Vaststelling wijziging omgevingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst (26007) REGELS
Tekst van het document
TAM-omgevingsplan
TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
TAM-omgevingsplan TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Projectnummer 01.0493179.100 Revisie Datum
Auteur(s)
Opdrachtgever
datum vrijgave beschrijving revisie vastgesteld
goedkeuring
vrijgave
Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Inhoudsopgave Regels
5
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3 Artikel 4
Inleidende bepalingen Toepassingsbereik Begrippen Wijze van meten Aanvraagvereisten
7 7 8 14 15
Hoofdstuk 2 Artikel 5
Functies Woongebied
17 17
Hoofdstuk 3 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11
Activiteiten Algemene regels over activiteiten Maatschappelijk I Maatschappelijk ll Maatschappelijk III Verblijfsgebied Wonen
19 19 20 21 23 24 25
Hoofdstuk 4 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15
Bouwactiviteiten Algemene bouwregels Wonen Maatschappelijk I, II en III Verblijfsgebied
27 27 29 30 31
Hoofdstuk 5 Artikel 16 Artikel 17
Voorwaardelijke verplichtingen Voorwaardelijke verplichting waterberging Voorwaardelijke verplichting geluid
33 33 34
Hoofdstuk 6 Artikel 18 Artikel 19
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Overige regels
35 35 36
Hoofdstuk 7 Artikel 20
Overgangsbepalingen Overgangsrecht
39 39
Geluidbeleid gemeente Almere
41 43
Bijlagen Bijlage 1
blad 3 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
blad 4 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Regels Preambule Dit plan beoogt om woningbouw met maatschappelijke voorzieningen mogelijk te maken op de locatie 'Nobelhorst, fase 5'. Juridisch is het plan een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk 22a) in het omgevingsplan van de gemeente Almere. Dit hoofdstuk is digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening, bedoeld in artikel 1.2.1, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening, op grond van artikel 11.1, tweede lid Besluit elektronische publicaties. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen. De in dit deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk 22a van het omgevingsplan van de gemeente Almere. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '22a' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage 22a gelezen worden.
blad 5 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
blad 6 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende bepalingen Toepassingsbereik Verhouding ruimtelijke regels omgevingsplan tijdelijk deel De besluiten in afdeling 22.1, onder a, van Omgevingswet zijn niet van toepassing voor zover het gaat over regels opgenomen in een besluit als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet op de locatie, bedoeld in het derde lid.
1.2
Relatie met de Bruidsschat (tijdelijk deel van het omgevingsplan) De regels in afdeling 22.2 (met uitzondering van paragraaf 22.2.7.3) en de regels in afdeling 22.3 zijn niet van toepassing op de locatie, bedoeld in het derde lid, voor zover die regels in strijd zijn met regels in dit hoofdstuk.
1.3 Geometrische afbakening reikwijdte TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5, Nobelhorst De regels in dit hoofdstuk zijn van toepassing op de locatie Nobelhorst, fase 5 waarvan de geometrische bepaalde planobjecten zijn vervat in het gml-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0034.TAMOP5CF01-vg01, zoals weergegeven op www.ruimtelijkeplannen.nl en te zien is op omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart.
blad 7 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 2
Begrippen 1.
2.
2.1
artikel 1.1 van het Omgevingsbesluit, artikel 1.1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, artikel 1.1 van het Besluit activiteiten leefomgeving, artikel 1.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, zijn overeenkomstig van toepassing op dit omgevingsplan, tenzij in het tweede lid daarvan is afgeweken. voor de toepassing van hoofdstuk 22a gelden de volgende aanvullende begripsbepalingen:
aanduiding een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
2.2
afhaalpunt een locatie waar de consument uitsluitend via internet bestelde goederen kan afhalen of retourneren en waar uitsluitend logistiek en opslag van bestelde goederen gedurende een korte periode plaatsvindt en waarbij geen sprake is van uitstalling ten verkoop of overige activiteiten.
2.3
bebouwing één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
2.4
bed and breakfast een aan de woonfunctie ondergeschikte toeristisch-recreatieve voorziening gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt.
2.5
bedrijf een onderneming waarbij het accent ligt op het vervaardigen, bewerken, installeren repareren en verhandelen van goederen. Onder bedrijf wordt ook verstaan: bezorgservice, webwinkel, afhaalpunt en andere vergelijkbare bedrijven.
2.6
bedrijfswoning een woning in of bij een gebouw dat kennelijk bestemd is voor een ingevolge de bestemming toegelaten hoofdfunctie, niet zijnde wonen, die bewoond wordt door tenminste één persoon die werkzaam is voor de hoofdfunctie.
2.7
beroep of bedrijf aan huis beroeps- of bedrijfsactiviteiten die in een woning en/of in het bijbehorend bouwwerk wordt uitgeoefend, waarbij de woonfunctie als primaire functie behouden en herkenbaar blijft en die een ruimtelijke uitstraling of uitwerking heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is.
2.8
beschermd wonen een woonzorgvoorziening voor bewoners (cliënten) die, doorgaans tijdelijk, beperkt zelfredzaam zijn als gevolg van psychiatrische en/of psychosociale problematiek, waarbij 24 uur per dag hulp, begeleiding en toezicht wordt geboden.
blad 8 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
2.9
bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.
2.10
bouwlaag een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder;
2.11
bouwperceel een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
2.12
bouwvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.
2.13
bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.
2.14
buurtkamer een voorziening voor de buurt gericht op het houden van niet commerciële activiteiten.
2.15
detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, waaronder grootschalige detailhandel, perifere detailhandel, internetwinkel en supermarkt.
2.16
dienstverlening het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks al dan niet via een baliefunctie te woord wordt gestaan en geholpen.
2.17
eigen toegang een deur die direct toegang geeft tot de woning, die bereikbaar is via de straatzijde of vanuit een gemeenschappelijke hal en die voorzien is van een door de gemeente verleend huisnummer.
2.18
erker een ondergeschikt op de begane grond gelegen uitbouw van één bouwlaag aan de voorgevel van het hoofdgebouw.
2.19
gevel bouwkundige constructie die een ruimte in een woning of gebouw scheidt van de buitenlucht, daaronder begrepen het dak.
blad 9 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
2.20
hoofdbewoner de eigenaar of de huurder van de woning die daar zijn hoofdverblijf heeft.
2.21
huishouden de leefvorm of samenlevingsvorm van een alleenstaande of een gezin, waaronder mede wordt begrepen: 1. 2.
2.22
een woongroep van mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking; de gezamenlijke huisvesting van een groep van maximaal vier personen die gebruik maken van de gemeenschappelijke voorzieningen in de woning.
internetwinkel een bedrijfsactiviteit waarbij de consument niet alleen via internet bestelde goederen kan afhalen of retourneren, maar waar ook sprake is van uitstalling ten verkoop of overige activiteiten.
2.23
kamerbewoning een zelfstandige woning, of een deel daarvan, in gebruik geven of laten geven als onzelfstandige woonruimte.
2.24
kantoor het bedrijfsmatig verlenen van diensten waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen.
2.25
kantoor- en praktijkruimte een gebouw of een gedeelte daarvan, dat dient voor het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, architectonisch, juridisch, kunstzinnig, medisch, paramedisch, therapeutisch of daarmee naar aard gelijk te stellen gebied.
2.26
kunstobject een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of onderdelen van bouwwerken die worden aangemerkt als uitingen van één der beeldende kunsten.
2.27
maatschappelijke voorzieningen (overheids)voorzieningen inzake welzijn, volksgezondheid, religie, onderwijs en daarmee gelijk te stellen sectoren.
2.28
nutsvoorzieningen voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, apparatuur voor telecommunicatie, voorzieningen voor stadsverwarming, elektrische oplaadpunten, zonnecollectoren, zonnepanelen, warmtepompen en energie-opslagvoorzieningen.
2.29
ondergeschikte workshops een bijeenkomst of cursus die gegeven wordt in een vestiging/voorziening die een andere hoofdfunctie dan 'cultuur en ontspanning', 'sport' of 'maatschappelijk' heeft en waaraan de bijeenkomst of cursus aantoonbaar gelieerd is aan de hoofdfunctie.
blad 10 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
2.30
onzelfstandige woonruimte woonruimte die niet voldoet aan de begripsbepaling zelfstandige woonruimte.
2.31
overkapping een bouwwerk, geen gebouw zijnde met maximaal één wand (waaronder ook de gevel van een woning), primair bedoeld als overkapping ten behoeve van een woning, voorzien van een gesloten dak.
2.32
platte afdekking een (min of meer) horizontaal vlak ter afdekking van een gebouw dat meer dan tweederde van het grondvlak van het gebouw beslaat.
2.33
reclameobjecten bouwwerken, geen gebouwen zijnde, of onderdelen van bouwwerken ten behoeve van reclamedoeleinden, zoals aankondigingsborden, mupi's (reclameborden), billboards, reclame aan lichtmasten, gevel- en lichtreclames en gebouwaanduidingen, tweevlaksborden.
2.34
prostitutie het zich, tegen vergoeding, beschikbaar stellen voor seksuele handelingen.
2.35
seksinrichting een voor het publiek toegankelijke al dan niet besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, dan wel in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub, seksclub, privé-huis, erotische massagesalon, raambordeel, of een combinatie daarvan.
2.36
straatmeubilair kleinschalige bouwwerken ten behoeve van openbare (nuts)voorzieningen, zoals verkeergeleiders, verkeersborden, brandkranen, lichtmasten, zitbanken, bloembakken, papier-, glas- en andere inzamelbakken, prullenbakken, speeltoestellen en telefooncellen.
2.37
straatpeil a. b.
c. d. e.
blad 11 van 46
voor gebouwen waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van die weg ter plaatse van die hoofdtoegang; voor gebouwen waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het oorspronkelijk, aansluitend afgewerkte maaiveld ter plaatse van de hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; voor bouwwerken in of op het water en drijvende bouwwerken inclusief vaartuigen: de waterlijn. voor bruggen en viaducten: de gemiddelde hoogte van het wegdek van de brug of het viaduct. in alle andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het oorspronkelijk, aansluitend afgewerkte maaiveld.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
2.38
verkoopvloeroppervlakte de voor het publiek zichtbare en toegankelijke besloten winkelruimte ten behoeve van de detailhandel.
2.39
voetgangersgebied een openbaar toegankelijk gebied dat permanent of gedurende bepaalde periode(n) exclusief toegankelijk is voor voetgangers en waar de aanwezigheid van (brom)fiets- en autoverkeer gedurende deze periode(n) ontbreekt of waar dit verkeer het gebied via een afgebakende rijloper met aangepaste snelheid mag passeren.
2.40
voorgevel de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel die door de ligging, de situatie ter plaatse of de indeling van het gebouw als voorgevel moet worden aangemerkt.
2.41
voorgevelrooilijn de denkbeeldig doorgetrokken lijn van de voorgevel van een gebouw.
2.42
webwinkel een bedrijfsactiviteit waarbij er geen sprake is van fysiek klantcontact en verzending van goederen uitsluitend digitaal en per post geschiedt.
2.43
windmolen een bouwwerk ter opwekking van energie door benutting van windkracht, met uitzondering van bemalingsinstallaties ten behoeve van de waterhuishouding.
2.44
wonen activiteit inhoudende de bewoning van een woonruimte.
2.45
woning het complex van ruimten dat een zelfstandige woonruimte vormt, geschikt en bestemd voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden.
2.46
woningsplitsing een woning verbouwen tot twee of meer woningen of het zodanig inrichten, gebruiken of laten gebruiken van een deel van de woning dat er feitelijk twee of meer woningen ontstaan.
2.47
woonruimte besloten ruimte die, al dan niet tezamen met één of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning van één huishouden.
2.48
woonzorgvoorzieningen Bebouwing bestaande uit zorggerelateerde woningen in combinatie met maatschappelijke voorzieningen en ondersteunende woonzorgfuncties, in hoofdzaak ten behoeve van de bewoners van de woningen zoals voorzieningen en functies in het kader van de gezondheidszorg, kleinschalige detailhandel, publiekverzorgend ambacht en dienstverlening, niet zijnde beschermd wonen.
blad 12 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
2.49
zelfstandige woonruimte woonruimte die een eigen toegang heeft en die door één huishouden kan worden bewoond zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen, zoals badruimte, toilet en keuken, buiten de woonruimte.
2.50
zendmast bouwwerk, geen gebouw zijnde, die zelfstandig dan wel in onderlinge samenhang met bijbehorende bouwwerken, bedoeld is voor het dragen en laten functioneren van zend- of ontvangstantennes.
2.51
zonnecollector een bouwwerk ter opwekking van warm water door benutting van zonkracht.
2.52
zonnepaneel een bouwwerk ter opwekking van elektriciteit door benutting van zonkracht.
blad 13 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 3
Wijze van meten Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:
3.1
de goothoogte van een bouwwerk vanaf het (straat)peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.
3.2
de inhoud van een bouwwerk tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
3.3
de bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het (straat)peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, liftschachten, windmolens, zonnepanelen, zonnecollectoren en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
3.4
de oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
3.5
bruto vloeroppervlakte de oppervlakte van een ruimte of groep ruimten, gemeten op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingsconstructie conform de NEN 2580.
3.6
de afstanden tussen bouwwerk en zijdelingse bouwperceelsgrens de afstand van een bouwwerk tot de zijdelingse bouwperceelgrens wordt gemeten vanaf het dichtst bij de bouwperceelgrens gelegen punt van dat bouwwerk, waarbij uitstekende delen van ondergeschikte aard van het bouwwerk tot maximaal 0,5 m. buiten beschouwing blijven, en haaks op de bouwperceelgrens.
3.7
afstanden tussen bouwwerken onderling afstanden tussen bouwwerken onderling worden loodrecht gemeten vanaf enig deel van het bouwwerk, waarbij uitstekende delen van ondergeschikte aard tot maximaal 0,5 m buiten beschouwing blijven.
3.8
de bouwhoogte van een windmolen vanaf het peil dan wel het hoogste punt van een gebouw tot aan de as of rotor van de windmolen.
blad 14 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 4
Aanvraagvereisten De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van het omgevingsplan Almere, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit hoofdstuk.
blad 15 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
blad 16 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Hoofdstuk 2 Artikel 5 5.1
Functies Woongebied Toegestane activiteiten 1. 2. 3.
blad 17 van 46
De gebieden ter plaatse van de locatie 'Woongebied' hebben de functie woongebied. Binnen deze functie zijn uitsluitend de in hoofdstuk 3 omschreven gebruiksactiviteiten toegestaan op de daarvoor aangewezen locaties. Binnen deze functie zijn uitsluitend de in hoofdstuk 4 omschreven bouwactiviteiten toegestaan op de daarvoor aangewezen locaties.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
blad 18 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Hoofdstuk 3 Artikel 6 6.1
Activiteiten Algemene regels over activiteiten Algemeen gebruiksverbod Het is verboden om gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan de locatie toegedeelde activiteiten.
6.2
Bijbehorende activiteiten De volgende activiteiten zijn in het gehele plangebied toegestaan: a. b. c. d. e. f.
blad 19 van 46
groen en watervoorzieningen; geluidwerende voorzieningen; sport-, en speelvoorzieningen; kunstobjecten; kunstwerken; parkeren.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 7 7.1
Maatschappelijk I Toegestane activiteiten Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit maatschappelijk I' zijn activiteiten toegestaan met betrekking tot beheer en gebruik van de volgende voorzieningen: a.
b.
blad 20 van 46
maatschappelijke voorzieningen met de eventueel daarbij behorende ondergeschikte horeca, ondergeschikte detailhandel en/ of ondergeschikte workshops, een en ander voor zover deze naar aard en omvang passend zijn binnen de activiteit; onderwijsvoorzieningen: basisonderwijs, kinderopvang en buitenschoolse opvang;
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 8 8.1
Maatschappelijk ll Toegestane activiteiten Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit maatschappelijk II' zijn activiteiten toegestaan met betrekking tot beheer en gebruik van woonzorgvoorzieningen.
8.2
Specifieke beoordelingsregels
8.2.1
Vergunningplicht beschermd wonen Met omgevingsvergunning is ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit maatschappelijk II' beschermd wonen toegestaan.
8.2.2
Beoordelingsregels beschermd wonen Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 8.2.1 wordt slecht verleend als: a.
b.
c.
d.
8.2.3
Vergunningvoorschriften 1.
2.
blad 21 van 46
naar het oordeel van het college van Burgemeester en wethouders de beoogde bewoners een milde zorgvraag hebben, waarbij de hulpvraag weliswaar tijdelijk kan toenemen, maar die door de aanwezigheid van permanent 24-uurs toezicht beheersbaar en begeleidbaar blijft, zodat aanvullende risicobeheersings- of veiligheidsmaatregelen niet noodzakelijk zijn; de zorgverlening binnen de voorziening is gericht op stabilisatie en herstel van cliënten waarbij wordt ingezet op activering en dagbesteding die plaatsvindt op de locatie zelf of, indien naar het oordeel van het college van Burgemeester en wethouders passend, in de directe omgeving; de voorziening uitsluitend is bestemd voor cliënten die, gelet op hun vaardigheden en gedrag, in staat zijn om, met behulp van het permanente toezicht, te wonen en te functioneren in een gezinsrijke stedelijke woonomgeving, met de daarbij behorende sociale en fysieke prikkels. en; de bewoners van de voorziening beschikken over een geldige indicatie op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) of de Wet langdurige zorg (Wlz), passend bij de aard en in intensiteit van de geboden begeleiding en/of zorg.
Aan een omgevingsvergunning kunnen de voorschriften worden verbonden die nodig zijn met het oog op het voorkomen van een onaanvaardbare aantasting van: a. de gebruiksmogelijkheden van de gronden zelf en van de aangrenzende gronden en bouwwerken; b. de sociale veiligheid; en c. het woon- en leefklimaat. Aan een omgevingsvergunning worden in elk geval voorschriften verbonden over: a. positionering en omvang van de beschermd wonen voorziening; b. het aantal zorgplekken dat maximaal in de beschermd wonen voorziening aanwezig mag zijn.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
8.2.4
Aanvraagvereisten vergunning omgevingsplanactiviteit beschermd wonen Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. b. c.
blad 22 van 46
gegevens over de locatie, aard en omvang van de beschermd wonen voorziening; tekeningen op schaal van de locatie van het beoogd beschermd wonen voorziening en van de omvang en inrichting ervan; inzich in het aantal woonzorgplekken.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 9
Maatschappelijk III
9.1
Toegestane activiteiten Op de voor 'overige-zone – activiteit Maatschappelijk III' aangewezen gronden zijn de volgende activiteiten toegestaan, voor zover deze verband houden met het beheer en gebruik van de daarbij behorende voorzieningen: a.
9.2
Specifieke regels a. b.
blad 23 van 46
een buurtkamer.
Een buurtkamer als bedoeld in artikel 9.1 is uitsluitend toegestaan in de plint van gebouwen; Een buurtkamer als bedoeld in artikel 9.1 is uitsluitend toegestaan voor zover de activiteit zodanig weinig milieubelastend is dat deze inpandig grenzend aan milieugevoelige functies kan worden gerealiseerd.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 10 10.1
Verblijfsgebied Toegestane activiteiten Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - activiteit verblijfsgebied' zijn activiteiten toegestaan met betrekking tot beheer, gebruik en instandhouding van de volgende voorzieningen: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k.
blad 24 van 46
wegen, fiets- en voetpaden; busbanen; ongebouwde parkeervoorzieningen; haltevoorzieningen; bermen, geluidwerende voorzieningen en beplantingen; water; kunstwerken; nutsvoorzieningen en energieopwekking; kunstobjecten sport- en speelvoorzieningen overig functioneel met de activiteit verblijfsgebied verbonden voorzieningen.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 11 11.1
Wonen Toegestane activiteiten Op de voor 'overige-zone - activiteit wonen' zijn de volgende activiteiten toegestaan: a. b. c.
wonen, al dan niet in combinatie met de uitoefening van aan huis verbonden beroepen en bedrijfsmatige activiteiten aan huis; nutsvoorzieningen en windmolens, zonnepanelen en zonnecollectoren met de daarbij behorende tuinen en erven.
11.2
Specifieke functieregels
11.2.1
Uitoefening van een beroep of bedrijf aan huis Het gebruik van ruimten in een hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken ten behoeve van aan-huis-verbonden beroep en/of bedrijfsmatige activiteiten dan wel detailhandel wordt als gebruik overeenkomstig de functie aangemerkt, voor zover wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. b.
c. d. e. f. 11.2.2
tot 33% van de brutovloeroppervlakte van een woning (hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken) mag voor een beroep of bedrijf aan huis worden gebruikt; detailhandel mag worden uitgeoefend tot een maximum van 25 m2 verkoopvloeroppervlak, met dien verstande dat dit oppervlak deel uitmaakt van de onder a bedoelde 33% regeling; er wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid en ruimte voor laden en lossen op eigen terrein; er wordt geen horeca uitgeoefend met uitzondering van ruimten voor bed & breakfast; het beroep of de activiteit wordt door de bewoner uitgeoefend, er is maximaal één extra fte in dienstverband toegestaan; catering, seksinrichtingen en munitie- en vuurwerkopslag zijn niet toegestaan.
Kamerbewoning en woningsplitsing a. b.
c.
een verandering van het bestaande gebruik van een woning mag niet leiden tot kamerbewoning of woningsplitsing; het bepaalde onder a is niet van toepassing indien maximaal twee onzelfstandige woonruimten worden gebruikt voor de huisvesting van elke één persoon die geen onderdeel uitmaakt van het huishouden van de hoofdbewoner en de hoofdbewoner tenminste 50% van de gebruikoppervlak (GBO) bewoont (hospitaregeling). het bepaalde onder a. is niet van toepassing voor kamerbewoning voor maximaal twee onzelfstandige woonruimten die elk wordt bewoond door maximaal één persoon.
11.3
Specifieke beoordelingsregels
11.3.1
Vergunningplicht uitoefening van een beroep of bedrijf aan huis Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een beroep of bedrijf aan huis te verrichten met een groter gezamenlijk bruto vloeroppervlak dan het bepaalde onder 10.2.1. onder a.
11.3.2
Beoordelingsregels uitoefening van een beroep of bedrijf aan huis Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 10.3.1 wordt verleend als: a. b.
blad 25 van 46
het gezamenlijk bruto vloeroppervlak van een hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken ten behoeve van een beroep of bedrijf aan huis maximaal 50% bedraagt; aan de overige regels uit artikel 10.2.1. wordt voldaan; Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
c. d. e. 11.3.3
er geen sprake van onevenredige hinder voor het woonmilieu; er geen afbreuk gedaan wordt aan het woonkarakter van de wijk of buurt; er geen nadelige invloed ontstaat op de normale afwikkeling van het verkeer.
Vergunningplicht kamerbewoning en woningsplitsing Het is verboden om zonder een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde onder 10.2.2 onder a, b en c.
11.3.4
Beoordelingsregels kamerbewoning Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 10.3.3. wordt verleend als: a.
b. c.
11.3.5
na toepassing van de algemene leefbaarheidstoets en de fysieke leefbaarheidseisen uit de beleidsregels van de nota Beleidsregels Woningsplitsing en Kamerbewoning blijkt dat kwalitatief goede onzelfstandige woonruimten of woningen ontstaan. Wanneer de algemene leefbaarheidstoets of de fysieke leefbaarheidseisen uit de beleidsregels van deze nota wordt gewijzigd of vervangen door een nieuwe nota, dient aan de gewijzigde of nieuwe nota te worden voldaan; elke onzelfstandige woonruimte wordt bewoond door maximaal één persoon; en de kamerbewoning vindt plaats in het hoofdgebouw.
Beoordelingsregels woningsplitsing Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 10.3.3. wordt verleend als: a.
b. c.
11.4
na toepassing van de algemene leefbaarheidstoets en de fysieke leefbaarheidseisen uit de beleidsregels van de nota Beleidsregels Woningsplitsing en Kamerbewoning blijkt dat kwalitatief goede onzelfstandige woonruimten of woningen ontstaan. Wanneer de algemene leefbaarheidstoets of de fysieke leefbaarheidseisen uit de beleidsregels van deze nota wordt gewijzigd of vervangen door een nieuwe nota, dient aan de gewijzigde of nieuwe nota te worden voldaan; elke woning een minimale gebruiksoppervlakte heeft van 50 m2 , of twee woningen worden gevormd waarvan één woning een minimale gebruiksoppervlakte heeft van 30 m2 en één woning een minimale gebruiksoppervlakte heeft van 70 m2 .
Verboden activiteiten Onder gebruik van de locaties en opstallen in strijd met het wonen wordt in elk geval begrepen: a.
blad 26 van 46
gebruik als beroeps- of bedrijfsmatige werk- of opslagruimte, anders dan voor beroep of bedrijf aan huis.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Hoofdstuk 4 Artikel 12 12.1
Bouwactiviteiten Algemene bouwregels Toepassing a. b.
12.2
voor de bouwregels die zijn opgenomen in dit omgevingsplan geldt dat deze moeten worden toegepast met inachtneming van de algemene bouwregels in dit artikel. indien op een locatie meerdere bouwregels van toepassing zijn, moet bij het bouwen worden voldaan aan alle ter plaatse geldende bouwregels.
Bouwen passend binnen functie en/of activiteit Bouwactiviteiten zijn uitsluitend toegestaan voor zover deze passen binnen de toegestane activiteiten zoals omschreven in deze regels.
12.3
Bouwregel bijbehorende bouwwerken a.
b.
12.4
Bouwregels ondergeschikte bouwwerken a.
blad 27 van 46
Bijbehorende bouwwerken mogen worden gebouwd, onder de volgende voorwaarden: 1. per bouwperceel mag ten hoogste 50% van de in het achtererfgebied behorende bij het hoofdgebouw gelegen gronden, worden gebouwd met erfbebouwing, tot een maximum van 60 m2 , met dien verstande dat in ieder geval 20 m2 is toegestaan; 2. de diepte van aan de achtergevel van het hoofdgebouw gebouwde erfbebouwing mag niet meer bedragen dan 4 meter; 3. in afwijking van het bepaalde onder 11.3 sub a lid 1 en 2, gelden deze voorwaarden en beperkingen niet voor vrijstaande woningen en geschakelde woningen, met dien verstande dat bij deze woningen ten hoogste 50% van de in het achtererfgebied behorende bij het hoofdgebouw gelegen gronden, mogen worden bebouwd met erfbebouwing; 4. de bouwhoogte van aan het hoofdgebouw gebouwde erfbebouwing mag niet meer bedragen dan 0,30 meter boven de vloer van de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw, kelders en onderbouwen daaronder niet begrepen, een en ander tot een maximum van 4 meter; 5.
in afwijking van de onder 11.3 sub a lid 4 bepaalde maximale bouwhoogte, zijn dakterrassen aan weerszijden (voor zover deze zijde(n) zich op minder dan twee meter van de grenslijn van het erf (de zijdelingse perceelsgrens) bevindt (bevinden), worden afgeschermd met ondoorzichtig materiaal met een hoogte van minimaal 1.50 en maximaal 1.80 meter (dit geldt niet als de eigenaar van het naburige erf toestemming heeft gegeven om een doorzichtige of geen afscherming te plaatsen); 6. de goothoogte van vrijstaande erfbebouwing mag niet meer bedragen dan 3 meter; 7. de bouwhoogte van vrijstaande erfbebouwing mag niet meer bedragen dan 5 meter. ten aanzien van bouwwerken, geen gebouwen zijnde geldt dat: 1. erf- en terreinafscheidingen voor de voorgevel en het verlengde daarvan niet hoger mogen zijn dan 1 meter; 2. overige erf- en terreinafscheidingen mogen niet hoger zijn dan 2 meter; 3. overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet hoger mogen zijn dan 3 meter.
Bouwwerken op het dak van een gebouw, zoals installatiecontainers, centrale verwarmings- en luchtbehandelinginstallaties, liftschachten/liftmachineruimten, hekwerken en soortgelijke bouwwerken om installaties uit het zicht te houden, zonnepanelen, zonnecollectoren en windmolens worden niet meegerekend bij de bepaling van de hoogte van het gebouw mits: Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
1. 2.
blad 28 van 46
de hoogte van de bouwwerken vanaf het dak gemeten maximaal 4 meter bedraagt, en; de oppervlakte van deze bouwwerken maximaal 1/3 bedraagt van het grondoppervlak van het gebouw.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 13 13.1
Wonen Bouwregels a. b.
ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - bouwregel wonen' geldt dat woningen worden gebouwd. de volgende bouwregels gelden voor woningen als bedoeld onder a:
aantal woningen
verschijningsvorm
580
rijwoningen, twee aaneen, vrijstaand, 11 meter gestapeld
blad 29 van 46
maximale bouwhoogte niet gestapeld
Ruimte - Antea Nederland B.V.
maximale bouwhoogte gestapeld 21 meter
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 14 14.1
Maatschappelijk I, II en III Bouwregels a.
b.
ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - bouwregel maatschappelijk I', 'overige zone - bouwregel maatschappelijk II' en 'overige zone - bouwregel maatschappelijk III geldt dat maatschappelijke-, onderwijs- en zorgvoorzieningen worden gebouwd. de volgende bouwregels gelden voor voorzieningen als bedoeld onder a:
Gebiedsaanduiding
Omvang
Maximale bouwhoogte
'overige zone activiteit maatschappelijk I'
Maximaal 4.800 m2 bvo
16 meter, waarbij geldt dat 35% van deze gebouwen een hogere bouwhoogte met een maximum van 20 meter.
'overige zone activiteit maatschappelijk II'
Maximaal 2.700 m2 bvo
16 meter, waarbij geldt dat 35% van deze gebouwen een hogere bouwhoogte met een maximum van 20 meter.
'overige zone activiteit maatschappelijk III'
Maximaal 500 m2 bvo
Niet van toepassing
blad 30 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 15
Verblijfsgebied a.
b.
blad 31 van 46
ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - bouwregel verblijfsgebied' geldt dat bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de activiteit verblijfsgebied worden gebouwd. voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde gelden de volgende regels:
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Bouwhoogte maximale maten
antennes en masten ten behoeve van telecommunicatie
15 meter
kunstobjecten
9 meter
lichtmasten, bewegwijzeringsportalen en verkeerslichten
9 meter
straatmeubilair
6 meter
geluidwerende voorzieningen
9 meter
erf- en terreinafscheidingen
2 meter
overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde
3 meter
windmolens, zonnecollectoren en zonnepanelen
2 meter, bij dakopstelling
zonnecollectoren en zonnepanelen
2 meter, bij grondopstelling
windmolens
15 meter, bij grondopstelling
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
blad 32 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Hoofdstuk 5 Artikel 16 16.1
Voorwaardelijke verplichtingen Voorwaardelijke verplichting waterberging Voorwaardelijk verplichting waterberging Binnen 12 maanden na oplevering van de woningbouw die dit TAM-omgevingsplan mogelijk maakt dient ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - voorwaardelijke verplichting waterberging' waterbuffer beschikbaar te zijn met een omvang van 8% ten opzichte van de toename aan verharding.
16.2
Instandhouding waterberging De waterberging als bedoeld onder artikel 16.1 dient duurzaam in stand te worden gehouden en dient aan de volgende randvoorwaarden te voldoen: een opvangcapaciteit voor berging van hemelwater met een omvang van 8% ten opzichte van de toename aan verharding.
blad 33 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 17
Voorwaardelijke verplichting geluid Het in gebruik nemen van gronden en bouwwerken, alsmede het bouwen van bouwwerken overeenkomstig de functie is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - voorwaardelijke verplichting geluid', indien: a.
b.
blad 34 van 46
bij het bouwen en het gebruiken van geluidgevoelige gebouwen en ruimten de (gevel)geluidbelasting niet meer bedraagt dan de standaardwaarde, zoals opgenomen in artikel 5.78t van het Besluit kwaliteit leefomgeving; en in afwijking van het bepaalde onder a, de (gevel)geluidbelasting meer bedraagt dan de standaardwaarde, dan kan een hoger geluidsniveau worden toegestaan, met inachtneming van het bepaalde in paragraaf 5.1.4.2a.4 van het Besluit kwaliteit leefomgeving en de voorwaarden zoals opgenomen in het gemeentelijk geluidbeleid, opgenomen als bijlage 1 bij de regels.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Hoofdstuk 6 Artikel 18
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
blad 35 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Artikel 19
Overige regels
19.1
Aanvullende regels bouwactiviteiten parkeren en laden en lossen
19.1.1
Parkeren a.
b.
c. 19.1.2
Laden en lossen a.
b.
een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk, waardoor de behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen toeneemt, wordt slechts verleend, indien bij de aanvraag wordt aangetoond dat op eigen terrein wordt voorzien in voldoende ruimte voor het laden of lossen van goederen. in afwijking van het bepaalde onder a. kan een omgevingsvergunning worden verleend: 1. indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; 2. voor zover op andere wijze in de nodige ruimte voor het laden of lossen wordt voorzien.
19.2
Aanvullende regels gebruiksactiviteiten parkeren en laden en lossen
19.2.1
Parkeren a.
b.
c.
d.
blad 36 van 46
een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk wordt slechts verleend, indien bij de aanvraag wordt aangetoond dat wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid voor auto's en voor fietsen. Er is sprake van voldoende parkeergelegenheid als wordt voldaan aan de Nota Parkeernormen 2020. Wanneer deze nota wordt gewijzigd of vervangen door nieuwe nota, dient aan de gewijzigde of nieuwe nota te worden voldaan. met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde onder a indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit. de op grond van onder a en b te realiseren parkeergelegenheid dient in stand te worden gehouden.
een verandering van gebruik, waardoor de parkeerbehoefte voor auto's en/of fietsen toeneemt, is uitsluitend toegestaan als wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid voor auto's en fietsen overeenkomstig de normen in de bij deze regels opgenomen Nota Parkeernormen 2020. Wanneer deze nota wordt gewijzigd of vervangen door nieuwe nota, dient aan de gewijzigde of nieuwe nota te worden voldaan. parkeergelegenheid voor het parkeren van auto's moeten afmetingen hebben, die afgestemd zijn op gangbare personenauto's. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan, indien de afmetingen bij langsparkeren tenminste 2 m breed bij 5,5 m lang (waarbij de eerste en laatste parkeerplaats 6 m lang zijn) en bij andere parkeervormen tenminste 2,5 m breed en 5 m lang bedragen. In geval van parkeergarages en/of afgesloten parkeerterreinen van 20 of meer parkeerplaatsen gelden de eisen uit de NEN 2443:2013 of een vervangende meer recente regeling ten aanzien van parkeergelegenheid. met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van de bepalingen van het bepaalde in onderdeel a mits bij de aanvraag wordt aangetoond dat wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig de Nota Parkeernormen 2020. Wanneer deze nota wordt gewijzigd of vervangen door een nieuwe nota, dient aan de gewijzigde of nieuwe nota te worden voldaan.
de in onderdeel a of c genoemde parkeergelegenheid dient in stand te worden gehouden, tenzij wordt aangetoond dat met minder parkeergelegenheid kan worden volstaan.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
19.2.2
Laden en lossen a.
b.
blad 37 van 46
een verandering van gebruik, waardoor de behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen toeneemt, is uitsluitend toegestaan als wordt voorzien in voldoende ruimte voor het laden of lossen van goederen. in afwijking van het bepaalde in onderdeel a, kan een omgevingsvergunning worden verleend: 1. indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; 2. voor zover op andere wijze in de nodige ruimte voor het laden of lossen wordt voorzien.
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
blad 38 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Hoofdstuk 7 Artikel 20
Overgangsbepalingen Overgangsrecht
20.1
Overgangsrecht bouwwerken
20.1.1
Overgangsbepaling Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit hoofdstuk aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. b.
20.1.2
gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan;
Afwijken Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van sublid 20.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 20.1.1 met maximaal 10%.
20.1.3
Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken Het bepaalde in lid 20.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van dit hoofdstuk, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
20.2
Overgangsrecht gebruik
20.2.1
Overgangsbepaling Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit hoofdstuk en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
20.2.2
Strijdig gebruik Het is verboden het met dit hoofdstuk strijdige gebruik, bedoeld in sublid 20.2.1 te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
20.2.3
Verbod hervatten strijdig gebruik Indien het gebruik, bedoeld in sublid 20.2.1 na de inwerkingtreding van dit hoofdstuk voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
20.2.4
Uitzondering op het overgangsrecht gebruik Het bepaalde in sublid 20.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
blad 39 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
blad 40 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Bijlagen
blad 41 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
blad 42 van 46
Ruimte - Antea Nederland B.V.
vastgesteld TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22a Fase 5 Nobelhorst
Gemeente Almere Projectnummer 01.0493179.100
Bijlage 1
blad 43 van 46
Geluidbeleid gemeente Almere
Ruimte - Antea Nederland B.V.
Afstemmingseisen Besluit kwaliteit leefomgeving en ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ 1
Eisen voor gronden vallend binnen het geluidaandachtsgebied van een geluidbronsoort zoals gedefinieerd in het Besluit kwaliteit leefomgeving
1.1 Woningen en andere geluidgevoelige gebouwen zoals gedefinieerd in artikel 3.21 van het Besluit kwaliteit leefomgeving mogen slechts worden gebouwd indien ten minste voldaan kan worden aan de instructieregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving. Hierbij geldt het volgende: a. Indien het geluid op elke te toetsen (bouw)laag van een geluidgevoelig gebouw kleiner of gelijk is aan de standaardwaarde, dan is realisering altijd toegestaan. b. Indien het geluid op een geluidgevoelig gebouw hoger is dan de standaardwaarde maar kleiner of gelijk aan de grenswaarde, dan dient gebruik te worden gemaakt van de regeling zoals opgenomen in artikel 1.3 c. Indien het geluid op een geluidgevoelig gebouw hoger is dan de grenswaarde, dan geldt de regeling zoals opgenomen in artikel 1.4. De geldende standaardwaarde en grenswaarde is afhankelijk van de te toetsen geluidbronsoort, en zijn opgenomen in tabel 5.78t en 5.78u in het Besluit kwaliteit leefomgeving. Tabel 5.78t en 5.78u: standaardwaarden en grenswaarden bij het toelaten van een geluidgevoelig gebouw. Geluidbronsoort
Standaardwaarde
Grenswaarde
Provinciale wegen Rijkswegen
50 Lden
60 Lden
Gemeentewegen Waterschapswegen
53 Lden
70 Lden
Lokale spoorwegen Hoofdspoorwegen
55 Lden
65 Lden
Industrieterreinen
50 Lden
55 Lden
40 Lnight
45 Lnight
1.2 In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties dient voor de volgende gebouwen in situaties waarbij het gecumuleerd geluid aan de gevel > 55 dB Lden , gestreefd te worden naar een akoestische score van minimaal ‘redelijk’ voor het akoestisch klimaat: • • •
kinderdagverblijven en bijbehorende buitenterreinen; gebouwen voor de naschoolse opvang van kinderen; recreatiewoningen;
Toelichting: De nota van toelichting bij het Aanvullingsbesluit geluid (artikelsgewijs, artikel 3.36) bevat onderstaande tabel, die al sinds de jaren ’90 veelvuldig gebruikt is in onder meer MER-studies en toelichtingen bij bestemmingsplannen en waarvan het gebruik aanvaard is in vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: Gecumuleerde geluid in Lcum: Kwalificatie: ≤ 45 = Zeer goed; 46 – 50 = Goed ; 51 – 55 = Redelijk; 56 – 60 = Matig; 61 – 65 = Tamelijk slecht; 66 – 70 = Slecht; ≥ 71 = Zeer slecht
1.3 Geluidgevoelige gebouwen met een geluidbelasting tussen de standaardwaarde en grenswaarde, zijn toegestaan, voldaan wordt aan het volgende: a.
In het geval dat een buitenruimte op de begane grond aanwezig is (meestal betreft het een - deel van - een tuin), dient deze aan de meest geluidluwe zijde geprojecteerd te zijn dan wel geluidluwe gebieden (al dan niet via maatregelen gecreëerd) te bevatten. Het geluid wordt gepaald op 2,0 m grond/vloer hoogte te beschouwen verblijfsgebied.
Onder geluidluw wordt verstaan: gezamenlijk geluid op de gevel van ten hoogste 53 dB in het geval het geluidgevoelige gebouw in het geluidaandachtsgebied van gemeentewegen is gelegen. In het geval het geluidgevoelige gebouw in het geluidaandachtsgebied van provinciale wegen of rijkswegen is gelegen, dan betreft het gezamenlijk geluid op de gevel van ten hoogste 50 dB.
b.
Een buitenruimte op een verdieping dient tevens aan het gestelde in (a) te voldoen, hetzij via gunstige situering van het gebouw t.o.v. de geluidsbron dan wel via bouwkundige maatregelen. Het idee is dat de gebruiker de mogelijkheid heeft om in de buitenruimte rust te creëren. Bij balkons moet dan ook ten minste de mogelijkheid bestaan om d.m.v. inklapbare ramen of schuiframen een geluidluwe buitenruimte te creëren. Zo heeft men op rustige momenten open balkon, en op drukke momenten een ‘geluidluwe’ plek. Daarmee wordt volgens de gemeente voldaan aan een goed woon- en leefklimaat.
c.
Er dient ten minste een geluidsluwe zijde aanwezig te zijn. Gestreefd moet worden om slaapvertrekken te situeren aan een geluidsluwe zijde.
d.
Het bouwkundig akoestisch onderzoek dat bij de omgevingsvergunning bouwactiviteit opgesteld dient te worden door de aanvrager, dient tevens in te gaan op het gestelde in a t/m c en voor zover van toepassing op de situatie.
e. Om aan te tonen dat aan de eisen als genoemd in artikel 1.3 a tot en met c wordt voldaan, wordt een akoestisch onderzoek vereist. Een afwijking van de standaardwaarde als opgenomen in artikel 1.1 dient te worden opgenomen als voorschriften opgenomen in de omgevingsvergunning. 1.3.1
Na goedkeuring van het in artikel 1.3, lid e genoemd akoestisch onderzoek door/namens het college, zal het daarin uitgerekende gezamenlijke geluid op de gevel als uitgangspunt dienen voor het bepalen van de akoestische gevelwering.
1.3.2
In voorkomende gevallen kan ontheffing worden verleend t.a.v. punt ‘a & b’ artikel 1.3. Dit kan m.n. het geval zijn in complexe akoestische situaties waar het niet mogelijk is akoestisch klimaat ‘redelijk’ te bewerkstelligen. Dit zijn gevallen waarbij verregaande geluidsreducerende maatregelen, stedenbouwkundige, verkeerskundige en/of landschappelijke maatregelen benodigd zijn die vanuit financieel oogpunt niet als doelmatig te bestempelen zijn. Dit dient te zijn aangetoond.
1.3.3
Er kunnen door of namens het college nadere eisen worden gesteld aan de indeling van de geluidsgevoelige ruimten van een gebouw waarvan het geluid op de gevel hoger is dan de standaardwaarde.
1.4
Ingeval er geen maatregelen getroffen kunnen worden om overschrijding van de grenswaarde te voorkomen, dan geldt het volgende: a.
De betreffende gevels van het geluidgevoelige gebouw dienen te dusdanig te worden uitgevoerd dat het niet-geluidgevoelige gevel is, al dan niet met bouwkundige maatregelen (als gedefinieerd in Bijlage I van het Besluit kwaliteit leefomgeving).
b.
Tevens dient ter voldoening aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en een goed akoestisch leefklimaat, het gestelde in de artikelen 1.3. a t/m c te worden voldaan.
2
Aanleg van wegen
2.1
Vóór de aanleg van een weg dient door de wegbeheerder een akoestisch onderzoek (conform de eisen uit het Meet- en rekenmethode geluid wegen uit Bijlage IVe van de Omgevingsregeling) te worden opgesteld waarin het volgende is opgenomen:
a.
De vrije veldcontouren: 50 dB, 53 dB, 60 dB en 70 dB (ook 55 dB en 65 dB in het geval van lokale spoorwegen) op de bouwhoogten v.d. geluidsgevoelige gebouwen zoals die zijn toegestaan in het Omgevingsplan en op de hoogten per bouwlaag.
b.
De plaats en hoogte van de weg.
c.
De beoogde wegverharding: • variant standaard (bv elementenverharding of Dicht Asfalt Beton); • variant geluidreducerend equivalent of beter (bv stille elementenverharding of dunne deklaag A/B).
d.
Andere bron- of overdrachtsmaatregelen (of in combinatie) om de geluidsemissie terug te dringen.
e.
De samenhang met andere maatregelen, zoals bijvoorbeeld: • combinatie stil waterpermeabele wegdekvariant voor infiltratie van regenwater i.p.v. aanleg uitgebreid rioleringsstelsel; • afstand creëren via introductie infiltratiebermen; • eigen (innovatieve) ideeën van de aanvrager etc.
f.
De kadastrale ligging van de weg alsmede de kadastrale grenzen van de percelen langs de weg binnen het geluidaandachtsgebied van die geluidbronsoort.
g.
De waarde van het cumulatieve en gezamenlijke geluid, als het geluidgevoelige gebouw bij meerdere relevante geluidbronnen of geluidbronsoorten gelegen is.
2.2
Indien geen geluidsreducerende maatregelen worden getroffen, dient onderbouwd te zijn waarom deze niet financieel doelmatig zijn en/of waarom er sprake is van overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of technische aard.
3
Instandhouding maatregelen
3.1
Ten behoeve van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en goed akoestisch klimaat dient een gerealiseerde bronmaatregel, overdrachtsmaatregel, een bouwkundige maatregel of nietgeluidgevoelige gevel (met bouwkundige maatregelen) of een andere (innovatieve) maatregel ter voldoening aan de uitgangspunten zoals opgenomen in deze geluidregeling, vast te worden gelegd in het Omgevingsplan en in stand te worden gelaten.
3.2
Het in stand houden van hetgeen omschreven is in 3.1., geldt ook ingeval van verbouw, vernieuwing, vervanging, herstel van desbetreffende gebouw, object of weg: de maatregelen dienen dan weer toegepast te zijn dan wel via een gelijkwaardige oplossing met minimaal hetzelfde geluidsreducerende effect.
3.3
Bij de verleende omgevingsvergunning dient een maatregel zoals omschreven in 3.1 of een gerealiseerde niet-geluidgevoelige gevel (met bouwkundige maatregelen) of andere bouwkundige maatregelen ter voldoening aan de uitgangspunten zoals opgenomen in deze geluidregeling, op de bouwtekening te zijn aangegeven.