Bijlage 1 Aanbiedingsbrief Bestuurlijke Regiegroep Baroniesamenwerking
Tekst van het document
Aanbiedingsbrief Bestuurlijke Regiegroep Baroniesamenwerking Aan de colleges en raden van de gemeenten die gaan deelnemen aan de gemeenschappelijke regeling Regio De Baronie Onderwerp voorstel: Treffen gemeenschappelijke regeling Regio De Baronie Datum: 16 oktober 2025
Beste colleges en raden, Afgelopen juni stuurden wij naar uw gemeente het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Regio De Baronie toe. Wij vroegen u om als colleges een principebesluit te nemen over dit ontwerp en vervolgens, zoals de Wet gemeenschappelijke regelingen voorschrijft, de raden in de gelegenheid te stellen om een zienswijze over het ontwerp uit te brengen. Op verzoek van alle colleges hebben wij de afgelopen periode het proces begeleid om te komen tot een gemeenschappelijke regeling. Met deze brief informeren we u over de ontvangen zienswijzen en de reactie van de Bestuurlijke Regiegroep daarop. We vragen u de besluiten te nemen die nodig zijn voor afronding van dit traject. Alvorens wij daarop uitgebreider ingaan, willen we u nogmaals informeren over de reden waarom we hebben afgesproken om onze samenwerking verder vorm te geven door middel van een gemeenschappelijke regeling. We gaan daarbij ook in op de relatie tot andere samenwerkingsverbanden, de kenmerken van de regeling, de verwerking van de ingebrachte zienswijzen en de rol van de raden hierbij.
Waarom deze samenwerking? De regio De gemeenten Alphen-Chaam, Altena, Baarle-Nassau, Breda, Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Moerdijk, Oosterhout en Zundert zijn samen als ‘de Baronie’ een uniek mozaïek en een krachtige regio die door samenwerking aantrekkelijk en relevant wil zijn en blijven. Samen vormen wij een ‘Daily Urban System’. Dit wil zeggen dat het een netwerk van steden en dorpen is waarbinnen de belangrijkste bewegingen van onze inwoners plaatsvinden. Het is het gebied waar we wonen, werken recreëren en voorzieningen benutten. Iedere gemeente heeft hierin zijn eigen unieke kwaliteit. Om het beste uit de regio te halen, bundelen we onze krachten in deze samenwerking. Of het nu gaat om wonen, bereikbaarheid, duurzaamheid of veiligheid: we moeten elkaars sterke punten benutten en regionale opgaven gezamenlijk aanpakken. Door bewuster samen te werken, kunnen we beter inspelen op de dagelijkse behoeften, wensen en onzekerheden van onze inwoners. Bijvoorbeeld als het gaat om (ov-)bereikbaarheid, werkgelegenheid, zorg en voorzieningen. Samen met uitvoeringskracht werken aan de grote maatschappelijke opgaven Maatschappelijke opgaven worden steeds complexer en grensoverschrijdender en beperken zich niet tot gemeentegrenzen of een klein deel van de regio. Daarmee groeit de noodzaak voor samenwerking tussen onze gemeenten.
En zo kunnen we onze uitvoeringskracht vergroten en beter inspelen op de behoeften van onze inwoners, ondernemers en bezoekers.
Relatie tot andere samenwerkingsverbanden In de gesprekken over samenwerking in de Baronie met de raden komt steeds de vraag naar voren hoe Regio De Baronie gezien moet worden in relatie tot andere samenwerkingsverbanden. Een begrijpelijke vraag waar we hieronder nader op ingaan. We bouwen de samenwerking in de Baronie voor ons Daily Urban System. Daarvoor stellen een Gemeenschappelijke Regeling in die vergelijkbaar is met de gemeenschappelijke regeling die men in hart van Brabant al een aantal jaren heeft. Samen met de regio hart van Brabant vormt de Baronie één Stedelijke regio Breda-Tilburg.
Op dat niveau wordt samengewerkt met provincie en Rijk om op de grote opgaven sluitende afspraken te maken. De Baronie is in die zin een van de twee pijlers van de SRBT waarbinnen de voorbereiding én de uitvoering van de afspraken die we in SRBT verband met provincie en Rijk maken plaatsvindt. Relatie tot Stedelijke Regio Breda-Tilburg De Stedelijke Regio Breda-Tilburg (verder: SRBT) is een samenwerkingsverband van de negentien gemeenten van De Baronie en Hart van Brabant, vier waterschappen, de provincie Noord-Brabant en het Rijk. Regio De Baronie en regio Hart van Brabant werken daarin samen gericht op de ontwikkeling van de stedelijke regio met een goede balans tussen groei van economie, wonen en mobiliteit, het versterken van de leefkwaliteit en het groen-blauwe karakter van deze regio. Met thema’s die veelal de gemeentegrenzen overstijgen, zoals woningbouw, werklocaties, wateropgave, natuurontwikkeling, verduurzaming, de mobiliteitstransitie en het landelijk gebied. Regionale en bovenregionale samenwerking biedt ons ook de kans een sterkere positie in te nemen in het gesprek met de provincie en het Rijk. Op die manier kunnen we meer invloed uitoefenen op de besluitvorming die ons raakt in Den Bosch en in Den Haag.
Relatie tot Regio West-Brabant Regio West-Brabant (verder: RWB) is met het vaststellen van de Strategische Agenda 20242028 inhoudelijk een nieuwe koers ingeslagen. Daarnaast is het samenwerkingslandschap met de vorming van de Baroniesamenwerking en de stedelijke regio’s Stedelijke Regio WestBrabant en SRBT veranderd. Deze ontwikkelingen zijn invloed op het takenpakket van RWB. De samenwerking rondom de thema's Mobiliteit en Ruimte is grotendeels beëindigd omdat de stedelijke regio’s daarvoor de meest aangewezen overlegtafels zijn geworden. Over enkele resterende onderwerpen lopen gesprekken. Een bestuurlijke begeleidingsgroep heeft zich afgelopen maanden gebogen over de gewenste governancestructuur van ‘RWB-nieuwe stijl’. Met de vorming van Regio De Baronie ontstaan op deze manier binnen Midden- en WestBrabant drie regio’s. Afhankelijk van de strategische opgave richt Regio De Baronie zich daarbij naar de gemeenten die samenwerken in Hart van Brabant door deelname aan de SRBT dan wel naar de gemeenten die samen de Stedelijke Regio West-Brabant vormen via REWIN B.V. en de ‘RWB-nieuwe stijl’.
Kenmerken van de regeling Geen overdracht van collegebevoegdheden De definitieve regeling zoals deze nu voor u ligt betreft een collegeregeling waarin geen bevoegdheden worden overgedragen. Het is een regeling met openbaar lichaam met rechtspersoonlijkheid. Dit kan de continuïteit van de samenwerking waarborgen. En zo kan de gemeenschappelijke regeling bijvoorbeeld personeel aanstellen. Ook geen overdracht van raadsbevoegdheden Een tweede belangrijk kenmerk van de regeling is dat de regeling de democratische legitimiteit van de raden borgt. Omdat het een collegeregeling betreft, kunnen er geen bevoegdheden van de raden worden overgedragen aan de gemeenschappelijke regeling. De gemeenschappelijke regeling regelt slechts het toekennen van een overleg- en adviesfunctie aan met name de diverse portefeuillehoudersoverleggen. In die zin is er dan ook sprake van een gemeenschappelijke regeling met openbaar lichaam in een zo licht mogelijke vorm. Dit betekent dat het nog steeds aan de afzonderlijke colleges van de deelnemende gemeenten (of de raad waar er sprake is van raadsbevoegdheden) is om te besluiten over de deelname aan projecten voor regionale samenwerking. Financiële middelen Verder is de regeling tot stand gekomen met de volgende gedachte: De Baronie is van ons allemaal.
Zo gaat de betrokkenheid van gemeenteraden verder dan enkel informeren en krijgt de gemeenteraad een actieve rol op het proces om te komen tot een kernagenda. Financieel gezien dient de bijdrage per inwoner benut te worden om de samenwerking in stand te houden. Hiervan wordt bijvoorbeeld het Baroniebureau betaald en worden regiodagen georganiseerd. De programma’s en activiteiten van de verschillende coalities dienen zelf middelen te regelen. Een uitgebreidere beschrijving van de regeling en de verschillende artikelen is terug te vinden in de toelichting op de regeling.
Zienswijzen Alle colleges van de deelnemers namen een voorgenomen besluit tot het treffen van de regeling en legden deze vervolgens voor aan hun raad. De afgelopen periode ontvingen wij vanuit alle gemeenten een zienswijze of een reactie. De Bestuurlijke Regiegroep heeft deze zienswijzen besproken en gewogen waarbij we concludeerden er geen juridische of bestuurlijke belemmeringen bestaan om tegemoet te komen aan de wensen van de raden. Als gevolg hiervan is een artikel aangepast en hebben we bepaalde onderwerpen in de toelichting opgenomen dan wel uitgebreid. Naast inhoudelijke reacties zijn er ook enkele kleine tekstuele aanpassingen gedaan (onvolkomenheden, zoals een woord dat verkeerd stond). Hieronder beschrijven we de aanpassingen op hoofdlijnen. Aanpassingen aan regeling en toelichting We hebben het verzoek om de eerste keer al na twee jaar tot een evaluatie van de werkwijze en het functioneren van de gemeenschappelijke regeling over te gaan, verwerkt door een wijziging van artikel 31 van de regeling. Daarnaast is artikel 8 van de toelichting gewijzigd en aangevuld ter verduidelijking hoe besluitvorming wordt vormgegeven.
Tot slot hebben we de toelichting op artikel 11 verduidelijkt als het gaat over de procedure voor een tussentijdse aanpassing van de kernagenda en in de toelichting op artikel 13 is nadrukkelijk aangegeven dat boven op de actieve informatieverstrekking altijd informatie kan worden opgevraagd. Gemeenschappelijke adviescommissie De wens om een gemeenschappelijke adviescommissie voor de regeling in het leven te roepen, is opgevat als een verzoek aan het toekomstige algemeen bestuur van de regeling om hiertoe over te gaan. Dat is het bevoegde orgaan om bij unanimiteit van de raden een dergelijk gremium in te stellen. Wij gaan ervan uit dat dit tijdens de eerste bestuursvergadering gebeurt. Net als dat dan het algemeen bestuur het besluit neemt om uiterlijk 1 juli 2026 een voorstel over de bevoegdheden, taken en werkwijze conform artikel 24a lid 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen voor wensen en bedenkingen aan de raden voor te leggen. Dubbelingen met andere samenwerkingsverbanden De oproep van de raden om dubbelingen met andere samenwerkingsverbanden te voorkomen en te zorgen dat er anderzijds geen samenwerkingsopgaven blijven liggen, onderschrijven wij.
Zoals bekend vinden binnen RWB al langere tijd gesprekken plaats over de toekomstige rol en takenpakket van deze organisatie. Op 3 november zal het algemeen bestuur van RWB hierover een principebesluit nemen. Vervolgens kunnen concrete stappen worden gezet om tot een afgebakend pakket van uitvoeringstaken te komen en tot doorontwikkeling van het strategische deel van de organisatie met REWIN B.V. over te gaan. Afgesproken is dat RWB hierover ook de raden zal informeren. Vanuit Baronieverband blijven we tevens oog houden voor mogelijke andere dubbelingen zoals ten aanzien van de Regionale Energie Strategie West-Brabant (RES). Op dit moment is geen sprake van dubbelingen, aangezien de RES niet is opgenomen in de Kernagenda. Voor de overzichtelijkheid zijn de ingekomen zienswijzen, gebundeld naar thema en voorzien van een gemotiveerde reactie, integraal opgenomen in het bijgevoegde overzicht. Rol van de raden We streven ernaar gezamenlijk te werken aan een leefbare en veerkrachtige regio voor iedereen, zowel regionaal als bovenregionaal, en naar niet meer maar naar betere en efficiëntere vergaderstructuren. En naar meer en betere betrokkenheid van de gemeenteraden. Alle raden hebben zich uitgesproken voor het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie die de raden gaat ondersteunen met hun betrokkenheid bij deze gemeenschappelijke regeling.
Zodra de gemeenschappelijke regeling in werking treedt, draagt het algemeen bestuur zorg voor de instelling van deze commissie. Gevraagd besluit Wij vragen de colleges te besluiten tot het treffen van de gemeenschappelijke regeling Regio De Baronie, nadat de raad toestemming heeft gegeven (artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen). Pas nadat alle colleges hebben besloten tot het treffen van de regeling is de gemeenschappelijke regeling Regio De Baronie tot stand gekomen. Omdat er sprake moet zijn van gelijkluidende besluiten van de deelnemers verzoeken wij u gebruik te maken van het bijgevoegde concept-collegebesluit.
Publicatie Nadat alle colleges besluiten hebben genomen, wordt de gemeenschappelijke regeling bekendgemaakt in het gemeenteblad van de gemeente Breda. Op de dag na de datum van deze publicatie treedt de wijziging in werking. Verzoek Wij stellen het op prijs als u de besluitvorming door raad en college begin januari afrondt en ons dan een afschrift stuurt van het getekende collegebesluit tot het treffen van de gemeenschappelijke regeling. Met vriendelijke groet, Namens de Bestuurlijke Regiegroep Baroniesamenwerking,
Paul Depla Voorzitter
Egbert Lichtenberg, Vice-voorzitter