3e Wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant
Tekst van het document
3e Wijzigingsbesluit Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant De colleges van de gemeenten Altena, Alphen-Chaam, Baarle-Nassau, Bergen op Zoom, Breda, Dongen, Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Gilze en Rijen, Goirle, Halderberge, Heusden, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Moerdijk, Oisterwijk, Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Tilburg, Waalwijk, Woensdrecht en Zundert alsmede Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant; overwegende dat het noodzakelijk is om de tekst van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant aan te passen door de inwerkingtreding van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren en de daaruit voortvloeiende aanpassingen van overige wet- en regelgeving; dat de gemeenteraden van de in de aanhef van dit besluit vermelde gemeenten en Provinciale Staten van Noord-Brabant, toestemming hebben verleend tot wijziging van de regeling; gelet op het bepaalde in artikel 51, lid 3, juncto artikel 51, lid 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen:
BESLUITEN: vast te stellen het navolgende derde wijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant Artikel 1 Artikel 3 lid 2 komt te luiden als volgt: Het algemeen bestuur heeft een eigen verordenende bevoegdheid met betrekking tot de vaststelling van de verordeningen ex artikel 212 en 213 Gemeentewet juncto artikel 216 en 217 Provinciewet en de vaststelling van de organisatieverordening. Artikel 2 Artikel 9 lid 9 komt te luiden als volgt: Het lidmaatschap van het algemeen bestuur is onverenigbaar met de betrekking van ambtenaar of ambtenaar van politie, in dienst van de Omgevingsdienst of één van de deelnemers of uit anderen hoofde aan het bestuur van de Omgevingsdienst of het bestuur van één van de deelnemers ondergeschikt. Artikel 3 Artikel 18, lid 2 sub d vervalt. De leden e tot en met i worden hernoemd tot lid d tot en met h.
1
Artikel 4 1. Artikel 26 lid 2 komt te luiden als volgt: Het dagelijks bestuur besluit tot het aangaan, wijzigen en beëindigen van de arbeidsovereenkomst met de directeur, gehoord de opvatting van het algemeen bestuur. 2. Artikel 26 lid 4 komt te luiden als volgt: Het dagelijks bestuur regelt het salaris en eventuele overige emolumenten van de directeur. Artikel 5 1. Artikel 29 lid 2 komt te luiden als volgt: De Omgevingsdienst volgt de cao Samenwerkende gemeentelijke organisaties, dan wel de (gewijzigde) collectieve arbeidsvoorwaardenregeling die daarvoor in de plaats komt. 2. Artikel 29 lid 3 komt te luiden als volgt: Het dagelijks bestuur stelt de overige arbeidsvoorwaarden vast. Artikel 6 Dit wijzigingsbesluit treedt in werking de dag na bekendmaking en werkt terug tot 1 januari 2020.
2