Verordening leerlingenvervoer gemeente Almelo 2025 - bijlage 5 - Beantwoordingsbrief
Tekst van het document
Postadres: Gemeente Almelo Postbus 5100 7600 GC Almelo Adviesraad Sociaal Domein t.a.v. mevrouw R. Ter Hedde-Koel, secretaris Boddenstraat 3 7607 BL Almelo
Bezoekadres: Haven Zuidzijde 30 7607 EW Almelo telefoon: (0546) 54 11 11 e-mail: gemeente@almelo.nl internet: www.almelo.nl
Uw brief 18 september 2025
Uw kenmerk
Ons kenmerk UIT - 803924
Datum 4 november 2025
Bijlage(n) -
Doorkiesnummer 0546-541111
Behandeld door H. Kraaijenhof
Zaaknummer -
Onderwerp Reactiebrief college aan de Adviesraad Sociaal Domein inzake ontwerpverordening leerlingenvervoer gemeente Almelo 2025
Geachte leden van de Adviesraad Sociaal Domein, Op 16 september 2025 heeft u een advies gegeven op de ontwerpverordening leerlingenvervoer gemeente Almelo 2025. Het college dankt de Adviesraad voor haar uitgebreide, constructieve en positieve advies op de ontwerpverordening. Onderstaand geven wij een reactie op uw aanbevelingen en adviezen. Voor de leesbaarheid hebben wij uw aanbevelingen genummerd. 1. Algemene waardering en positionering Wij danken de Adviesraad voor de waardering op de ontwerpverordening en het feit dat wij een aantal onderwerpen expliciet hebben gemaakt. Bij het opstellen van de verordening leerlingenvervoer gemeente Almelo 2025 is, daar waar mogelijk, getracht de duidelijkheid en de leesbaarheid ter vergroten. De nieuwe verordening leerlingenvervoer biedt meer mogelijkheden om maatwerk toe te kunnen passen, waarbij we tegelijkertijd duidelijker zijn over de geldende kaders. De Adviesraad merkt op dat de verordening op sommige punten volledig en strak is geformuleerd en ook gedetailleerd. De Adviesraad adviseert om de praktische uitwerking van de verordening in de beleidsregels te plaatsen. De verordening is opgesteld aan de hand van de Wet op primair onderwijs, de Wet op expertisecentra en de Wet voortgezet onderwijs. Gemeenten zijn verplicht verordeningen op te stellen als juridische basis voor de lokale uitvoering van het leerlingenvervoer.
Bij eventueel juridisch verweer en bij bezwaar en beroep wordt juridisch teruggevallen op de verordening. Door de juridische context van de verordening kan deze daarom niet altijd in eenvoudige taal worden opgesteld vanwege mogelijke (juridische) interpretatieverschillen. Een verordening is een verbindend voorschrift en heeft een wettelijke grondslag in de Gemeentewet en wordt door de gemeenteraad vastgesteld. De verordening verplicht gemeenten om onderdelen die een verbindend voorschrift kennen, en zoals die nu opgenomen zijn in deze verordening, op te nemen. De modelverordening van de VNG is gebruikt als leidraad voor het opstellen van deze verordening. De beleidsregels daarentegen binden alleen het
college en zijn gebaseerd op de Algemene wet bestuursrecht en worden door het college vastgesteld. Uitvoeringsvraagstukken zijn in de beleidsregels beschreven en kunnen zo mogelijk middels een besluit door het college worden gewijzigd. Om die reden nemen wij uw advies niet over. 2. Informatie voor ouders, leerlingen en scholen De adviesraad hecht veel waarde aan het verstrekken van toegankelijke en duidelijke informatie aan inwoners, ouders en scholen. U adviseert de verordening zodanig vorm te geven zodat deze voor ouders, scholen en consulenten als een gebruiksdocument kan worden gebruikt. U adviseert een procesplaat op te stellen over het te volgen proces bij een aanvraag voor leerlingenvervoer. Er wordt gewerkt aan hoe de communicatie beter kan plaatsvinden. Hiervoor is aandacht. Het college heeft eerder aangegeven ervoor te zorgen dat de communicatie in lijn gebracht wordt met de motie ‘Noodzaak communicatiestrategie wijzigingen sociaal domein’ (juli 2024). Het college onderschrijft de noodzaak van goede informatievoorziening voor ouders en leerlingen bij het leerlingenvervoer. Er zal een leesbare samenvatting van de verordening leerlingenvervoer worden opgesteld. Er is informatie beschikbaar op de gemeentelijke website: https://www.almelo.nl/jeugd-enonderwijs/leerlingenvervoer.
We informeren ouders rechtstreeks over de aanvraagprocedure, de voorwaarden, de gang van zaken en alle andere praktische informatie. Ook wordt vanuit de vervoerder zelf informatie aan ouders verstrekt. Als leerlingen gebruik maken van het leerlingenvervoer ontvangen de ouders een leaflet: ‘Informatie voor ouders/verzorgers en vervoerder.’ Hierin staat wat er verwacht wordt van de ouders/verzorgers, van het te vervoeren kind, de chauffeur en de gedragsregels als kinderen problemen veroorzaken in de bus of de taxi. In de leaflet is het mailadres van de vervoerder opgenomen evenals de contactgegevens van de gemeente (directe telefoonnummer en mailadres). Naast de huidige inzet zijn we bezig met het optimaliseren van de bedrijfsvoering van de ambtelijke organisatie, met name gericht op het sociaal domein (‘Plan de Campagne’). Daarin wordt ook het leerlingenvervoer meegenomen. Wij nemen uw advies over de wijze van informatieontsluiting mee in een bredere communicatieaanpak. 3. Klachtenafhandeling en leren van signalen De Adviesraad wenst een advies uit te brengen over klachten en klachtenafhandeling en adviseert een klachtenprocedure – voor zover dat nog niet is geregeld- in de verordening op te nemen. Voor het leerlingenvervoer geldt een eenduidige klachtenprocedure.
Klachten over het vervoer, routes, haal- en brengtijden moeten volgens de contractafspraken worden gemeld bij de vervoerder. De vervoerder heeft een handboek opgesteld: ‘Handboek leerlingenvervoer Almelo.’ Het handboek zorgt voor de juiste verwachtingen van ouders, leerlingen, de leerkrachten van scholen en de vervoerder. In dit handboek is ook de klachtenprocedure opgenomen inclusief de contactgegevens van de vervoerder. Klachten kunnen verder ingediend worden als volgt: https://www.almelo.nl/klachten-bezwaar-enberoep/klacht-over-behandeling-gemeente. Deze klachtenprocedure heeft alleen betrekking op het werk van het klantcontactcentrum rondom de aanvraagprocedure. U geeft aan zorgen te hebben over de uitvoering van het leerlingenvervoer. De gemeente herkent de problematiek maar niet in de mate van berichtgeving in de media. De gemeente Almelo heeft een andere aanbieder gecontracteerd voor het leerlingenvervoer dan andere regiogemeenten. Naar aanleiding van startproblemen van de vervoerder bij aanvang van de overeenkomst voor de uitvoering van het leerlingenvervoer in 2023 heeft de gemeente destijds structurele verbeteringen doorgevoerd. In de frequente contractmanagementgesprekken met vervoerder wordt het aantal ingediende klachten en hoe deze door de vervoerder afgehandeld zijn aan de orde gesteld. De gemeente houdt hiermee vinger aan de pols. 4.
Kind & maatwerk zichtbaar maken in het besluit U adviseert om het persoonlijk vervoersontwikkelingsplan op te stellen mét ouders en (waar passend) met de leerling. Zo wordt maatwerk toetsbaar en krijgt de leerling ook een stem. Verder vraagt de Adviesraad om bij leerlingen met blijvende, zware beperkingen niet automatisch toe te werken aan minder of lichter vervoer nader te toetsen en te zorgen voor een stabiele vervoersvoorziening, in
plaats van elk jaar opnieuw te moeten aantonen waarom afbouw niet kan. In dat kader vraagt u of het mogelijk is om een beschikking voor meerdere jaren of voor een hele schoolperiode toe te kennen. U adviseert in het persoonlijk vervoersontwikkelingsplan dat het plan samen met ouders wordt opgesteld. Daar is in de verordening in voorzien in artikel 5. eerste lid: ‘Wanneer de leerling op 1 augustus van het betreffende schooljaar de leeftijd van 9 jaar bereikt, wordt door het college, in overleg met de ouder(s) en desgewenst de leerling, gelet op het ontwikkelingsperspectief van de leerling, een persoonlijk vervoersontwikkelingsplan opgesteld.’ Degene die de aanvraag in behandeling neemt voert een onderzoek uit (artikel 4.) en beoordeelt in gesprek met de ouders en desgewenst de leerling, wat er in de specifieke persoonlijke situatie en omstandigheden nodig is, rekening houdend met de mogelijkheden van ouders en leerling. De bevindingen vanuit het onderzoek worden in het persoonlijke vervoersontwikkelingsplan vastgelegd. Daarbij wordt rekening gehouden met de structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische beperking van de leerling. U vraagt of er ruimte geboden kan worden voor zekerheid met betrekking tot leerlingen met een blijvende, zware beperking.
In geval van een structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische beperking wordt niet op voorhand toegewerkt naar minder of lichter vervoer. In principe moet voor elk schooljaar een nieuwe aanvraag voor leerlingenvervoer worden gedaan. Onderzocht gaat worden of een langdurige beschikking voor leerlingenvervoer voor leerlingen met een structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische beperking afgegeven kan worden. 5. Zorgplicht ouders, eigen kracht en redelijkheid De Adviesraad adviseert om in artikel 10. (Algemene bepalingen) te verduidelijken dat de toets op “eigen kracht” evenredig plaatsvindt. Op basis van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur is de gemeente verplicht om bij de besluitvorming rekening te houden met het evenredigheidsbeginsel. Uw advies nemen wij daarom niet over. Tijdens het onderzoek (artikel 4.) wordt gekeken naar de zorgplicht van ouders, de eigen kracht en probleemoplossend vermogen van het kind, zijn ouder(s) en het sociale netwerk. Zie hiervoor ook artikel 10. derde lid en de toelichting daarop.
In de onderzoeksfase van een aanvraag onderzoekt het college in elk geval de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van de leerling, het vervoersontwikkelingsperspectief van de leerling, de eigen kracht en het probleemoplossend vermogen van zijn ouder(s) en het sociale netwerk, de afstand en de route tot de dichtstbijzijnde toegankelijke school en de noodzakelijkheid om een vervoersvoorziening toe te kennen. De beoordeling van ‘eigen kracht’ vindt plaats volgens het evenredigheidsbeginsel. In jurisprudentie zijn de begrippen zorgplicht, eigen kracht en probleemoplossend vermogen en de inzet van het sociale netwerk naar onze mening voldoende beschreven. De gemeente blijft de jurisprudentie rondom leerlingenvervoer volgen. 6. Opstapplaatsen, begeleiding en veiligheid Aanvullend op het artikel opstapplaatsen in de verordening adviseert de Adviesraad om vooraf goed te toetsen of een opstapplaats realistisch is en dat uitzonderingen laagdrempelig worden toegestaan als begeleiding aantoonbaar niet haalbaar is. Uw advies komt overeen met hetgeen wij bedoelen in artikel 8. In artikel 8. derde lid staat: ‘De opstapplaats bevindt zich op een veilige en beschutte locatie en op een redelijke loopafstand van de woning van de leerling en biedt voldoende ruimte voor een eventuele begeleider’.
Tijdens het onderzoek wordt zorgvuldig gekeken naar het aanwijzen van een opstapplaats en worden aspecten als een veilige en beschutte locatie en een redelijke loopafstand van de woning van de leerling meegenomen evenals dat de opstapplaats, mede gelet op de weersomstandigheden, voldoende beschutting kan bieden. In de toelichting van artikel 8. is een en ander nader uitgewerkt. Op basis van een voorbeeld van een situatie zoals de Adviesraad die stelt kunnen wij geen uitspraak doen. De medewerker die de aanvraag voor leerlingenvervoer in behandeling heeft zal een onderzoek moeten uitvoeren en als de leerling ouder is dan 9 jaar, dan zal in overleg met ouders, en desgewenst de leerling, een persoonlijk vervoersontwikkelingsplan opgesteld worden. In het overleg met de ouder(s) en desgewenst de leerling wordt altijd gekeken naar de persoonlijke situatie en omstandigheden van de ouders.
7. Volgorde van voorzieningen: duidelijk én inclusief gecommuniceerd U vraagt om de volgorde (fiets → OV → aangepast vervoer → anderszins) helder te communiceren naar ouders en scholen. Wij verwijzen u naar de beantwoording van uw aandachtspunt 2. Informatie voor ouders, leerlingen en scholen. 8. Stage en tijdelijk verblijf: ruimte waar het moet U vraagt extra ruimte bij het toepassen van afstandsgrenzen bij (passende) stages en tijdelijk verblijf en stelt dat als het onderwijsbelang kan worden aangetoond en de kosten redelijk zijn, vervoer mogelijk zou moeten blijven. In artikel 19. derde lid zijn de voorwaarden voor leerlingenvervoer bij stages vermeld. Voor leerlingenvervoer bij stages geldt ook het maximaal aantal kilometers van de woning of opstapplaats naar de school. Tijdens het onderzoek wordt aan de hand van de toekenningscriteria beoordeeld of een leerling in aanmerking komt voor leerlingenvervoer bij stages en of individueel maatwerk van toepassing is. De bevindingen worden vastgelegd in het persoonlijk vervoersontwikkelingsplan. Het is aan de betrokken ambtenaar klantcontact, in overleg met de leerling en zijn/haar ouders onder welke voorwaarden leerlingenvervoer kan worden ingezet. Het college handhaaft haar beleid zoals opgenomen in deze verordening. 9. Financiële drempels en bijdragen Met betrekking tot artikel 22. en 23.
van de verordening vraagt u om twee waarborgen voor toepassing van de eigen bijdrage bij ouders met problematische schulden en hoe de eigen bijdrage is berekend en wanneer uitzonderingen gelden. In artikel 4. is beschreven dat het college desgewenst ook een medewerker uit een ander domein of een (extern) deskundige kan betrekken bij het onderzoek. Ouder(s) en de leerling moeten medewerking verlenen aan het onderzoek en verschaffen daartoe in het kader van de medewerkingsen inlichtingenplicht de benodigde informatie. De mogelijke afstemming van de vervoersvoorziening met andere in het kader van het sociaal domein aan de leerling of het gezin verstrekte voorzieningen maakt ook deel uit van het onderzoek. Ten aanzien van de eerste waarborg vraagt de senior medewerker klantcontact bij eventuele schuldenproblematiek,- na toestemming van de ouder(s)-, of er een coach financiën betrokken kan worden om gezamenlijk te kijken naar de verschuldigde eigen bijdrage en of er een betalingsregeling mogelijk is. De eigen bijdrage voor leerlingenvervoer zoals genoemd in artikel 22. en 23. heeft een wettelijke basis, namelijk Wet op het primair onderwijs (WPO), de Wet op de expertisecentra (WEC) en de Wet voortgezet onderwijs (WVO). Hierin staat dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor het bekostigen van het vervoer van leerlingen die daar recht op hebben.
Wij voldoen hiermee aan de bestaande wet- en regelgeving. De hoogte van die eigen bijdrage komt voort uit de landelijke regeling: de bijdrage wordt gekoppeld aan de ouderlijke bijdrage in de Wet kinderopvangtoeslag (het zogeheten kind-gebonden inkomenstarief). Ouders betalen afhankelijk van hun gezinsinkomen een eigen bijdrage volgens die landelijke staffel. De in de verordening genoemde tabellen sluiten aan bij de bijdragetabellen voor de Wet kinderopvang (Wko), die jaarlijks door de rijksoverheid (ministerie van SZW) worden vastgesteld. Gemeenten zijn verplicht deze tabellen op te nemen in de verordening leerlingenvervoer. Ten aanzien van de tweede waarborg staat in zowel artikel 22. als 23. van de verordening dat de eigen bijdrage niet van toepassing is voor pleegzorgkinderen en leerlingen met een blijvende beperking. 10. Participatie & klankbordgroep (structureel) De Adviesraad ziet veel waarde in het instellen van een klankbordgroep Leerlingenvervoer Almelo, bestaande uit ouders, jongeren/ervaringsdeskundigen, scholen, vervoerders, leerplicht en het sociaal team om ervaringen te delen, de uitvoering te bespreken en verbeterpunten aan te dragen. In de praktijk worden veel van de vragen van ouders besproken met de betrokken ambtenaar klantcontact die de aanvraag in behandeling neemt.
Bij praktische vragen worden deze medewerkers veelal gebeld of gemaild bij vragen van ouders en afstemming over het vervoer zoals haal- en brengtijden. Er zijn voldoende mogelijkheden om ervaringen te delen, te bespreken en verbeterpunten
aan te dragen. Uw suggestie om een Klankbordgroep Leerlingenvervoer Almelo in te stellen nemen wij niet over. Met betrekking tot het instellen van een dergelijke klankbordgroep is er naar onze mening een rol weggelegd voor de Adviesraad als vertegenwoordiger van inwoners, ouders en leerlingen. 11. Informatie & klachten: wat ouders, leerlingen en scholen mogen verwachten De Adviesraad doet een aanbeveling voor communicatie over de verordening, de aanvraag, de beslistermijnen, bewijsstukken, een uitleg over het persoonlijke vervoersontwikkelingsplan, opstapplaatsen, klachten en een onderdeel veelgestelde vragen. Wij verwijzen u naar de beantwoording van uw aandachtspunt 2. Informatie voor ouders, leerlingen en scholen. De gemeente werkt al bijna volledig volgens de door de Adviesraad voorgestelde werkwijze bij klachten via het contractmanagement. Deze werkwijze is contractueel met de vervoerder vastgelegd. Bij vragen, opmerkingen, ervaringen en verbeterpunten kunnen ouders, leerlingen en scholen terecht bij de vervoerder. De vervoerder houdt dit bij en rapporteert daarover via het contractmanagement. Contractmanagement heeft periodieke afstemming met de vervoerder over alle aspecten van het leerlingenvervoer. Wij verwijzen u verder naar de beantwoording van uw aandachtspunt 2. Informatie voor ouders, leerlingen en scholen. 12.
Conclusie verordening U adviseert op de verordening met betrekking tot proportionaliteit, eigen kracht en toepassing van de hardheidsclausule. Wij verwijzen u naar de beantwoording van uw aandachtspunt 5. waar het gaat over proportionaliteit en eigen kracht. Het college kan de hardheidsclausule zoals genoemd in artikel 27. inroepen wanneer strikte toepassing van een regel leidt tot een onredelijk of onbillijk gevolg voor een inwoner. De ontwerpverordening leerlingenvervoer gemeente Almelo 2025 zal met inachtneming van het advies van Adviesraad ter besluitvorming gebracht worden bij de gemeenteraad. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van de gemeente Almelo de secretaris de burgemeester,
J.H. Dijkstra
R.T.A. Korteland