2023-06-20 Transcript raadsvergadering
Tekst van het document
aangaan met de ondernemer. U zet hem wat scherper neer in uw motie, dat u vindt dat het ook na tien jaar duidelijk moet zijn en dat we dat moeten opnemen. De voorzitter: Mijnheer Van der Hoeven nog, bij interruptie dan op de wethouder. De heer Van der Hoeven: Ik denk dat er geen ondernemer in Nederland is die een plan maakt voor tien jaar en niet nadenkt wat daarna gebeurt. En het is echt aan de voorkant, een toetsingscriteria. De tijd zal leren, misschien mogen we dan wel voor honderd jaar locaties bouwen over tien jaar, daar gaat het niet over. Aan de voorkant levert u kwaliteit en maakt u onderscheid ten opzichte van de andere aanbieder. Als dat zo is, dan willen we dat honoreren. De voorzitter: Dit is geen interruptie, want een interrupties zou een vraag moeten zijn. Dit wordt een derde termijn. Maar we gaan zo direct kijken hoe we met de moties omgaan. Mijnheer Bouman van het CDA. De heer A. Bouman: Ik weet niet wat dit gaat worden, maar wat ik wilde zeggen was eigenlijk van, kunnen we niet inderdaad ... Want volgens mij, de kwaliteitscriteria worden vastgesteld door het college, dacht ik in het voorstel. En als ik de heer Van der Hoeven beluister, is het volgens mij de bedoeling van, neem als kwaliteitscriteria op, hoe duurzaam wordt er eigenlijk gebouwd? En dat is volgens mij aan de voorkant wat er de bedoeling is. En dat is waar hij volgens mij op doelt.
En ik denk, als dat een kwaliteitscriterium is, dan sluit het aan bij wat u zegt en ik denk wat wij hier als raad ook met heel veel vinden. En dan kan die motie volgens mij wel ondersteund worden c.q. positief beoordeeld worden. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van Ooijen nog ter afronding. Mevrouw Van Ooijen: Wat zal ik nog zeggen daarover, voorzitter? Dan moet ik even kijken wat er uiteindelijk op de motie komt te staan en dan geef ik daarstraks graag nog even mijn oordeel over, als dat mag. Dat kan zeker niet? De voorzitter: Dat kan niet meer. Mevrouw Van Ooijen: Jammer. De voorzitter: Maar volgens mij heeft u voldoende aangegeven U heeft een toezegging gedaan. Mevrouw Van Ooijen: Ik een toezegging gedaan om daar ... De voorzitter: En het is aan de raad om te kijken of die toezegging wel of niet voldoende is. Om te kijken of die motie wel of niet wordt ingediend, gehandhaafd, gewijzigd. Dat zullen we zo direct zien. En dan zullen we aan de raad zien hoe ze gaan stemmen. Mevrouw Van Ooijen: Helemaal goed. De voorzitter: Dat gezegd hebbende, wil ik eventjes inventariseren. Het amendement blijft ongewijzigd. Dat zal in stemming worden gebracht. De moties over de verlenging van de seizoensarbeiders, daar zijn er twee van een ingediend, waarvan er eentje mondeling gewijzigd is. Waarvan ik dan voorstel dat we die mondeling amenderen naar een vaste termijn van twaalf weken.
Of wilt u daar een amendement van maken in plaats van een motie, mijnheer Bouman?
De heer A. Bouman: Sorry. Voorzitter, de griffie heeft hard gewerkt in tussentijd. De voorzitter: Heel goed. De heer A. Bouman: En ik heb al een aangepaste motie gezien, die volgens mij precies verwoordt wat de bedoeling is. Wij wilden eigenlijk die aangepaste motie, waar die vaste termijn van twaalf weken in staat, in stemming brengen. Dan ligt het ook zwart-op-wit vast. De voorzitter: Prima. Dank u wel. Dan hebben we nog de motie over de bestemming na tien jaar. Die wordt volgens mij ook lichtelijk aangepast. En daar wordt al naar gekeken. Hier staat de gewijzigde motie. En die andere is nog niet aangepast, denk ik. ChristenUnie ook al aangepast? Dan is deze ook aangepast. En dan het behoefteonderzoek. Dat zijn ook nog twee moties. Die zijn niet aangepast, maar daar is ... Is daar behoefte aan schorsing over, om daar onderling over te beraadslagen voordat er gestemd gaat worden? De heer A. Bouman: Ik hoorde daar ook wel graag, graag, echo. De voorzitter: Hoelang hebben jullie nodig voor de beraadslaging? Vijf minuten, is dat voldoende? De heer A. Bouman: Zo kort mogelijk. We doen ons best, voorzitter. De voorzitter: Vijf minuten, met een uitloop tot tien minuten. De vergadering is geschorst. Beste mensen, ik zie dat de schorsing voorbij is. Als iedereen weer wil gaan zitten, dan kunnen we verder gaan. En dan gaan we even horen wat de schorsing heeft opgeleverd.
Mijnheer Bouman, mag ik u als eerste het woord geven wat de schorsing heeft opgeleverd of de heer Van der Hoeven? De heer A. Bouman: Dat maakt niets uit, denk ik. Ik zal me beperken tot het laatste, tot het behoefteonderzoek. De heer Bouman van de VVD zei straks, soms moet je koppen tellen. Dat had hij gedaan. Dat heb ik nu eigenlijk gedaan op dezelfde manier. Er was in elk geval bij de collega's brede behoefte om deze motie gewoon in stemming te brengen. Wij handhaven deze motie, ondanks de kanttekeningen die al gemaakt zijn, dat we misschien in het kader van een vervangingsvraag eerder kunnen schakelen. Maar gezien het feit dat het nu een breed gedragen voorstel wordt en dat anders niet het geval zal zijn, handhaven wij deze motie. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Hoeven. De heer Van der Hoeven: Met de focus op kwaliteit en duurzaamheid van bouwen, houden wij de tien jaar motie ... Brengen wij in stemming, met de aanpassing. De twee andere moties, over de tweede tranche en de verlenging van de acht naar twaalf weken zullen wij de andere indieners volgen. Wij trekken onze in en wij gaan zo meteen in de stemming met de andere voorstellen mee. De voorzitter: Dank u wel. Dan is die motie vervallen. Dan gaan we over naar de stemming, met dien verstande dat ik eerst nog even wil zeggen dat ook mevrouw Schermers inmiddels de vergadering ...
Eigenlijk dit hele onderwerp, het debat heeft bijgewoond. En dat maakt dat wij op dit moment ... Maar die had ik al genoemd. Wij zitten op dit moment met 23 raadsleden in de stemming, als het goed is. Maar mijnheer Timermans is weg. 23. Zie je wel. Op dit moment ben ik nog scherp, mijnheer Den Haan. Heel goed. We zitten met 23 raadsleden in de stemming. Dan is 1 motie vervallen. En dan hebben we samen even gekeken daarstraks ... Welke is er dan nog meer ... Die is ook vervallen. Er zijn twee moties vervallen. Ik zal ze zo direct
even opnoemen, zodat ze in de goede volgorde ook behandeld worden, want we hebben de volgorde die op de lijst staat in principe aangehouden. Dan breng ik als eerste het amendement in stemming, met de afstand tussen de grootschalige locaties. Mag ik bij handopsteken wie voor dit amendement is? Ik zie dat dat unaniem is. Dan is het amendement aangenomen. Dan breng ik het geamendeerde voorstel in stemming. Mag ik bij handopsteken wie voor het geamendeerde voorstel is? Stemverklaring van mijnheer Van der Hoeven. Dat mag altijd. De heer Van der Hoeven: Het is voor ons niet het ideale voorstel. Wij zullen het wel steunen. Maar we zullen scherp toezien of het werkt. En we zullen de raad ook oproepen op het moment dat het niet werkt na de eerste tranche dat we dan ook met elkaar dat debat er opnieuw over voeren. De voorzitter: Dank u wel. Mag ik dan bij handopsteken het geamendeerde voorstel, wie is voor? Dat is ook unaniem. Dan is het voorstel aangenomen. Dan de motie van de heer Bouman en Bouman over de huisvesting van seizoensarbeiders. En die is aangepast naar twaalf weken. Mag ik bij handopsteken wie voor de motie is? Dat is ook iedereen. Is die motie aangenomen. En ten slot de motie van de heer Van der Hoeven over de bestemming na tien jaar. Niet ten slot, maar wie is bij handopsteken voor die motie? Dan is hij ook unaniem.
En dan tot slot de laatste, de motie van de heren Bouman over het behoefteonderzoek. Wie is voor die motie, bij handopsteken? Die is ook unaniem. Dat is een hele vruchtbare schorsing geweest. En daarmee hebben wij weer nieuwe spelregels voor het beleid van de huisvesting van arbeidsmigranten. En dat is mooi dat we dat weer hebben, na een hele tijd. Dan is het vijf voor half zes. 10. Onderzoek Rekenkamercommissie over energietoeslag (compensatie lastenstijging) De voorzitter: Dan gaan we toch verder met het onderzoeksrapport van de Rekenkamercommissie over de compensatie van de lastenstijging. We gaan de heer Timmermans naar binnen vragen. En dan hoop ik dat mijnheer Verbaarschot, want die had een motie aangekondigd, er ook is. Inmiddels is de heer Verbaarschot ook aanwezig in de raadsvergadering en zijn we met 25, voor de goede orde. Aan de orde is agendapunt 10, het onderzoeksrapport van de Rekenkamercommissie voor de compensatie van de lastenstijging. En aan de hand van dat voorstel is er een motie voorbereid door de VVA. Mag ik de heer Verbaarschot dan wel de heer Timmermans vragen om de motie toe te lichten? De heer Verbaarschot: Ik zoek hem nog even op hoor. De voorzitter: Ja hoor. De heer Verbaarschot: Ik kom net binnen. De voorzitter: U krijgt aan alle kanten hulp. Mijnheer Verbaarschot, aan u het woord. De heer Verbaarschot: Dank, voorzitter.
Overwegende dat, vanwege de stijgende energielasten en kosten voor levensonderhoud sommige inwoners in ernstige financiële problemen terecht zijn gekomen. Deze doelgroep in 2022 een beroep kon doen op de regeling energietoeslag. De Rekenkamercommissie van de gemeente Altena onderzoek heeft gedaan naar de uitvoering van deze regeling energietoeslag. Inwoners voor het jaar 2023 opnieuw een beroep kunnen doen op de regeling energietoeslag. Of inwoners in aanmerking komen voor deze regeling getoetst wordt op basis van nettoloon. Dit nettoloon echter weinig tot niets zegt over het loon wat na aftrek van vaste lasten overblijft. En door het toekennen van de toeslag via deze toetsingsmethode de financiële problemen van de doelgroep slechts gedeeltelijk worden opgelost. Spreekt uit
dat, bij de uitvoering van de regeling energietoeslag 2023 een andere toetsingsmethode toegepast moet worden om de doelgroep zo goed mogelijk te ondersteunen. Draagt het college van burgemeester en wethouders op bij uitvoering van de regeling energietoeslag 2023 het besteedbaar inkomen te betrekken bij de toekenning van deze toeslag. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Verbaarschot. Daarmee heeft u ook de motie nog een keer helemaal toegelicht. Ik kijk even rond of er behoefte is vanuit de andere fracties in de eerste termijn. Mijnheer Bouman van de VVD. De heer P. Bouman: Dank u wel. Mijnheer Verbaarschot, ik denk dat we het met elkaar eens zijn dat het huidige systeem niet per se eerlijk is. Want als je gewoon kijkt naar normaal inkomen, dan kan je 2 mensen hebben met een inkomen van 1.500 euro. En de ene zit helemaal vast in de vaste lasten en de andere heeft nog vrij veel te besteden. En de ene die vastzit in de vaste lasten heeft natuurlijk meer steun nog dan de ander. Dat het huidige systeem niet helemaal eerlijk is, dat ben ik met u eens. Maar hetgeen wat u voorstelt, hoeft ook niet per se eerlijk te zijn, want mensen hebben wel een bepaalde invloed in hoeveel van hun inkomen besteedbaar is. Want in theorie kan je ook een heel laag besteedbaar inkomen hebben als je in een kapitale villa woont en te veel hypotheek op je hebt genomen.
Dan kan je ook een heel laag besteedbaar inkomen hebben. En dat is ook niet bepaald terecht dat die mensen dan steun krijgen. En daarnaast heeft uw voorstel wel wat uitvoeringsuitdagingen, want dan moet je niet alleen maar aantonen wat je inkomen is, je moet ook aantonen wat je vaste lasten zijn. In hoeverre zijn je vaste lasten daadwerkelijk vast? Al met al snap ik wel wat u probeert te regelen. U zegt van, het moet eerlijker. Maar ik vraag me af of dat op deze manier lukt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouman. Mijnheer Meijboom van de SGP. De heer Meijboom: Dank u wel, voorzitter. Ik had even nog een verduidelijkingsvraag graag. Want er staat, draagt het college op het besteedbaar inkomen te betrekken bij de toekenning. Maar ik neem aan dat u daarmee bedoelt dat dat het nieuwe toetsingscriterium dan zou moeten worden. Want betrekken bij, dat is wat zwakker dan dat het het toetsingscriterium moet worden. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Hofstede van Progressief Altena. Mevrouw Hofstede: Dank u, voorzitter. Progressief Altena staat voor een ruimhartige financiële ondersteuning voor mensen die dit nodig hebben. Daarom waardeert ze ook uw zoektocht naar een goede vorm van toekenning van onder andere de energietoeslag. U stelt in uw motie voor bij de toekenning te kijken naar het besteedbaar inkomen.
En een beetje aansluitend op wat de heer Bouman al zei van, hoe ziet dat er praktisch uit? Kan de energietoeslag dan nog steeds ambtshalve worden toegekend of moet iedere aanvraag beoordeeld worden? Betekent dit dat niet dat mensen hierdoor heel lang moeten wachten of zal het mensen misschien zelfs belemmeren om de aanvraag te doen, omdat ze allerlei bewijsstukken moeten aanleveren. Uit onderzoek is onder andere gebleken, van de ombudsman, dat het belangrijk is dat er niet al te ingewikkelde procedures moeten gelden voor dit soort regelingen. Ik ben even benieuwd naar uw reactie daarop. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hofstede. Andere fracties nog in eerste termijn? Mijnheer Verbaarschot. De heer Verbaarschot: Dank voor de reacties. Voor wat betreft de manier van toeslag toekennen, bedoelen wij met deze motie echt te bewerkstelligen dat inderdaad niet het netto-inkomen betrokken wordt bij de toetsing, maar het is besteedbaar inkomen. Voor wat betreft hoe dat te berekenen valt of dat het wel en niet
eerlijk is dat iemand met een grote villa een toeslag gaat krijgen, ik wens niet te discrimineren om mensen die armer zijn of mensen die rijker zijn. Je kunt op een gegeven moment in een toestand komen dat je inkomen door het verliezen van een baan of anderszins, dat je er dan een keer minder te besteden hebt. En dan zou je net gered kunnen worden door zo’n toeslag. Waarom zou je dat niet doen? Ik vind het eerlijker. Heb ik daarmee de vragen beantwoord? De voorzitter: De vraag van mevrouw Hofstede ging over de uitvoeringslasten. En de vraag van mijnheer Meijboom, of u die nu helemaal beantwoord heeft, weet ik ook niet. De heer Verbaarschot: Daar was ik mee begonnen. Die vraag heb ik beantwoord als volgt. Door inderdaad uitsluitend en alleen het besteedbaar inkomen te gebruiken voor de toetsing. De voorzitter: De vraag van mevrouw Hofstede was hoe u dan tegen de uitvoeringskosten aankeek, want dat betekende natuurlijk ook iets. De heer Verbaarschot: Als je dat argument gebruikt naar de mensen die die toeslag goed kunnen gebruiken, dan lijkt me dat geen goed verhoor, eerlijk gezegd. Mensen hebben recht op een toeslag. En de toeslag moet eerlijk berekend worden. En of dat meer tijd kost, al dan niet, afhankelijk van het indienen van extra stukken, lijkt me geen goed argument. Die kan je allemaal in één keer inleveren, naar mijn mening. De voorzitter: Dank u wel.
Mevrouw Hofstede, dit is tweede termijn. Dan moet u even wachten op het college. Namens het college, mevrouw Van Hunnik. Anders gaan we al meteen door naar de debatronde. Mevrouw Van Hunnik: Voorzitter, dank u wel. De zoektocht die ik hierin zie en hoor vanuit de fractie van de VVA is ook met name gericht, dat hoor ik ook de heer Verbaarschot zeggen, op, hoe gaan we nu zorgen dat we dat zo eerlijk mogelijk doen? En in die zin, laat ik beginnen met het positieve nieuws, sluit dat ook aan bij de zoektocht die we met elkaar hebben te maken. Want hoe gaan we nu met elkaar langdurig die bestaanszekerheid kunnen organiseren voor onze inwoners? Wat het college betreft, zit hem dat in versimpeling van het minimabeleid en toepassen van maatwerk. Tot zover het goede nieuws, zou ik bijna zeggen. Want als we vervolgens kijken, en ik vind het wel belangrijk om u dat mee te geven, ik sta hier als wethouder, dat betekent ook dat wij een toetsing doen op basis van de wet die we hebben, kan het niet. Als we kijken naar de energietoeslag, zoals die nu is, dan is dat een inkomensregeling die gebaseerd is op de Participatiewet. En daarin wordt voorgesteld als een categoriale bijzondere bijstand. Ik citeer even de Raad van State.
“De regering doet een voorstel om gemeenten de bevoegdheid te geven in 2023 via categoriale bijzondere bijstand een eenmalige energietoeslag toe te kennen aan huishoudens met een inkomen op of net boven het sociaal minimum.” En dat vergt een wijziging van de Participatiewet, waarbij ik u er ook op wijs dat die wijziging er nog niet is voor de energietoeslag 2023. Naar verwachting komt die in het najaar van dit jaar. En dat betekent dat we wel kunnen draaien aan de grootte van de doelgroep, zal ik maar zeggen, willen we daarin een doelgroep voorzien van 120 procent van het sociaal minimum, hier is ook gesproken natuurlijk in de politieke context over 130 procent van het sociaal minimum, maar het stelsel kunnen we daarin niet wijzigen. Dat betekent dat ik ook de motie daarop moet ontraden. Dat betekent echter niet voorzitter, dat we daar helemaal niks kunnen. We hebben natuurlijk ook de individuele bijzondere bijstand. Dat betekent dat op het moment dat mensen knel lopen, dat het niet lukt om rond te komen, dat daar weldegelijk mogelijk nog ruimte is. Dat kan via individuele voorziening, dat kan via maatwerk en dat kan via OnS Altena. Op het moment dat inwoners contact met ons opzoeken, kunnen we daar zeker op meekijken. Maar zoals nu wordt voorgesteld via de motie, dat lukt helaas niet.
De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van Hunnik. Dan kijk ik rond of er nog behoefte is aan een debat in tweede termijn over deze motie. Mevrouw hofstede, u stond net al. U krijgt van mij als eerste het woord. Mevrouw Hofstede: Dank u wel. Ik wilde heel even toelichten dat het niet gaat om extra kosten of extra moeite die daarbij komt kijken, maar puur dat het een extra barrière op kan leveren voor mensen om zo'n aanvraag in te dienen op het moment dat je allerlei bewijsstukken aan moet leveren. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Hoeven. De heer Van der Hoeven: We hebben even het antwoord van de wethouder afgewacht, omdat het in feite herhaling is, maar iets preciezer als wat op de Tafel al besproken hebben. Wij praten altijd heel graag over, in algemene zin, verruiming van het minimabeleid. Als u daar met voorstellen komt, dan doen we dat graag samen met u. Ik was ook al in de eerdere Tafels al getriggerd door de opmerking van, stel dat de ondernemers in de problemen zijn en inderdaad een aantal maanden onder het minimum terechtkomen. Dan zijn ze welkom om te bespreken. Dat het ingewikkeld is en dat dat ook heel veel van die ondernemer vraagt, dat realiseren we ons ook. Maar goed, in die zin luisteren we goed naar de wet houder en wij zullen dit voorstel niet volgen, omdat het wat ons betreft wettelijk gewoon niet uitvoerbaar lijkt te zijn.
En dan is het ook niet verstandig om dat te besluiten met elkaar. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Hoeven. Mijnheer Roovers van het CDA. De heer Roovers: Dank je wel, voorzitter. Ik wil de wethouder bedanken voor het duidelijke antwoord. Ook goed om te horen dat het college in ieder geval openstaat om maatwerk te leveren voor onze inwoners die echt behoefte hebben aan aanvullende ondersteuning. Dat is goed om te horen. En de wethouder gehoord hebbende, zullen wij deze motie ook niet steunen. De voorzitter: Dank u wel. Anderen nog? Dan kijk ik naar de VVA. Mijnheer Verbaarschot, handhaaft u de motie? De heer Verbaarschot: Het is jammer dat Den Haag ons beperkt om zo'n motie uitvoeren. In die zin ben ik wel blij met de toezegging van de wethouder dat er maatwerk geleverd kan worden voor speciale gevallen. Dat is in ieder geval nog iets. Doorzetten heeft geen zin, begrijp ik, helaas. De voorzitter: U trekt de motie in, voor de helderheid? De heer Verbaarschot: Ja. De voorzitter: En u heeft een toezegging te pakken. Dat is ook mooi. Dan resteert mij het voorstel in stemming te brengen om het onderzoeksrapport voor kennisgeving aan te nemen en de aanbevelingen aan het college op te dragen die mee te nemen. Mag ik bij handopsteken wie voor het voorstel is? Dat is unaniem. En volgens mij zijn we nu met zijn zesentwintigen. Is dat voorstel unaniem aangenomen.
DEBATSTUKEN (opiniërend debat) De voorzitter: Dan komen wij bij de debatstukken. Maar ik kijk ook op mijn klok en dan zie ik dat het inmiddels zeven minuten over half zes is. En in het presidium is deze situatie ook enigszins verkend. En ik zou u willen voorstellen om nog wel agendapunt 11, de ombuigingen sociaal domein met elkaar in opiniërende zin te bespreken, maar niet meer met elkaar aan de slag te gaan. Tenzij de ombuigingen sociaal domein binnen een
paar minuten is afgerond, dan zouden we dat nog wel kunnen doen. Maar dat verwacht ik niet helemaal. Maar de huisvesting gemeentelijke organisatie, als we daar voor zes uur niet meer aan toe komen, dat te verplaatsen naar een Altenatafel volgende week. En ik zie daar instemmende reacties op. 11. Ombuigingen sociaal domein (Rapport Berenschot) De voorzitter: Dan gaan we nu verder met agendapunt 11, de ombuigingen sociaal domein. Dat gaan we opiniërend behandelen. Dat zal ik dan ook netjes even toelichten. De gemeenteraad heeft in 2020 aan de hand van het Berenschot rapport gesproken over het inzetten van maatregelen om de stijgende kosten in het sociaal domein om te buigen, Inmiddels is voor 2,5 miljoen aan ombuigingen en bezuinigingen gerealiseerd. En de raad wil in positie zijn bij de keuze om de verder geplande bezuiniging wel of niet door te zetten. Daarvoor is een raadsvoorstel opgesteld. En dat voorstel ligt nu voor. En het college stelt voor om te besluiten de geplande bezuinigingen op de GGD, de ambulante jeugdzorg en de accommodatie beleidsmatig niet door te voeren. Tijdens de Altenaronde van 6 juni zijn er vragen gesteld en vanavond kan er opiniërend met elkaar over gedebatteerd worden. En wie mag ik daarover het woord geven? Ik zie mevrouw Schermers naar voren lopen. De heer Van Breugel maakt een schijnbeweging. Mevrouw Schermers, aan u het woord.
Mevrouw Schermers-van Elderen: Dank u wel, voorzitter. Dit is eigenlijk zo’n agendapunt wat al vaker aan de orde is gekomen, waar we uitgebreid al met elkaar over hebben gediscussieerd. Wat betreft mijn persoonlijke mening hoeft dat nog niet weer opnieuw heel uitgebreid. Als we kijken naar het proces, dan zijn daar best wel wat rafelrandjes eigenlijk te benoemen, omdat we bijvoorbeeld, u las het net nog voor, de raad wilde duidelijk in positie zijn. Het leek er even op alsof dat het college al met een dichtgetimmerd voorstel kwam van, zo is het. Er was toen ook om een soort monitoring gevraagd van, daar waar het gaat schuren in de samenleving, daar willen wij graag als raad op de hoogte zijn, zodat we tijdig kunnen bijsturen. En dan lijkt dat maanden te duren en dan uiteindelijk komt dit uit de bus. En toch zijn we als ChristenUnie blij met het voorliggende voorstel. Zoals u wellicht zich kunt herinneren, waren wij in 2020 al geen voorstander van de heftige bezuiniging op het sociaal domein, hoewel we best de verantwoordelijkheid wilden nemen dat dat volhoudbare zorg moest zijn, zoals toen benoemd is, en dat daar maatregelen voor nodig waren. Maar het spreekwoord zegt, als je te diep snijdt, gaat het bloeden.
En daar gaat het wel op lijken als we inderdaad gewoon doorzetten en zeggen, maar coûte que coûte moet wel de drie miljoen gevonden worden en blijven we de zevenenhalf procent handhaven. Wat de ChristenUnie betreft gaan wij akkoord met het college, die eigenlijk voorstelt om niet door te gaan met bezuinigen. Over het proces heb ik eigenlijk al wel wat gezegd. En daar wil ik het eigenlijk dan ook maar bij laten. Maar het belangrijkste is wat ons betreft de uitkomst, dat we namelijk inderdaad ervoor moeten staan en ook echt krachtig voor moeten staan dat we volhoudbare zorg hebben. De genoemde domeinen waar dan niet verder op bezuinigd moet worden, dat heeft ook onze instemming. En wij hadden als fractie weldegelijk dat ons nog steeds signalen bereikten over lange wachtlijsten, over jeugdzorg bijvoorbeeld. En daar waren ook best grote zorgen. En dat is niet allemaal op het conto te schrijven van de gemeente, want we hadden ook een pandemie en we hadden ook een personeelstekort is. Daar is ook wel een stuk begrip voor. Ik hoop dat met het niet doorzetten van de bezuiniging we kunnen zeggen, ons sociale kaart, ons sociale huis van de gemeente Altena staat weer stevig. En dat we niet een soort jojobeleid krijgen van, we gaan dit nu niet doen en misschien later wel weer. Maar voor nu even is de ChristenUnie blij met deze uitkomst. Tot zover.
De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Schermers. Mijnheer Bouman van de VVD. De heer P. Bouman: Dank u wel. Wij zijn wel een beetje bang dat we jojobeleid krijgen, want we behandelen dit niet voor niks gelijktijdig met de Kadernota en ons Meerjarenperspectief. Hoe staan we er dan nog
financieel voor meerjarig? En we staan er financieel meerjarig niet al te best voor, samen met heel Nederland overigens hoor. Dat ligt niet aan ons. Maar zoals het er nu uitziet, moet heel Nederland over een paar jaar weer gaan bezuinigen. En we hebben deze bezuinigingen destijds met elkaar afgesproken. Die halen we nu niet. Daar zijn goede redenen voor. Maar wij vanuit de VVD sluiten niet uit dat er wederom bezuinigd zou moeten worden op het sociaal domein, binnen nu en de nabije toekomst. Dat is geen prettige boodschap, maar dat is wel de waarheid. Want als het niet hier vandaan komt, ik weet niet waar het wel vandaan komt. Zo staan wij erin, voorzitter. Het is niet dat wij tegen dit voorstel zijn an sich, want ik zie toch geen andere keuze meer op dit moment. In feite is de facto de keuze al gemaakt. Maar wel een winstwaarschuwing voor de toekomst. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouman. Mijnheer Bakker van AltenaLokaal. De heer Bakker: Voorzitter, dank u wel. AltenaLokaal bij de diverse behandelingen nogal kritisch geweest in dit dossier. En niet omdat we per se willen bezuinigen, want in ons verkiezingsprogramma staat onder andere dat we een zorggemeente moeten zijn waar we trots op zijn, waar iedereen kan deelnemen aan de samenleving op een manier die bij hem past en het sociaal isolement wordt voorkomen.
AltenaLokaal is altijd wel kritisch geweest, omdat we eventuele bezuinigingen aan de inwoners uit moeten kunnen leggen. Maar ook als de bezuinigen niet worden doorgezet, dan moeten we het volgens mij ook uitlegbaar maken. En er moet inderdaad geen jojo-effect ontstaan. AltenaLokaal is dan ook wel blij met het voorliggende raadsvoorstel, waarin onderbouwd wordt waarom bezuinigingen op de bouwstenen GGD, jeugd en accommodaties niet worden doorgevoerd. Waar we verder meer dan tevreden houden zijn, is de notitie sociaal maatschappelijke effecten bezuinigen sociaal domein op basis van de bouwstenen Berenschot 2020. Hiermee wordt antwoord gegeven op de vragen die onder andere bij AltenaLokaal leven. Hoe, waar, wanneer en waarom gaat het knellen en wat is de sociaalmaatschappelijke impact van de opgelegde bezuinigingen? Deze vragen worden wat ons betreft in ieder geval in de notitie naar tevredenheid beantwoord. We hebben nog wel één vraagje over de notitie. Dat is op pagina 4 waar gesproken wordt over de monitor sociaal domein, die op zowel maatschappelijk als financieel vlak inzicht moet geven in ontwikkelingen op het sociaal domein in de toekomst. Het college geeft aan dat ze hier naar verwachting het derde kwartaal 2023 mee zullen beginnen.
Maar onze vraag is of dat een reële planning is? En mocht het niet het geval zijn, wat heeft het college dan nodig om er wel een reële planning van te maken? Een dashboard sociaal domein kan naar ons idee namelijk blijvend invulling geven aan hetgeen in de eerdere notitie is opgenomen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bakker. Mijnheer Meijboom van de SGP. De heer Meijboom: Dank je wel, voorzitter. Wij hebben ook als SGP in dat langdurige traject ... Zijn we ook best wel kritisch geweest. We willen wel de wethouder nu danken, ook voor haar veerkracht voor datgene wat er nu ook ter tafel ligt. En wij zullen het voorstel ook ondersteunen. Er is al meer gezegd, ik ga dat niet herhalen, maar we zien de bestuursrapportage, want daar zullen uiteindelijk de resultaten over het verloop van de bezuinigingen bekend worden gemaakt, dan wel tegemoet. Maar wij zullen het voorstel steunen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Meijboom. Mevrouw Buchholtz van het CDA. Mevrouw Buchholtz: Voorzitter, dank u wel. Over het onderwerp dat voor ons ligt, daar hebben we het wat betreft al uitvoerig over gehad. De toevoeging van de onderbouwing op alle bouwenstenen, waarom het niet verstandig zou zijn of zelfs onmogelijk zou zijn om verder te bezuinigen, is voor ons als CDA reden genoeg om
hier een punt achter te zetten. Wat ik net al hoorde, bezuinigingen doorvoeren doet gewoon pijn. En laten we vanaf nu vooruitkijken en de bezuinigingen hiermee afronden, wat ons betreft. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Buchholtz. Mevrouw Hofstede. Mevrouw Hofstede: Dank u wel, voorzitter. Namens Progressief Altena kan ik kort zijn met betrekking tot het raadsvoorstel. Om de geplande bezuinigingen op de GGD, de ambulante jeugdzorg en accommodatie beleidsmatig niet verder door te voeren. De fractie van Progressief Altena is altijd kritisch geweest op de voorgestelde bezuinigingen. En gezien de veranderingen in de wereld de laatste jaren begrijpen wij het voorstel van het college. En inderdaad belangrijk om in de toekomst de verdere gevolgen van ons beleid goed te monitoren, zodat tijdig kan worden ingegrepen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hofstede. Mevrouw Verbaarschot. Mijnheer Verbaarschot. Excuus. Ik ben toe aan eten. De heer Verbaarschot: Dank u wel, edelachtbare. De VVA is blij met inderdaad het plan wat er nu ligt en dat daar niet al meteen een bezuiniging uit is gerold. Dat kan misschien altijd nog. VVA vindt het wel belangrijk dat de kwaliteit gewaarborgd blijft worden.
En was ook blij met de toezegging die we op een gegeven moment hoorden in de Altenaronde, Altenatafel, dat de begeleiding van met name slachtoffers, die dit rapport betreffen, dat die een begeleiding krijgen en niet van het kastje naar de muur gestuurd worden. Als dat zo kan blijven, dan kan je altijd naar de ander kijken van, is die hulp misschien efficiënt te maken? En dat daar dan misschien nog ooit een bezuinigingsronde uit kan komen die verantwoord is, want dat is wel belangrijk dat we dat niet onverantwoord doen. Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Verbaarschot. Dan na deze eerste termijn kijk ik nog even naar het college. Mevrouw Van Hunnik, ik heb één vraag genoteerd van de fractie van AltenaLokaal. Mevrouw Van Hunnik: Voorzitter, ik heb ook één vraag gehoord. En dank overigens voor alle reacties, ook van alle fracties. En ik heb een vraag gehoord vanuit de fractie van AltenaLokaal rondom de monitoring van het sociaal domein. Ik roep graag bij u in herinnering dat er eerder ook al een motie is geweest van uw raad, waarin u ook heeft opgeroepen om een monitor in te richten die vooral ook kwantitatief en kwalitatief een beeld aan u meegeeft. Daarbij ondervangen we dan ook zowel de sociaalmaatschappelijke als die financiële effecten. Vanuit het college vinden we het belangrijk om u daar ook aan de voorkant actief bij te betrekken.
De verwachting is dat we eind van het derde kwartaal, begin van het vierde kwartaal met u ook het gesprek kunnen gaan voeren over die monitoring. Wat willen we daar dan in? Welke informatie gaat helpen om daar ook sturing aan te geven? En dat is inderdaad een ambitieuze planning, zeker. Daar ben ik mij ook terdege van bewust. We zijn op dit moment in een situatie waarin het wel ook met de formatie zoeken is om dit goed voor elkaar te krijgen. Dat is een zoektocht die wij met de organisatie aan het uitvoeren zijn. Maar het is ook heel duidelijk dat we deze monitoring gewoon nodig hebben. En die hebben we zelf nodig om goed te kunnen zien wat er gebeurt, om goed met het datagericht werken aan de slag te gaan, zoals dat ongeveer een jaar geleden ook is opgenomen in het bestuursakkoord. En die informatie heeft u ook nodig om goed te kunnen zien en te kunnen volgen waar we mee bezig zijn en wat de effecten zijn van het beleid wat we hebben in het sociaal domein. Dan denk ik, voorzitter, eigenlijk dat ik daarmee de vraag al heb beantwoord. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijken we eventjes of nog behoefte aan een tweede termijn. Mijnheer Bakker.
De heer Bakker: Voorzitter, dank je wel. Heel kort wat mij betreft, want ik dank aan de wethouder voor de beantwoording. Ik hoor volgens mij een verzoek of bijna een opmerking van, capaciteitsproblemen zouden er weleens kunnen zijn om die monitor tijdig met elkaar te doen. Dat wilde ik eventjes zeker weten, want dan kunnen wij altijd overwegen om daar bij een jaarrekening of zo met een amendement te komen. Maar dat ga ik nog even met de fractie bespreken. Dank u wel. De voorzitter: Dat kunt u doen. Mevrouw Schermers. Mevrouw Schermers-van Elderen: Voorzitter, dank u wel. Ik denk dat we op zich unaniem zijn met het feit dat we niet verder moeten bezuinigen. Daar ben ik ontzettend blij mee. En dat is denk ik ook goed, een goed signaal ook. Ik hoor alleen mijnheer Bouman nog wel alvast een soort winstwaarschuwing geven en ook mijnheer Verbaarschot van de VVA. Wat de ChristenUnie betreft hebben we nu eventjes voldoende bezuinigd en gaan we nu echt weer kijken aan opbouwen en zorgen dat je juist niet weer straks nog meer kosten moet gaan maken, omdat je in dat preventieve kader onvoldoende hebt gedaan. Dat wil ik nog wel duidelijk meegeven. De voorzitter: Dat is een andere winstwaarschuwing die u meegeeft. Mijnheer Bouman. De heer P. Bouman: Dat is een beetje een naïef wereldbeeld, denk ik. Kijk, ik zeg niet dat je moet gaan bezuinigen in dat preventieve kader.
Ik bedoel, daar zien wij ook het nut van in natuurlijk. Maar het is naïef om te denken dat als er nieuwe bezuinigingen komen, en die gaan komen een keer, want zo gaat het altijd in gemeenteland, misschien komen ze niet in ’26, maar een keer komen ze, dat dan het sociaal domein dit keer helemaal buiten beeld blijft. Dat is gewoon niet het geval. Dan gaat hij gewoon weer mee in de totale beoordeling. De voorzitter: Mevrouw Schermers, tot slot. Mevrouw Schermers-van Elderen: Daar wil ik graag even op reageren mijnheer Bouman, want dan is het de vraag van, moet je dat dan inderdaad weer opnieuw in de bezuiniging van de meest kwetsbare mensen in de samenleving laten komen of moet je dat meer integraal bekijken en moet je zeggen, eigenlijk zoals Berenschot ook op sommige plekken zegt, moet je het niet meer ontschot benaderen. Dat zou dan onze insteek zijn. De voorzitter: Waarvan akte. Maar volgens mij gaat dat iets zijn wat eventueel in de Kadernota met uw raad onderling besproken kan worden. Normaliter bij een Altenatafel zou de voorzitter vragen of dit voorstel rijp is om doorgeleid te worden naar de gemeenteraad en of dat ook bij hamerstuk kan. Nou zijn we hier toevallig bij elkaar in een gemeenteraadsetting. En ik wil u eigenlijk vragen of dat gewoon bij hamerslag dan ook kan, want dan is dit voorstel afgewikkeld.
Ik hoorde de heer Bakker nog nadenken, maar dat is niet met een motie op dit voorstel, maar dat kan op een ander voorstel. Ik zie u knikken. Mag ik dat concluderen? Dan is bij hamerstuk dit ook besloten. Daarvoor dank. Dan zijn we toch nog redelijk op tijd klaar. Maar we gaan dat natuurlijk met de huisvesting niet meer redden om dat voor zes uur te doen. 12. Scenario huisvesting gemeentelijke organisatie (wordt doorgeschoven naar Altenatafel van 27 juni) SCHORSING De voorzitter: Ik wil u voorstellen de vergadering te schorsen tot zeven uur en dan gaan wij verder met de beëdiging van de heer De Keijzer. Vergadering is geschorst.
13. Benoeming en beëdiging K. de Keijzer als burgerlid De voorzitter: Dames en heren, ik heropen de vergadering. We zijn nog steeds met 25. De heer Noordergraaf is nog onderweg, denk ik, en dan zijn we met 26. Meer zal het niet worden, gezien de afmeldingen. Ik ga verder met de agenda, met agendapunt 13. Dat is de benoeming en beëdiging van de heer Koen de Keijzer als nieuw burgerlid. Daarvoor is een commissie van onderzoek van de geloofsbrieven ingesteld, bestaande uit mevrouw Hofstede als voorzitter, mevrouw Rochat en de heer Van Gammeren. En mevrouw Hofstede zal de raad van de bevindingen van de commissie op de hoogte brengen. Mevrouw Hofsteden, gaat uw gang. Mevrouw Hofstede: Dank u wel, voorzitter. Pardon. De commissie uit de raad van de gemeente Altena, op 20 juni 2023 ingesteld op grond van artikel 3 van de Regeling op de vergaderingen en organisatie van de werkzaamheden van de gemeenteraad, heeft de geloofsbrieven en verdere bij de Kieswet en Gemeentewet gevorderde stukken ontvangen van een door de VVD-raadsfractie voorgedragen burgerlid. De commissie rapporteert de raad daarover. De geloofsbrieven zijn ingezonden door K.A.F. de Keijzer, Koen. Op 1 juni 2023 is bovengenoemde persoon voorgedragen als burgerlid van de gemeenteraad voor de fractie van de VVD.
De commissie rapporteert de raad dat zij bovengenoemde bescheiden van het voorgedragen burgerlid heeft onderzocht en in orde heeft bevonden. Gebleken is dat de genoemde persoon aan alle in de Gemeentewet voorgestelde eisen voldoet. De commissie heeft kennisgenomen van de melding van de heer De Keijzer dat zijn bedrijf mogelijk in de toekomst de gemeente als klant krijgt. De commissie ziet hierin nu geen probleem, maar mocht de situatie concreet worden, dan wordt de heer De Keijzer geadviseerd hier tijdig het gesprek over te voeren. De commissie adviseert uw raad daarom tot benoeming van bovengenoemde persoon als burgerlid van de gemeenteraad van Altena. Daarbij merkt de commissie op dat de gemeenteraad in gevolge artikel 15 lid 3 Gemeentewet een gedragscode integriteit heeft vastgesteld. Burgerleden van de raad zijn daaraan gehouden. Deze code is uitgereikt aan de heer De Keijzer. En wanneer posities, relaties of gedragingen mogelijk van invloed zijn op het functioneren als burgerlid, wordt geadviseerd deze bespreekbaar te maken en indien nodig het handelen daarop af te stemmen. Aldus de commissie, mevrouw Jenneke Rochat, de heer Corné Van Gammeren en Marloes Hofstede. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hofstede, ook voor de werkzaamheden die u als commissie heeft verricht. En ik wil graag de commissie daarbij ontbinden.
En ik wil u als raad voorstellen bij acclamatie de heer De Keijzer te benoemen. En ik constateer dat dat zo is. Dan wil ik u allen vragen om te gaan staan en de heer De Keijzer om voor mij plaats te nemen. Mijnheer De Keijzer, de verklaring en belofte wilt u afleggen. Ik verklaar dat ik, om tot burgerlid benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook enige gift op gunst heb gegeven of beloofd. Ik verklaar en beloof dat ik om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk, enig geschenk of enige gelofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als burgerlid naar eer en geweten zal vervullen. Wat is daarop uw antwoord? De heer De Keijzer: Dat verklaar en beloof ik. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik u feliciteren met uw benoeming. En dan geef ik u er ook bloemen bij. De heer De Keijzer: Super. Dank je wel. De voorzitter: En het is weer mooi dat wij weer een nieuw burgerlid hebben. En voordat we verder gaan met agendapunt 14 kan ik u ook meedelen dat wij in ieder geval bij het eerste deel van de vergadering 350 mensen
hadden die via de livestream aan het meekijken waren, waarvan ik heb begrepen zelfs iemand uit Kreta. Maar dat is voor de liefhebbers. Misschien even zwaaien. 14. Kadernota 2024, Eerste Bestuursrapportage, jaarstukken 2022 De uitgewerkte agenda ten behoeve van de behandeling Kadernota 2024, Eerste Bestuursrapportage 2023, Jaarrekening 2022 a.
Kadernota 2024
b.
Eerste Bestuursrapportage
c.
Jaarstukken 2022
De voorzitter: Beste mensen, we gaan verder met agendapunt 14. En dat is de opiniërende behandeling van de Kadernota 2024, de Eerste Bestuursrapportage van 2023 en de Jaarrekening 2022.Dat doen we in één keer. Daar zijn door alle fracties verschillende onderwerpen voor het debat aangegeven en die zullen wij per programma volgens de nummering behandelen, waarbij ik u meegeef de volgende orde daarbij te hanteren. Eén, een korte toelichting door de agendeerde fractie achter het spreekgestoelte en daar ook blijven staan. Een termijn met oordeel en reactie op de agenderende fractie door anderen, met ruimte voor interrupties. Dan een korte reactie van het college, ook met ruimte voor interrupties. En tot slot een reactie van de agenderende fractie, waarbij die fractie kan aangeven dit debat voldoende te hebben gevoerd dan wel dit verder te willen vervolgen voor de vergadering over twee weken aan de hand van een motie dan wel amendement. En ik wil u meegeven, er zijn 29 onderwerpen aangeleverd. Er is een enkel onderwerp wat we gebundeld wellicht kunnen doen. Ik wil u allen vragen om met een rekenschap van 10 minuten per onderwerp, dan zijn we nog een aantal uren met elkaar onderweg. Als het korter kan dan 10 minuten, graag. Als het heel veel langer wordt dan 10 minuten, zou ik u willen vragen om te bedenken of dat debat dan toch al niet over 2 weken verder gevoerd moet worden.
Dan maken we het allemaal met elkaar vanavond behapbaar. Ik begin met programma 1, Inwoner en Bestuur. Agendapunt 1.1, de dienstverlening en de organisatie is door AltenaLokaal aangegeven. Namens AltenaLokaal, de heer Den Haan, mag u het aftrappen. De heer Den Haan: Dank je wel, voorzitter. Kijk naar de VVA die alweer gebak ... We hebben net een pond boter op het ijsje. Voorzitter, dank je wel. De toelichting van AltenaLokaal voor dit punt, drie in één zou ik haast zeggen. Zoals u heeft gezien in de aanhef wil AltenaLokaal de ingezette lijn op het gebied van de dienstverlening naar 2024 nog verder versterken. Daar waar we al goede ontwikkelingen zien op het gebied van serviceformules en op de roadmap die het college schetst, willen we ze niet alleen ondersteunen in de aanpak, maar ook uitdagen om deze zaken te versterken door ook te investeren in zichtbaarheid en verzamelen van data. In het bestuursakkoord kunnen we teruglezen dat we veel willen bereiken. Die ambities zijn groot en de lat ligt hoog. Daarbij is afgesproken dat we deze zaken willen bereiken door de vier gezonde kernwaarden als kompas te gebruik. Ik noem ze even heel snel. We doen het samen, waarbij we als gemeente slagvaardig willen zijn en slagvaardige samenwerkingspartner. We stellen onze samenleving centraal. Schatten haar op waarde. We werken van buiten naar binnen. En informatie datagestuurd.
En we zijn een wendbare organisatie. En voorzitter, indien we die mooie intenties rondom dienstverlening ook waar willen maken, zullen we ook de daad bij het woord moeten voegen. In het bestuursakkoord staat ook beschreven dat de overheid laagdrempelig bereikbaar moet zijn voor inwoners en daarin niet alleen reactief zijn. Onze bestuurders en ambtenaren staan midden in de samenleving van Altena en laten zich proactief zien in de kernen. Voorzitter, als we bijvoorbeeld gezondheid, fitheid, eventueel voorkomen van zorgvragen en ook
sport belangrijk vinden en we de onlangs gepresenteerde nota Gezondheid en Sport ondersteunen, dan heeft Altena behoefte aan sportadviseurs die zichtbaar zijn bij de verenigingen. Niet alleen vanuit het gemeentehuis kijken naar je beleid, maar je moet het voelen, ervaren, ontwerpen, meehelpen de verandering te bewerkstelligen. Ik zou haast zeggen, je moet het zweet van de kleedkamer geroken hebben als belangrijk ijkpunt bij sollicitaties. En we hebben behoefte aan begeleiders die bewegen, stimuleren en ook in staat zijn te improviseren. En gelukkig zien we ook dat er een aan aantal teams zichtbaar aanwezig zijn en ook enorm gewaardeerd worden door onze samenleving. Eén van die teams die van grote waarde kan zijn voor de samenleving, is het team van de sportcoaches. En als je zoveel complimenten krijgt voor iets wat de gemeente erg goed doet, is dat ook heel verstandig om dit verder te vergroten. We zullen dan ook de uitbreiding van deze formatie ondersteunen en hopen we dat we dit snel kunnen concretiseren. En als we dat willen doen, dat concretiseren, is het ook heel goed dat we weten waar we het over hebben. En zeker binnen het sociaal domein, dat is het tweede punt, hebben we behoefte om te weten hoe zaken zich ontwikkelen. We hebben dat net al even genoemd. Maar goed, ik was pas later aan de beurt.
AltenaLokaal is een groot voorstander van informatiegestuurd en datagestuurd werken. En we spreken dan ook de nadrukkelijke wens uit om in 2024 de lancering te zien van dat dashboard waar we het daarstraks over hebben gehad. Deze informatie geeft ons namelijk de nodige inzage om van daaruit keuzes te maken en te kunnen maken. Als keuzes helder worden gemaakt, kunnen we als raad ook heldere keuzes maken. Voorzitter, tot slot, AltenaLokaal heeft zich beperkt om één punt, weliswaar A, B en C, aan te dragen bij deze behandeling en wil de focus voor 2024 op deze punten leggen. En ik hoop dat mijn collega's in de raad dit herkennen, onderkennen en willen ondersteunen en het college hier werk van gaat maken. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Den Haan. Dat gaan we zo direct even horen. Ik wil de raad nog even attenderen over het punt van de sportfunctionarissen ook nog terugkomt bij 3.3. We kunnen ook aan de hand van dat onderwerp misschien daar nog wat dieper op reageren. Hoeft niet allemaal bij dit debatpunt, wil ik maar meegeven. Is er behoefte vanuit andere fracties om zich te mengen. Mevrouw Maris. Mevrouw Maris: Dank u wel, voorzitter. Op punt 1C komen we volgende week terug. Daar zullen we ook niet te veel over zeggen, om ook maar de spanning er een beetje in te houden, over de gemeentelijke huisvesting.
En verder kunnen wij de ambities zeker ondersteunen. We zien ook positieve geluiden gelukkig in de ontwikkeling van de dienstverlening, maar is nog wel alle reden om ons zorgen te maken. Laten we daar ook goed de focus op houden. Daar zijn wij, Progressieve Altena, het helemaal mee eens. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Maris. Mijnheer Van der Hoeven van de ChristenUnie. De heer Van der Hoeven: We zouden er inderdaad agendapunt 3.3 aan toe kunnen voegen, op dit moment. Mag van mij ook later. Maakt me niet uit. De vraag aan ... De voorzitter: Als u het nu wil toevoegen, is het ook goed. Dan hebben we het meteen behandeld. Dat is ook wel goed. De heer Van der Hoeven: Dat wil ik doen. Ik wel eerst even reageren op wat de heer Den Haan van AltenaLokaal aangaf. We kennen uw mantra inmiddels wel, data, data, data. Ik heb ooit op een school gezeten waar we het verschil tussen data en informatie hebben geleerd. Later noemde u dat gelukkig ook dat we naar informatie moeten kijken, want data is een bak met gegevens en informatie, is data waar je wat aan hebt. En de vraag naar u toe is van, het stuk gelezen hebbende en wat u nu hebt ingebracht, wilt u wat meer als dat er staat of is het alleen maar applaus voor wat er staat?
De voorzitter: Mijnheer Den Haan. De heer Den Haan: Dank u wel, voorzitter. Reagerend op collega Van der Hoeven. We willen natuurlijk wat meer. Er staat in dat we graag ook die uitbreiding zien van die sportcoaches. Als u het hebt even ... Daar wil ik toch wel even op reageren, want u associeerde mij met data, data, data. Dan bent u verkeerd geïnformeerd, want het ging namelijk over informatie. En data hoort bij informatie. Eerst gaat voor mij de informatie en dan pas komt data. Maar dat even terzijde. Wij willen inderdaad meer. Dat betekent dat als we gaan kijken naar de invulling van die sportcoaches, staat nu genoemd, staat een PM-post. En wij zouden dat graag toch wel goed ingevuld zien. De voorzitter: Mijnheer Van der Hoeven. En misschien is het wel goed om dan toch ook maar meteen uw punt op dat onderwerp ook in te brengen. Dan nemen we dat meteen mee. De heer Van der Hoeven: Een semantische discussie over de overdaad aan informatie, daar zullen we tijdens de borrel nog eens een keer over doorpraten. Maar dat was ons een beetje zorg waarom wij punt 3 hebben opgegeven, omdat er in feite in het stuk tegenstrijdige informatie staat, wat ons betreft. Enkel wordt er gezegd, we willen extra investeren in een doelstelling voor een vitaal Altena en er wordt ook twee fte genoemd.
En vervolgens staat er een PM-post en ergens anders staat weer van, we willen vanuit die miljoen die we over hebben twee ton ook hierin investeren. Mijn oproep is ook aan mijn collega's van jongens, hebben we onze ambitie scherp en hebben we de opdracht naar het college scherp? En onze roep is inderdaad met de heer Den Haan mee dat we dat gewoon goed regelen. Dat debat hebben we al eerder gevoerd, maar wat geven we nu mee aan het college? Als we dat nu opschrijven. Want daar kunnen ze ... Willen we daar wat mee of willen we er niks mee? Dat zou ik wel graag ook vanuit de collega’s horen. Wij willen graag met de ambitie van jullie mee, wat dat betreft. Wij zien dat als een investering die we niet verloren moeten laten gaan. Maar met de tekst zoals hij nu in de Kadernota staat, kunnen we alle kanten op. En dat willen we niet. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Hoeven. Mevrouw Verbeek. Mevrouw Vos: Dank je wel, voorzitter. Als we dan dat punt over de sportfunctionarissen nu alvast inbrengen, wil ik het standpunt van Progressief Altena daarin even naar voren brengen. Wij vinden de sportfunctionarissen gewoon belangrijk voor onze maatschappij. Ze zijn belangrijk voor de gezondheid, maar ook voor de vroegsignalering van eventueel mogelijke problemen.
Daarom zouden wij de sportfunctionarissen op scholen zeker willen behouden op het niveau waarop ze nu ook zitten en zelfs willen inzetten op uitbreiding ten behoeve van de andere doelgroepen. En wij vragen ons dan ook wel af of dat de twee fte, zoals die nu in de Kadernota genoemd staan, wel voldoende is. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie de heer Bouman van de VVD zich roeren om in het debat te mengen. De heer P. Bouman: Als we toch bij punt 3.3 aangeland zijn, die kunnen we dan zo meteen mooi schrappen, wat ons betreft de herverdeling van de taken van de sportcoaches, zal die wat meer in balans moeten komen tussen onderwijs en andere taken en mag er, wat ons betreft, juist wel wat af van onderwijs ter vervuren van de andere taken die net zo belangrijk zijn dan de sportcoaches, om die wat omhoog te brengen. Dat wil niet zeggen dat er niet een kleine uitbreiding bij mag van die sportcoaches, maar er mag ook echt wel wat van onderwijs af.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouman. Anderen nog op 1.1 of 3.3? Mijnheer Noordergraaf, fijn dat u er bent. Ook even voor de notulen, dat we inmiddels voor vanavond het maximumaantal raadsleden hebben bereikt, nu u er bent, met 26. Dank u wel. De heer Noordergraaf: Dank u wel, voorzitter. We hebben hier zeer recent discussie al over gevoerd. Volgens mij is hij gewoon ... Die 2 staat in de kadernota, is ook de uitbreiding die we eerder besproken hebben. En wij volgen in die zin ook wel de lijn zoals we dat eerder aangegeven hebben, dat er meer balans zal moeten zijn tussen aan de ene kant sport en dan de andere kant ook onderwijs. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Noordergraaf. Anderen nog? Nee? Dan ga ik naar het college, op beide onderwerpen 1.1. Mijnheer Roovers, u stond nog niet. Gaat uw gang. De heer Roovers: Dat klopt, voorzitter, ik was even iets te laat en niet alert genoeg, maar dat ligt vooral aan mij. Voorzitter, wij hebben ook al eerder aangegeven dat wij zeer te spreken zijn over de inzet van de sportcoaches. Over nut en noodzaak, weet je, daar hoeven we het nu niet over te hebben. Maar ik ga wel mee met mijn voorgangers. Als we kijken naar de inzet van die sportcoaches, die nu heel erg op onderwijs zitten.
En wij zouden daar wel meer een evenwichtige verdeling in willen of in ieder geval dat het onderwijs wat meer gaat betalen voor de inzet van die sportcoaches. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roovers. Niemand meer die nog ... Geen spijtoptanten? Dan wethouder Sheikkariem. Je mag blijven staan, Philip, dan gaat Shah wel daar. Jij moet afsluiten. De heer Sheikkariem: Maar voorzitter, dit ziet er vrij dreigend uit. De voorzitter: We zien de ware verhouding komen boven. De heer Sheikkariem: De fractievoorzitter. Herkenbare punten. Dienstverlening hebben we onlangs nog besproken in de raad, vorige week nog. En u herkent het. Het college vindt dat ook echt een thema wat binnen de hele organisatie landt. Iedereen, elke afdeling wordt daarin opgeleid en meegenomen. Het is een lat die we hoog hebben gelegd. Dat hebben we vorige week ook toegelicht. En dat heeft zijn tijd nodig, maar dat moet u ook gaan voelen en ervaren. Mijnheer Den Haan en anderen die u daarin ondersteunen, daar gaan we ook op inzetten. Daar kunt u van op aan. Punt van de sportcoaches zijn ook wat vragen gesteld, voorzitter. Onder andere is het signaal gekomen van een tweetal partijen, zou er niet meer evenwicht kunnen zijn tussen aan de ene kant de inzet van de sportcoaches bij onderwijs, andere kant op het maatschappelijk veld? Daar werken we ook aan.
Maar u moet zich voorstellen, u erkent het ook dat de inzet van de sportcoaches zo positief is dat ook het onderwijs er moeilijk afscheid van wil nemen. Dat geeft ook niet, want als wij goede mensen hebben en wij kunnen het voor onze samenleving inzetten, is het heel goed. Maar u heeft een terecht punt, het zou dan ook tegen een tarief moeten die representatief is. En daarvan moet ik u zeggen dat we teren nog op afspraken uit 2017. Toen is er een tarief afgesproken waarvoor de sportcoaches werden ingezet. En vanaf dit jaar zijn we bezig om te kijken of we daar de indexatie en een inhaalslag in kunnen maken. We hebben onlangs daar de keuze in gemaakt, maar dat zal nog wel even tijd vergen om dat te egaliseren. U moet zich wel voorstellen dat het Rijk ook heeft gezegd, die combinatiefunctionarissen die toen benoemd waren en die vergoeding die vanuit het Rijk komt, dat gaat vanaf 2026 ophouden en dan zullen de onderwijsinstellingen dat zelf moeten financieren. En daarmee wil ik gelijk een antwoord geven op de vraag vanuit PA, vanuit de optiek van het college zouden we nu voor de komende periode zeker met twee fte goed vooruit kunnen, want we moeten ook even afwachten wat er gebeurt in 2026. Want stel dat de onderwijsinstellingen hun eigen gymleraren op een andere manier gaan werven, dan zouden wij overcapaciteit hebben. En mocht dat niet het
geval zijn, dan heb ik ook geen investering gedaan om dan weer ander werk te zoeken voor de mensen. Volgens mij, voorzitter, kan ik het daarmee bevestigen dat wij ook heel blij zijn met de ondersteuning en het ook graag gaan concretiseren. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Ik kijk even naar de heer Den Haan. Is het voldoende op dit moment? Ja? Dan hebben we daarmee 1.1 en 3.3 behandeld. Ik kijk ook even naar mijnheer Van der Hoeven of dat zo is, want die heeft terecht de vraag ... De heer Van der Hoeven: In die zin blijft het vaag natuurlijk, want ik weet niet of de wethouder aan kan geven of dat we bij de begroting dan weten. Want er zijn partijen die een grotere ambitie hebben. En als wij daar voorstellen voor moeten doen, dan moeten we dat ook ... Er wordt nog ruimte geboden en ook tijdens de technische vragen van jongens, het is een PM-post, we zoeken nog naar ruimte erin. Wat ik nu hoor, is dat u in feite zegt, wat er staat, dat gaan we doen en we gaan opnieuw verdelen met de scholen. En wij willen dan wel met de begroting weten of dat dan ook geëffectueerd kan worden en wat dat betekent, want dan kan het zijn dat ik met collega Den Haan met aanvullende voorstellen wil komen. De voorzitter: Maar u heeft volgens mij het antwoord van de wethouder gekregen. Het gaat over een Kadernota.
En of u dat richting de begroting nu al bij een Kadernota wil verzilveren, dat moet u dan maar gaan bespreken over twee weken. De heer Van der Hoeven: Maar het is wel van belang of de wethouder dat van plan. Kijk, als je vragen doe wat met ons plan doen en er gebeurt verder niks, dan kunnen wij daar op een andere manier op anticiperen als wanneer hij zegt van, met de begroting heb ik die PM ingevuld en dan weet u precies wat er gaat gebeuren. Heb ik met scholen onderhandeld. Lukt dat voor de begroting? De voorzitter: Wethouder, blijkbaar is er nog wat inhoudelijke toelichting nodig. De heer Sheikkariem: Ik ga proberen het iets concreter te maken. Het gaat mij niet lukken om de PM-post bij de begroting al volledig in gevuld te hebben en de dekking daarvan gevonden te hebben. Dat heeft ermee te maken, met de tarieven die we hebben gehanteerd in het verleden en de indexatie die ik maximaal kan toepassen. Als ik die twee fte uitbreiding zou willen gaan inzetten, heb ik daar niet de middelen momenteel en de dekking daarvoor. Is het wat concreter voor u? Mooi. De voorzitter: Ja? Helder. Ik zie mensen knikken. Dan hebben we 1.1 en 3.3 gehad. Dan gaan we naar agendapunt 1.2, het burgerforum. En dat is door Progressief Altena aangekondigd. Mevrouw Maris, gaat uw gang. Mevrouw Maris: Dank u wel, voorzitter.
In het kader van de ambitie van de gemeente Altena om bestuurlijk vernieuwend en uitnodigend te zijn, wil Progressief Altena graag het idee van een burgerforum of een burgerberaad voorleggen. Is een burgerforum of een burgerberaad een goed instrument om onze lokale democratie te versterken en wellicht ook een mogelijke plus voor het platform Aan De slag? Wat is een burgerforum? Ik weet niet of u dat heeft kunnen voorbereiden, maar ik zal het kort even vertellen. Dat is eigenlijk een vorm van participatie, waarbij rondom een bepaald onderwerp of een plan een groep willekeurig geselecteerde inwoners, meestal via een loting, met elkaar een advies geeft. De leden worden ingeloot om mee te praten over een maatschappelijk vraagstuk. Het idee daarbij is dat het ook een afspiegeling is van de inwoners die hier in Altena wonen, door die loting. De deelnemers kunnen ook deskundigen raadplegen en brengen een advies uit aan de politiek. En de gedachte is dat het advies daarmee ook een goed overzicht geeft
van de meningen en de zorgen en behoeften van de inwoners. Een burgerberaad of een -forum vervangt de gekozen politici niet, maar het is wel een uitbreiding van de democratie wellicht. En dat idee wil ik graag aan u voorleggen. Ik hoor het graag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Maris. Blijft u alstublieft staan. Dat is de bedoeling. De heer Timmermans. De heer Timmermans: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, een geweldig mooi initiatief van Progressief Altena om een soort lokaal forum voor democratie te hebben. Het verbaasde mij zelfs, het onderwerp, om dat zo te zien, maar het lijkt er wel op. Voorzitter, wij voelen er wel wat voor, alleen net dat laatste stukje wat u opperde, om dat bij loting en selectief daarin mensen uit te nodigen, daar zijn wij dan weer afwijkend in. Want dan zouden wij zeggen, haal zo’n burgerforum, om ze te raadplegen, doe het dan gewoon openbaar. Iedereen die vanuit de gemeente Altena komt, die mag erop reageren hoe die dat vindt en ziet. En dan betrek je iedereen bij de politiek en niet op deze manier. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Timmermans. Mijnheer Van der Hoeven van de ChristenUnie. De heer Van der Hoeven: Wij zijn altijd er voorstander van om meer inwoners te betrekken. Er kan maar één goed idee bijzitten wat gewoon bruikbaar is en waar we verder mee komen voor de inwoners. De vorm en invulling vind ik wel wat lastiger.
Er is volgens mij inderdaad een digitaal platform al geopend, maar door loting te gaan doen, vind ik ook lastig. Hoe was het ook alweer, inspraak zonder inzicht, leidt tot uitspraken zonder uitzicht. En dat is de negatieve kant van de goede ideeën. De maatschappij is al, in die zin, mondiger geworden en maakt het niet altijd makkelijker, maar dat we ze erbij betrekken en daar vormen voor vinden rond het blad van wat we hebben, daar staan we helemaal achter. En dan liever ook in een open vorm waar iedereen kan reageren. En dan moet je wel modereren om dan de goede ideeën en de echte kritiek eruit te halen als dat je dat weer helemaal in een systeem moet gaan gieten, want daar hebben wij wat minder vertrouwen in. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Hoeven. Mijnheer Bouman van het CDA De heer A. Bouman: Dank je wel. Ook wij vinden het belangrijk dat mensen waar wij dingen over beslissen, dat die ook inspraak hebben en dat die ook op zich betrokken voelen. Platform Aan De Slag is gelanceerd. We zijn wel benieuwd hoe zich dat gaat evolueren, zal ik maar zeggen, de komende jaren. We hebben natuurlijk ook de BASDA, we hebben de Jongerenraad als onafhankelijke adviesorganen voor onze raad. En wij zijn niet zo enthousiast inderdaad om daar nog iets aan toe te voegen op basis van een loting, waar wij dan ook nog weer iets moeten.