Programmabegroting 2022 - Bijlage 1 - Programmabegroting 2022.pdf
Tekst van het document
71
0.64 Belastingen overig Bij de perspectiefnota 2021 is besloten om de precariobelasting vanaf 2023 stapsgewijs te verhogen. Dit verklaart de oplopende baten in de meerjarenraming. 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds De algemene uitkering en de overige uitkeringen uit het gemeentefonds zijn in de meerjarenraming aangepast conform de meicirculaire 2021 van het gemeentefonds. Verder zijn de aanvullende middelen gemeentefonds geraamd van 7,8 miljoen euro in 2022 aflopend naar 3,8 miljoen euro in 2025. Tot slot vervalt in 2024 de bijdrage op grond van de specifieke uitkering stimulering sport (SPUK) van 550.000 euro. 0.8 Overige baten en lasten Het verschil bij de lasten wordt hoofdzakelijk verklaard door reserveringen voor loon- en prijscompensatie, areaaluitbreiding en nieuw beleid en de mutaties in de behoedzaamheidsstelpost en de stelpost autonome ontwikkelingen sociaal domein.
72
4.2.3 Veiligheid Het hoofdtaakveld Veiligheid omvat het integrale veiligheidsbeleid waarin de gemeente een regierol vervult ten opzichte van politie, justitie, ketenpartners en burgers. Dierenwelzijn De gemeente Almelo heeft een wettelijke taak met betrekking tot dierennoodhulp en dierenwelzijn. Deze wettelijke taak is uitbesteed aan de Nederlandse Vereniging tot Bescherming van Dieren (Dierenbescherming), regio Noordoost. Met hen is een basisarrangement afgesproken. Het basisarrangement omvat alle gezelschapsdieren. Hieronder wordt verstaan: alle dieren die primair voor gezelschap, sport of liefhebberij worden gehouden, niet zijnde dieren die primair voor veeteelt worden gehouden of in het wild levende dieren. Het basisarrangement bestaat een aantal prestatieafspraken: 1. Bereikbaarheid: de Dierenbescherming voorziet in een meldkamer Dierennoodhulp, die 24 uur per dag, 7 dagen per week telefonisch bereikbaar is. 2. Registratie van melding van vermiste dieren: het bijhouden van een deugdelijke registratie van alle inkomende (en uitgaande) dieren. 3. Registratie van melding van gevonden (gehouden) dieren: het bijhouden van een deugdelijke registratie van gevonden dieren. 4. Transport: indien een dier vervoerd dient te worden dan vindt dit plaats door een dierenambulance. 5.
Veterinaire zorg: dit wordt verleend door personen die handelen conform de Wet dieren en het Besluit diergeneeskundigen. De dieren zullen alle wettelijk verplichte vaccinaties ontvangen. Indien nodig, wordt het dier door een dierenarts onderzocht en/of behandeld. 6. Opvang van gevonden dieren: er wordt zo veel mogelijk samengewerkt met dierenopvangcentra, die het kwaliteitskeurmerk ‘Erkend door de Nederlandse Vereniging tot bescherming van Dieren’ of ‘Keurmerk Dierenopvang van de stichting Dierkeur’ dragen. 7. Hereniging gevonden dier met eigenaar: er is een inspanningsverplichting om de eigenaar met het gevonden dier te herenigen. 8. Eigendomsoverdracht van gevonden dieren. Op het gebied van dierenwelzijn, zijn de volgende prestaties van toepassing: • Verwijderen van kadavers: het vervoeren van kadavers binnen de bebouwde kom en in het zicht vanaf de openbare weg naar een daartoe geschikte instantie. • Dieren in het wild. het vervoer van zieke en/of gewonde, in het wild levende dieren binnen de Gemeentegrenzen naar een opvangcentrum (asiel) en/of zo nodig, naar een dierenarts. • Huisontruiming: gedurende een ‘opslagtermijn’ van 13 weken zorg dragen voor opvang van achtergelaten gezelschapsdieren.
Vastgestelde nota's Extern veiligheidsbeleid 2014-2021 Integraal veiligheidsbeleid 2017-2020 Uniform Twents VTH beleid Nota kapitaalgoederen openbare ruimte 2021-2024
Taakvelden Taakveld 1.1 Crisisbeheersing en brandweer Rampenplan, rampenbestrijding, regionale brandweer en preventie. 1.2 Openbare orde en veiligheid Formuleren integraal veiligheidsbeleid, toezicht en handhaving openbare orde door stadstoezicht, dierenbescherming en dierenwelzijn (o.a. opvang en vervoer zwerfdieren), APV, bestuursdwang en preventieve maatregelen (bijvoorbeeld inbraakpreventie).
73
Indicatoren Indicator Verwijzingen Halt per 10.000 inwoners leeftijd 12-17 jaar Winkeldiefstallen per 1.000 inwoners Geweldsmisdrijven per 1.000 inwoners Diefstal uit woning per 1.000 inwoners Vernieling en beschadiging per 1.000 inwoners
Almelo Grootteklasse Almelo Grootteklasse
2017 130,0 135,0 2,6 2,1
2018 105,0 119,0 2,8 2,0
2019 108,0 126,0 2,5 2,0
2020 100,0 120,0 -
Almelo Grootteklasse Almelo Grootteklasse
6,3 5,0 2,6 2,9
7,2 4,7 1,7 2,5
6,5 4,6 2,1 2,2
5,7 4,4 -
Almelo Grootteklasse
8,3 6,1
5,9 5,6
7,1 6,1
7,0 6,5
Lasten
Baten
Saldo
Bron: waatstaatjegemeente.nl
Financieel terugkijken Taakveld
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Werkelijk Werkelijk Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020
2020
2021
2021
2022
2022
2022
1.1 Crisisbeheersing en brandweer
5.310
-
5.461
-
5.616
-
5.616
1.2 Openbare orde en veiligheid
1.928
-20
1.598
-45
1.624
-45
1.579
1 Veiligheid
7.239
-20
7.059
-45
7.240
-45
7.195
1 Veiligheid
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 1.1 Crisisbeheersing en brandweer De bijdrage aan VRT wordt in 2022 verhoogd met 146.000 euro. Deze verhoging bestaat enerzijds uit de reguliere loon- en prijsbijstellingen en anderzijds uit de extra verhoging in de periode 2019 tot en met 2022 van 34.000 euro per jaar. Daarnaast is in regionaal verband besloten tot een verhoging van de bijdrage aan Veiligheidsnetwerk Oost-Nederland en het Regionale Informatie en Expertise Centra Oost-Nederland (RIEC). Het betreft een tijdelijke verhoging voor de periode 2019-2023. 1.2 Openbare orde en veiligheid Het verschil aan de lastenkant wordt verklaard door de toerekening van personeelslasten aan de taakvelden.
74
Financieel vooruitkijken Taakveld
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Begroting Begroting Begroting Raming Raming Raming Raming Raming Raming 2022
2022
2022
2023
2023
2024
2024
2025
2025
1 Veiligheid 1.1 Crisisbeheersing en brandweer 1.2 Openbare orde en veiligheid 1 Veiligheid
5.616
-
5.616
5.616
-
5.616
-
5.616
-
1.624
-45
1.579
1.624
-45
1.624
-45
1.624
-45
7.240
-45
7.195
7.240
-45
7.240
-45
7.240
-45
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen Niet van toepassing.
75
4.2.4 Verkeer en vervoer Het hoofdtaakveld Verkeer en vervoer omvat het gemeentelijk verkeer- en vervoersbeleid, het parkeerbeleid en de zorg voor het beheer en de aanleg van wegen en waterwegen.
Vastgestelde nota's Mobiliteitsvisie: Almelo op weg naar 2030 Parkeerbeleidsplan 2013-2018 (inclusief aanpassingen) Nota gladheidsbestrijding 2011 Nota kapitaalgoederen openbare ruimte 2021-2024
Taakvelden Taakveld 2.1 Verkeer en vervoer Verkeersbeleid, gladheidsbestrijding, beheer en onderhoud wegen. 2.2 Parkeren Uitvoering parkeerbeleid. 2.3 Recreatieve havens Beheer en onderhoud jachthaven en ontvangen pachtgelden. 2.4 Economische havens en waterwegen Beheer bedrijfshaven en brugbediening. 2.5 Openbaar vervoer Vervoersbeleid maken in regionaal verband.
Indicatoren De Regeling beleidsindicatoren gemeenten is aangepast. De indicatoren die voorheen onder dit taakveld werden opgenomen zijn daarbij komen te vervallen. De benodigde gegevens worden niet langer aan gemeenten verstrekt. Het gaat om de indicatoren 'ziekenhuisopname na verkeersongeval met motorvoertuig' en 'overige vervoersongevallen met een gewonde fietser'.
Financieel terugkijken Taakveld
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Saldo
Werkelijk Werkelijk Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020
2020
2021
2021
2022
2022
2022
2.1 Verkeer en vervoer
10.941
-696
10.767
-555
11.682
-541
11.141
2.2 Parkeren
2.434
-51
2.617
-47
2.724
-48
2.676
2.3 Recreatieve havens
101
-10
72
-15
74
-15
58
2.4 Economische havens en waterwegen
111
-179
169
-194
171
-207
-37
2.5 Openbaar vervoer
-
-
-
-
-
-
-
2 Verkeer en vervoer
13.587
-936
13.624
-811
14.650
-811
13.839
2 Verkeer en vervoer
Bedragen x 1.000 euro
76
Verschillen 2.1 Verkeer en vervoer De lasten stijgen door de verhoging van de stelpost kapitaallasten verharding, kunstwerken, havens, openbaar groen en riolering. 2.2 Parkeren De stelpost kapitaallasten vervangingsinvesteringen parkeren bedraagt vanaf het jaar 2022 126.000 euro. Deze stelpost is bedoeld voor onder andere investeringen in kentekenherkenningssystemen en camerasystemen parkeergarages, portofoons, handterminals e.d. De uit de investeringen 2021 voortvloeiende kapitaallasten komen in 2022 ten laste van deze stelpost. Om deze reden is in 2021 de stelpost eenmalig bij de voorjaarsrapportage vrijgevallen.
Financieel vooruitkijken Taakveld
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Begroting Begroting Begroting Raming Raming Raming Raming Raming Raming 2022
2022
2022
2023
2023
2024
2024
2025
2025
2 Verkeer en vervoer 2.1 Verkeer en vervoer
11.682
-541
11.141
12.060
-541
12.525
-541
13.209
-541
2.2 Parkeren
2.724
-48
2.676
2.723
-48
2.723
-48
2.700
-48
2.3 Recreatieve havens
74
-15
58
74
-15
74
-15
74
-15
2.4 Economische havens en waterwegen
171
-207
-37
172
-207
174
-207
176
-207
2.5 Openbaar vervoer
-
-
-
-
-
-
-
-
-
2 Verkeer en vervoer
14.650
-811
13.839
15.029
-811
15.495
-811
16.159
-811
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 2.1 Verkeer en vervoer De oplopende lasten in de meerjarenraming worden grotendeels verklaard door de oploop van de stelposten voor kapitaallasten van investeringen in verharding, kunstwerken, openbare verlichting en VRI's uit de nota kapitaalgoederen met daarbij de kapitaallasten voor investeringsimpulsen voor infrastructuur, stadskade en het bevaarbaar maken van het kanaal Almelo-Nordhorn.
77
4.2.5 Economie Het hoofdtaakveld Economie omvat alle activiteiten die bijdragen aan het economische ontwikkeling van Almelo en heeft o.a. betrekking op bedrijfsterreinen, bedrijfsvestigingen en ambulante handel.
Vastgestelde nota's Verordening starterslening 2013 Ontwikkelagenda Netwerkstad Twente 2013 Detailhandelsstructuurvisie 2013-2018 Kantorenvisie Netwerkstad Twente 2012 (vanaf pagina 71) Binnenhavenvisie 2017-2030 Bestuursovereenkomst programmering bedrijventerreinen Twente 2019-2022 Nota kapitaalgoederen openbare ruimte 2021-2024
Taakvelden Taakveld 3.1 Economische ontwikkeling Algemeen beleid ter versterking van de economische bedrijvigheid. 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur Exploitatie van bedrijventerreinen. 3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen Voorlichting, advies en dienstverlening aan lokale bedrijven, startersondersteuning, bijdrage aan regio Twente voor samenwerking op gebied van arbeidsmarktontwikkeling. 3.4 Economische promotie Ondernemersfonds centrummanagement, evenementen stichting Almelo promotie, recreatieve voorzieningen Regio Twente en opbrengsten toeristenbelasting.
Indicatoren Indicator Functiemenging van bedrijven en wonen Deze index weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen. Vestigingen van bedrijven per 1.000 inwoners van 15-64 jaar Bron: waatstaatjegemeente.nl
78
Almelo Grootteklasse
2017 55,1% 51,4%
2018 55,9% 51,8%
2019 56,3% 52,6%
2020 55,9% 52,0%
Almelo Grootteklasse
117,6 127,0
120,2 133,7
122,1 139,1
128,0 145,2
Financieel terugkijken Taakveld
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Saldo
Werkelijk Werkelijk Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020
2020
2021
2021
2022
2022
2022
3.1 Economische ontwikkeling
1.161
-72
786
-
890
-
890
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur
2.099
-3.907
11.559
-11.438
11.852
-11.928
-76
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
581
-585
596
-77
516
-18
498
3.4 Economische promotie
772
-30
873
-437
931
-443
488
3 Economie
4.613
-4.594
13.814
-11.952
14.189
-12.389
1.800
3 Economie
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 3.1 Economische ontwikkeling Het verschil aan lasten wordt voornamelijk verklaard doordat er 2022 incidenteel 80.000 euro is geraamd voor de ontwikkelstrategie XL Businesspark 2. 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur De begroting van de grondexploitatie is gebaseerd op de uitgangspunten zoals gehanteerd bij de jaarverantwoording 2020. 3.3. Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen Met ingang van 2022 is de verhoging van de bijdrage aan de Twente Development Board van 0,82 euro per inwoner op dit taakveld geraamd. Het gaat om een bedrag van 0,82 euro per inwoner (60.000 euro), conform besluitvorming bij de programmabegroting 2021. De overige verschillen aan zowel de baten- als de lastenkant worden verklaard door wijzigingen in de interne rentetoerekening aan de taakvelden. 3.4 Economische promotie Het verschil aan de lastenkant wordt verklaard door de toerekening van personele lasten aan de taakvelden.
Financieel vooruitkijken Taakveld
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Begroting Begroting Begroting Raming Raming Raming Raming Raming Raming 2022
2022
2022
2023
2023
2024
2024
2025
2025
3 Economie 3.1 Economische ontwikkeling 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur 3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen 3.4 Economische promotie 3 Economie
890
-
890
11.852
-11.928
-76
516
-18
498
516
-18
516
-18
216
-18
931
-443
488
931
-454
931
-463
931
-463
14.189
-12.389
1.800
Bedragen x 1.000 euro
79
810
-
11.852 -11.643
14.109 -12.115
810
-
11.852 -11.571
14.109 -12.052
810
-
11.852 -11.571
13.809 -12.052
Verschillen 3.1 Economische ontwikkeling In 2022 is incidenteel 80.000 euro geraamd voor de ontwikkelstrategie XL businesspark 2. 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur De afloop van de baten in de meerjarenraming wordt vrijwel geheel verklaard door de meerjarenbegroting 2022 en verder van het RBT/XL Businesspark. 3.3 Bedrijfsloket en bedrijfsregelingen Tot en met 2024 is er een bedrag van 300.000 euro per jaar beschikbaar voor de cofinanciering van de Regiodeals.
4.2.6 Onderwijs Het hoofdtaakveld Onderwijs omvat het lokaal onderwijsbeleid waarbinnen aandacht wordt besteed aan de zorg voor onderwijshuisvesting, leerlingenvervoer, leerplicht, schoolbegeleiding, logopedie en volwasseneneducatie.
Vastgestelde nota's Beleidsplan samen mee(r) doen 2014 Visie integrale kind centra 2013 Sociale agenda 2020 Integraal Huisvestingsplan onderwijs 2021-2024
Taakvelden Taakveld 4.1 Openbaar basisonderwijs Materiële instandhouding en gebruiksvergoeding sporthallen. 4.2 Onderwijshuisvesting Nieuwbouw, aanpassing en uitbreiding schoolgebouwen. Kapitaallasten bestaande schoolgebouwen. 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken Onderwijsbeleid, uitvoering projecten onderwijsachterstanden, leerlingenvervoer, peuterspeelzalen en regionaal meldpunt en coördinatie voor voortijdig schoolverlaters.
Indicatoren Indicator Absoluut school verzuim Het aantal leerplichtigen dat niet staat ingeschreven op een school per 1.000 leerlingen. Relatief verzuim Het aantal leerlingen dat wel staat ingeschreven op een school, maar ongeoorloofd afwezig is per 1.000 leerlingen. Voortijdig schoolverlaters VO en MBO Het percentage van het totaal aantal leerlingen (12-23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder startkwalificatie, het onderwijs verlaat. Bron: waatstaatjegemeente.nl
80
Almelo Grootteklasse
2017 0,17 1,71
2018 -
2019 -
Almelo Grootteklasse
49,7 28,3
52,5 23,4
69,0 26,0
Almelo Grootteklasse
2,0% 1,8%
1,9% 1,9%
2,4% 2,0%
2020
Financieel terugkijken Taakveld
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Saldo
Werkelijk Werkelijk Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020
2020
2021
2021
2022
2022
2022
393
-
483
-
440
-
440
4.2 Onderwijshuisvesting
3.737
-
3.731
-
4.065
-
4.065
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
5.582
-3.276
7.338
-4.567
3.314
-575
2.739
4 Onderwijs
9.713
-3.276
11.552
-4.567
7.820
-575
7.245
4 Onderwijs 4.1 Openbaar basisonderwijs
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 4.2 Onderwijshuisvesting Het verschil bij de lasten wordt grotendeels verklaard door hogere kapitaallasten in 2022 (309.000 euro). In het Integraal Huisvestingsplan zijn een aantal forse investeringen opgenomen, waarop vanaf 2022 wordt afgeschreven. 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken Het verschil aan zowel de baten- als de lastenkant wordt veroorzaakt door de OAB-uitkering voor het bestrijden en voorkomen van onderwijsachterstanden. Deze uitkering en de bijbehorende lasten zijn nog niet in de begroting 2022 opgenomen. Gemeenten ontvangen jaarlijks een nieuwe beschikking van het Rijk, op basis waarvan verwerking in de begroting plaatsvindt.
Financieel vooruitkijken Taakveld
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Begroting Begroting Begroting Raming Raming Raming Raming Raming Raming 2022
2022
2022
2023
2023
2024
2024
2025
2025
4 Onderwijs 4.1 Openbaar basisonderwijs
440
-
440
440
-
440
-
440
-
4.2 Onderwijshuisvesting
4.065
-
4.065
4.528
-
4.689
-
4.852
-
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
3.314
-575
2.739
3.314
-575
3.314
-575
3.314
-575
4 Onderwijs
7.820
-575
7.245
8.282
-575
8.443
-575
8.607
-575
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 4.2 Onderwijshuisvesting De oplopende lasten in de meerjarenraming worden verklaard door de stelpost kapitaallasten voor investeringen in onderwijshuisvesting.
81
4.2.7 Sport, cultuur en recreatie Het hoofdtaakveld Sport, cultuur en recreatie omvat het sportbeleid en de sportaccommodaties, cultuurfaciliteiten en musea, cultureel erfgoed, media en openbaar groen en open luchtrecreatie. Vastgestelde nota's Stadsvisie cultuur 2016 Subsidieverordening amateurkunst Beleidskader buitensportaccommodaties 2015 Visie op sport en bewegen 2020 Integraal beheer openbare ruimte 2014 (IBOR) Integraal verzorgend onderhoudsplan 2014 Speelruimtebeleid 2008-2018 Bomenbeleidsplan 2008 Hondenbeleid 2009
Taakvelden Taakveld 5.1 Sportbeleid en activering Stimuleren van topsport en breedtesport, gericht op de sportactiviteiten. 5.2 Sportaccommodaties Beheer, exploitatie en onderhoud sportaccommodaties voor sportbeoefening. 5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie Faciliteiten (bijvoorbeeld gebouwen en inventaris) om cultuur bij het publiek te brengen. Amateurkunst-beoefening en cultuureducatie. 5.4 Musea Subsidies aan musea. 5.5 Cultureel erfgoed Historische gebouwen, beschermde stads-en dorpsgezichten en overige objecten met historische waarde in de publieke ruimte. 5.6 Media Bibliotheken, lokale omroep. 5.7 Openbaar groen en (open lucht) recreatie Beheer en onderhoud parken, plantsoenen en overig openbaar groen. Aanleg en onderhoud van kleine watergangen, speelvoorzieningen en overige recreatieve voorzieningen.
Indicatoren Indicator Percentage niet-sporters Het percentage niet-wekelijkse sporters t.o.v. bevolking van 19 jaar en ouder Bron: waatstaatjegemeente.nl
82
Almelo Grootteklasse
2017 -
2018 -
2019 -
2020 -
Financieel terugkijken Taakveld
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Saldo
Werkelijk Werkelijk Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020
2020
2021
2021
2022
2022
2022
5.1 Sportbeleid en activering
3.973
-40
3.964
-80
4.000
-
4.000
5.2 Sportaccommodaties
1.099
-397
1.092
-209
1.228
-211
1.017
5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
3.042
-71
3.143
-
3.146
-
3.146
5.4 Musea
86
-
72
-
58
-
58
5.5 Cultureel erfgoed
38
-
86
-
84
-
84
5.6 Media
2.153
-
2.103
-
2.037
-
2.037
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
5.856
-66
6.139
-15
6.819
-
6.819
5 Sport, cultuur en recreatie
16.247
-575
16.598
-304
17.371
-211
17.160
5 Sport, cultuur en recreatie
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 5.1 Sportbeleid en activering Het verschil in de baten heeft betrekking op een incidentele subsidie voor het lokaal sportakkoord, die in 2021 ontvangen is. De lasten zijn in 2022 voornamelijk hoger door een begroot bedrag van 57.000 euro voor de Special Olympics (perspectiefnota 2020). 5.2 Sportaccommodaties De hogere lasten in de begroting 2022 ten opzichte van begroting 2021 worden grotendeels verklaard door de incidentele aframing in 2021 van de stelposten kapitaallasten sport en de gefaseerde stijging van deze stelposten in 2022. 5.4 Musea De daling van de lasten komt door de aflopende subsidie aan het Stadsmuseum Almelo. De bezuiniging ten opzichte van 2020 bedraagt 15.000 euro in 2021, 35.000 euro voor 2022 en voor 2023 en volgende jaren 50.000 euro. 5.6 Media Het verschil aan de lastenkant wordt vrijwel volledig verklaard door de invulling van de taakstelling subsidies. De bezuiniging op de budgetsubsidie aan de bibliotheek Almelo bedraagt 100.000 euro in 2021 en 200.000 euro voor 2022 en volgende jaren. 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie De hogere lasten ten opzichte van 2021 worden grotendeels verklaard door de verhoging van de stelpost kwaliteit verbeteren openbaar groen en areaaluitbreidingen voor Haven Zuid en Indië terrein.
83
Financieel vooruitkijken Taakveld
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Begroting Begroting Begroting Raming Raming Raming Raming Raming Raming 2022
2022
2022
2023
2023
2024
2024
2025
2025
5 Sport, cultuur en recreatie 5.1 Sportbeleid en activering
4.000
-
4.000
3.943
-
3.643
-
3.643
-
5.2 Sportaccommodaties
1.228
-211
1.017
1.263
-211
1.281
-211
1.262
-211
5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
3.146
-
3.146
3.146
-
3.128
-
3.126
-
5.4 Musea
58
-
58
43
-
43
-
43
-
5.5 Cultureel erfgoed
84
-
84
84
-
84
-
84
-
5.6 Media
2.037
-
2.037
2.037
-
2.032
-
2.032
-
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
6.819
-
6.819
6.919
-
7.078
-
7.162
-
5 Sport, cultuur en recreatie
17.371
-211
17.160
17.435
-211
17.290
-211
17.353
-211
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 5.1 Sportbeleid en activering Voor 2022 is incidenteel een bedrag van 57.000 euro begroot voor de Special Olympics. Vanaf 2024 vervalt de bijdrage op grond van de specifieke uitkering stimulering sport (SPUK) en daarmee de doorbetaling aan het sportbedrijf. Zie ook de toelichting op taakveld 0.7. Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds. 5.4 Musea De daling van de lasten komt door de aflopende subsidie aan het Stadsmuseum Almelo. De bezuiniging ten opzichte van 2020 bedraagt 15.000 euro in 2021, 35.000 euro voor 2022 en voor 2023 en volgende jaren 50.000 euro. 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie De hogere lasten ten opzichte van 2021 worden grotendeels verklaard door de verhoging van de stelpost kwaliteit verbeteren openbaar groen en areaaluitbreidingen voor Haven Zuid en Indië terrein.
84
4.2.8 Sociaal domein Het hoofdtaakveld Sociaal domein omvat alle gemeentelijke taken die genoemd worden in de Participatie-wet, de Wet Maatschappelijke Ondersteuning en de Jeugdwet en het beleid en beheer van wijkaccommodaties en het sociaal cultureel werk.
Vastgestelde nota's Beleidsplan samen mee(r) doen 2014 Sociale agenda 2020 Uitvoeringsprogramma Participatiewet Algemene subsidieverordening 2013 Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Beleidskaders huishoudelijke ondersteuning Kom erbij en doe mee: Samen tegen eenzaamheid
Taakvelden Taakveld 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie Activeren en ondersteunen van initiatieven van (groepen van) burgers en algemene voorzieningen gericht op participatie (waarvoor geen individuele beschikking nodig is), bijvoorbeeld de wijkaccommodaties, subsidies voor ouderen- en jeugdbeleid, sociaal cultureel werk, vrijwilligersbeleid, Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) en wijkregisseurs. 6.2 Wijkteams Regisseurs in de uniforme toegang en toeleiding tot de zorg. Onderzoeken klanttevredenheid, adviesraad Wmo. 6.3 Inkomensregelingen Verstrekken bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies en minimabeleid uitvoeren. 6.4 Begeleide participatie Vormen van dagbesteding en begeleiding (de nieuwe Wmo-taken), beschut en begeleid werken door Soweco en de aflopende sociale werkvoorziening ook uitgevoerd door Soweco. 6.5 Arbeidsparticipatie Instrumenten gericht op toeleiding naar werk zoals beroepsgerichte scholing, werkgeversbenadering, etc. 6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo) Materiële voorzieningen verstrekt op basis van een toekenningbeschikking (WMO) zoals de regiotaxi en hulpmiddelen voor zelfstandig wonen. 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ (Wmo) Dienstverlening in de vorm van beschikbare uren en schuldhulpverlening, op basis van een toekenningsbeschikking zoals huishoudelijke hulp, zelfstandig leven en maatschappelijke deelname.
6.72 Maatwerkdienstverlening 18Jeugdhulpverlening gericht op zelfstandig leven en maatschappelijke deelname, Jeugd-GGZ, persoonlijke verzorging, OZJT (organisatie voor zorg en jeugdhulp Twente) en aanpak thuisloze jongeren. 6.81 Geëscaleerde zorg 18+ Maatschappelijke opvang en beschermd wonen in verband met verslaving, huiselijk geweld, psychische stoornis en Veilig Thuis Twente. 6.82 Geëscaleerde zorg 18Jeugdbescherming, jeugdreclassering en opvang jeugd.
85
Indicatoren Indicator Almelo Banen per 1.000 inwoners van 15-64 jaar Grootteklasse Aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar Almelo Jongeren met een delict voor de rechter Percentage jongeren (12-21 jaar) dat met een delict voor de Grootteklasse rechter is verschenen. Almelo Kinderen in uitkeringsgezin Percentage kinderen tot 18 jaar dat in een gezin leeft dat van een Grootteklasse bijstandsuitkering moet rondkomen. Almelo Werkloze jongeren Grootteklasse Percentage werkloze jongeren (16-22 jaar).
2017 882,5 743,2 1,0% 1,0%
2018 896,7 756,4 1,0% 1,0%
2019 2020 917,3 905,7% 771,5 768,2% 1,0% 1,0% -
9,0% 6,0%
9,0% 6,0%
8,0% 6,0%
-
3,0% 2,0%
3,0% 2,0%
3,0% 2,0%
-
Almelo Netto arbeidsparticipatie Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte Grootteklasse van de beroepsbevolking. Aantal mensen met een bijstandsuitkering per 1.000 inwoners Almelo Grootteklasse in de leeftijd van 18 jaar en ouder Aantal lopende re-integratievoorzieningen per 1.000 inwoners Almelo Grootteklasse in de leeftijd van 15-64 jaar Een re-integratievoorziening wordt ingezet nadat er is vastgesteld dat een cliënt een belemmering heeft die directe arbeidsinschakeling bemoeilijkt (er is een afstand tot de arbeidsmarkt). De voorziening is erop gericht de afstand tot de arbeidsmarkt van een cliënt te verkleinen. Almelo Jongeren met jeugdhulp Percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzichte van Grootteklasse alle jongeren tot 18 jaar. Almelo Jongeren met jeugdbescherming Percentage jongeren tot 18 jaar met een Grootteklasse jeugdbeschermingsmaatregel ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. Almelo Jongeren met jeugdreclassering Het percentage jongeren (12-22 jaar) met een Grootteklasse jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (1222 jaar). Almelo Cliënten met een maatwerkarrangement WMO per 1.000 Grootteklasse inwoners Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de WMO, zoals hulp bij het huishouden, ondersteuning thuis en hulpmiddelen. Bron: waatstaatjegemeente.nl
62,5% 66,3%
65,0% 67,6%
66,5% 68,6%
64,1% 68,2%
69,5 39,4 34,3 31,4
68,3 36,9 35,1 31,8
65,1 35,2 31,9 19,9
74,0 43,7 30,0 20,0
9,8% 9,6%
10,0% 10,4%
12,8% 12,2%
13,4% 11,9%
1,7% 1,1%
2,2% 1,2%
2,2% 1,3%
2,1% 1,3%
0,6% 0,5%
0,7% 0,4%
0,7% 0,4%
0,5% 0,4%
64,0 61,9
65,0 64,9
68,0 69,4
77,0 71,7
86
Financieel terugkijken Taakveld
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Saldo
Werkelijk Werkelijk Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020
2020
2021
2021
2022
2022
2022
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
8.375
-48
6.932
-39
6.733
-39
6.693
6.2 Wijkteams
4.082
-
4.524
-
4.975
-
4.975
6.3 Inkomensregelingen
63.652
-51.060
59.493
-46.452
51.715
-40.194
11.521
6.4 Begeleide participatie
14.267
-
12.804
-
12.473
-
12.473
6.5 Arbeidsparticipatie
5.515
-181
4.413
-
5.478
-
5.478
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO)
3.226
-12
2.841
-
3.422
-
3.422
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
23.937
-648
21.914
-949
23.002
-900
22.102
6.72 Maatwerkdienstverlening 18-
26.518
14
24.456
-
24.429
-
24.429
6.81 Ge-escaleerde zorg 18+
19.714
-750
17.039
-690
17.289
-690
16.599
6.82 Ge-escaleerde zorg 18-
9.808
-
10.009
-12
10.262
-12
10.251
179.094
-52.685
164.424
-48.141
159.778
-41.835
117.944
6 Sociaal domein
6 Sociaal domein Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie Het verschil bij de lasten wordt verklaard door een verlaging van de subsidiebedragen i.v.m. het insourcen van 7,4 fte intakers. Daartegenover zorgt een verhoging van de wijkbudgetten voor een verhoging van de lasten. 6.2 Wijkteams Het verschil bij de lasten wordt verklaard door de toerekening van personeelskosten aan de taakvelden, in dit geval door de extra 7,4 fte intakers. 6.3 Inkomensregelingen Bij het opstellen van de begroting 2021 werd rekening gehouden met een forse stijging van het aantal bijstandscliënten door Covid-19. Dit viel, achteraf bezien, heel erg mee. Voor de begroting 2022 zijn (lagere) aantallen, op basis van de cijfers 2021, het uitgangspunt. In de meerjarenraming van de begroting 2021 is een oplopende besparing opgenomen om uit te komen met de rijksmiddelen voor de Participatiewet. De (structurele) taakstelling van 1 miljoen euro is verwerkt aan de lastenzijde in de meerjarenraming 2022-2025. In 2021 zijn de budgetten voor het minimabeleid verhoogd met 290.000 euro voor de verbrede beleidsregel tegemoetkoming kinderopvang op grond van een Sociaal Medische Indicatie (BW-8250) en de uitvoering van de was- en strijkservice (BW-8348).
In de begroting van 2021 zijn de incidentele baten en lasten van de TOZO-regeling (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers) opgenomen en in de begroting van 2022 (nog) niet. 6.4 Begeleide participatie Het budget voor begeleide participatie is geactualiseerd op basis van de meicirculaire 2021 van het gemeentefonds. Zodra de NUO van start gaat en de financiële gevolgen volledig in beeld zijn, zullen de budgetten definitief worden.
87
6.5 Arbeidsparticipatie Het budget voor arbeidsparticipatie (incl. inburgering) is geactualiseerd op basis van de meicirculaire 2021 van het gemeentefonds. Verder wordt een deel van de intensivering voor leefbaarheid en wonen verantwoord op dit taakveld. Het overige verschil wordt verklaard door mutaties in de toerekening van apparaatskosten aan de taakvelden. 6.6 Maatwerkvoorziening (Wmo) Het verschil aan de lastenkant wordt enerzijds verklaard door de hogere toerekening van apparaatskosten aan dit taakveld. Anderzijds zijn de budgetten voor individueel maatwerk naar boven bijgesteld vanwege de toenemende vraag door de vergrijzing in Almelo. Beide effecten bedragen (afgerond) 0,3 miljoen euro. 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ Het budget voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang zijn geactualiseerd op basis van de meicirculaire 2021 van het gemeentefonds. Het Rijk en gemeenten maakten in december 2020 en juni 2021 afspraken over de financiële effecten van de openstelling van de Wlz voor mensen met een psychische stoornis. De uitname uit het gemeentefonds bedraagt 7,9 miljoen euro voor 2022 en verder. Als de gevolgen van de openstelling beter in beeld zijn, zullen de financiële gevolgen in één keer in de begroting verwerkt worden. De prognoses voor de Wmo-nieuw en Wmo-HO zijn geactualiseerd.
De stijging in de lasten wordt enerzijds veroorzaakt door de prijsindexatie 2022 van 4,0% op Wmo-HO en 3,2% op Wmo-nieuw. Anderzijds is er een stijging van de aantallen in met name HO door de vergrijzing in Almelo. 6.72 Maatwerkdienstverlening 18-, 6.81 Geëscaleerde zorg 18+ en 6.82 Geëscaleerde zorg 18Voor de Jeugdhulp en Wmo is in 2022 een prijsindexatie van 3,2% verwerkt.
88
Financieel vooruitkijken Taakveld
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Begroting Begroting Begroting Raming Raming Raming Raming Raming Raming 2022
2022
2022
2023
2023
2024
2024
2025
2025
6 Sociaal domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
6.733
-39
6.693
6.747
-39
6.729
-39
6.703
-39
6.2 Wijkteams
4.975
-
4.975
4.975
-
4.975
-
4.975
-
6.3 Inkomensregelingen
51.715
-40.194
11.521
51.725 -40.194
51.736 -40.194
51.736 -40.194
6.4 Begeleide participatie
12.473
-
12.473
12.058
-
11.493
-
10.963
-
6.5 Arbeidsparticipatie
5.478
-
5.478
5.640
-
5.748
-
5.873
-
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO) 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 6.72 Maatwerkdienstverlening 18-
3.422
-
3.422
3.422
-
3.422
-
3.422
-
23.002
-900
22.102
22.666
-900
22.681
-900
22.698
-900
24.429
-
24.429
24.429
-
24.429
-
24.429
-
6.81 Ge-escaleerde zorg 18+
17.289
-690
16.599
17.376
-690
17.409
-690
17.431
-690
6.82 Ge-escaleerde zorg 18-
10.262
-12
10.251
10.272
-12
10.272
-12
10.272
-12
6 Sociaal domein
159.778
-41.835
117.944 159.311 -41.835 158.893 -41.835 158.501 -41.835
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 6.4 Begeleide participatie De lagere lasten in de meerjarenraming zijn het gevolg van de afbouw van de Wet sociale werkvoorziening. 6.5 Arbeidsparticipatie Het budget voor arbeidsparticipatie is geactualiseerd op basis van de meicirculaire 2021 van het gemeentefonds. 6.71 Maatwerkvoorziening 18+ en 6.72 Maatwerkvoorziening 18In de meerjarenraming is de ambitie verwerkt om uit te komen met de rijksmiddelen voor de Wmo en Jeugdwet. De taakstellingen voor Wmo en Jeugdwet bedroegen 5,2 miljoen euro.
89
4.2.9 Volksgezondheid en milieu Het hoofdtaakveld Volksgezondheid en milieu omvat alle gemeentelijke activiteiten op het gebied van volksgezondheid, riolering en waterzuivering, afvalverwijdering en -verwerking, milieubeheer en begraafplaatsen en crematoria.
Vastgestelde nota's Gebiedsgericht geluidbeleid 2015 Een Nieuwe aanpak voor bodemverontreinigingen - gebiedsgericht grondwaterbeheer Vierwekelijks inzamelen huishoudelijk afval 2015 Verbreed gemeentelijk rioleringsplan 2016-2020 Nota bodembeheer regio Twente 'Twents beleid veur oale groond 2.0' Visie op de bodem en ondergrond
Taakvelden Taakveld 7.1 Volksgezondheid Jeugdgezondheidszorg (bijdrage aan GGD). 7.2 Riolering Beheer en onderhoud, vervanging en uitbreiding riolering. Opstellen beleid vGRP (verbreed Gemeentelijk Riolering Plan). Opbrengsten rioolheffing. 7.3 Afval Opstellen beleid met betrekking tot inzameling en verwerking van huishoudelijke afvalstoffen. De inzameling is in besteed bij Twente Milieu. De opbrengsten worden verkregen uit de afvalstoffenheffing. 7.4 Milieubeheer Zorg voor de kwaliteit van bodem en lucht, bestrijding geluidshinder. 7.5 Begraafplaatsen en crematoria Beheer en onderhoud begraafplaatsen.
Indicatoren Indicator Almelo Huishoudelijk restafval Grootteklasse De hoeveelheid restafval per bewoner per jaar in kilo’s. Almelo Hernieuwbare elektriciteit Hernieuwbare elektriciteit is elektriciteit die is opgewekt uit wind, Grootteklasse waterkracht, zon of biomassa. Bron: waatstaatjegemeente.nl
90
2017 164 168 1,1% -
2018 168 165 2,3% -
2019 150 156 6,4% -
2020
Financieel terugkijken Taakveld
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Saldo
Werkelijk Werkelijk Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020
2020
2021
2021
2022
2022
2022
7.1 Volksgezondheid
3.027
-76
2.946
-54
2.887
-
2.887
7.2 Riolering
8.137
-10.121
8.199
-10.351
8.618
-10.817
-2.199
7.3 Afval
7.351
-9.837
6.753
-9.131
7.412
-9.916
-2.504
7.4 Milieubeheer
3.721
-288
3.954
-750
3.211
-
3.211
478
-445
404
-418
467
-423
43
22.714
-20.768
22.256
-20.704
22.594
-21.157
1.438
7 Volksgezondheid en milieu
7.5 Begraafplaatsen en crematoria 7 Volksgezondheid en milieu Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 7.1 Volksgezondheid Het verschil bij de lasten wordt verklaard door een lagere toerekening van personeelskosten aan dit taakveld (117.000 euro), de indexatie van onze bijdrage aan de Regio Twente (93.000 euro) en de verlaging van het budget voor Kansrijke Start i.v.m. de afloop van de Rijksbijdrage met ingang van 2022.Het verschil in de baten wordt verklaard door de vrijval van de voorziening zittend vervoer in 2021. 7.2 Riolering De begroting 2022 is aangepast conform de jaarschijf 2022 van het Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 20162020. 7.3 Afval De begroting 2022 is ruim 900.000 euro hoger dan de begroting 2021. Dit wordt veroorzaakt door hogere raming GFT afval door stijging van de hoeveelheid afgekeurd GFT (ruim 100.000 euro). Ook de stijgende hoeveelheid grofvuil en het stijgende tarief voor verwerking zorgen voor een hogere raming van ruim 200.000 euro. Daarnaast zien wij op dit moment dat het percentage PMD afval dat wordt afgekeurd hoger ligt dan wij op grond van het afgesloten verwerkingscontract hadden verwacht. Voor 2022 is de verwachte kostenstijging daarvan bijna 400.000 euro. Door de stijgende kostenraming laat de bijdrage BTW component een verhoging zien van 100.000 euro. De eventuele hogere kosten en lagere opbrengsten kunnen in 2022 afgedekt kan worden uit de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing.
7.4 Milieubeheer In 2022 is voor klimaatadaptatie structureel 75.000 euro geraamd. Voor 2021 is er incidenteel 456.000 euro bodemgelden door het Rijk beschikbaar gesteld.
91
Financieel vooruitkijken Taakveld
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Begroting Begroting Begroting Raming Raming Raming Raming Raming Raming 2022
2022
2022
2023
2023
2024
2024
2025
2025
7 Volksgezondheid en milieu 7.1 Volksgezondheid
2.887
-
2.887
2.887
7.2 Riolering
8.618
-10.817
-2.199
8.618 -10.817
8.618 -10.817
8.618 -10.817
7.3 Afval
7.412
-9.916
-2.504
7.415
-9.919
7.358
-9.862
7.358
-9.862
7.4 Milieubeheer
3.211
-
3.211
2.930
-
2.949
-
2.984
-
467
-423
43
467
-423
465
-423
464
-423
22.594
-21.157
1.438
7.5 Begraafplaatsen en crematoria 7 Volksgezondheid en milieu
-
22.316 -21.159
2.887
-
22.276 -21.103
2.887
-
22.310 -21.103
Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 7.4 Milieubeheer Het budget voor het programma Duurzaamheid bedraagt 200.000 euro in 2022. Vanaf 2023 zijn hiervoor geen middelen opgenomen. Verder is op 31 december 2020 het Convenant Bodem en Ondergrond 2016-2020 afgelopen. De verlaging van de decentralisatie-uitkering bodemsanering is vanaf de programmabegroting 2020 taakstellend op dit taakveld verwerkt. Het gaat om een bedrag van 135.000 euro in 2022 en vanaf 2023 225.000 euro structureel. Mede als gevolg van het uitstel van de Omgevingswet is op dit moment nog niet duidelijk hoeveel middelen gemeenten vanaf 2022 ontvangen voor bodemtaken.
92
4.2.10 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Het hoofdtaakveld Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing omvat alle gemeentelijke activiteiten op het gebied van ruimtelijke ordening, grondexploitaties en wonen & bouwen.
Vastgestelde nota's Welstandsnota 2017 Woonvisie Almelo 2020 Nota Grond- en Vastgoedbeleid gemeente Almelo 2020 Woningbouwplanning en -programmering 2017-2026
Taakvelden Taakveld 8.1 Ruimtelijke Ordening Structuurvisie, beleid ruimtelijke ordening en bestemmingsplannen. 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) Grondverwerving, bouw en woonrijp maken, verkoop van bouwrijpe gronden van nietbedrijventerreinen (zie hiervoor 3.2). 8.3 Wonen en bouwen Omgevingsvergunningen, volkshuisvesting, stads- en dorpsvernieuwing, wijkaanpak, geo-informatie.
Indicatoren Indicator Gemiddelde WOZ waarde Bedrag x 1.000 euro. Nieuw gebouwde woningen Nieuw gebouwde woningen, exclusief overige toevoegingen, zoals transformaties Demografische druk De som van het aantal personen van 0 tot 15 jaar en 65. Gemeentelijke woonlasten éénpersoonshuishoudens Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een éénpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten. Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishoudens Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten. Bron: waatstaatjegemeente.nl
93
Almelo Grootteklasse
2017 153 211
2018 160 224
2019 168 -
2020 183 261
Almelo Grootteklasse
5,9 6,7
11,0 8,0
2,8 8,8
7,6 7,8
Almelo Grootteklasse Almelo Grootteklasse
72,7% 73,1% 773 658
73,1% 73,5% 781 669
72,7% 74,2% 808 687
72,3% 74,4% 845 745
Almelo Grootteklasse
773 730
781 731
808 687
839 779
Financieel terugkijken Taakveld
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Saldo
Werkelijk Werkelijk Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020
2020
2021
2021
2022
2022
2022
8.1 Ruimtelijke ordening
1.748
-458
1.719
-254
1.625
-337
1.287
8.2 Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen)
-705
-253
4.754
-4.668
6.082
-5.968
114
8.3 Wonen en bouwen
2.722
-3.306
3.733
-2.567
3.423
-1.680
1.743
3.765
-4.016
10.205
-7.488
11.130
-7.985
3.144
8 Volkshuisvesting-ro-stedelijke vernieuw
8 Volkshuisvesting-ro-stedelijke vernieuw Bedragen x 1.000 euro
Verschillen 8.1 Ruimtelijke ordening Er worden in 2022 meer uren toegerekend aan dit taakveld (185.000 hogere lasten). Het budget voor het programma Omgevingswet bedraagt 405.000 euro in 2021 en 116.000 euro in 2022 (289.000 euro lagere lasten). De verwachte inkomsten zijn ten opzicht van 2021 licht gestegen. 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) De begroting van de grondexploitatie is gebaseerd op de uitgangspunten zoals gehanteerd bij de jaarverantwoording 2020. 8.3 Wonen en bouwen De kostenonderbouwing voor de leges omgevingsvergunningen is geactualiseerd en de tarieven voor de omgevingsvergunningen zijn hierop aangepast. De hogere lasten en baten in 2021 in vergelijking met 2022 worden veroorzaakt door een incidentele stijging van het aantal bouwaanvragen in 2021.
Financieel vooruitkijken Taakveld
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Begroting Begroting Begroting Raming Raming Raming Raming Raming Raming 2022
2022
2022
2023
2023
2024
2024
2025
2025
8 Volkshuisvesting-rostedelijke vernieuw 8.1 Ruimtelijke ordening
1.625
-337
1.287
1.567
-337
1.567
-337
1.566
-337
8.2 Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen)
6.082
-5.968
114
6.082
-5.968
6.082
-5.968
6.082
-5.968
8.3 Wonen en bouwen
3.423
-1.680
1.743
3.023
-1.530
3.023
-1.530
3.024
-1.530
11.130
-7.985
3.144
10.672
-7.835
10.671
-7.835
10.672
-7.835
8 Volkshuisvesting-rostedelijke vernieuw Bedragen x 1.000 euro
94
Verschillen 8.1 Ruimtelijke ordening Het budget voor het programma Omgevingswet bedraagt 116.000 euro in 2022 en loopt af naar 58.000 euro in 2023 en verder. 8.3 Wonen en bouwen Het incidentele budget voor het programma Binnenstad bedraagt 400.000 euro in 2022.
95
4.2.11 Algemene dekkingsmiddelen en overige overzichten Algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen
Werkelijk
Begroting
Begroting
2020
2021
2022
0.5 Treasury
-3.523
-3.254
-2.752
0.61 OZB woningen
-10.269
-10.499
-10.636
0.62 OZB niet-woningen
-12.930
-13.487
-13.662
0.63 Parkeerbelasting
-1.606
-1.744
-2.034
0.64 Belastingen overig
-159
-177
-319
-178.812
-176.982
-185.375
-207.299
-206.142
-214.778
0.7 Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds Totaal algemene dekkingsmiddelen Bedragen x 1.000 euro
Voor de toelichting op de algemene dekkingsmiddelen wordt verwezen naar de verschilverklaring bij het overzicht financieel terugkijken.
Overhead Overzicht overhead
Werkelijk
Begroting
Begroting
2020
2021
2022
Overhead lasten
29.752
28.657
26.221
Overhead baten
-2.936
-2.699
-2.089
Totaal saldo overhead
26.816
25.958
24.132
Werkelijk
Begroting
Begroting
2020
2021
2022
VPB lasten
57
100
100
VPB baten
-
-
0
57
100
100
Werkelijk
Begroting
Begroting
2020
2021
2022
Onvoorzien (incidenteel)
50
211
211
Onvoorzien (structureel)
0
25
25
Totaal saldo onvoorzien
50
236
236
Bedragen x 1.000 euro
Vennootschapsbelasting Overzicht vennootschapsbelasting
Totaal saldo vennootschapsbelasting Bedragen x 1.000 euro
Onvoorzien Onvoorzien
Bedragen x 1.000 euro
96
5. Paragrafen 5.1 Lokale heffingen 5.1.1 Samenvatting • •
•
•
In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de soorten gemeentelijke belastingen, rechten en retributies en de manier waarop de tarieven 2022 tot stand zijn gekomen. De tarieven worden in 2022 met 1,3% geïndexeerd. Uitzonderingen hierop zijn de tarieven voor de rioolheffing (5,16%), toeristenbelasting (2,4%) en de legesverordening (op basis van kostendekkendheidsberekening). Per saldo betekent dit voor een gemiddeld gezin met eigen woning dat de woonlasten in 2022 ten opzichte van 2021 stijgen met 22 euro (2,5%). Voor een (eenpersoons) huurder stijgen de woonlasten ten opzichte van 2021 met 12,50 euro (3,05%). Dit bedrag wijkt af omdat een huurder geen OZB en geen rioolheffing-eigenarendeel betaalt. Van de tarieven en heffingen die hoogstens kostendekkend mogen zijn, presenteren wij een overzicht van de lasten en baten per taakveld. Bij al deze belastingsoorten wordt aan de norm van het dekkingspercentage van maximaal 100% voldaan.
5.1.2 Beleid lokale heffingen Lokale heffingen zijn gemeentelijke belastingen, rechten en retributies. Deze middelen worden ingezet ter dekking van de uitvoering van gemeentelijke taken. De gemeenteraad kan met het vaststellen van een verordening lokale heffingen invoeren, wijzigingen of intrekken. In de verordeningen zijn de tarieven opgenomen. De verordeningen worden via een separaat voorstel door de gemeenteraad vastgesteld. Lokale heffingen worden onderscheiden in gebonden en ongebonden heffingen. Ongebonden heffingen behoren tot de algemene dekkingsmiddelen van de gemeente. De besteding ervan is niet gebonden aan een bepaalde taak. Gebonden heffingen, zoals de afvalstoffen- en rioolheffing, worden niet tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. Deze middelen zijn wel gebonden aan een bepaalde taak. Voor de gemeentelijke dienstverlening worden leges, rechten en retributies geheven. Leges zijn gebonden heffingen. De kosten van de gemeentelijke dienstverlening worden doorberekend in de tarieven. Het beleid is er op gericht deze kosten zo laag mogelijk te houden. Ongebonden belastingen Onroerendezaakbelastingen Parkeerbelastingen Precariobelasting Reclamebelasting Toeristenbelasting
Gebonden belastingen Afvalstoffenheffing Leges en rechten Begraafrechten Havengeld Rioolheffing
Beleid ten aanzien van de tarieven 2022 Conform de gehanteerde uitgangspunten voor de begroting en het financieel meerjarenperspectief uit de perspectiefnota 2021 worden de tarieven in 2022 met 1,3% geïndexeerd. Uitzonderingen hierop betreffen: • de tarieven voor de rioolheffing (5,16%), toeristenbelasting (2,4%) en de legesverordening. • de tarieven die het Rijk heeft vastgesteld of gemaximeerd, zoals paspoorten of rijbewijzen. Rioolheffing De tarieven zijn berekend op basis van het kostendekkingsplan uit het vGRP 2016-2020.
97
Toeristenbelasting Bij toeristenbelasting wordt steeds het indexcijfer van vorig jaar gebruikt. Het tarief voor toeristenbelasting wordt in 2022 met 2,4% verhoogd, omdat de indexering met een jaar vertraging wordt doorgevoerd. Op deze manier krijgen verblijfbieders de gelegenheid om de tariefaanpassing in hun kostprijsberekening en in de mailingen mee te nemen. Bij gelijkblijvende omstandigheden zullen de tarieven in 2023 dus met 1,3% worden verhoogd. Legesverordening De legestarieven worden berekend op basis van een kostendekkendheidsberekening. Voor paspoorten en rijbewijzen geldt dat, conform bestendige gedragslijn, het maximaal toegestane (Rijks)tarief in rekening wordt gebracht.
5.1.3 Actuele ontwikkelingen Hervorming lokaal belastinggebied Het kabinet heeft 24 juni 2016 de Tweede Kamer geïnformeerd over de mogelijke herziening van het lokaal belastinggebied. Het kabinet schetst de knelpunten en mogelijke oplossingen, maar de te maken keuzes worden overgelaten aan het nieuwe kabinet. In het regeerakkoord van Rutte III komt de mogelijke herziening en/of uitbreiding van het lokaal belastinggebied niet aan de orde. De staatssecretaris van Financiën heeft op 18 mei 2020 het rapport ‘Bouwstenen voor een beter belastingstelsel’ aan de Tweede Kamer aangeboden. Het rapport bevat meerdere varianten en ondersteunt de door de VNG uitgesproken wens om te komen tot een uitbreiding van het gemeentelijke belastinggebied. De volgende kabinetsformatie is hét moment om op te koersen om het een en ander in beleid om te zetten. In de komende periode zal de VNG in samenspraak met de leden, mede op basis van dit rapport, de koers uitzetten om een kleinere financiële afhankelijkheid van het Rijk te realiseren. De Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (WKB) Op 1 januari 2022 zouden de nieuwe Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking treden. Dit is echter voorlopig uitgesteld tot 1 juli 2022.
Dit geeft het Rijk, gemeenten, provincies, waterschappen en uitvoeringsorganisaties meer ruimte om de implementatie van de wet op een zorgvuldige en verantwoorde wijze af te ronden. Door deze inwerkingtreding van beide wetten kan er veel veranderen. Dit is sterk afhankelijk van de lokale ambities, beleidsinvulling en inrichtingskeuzes. Het principe van legesheffing verandert niet. Ook de wettelijke grondslag voor het heffen van leges verandert niet. Toch zijn er een aantal zaken die wel gaan veranderen: • • • • • • •
Nieuwe activiteiten toegestaan om leges over te heffen (Mogelijk) minder vergunningplichten De ‘knip’: het splitsen van de bouwtechnische en de ruimtelijke vergunning Gemeentelijke kosten worden hoger of lager Gemeentelijke kosten verschuiven Meer integrale vergunningen (meerdere gezagen betrokken) Planactiviteiten worden minder complex (of juist complexer)
Bezwaar en beroep bij kwijtschelding Tegen beschikkingen over uitstel van betaling en kwijtschelding van belastingen is op dit moment alleen administratief beroep mogelijk. In de toekomst is in beide gevallen eerst bezwaar bij de invorderingsambtenaar mogelijk en is daarna de fiscale rechter bevoegd (rechtbank in eerste aanleg, gerechtshof in hoger beroep en Hoge Raad in cassatie). De Invorderingswet is hiervoor al eerder aangepast, voor inwerkingtreding is alleen nog een Koninklijk Besluit nodig. Het voorstel maakt onderdeel uit van de stroomlijning van de
98
invorderingsregelgeving voor belastingschulden en toeslagschulden door de Belastingdienst. De Belastingdienst heeft aangegeven hier meer tijd voor nodig te hebben. Verwacht wordt dat de invoering pas na 2021 te realiseren is. Bedrijfsinvesteringszones (BIZ) Vanaf het voorjaar van 2020 is door Centrum Almelo Aktief (CAA), het GBTwente en de gemeente intensief gewerkt aan de invoering van de Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Binnenstad. Op 15 december 2020 heeft de gemeenteraad ingestemd met de invoering van de bedrijveninvesteringszone voor ondernemers in de binnenstad. Vanwege corona heeft er echter geen officiële draagvlakmeting plaats gevonden. Daarom willen we de invoering van de BIZ uitstellen naar 2022. Ook de Vereniging van vastgoedeigenaren Centrum Almelo werkt op dit moment aan de invoering van een BIZ in de binnenstad. Indien in 2021 de verordening kan worden vastgesteld, kan ook deze BIZ bij voldoende draagvlak per 1 januari 2022 in werking treden. Verder heeft de gemeenteraad de “Verordening Bedrijveninvesteringszone bedrijventerrein Bornsestraat 2022-2026” onlangs vastgesteld. Bij voldoende draagvlak treedt ook deze verordening per 1 januari 2022 in werking. Precariobelasting Precario is een gemeentelijke belasting voor ondernemers die gebruik maken van gemeentegrond, waaronder terrassen.
In verhouding tot de opbrengsten zijn de perceptiekosten van deze belasting relatief hoog. Het college heeft eerder aangegeven te zullen kijken of de belastingheffing ook doelmatiger kan en hier bij de begroting 2022 op terug te komen. De perceptiekosten voor de precariobelasting bedragen ongeveer 30% van de opbrengsten en worden vooral veroorzaakt doordat er veel controles nodig zijn om vast te stellen hoeveel gemeentegrond er daadwerkelijk in gebruik wordt genomen. Op dit moment zijn er twee controles per jaar en deze controles worden zo efficiënt mogelijk uitgevoerd. Maatregelen om de perceptiekosten zo laag mogelijk te houden bestaan uit het werken vanuit een bron-/basisbestand dat steeds geactualiseerd wordt en het zo efficiënt mogelijk inplannen van de looproutes van de buitendienstmedewerkers van het GBTwente. Een verdere verlaging van de perceptiekosten is eigenlijk alleen mogelijk door het aantal controles te beperken. Het GBTwente adviseert de gemeente om dit niet te doen, omdat dit ertoe leidt dat de gemeente in het geval van eventuele bezwaren minder sterk staat. De ervaring leert dat de belastingplicht bij minder controles onvoldoende kan worden onderbouwd. Amendement Omtzigt De Gemeentewet maakt voor de OZB onderscheid tussen woningen en niet-woningen. Eigenaren van woningen worden in de OZB-eigenarenheffing betrokken en gebruikers van woningen betalen geen OZB.
Eigenaren en gebruikers van niet-woningen betalen respectievelijk de OZB eigenaren niet-woning en de gebruikersheffing niet-woning. Beide tarieven voor niet-woningen zijn hoger dan het eigenarentarief voor woningen. Sportvelden, dorpshuizen, sportkantines, dorps- en buurthuizen worden voor de OZB aangemerkt als niet-woning en worden dienovereenkomstig in de belastingheffing betrokken. In het Belastingplan 2019 is het zogenaamde amendement Omtzigt opgenomen waardoor artikel 220f van de Gemeentewet per 1 januari 2019 is gewijzigd. Dit betekent dat voor - nader door de gemeente te bepalen sociaal behartigende instellingen, het lagere woningtarief mag worden gehanteerd. In de OZB-verordening van een gemeente kan (het amendement biedt de mogelijkheid om dit te doen, het is niet verplicht) een bepaling opgenomen worden strekkende tot het toepassen van het woningtarief voor nader te bepalen onroerende zaken. De toelichting op het amendement en de wettekst zijn op onderdelen tegenstrijdig en niet duidelijk. Hierdoor is de reikwijdte van het amendement niet helder. Daarnaast zijn er ten aanzien van de praktische uitvoering ook de nodige vragen bij gemeenten. De gevolgen van de eventuele toepassing van dit amendement, door wijziging van de OZB-verordening, zijn op dit moment dan ook niet goed in te schatten.
Verwacht wordt dat de toepassing van dit amendement vooralsnog zal leiden tot juridische procedure en bijbehorende jurisprudentie. 99
De VNG heeft namens de gemeenten een brief gestuurd aan de Staatssecretaris van Financiën, waarin diverse vragen worden gesteld en knelpunten worden gesignaleerd. Op 30 november 2020 heeft minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de Tweede Kamer geïnformeerd over de uitkomst van het gesprek met de VNG over de toepassing van artikel 220f Gemeentewet (amendement Omtzigt). De minister schrijft nu in een brief aan de Tweede Kamer dat deze wettelijke bepaling voor gemeenten niet toepasbaar is. Om de bedoeling van de bepaling wel mogelijk te maken kan onderzocht worden hoe de gedachte achter de wettelijke bepaling het beste uitgevoerd kan worden. Minister Ollongren is bereid om dit onderzoek op te starten. Dit onderzoek kan leiden tot een aanpassing van artikel 220f Gemeentewet (of een alternatieve bepaling of instrument die het doel beter bereikt). De keuze hiertoe is voorbehouden aan een nieuw kabinet. Het college volgt de ontwikkelingen uiteraard met aandacht en zal op een later moment een afweging maken over de toepassing van de wettelijke mogelijkheden.
5.1.4 Ontwikkeling lokale lasten De voorgestelde tariefsaanpassingen voor de OZB, afval- en rioolheffing leiden voor een gemiddeld gezin (met eigen woning) tot de volgende woonlastenontwikkeling in 2022. Uit de tabel blijkt dat de gemiddelde woonlasten voor een gemiddeld gezin (met eigen woning) in 2022 ten opzichte van 2021 stijgen met 22 euro (2,5%). Voor een (eenpersoons) huurder stijgen de woonlasten ten opzichte van 2021 met 12,50 euro (3,05%). Dit bedrag wijkt af omdat een huurder geen OZB en geen rioolheffing-eigenarendeel betaalt. Ontwikkeling lokale lasten
2018
2019
2020
2021
2022
OZB
286
294
302
312
316
Afvalstoffenheffing
252
252
258
-
-
Afvalstoffenheffing - éénpersoons
-
-
-
250
253
Afvalstoffenheffing - meerpersoons
-
-
-
273
276
240
257
271
-
-
Rioolheffing - éénpersoons
-
-
-
275
289
Rioolheffing - meerpersoons
-
-
-
294
309
778
803
831
879
901
Mutatie t.o.v. vorig jaar in euro
25
28
48
22
Mutatie t.o.v. vorig jaar in %
3,2%
3,5%
5,8%
2,5%
Rioolheffing
Totaal*
* 2021 e.v. op basis van meerpersoonstarief Bedragen x 1 euro
5.1.5 Overzicht lokale heffingen Van elke euro die huishoudens en bedrijven in Nederland aan belastingen en sociale premies betalen gaat in 2021 3,7% naar de gemeenten. De decentrale overheden nemen samen 5,2% voor hun rekening, de rijksoverheid 94,8%. Het aandeel van de gemeente Almelo aan ontvangen belastingen en retributies bedraagt in dit geheel ongeveer 49,5 miljoen euro.
100