CConstaterende datAlmelo
Koppel je AI →
Document · PDF

Quickscan Perspectiefnota 2025-2028 - Rekenkamer Almelo

Raad 11 juli 2024, gemeente AlmeloBij agendapunt: Quickscan Perspectiefnota9.933 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Quickscan Perspectiefnota gemeente Almelo 2025-2028 Datum: 11 juni 2024 Van: Rekenkamer Almelo

Inleiding Uit de Perspectiefnota 2024-2027 en de daaruit volgende programmabegroting gemeente Almelo 2024 (hierna: PB 2024) inclusief meerjarenperspectief was de financiële uitdaging voor de gemeente Almelo in de komende jaren duidelijk. De jaarschijven 2024 en 2025 waren sluitend, de jaren daarna lieten fikse tekorten zien. De gemeente Almelo is daarin niet uniek, vrijwel alle gemeenten hebben hiermee te maken. Belangrijkste oorzaak is de scherpe daling (landelijk € 3 miljard) van de Algemene uitkering m.i.v. 2026. Dat jaar wordt ook wel het ravijnjaar genoemd. Maatregelen zijn noodzakelijk om tot een sluitende meerjarenbegroting te komen. Het college van burgemeester en wethouders (hierna: het college) bood u in 2023 een eerste pakket van maatregelen aan. Verder maakte u met het college de afspraak om bij de Perspectiefnota 2025-2028 aanvullende maatregelen in beeld te krijgen. In vervolg op de quickscan (QS) die wij u bij de PB 2024 aanboden, maakten wij een QS bij de Perspectiefnota 2025-2028. Wij grijpen in deze QS terug op de aandachtspunten uit de QS PB 2024 en actualiseren of dat nog steeds aandachtspunten zijn. Uiteraard is de inhoud van de Perspectiefnota leidend en bekeken wij ook of er nieuwe aandachtspunten zijn. De Perspectiefnota vormt de start van het jaarlijkse begrotingsproces.

Een proces dat een forse inspanning van de ambtelijke organisatie en het college vraagt. De financiële uitdaging die er de komende jaren ligt, maakt dat niet eenvoudiger. Met deze QS willen wij geen afbreuk doen aan alle inspanningen die zijn gedaan. We geven aandachtspunten mee om u als raad, samen met het college, verder in positie te brengen en u in staat te stellen om de opgave die voorligt gezamenlijk zo goed mogelijk handen en voeten te geven. We starten met een samenvatting en een weergave van de belangrijkste aandachtspunten die wij signaleren. In het eerste hoofdstuk geven wij vervolgens een korte samenvatting van de QS PB 2024. Met als doel om de aandachtspunten die wij toen benoemden weer scherp in beeld te hebben. In hoofdstuk 2 volgt vervolgens de inhoudelijke reactie op de Perspectiefnota 2025-2028.

1

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Samenvatting en aandachtspunten Tekort in 2025 en loopt meerjarig op, financieel beeld onzeker Anders dan in de PB 2024 verwacht, is er nu in 2025 een begrotingstekort en dit tekort loopt daarna hoger op dan verwacht: van € 8 miljoen in 2025 naar € 27 miljoen in 2026 en € 30 miljoen in de jaren daarna. Daarmee is de bezuinigingsopgave hoger geworden en kent die meer urgentie. Immers, er ligt nu een opgave om het begrotingsjaar 2025 sluitend te krijgen. Belangrijkste oorzaak van het hogere tekort is een bijstelling van de budgetten Jeugdzorg en Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Deze bijstelling vindt plaats op basis van de hogere kosten voor deze twee onderwerpen in 2023, het definitieve indexpercentage 2024 en verwachte tariefstijging nieuwe inkoop Jeugdzorg 2025. De laatste jaren was een dergelijke bijstelling in de Perspectiefnota vaker te zien. Belangrijke oorzaak daarvoor is dat in de PB 2024 in meerjarig perspectief geen rekening is gehouden met volumestijging Jeugdzorg en WMO. Ook de in het budget opgenomen prijsstijging volgde de CAO’s-ontwikkeling in de Jeugdzorg en WMO onvoldoende. In deze Perspectiefnota vindt voor de volumestijging een correctie voor het verleden plaats maar wordt met een toekomstige volumestijging nog geen rekening gehouden. Het college geeft aan hier de komende maanden naar te kijken.

Dit kan tot een verdere verslechtering van het financieel beeld leiden. Ook de Algemene Uitkering (AU) uit het gemeentefonds zal het financiële beeld nog wijzigen. Het Rijk nam in de Voorjaarsnota 2024 op dat de opschalingskorting voor gemeenten vervalt én dat er extra compensatie komt voor de hogere kosten WMO die gaan ontstaan door de demografische ontwikkeling. Beide onderwerpen betekenen, indien deze worden doorgevoerd, in meerjarig perspectief een structureel voordeel voor gemeenten. Het college schat het bedrag structureel op € 5 miljoen in. Daartegenover staat het eerder ingaan van de nieuwe systematiek voor de groei van het gemeentefonds waardoor de gemeenten in 2025 een eenmalige korting op de Algemene Uitkering van het gemeentefonds krijgen. In de Perspectiefnota noemt het college hiervoor een bedrag van € 3 miljoen voor Almelo. Het college heeft deze bedragen, volgens de in Almelo gehanteerde gedragslijn, niet verwerkt in de Perspectiefnota maar wacht eerst de meicirculaire 2024 van het gemeentefonds af. Dit ook omdat het college zicht afvraagt of alle onderwerpen in de Voorjaarsnota voldoende steun van de nieuwe regeringspartijen heeft. Nu de meicirculaire is verschenen en de bedragen daarin zijn verwerkt, lijkt die duidelijkheid er te zijn. Terecht stelt het college echter dat pas bij bespreking van de rijksbegroting in het najaar die duidelijkheid definitief is.

Daarmee blijft er onzekerheid. Overweging is om het college te vragen u naast het gepresenteerde financiële beeld een tweede scenario te laten zien. Een scenario bijvoorbeeld waarin het college rekening houdt met de effecten vanuit de Voorjaarsnota 2024 én waarbij, op basis van zichtbare trends vanuit het verleden, de budgetten Jeugdzorg en WMO met die trend worden verhoogd. Werken met scenario’s laat door middel van bandbreedtes de onzekerheden in de ramingen zien en biedt daarbij de mogelijkheid om ook qua dekking met scenario’s te werken. Dit kan helpen om niet door ontwikkelingen overvallen te worden. Stand van zaken reeds ingeboekte ombuigingen niet opgenomen In de PB 2024 nam het college diverse ombuigingen op. Voor het jaar 2025 € 5 miljoen. Het college gaf aan dat invulling nog inspanning zou vragen en ambitie bevatte (bijvoorbeeld voor de maatregel op de BUIG) óf nader overleg met de provincie vroeg (Beschermd Wonen). Naast deze ombuigingen stonden er ook in de PB 2023 al ombuigingen, bijvoorbeeld taakstellingen op de organisatie. De Perspectiefnota maakt niet duidelijk wat de status van deze ombuigingen is. Daarmee is niet duidelijk welke totale ombuigingsinspanning er voor de toekomst nog ligt en/of er overlap c.q. stapeling is met ombuigingen die het college nu voorstelt.

De informatiewaarde van de Perspectiefnota kan toenemen als het college u in een apart onderdeel een samenvattend overzicht geeft van alle ombuigingen / taakstellingen die in de PB 2024 zijn opgenomen inclusief de status daarvan.

2

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Geen sluitend pakket aan dekkingsmaatregelen in meerjarig perspectief Het college biedt de raad voor het gepresenteerde financiële tekort in 2025 een sluitend pakket aan dekkingsmaatregelen aan. Voor de jaren daarna biedt het college inzicht in een pakket aan maatregelen dat voor 50% van het tekort dekking biedt. Voor de overige 50% wacht het college in de Perspectiefnota duidelijkheid af of het Rijk de gemeenten aanvullend gaat compenseren. Uit het Hoofdlijnenakkoord dat onlangs is gepresenteerd én de reactie van de VNG daarop, blijkt dat gemeenten die aanvullende compensatie niet hoeven te verwachten. Dit betekent dat het dekkingsvoorstel zoals nu opgenomen niet voldoende is. Onderbouwing van de dekkingsmaatregelen kan concreter In 2025 komt de dekking voor 50% vanuit de inzet van de Algemene Reserve. Deze mag volgens aanpaste voorschriften onder voorwaarden als algemeen dekkingsmiddel worden ingezet. Daarnaast noemt het college een bedrag van € 2 miljoen als “overige nog bij de begroting uit te werken maatregelen”. Concrete uitwerking hiervan volgt nog. In meerjarig perspectief vindt het college, conform uw kader, een belangrijk deel van de ombuigingen binnen het sociaal domein. De Perspectiefnota schetst een drietal scenario’s en noemt voorbeelden van concrete acties.

Hoe die uiteindelijk gaan leiden tot bijna € 9 miljoen aan structurele ombuiging is niet concreet uitgewerkt. Het college verwijst meermaals naar het Strategisch Beleidsplan Sociaal Domein 2022 en het Actieplan beleid sociaal domein. Maar vooral op het onderdeel kaderstelling en uitgangspunten. Daarmee is niet duidelijk welke risico’s er zijn dat de ombuiging niet wordt gehaald. Hoewel het college een beschrijving geeft van de effecten van de ombuiging, is ook daar nog nadere concreetheid aan te brengen. Om een zorgvuldige afweging te kunnen maken van in te voeren maatregelen is meer verdiepende informatie voor uw raad van belang. Ook stelt het college de raad een taakstelling op de organisatie voor, specifiek op het onderdeel bedrijfsvoering. In de PB 2024 gaf het college juist aan dat de bedrijfsvoering mogelijk extra investering zou vergen én staat er al een besparing op de organisatie ingeboekt. Het is de vraag hoe dat zich tot elkaar verhoudt. Meer inzicht in de wijze waarop het college deze besparing denkt te realiseren kan helpend zijn. Geen ruimte voor nieuw beleid In de Perspectiefnota geeft het collega aan dat er geen ruimte voor nieuw beleid is. In de PB 2024 eindigen de programmabudgetten in 2026. Het is de vraag of in dat jaar de activiteiten vanuit de programma’s ook afgerond zijn en doelstellingen behaald.

De vraag is of het voortzetten van (onderdelen van) de programma’s niet prevaleert boven andere activiteiten in de PB? Of dat u het als raad gewenst vindt dat aanvullende bezuinigingen moeten worden gezocht om alsnog (onderdelen van) programma’s voort te zetten? Inzicht in afweging van wel / niet nadere zoekrichtingen uitwerken kan gewenst zijn In het proces PB 2024 gaf u kaders aan het college mee voor de te vinden dekkingsmaatregelen. Het college geeft in de Perspectiefnota invulling aan die uitwerking van de kaders maar voegt daar ook onderwerpen aan toe of haalt er onderwerpen van af. Dit doet het college onder andere op basis van een benchmark waarin de uitgaven van Almelo worden vergeleken met andere gemeenten én een vergelijking van het uitgavenniveau van Almelo met de clusters binnen het gemeentefonds. Voor het eerste onderzoek geldt dat daarbij niet alle gemeentelijke uitgaven zijn betrokken. Voor beide onderzoeken geldt dat vergelijking is gemaakt op basis van de cijfers 2023. Daarbij is aangegeven dat de geraamde kosten de komende jaren op diverse onderwerpen stijgen én de algemene uitkering daalt. Dit kan betekenen dat het uitvoeren van die benchmarks op bijvoorbeeld het jaar 2026 een ander beeld zou kunnen geven. Vraag aan het college kan zijn waarom voor de vergelijking met het jaar 2023 is gekozen.

3

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Op basis van deze vergelijkingen doet het college een voorzet van onderwerpen die wel / niet in het verdere ombuigingsproces worden betrokken. Zo geeft het college bijvoorbeeld aan geen aanvullende ombuigingsmogelijkheden te zien binnen het cluster sport en cultuur. Terwijl in de raadsbrief bij de PB 2024, op basis van de grote mate van beleidsvrijheid binnen dit cluster, juist de verwachting is uitgesproken dat hier besparingspotentieel zou zitten. Dit leidt tot een principiële vraag: is voor ombuigingspotentieel relevant of de uitgaven van Almelo voor een onderwerp niet (veel) afwijken van uitgaven van andere gemeenten / ijkpunten gemeentefonds of is relevant welke mogelijkheden Almelo heeft om de uitgaven te beïnvloeden? Inzicht in de uitkomsten van de genoemde onderzoeken én de wijze waarop het college die gewogen heeft, draagt bij aan een brede blik van uw raad op de ombuigingsopties. Daarmee bent u als raad ook in de mogelijkheid om daarin eigen afwegingen te maken. Wat vindt u vooral relevante informatie voor die keuzes: mate waarin die keuzes te maken zijn (beleidsruimte gemeenten) of de mate waarin Almelo op een “gemiddeld” uitgavenniveau zit? Bestemming resultaat jaarrekening 2023: resultaatbestemming alleen bij integrale afweging? Het jaar 2023 is met een stevig financieel resultaat afgesloten.

Het college stelt u bij de vaststelling van de jaarrekening 2023 voor om dat resultaat te bestemmen voor specifieke onderwerpen. Gelet op de financiële context en de afwegingen die daarvoor bij de PB 2025 nog gemaakt moeten worden, is de vraag of resultaatbestemming bij de jaarrekening niet vooruitloopt op het integrale afwegingmoment bij de PN of PB? Is er urgentie om nu al te bestemmen of kan dat wachten op het integrale afwegingsmoment? Raadzaam om in gesprek met het college te bepalen of resultaatbestemming bij de jaarrekening 2023 al nodig is en of gedragslijn wordt om dit jaarlijks bij de integrale afweging (perspectiefnota / begroting) te betrekken. Nadere inrichting ombuigingsproces: welke rol neemt u als raad? Het college volgt voor het sluitend maken van de PB 2025 het advies dat de VNG hierover gaf. Dit advies luidt in hoofdlijn: “maak het begrotingsjaar 2025 sluitend en bereidt voor het meerjarig perspectief een pakket met ombuigingsmaatregelen voor. Wees daarbij terughoudend met het invoeren daarvan maar breng effecten wel zo concreet mogelijk in beeld. Kijk voor het deel van het tekort dat ontstaat door de lagere rijksbijdrage vooral naar ombuigingen op medebewindstaken”. Voor de meerjarige tekorten biedt het college voor 50% dekkingsrichtingen aan. Het college overweegt om voor het overige deel taken aan het Rijk terug te geven.

Afweging is of dit inderdaad een haalbaar scenario is. Kan dit juridisch? En ruim 80% van de taken van de gemeente zijn medebewindstaken, het niet uitvoeren daarvan zal de inwoners van Almelo raken. Is de verwachting dat het rijk die taakuitvoering zal overnemen? Belangrijk om met het college het realiteitsgehalte van dit scenario te bespreken en mogelijke impact op inwoners van Almelo in beeld te brengen. Keuze kan ook zijn om een alternatief scenario uit te werken. Het inventariseren van aanvullende maatregelen en zorgvuldige besluitvorming, uitwerking en implementatie daarvan, kost tijd. Als daarmee wordt gewacht tot de Perspectiefnota 2026-2029 resteert voor het jaar 2026 nog een half jaar voor die uitwerking en implementatie. Is dit een realistische termijn? Of heeft het meerwaarde om nu al naar een groter pakket aan dekkingsmaatregelen te kijken. En verwacht u van het college dan een pakket aan maatregelen van 100% van het tekort of een hoger percentage zodat u nog keuzes kunt maken? De handelingsperspectieven kunnen worden vergroot door in het proces PB 2025 ook het structureel sluitend maken van de jaarschijven 2026 en verder een plaats te geven. Dit zodat er ruimte is voor een zorgvuldige afweging, besluitvorming en kaderstelling door uw raad én voldoende tijd voor implementatie resteert.

Daarbij kunt u als raad aan het college meegeven of u ombuigingsvoorstellen wilt voor 100% van het tekort of een hoger percentage zodat er voor u als raad keuzeruimte is. Inhoud niet uit het oog verloren maar beeld is diffuus. Het college geeft aan ondanks de bezuinigingen de ingezette ontwikkelingen voort te zetten. Er zijn positieve ontwikkelingen te zien en Almelo stijgt op diverse aspecten in gepubliceerde ranglijsten.

4

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Aan de andere kant blijven de uitdagingen groot. De toekomstige ombuigingen maken ingrijpende maatregelen nodig. Maatregelen zoals het teruggeven van medebewindstaken of het via budgetplafonds beperken van noodzakelijke zorg. Deze maatregelen passen niet binnen de door uw raad gestelde kaders en vragen van uw raad de tijdige vaststelling van een nieuw kader. Inhoudelijk koersvast blijven binnen de financiële context wordt een grote opgave. Een opgave waarin naar alle waarschijnlijkheid niet alle bestaande kaders in stand kunnen blijven. Belangrijk om als raad tijdig in gesprek te gaan over de houdbaarheid van kaders en zo nodig nieuwe kaders vast te stellen zodat het college daarbinnen voortvarend met de uitvoering aan de slag kan blijven. Tot slot: De Perspectiefnota bevat aan het einde een overzicht van de moties en amendementen en de status daarvan. Dit is van meerwaarde. Wij kunnen ons goed voorstellen dat het college ook in deze vorm opvolging geeft aan de wettelijke verplichting om uw raad te informeren over de aan het college gerichte aanbevelingen uit Rekenkameronderzoek.

5

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

1. Terugblik QS meerjarenbegroting 2024-2027 In de QS PB 2024 benoemden wij twee belangrijke aandachtspunten voor het proces van het sluitend maken van de PB 2024: een zo volledig mogelijk beeld van de vertrekpositie (hoe groot is de financiële opgave?) en een zo breed mogelijk zicht op de dekkingsopties.

1.1 Een zo volledig mogelijk zicht op de vertrekpositie Wij stelden de vraag of met de gepresenteerde uitkomsten in de PB 2024 de opgave volledig in beeld was. Deze vraag kwam voort uit de volgende aspecten: 1.

Onzekerheden in de algemene uitkering gemeentefonds. De VNG overlegde met het Rijk om gemeenten financieel afdoende te compenseren, aan de andere kant lagen er ook stevige adviezen aan het Rijk om in de komende jaren te bezuinigen. Ook waarschuwde de VNG dat het Rijk onvoldoende compenseert voor loon- en prijsstijging, met name op zorg. Er waren diverse kortingen op de Algemene Uitkering verwerkt (Hervormingsagenda Jeugd en de afschaffing van het abonnementstarief WMO) waarbij voor ons niet duidelijk was hoe het college dat in de PB verwerkte.

2.

Onduidelijkheid over realisatie ingeboekte besparingen / taakstellingen. In de PB 2024 is een ombuiging / extra dekking ingeboekt die oploopt naar € 10 miljoen. Een toelichting op de invulling daarvan ontbrak, behalve op het onderdeel “scherp begroten”. Daarmee was onduidelijk of deze dekkingsmaatregelen concreet ingevuld waren of komende jaren nog een inspanning vergen. Tabel uit de perspectiefnota 2024-2027

Voor twee onderwerpen gold in ieder geval dat invulling zich nog moest bewijzen: over de € 1,0 miljoen die is ingeboekt voor de BUIG/bijstand gaf het college aan dat “uit de raming een serieuze ambitie spreekt”. En over de € 1 miljoen voor beschermd wonen schreef het college dat daarover nog overleg met de provincie moest plaatsvinden. Uit de begroting 2024 bleek niet of die afstemming inmiddels plaatsvond en wat de uitkomst daarvan was. Daarnaast stonden er diverse taakstellingen in de PB 2023 waarvan niet helder was of die al concreet ingevuld waren. Dit ging bijvoorbeeld om de taakstelling “uitbreiding functieboek” en een ombuiging “datagedreven werken”. Wij gaven als overweging mee om in begroting, rapportages en jaarrekening een aparte paragraaf op te nemen waarin het college in samenhang rapporteert over voortgang van alle ombuigingen, taakstellingen en extra dekkingsmiddelen. 3.

6

Opgenomen budgetten WMO en Jeugd leken impliciete taakstellingen te bevatten. Voor de meeste producten was in meerjarig perspectief géén volumemutatie geraamd. Uit de begrotingen 2022 en 2023 bleek dat dit een stevige ambitie is. Jaarlijks was het noodzakelijk om op basis van de uitkomsten in de jaarrekening in de komende begroting een opwaartse bijstelling van het budget door te voeren. Daarnaast zagen wij in de tarieven een aandachtspunt: er waren in de zorg diverse CAO’s opengebroken en nieuwe CAO’s afgesloten die één overeenkomst kende: ze lieten allemaal forse loonstijgingen zien, soms boven de 10%. Deze loonstijging was fors hoger dan de indexatie die op het budget werd toegepast.

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

4.

Jaarlijkse voordeel op de kapitaallasten meerjarig voorzien. In zowel de begroting 2022, 2023 als 2024 was na de perspectiefnota een correctie zichtbaar onder de noemer “kapitaallasten”. Bedragen varieerden van afgerond € 1 miljoen tot bijna € 2 miljoen. De vraag was welke oorzaken onder deze vertraagde uitvoering van investeringen zat. Waren dat externe omstandigheden of was er (ook) sprake van een planningsoptimisme? Kon raming scherper?

5.

Geen voortzetting van programmabudgetten. In 2027 was er een lager begrotingstotaal t.o.v. het vorige begrotingsjaar. In dat jaar zijn de programma’s afgelopen en zijn daarvoor geen budgetten meer opgenomen. De vraag was of de bijbehorende activiteiten op dat moment ook inderdaad kunnen stoppen.

1.2 Een breed zicht op de dekkingsmogelijkheden U sprak met het college vier voorwaarden voor de dekkingsoperatie af: 1 2 3 4

Verscherpt afwegingskader nieuw beleid Brede evaluatie sociaal domein Uitwerken maatregelenpakket van € 12,5 miljoen binnen acht zoekrichtingen Begrotingsanalyse

Het college voerde de maatregel onder 1 uit. Van de brede evaluatie sociaal domein (2) gaf het college aan deze uit te voeren in aanloop naar de Perspectiefnota 2025-2028. En voor maatregel 3 bood het college u in een aparte raadsbrief een eerste uitwerking op de acht zoekrichtingen aan. Wij merkten destijds op dat voor maatregelen in het Sociaal Domein het raadzaam is om goed kennis te nemen van diverse rapporten die over maatregelen (zoals budgetplafonds) zijn uitgebracht. Voor de besparing op onderwijshuisvesting vroegen wij ons af hoe realistisch die was gelet op de grote extra investeringen die landelijk op gebied van onderwijshuisvesting worden voorzien. Voor cultureel en recreatief aanbod, inclusief sport, gaf het college aan dat vrijwel dit volledige domein beleidsruimte kent en daarmee een grote mogelijkheid tot lokale keuzes. Voor punt 4 (de begrotingsanalyse) tot slot kondigde het college aan deze uit te voeren in aanloop naar de Perspectiefnota 2025-2028. Keuzeruimte voor de raad? Wij stelden u de vraag hoeveel keuzeruimte u wilde hebben? Vraagt u aan het college een pakket aan maatregelen dat voldoende is voor dekking van de opgave of vraagt u een pakket van bijvoorbeeld 200% van de opgave zodat er keuzeruimte is? Wij deden de suggestie om daarbij de systematiek van de Raad voor Openbaar Bestuur ROB) te gebruiken.

In het adviesrapport “Beleidsvrijheid nader geduid - beleidsvrijheid bij decentrale taken: een nadere uitwerking ten behoeve van de vormgeving van de financiële verhoudingen”1 uit 2019 beschrijft de ROB van welke factoren de mate van beleidsvrijheid bij lokale overheden afhankelijk is. En hoewel de ROB aangeeft dat beleidsvrijheid en bestedingsvrijheid niet onlosmakelijk aan elkaar verbonden zijn, zijn deze factoren zeker behulpzaam om te bepalen waar andere keuzes gemaakt kunnen worden. De volgende factoren spelen een rol: 1. 2. 3. 4. 5.

Aard van de taak: wettelijk verplicht, aanbevolen, optioneel of eigen initiatief Regelgeving: gebonden, model, kader of vrij Uitvoering: strikte voorschriften, richtlijnen, handreiking of vrij Samenwerking: verplicht, dwingend, wenselijk of vrijwillig Besluitvormingsprocedure: voorgeschreven, afstemming, facultatief of vrij

1.3 overige aandachtspunten Tot slot beschreven wij diverse andere aandachtspunten welke niet direct de financiële positie raakten. Dit ging bijvoorbeeld om de verplichte financiële kengetallen, de weerstandsratio, autorisatieniveau, SMART formuleren van doelen en grondexploitaties. Dit zijn geen onderdelen van de Perspectiefnota zodat wij daar in deze QS niet op terugkomen. Wel waren er nog twee aandachtspunten met mogelijk financieel gevolg: 1

https://www.raadopenbaarbestuur.nl/binaries/raad-openbaar-bestuur/documenten/publicaties/2019/03/14/adviesbeleidsvrijheid-geduid/Beleidsvrijheid_geduid_Adviesrapport_201903.pdf 7

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

• •

8

Actualisatie van de nota Kapitaalgoederen > zou plaatsvinden, financieel effect daarvan is onbekend; Mogelijk extra budget voor bedrijfvoeringsfuncties > Daarover schreef het college: “De groei van de organisatie brengt met zich mee dat ook een investering in de bedrijfsvoeringsfuncties noodzakelijk is. Dit is de laatste jaren een achtergebleven component. Het gaat om werkzaamheden die ondersteunend zijn aan de taken die de gemeentelijke organisatie uitvoert, bijvoorbeeld op het gebied van Human Resource Management, financiën of ICT. De formatieve gevolgen die de ontwikkelingen in de organisatie hebben voor de bedrijfsvoeringsfuncties worden in 2024 onderzocht en in kaart gebracht”.

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

2. Perspectiefnota gemeente Almelo 2025-2028 Met de aandachtspunten vanuit de QS PB 2024 op het netvlies, volgen onderstaand onze aandachtspunten bij de Perspectiefnota 2025-2028. Wij hanteren wederom de volgende indeling: • • •

2.1 De financiële opgave 2.2 Dekkingsmogelijkheden 2.3 Aanpak

2.1 De financiële opgave In dit onderdeel richten wij ons op aandachtspunten bij de financiële positie zoals die in de PN 20252028 beschreven is.

2.1.1 De financiële vertrekpositie is verder verslechterd “Uit de actualisatie van het meerjarenperspectief is gebleken dat bij ongewijzigd beleid het tekort al vanaf 2025 ontstaat en dat het tekort vanaf 2026 verder oploopt dan bij de Programmabegroting 2024 werd verwacht”, zo schrijft het college in de inleiding van de PN 2025-2028. Vervolgens laat de tabel op pagina 16 zien om welke tekorten het gaat: ieder jaar is het tekort ruim € 10 miljoen hoger dan bij de PB voorzien. Ook het begrotingsjaar 2025 is daardoor niet meer sluitend.

Hanteren van de 0-lijn voor volume en toepassen reguliere indexatie Zorgdomein bleek te ambitieus Het Sociaal domein veroorzaakt een extra tekort van bijna € 11 miljoen structureel dat slechts in beperkte mate gedempt wordt door enkele voordelen. De oorzaak voor het extra tekort zit in een fors hogere volume- en prijsstijging in het sociaal domein. Hierbij kan de vraag gesteld worden of dit tekort eerder was voorzien? Gelet op de ervaringen uit eerdere jaren is hier een trend zichtbaar. Als verklaring valt te lezen “Op basis van de realisatiecijfers over 2023 zien wij zowel bij Wmo als bij Jeugdzorg een stijging in het volume ten opzichte van de aantallen die bij de Programmabegroting 2024 als uitgangspunt voor het meerjarenperspectief zijn gehanteerd. Bij ongewijzigd beleid leidt dit tot een structureel hogere last van 4,31 miljoen euro”. Daarnaast leidt de uitkomst van een kostprijsonderzoek tot hogere tarieven. Het college verwijst in de Perspectiefnota 2025-2028 naar het onderzoek dat is uitgevoerd naar de uitvoering binnen het sociaal domein: “Zo is er een brede evaluatie in het kader van de zoekrichting sociaal domein uitgevoerd (INT-91840)” valt op pagina 3 te lezen. Zonder diepgaand op dit onderzoek in te gaan, blijkt uit dit rapport dat er qua inrichting, uitvoering en monitoring van het sociaal domein nog de nodige winst te halen is.

Enerzijds biedt dit kansen, anderzijds betekent dit ook dat er eerst een investering nodig is voordat er ombuigingen in het sociaal domein kunnen worden doorgevoerd.

9

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

2.1.2 Financieel beeld kent nog onzekerheden Ook het bijgestelde financiële beeld zoals nu opgenomen in de Perspectiefnota 2025-2028 kent nog onzekerheden. Bij de onderstaande onderwerpen signaleren wij aandachtspunten. Ramingen in meerjarig perspectief gebaseerd op de 0-lijn voor volume, verkapte taakstelling? Met de doorgevoerde wijziging in het budget Jeugdzorg en WMO is de correctie doorgevoerd die volgde uit de uitgaven in 2023, is het indexatiepercentage 2024 bijgesteld en wordt rekening gehouden met verwachte tariefstijging nieuwe inkoop Jeugdzorg 2025. Voor de jaren 2024 en verder geldt nog altijd dat de volumestijging op 0% geraamd is. Nu voor het vierde jaar op rij geconstateerd wordt dat toekomstige budgetten niet passend zijn, is de vraag hoe realistisch dit is. Het college schrijft hier zelf over: “Uitgangspunten raming Wmo en Jeugdzorg: bij de Begroting 2025 nemen wij de volume- en prijsontwikkeling mee op basis van de analyses die in de komende maanden worden uitgevoerd”. Er bestaat een reëel risico dat hiermee de gepresenteerde tekorten in de PB 2025 hoger worden. Onzekerheden in de raming van de algemene uitkering. Het college schrijft (pagina 15) dat het effect vanuit de Voorjaarsnota 2024 van het Rijk nog niet in de PN 2025-2028 is verwerkt. Hiervoor wordt eerst de meicirculaire 2024 gemeentefonds afgewacht.

In de Voorjaarsnota (Voorjaarsnota 2024 (overheid.nl)) zit een stevig financieel effect voor de algemene uitkering op het gemeentefonds. Het college schrijft hier zelf over: “In de Voorjaarsnota schrapt het Rijk het resterende deel van de Opschalingskorting van 675 miljoen euro. Daarnaast komt er een eerste bijdrage ter compensatie van de hogere zorgkosten van 75 miljoen euro in 2026 oplopend naar 300 miljoen euro in 2029. Dit betekent echter dat van de oorspronkelijke korting van 3 miljard euro uiteindelijk in 2029 slechts een kleine 1 miljard euro wordt teruggedraaid. Daarbij vraagt het kabinet helaas nog een prijs: in 2025 wordt het gemeentefonds eenmalig met 675 miljoen euro verlaagd. Vertaald naar de Almelose situatie betekent dit dat de Voorjaarsnota van de korting van grofweg 15 miljoen euro, slechts 5 miljoen euro terugdraait. Daarbovenop worden wij in 2025 eenmalig gekort voor grofweg 3 miljoen euro. Op dit moment is nog onduidelijk wat de definitieve financiële effecten voor de gemeente Almelo zijn. Dit wordt pas concreet in de meicirculaire 2024. Er zijn signalen dat het netto effect van de extra financiële middelen uit de Voorjaarsnota gering zullen zijn”. Het college heeft dit effect, conform de in Almelo geldende gedragslijn, nog niet verwerkt en wacht daarvoor eerst de meicirculaire 2024 van het gemeentefonds af.

Daarmee is er de kans dat het financiële beeld op dit onderdeel nog wijzigt. Op de Algemene Ledenvergadering van de VNG van vrijdag 24 mei 2024 sprak de VNG de verwachting uit de Voorjaarsnota 2024 onverkort in de meicirculaire wordt verwerkt. Nu de meicirculaire2 onlangs is verschenen, blijkt dat het geval. Aan de andere kant is het Hoofdlijnenakkoord 3 nog niet verwerkt. Dit, samen met het feit dat besluitvorming over de Voorjaarsnota in het parlement uiteindelijk pas in het najaar bij de begrotingsbespreking plaatsvindt, maakt dat ook de meicirculaire nog geen definitieve zekerheid kent. Het recent verschenen Hoofdlijnenakkoord biedt wel meer duidelijkheid over wat de gemeenten mogen verwachten qua herstel van de korting op de algemene uitkering uit het gemeentefonds. De VNG schrijft daarover in de analyse (https://vng.nl/sites/default/files/2024-05/20240517-eersteanalyse-van-het-hoofdlijnenakkoord-voor-gemeenten.pdf) het volgende: “Het hoofdlijnenakkoord houdt de miljardenkorting op gemeenten vanaf 2026 in stand. In de gesprekken met het nieuwe kabinet over de uitwerking van het hoofdlijnenakkoord staat dus op alle beleidsterreinen de vraag centraal wat er binnen het beschikbare budget gedaan kan worden. Helder is dat er vanaf 2026 te weinig geld is om de bestaande taken goed uit te voeren. Om taken en middelen in balans te krijgen moet er geld bij of moeten er taken af.

Daarmee krijgen de tekorten in meerjarig perspectief een grotere mate van zekerheid en ontstaat een aanvullende dekkingsopgave. Het college schrijft over de algemene uitkering in meerjarig perspectief het volgende: “Hierbij houden wij nog steeds de lijn vast dat het Rijk ons voldoende middelen zou moeten geven om onze taken uit te kunnen voeren. 2

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/circulaires/2024/05/27/meicirculaire-gemeentefonds-2024 https://www.kabinetsformatie2023.nl/documenten/publicaties/2024/05/16/hoofdlijnenakkoord-tussen-de-fracties-van-pvv-vvdnsc-en-bbb 3

10

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Er zijn echter signalen van dit demissionaire kabinet, waaronder de in april jl. gepresenteerde Voorjaarsnota, die aangeven dat het Rijk ons onvoldoende financieel zal compenseren. Wij willen tijdig de noodzakelijke maatregelen kunnen treffen en richting de Perspectiefnota 2026 voorbereid zijn. Daarom worden binnen de zoekrichtingen verdere maatregelen voorbereid. Daarbij willen wij echter een aantrekkelijke stad blijven. Er zit derhalve een ondergrens aan wat wij als stad kunnen besparen. Wij houden daarom rekening met het scenario dat wij in het kader van "geen knaken, geen taken" de overweging dienen te maken om taken terug te geven aan het Rijk”. Concreet betekent dit dat het college zich richt op een pakket aan ombuigingsmaatregelen van € 15 miljoen en daarmee 50% van de meerjarige tekorten van een dekkingsrichting voorziet.

Nu het Hoofdlijnenakkoord bekend is, is er ook meer zekerheid over de toekomstige tekorten. Onduidelijkheid over realisatie ingeboekte besparingen / taakstellingen blijft in de Perspectiefnota bestaan. In de PB 2024 nam het college diverse ombuigingen op, voor 2025 een bedrag van € 5 miljoen. Bij enkele van die maatregelen gaf het college destijds aan dat invulling nog inspanning zou vragen en ambitie bevatte (bijvoorbeeld voor de maatregel op de BUIG) óf nader overleg met de provincie vroeg (Beschermd Wonen). Naast deze ombuigingen waren er ook in de PB 2023 al ombuigingen opgenomen, bijvoorbeeld taakstellingen op de organisatie. De Perspectiefnota maakt niet duidelijk wat de status van die ombuigingen is. Daarmee is niet duidelijk welke totale ombuigingsinspanning er voor de toekomst nog ligt en/of er overlap c.q. stapeling is met ombuigingen die het college nu voorstelt. De informatiewaarde van de Perspectiefnota neemt toe als het college u in een apart onderdeel een samenvattend overzicht geeft van alle ombuigingen / taakstellingen die al in de PB 2024 zijn opgenomen inclusief de status daarvan. Jaarlijkse voordeel op de kapitaallasten in de Perspectiefnota niet financieel vertaald.

Het college geeft aan dit als aanvullende zoekrichting mee te nemen: “Daarnaast is er nog een aantal andere maatregelen die wij richting de Begroting 2025 willen onderzoeken, zoals het temporiseren van geplande investeringen”. Hier kan een aanvullend besparingspotentieel zitten. De programmabudgetten worden in navolging van de PB 2024 niet voortgezet. In de Perspectiefnota geeft het college aan dat er geen ruimte voor nieuw beleid is. Het college schrijft hierover: “In de voorliggende perspectiefnota zijn daarom geen voorstellen voor nieuw beleid gedaan. Hoewel wij graag uw raad een aantal investeringsvoorstellen hadden gedaan, kiezen wij nu voor behoedzaamheid”. In de PB 2024 eindigen de programmabudgetten in 2026. Het is de vraag of in dat jaar de activiteiten vanuit de programma’s ook afgerond zijn en doelstellingen behaald. De vraag is of het voortzetten van (onderdelen van) de programma’s niet prevaleert boven andere activiteiten in de programmabegroting? Of dat u het als raad gewenst vindt dat aanvullende bezuinigingen moeten worden gezocht om alsnog (onderdelen van) programma’s voort te zetten? Financieel effect omslag naar een andere indexatiesystematiek niet duidelijk. Op pagina 15 valt het navolgende te lezen: “Tussen het Rijk en de VNG zijn afspraken gemaakt over de berekeningswijze voor de loon- en prijsontwikkelingen.

De loon- en prijsontwikkeling in het accres (groei gemeentefonds) wordt bijgesteld met een gecombineerde index op basis van de CPB-indices voor de loonvoet sector overheid, de prijsontwikkeling materiële overheidsconsumptie (IMOC) en de prijsontwikkeling bruto overheidsinvesteringen (IBOI). Hierbij wordt een verdeling van 60/20/20 tussen loon, consumptie en investeringen aangehouden. De indices worden bijgesteld op basis van de Centraal Economisch Plan van het CPB in het voorjaar en op basis van de Macro Economische verkenning september. De afgelopen jaren hanteerden wij een andere index voor loonontwikkelingen, namelijk de index ‘prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers’. Bovendien maakten we geen gebruik van een separate index voor overheidsinvesteringen. We stellen voor om vanaf 2025 aan te sluiten bij de gehanteerde indices in het gemeentefonds”. Het college maakt hierbij niet duidelijk of en zo wat het financieel effect is van deze wijziging in systematiek. 11

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

De keuze voor wijziging van indexatiesystematiek lijkt technisch maar heeft mogelijk financiële consequenties. De Perspectiefnota 2025-2028 biedt geen inzicht of deze consequenties er inderdaad zijn. Hogere energiekosten nog te dempen door verduurzaming? Het college voorziet in de komende jaren een stijging van de energiekosten: “Het huidige contract voor gas en elektra loopt af per 31 december 2024. De inkoop voor de levering vanaf 1 januari 2025 wordt in regionaal verband Europees aanbesteed. Met name de oorlog tussen Rusland en Oekraïne zorgt voor een grillige energiemarkt. Als we ons baseren op de huidige prijzen voor 2025 zien wij een stijging in de prijzen welke leidt tot een extra last voor Almelo” (pagina 18). Of hierbij de effecten van eventuele verduurzamingsmaatregelen zijn meegenomen is niet duidelijk. Areaaluitbreiding betekent naast baten ook extra lasten. “Als gevolg van areaaluitbreiding kunnen er in de komende jaren hogere inkomsten uit gemeentelijke belastingen worden verwacht” zo schrijft het college op pagina 18. Areaaluitbreiding betekent naast baten ook extra lasten, bijvoorbeeld in de vorm van onderhoudslasten openbaar gebied. Uit de opgenomen tekst valt niet op te maken of daarmee voldoende rekening wordt gehouden. Onduidelijk of de herziening nota Kapitaalgoederen is uitgevoerd. Deze herziening kan een financieel effect hebben.

Uit de jaarrekening 2023 en de PN 2025-2028 blijkt ons niet of de herziening van de nota Nota kapitaalgoederen openbare ruimte 2021-2024 is uitgevoerd. En daarmee ook niet of dit nog tot een (aanvullend) financieel effect leidt. Structurele effecten jaarrekening 2023 volledig verwerkt? De jaarrekening 2023 sluit met een batig saldo van € 18,3 miljoen. T.o.v. de gewijzigde begroting 2023 is de afwijking € 2,5 miljoen voordelig. In de jaarrekening 2023 en het bijbehorende raadsvoorstel geeft het college een verschillenanalyse van dit laatste bedrag. Belangrijk onderdeel is de onderbesteding op de ontvangen rijksmiddelen voor opvang van vluchtelingen, dit maakt voor € 2,1 miljoen onderdeel uit van het resultaat. Deze onderbesteding is een trend die landelijk zichtbaar is. De rijksbijdrage heeft een tijdelijk karakter zodat dit een incidenteel (meerjarig?) voordeel is. Ook meldt het college een voordeel (€ 2,5 miljoen) op de verkoop van vastgoed en grond en hogere legesopbrengsten, Daartegenover staat per saldo een nadeel op het sociaal domein. Het deel van het batige saldo waarvoor al eerder een begrotingswijziging is gemaakt (€ 15,8 miljoen voordelig) is door het college in tussentijdse rapportages verklaard. Deze verschillen worden in de jaarrekening 2023 of het raadsvoorstel niet meer toegelicht.

Een volledig beeld van de verschillen in 2023 vergt daarmee het naast elkaar leggen van verschillende documenten. Dit kan het voor uw raad lastiger maken om na te gaan welke verschillen er waren en of die wel/niet een structureel effect hebben en in meerjarig perspectief zijn meegenomen. Een overweging kan zijn om het college te vragen om in het vervolg bij de jaarrekening een kort samenvattend overzicht te geven van een verklaring van het totale saldo over het boekjaar. Dus ook de verschillen die in een eerdere tussentijdse rapportages al zijn gemeld. .

2.1.3 Werken met scenario’s kan behulpzaam zijn Het bovenstaande geeft aan dat er nog diverse onzekerheden in het gepresenteerde financiële beeld zijn. Voor een deel benoemt het college die ook (algemene uitkering, volumeraming sociaal domein, kapitaallasten). Voor een ander deel komen onzekerheden voort uit onduidelijkheid over wat wel of niet in de raming is meegenomen. Voor dat laatste onderdeel kunt u overwegen om een aantal informatievragen aan het college te stellen. Suggesties daarvoor namen wij bij de diverse onderwerpen op.

12

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Voor het eerste deel kan een overweging zijn om in de Perspectiefnota te werken met scenario’s: bijvoorbeeld met verwerking van de Voorjaarsnota 2024 en zonder. Onderdeel van de scenario’s kan ook zijn een verschillende inschatting van de mate waarin het rijk de gemeenten wel / niet aanvullend gaat compenseren, groeiscenario’s sociaal domein et cetera. Daarmee ontstaat er eerder inzicht in de mogelijke bandbreedte van het tekort en kunnen daarop ook eerder acties worden gezet. Resumerend is het financiële beeld dat het college in de Perspectiefnota 2025-2028 geeft met de nodige onzekerheden omgeven. Diverse ontwikkelingen maken het vrijwel zeker dat het financiële beeld in de PB 2025 wijzigt. Met een reële kans dat het begrotingssaldo 2025 verder verslechterd. Voor een zorgvuldige besluitvorming én implementatie van ombuigingsmaatregelen is een zo compleet en tijdig mogelijk zicht op de opgave (c.q. bandbreedte daarvan) van meerwaarde voor de raad. Dit complete beeld kan worden verkregen door het college op onderdelen om aanvullende informatie te vragen. Daarnaast is een suggestie om de onzekerheden in de financiële positie tot uiting te laten komen door te werken met een aantal scenario’s.

2.2 Dekkingsmogelijkheden In dit onderdeel richten wij ons op aandachtspunten bij de dekkingsmogelijkheden zoals die in de PN 2025-2028 beschreven zijn.

2.2.1 Jaarschijf 2025 sluitend, meerjarig nog tekorten Het college biedt u voor het begrotingsjaar 2025 een sluitend dekkingsplan aan. In meerjarig perspectief resteren na de dekkingsvoorstellen die het college doet tekorten van minimaal € 15 miljoen. Het college kondigt daarbij aan in aanloop naar de PB 2025 met aanvullende voorstellen te komen.

13

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

2.2.2 Diverse dekkingsvoorstellen opgenomen Bij de PB 2024 sprak het college met u af in aanloop naar de PN 2025-2028 een aantal acties uit te voeren. Deze acties waren qua dekkingsvoorstellen: 1. Nader uitwerken van de zoekrichtingen voor dekking zoals vastgesteld 2. Breed onderzoek naar de uitvoering Sociaal Domein; 3. Begrotingsanalyse In en bij de PN 2025-2028 biedt het college u deze toegezegde informatie aan. Stevige ingreep Sociaal Domein Het college schetst een aanpak waarmee een bezuiniging op het sociaal domein gerealiseerd moet worden. Dit ook volgens het kader dat u eerder stelde. Als eerste keek het college naar het anders organiseren: van maatwerk naar algemene voorziening en “meer inzetten op preventie door het versterken van het zelfoplossend vermogen en het stimuleren van gezond en actief leven”. Het college verwijst hierbij o.a. naar het Strategisch beleidsplan Sociaal Domein 2022 en het Actieplan Beleid 2022. Ook verwijst het college naar het onderzoek dat is uitgevoerd naar de uitvoering van het sociaal domein. In de context van deze documenten acht het college een stevige besparing mogelijk: “Op basis van deze analyse en uitgangspunten is een aantal besparingsmogelijkheden geïdentificeerd, samen ter grootte van circa 7,7 miljoen euro”. Een eerste aandachtspunt dat wij hierbij zien is dat in het Hoofdlijnenakkoord preventie minder aandacht lijkt te krijgen.

Daarnaast vermeldt het Hoofdlijnenakkoord dat de specifieke uitkeringen (SPUK’s) met een korting van 10% worden ondergebracht in de Algemene Uitkering. Dit geldt dan ook voor de SPUK GALA en SPUK IZA waaruit veel preventieve activiteiten worden bekostigd. De vraag is wat de impact daarvan gaat zijn. Een tweede aandachtspunt is dat de onderbouwing van het besparingsbedrag concreter kan. Op basis van welke berekeningen / aannames is het bedrag gebaseerd en welke factoren kunnen de invulling van dat bedrag mogelijk beïnvloeden? Een derde aandachtspunt is het onderzoek naar het sociaal domein waaraan wij eerder al kort refereerden. Dit uitkomsten van dit onderzoek lalen een stevige opgave zien. Zoals het college zelf aangeeft, is hier eerst een investering nodig voordat de in het onderzoek benoemde kansen ook tot een effect leiden. Daarmee is de opvolging van dit onderzoek een belangrijke randvoorwaarden voor de besparingen in het sociaal domein. De vraag is hoe u als raad betrokken wilt worden bij de opvolging van dit onderzoek? Als tweede stap is het college de begroting van het sociaal domein op taakveld-niveau nagelopen, waarbij de besparingsmogelijkheden zijn beschreven binnen 3 scenario’s. Het college stelt voor om te kiezen voor scenario 3: “In dit scenario is sprake van een fundamentele herziening van de basis van werken en organiseren in het Almelose sociaal domein.

Er worden drastische keuzes gemaakt in de wijze van organiseren en in de manier waarop we onze inwoners, samenwerkingspartners en subsidie- en inkooprelaties benaderen. Hierbij wordt met name gericht op de medebewindstaken”. Het scenario heeft volgens het college een grote impact op zowel inwoners, partners als de eigen organisatie. Dit scenario leidt tot een aanvullende besparing van € 1 miljoen. T.o.v. de eerder genoemde € 7,7 miljoen, waarbij de impact kleiner wordt beschreven, lijkt dit een bescheiden bedrag. Onduidelijk is of de € 7,7 miljoen ook gerealiseerd kan worden zonder uitvoering van dit scenario. Tot slot valt te lezen: “Zoals in hoofdstuk 3 en 4 al is aangegeven houden we ook rekening met het scenario dat het Rijk de korting in het gemeentefonds onvoldoende compenseert. We zullen in dat geval, om te komen tot een sluitende begroting c.q. de tekorten verder te verkleinen, genoodzaakt zijn om de drastische maatregelen uit de eerste verkenning en/of het scenario 1 toe te passen, zoals het instellen van budgetplafonds”.

14

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Uit het Regeerakkoord blijkt, zoals eerder beschreven, dat die compensatie van het Rijk er niet komt. Uit de tekst volgt dat daardoor “drastische” maatregelen nodig zijn zoals budgetplafonds. Over de effectiviteit van budgetplafonds is in het verleden het nodige onderzocht en geschreven, bijvoorbeeld in het AEF-rapport “Stelsel in Groei” 4. Belangrijk om die informatie te betrekken bij de afwegingen. Om tot een sluitend dekkingsvoorstel te komen is mogelijk een nog meer stevige ingreep in het sociaal domein een keuze. Dat vergt zorgvuldige afweging. Voor u als raad kan het meerwaarde hebben om het college te vragen om in aanloop naar de PB 2025 de nu beschreven scenario’s meer concreet te maken: welke doelgroep (aantal inwoners) wordt erdoor geraakt, hoe is het financiële effect van de besparing berekend en welke risico’s zijn er op niet realiseren? Ook inzicht in landelijke ervaringen met maatregelen is behulpzaam bij een zorgvuldige besluitvorming. Inkomstenverhogende maatregelen Het college voerde een analyse uit op de inkomsten om te kijken waar een verhoging kan plaatsvinden. De conclusie van het College is dat de grootste potentie zit bij de OZB. Op basis van de geactualiseerde areaaluitbreiding is berekend wat een stapsgewijze extra verhoging van de OZB in 4 jaar, met 2,5% per jaar zal opbrengen.

Deze zin geeft aan dat dit een extra verhoging is, bovenop de 2% verhoging die al in de PB 2024 is verwerkt. In 2028 betaalt een woningeigenaar daardoor 10% meer OZB (4 keer 2,5%). De onderstaande tabel (opgenomen op pagina 29) is onduidelijk te lezen: 10% zou betekenen dat de woningeigenaar in 2028 een bedrag van € 35,60 meer betaald. Er staat een bedrag van € 14,--. Hoe is dit verschil te duiden?

Samenloop taakstellingen? Het college schrijft “ We zien nog een aantal mogelijkheden om inwoners vanuit de inkomensvoorziening, zoals de bijstand, aan werk te helpen”. In de PB 2024 is al een taakstelling op de BUIG ingeboekt. Onduidelijk is of met deze tekst gedoeld wordt op deze taakstelling of dat het college aanvullende mogelijkheden ziet. Overige zoekrichtingen Zoals vorig jaar aangekondigd liet het college een benchmark met referentiegemeenten (Benchmark overige zoekrichtingen, INT-91805) uitvoeren en daarnaast zijn de gemeentelijke lasten gespiegeld aan het gemeentefonds (Begroting gespiegeld aan gemeentefonds, INT-91804). Benchmark referentiegemeenten: het college gaf opdracht aan een onderzoeksbureau om op de onderstaande onderwerpen een benchmark te doen: • •

onderhoud en beheer openbare ruimte; versoberen cultureel en recreatief aanbod, inclusief sport. Hierbij wordt voor recreatief aanbod ook ingezoomd op de bijdrage van verbonden partijen; versoberen publieke dienstverlening (burgerzaken); onderwijshuisvesting.

• •

Het betreft hier dus geen volledige benchmark van de begroting. In deze benchmark wordt Almelo met 4 vergelijkbare gemeenten vergeleken. 4

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2020/12/15/stelsel-in-groei

15

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Het onderzoek laat zien dat Almelo op de onderdelen wegen meer uitgeeft dan de referentiegemeenten (uitgaven Almelo liggen buiten de bandbreedte). Op het onderdeel openbaar groen ligt Almelo qua uitgaven binnen de bandbreedte maar boven het gemiddelde. Op de overige onderdelen geeft Almelo minder of gemiddeld uit. Verder vermeldt het onderzoek “de komende jaren stijgen de netto lasten van wegen, civiele kunstwerken, openbaar groen en publieke dienstverlening sterker dan bij referentiegemeenten. Bij de meeste van deze taakgebieden heeft Almelo nu al hogere uitgaven”. Aandachtspunt bij dit onderzoek is dat een vergelijking is gemaakt op de cijfers 2023. Bij een aantal onderdelen is aangegeven dat kosten in de komende jaren flink zullen toenemen. Voor een deel zal dit betekenen dat Almelo nog meer van “het gemiddelde” afwijkt of daar juist ook boven gaat komen (publieke dienstverlening). Overigens laat de soms forse bandbreedte zien dat van “een gemiddelde” vrijwel nauwelijks sprake is. Begroting gespiegeld aan het gemeentefonds: in dit onderzoek worden de uitgaven van Almelo vergeleken met de normvergoedingen (ijkpunten) die daarvoor via de algemene uitkering uit het gemeentefonds.

Over de aanpak staat in het onderzoeksrapport het volgende: “De ijkpunten van het gemeentefonds geven aan wat het in de Almelose omstandigheden kost om een voorzieningenniveau te realiseren dat gelijkwaardig is aan dat van vergelijkbare gemeenten, uitgaande van een efficiënte uitvoering. Een afwijking van dit referentieniveau zegt iets over de keuzes die Almelo heeft gemaakt rond het voorzieningenniveau en/of de efficiëntie van de uitvoering. Het geeft inzicht in de financiële prioriteit die Almelo aan een taak geeft”. De begrotingscijfers 2023 worden vergeleken met de ijkpunten in het gemeentefonds nadat eerst de geraamde kosten meerjarig in beeld zijn gebracht. Conclusie van het onderzoek is dat Almelo structureel meer uit Jeugd, WMO, Bestuur en Burgerzaken, Brandweer, en Infrastructuur dan de ijkpunten in het gemeentefonds Net als bij het voorgaande onderzoek is het aandachtspunt dat een vergelijking is gemaakt met de geraamde cijfers 2023. Ook hier geldt dat kosten bij sommige onderwerpen komende jaren naar verwachting stevig groeien. Vergelijking met deze toekomstige kosten geeft wellicht een heel ander beeld. Zeker vanuit de kennis dat de Algemene Uitkering juist fors zal dalen. De uitgevoerde vergelijkingen bieden informatie die nuttig kan zijn voor het vervolg van de dekkingsopgave.

Belangrijk is om daarbij rekenschap te nemen van het feit dat de vergelijking geen “waarheden” bevat maar signalen voor verdiepend onderzoek. Een factor die het beeld vertroebeld is dat vergeleken is met het jaar 2023. Terwijl beide onderzoeken aangeven dat geraamde kosten op onderdelen de komende jaren stevig groeien. Een vergelijking op het jaar 2025 of 2026 (de jaren waarin de financiële opgave gaat spelen) had wellicht een andere uitkomst gegeven. Niet duidelijk is waarom het college deze keuze heeft gemaakt. Op basis van de onderzoeksresultaten wil het college de volgende drie onderdelen uit de onderzoeken nader uitwerken: (1) onderhoud en beheer wegen, (2) openbaar groen en (3) bijdrage van verbonden partijen. Het college schrijft dat “Ten opzichte van de referentiegemeenten Almelo meer uitgeeft aan beheer en onderhoud van wegen”. Het college geeft hier vervolgens ook een gedeeltelijke verklaring voor en geeft aan dat verdere besparingsopties binnen dit onderwerp onderzocht gaan worden. Wij verwijzen u naar het Rekenkamerrapport over IBOR dat handvatten geeft voor het goede gesprek hierover. Overigens meldt het college dit rapport zelf ook in de paragraaf Kapitaalgoederen in de jaarrekening 2023. In de PN meldt het college verder: “Het onderzoek geeft voldoende aanleiding om een nadere analyse te doen op de wijze waarop de gemeente haar openbaar groen beheert.

Het recreatieschap welke wordt uitgevoerd door de verbonden partij Recreatieschap Twente, zal onderdeel uitmaken van deze analyse. De onderzoeksresultaten bieden onvoldoende aanleiding om een verdere analyse uit te voeren op de onderdelen cultuur en sport”.

16

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Dit laatste is opvallend omdat het college in een raadsbrief bij de PB 2024 juist schreef dat dit laatste domein veel beleidsruimte kent en daarmee potentie voor een bezuinigingsopgave. Het heeft meerwaarde om nadere informatie te krijgen hoe het college tot deze conclusie komt. Voor wat betreft het Recreatieschap Twente wijzen wij u naar de onlangs uitgevoerde Quickscan Verbonden Partijen. Over het Recreatieschap Twente is daar aangegeven dat het gehanteerde onderhoudsniveau “uitstekend” binnen de huidige financiële context wellicht niet meer passend is. Voor de publieke dienstverlening geeft het college aan dat Almelo nagenoeg hetzelfde uitgeeft als de referentiegemeenten. Het college ziet daarom, net als bij cultuur en sport, onvoldoende aanleiding om hierop nader onderzoek op besparingen te doen. Daarbij kan de vraag gesteld worden of het feit dat uitgaven niet afwijken van de uitgaven van referentiegemeenten voldoende aanleiding vormen om ombuigingsopties niet verder te onderzoeken? Op gebied van onderwijshuisvesting constateert het college dat er geen besparingspotentieel is. Vanaf 2029 wordt juist een extra budget noodzakelijk geacht. Ook wil het college het gesprek aangaan met de Gemeenschappelijke Regelingen om de lastenontwikkeling binnen de GR-en meer in lijn te krijgen met de financiële ontwikkeling van gemeenten vanaf 2026.

Voor SamenTwente staat er al een kerntakendiscussie gepland. De vraag hierbij is welke tijdslijn het college hier ziet en of uitkomsten nog tijdig in de PB 2025 kunnen worden verwerkt. Van belang is om hierbij ook de zienswijzen brieven te betrekken zoals het college u die eerder aanbood. Aanvullend kunt u zich de vraag stellen of nieuwe samenwerkingen mogelijk nog tot kostenbesparingen kunnen leiden. Aanvullende maatregelen Om de jaarschijf 2025 structureel sluitend te hebben stelt het college een aantal aanvullende maatregelen voor. Algemene reserve als structureel dekkingsmiddel: het college raamt hiervoor 4,4 miljoen in 2025 en 2,4 miljoen in 2026. In de tekst wordt alleen over inzet in het jaar 2025 gesproken. De VNG heeft in december 2023 een brief verstuurd waarin aangekondigd wordt dat m.i.v. 2024 onder voorwaarden de algemene reserve als structureel dekkingsmiddel mag worden ingezet. De brief vermeld hierover het volgende: “Hierdoor kunnen gemeenten vanaf volgend jaar het surplus in de algemene reserve (de reserve waar geen bestemming aan is gegeven) aanwenden voor het dekken van structurele exploitatielasten. Van dit vrij besteedbare deel, het surplus, mogen gemeenten 10% inzetten voor structurele lasten. Dit onder de voorwaarde dat de solvabiliteit van de gemeente groter of gelijk aan 20% is en blijft. Dit deel wordt dan tot ‘structurele baat’ bestempeld.

Ook moet het weerstandsvermogen naar het oordeel van de toezichthouder (de provincie) voldoende zijn, gebaseerd op een adequate risico-inventarisatie”.5 Uit de PN 2025-2028 blijkt niet of aan deze voorwaarden wordt voldaan. In de jaarrekening 2023 staan de volgende gegevens: Pagina 190 jaarrekening gemeente Almelo:

5

https://vng.nl/sites/default/files/2023-12/21122023_lbr_23_053_toelichting_inzet_reserves_vanaf_2024_0.pdf

17

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Pagina 116 jaarrekening 2023:

De Algemene Reserve bedraagt bijna € 45 miljoen (voor resultaatbestemming) en de solvabiliteitratio is 32%. Rekening houdend met wat het college schrijft over overheveling van bedragen uit de reserve Sociaal Domein, lijkt hiermee aan de voorwaarden te worden voldaan. Het kan raadzaam zijn om het college te vragen deze berekening voor u te maken. Taakstelling op de organisatie. Hier ziet het college mogelijkheden. Op pagina 31 staat: “Netto structurele besparing op de organisatie van 500.000 euro per jaar gedurende drie jaar, waardoor er vanaf 2028 een structurele netto besparing gerealiseerd wordt van 1,5 miljoen euro” “We denken dat over het geheel van onze organisatie ruimte is voor besparingen, vooral in die bedrijfsprocessen die voor de hele organisatie werken. Simpel gesteld kan de efficiëntie omhoog. We denken daarbij onder meer aan inkoop, inhuur en datagedreven werken. Door hier de besparingen te zoeken, laten we de eerdere investeringen in de kwaliteit van onze ambtelijke organisatie ongemoeid”. In de paragraaf bedrijfsvoering van de PB 2024 staat de onderstaande tekst:

Hier lijkt een tegenspraak in te zitten. Het is van toegevoegde waarde om het college hier een nadere toelichting op te vragen. Inzet saldo jaarrekening 2023 Het college stelt u bij de vaststelling van de jaarrekening 2023 een bestemming van het saldo voor. Pagina 11 jaarrekening Almelo 2023

18

Quick scan Perspectiefnota 2025 - 2028

Rekenkamer Almelo

Door dit voorstel op deze wijze aan u voor te leggen, voldoet het college aan de regels omtrent uw budgetrecht. Belangrijke afweging is of de vaststelling van een jaarrekening voor u als raad het moment is om resultaat te bestemmen. Of heeft het meerwaarde om resultaatbestemming te betrekken bij het integrale afwegingsmoment (PN of PB) over de financiële opgave die dan voorligt en de keuzes die dan gemaakt moeten worden? Overweeg of resultaatbestemming bij de jaarrekening 2023 al noodzakelijk is of dat het van meerwaarde is om bestemming te combineren met de integrale afweging bij PN of PB. Het kan raadzaam zijn om daarover met het college een gedragslijn af te spreken. Resumerend kan de informatiewaarde over de dekkingsmogelijkheden in de Perspectiefnota 2025-2028 steviger. Bijvoorbeeld doordat het college de raad nadere duiding geeft hoe de verschillende benchmarks zijn gewogen en waarom het uitgangspunt “lasten wijken niet af van het gemiddelde” voor het college betekent dat op dat onderwerp geen ombuigingsvoorstellen worden uitgewerkt. Ook meer inzicht in samenloop met eerdere ombuigingsvoorstellen en duidelijkheid over schijnbare tegenspraak in een enkel onderdeel helpt u als raad om tot zorgvuldige besluitvorming te komen.

Daarbij is het ook raadzaam om af te wegen of bestemming van het saldo van een jaarrekening wel of niet kan/mag plaatsvinden vooruitlopend op het integrale afwegingsmoment bij PN of PB en daarover met het college een gedragslijn af te spreken.

2.3 Aanpak Aanpak dekking tekorten volgt advies VNG Het college volgt voor het sluitend maken van de PB 2025 het advies dat de VNG 6 hierover gaf. Dit advies luidt in hoofdlijn: maak het begrotingsjaar 2025 sluitend en bereidt voor het meerjarig perspectief een pakket met ombuigingsmaatregelen voor en wees terughoudend met het invoeren daarvan. Kijk voor het deel van het tekort dat ontstaat door de lagere rijksbijdrage vooral naar ombuigingen op medebewindstaken. In de Perspectiefnota vertaalt het college dat naar het aanbieden van zoekrichtingen voor dekkingsvoorstellen die het tekort voor 50% dekken. De overige 50% ziet het college veroorzaakt door de korting op de Algemene uitkering gemeentefonds en daarmee van een andere orde. Zoals eerder in dit document aangegeven stelt het college zich op het standpunt dat er voor dit deel geld bij moet of anders taken worden teruggegeven. Belangrijk aandachtspunt daarbij is dat medebewindstaken voor de inwoners van Almelo worden uitgevoerd. Ruim 85% van de taken van de gemeenten, denk aan volkshuisvesting, Jeugdzorg, WMO, bijstand et cetera zijn ook medebewindstaken. Deze “teruggeven” betekent niet automatisch dat het rijk die dan gaat uitvoeren. Inwoners van Almelo kunnen dan belangrijke voorzieningen onthouden worden. Het is de vraag hoe daar dan mee omgegaan wordt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Almelo&id=59858a6d-0002-4c80-b188-2040fcda12ad