................................................................................................................................6

3.

Wettelijk kader ..........................................................................................................................................6

4.

Visie schuldhulpverlening .........................................................................................................................7

5.

Huidige situatie .........................................................................................................................................8

6.

Plan van aanpak ......................................................................................................................................16

7.

Randvoorwaarden ...................................................................................................................................31

8.

Financiën .................................................................................................................................................31

9.

Activiteitenplan 2024 ..............................................................................................................................31

Bijlage 1. Productbeschrijving KBNL ..............................................................................................................35

2

1. Samenvatting INLEIDING Dit beleidsplan beschrijft de onderwerpen voor de schuldhulpverlening van 2024-2027. De meeste inwoners zijn in staat om hun financiën zelfstandig op orde te houden, maar er is ook een groep die dit (structureel) niet kan. Daarbij lopen steeds meer inwoners risico op het ontwikkelen van financiële problemen door stijgende prijzen. Zo blijkt uit een recent onderzoek1 dat door het Nibud is uitgebracht dat ook inwoners met hogere inkomens moeite hebben met rondkomen. Meer mensen lenen geld bij familie of vrienden. Zij betalen energie, water, huur, en hypotheek vaker te laat. Alle inwoners met schulden en geldzorgen kunnen schuldhulpverlening krijgen van of via gemeente Altena. Het belangrijkste doel is om (problematische) financiële problemen te voorkomen. HUIDIGE FASEN EN BETROKKEN ORGANISATIES UITVOERING SCHULDHULPVERLENING

De gemeente voert samen met partners in vier fasen de schuldhulpverlening uit. 1 Rondkomen en betalingsproblemen (Nibud, 2022).

3

• •

•

•

Fase 1. Signalering: In de gemeente Altena komen inwoners met financiële achterstanden op verschillende manieren bij de gemeente in beeld. Dit gaat via Ons Altena, het kanaal Geldfit2, Surplus, Vroeg Eropaf, bewindvoering, Stichting Maatschappelijke Opvang (SMO) etc. Fase 2. Aanvraag: De consulenten Samenleving (team Toegang) voeren de aanvraag schuldhulpverlening uit. Zij verwijzen door naar een passende ketenpartner. Het is mogelijk dat Surplus eerst het dossier op orde brengt. Vervolgens geeft Surplus terug wat besproken is aan consulenten Samenleving. Zij verwijzen door naar een passende partij. Fase 3. Hulpverlening casus: De consulenten Samenleving verwijzen inwoners met ernstige schulden (meerdere schuldeisers) door naar de KBNL. Een andere mogelijkheid is dat Surplus hulp biedt wanneer blijkt dat er psychosociale ondersteuning bij schulden of budgetbegeleiding nodig is en er ook problemen spelen op andere leefgebieden. Maatschappelijk werkers van Surplus kunnen doorverwijzen naar de Formulierenbrigade wanneer ondersteuning nodig is bij het op orde brengen en houden van de administratie3. Schuldhulpmaatje wordt ingezet voor ondersteuning bij lichte financiële problematiek. Over Rood (vrijwilligersorganisatie) en Zuidweg & Partners (professionele organisatie) voeren de financiële hulpverlening aan ondernemers uit. Fase 4.

Nazorg: De KBNL voert de nazorg uit op het gebied van schuldhulpverlening. Een jaar na afsluiting van het dossier neemt de KBNL iedere drie maanden contact op met een cliënt. Surplus neemt na afsluiting van het dossier niet nogmaals contact op. De leiding ligt bij de cliënt of zij opnieuw contact opnemen.

PLAN VAN AANPAK Het plan van aanpak is onderverdeeld in primaire, secundaire en tertiaire preventie: • Primaire preventie: om financiële problemen te voorkomen • Secundaire preventie: om schuldproblemen zo vroeg mogelijk aan te pakken en op te lossen. • Tertiaire preventie: voorkomen dat een persoon terugvalt en opnieuw schulden maakt. Primaire preventie 1. Doel: de bereikbaarheid van inwoners met een hulpbehoefte naar passende hulp verbeteren. Dit doen we door: •

Het kanaal Geldfit4 onder de aandacht te brengen, zodat inwoners sneller bij passende hulp uitkomen.

•

Schuldhulpmaatje in te zetten om inwoners met lichte financiële problemen te kunnen helpen en indien nodig door te verwijzen naar professionele hulpverlening. Te verkennen of we in samenwerking met Surplus en KBNL of banken een financieel inloopspreekuur kunnen organiseren. De communicatie te verbeteren door de informatie op de website en de sociale kaart in te korten en bij te werken. Ook brengen we de website Geldfit onder de aandacht van de inwoners.

• •

2 www.geldfit.nl

3 De inwoner kan terecht bij de Formulierenbrigade voor kwijtscheldingen, formulieren Pensioenfonds,

mantelzorgwaardering, belastingpapieren, studiefinanciering, subsidies, heronderzoek, kinderopvang formulieren, tussentijdse hulp bij aanvraag of wijziging van zorg- en huurtoeslag, aanvraag voor hulp in de huishouding, hulp bij het schrijven van een brief aan een instantie. 4 Geldfit is een website waarop inwoners vragen kunnen invullen, waardoor zij bij de passende hulp uitkomen.

4

•

Het bereik van ondernemers te vergroten door het bestaan van financiële problemen en de hulpverlening onder de aandacht te brengen.

2. Doel: signalering financiële problemen verbeteren intern en extern. Dit doen we door: • Signaleren van schulden door interne afdelingen (team Regie, Voorveld, afdeling veiligheid, ondernemers, fysieke domein te verbeteren. • Signalering van schulden door voorliggend veld te verbeteren. We brengen financiële problemen en hulpverlening onder de aandacht van kerken, (sport)verenigingen, scholen (basis- en voorgezet onderwijs), dorpshuizen, ondernemersvereniging/ondernemershuis, grote werkgevers, ouderenverenigingen, vluchtelingenwerk, de bibliotheek etc. 3. Doel: het verbeteren van financiële kennis van inwoners. Dit doen we door: • Te stimuleren dat Surplus twee keer per jaar een budgetcursus organiseert en inwoners die baat hebben bij deze cursus ernaar te verwijzen (bv. inwoners in een schuldhulpverleningstraject en bijstandsgerechtigden). • In gesprek te gaan met middelbare scholen om het idee te bespreken van een gastles over waar jongeren die bijna 18 jaar worden aan moeten denken, en een flyer te ontwikkelen die we versturen naar alle jongeren die 17 jaar zijn. Secundaire preventie 1. Doelen: verbeteringen Vroeg Eropaf en pilot huisbezitters. Dit doen we door: • Door het werkproces Vroeg Eropaf te evalueren en veranderingen aan te brengen in de criteria op basis waarvan contact op wordt genomen (type schulden en hoogte van de schulden).

• De samenwerking met woningcorporaties te verbeteren door doelstellingen m.b.t. Vroeg Eropaf op te stellen en te evalueren. • Huisbezitters met achterstanden op de hypotheek te bereiken. 2. Doel: verbetering uitvoering schuldhulpverlening. Dit doen we door: • Contractafspraken te evalueren, een klantreis uit te voeren, en ketenpartneroverleg te organiseren. • Onderzoek uit te laten voeren naar cliëntervaringen met de schuldhulpverlening. • Aan te sluiten bij het nationaal waarborgfonds, zodat we saneringskredieten mits kredietwaardig kunnen uitgeven. Tertiaire preventie • • •

5

Gebruik te maken van ons adviesrecht bij beschermingsbewind. Daarmee voorkomen we dat inwoners onnodig in beschermingsbewind blijven. Samenwerking met bewindvoerders verbeteren. Invulling van de nazorg te verbeteren door contractafspraken met Surplus en KBNL op dit gebied te evalueren.

2. Inleiding INVESTERING SCHULDHULPVERLENING Dit beleidsplan beschrijft de onderwerpen voor de schuldhulpverlening voor 2024-2027. De meeste inwoners zijn in staat om hun financiën zelfstandig op orde te houden, maar er is ook een groep die dit (structureel) niet kan. Daarbij lopen steeds meer inwoners risico op het ontwikkelen van financiële problemen door stijgende prijzen. Zo blijkt uit een recent onderzoek5 dat ook inwoners met hogere inkomens moeite hebben met rondkomen. Meer mensen lenen geld bij familie of vrienden, en betalen energie, water, huur, en hypotheek vaker te laat. VOORKOMEN VAN SCHULDEN EN VROEGSIGNALERING Het beleidsplan schuldhulpverlening sluit aan op het bestuursakkoord ‘Samen leven, wonen en werken in Vitaal Altena 2022 – 2026’. Het doel is om armoede en schulden bij inwoners te voorkomen en anders zo zo vroeg mogelijk te herkennen en hulp te bieden. Inzetten op Vroeg Eropaf en het voorkomen van schulden staan ook op de agenda armoedebestrijding 2022 – 2025. Omdat steeds meer huishoudens het financieel moeilijk hebben, is het nog belangrijker om aandacht te hebben voor het zo vroeg mogelijk bereiken van inwoners. LEESWIJZER Hoofdstuk 3 schetst het wettelijk kader. Hoofdstuk 4 beschrijft de visie op schuldhulpverlening. Hoofdstuk 5 geeft vervolgens een situatieschets van de keten schuldhulpverlening.

Hoofdstuk 6 beschrijft de belangrijkste onderwerpen in de aanpak. Onderverdeeld in de fasen primaire, secundaire en tertiaire preventie. Hoofdstuk 7 presenteert de randvoorwaarden. Hoofdstuk 8 gaat in op het budget en de kosten. Tot slot staat in hoofdstuk 9 het activiteitenplan voor 2024 en het benodigde aanvullende budget. 3. Wettelijk kader WET GEMEENTELIJKE SCHULDHULPVERLENING (WGS) De gemeente is op basis van de Wgs wettelijk verplicht om inwoners schuldhulpverlening (minnelijk6 en wettelijk traject, zie Wsnp) aan te bieden. Sinds 2021 maakt vroegsignalering7 onderdeel uit van de Wgs, zodat gemeenten inwoners met (problematische) schulden eerder in beeld brengen en schuldhulpverlening kunnen bieden. Ook zijn gemeenten sinds dan verplicht om kredietaanbieders te informeren wanneer een inwoner schuldhulpverlening krijgt. Door aan te sluiten bij het Centraal Krediet Informatiesysteem (CKI). WET SCHULDSANERING NATUURLIJKE PERSONEN (WSNP) Mensen met schulden die ondanks de ondersteuning van de gemeente geen schuldregeling kunnen treffen met hun schuldeisers, kunnen op basis van de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) een beroep

5 Rondkomen en betalingsproblemen (Nibud, 2022).

Een minnelijk traject betekent dat schuldeisers vrijwillig meewerken aan een schuldregeling. Sinds 1 april 2023 zijn water- en energiebedrijven verplicht om een eindeleveringssignaal naar gemeenten te sturen. Zij moeten vervolgens 20 werkdagen wachten voordat afsluiting echt mag plaatsvinden. 6 7

6

doen op schuldsanering via de rechter. Sinds 1 juli 2023 is het schuldsaneringstraject 18 i.p.v. 36 maanden. Dit werkt ook door in het minnelijk traject (vanuit de Wgs). WET WIJZIGING CURATELE, BESCHERMINGSBEWIND EN MENTORSCHAP (WCBM) Sinds 2014 komen mensen met ernstige schulden in aanmerking voor beschermingsbewind. Daarmee wijzigen de regels voor onderbewindstelling in boek 1 van het Burgerlijk Wetboek (artikel 1:431). Beschermingsbewind is bedoeld voor mensen die zelf niet in staat zijn om hun financiën te regelen. Het is bedoeld om de financiële situatie te verbeteren en indien nodig de basisvoorzieningen zoals huur, gas, water, licht en leefgeld te betalen. De rechter bepaalt of iemand toegang krijgt tot beschermingsbewind en benoemt een beschermingsbewindvoerder. Beschermingsbewind is een tijdelijke situatie. SAMENHANG WETTELIJKE TAKEN SOCIAAL DOMEIN De Wgs maakt onderdeel uit van het wettelijk takenpakket binnen het sociaal domein bij gemeenten. Binnen het sociaal domein hebben gemeenten een verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning aan inwoners. Deze taken liggen vast in de Wgs, de wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de participatiewet en de jeugdwet.

In de praktijk blijkt dat inwoners vaak tegelijkertijd wensen en behoeften hebben op meerdere, vaak met elkaar samenhangende levensgebieden, zoals psychische en lichamelijke gezondheid, de financiële situatie en de situatie in het gezin. 4. Visie schuldhulpverlening Schuldhulpverlening is in de gemeente Altena voor alle inwoners met schulden en geldzorgen. Het streven is om financiële problemen te voorkomen of zo vroeg mogelijk te herkennen. Dat maakt de aanpak makkelijker en het gevolg voor de inwoner blijft naar verhouding beperkt. Mensen die schulden hebben zijn kwetsbaar. Deze kwetsbaarheid ontstaat door het negatieve effect van schulden op de mentale capaciteit van mensen (Impact: hoe beïnvloeden schulden het gedrag van mensen, Wesdorp, Jungman; 2016). Zij kunnen minder goed inspelen op uitdagingen in het leven en minder goed prioriteiten stellen. Deze negatieve effecten bemoeilijken het proces van gedragsverandering, omdat zij het ‘oude gedrag’ juist versterken. Samen met onze ketenpartners proberen we gedrag te veranderen. Maatschappelijk werk biedt wanneer nodig hulp bij meervoudige problematiek. Daarbij plaatsen we de opmerking dat de groep mensen die kwetsbaar is een (blijvend) groot risico loopt op het ontwikkelen van financiële problemen. Deze groep heeft blijvende ondersteuning nodig.

Denkend aan inwoners met een licht verstandelijke beperking (LVB), nieuwkomers8 en laaggeletterden. Bijzondere (blijvende) aandacht voor deze doelgroepen is noodzakelijk. Het plan van aanpak is onderverdeeld in primaire, secundaire en tertiaire preventie (Movisie, 2020; Madern, 2015): • Primaire preventie: om financiële problemen te voorkomen. Het gaat daarbij om een mix van maatregelen, activiteiten en voorzieningen gericht op het financieel vaardig maken en het stimuleren van het op orde houden van financiën.

8 Personen die niet in Nederland zijn geboren, maar hierheen zijn gekomen met als doel voor langere tijd te blijven.

Vluchtelingen, statushouders, mensen die naar NL komen voor gezinshereniging, studie of werk.

7

•

•

Secundaire preventie: om schuldproblemen zo vroeg mogelijk aan te pakken en op te lossen. Waar schuldpreventie schulden kan voorkomen, is schuldhulpverlening gericht op het verminderen en verzachten ervan. Hierbij gaat het onder andere om vroegsignalering, coaching, trajectbegeleiding en schuldregeling. Het doel is de aflossing van schulden of de verbeteren van de financiële situatie als aflossing niet mogelijk is. Tertiaire preventie: voorkomen dat een persoon terugvalt en opnieuw schulden maakt. Bestaande uit het volgen van cliënten, maar ook het aanleren van vaardigheden, inzetten op gedragsverandering tijdens het traject, en het bieden van goede nazorg zodat de cliënt na een schuldhulpverleningstraject voldoende is toegerust om alles weer zelf te doen.

5. Huidige situatie In dit hoofdstuk beschrijven we de volgende onderdelen: • • • •

8

Welke organisatie doet wat voor schuldhulpverlening Rol schuldeisers en incassobureaus Cijfers inwoners problematische schulden Fasen schuldhulpverlening

Welke organisatie doet wat voor schuldhulpverlening Team toegang Wanneer inwoners bellen of mailen naar de gemeente is Ons Altena het eerste contactpunt. Medewerkers onderzoeken waarom een inwoner contact opneemt om zo passend door te kunnen verwijzen. Consulenten Samenleving gaan met de hulpvraag aan de slag wanneer het om een financiële vraag gaat. Maatschappelijk Werk Surplus Maatschappelijk werkers van Surplus bieden psychosociale ondersteuning bij samenhangende problemen op meerdere leefdomeinen, waaronder schulden. Daarnaast voeren zij de huisbezoeken in het kader van Vroeg Eropaf uit. Formulierenbrigade Onderdeel van Surplus is de Formulierenbrigade. Maatschappelijk werkers van Surplus zetten de Formulierenbrigade in wanneer hulp nodig is bij het op orde brengen van administratie. Vrijwilligers voeren de Formulierenbrigade uit en de coördinatie ligt bij een medewerker van Surplus. Schuldhulpmaatje Schuldhulpmaatjes zijn vrijwilligers die inwoners met lichte financiële problemen ondersteunen (bv. één schuldeiser). Zij kunnen blijvende ondersteuning bieden bij de financiële administratie van inwoners met LVB (…), laaggeletterden, en nieuwkomers. Daarnaast vormt Schuldhulpmaatje een makkelijk te bereiken manier van hulpverlening die doorverwijzing naar professionele hulpverlening makkelijker maakt. Over Rood De gemeente Altena werkt samen met Over Rood.

Dit is een vrijwilligersorganisatie die ondersteuning biedt aan ondernemers met schulden. Zij werken in de begeleiding van trajecten samen met andere vrijwilligersorganisaties en welzijnsorganisaties zoals Surplus en Schuldhulpmaatje. Kredietbank Nederland De Kredietbank Nederland (KBNL) voert de schuldhulpverlening uit voor de gemeente. Zij bieden schuldbemiddeling aan, begeleiden bij het komen tot een schuldregeling (minnelijk en wettelijk traject), bieden inkomensbeheer en budgetcoaching aan. Zuidweg & Partners Zuidweg & Partners is gespecialiseerd in schuldhulpverleningsbegeleiding voor (ex-)ondernemers. De gemeente verwijst door naar Zuidweg & Partners wanneer blijkt dat een schuldhulpverleningstraject voor een (ex-)ondernemer nodig is.

9

Rol schuldeisers en incassobureaus In de context van het signaleren en oplossen van betalingsachterstanden en schulden spelen ook schuldeisers en incassobureaus een rol9. SCHULDEISERS Schuldeisers hebben een signalerende functie richting gemeenten om inwoners die betaalachterstanden/schulden hebben te melden. Zij hebben zelf ook een verantwoordelijkheid in het uitoefenen van een sociaal incassoproces waarin zij actief proberen in contact te komen met hun klant. Hier is steeds meer aandacht voor. Schuldeisers kunnen ervoor kiezen om hun vorderingen te verkopen aan incassobureaus. Zij kunnen voorwaarden stellen waaraan incassobureaus moeten voldoen in hun proces van incasseren. Voorbeelden zijn: • • •

Alleen verkoop van vorderingen van afgesloten klanten of beëindigde overeenkomsten. Schuldeisers kunnen kiezen alleen vorderingen te verkopen van klanten, waarbij een intensief intern proces is doorlopen om te komen tot betaling. Geen verkoop van vorderingen op schuldenaren die hulp hebben gezocht. Stellen van nadere voorwaarden voor het opkopende incassobureau. Enkele voorbeelden van deze voorwaarden zijn: o De kopende partij moet aangesloten zijn bij de Nederlandse Van Gecertificeerde Incassoondernemingen (NVI); o Indien blijkt dat de schuldenaar gestart is met schuldhulpverlening, vindt terugkoop van de vordering plaats voor een afgesproken bedrag en handelt de oorspronkelijke schuldeiser het incassotraject verder af; o Het opkopende incassobureau mag geen bankbeslag laten leggen bij de schuldenaar; o Het opkopende incassobureau mag de opgekochte vorderingen niet doorverkopen

INCASSOBUREAUS Schuldeisers zetten een incassobureau op verschillende manieren in. Zo verschilt het moment waarop schuldeisers hun vorderingen verkopen aan incassobureaus. Bijvoorbeeld op basis van forward flow. Dit zijn vorderingen die na een vooraf besproken periode van herinnering en aanmaning standaard en voor een vooraf vastgesteld percentage van de oorspronkelijke waarde worden verkocht. Een andere variant betreft spot sales: dit betreft de verkoop van losse (pakketten) vorderingen die periodiek worden verkocht aan een bieder op basis van vooraf geformuleerde beoordelingscriteria voor prijs en kwaliteit. Het blijkt ook dat vorderingen in alle fasen van het incassotraject worden verkocht. Bij verkoop als forward flow gaat het vaak om vorderingen in de minnelijke fase, soms specifiek tot de start van het gerechtelijke traject. Het kan ook voorkomen dat vorderingen van eigenaar wisselen op het moment dat deze bij een gerechtsdeurwaarder liggen. Tot slot worden ook vorderingen verkocht waarbij zowel de minnelijke als gerechtelijke fase is doorlopen en dit niet tot (volledige) inning heeft geleid. Dit zijn veelal oude vorderingen (tot enkele jaren oud) waarbij een gerechtsdeurwaarder al eens tevergeefs heeft geprobeerd te innen.

9 Eindrapport recht op terugkoop (Ecorys, 2019).

10

CIJFERS INWONERS PROBLEMATISCHE SCHULDSITUATIE In de gemeente Altena is het aantal huishoudens dat een geregistreerde problematische schuld heeft lager vergeleken met het aantal huishoudens in Nederland over de jaren 2019 – 2021 (zie tabel 1). In de kernen Giessen, Hank, Rijswijk, Veen, Andel en Eethen is het aantal huishoudens met een geregistreerde schuld hoger vergeleken met het gemiddeld percentage inwoners in de gemeente Altena dat een geregistreerde problematische schuld heeft. Tabel 1. Aantal inwoners problematische schuldsituatie10 2019

2020

2021

Nederland

8,1%

7,9%

7,6%

Gemeente Altena

4,7%

4,5%

4,8%

Kernen boven het gemiddelde gemeente in Altena Giessen

5,8%

6,2%

5,9%

Hank

6,7%

6,2%

5,9%

Rijswijk

4,8%

6%

5,9%

Veen

6,5%

5,6%

6,9%

Andel

4,8%

4,7%

5,4%

Eethen

6,3%

4,9%

6,3%

Met behulp van registraties over betalingsachterstanden bij de Belastingdienst, de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) en het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB), bij BKR geregistreerde betalingsachterstanden en schuldregelingen, wanbetalers van de zorgverzekering, de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) en het Centraal Curatele en Bewind Register (CCBR) is afgeleid welke huishoudens te maken hebben met geregistreerde problematische schulden. Definitie per schuldeiser: https://dashboards.cbs.nl/v3/SchuldenproblematiekInBeeld/. Over 2022 zijn nog geen cijfers bekend. 10

11

FASEN SCHULDHULPVERLENING Hieronder beschrijven we de verschillende fasen van schuldhulpverlening: signalering, intake, hulpverlening en nazorg.

SIGNALERING In de gemeente Altena komen inwoners met financiële achterstanden op verschillende manieren bij de gemeente in beeld. Dit gaat via Ons Altena, het kanaal Geldfit11, Surplus, Vroeg Eropaf, bewindvoering, Cijfers Sinds januari 2023 is de gemeente aangesloten bij de landelijke monitor vroegsignalering. In 2023 (Q1 Q3) zijn 511 signalen gemeld waarvan 284 door de zorgverzekeraar, 43 door de woningcorporatie, 24 door een waterbedrijf, en 160 door een energieleverancier. Van 73% van deze signalen is een melding gemaakt. 92% van deze meldingen zijn enkelvoudig. 77% van de inwoners met financiële achterstanden is tussen de 26 en 65 jaar. Het grootste aantal meldingen (40,5%) betreft een achterstand tussen de 250 en 500 euro. 15% van het aantal contactpogingen leidt tot contact en 5% van de meldingen leidt uiteindelijk tot hulpacceptatie. Landelijk wordt een melding gemaakt van 78% van de signalen. 18% van deze meldingen leidt tot contact met de inwoner. 8% van de meldingen waarbij contact is gezocht, leidt tot hulpacceptatie. Kortom de gemeente Altena ligt ongeveer op het landelijk gemiddelde. 11 www.geldfit.nl

12

Stichting Maatschappelijke Opvang (SMO) etc. Vervolgens verwijzen de consulenten Samenleving door. Voor Vroeg Eropaf versturen we een brief of gaat Surplus op huisbezoek. AANVRAAG De consulenten Samenleving (team Toegang) voeren de aanvraag schuldhulpverlening uit. Zij verwijzen door naar een passende ketenpartner. Het is mogelijk dat Surplus eerst het dossier op orde brengt. Vervolgens geeft Surplus terug wat besproken is aan consulenten Samenleving. Zij verwijzen door naar een passende partij. Cijfers Over de jaren 2019 – 2023 hebben 390 cliënten een intakegesprek met een consulent Samenleving gevoerd. We gaan de komende jaren volgen hoeveel doorverwijzingen er naar welke hulpverlenende organisatie plaatsvinden.

HULPVERLENING Kredietbank Nederland (KBNL) De consulenten Samenleving verwijzen inwoners met ernstige schulden (meerdere schuldeisers) door naar de KBNL. Ongeveer 75% van de cliënten van de KBNL is alleenstaand. Ongeveer 70% is man, ongeveer 60% is tussen de 27 en 45 jaar en ongeveer 30% is tussen de 45 en 65 jaar. In 2019 – 2023 vielen 13 cliënten uit (11 na fase 1 stabilisatie en 2 na fase 2 schuldregeling). 4 cliënten recidiveerden in de jaren 2021 – 2023. Producten en aanvullende begeleiding KBNL In tabel 2 staan de producten beschreven die de KBNL levert en het aantal ingezette producten voor cliënten over de jaren 2019 - 2023. Tabel 2. Aantallen en ingezette producten12 Intake

Stabilisatie (fase 1)

Schuldregeling (fase 2)

Schuldbemidd eling

Budgetbeheer

2019

31

19

11

3

30

2020

19

24

21

10

21

2021

27

23

20

12

28

12 In het hoofdstuk definities staan de productbeschrijvingen.

13

2022

13

23

19

16

29

2023 (t/m Q3)

17

11

13

16

23

Saneringskredieten Voor sommige cliënten zet de KBNL saneringskredieten in om schuldeisers aan de voorkant in één keer af te lossen. De incassoprocedure valt daarmee definitief stil. Schuldeisers krijgen binnen korte tijd een deel van hun vordering uitbetaald en hoeven daarna geen contact meer te onderhouden over de schuld. Om dit te financieren sluit de klant een krediet af bij de KBNL. De klant moet het verleende krediet in 3 jaar (per 1 juli 2023 na 1,5 jaar tenzij de rechter anders beslist in een wettelijk traject) aflossen. De KBNL verstrekte over 2019 – 2023 26 saneringskredieten met een totale waarde van €36.772,97. Verstrekt

Beëindigd

2019

4

0

2020 2021 2022 2023 (Q1 en Q2)

7 3 10 2

1 1 4 2

Looptijd einde saneringskrediet 9 maanden 34 maanden 28 maanden 30 maanden

Bij de lopende kredieten: • • • • •

Bedraagt de huidige looptijd 16 maanden gemiddeld per dossier. Het gemiddelde bedrag is €2052,00 De laagste lening is €532,00 De hoogste lening is €7229,00 Het gros zit tussen de €1600,00 en de €1850,00

Surplus Een andere mogelijkheid is dat Surplus hulp biedt wanneer blijkt dat er psychosociale ondersteuning bij schulden of budgetbegeleiding nodig is en er ook problemen spelen op andere leefgebieden. In tabel 2. is het aantal aanmeldingen en begeleidingstrajecten naar aanleiding van Vroeg Eropaf in de jaren 2022 en 2023 opgenomen. Tabel 2. Aantal aanmeldingen en begeleidingstrajecten VEOA13

13 Bron: Rapportage Altena Januari t/m Juni 2023 ‘Oog voor Elkaar’.

14

2022

2023 (Q1/Q2)

Aanmeldingen

179

174

Begeleidingstrajecten

24

7

Er is sinds 2023 extra budget vrijgemaakt door de energiecrisis, zodat Surplus huisbezoeken kan uitvoeren op basis van 40 meldingen per maand i.p.v. 25. Hier is een medewerker bij Surplus voor aangenomen. Formulierenbrigade Maatschappelijk werkers van Surplus kunnen doorverwijzen naar de Formulierenbrigade wanneer ondersteuning nodig is bij het op orde brengen en houden van de administratie14. Bij de Formulierenbrigade bieden 11 vrijwilligers ondersteuning (enkele uren in de week/ twee weken), waarvan 5 vrijwilligers structureel hulp bieden (ongeveer een dag in de week). Cijfers Per juli 2022 houdt de Formulierenbrigade cijfers bij. Er komen 4 aanvragen per week binnen. Totaal zijn dit 200 aanvragen tot nu. Vrijwilligers helpen 31 inwoners blijvend. De rest van de hulpvragers zijn inwoners die eenmalig hulp vragen of zij bellen bijvoorbeeld eens per kwartaal voor een specifieke vraag.

Over Rood en Zuidweg & Partners Over Rood (vrijwilligersorganisatie) en Zuidweg & Partners (professionele organisatie) voeren de financiële hulpverlening aan ondernemers uit. Over de jaren 2019 tot heden begeleidden Over Rood 7 cliënten en Zuidweg & Partners 5 cliënten. Over Rood biedt hulp aan ondernemers bij het op orde brengen van de administratie en het doen van belastingaangifte. Over Rood werkt samen met andere partijen om ook privé administratie op orde te brengen. De hulpverlening stemmen zij af op de cliënt. Zuidweg & Partners voert de schuldhulpverlening voor ondernemers uit. NAZORG De KBNL voert de nazorg uit op het gebied van schuldhulpverlening. Een jaar na afsluiting van het dossier neemt de KBNL iedere drie maanden contact op met een cliënt. Surplus neemt na afsluiting van het 14 De inwoner kan terecht bij de Formulierenbrigade voor kwijtscheldingen, formulieren Pensioenfonds,

mantelzorgwaardering, belastingpapieren, studiefinanciering, subsidies, heronderzoek, kinderopvang formulieren, tussentijdse hulp bij aanvraag of wijziging van zorg- en huurtoeslag, aanvraag voor hulp in de huishouding, hulp bij het schrijven van een brief aan een instantie.

15

dossier niet nogmaals contact op. De leiding ligt bij de cliënt of zij opnieuw contact opnemen. KBNL geeft aan geen teruggevallen cliënten te hebben in de gemeente Altena. Een verklaring hiervoor is dat er geen cijfers over aantallen bekend zijn voor 2019 vanwege de fusie én de overheveling van de schuldhulpverlening van de Kredietbank West-Brabant naar de Kredietbank Nederland in 2020. Terugval kan pas worden gemeten als cijfers bekend zijn over een periode van 5 á 10 jaar. De komende jaren volgen we de terugval

16

6. Plan van aanpak In dit hoofdstuk is de aanpak in drie fasen (primaire, secundaire, tertiaire preventie) met het concept interventielogica uitgewerkt. Interventielogica laat zien hoe een interventie tot verandering of de beoogde resultaten leidt (op basis van aannames). Een interventielogica omschrijft alle bouwstenen om op langere termijn een doel te realiseren. De interventielogica is ook nodig voor gerichte controle en onderzoek. 6.1 Aanpak primaire preventie De komende jaren wil gemeente Altena bereiken dat inwoners geen schulden ontwikkelen en zij financieel zelfredzamer worden (effect). Door: • • •

het beter doorsturen van inwoners naar passende ondersteuning; het opzetten/stimuleren van activiteiten om de financiële vaardigheden van inwoners te vergroten; en het beter herkennen van financiële problemen.

Deze doelen werken we in dit hoofdstuk uit met een interventielogica (Afbeelding 1). In de uitwerking van deze doelen sluiten we aan bij onderdeel C. het voorkomen van hulp en betalingsachterstanden en schulden uit de agenda armoedepreventie- en bestrijding 2022- 2025.

17

Afbeelding 1. Interventielogica primaire preventie

18

Het verbeteren van het doorverwijzen van inwoners naar passende hulp 1. AANSLUITING BIJ DE NEDERLANDSE SCHULDHULPROUTE (NSR) Eén van de acties om bovenstaand doel te bereiken, is om aan te sluiten bij de Nederlandse Schuldhulproute (NSR). De NSR heeft als doel om inwoners met financiële problemen zo vroeg mogelijk te bereiken en te leiden naar passende hulp met de website Geldfit. De gemeente levert de juiste informatie aan over de sociale kaart, zodat inwoners bij de juiste organisatie terechtkomen. Uit de gegevens van de NSR blijkt dat inwoners sneller contact opnemen met een (hulp)organisatie wanneer dit advies via Geldfit is gegeven dan dat zij direct contact opnemen met een (hulpverlenende) organisatie/de gemeente. Samen met de afdeling communicatie, de KBNL, Surplus en Schuldhulpmaatje zetten we een communicatiestrategie op om Geldfit actief onder de aandacht te brengen. 2. SCHULDHULPMAATJE Schuldhulpmaatje voorkomt zwaardere financiële problemen bij inwoners en verwijst, zo nodig, op tijd door naar passende professionele hulpverlening. Zij kunnen ondersteunen bij het maken van een overzicht van de inkomsten en uitgaven, overzicht aanbrengen in de administratie, en kleine schulden samen met de inwoner oppakken en oplossen.

Schuldhulpmaatjes kunnen functioneren als doorverwijzer naar consulenten Samenleving en naar Surplus wanneer cliënten zwaardere financiële problemen hebben en/of er problemen spelen op verschillende leefgebieden. Zij kunnen begeleiding bieden bij de afspraken die inwoners hebben met de KBNL of Surplus indien gewenst. Daarnaast kunnen zij een rol spelen in de begeleiding van cliënten van de KBNL in de nazorgfase. Wanneer de KBNL het dossier afsluit, kan een schuldhulpmaatje betrokken blijven als een cliënt daar behoefte aan heeft. 3. SAMENWERKING BANKEN We gaan de samenwerking met banken verkennen. Zij hebben inzicht in de inkomsten- en uitgaven van inwoners en kunnen daardoor een grote spelen bij het voorkomen van (oplopende) schulden. Hierbij gaan we in op wat zij kunnen doen in het tijdig signaleren van financiële problemen, het bieden van tools aan inwoners om beter grip te krijgen op hun inkomsten en uitgaven en budgetcoaching. 4. FINANCIEEL INLOOPSPREEKUUR Het maatschappelijk werk van Surplus biedt een inloopspreekuur. We onderzoeken of we dit inloopspreekuur kunnen combineren met een medewerker van de Kredietbank Nederland, zodat het hele aanbod schuldhulpverlening beschikbaar is. Een andere mogelijkheid is om dit inloopspreekuur aan te bieden samen met banken. Dit nemen we mee in de verkenning van de samenwerking met banken.

Het doel is om inwoners op een makkelijke manier hulp te bieden bij financiële vragen/problemen. 5. VERBETEREN COMMUNICATIE We verbeteren de communicatie door informatie op de website en sociale kaart te actualiseren en in te korten. Een ander onderdeel hiervan is website Geldfit onder de aandacht te brengen. Via een persbericht, een bericht op de gemeentepagina, de website, sociale media en via ketenpartners. Daarnaast vernieuwen we de brief voor Vroeg Eropaf en ontwikkelen we een folder met het aanbod schuldhulpverlening.

19

6. ONDERNEMERS Ongeveer 14% van het totaal aantal inwoners in de gemeente is ondernemer15. Gezien het relatief grote aantal ondernemers in de gemeente is het nuttig om deze doelgroep actief te benaderen. Hier zoeken we zowel intern (met bv. de consulent Samenleving die zich richt op ondernemers en de afdeling ondernemen) en extern met bv. het ondernemershuis en ondernemersverenigingen de samenwerking op. Om het bereik van ondernemers met financiële problemen te bespreken en de hulpverlening onder de aandacht te brengen. Ook voeren we een proef uit met een nieuwe samenwerkingspartner Philips-Stiel en Gielkens voor schuldbemiddeling van midden- en klein bedrijven vanwege goede opgedane ervaringen met deze partij door de consulent Samenleving ondernemers.

Herkenning financiële problemen verbeteren intern en extern 7. VERBETERING HERKENNING SCHULDEN DOOR TEAMS GEMEENTE Er komen op dit moment geen doorverwijzingen via de teams Voorveld, Regie naar consulenten Samenleving (team Toegang). Team Voorveld richt zich o.a. op het zo vroeg mogelijk signaleren van problemen bij jongeren en het bieden van ondersteuning aan jongeren. Dit team bestaat uit jongerenwerkers, buurtsportcoaches, leerplichtambtenaren, en verbindingsfunctionarissen. Team Regie voert de ondersteuning uit bij situaties met meervoudige problemen. In dit team werken Wmoconsulenten en jeugdhulpmedewerkers. Deze medewerkers zijn zich mogelijk nog niet altijd bewust van tekens die op financiële problemen kunnen wijzen. Ook vindt beperkte samenwerking plaats tussen het sociaal domein, fysieke domein (ondernemen en water) en het veiligheidsdomen op het gebied van herkenning en doorverwijzing van inwoners met financiële problemen. Het doel is om het bewustzijn van financiële signalen onder medewerkers te vergroten en de doorverwijzing naar team Toegang te stimuleren. 8. VERBETERING HERKENNING DOOR VOORLIGGEND VELD We zetten in op de verbetering van signalering door partijen zoals kerken, (sport)verenigingen, scholen (basis- en voortgezet onderwijs), dorpshuizen, ondernemersvereniging/ondernemershuis, grote werkgevers, ouderenverenigingen, vluchtelingenwerk en de bibliotheek.

Binnen deze organisaties spreken we met management/voorzitter/directeur/coördinator om te wijzen op het belang van tekens die kunnen duiden op financiële problemen en te wijzen op Ons Altena. Ook leggen we uit hoe de schuldhulpverlening er binnen de gemeente uitziet en denken we mee over wie zij binnen de organisatie het beste kunnen informeren. Na afloop van deze gesprekken delen we met hen informatie over de schuldhulpverlening.

15 Bron: KVK Regiodata

20

Resultaat Door de bovenstaande activiteiten sturen we op een toename van inwoners uit de gemeente Altena dat eerder hulp vraagt/ contact opneemt met een hulpverlenende organisatie. We volgen het resultaat aan de hand van onderstaande indicatoren: Indicatoren • • • •

Gegevens websitegebruik NSR Gegevens Schuldhulpmaatje aantal cliënten, type ondersteuning, doorverwijzingen Aantal contactmomenten Ons Altena/ intakegesprekken consulenten Samenleving Aantal doorverwijzingen naar Surplus en KBNL

Het verbeteren van financiële vaardigheden van inwoners 9. BUDGETCURSUS Met Surplus is afgesproken dat zij twee keer per jaar een budgetcursus aanbieden. Op dit moment bieden zij deze budgetcursus niet actief aan. Door de corona-periode is het stil komen te liggen. We gaan met hen in gesprek over de wijze waarop ze deze cursus willen aanbieden, de locatie en voor welke doelgroep. We verkennen of twee keer per jaar voldoende is. Daarnaast besteden we aandacht aan de werving van inwoners die baat hebben bij deze budgetcursus. We vragen de KBNL om inwoners door te verwijzen naar de budgetcursus tijdens lopende trajecten en het op te nemen in het plan van aanpak bij de start van het traject. Daarnaast inventariseren we binnen team toegang of we inwoners die zich voor de bijstand aanmelden door kunnen verwijzen naar de budgetcursus. 10. ONDERZOEK INTERVENTIES JONGEREN We verkennen wat we op het gebied van jongeren kunnen opzetten en faciliteren. We gaan in gesprek met zorgcoördinatoren en directeuren van het voortgezet onderwijs om bij hen op te halen waar zij behoefte aan hebben. Een idee is om een gastles te geven aan leerlingen uit het laatste jaar over wat zij kunnen verwachten aan financiële veranderingen als zij gaan studeren/ 18 jaar worden. We werken hiervoor samen met jongerenwerkers uit team Voorveld.

Daarnaast ontwikkelen we een flyer met een checklist waar jongeren aan moeten denken wanneer zij 18 jaar worden. Deze flyer versturen we naar jongeren die 17 jaar zijn. Voor de ontwikkeling van de flyer maken we gebruik van goede voorbeelden uit andere gemeenten (zoals de gemeente Oosterhout). Op deze flyer verwijzen we naar Geldfit en vullen de route voor jongeren met specifieke informatie/interventies voor jongeren in de gemeente (wanneer afgerond).

21

Resultaat Door de inzet van de budgetcursus en het vergroten van het bereik is de verwachting dat inwoners na afloop financieel zelfredzamer zijn. We volgen dit resultaat met de volgende indicatoren. Indicatoren • •

22

Aantal inwoners dat deelneemt aan de budgetcursus Resultaten ervaringen inwoners (via korte vragenlijst)

A. Aanpak secundaire preventie Introductie Dit hoofdstuk beschrijft welke onderwerpen centraal staan voor secundaire preventie (zo vroeg mogelijk aanpakken en het oplossen van schuldproblemen). We gaan in op de doorontwikkeling van Vroeg Eropaf en het opstarten van een nieuwe pilot voor het bereiken van huisbezitters met achterstanden op de hypotheek (A). Deze activiteiten moeten ertoe leiden dat we inwoners zo vroeg mogelijk bereiken en (ernstige) schulden te voorkomen (effect). Daarnaast beschrijven we de activiteiten die de ketensamenwerking en hulpverlening aan inwoners kunnen verbeteren (B), waardoor schulden zich sneller en blijvend oplossen (effect). Elk onderdeel beschrijft opnieuw de doelen aan de hand van een interventielogica (Afbeelding 2 en 3.).

23

Afbeelding 2. Interventielogica secundaire preventie (A)

24

1. Verbetering Vroeg Eropaf Kennis- en netwerkorganisatie Divosa verzamelt gegevens over Vroeg Eropaf in gemeenten om landelijk vergelijkingen te kunnen maken en gemeenten via een dashboard inzicht te geven in de eigen gegevens (type signalen, het bereik, hoogte van de achterstanden). Deze cijfers bieden hulp om uitvoeringskeuzes te maken in de manier waarop we inwoners benaderen en de te gebruiken criteria (hoogte achterstanden en type signalen). We zijn hier sinds 2023 bij aangesloten. Daarnaast verkennen we of de effectiviteit van het huisbezoek kan worden vergroot door te leren van de aanpak van gemeenten met een hoger slagingspercentage. 2. Verbetering samenwerking woningcorporaties We stellen een bijlage op bij de landelijke overeenkomst vroegsignalering voor afspraken met de woningcorporaties omdat zij belangrijke lokale partners zijn in het zo vroeg mogelijk signaleren van financiële problematiek bij inwoners. We stellen het ‘kopgroepoverleg’ Vroeg Eropaf opnieuw in. Aan dit kopgroepoverleg sluit een manager aan vanuit Bazalt Wonen, Land van Altena, Surplus, en de beleidsmedewerker schuldhulpverlening. Dit overleg vindt twee keer per jaar plaats om de afspraken en de uitvoering van Vroeg Eropaf te evalueren. Indien nodig stellen we aanvullende doelen op die we twee keer per jaar evalueren. 3.

Bereiken van huisbezitters Tussen de 0,25 en 0,40%16 van het totaal aantal inwoners in de gemeente is een huisbezitter met een achterstand op de betaling van de hypotheek. Een paar gemeenten hebben hiervoor een proef uitgevoerd. Zij hebben samen met banken en hypotheekverstrekkers onderzocht welke inwoners minimaal twee maanden achterstand hebben op hun hypotheek. Middels een huisbezoek wisten de betrokken gemeenten in vier van de vijf gevallen een inwoner te bereiken. 25% was al geholpen met een advies; 38% accepteerde een vorm van hulp, variërend van doorverwijzing naar schuldhulpverlening tot het treffen van een betalingsregeling of lichte hulp bij het zelf oplossen van de achterstand. Bij 4% bleek dat de achterstand inmiddels was ingelopen. We onderzoeken of we binnen onze gemeente een soortgelijke proef kunnen starten. Resultaten • •

Het aantal inwoners dat we eerder bereiken via Vroeg Eropaf / proef huisbezitters neemt toe Het aantal succesvolle contactpogingen neemt toe

Indicatoren • • •

Cijfers landelijke monitor vroegsignalering (aantal meldingen, type meldingen, aantal doorverwijzingen huisbezoek, aantal succesvolle contactpogingen) Doelen Vroeg Eropaf woningcorporaties Aantal huisbezitters dat is bereikt (via proef)

16 Bron: Hypotheekbarometer van Nederland (2022).

25

Afbeelding 3. Interventielogica secundaire preventie (B)

26

1. Verbetering uitvoering schuldhulpverlening Gezien de wijzigingen die hebben plaatsgevonden in de taakverdeling tussen de KBNL en Surplus is er behoefte aan duidelijkheid over de rol- en taakverdeling tussen de gemeente en deze partijen. Naar aanleiding hiervan stellen we werkafspraken op voor KBNL en Surplus met daarin een beschrijving van de ketensamenwerking, de doelen van overlegstructuur, contract- en contactgegevens, en kwaliteitsbevordering. We organiseren twee keer per jaar een ketenpartneroverleg om de werkafspraken te evalueren. In brede zin evalueren we ook de afspraken met Surplus vanwege het aflopen van de subsidietender Oog voor Elkaar in 2024. De overeenkomst met de KBNL verlengen we elk jaar stilzwijgend. Ook dit vraagt elk jaar een moment van onderzoek om te bepalen of het wenselijk is om met deze partij door te gaan. Dit doen we door de contractafspraken na te gaan en samen met de KBNL te bespreken op welke wijze ze deze in de praktijk uitvoeren, in de contractafspraken eventuele wijzigingen aan te brengen en duidelijke evaluatie/terugkoppelmomenten af te spreken. Om de ketensamenwerking (zowel intern als extern) en de uitvoering van de schuldhulpverlening te evalueren voeren we aanvullend op structurele basis een klantreis uit. Een klantreis geeft inzicht in de keuzes die we maken en de stappen die een cliënt doorloopt.

Surplus en KBNL bereiden een situatie van een cliënt voor. Deze situatie spreken we met betrokken medewerkers door om inzicht te krijgen in de stappen die een cliënt heeft doorlopen en welke ondersteuning er is geboden. Daarbij gaan we in op mate waarin medewerkers in hun ondersteuning aandacht besteden aan het aanspreken en verbeteren van de zelfredzaamheid van een cliënt. Alle medewerkers kunnen hier vervolgens op reageren. Ook gaan we in op het waarom van bepaalde keuzes en wat verbetermogelijkheden zijn. Dit levert een verbetering van de samenwerking op en draagt ook bij aan betere hulpverlening voor inwoners. We inventariseren of ervaringsdeskundigen een plek kunnen krijgen in de uitvoering van de schuldhulpverlening. 2. Inzicht in cliëntervaringen Wij hebben op dit moment beperkt inzicht in de ervaringen van cliënten met de schuldhulpverlening. Om deze reden voeren we een cliënttevredenheidsonderzoek uit dat inzicht moet geven in de volgende zaken: • • • • • •

achtergronden van de schuldproblemen: gebruik en toegang tot de dienstverlening; informatievoorziening en communicatie met de medewerkers; resultaat van het traject; tevredenheid over de dienstverlening; en de rol van partners.

Met deze resultaten kunnen wij betere sturing geven aan de uitvoering van de schuldhulpverlening. Deze resultaten kunnen wij bijvoorbeeld gebruiken in het maken van werkafspraken met partners, de halfjaarlijkse evaluatie van de samenwerking tussen de gemeente en partners, en prestatieafspraken met partners. 3. Eenvoudiger maken uitgifte saneringskredieten Het komt voor dat wij verzoeken van de KBNL ontvangen voor de uitgifte van saneringskredieten hoger dan € 5.000,-. Tot het bedrag van € 5.000,- kan de Kredietbank Nederland, mits kredietwaardig, zonder toestemming van de gemeente een saneringskrediet uitgeven. Op dit moment staat de gemeente garant voor het krediet. Hierdoor zijn wij niet goed in staat om snelle keuzes te maken of we een saneringskrediet

27

hoger dan € 5.000,- kunnen uitgeven. Om dit proces te versnellen, gaan we aansluiten bij het nationaal Waarborgfonds Saneringskredieten (Wsk). Door aan te sluiten bij het Wsk staat het fonds garant voor saneringskredieten, waardoor onze gemeente minder risico loopt. De afstemming over verstrekking van de kredieten vindt plaats tussen de KBNL en het Wsk. De gemeente betaalt hier een premie van 1% van het totale saneringskrediet voor. Resultaten • • •

Evaluatie contractafspraken hulpverlening en monitoring Hoge score klanttevredenheid Snellere besluitvorming rondom uitgifte saneringskredieten

Indicatoren • • • •

Resultaten evaluatie contractafspraken Resultaten klantreis Resultaten klanttevredenheidsonderzoek Aantal uitgegeven saneringskredieten + hoogte

B. Aanpak tertiaire preventie Introductie In dit hoofdstuk gaan we in op het verbeteren van de financiële vaardigheden van inwoners tijdens een schuldhulpverleningstraject en de invulling van de nazorg (tertiaire preventie), zodat inwoners langdurig(er) uit de schulden blijven (effect). In Afbeelding 4. is een interventielogica beschreven.

28

Afbeelding 4. Interventielogica tertiaire preventie

29

1. Ondersteuning Surplus en KBNL Het is belangrijk om in te zetten op het verbeteren van financiële vaardigheden van inwoners om te voorkomen dat inwoners schulden ontwikkelen of terugvallen. Dit start al in de fase primaire preventie met de inzet en werving van inwoners voor een budgetcursus door Surplus in samenwerking met de KBNL. Daarnaast is het belangrijk dat Surplus en de KBNL tijdens de schuldhulpverlening te zorgen voor het verbeteren van de financiële zelfredzaamheid van cliënten. Surplus vindt het belangrijk om de verantwoordelijkheid zoveel mogelijk bij de cliënt te leggen en beslissingen samen met de cliënt te nemen. De KBNL zet verschillende soorten van inkomensbeheer en schalen zo snel mogelijk af naar lichtere vormen van inkomensbeheer. Ook bieden zij budgethulp om de cliënt te begeleiden bij het financieel zelfredzamer worden. Uit de resultaten van het klanttevredenheidsonderzoek moet blijken of de cliënt ervaart financieel zelfredzamer te zijn door de inzet van Surplus en de KBNL. Het laten zien van de ervaringen met de budgetcursus en de hoeveelheid waarvan sprake is van terugval zijn ook belangrijke indicatoren om bij te houden in het kader van het effect op financiële zelfredzaamheid. 2.

Adviesrecht voor gemeenten bij beschermingsbewind Gemeenten kunnen gebruikmaken van het adviesrecht bij de procedure rond beschermingsbewind (artikel 1:432a, eerste lid BW). De uitoefening van het adviesrecht houdt in dat gemeenten advies mogen geven op het voortzetten of beëindigen van het door de rechter ingestelde beschermingsbewind. Wij gaan dit adviesrecht uitoefenen, zodat we meer invloed krijgen op de uitstroom vanuit beschermingsbewind. Het gebruiken van dit adviesrecht is niet verplicht maar door de toepassing ervan kunnen wij onze leidende rol als gemeente beter innemen en blijft een inwoner niet onnodig in beschermingsbewind. Wat de financiële zelfredzaamheid van cliënten bevordert. 3. Samenwerking met bewindvoerders Er zijn gemeenten die een convenant afsluiten met bewindvoerders. Dit convenant richt zich op werkafspraken over doel, doelgroep, en beoogde resultaten van de samenwerking, onderlinge communicatie, preventie en signalering randproblematiek, instroom, doorstroom, uitstroom, nazorg, en taakverdeling. Ook hebben sommige gemeenten zelf bewindvoerders in dienst genomen. We gaan verkennen op welke wijze we de samenwerking met bewindvoerders kunnen verbeteren en wat de best passende vorm voor onze gemeente is. 4. Nazorg Zowel Surplus als de KBNL voeren een vorm van nazorg uit. Surplus legt de actie om opnieuw contact op te nemen bij de cliënt.

KBNL biedt een jaar na afronding van het schuldhulpverleningstraject nazorg door elke drie maanden contact op te nemen. Wij willen als gemeente onze leidende rol beter gaan invullen door een reactie te vragen aan de KBNL over de uitkomsten van de nazorg. We gaan de contractafspraken over de invulling van nazorg en hoe deze in de praktijk uitwerken na met de KBNL. Eventuele aanpassingen aan de contractafspraken met de KBNL voeren we vervolgens uit. We verkennen ook welke rol wij als gemeente, Surplus of Schuldhulpmaatje kunnen spelen in de nazorgfase. Op dit moment biedt Zuidweg & Partners de nazorg aan zelfstandigen. We onderzoeken of de consulent Samenleving die zich richt op ondernemers deze nazorg kan gaan bieden. Het belang van nazorg vergroot door de wetswijziging over de verkorting van het schuldhulpverleningstraject. Dit omdat de aanvullende hulpverlening tijdens het

30

schuldhulpverleningstraject daardoor mogelijk verkort. Hierdoor is het belangrijk om de resultaten van de geboden nazorg te bewaken. Nemen inwoners door de verkorting van het traject mogelijk eerder contact op? Hebben zij vaker op korte termijn opnieuw ondersteuning nodig? Wordt in de uitvraag meegenomen of/wanneer zij schuldhulpverlening in het verleden hebben ontvangen? Het uit te voeren klanttevredenheidsonderzoek moet ook inzicht geven in de ervaringen van cliënten met de geboden nazorg door Surplus en KBNL. Resultaten • •

Het aantal inwoners dat terugvalt neemt af Het aantal inwoners dat onnodig (langdurig) in beschermingsbewind zit, daalt

Indicatoren • • • •

31

Resultaten klanttevredenheidsonderzoek Cijfers terugval Aantal inwoners en periode in beschermingsbewind Aantal cliënten dat contact opneemt na afronding hulp (en op welke termijn)

7. Randvoorwaarden Voor een goede uitvoering van de schuldhulpverlening zijn randvoorwaarden nodig: • Het structureel volgen van de samenwerking tussen Surplus, KBNL, Geldfit (NSR) en Schuldhulpmaatje. • Het verbeteren van de kwaliteit van de schuldhulpverlening door prestatieafspraken met partners te maken over o.a. de kwaliteit van het cliënttevredenheidsonderzoek. Aansturen op het zelflerend vermogen van partners door betrokken te zijn bij de wijze waarop zij invulling geven aan intervisie, hoe zij komen tot keuzes over wat voor hulpverlening ze inzetten voor een cliënt. • Het bevorderen van de kwaliteit van de leidende rol van onze gemeente door een slag te maken in het volgen van cliënten en trajecten door Surplus en de KBNL. Van intake, de start van een traject tot aan geboden ondersteuning, nazorg en terugval. Om terugval in beeld te brengen moeten we de komende 5 á 10 jaar volgen welke cliënten (opnieuw) bij de gemeente terechtkomen voor hulpverlening bij schulden. 8. Financiën In dit hoofdstuk staan het budget en de gemaakte kosten over 2021, 2022 en 2023. Ook is het budget voor 2024 opgenomen. 2021

Sociale uitkering in geld Budget AMW Subsidietender Oog voor Elkaar Traject Over Rood Contributies en abonnementen

Begroot

Realisatie

Begroot

Realisatie

€ 199.875

€ 174.550

€ 107.350

€ 90.097

€

-

€

-

€ 81.670

€

-

€

-

€

€ 13.500

Schuldhulpmaatje €

€ 17.496 -

€ 213.375 * Realisatie KBN t/m mei 2023

32

2022

€

€ 13.500 -

€ 192.046

€

€ 92.680

€ 81.670 - €

-

€ 13.064 - €

2023 Realisatie Begroot t/m 15-092023

-

€ 202.520 € 184.831

€ 34.170

€ 81.670

€ 81.670

€ 10.000

€ 3.250

€ 27.670

€ 21.225

€ 8.000

€ 8.000

€ 220.020

€148.315

2024 Begroot € 100.500 €

83.712

€

10.000

€

21.000

€

21.000

€ 222.212

9. Activiteitenplan 2024 Hieronder staan de activiteiten die in 2024 voorrang krijgen. Er is een onderscheid gemaakt in doorgaan, versterken en vernieuwen. Activiteit

Doorgaan

Versterken

Vernieuwen

Primaire preventie 1.Aansluiting NSR

2.Schuldhulpmaatje

Bereik inwoners via NSR monitoren gedurende een jaar Ketensamenwerking bevorderen door ketenpartneroverleg

Volgen cliënten van Schuldhulpmaatje, doorverwijzingen, type ondersteuning

3.Samenwerking banken

Verkenning rol banken in voorkomen van (oplopende) schulden

4.Financieel inloopspreekuur

Onderzoek naar de invulling en bijbehorende kosten/ benodigde inzet

5.Verbeteren communicatie

Website actualiseren en inkorten

6. Ondernemers

Promotie Geldfit In gesprek met Team Ondernemen over signalen en bereik ondernemers met financiële problemen Proef nieuwe samenwerkingspartner Philips-Stiel en Gielkens voor schuldbemiddeling van midden- en klein bedrijven.

7.Verbetering signalering intern

33

Uitvoering acties sessie Team Voorveld

Signaleringsfunctie Team Regie, Voorveld, afdeling fysieke domein, veiligheid

8.Budgetcursus Surplus

Proberen inwoners voor budgetcursus te enthousiasmeren Surplus wijzen op afspraken rondom budgetcursus (2x per jaar)

9.Jongeren

Onderzoek mogelijke uitbreiding budgetcursus naar 4x per jaar + kosten in beeld brengen

Inventarisatie/onderzoek interventies/activiteiten jongeren, pilot gastlessen op scholen overgang naar 18 jaar + kosten in beeld brengen op basis van voorbeelden uit andere gemeenten zoals Oosterhout Versturen checklist jongeren van 17 jaar

Secundaire preventie 1.Verbeteren Vroeg Eropaf

Criteria/benaderingswijze evalueren en aanpassen

2. Pilot huisbezitters achterstand hypotheek

Inventarisatie Regiobank en hypotheekverstrekkers mogelijke samenwerking Aantal inwoners in beeld brengen Kosten van proef in beeld brengen

3.Samenwerking woningcorporaties 4. Onderzoek uitvoering SHV

34

Halfjaarlijks ketenpartneroverleg

Afspraken officieel maken

Kopgroepoverleg VEOA opnieuw instellen

Werkafspraken SHV

Klantreis Evaluatie contractafspraken Surplus en KBNL

5.Klanttevredenheidsonderzoek

Resultaten vertalen naar beleid

6.Waarborgfonds

Aansluiting waarborgfonds

Tertiaire preventie 1.Gebruikmaken adviesrecht beschermingsbewind

2.Terugval

35

Organiseren gebruikmaken adviesrecht beschermingsbewind Terugval langere termijn volgen

Bijlage 1. Productbeschrijving KBNL Aantallen en ingezette producten • Intake: Probleemanalyse – plan van aanpak – advisering • Stabilisatie: Fase A. schuldregelingsgeschikt maken. In deze fase maakt de klantmanager het dossier van de klant compleet met alle relevante documenten en informatie die nodig is om een schuldregeling te kunnen starten. De consulenten Samenleving leveren een zo compleet mogelijk dossier aan. • Schuldregeling: Fase B. In deze fase start de feitelijke schuldregeling. Kredietbank sluit hiervoor met de klant een schuldregelingsovereenkomst. Vervolgens neemt de schuldregelaar contact op met de schuldeisers en vinden de onderhandelingen plaats. Kredietbank bemiddelt tussen de klant en schuldeisers. Het doel is om te komen tot een minnelijke oplossing voor beide partijen. • Dwangakkoord: Een dwangakkoord is om weigerachtige schuldeisers te dwingen om akkoord te gaan met de minnelijke regeling. • WSNP: Met een WSNP-verklaring vraagt een klant om toegang tot de WSNP. De rechter bepaalt tijdens de zitting of hij de klant tot de WSNP toelaat. Producten aanvullende begeleiding Inkomensbeheer bestaat uit: • Plusbeheer: Het inkomen komt binnen op een beheerrekening en daarvan betaalt de KBNL de vaste lasten (huur, gas, water, elektra, verzekeringen).

Overige variabele rekeningen stuurt de klant op en de KBNL reserveert middelen om onverwachte niet-maandelijks terugkerende rekeningen te betalen. Elke week of elke maand krijgt de cliënt een vast bedrag om boodschappen van te doen. Dit bedrag maken zij over naar de eigen bankrekening. • Beheer vaste lasten: het inkomen komt binnen op een beheerrekening en daarvan betaalt de KBNL de vaste lasten (huur, gas, water, elektra, verzekeringen). Het geld dat overblijft, stort de KBNL op de bankrekening van de cliënt. • Plusbeheer: plusbeheer biedt extra ondersteuning. Bijvoorbeeld door jaarlijks terugkerende uitgaven zorgvuldig te plannen of één of twee betalingsregelingen in het budget te plaatsen. De ondersteuning biedt de KBNL op maat. • Budgetcoaching: ter ondersteuning van het inkomensbeheer zet de KBNL budgetcoaching in. Met budgetcoaching proberen we de cliënt te leren zelf weer orde op zaken te stellen, maar vooral orde op zaken te houden. De KBNL leert de cliënt om goed met geld om te gaan.

36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13402700/1