CConstaterende datAltena
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6 Reactie op advies commissie Mer bij RV vaststelling omgevingsvisie Altena 2040

Raadsvergadering 12 december 2023, gemeente AltenaBij agendapunt: Omgevingsvisie1.123 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gelijktijdig met de terinzagelegging van de omgevingsvisie lag ook een bijbehorend omgevingseffectrapport (OER) ontwerp ter inzage. Hierop zijn geen zienswijzen ontvangen. Wel heeft de Commissie MER een advies uitgebracht over de ontwerp OER. Centraal in zowel het advies van de commissie MER maar dit is ook terug te lezen in de zienswijze van de provincie zijn vragen over de mate van abstractheid van de omgevingsvisie. Het OER heeft een overwegend agenderend en signalerend karakter. De geschetste dilemma’s hebben vooral betrekking op algemene principes en (nog) niet op concrete ruimtelijke keuzes. Deze stap zal nog gemaakt moeten worden bij nadere uitwerking in bijvoorbeeld programma’s en het omgevingsplan. Een risico van deze aanpak is dat spanning tussen de verschillende opgaven, ambities en belangen pas op een later moment duidelijk wordt. De in de gemeente Altena aanwezige waarden zijn kwetsbaar voor nieuwe ontwikkelingen. Vooral gezien deze kwetsbaarheden en de gemeentelijke ambities zou het OER een ‘spiegel’ moeten voorhouden, die ambities met elkaar confronteert en laat zien of deze haalbaar zijn. Het is waarschijnlijk dat bepaalde ambities niet (volledig) realiseerbaar zijn en/of met elkaar botsen en dat niet alles overal kan. Dit is inhoudelijk echter niet in het OER uitgewerkt. Dit leidt ertoe dat een grote opgave resteert voor de uitwerking van de visie.

Het is de uitdaging om te zorgen dat in dat stadium integraal naar de knelpunten en belangen kan worden gekeken om alsnog tot goede oplossingen te komen en negatieve effecten voor de leefomgeving te voorkomen. Bijvoorbeeld: Hoeveel woningbouw is er mogelijk in het buitengebied, uitgaande van de landschappelijke en natuurwaarden en de draagkracht van het bodem- en watersysteem? En wat betekent dit voor de inbreidingsopgave? Tegen deze achtergrond signaleert de Commissie bij de toetsing van het OER een aantal tekortkomingen. Zij acht deze informatie essentieel voor het volwaardig meewegen van het milieubelang bij de besluitvorming over de omgevingsvisie. Het gaat om de volgende punten: 1.

2.

Analyse leefomgevingsfoto en ambities. In het OER ontbreekt een goede analyse van de huidige situatie en autonome ontwikkelingen. Daardoor mist inzicht in knelpunten en de rol van het bestaande beleid daarin. Bovendien volgen de dilemma’s die in het OER besproken zijn niet logisch uit de leefomgevingsfoto en de ambities van de gemeente. Inzicht in ruimtevraag.

1

3.

4.

De opgaven voor de gemeente op het gebied van woningbouw, bedrijventerreinen, duurzame energie en landbouw én de te beschermen waarden zijn in het OER niet of nauwelijks ruimtelijk vertaald, ook niet in ‘orde van grootte’. In de ontwerp-omgevingsvisie lijken wel locaties te worden aangewezen waar ruimte is voor ontwikkelingen, bijvoorbeeld bij Woudrichem. Hier komt bij dat de ontwikkeling van de haven van Werkendam niet volledig in het OER is meegenomen, terwijl deze ook ruimte vraagt en relevant is voor andere ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden. Navolgbaarheid effectbeoordeling. De methodiek voor de beoordeling van effecten is niet duidelijk beschreven. Vooral omdat veel ontwikkelingen en effecten bij elkaar zijn opgeteld is de effectbeoordeling niet goed te volgen en te verifiëren. Dit is van belang omdat de effecten van te maken keuzes ingrijpend en onomkeerbaar kunnen zijn. Aanzet voor monitoringsplan. Belangrijk is om bij de uitwerking van de omgevingsvisie steeds integraal naar alle ambities en belangen te kijken, en deze in samenhang te beoordelen. Om de integraliteit en samenhang in het vervolgproces goed te kunnen volgen, en zo nodig te kunnen bijsturen, is een daarop toegesneden monitoringsysteem cruciaal. Hiervoor is een navolgbare effectbeoordeling van belang, omdat deze dan herhaald kan worden en er inzicht in trends ontstaat.

De Commissie adviseert de ontbrekende informatie in een aanvulling op het OER op te nemen, en dan pas een besluit te nemen over de omgevingsvisie. Er is begrip voor de totstandkoming van het advies van de Commissie MER. Idealiter zou de omgevingsvisie een compleet beeld geven van de uitdagingen waar Altena voor staat met daarbij haalbare oplossingen. Het programmatische deel van de ambities is dan helder en er heeft een ruimtelijke doorvertaling plaatsgevonden met een kaartbeeld waarop ontwikkellocaties staan. Echter, in Altena zijn we zo ver nog niet. Daarom is er bewust voor gekozen de visie zelf op hoofdlijnen te houden en de uitwerking via de programma’s te laten plaatsvinden. Dat past ook wel bij het meer dynamische karakter van de omgevingsvisie die periodiek tegen het licht wordt gehouden en kan worden aangepast als de uitkomst van een programma daar aanleiding toe geeft. Dat is ook wenselijk met het oog op de nieuwe opgaven en landelijke ontwikkelingen die zich snel opvolgen (zoals stikstof). De omgevingsvisie biedt de ruimte om afwegingen per locatie en per gebied te maken. Dat doet deze visie, waarbij de visie wel richting geeft. Het vraagt een ander proces dan nu uitgevraagd om de omgevingsvisie zo in te richten zoals de commissie MER voorstelt.

Wat wel zichtbaar is dat er momenteel op allerlei thema’s voor diverse kernen visies/strategieën worden voorbereid/opgesteld waarbij onduidelijk is hoe deze zich verhouden tot de omgevingsvisie. Dat is er ook mede de reden dat er gewerkt wordt aan de inrichting van het gemeentelijke beleidshuis. Zodat de samenhang tussen de integrale omgevingsvisie, en de programma’s (sectoraal of gebiedsgericht) helder zijn en er afspraken zijn over wanneer er actualisatie van de omgevingsvisie volgt. Zo beheersen we het risico en zorgen we voor de bescherming van de integraliteit van ons omgevingsbeleid. Op een aantal onderdelen vullen we de omgevingsvisie zoals in de voorgaande hoofdstukken uitgelegd, en we verduidelijken en voegen de visual van het bestuursakkoord toe. De aard en het karakter van de omgevingsvisie passen we niet aan, daarom zal deze wijzigingsronde niet leiden tot een ander type omgevingsvisie. De vier adviezen van de commissie MER worden als volgt verwerkt: 1.

Analyse leefomgevingsfoto en ambities. De leefomgevingsfoto is als interactieve online viewer opgesteld voor de gemeenten Altena, Drimmelen en Geertruidenberg gezamenlijk. Deze dienen als nulmeting en worden niet verder aangevuld. Wel zal er in het omgevingseffectrapport een toelichting worden gegeven op hoe het proces om te komen tot de dilemma’s eruit heeft gezien.

2.

3.

4.

Inzicht in ruimtevraag. Op het moment van schrijven is er nog onvoldoende inzicht in de ruimtevraag om de tweede aanbeveling te kunnen doorvoeren in de omgevingsvisie. In de uitwerking van programma’s wordt hier nadere invulling aan gegeven en dit kan op een later moment leiden tot een aanscherping van de omgevingsvisie. Navolgbaarheid effectbeoordeling. De methodiek voor de beoordeling van effecten wordt duidelijker beschreven in het OER, waarbij we de samenhang en optelling van meerdere factoren nader toelichten. Aanzet voor monitoringsplan. Door de effectbeoordeling meer navolgbaar te maken, wordt het mogelijk deze in de toekomst te herhalen en er inzicht in trends kan ontstaan. Monitoring en evaluatie wordt dan op het niveau van de programma’s straks mogelijk. Dit leidt niet tot verdere aanscherping van het OER.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13434735/2