Perspectiefnota 2026-2029 - bijlage 2 - Besparingsmaatregelen sociaal domein 2026-2029
Tekst van het document
Besparingsmaatregelen sociaal domein 2026-2029
D/25/754984
Overzicht besparingsmaatregelen 2026
2027
2028
2029
Deelopgave participatiewet 1 Collectieve zorgverzekering afschaffen 2 Collectieve zorgverzekering controle rechtmatigheid 3 Budget in eigen begroting t.o.v. BUIG-middelen afromen 4 Afromen onderuitputting Jeugdfonds 5 Onderuitputting bijzondere bijstand 6 Financiële coaching door coaches financiën 7 Inwoners met beginnende geldzorgen eerder en beter bereiken 8 Wetsvoorstel fiscale verzamelwet Subtotaal deelopgave Participatiewet
0,50 0,10 0,50 0,20 0,25 0,02 0,02 0,15 1,74
0,50 0,10 0,50 0,20 0,25 0,04 0,04 0,15 1,78
0,50 0,10 0,50 0,20 0,25 0,06 0,06 0,15 1,82
0,50 0,10 0,50 0,20 0,25 0,08 0,08 0,15 1,86
Deelopgave Jeugdwet 9 Afbouwen wonen en verblijf 10 Stevige lokale toegang + sturen op indicaties 11 Coördinator externe verwijzers 12 Normaliseren voogdij ondersteuning 13 Voorkomen onnodige inzet jeugdhulp Subtotaal deelopgave Jeugd
0,40 0,20 0,15 0,00 0,00 0,75
0,53 0,40 0,20 0,00 0,10 1,23
0,70 1,36 0,20 0,15 0,10 2,51
0,75 2,16 0,25 0,15 0,10 3,41
Deelopgave Wmo 14 Sturen op indicaties 15 Pilot individueel zelfstandig wonen LVB 16 Innemen niet in gebruik zijnde hulpmiddelen 17 Herinvoeren inkomensafhankelijke bijdrage Subtotaal deelopgave Wmo
3,00 0,00 0,05 0,00 3,05
3,83 0,08 0,08 0,10 4,08
3,85 0,10 0,10 0,10 4,15
3,85 0,15 0,10 0,10 4,20
Totaal
5,54
7,08
8,48
9,47
Incidenteel decentralisatieuiterking zorgplicht bieb en cultuureducatie
0,50
Bedragen x 1 mln. euro
2
1. Deelopgave participatiewet Bedragen * 1 miljoen euro Financieel effect
Maatregel
1. Collectieve zorgverzekering voor minima afschaffen of versoberen
Beoogd resultaat
2026
2027
2028
2029
0,60/ 0,50
0,60/ 0,50
0,60/ 0,50
0,60/ 0,50
Stoppen of versoberen collectieve zorgverzekering voor minima. Bij volledig afschaffen kan de volledige inzet in beginsel worden bespaard, versobering door een deel van de vergoeding af te schaffen is ook mogelijk, dan is het max 200.000 euro. Wanneer voor 1 juli 2025 wordt besloten tot afschaffen dan kan de volledige bezuiniging ingaande 2026 worden gerealiseerd. Wanneer wordt gekozen voor een versobering dan zal besluitvorming voor 1 oktober 2025 moeten plaatsvinden om de bezuiniging in 2026 in te kunnen te laten gaan. Volledige afschaffing levert 0,6 miljoen op of 0,5 miljoen in combinatie met de maatregel hieronder (de maatregelen tellen dus maximaal op tot 0,6 miljoen en niet 0,7 miljoen).
Maatschappelijk effect
Negatief, want minima met hoge zorgkosten zullen een andere wijze moeten vinden om hun zorgkosten te financieren. Kan leiden tot onderverzekering/niet verzekerd zijn en daarmee gepaard gaande financiële problematiek bij zorggebruik en/of het mijden van zorg met de daarmee gepaard gaande consequenties. Mogelijk kan de voorzieningenwijzer deels de negatieve gevolgen dempen door voor de individuele getroffenen het meest adequate alternatief aan te wijzen.
2. Collectieve zorgverzekering voor minima jaarlijks controleren op rechtmatigheid
0,10
0,10
0,10
0,10
Beoogd resultaat
Controleren collectieve zorgverzekering op rechtmatigheid gebruik. De bezuiniging kan in 2026 ingaan. Als bij maategel 1 wordt gekozen voor volledig afschaffen van de collectieve zorgverzekering voor minima, dan vervalt deze besparing. Wordt volgens maatregel 1 gekozen voor versobering dan is het effect van deze maatregel mogelijk minder dan 0,10.
Maatschappelijk effect
Onrechtmatige deelname wordt voorkomen. Geen negatief effect, slechts geringe inzet noodzakelijk, doordat inkomensgegevens door het Inlichtingenbureau kunnen worden aangeleverd.
3. Budget in eigen begroting ten opzichte van Buigmiddelen afromen Beoogd resultaat
0,50
0,50
0,50
0,50
De middelen t.b.v. het verstrekken van bijstandsuitkeringen in de begroting beperken tot hetgeen het rijk hiervoor compenseert binnen de BUIG (Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorzieningen Gemeenten - specifieke rijksuitkering t.b.v. verstrekken bijstand door gemeenten). We verminderen het huidige tekort op de BUIG door onder meer het inzetten van de volgende maatregelen. 1: Sturen op de inzet van wetten buiten gemeente Cliënten aanspraak laten maken op een voorliggende voorziening zoals de Wajong. Hiervoor moet het cliëntenbestand worden gescreend. Een deel van
3
ons bestand is reeds gescreend en dit gaf een aanzienlijk besparingspotentieel. Daarom is er aanleiding het gehele bestand te laten screenen. De screening vraagt de inzet van een vakinhoudelijke specialist, deze zal via een bureau ingehuurd moeten worden, dit omdat we deze expertise niet in huis hebben. Het succesvol begeleiden van een cliënt naar een voorliggende voorziening levert per cliënt een besparing op van 17.000 euro per jaar. In geval van Wajong gaan we uit van een besparing van 5 jaar (=aantal jaar dat geen P-wet wordt uitbetaald). De gedeeltelijke screening van ons bestand leverde een besparing op van 85.000 euro per jaar. 2: Workshops aanbieden aan inwoners om hiermee alternatieven voor bijstand te geven Ontmoedigen van het aanvragen van een bijstandsuitkering door het verstrekken van informatie over alternatieven. 3: Onderzoeken of we doelgroepen beter in beeld hebben voor loonkostensubsidie – analyse Het sturen op meer inzet van loonkostensubsidie (LKS), waar mogelijk en toegestaan, biedt geen directe besparing in het lopende jaar, maar wel in het jaar erop. De LKS maakt onderdeel uit van het zogenaamde BUIG-budget, bedoeld voor het verstrekken van uitkeringen en loonkostensubsidies. Sinds 2022 wordt het LKS-budget vastgesteld op basis van het aandeel in de realisatie van LKSuitgaven in het voorgaande jaar (t-1).
De reden hiervoor is dat LKS daarmee veel vaker loont; naast de besparing op de uitkeringen wordt LKS (een jaar later) vergoed op basis van de realisaties in het jaar ervoor. Dit in tegenstelling tot het budget voor de uitkeringen, waar een objectieve verdeling op basis van niet door de gemeente te beïnvloeden factoren van toepassing is. Het positieve financiële saldo per jaar in de gemeentelijke financiën voor een uitkeringsgerechtigde die bij een sociaal ontwikkelbedrijf met LKS aan de slag gaat, werd in 2024 door Berenschot gemiddeld berekend. Hierdoor denken wij dat dit per nieuwe plaatsing minstens 1.500 euro gaat opleveren. Gaat een inwoner aan de slag bij een sociaal ontwikkelbedrijf, dan gaat het om 2.168 euro per jaar, en bij een reguliere werkgever gaat het om totaal 7.636 euro. Bij 20 inwoners ligt de besparing daarmee tussen de 40.000 euro en 150.000 euro. Daarnaast zetten we een financiële maatregel in om het tekort te verminderen te weten: 4. Verlagen budget herwaardering bijstandsvorderingen De uitstaande bijstandsvorderingen worden jaarlijks beoordeeld op oninbaarheid. Voor afwaardering van de uitstaande vordering is in de begroting structureel 300.000 euro opgenomen. De laatste jaren is de daadwerkelijke afwaardering maximaal 50.000 euro. In het kader van offensief begroten stellen wij voor om van het budget structureel 250.000 euro vrij te laten vallen.
Dit heeft geen maatschappelijke impact. Uiteraard wordt wel het risico vergroot dat in enig jaar de daadwerkelijke lasten incidenteel hoger zijn dan begroot. Maatschappelijk effect
In de afgelopen jaren is het eerder begrote tekort van 1,5 mln. euro reeds bijgesteld naar 500.000 euro. Met de voorgestelde maatregelen streven we ernaar het tekort binnen de BUIG volledig te voorkomen. Hierbij moet echter worden opgemerkt dat de economische conjunctuur van invloed blijft op deze doelstelling. Een stijging van het aantal WW-uitkeringen kan een indicatie zijn voor een mogelijke toename van het aantal bijstandsgerechtigden.
4
4. Afromen onder-uitputting jeugdfonds
0,20
0,20
0,20
0,20
Beoogd resultaat
Afromen van de onder-uitputting Jeugdfonds à 160.000 euro en de onderuitputting van de Klijnsmamiddelen à 40.000 euro. Kan in beginsel al in 2026 ingaan omdat de eerdere invulling van de onder-uitputting, met kledingvouchers, is gepresenteerd als een incidenteel initiatief.
Maatschappelijk effect
Kinderen uit gezinnen met een laag inkomen worden beperkt in hun deelname aan de maatschappij. Geen positieve gevolgen. Vanuit het bevorderen van kansengelijkheid is het zeer onwenselijk om te stoppen met deze subsidie. De gemeenteraad heeft de Klijnsmamiddelen gealloceerd voor besteding ten behoeve van kinderen in armoede.
5. Onder-uitputting bijzondere bijstand
0,25
0,25
0,25
Beoogd resultaat
Dit betreft het bedrag dat nu niet gebruikt wordt voor het uitbetalen aan inwoners. Er kan daarom ingaande 2026 al rekening mee worden gehouden.
Maatschappelijk effect
Neutraal
6. Financiële coaching door coaches Financiën Beoogd resultaat
0,02
0,04
0,06
0,25
0,08
Werkwijze is in ontwikkeling. Door inwoners tenminste 6 maanden intensieve coaching en opleiding te bieden, ze te ondersteunen meer zelfredzaam te zijn en vaardigheden te ontwikkelen om zelf hun financiën te kunnen beheren. Hiermee kunnen we instroom in bewindvoering en mogelijk versnelde uitstroom uit bewindvoering mogelijk maken. Kan bijvoorbeeld ook ingezet worden bij instroom in Participatiewet. De besparing is te verwezenlijken bij 10 inwoners met bewind vanwege problematische schulden per jaar. De besparing loopt elk jaar op omdat we uitgaan van structurele uitstroom en daarmee besparing op normaliter meerjarige uitgaven.
Maatschappelijk effect
Ontwikkelen en versterken vaardigheden/ eigen kracht inwoners. Minder doorstroom naar bewind voering.
7. Inwoners met beginnende geldzorgen eerder en beter bereiken Beoogd resultaat
0,02
0,04
0,06
0,08
De praktijk toont aan dat inwoners doorgaans te laat vragen om hulp bij geldzorgen. We beschikken over diverse instrumenten om inwoners te bereiken, zoals de Voorzieningenwijzer, Geldfit, foldermateriaal, websites, het Almelo’s Weekblad, etc. Toch is de drempel door met name schaamte groot. Ook om contact te leggen met een coach Financiën, de Stadsbank of onze subsidiepartners in het voorliggend veld, zoals Schuldhulpmaatje of Thuisadministratie. We willen door meerdere acties in te zetten eerder bereik organiseren van inwoners met geldzorgen: -
Inlooppunt bijv. ‘Geldzorgen’ in het maatschappelijke plein van de bibliotheek (en later mogelijk in wijkcentra). Bemensing organiseren met eigen medewerkers en betrokken partners zoals hierboven genoemd. Dit sluit ook aan bij project ‘Plan de campagne’ om de 0-de lijn beter te organiseren.
5
-
-
-
-
Maatschappelijk effect
Door inwoners eerder te bereiken, voorkomen we dat geldzorgen en schulden groter worden. Omdat de schuldensituatie beperkt blijft en inwoners eerder informatie vinden en ondersteuning ontvangen, is instroom in bewindvoering minder vaak nodig. Omdat dit meerjarige kosten betreffen, loopt de besparing op wanneer we elk jaar hetzelfde aantal inwoners in bewind voorkomen. Hoe eerder mensen worden geholpen bij geldzorgen, hoe kleiner de kans is dat ze uiteindelijk in bewindvoering terecht komen. Hierbij wordt ook een link gelegd met maatregel 1, het onderdeel financiële coaching.
8. Wetsvoorstel Fiscale Verzamelwet Beoogd resultaat
Communicatie: meer en gerichter werken met campagnes. Hier ligt ook een link met het gebruik maken van de beschikbare minimaregelingen en de opdracht van de raad na het rekenkameronderzoek Armoedebeleid waarbij 1 van de aanbevelingen is om een uitvoeringsprogramma armoede op te stellen. Vroegsignalering van betalingsachterstanden: meer inzet op specifieke doelgroepen zoals gezinnen met kinderen en hoger bereik realiseren. Bij de uitwerking worden Plan de campagne en project vanuit Twentse Koers ‘Bereik vergroten geldzorgen’ betrokken. Eerder bij problematiek betrokken worden als dit bekend is bij andere organisaties. Een goed voorbeeld is een driepartijenovereenkomst tussen woningcorporatie, huurder en zorgpartij. Het komt met regelmaat voor dat een bewindvoerder / bewindvoering als voorwaarde wordt gesteld voor het tekenen van een huurcontract. Dit geeft de verhuurder zekerheid van betaling van de huur, maar dit kan ook op andere (goedkopere) manieren worden opgelost via onze coaches Financiën of een BBR bij de Stadsbank. Voordat bewind wordt uitgesproken, betrokken raken in casus en advies uitbrengen aan de rechtbank door middel van het Adviesrecht gemeenten schuldenbewind (Ags). We zijn hier onlangs mee gestopt, omdat een wetswijziging nodig is om het adviesmoment effectiever te organiseren. Via G40 en VNG zetten we in d.m.v.
lobby om wet te wijzigen, evaluatie huidige wet in 2025.
0,15
0,15
0,15
0,15
Volgens het wetsvoorstel Fiscale verzamelwet 2026 vallen zowel beschermingsbewindvoering als schuldhulpverlening per 2026 onder de BTWvrijstelling. Dit wetsvoorstel wordt in Q1 2025 ingediend bij de Tweede Kamer. Naar verwachting leidt dat per 2026 tot een financiële ‘meevaller’ (lees minder tekorten) voor gemeenten. Wel moet de kanttekening gemaakt worden dat er gepleit wordt voor een verhoging van de LOVCK-tarieven voor bewindvoerders, wat deze meevaller wellicht wat gaat dempen. Deze besparing is in principe jaarlijks gelijk omdat dit gebaseerd is op het aantal lopende dossiers bijzondere bijstand voor bewindvoeringskosten.
Maatschappelijk effect
Op basis van de bijzondere bijstand voor bewindvoeringskosten over de maand januari 2025, is berekend dat we met de BTW-vrijstelling maandelijks een bedrag van ca. 12.000 euro en op jaarbasis ca. 146.000 euro minder kosten zullen maken.
Totaal deelopgave participatiewet
1,74
1,78
1,82
1,86
6
2. Deelopgave Jeugdwet Bedragen * 1 miljoen euro Financieel effect
Maatregel 9. Afbouwen wonen en verblijf Beoogd resultaat
2026
2027
2028
2029
0,40
0,53
0,70
0,75
Het voorkomen van instroom van jeugdigen in woon- en verblijfvoorzieningen en het bevorderen van uitstroom van jeugdigen richting ambulante voorzieningen. Inzet op o.a. • Coördinatiepunt wonen en verblijf • Verklarende analyse • Sturen op indicatoren (inkoop Jeugdhulp)
Het verminderen van uithuisplaatsingen is een grote opgave, waarvan de verwachte impact en daarmee gepaard gaande financiële effecten jaarlijks oplopen met de ingevoerde maatregelen. Deze (financiële) effecten worden nog niet in volle omvang verwacht in 2026 en 2027. Maatschappelijk effect Minder uithuisplaatsingen en sneller terugkeren naar huis met ambulante ondersteuning heeft een positief effect op jeugdigen. Uit onderzoek weten we dat een uithuisplaatsing veelal gepaard gaat met negatieve gevoelens en (traumatische) emoties en daarom alleen in uiterste gevallen ingezet dient te worden. Landelijk wordt daarom ingezet op de afbouw van wonen en verblijf, zo ook in Twente. Inzet op verminderen van uithuisplaatsing gaat gepaard met een toename van ambulante hulpverlening, versterken van preventieve voorzieningen en meer inzet op het eigen netwerk (zie stevige lokale toegang en sturen op indicaties). Sluit aan bij de Hervormingsagenda Jeugd, Strategisch beleidsplan sociaal domein (onderdeel jeugd) en Actieplan beleid sociaal domein. 10. Stevige lokale toegang en sturen op indicaties 0,20 0,40 1,36 2,16 Beoogd resultaat
De stevige lokale toegang en sturen op indicaties betreft een combinatie van maatregelen. Het (door) ontwikkelen van een stevige lokale toegang, met daarin deskundige medewerkers met de juiste kennis en expertise, die zelf basishulp uitvoeren en in verbinding staan met het brede sociale domein (o.a. onderwijs, ggz en welzijn). De stevige lokale toegang kenmerkt zich door laagdrempelige en toegankelijke zorg, waarbij integrale samenwerking en mandaat centraal staan. Hierin is aandacht voor preventie, normaliseren en gericht op eigen kracht en het eigen netwerk (o.a. JIM). Verder valt onder deze maatregel het sturen op indicaties doormiddel van uitvoeringsprincipes, beperken verwijzingen niet gecontracteerd aanbod en kostenbewust indiceren. Hier valt ook het uitwerken van de inperking van de reikwijdte jeugdhulpplicht onder en het doorzetten van maatregelen gericht op het voorkomen van hulpverlening rondom complexe scheidingen.
In de komende jaren worden ontwikkelingen doorgevoerd vanuit de hervormingsagenda Jeugd (o.a. ontwikkelen stevige lokale toegang) waarvan de financiële effecten pas in 2028 verwacht worden. Tevens moet het Rijk is het rijk aan zet bij de wetgeving (Reikwijdte jeugdhulpplicht), die in de eerste jaren nog niet verwacht wordt. Pas na deze ontwikkeltijd en dit wetgevingstraject kunnen de volledige opbrengsten van deze maatregel worden verwacht. Maatschappelijk effect Stevige lokale teams bieden basishulp, waardoor ondersteuning voor kwetsbare jeugdigen eerder ingezet wordt. Stevige lokale teams hebben een goede verbinding met het brede sociale domein, zijn gericht op de leefwereld van de inwoner, richten zich op eigen kracht en het brede netwerk van de inwoner. Dit moet voorkomen dat
7
jeugdigen een beroep moeten doen op zwaardere hulpverlening. Jeugdigen worden eerder en beter ondersteund. De landelijke deskundigencommissie ziet het Stevige Lokale Team als het kloppend hart van de Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028. De maatregelen moet leiden tot meer passende ondersteuning voor de inwoners, inzet op eigen kracht en normaliseren. Inzet sluit aan bij de leefwereld van de inwoner. Inzet vanuit het stevige lokale team en het sturen op indicaties kan betekenen dat er geen beroep gedaan hoeft te worden op (specialistische) jeugdhulp. Een risico is dat dit leidt tot weerstand bij de inwoner, doordat ze eerder (specialistische) jeugdhulp ontvingen. Sluit aan bij de Hervormingsagenda Jeugd, Strategisch beleidsplan sociaal domein (onderdeel jeugd) en Actieplan beleid sociaal domein. 0,15 0,20 0,20 0,25 11. Coördinator externe verwijzers Beoogd resultaat
De coördinator externe verwijzer fungeert als aanspreekpunt voor de externe verwijzers. De focus ligt hierbij op de relatie en samenwerking met huis- en jeugdartsen, POH-ers en GI’s, waarbij het voortdurend van belang is hoe de beste zorg ingezet inzetten aan de inwoners van gemeenten. Dit zorgt voor meer inzet algemene voorzieningen en een betere sturing op voorwaarden van passende ondersteuning voor de inwoners, waarbij breder wordt gekeken dan de gespecialiseerde jeugdhulp. Inzet o.a. op: • Coördinator externe verwijzers • Duurste casussen Maatschappelijk effect De verwachting is dat er breder gekeken wordt welke ondersteuning passend is. Dit heeft een positief effect op de inwoner en minder kosten voor de samenleving. Omdat hierbij nauwe samenwerking met de externe verwijzers centraal staat, en dit naar verwachting het eerste jaar meer inzet vraagt in het versterken van deze relaties, worden de financiële effecten vanaf jaar 2 verwacht. Sluit aan bij de regionale Inkoop Jeugdhulp 2025 12. Normaliseren voogdij ondersteuning Beoogd resultaat
0
0
0,15
0,15
Op het moment dat een ouder niet het gezag uitvoert over kind neemt een voogd het wettelijk gezag over de jongere op zich en is daardoor betrokken bij alle belangrijke beslissingen in diens leven. In de meeste gevallen is daarvoor nu een gecertificeerde instelling (GI) betrokken. Een burgervoogd neemt de taken over van een GI. De burgervoogd blijft voor de langere termijn (persoonlijk) betrokken. Daarom is in de Hervormingsagenda afgesproken om het beleggen van voogdij over jongeren bij een informeel steunfiguur (burgervoogdij, voogdijondersteuning) te normaliseren.
Het gaat om nieuw beleid, in samenwerking met partners, wat maakt dat de effecten pas vanaf 2028 worden verwacht. Maatschappelijk effect De voogdij wordt uitgevoerd door een informeel steunfiguur uit het eigen netwerk. Hierbij wordt uitgegaan van eigen kracht in het netwerk en sluit aan bij het normaliseren. Dit sluit aan bij de leefwereld van de jeugdige. Het aantal jeugdigen met een jeugdbescherming neemt af en de kosten hiervoor nemen af. Sluit aan bij de Hervormingsagenda Jeugd, Strategisch beleidsplan sociaal domein (eigen kracht en normaliseren) en Actieplan beleid sociaal domein. 13. Voorkomen onnodige inzet Jeugdhulp 0 0,10 0,10 0,10 Beoogd resultaat
Voorkomen van Jeugdhulp door voorlichting en versterken (digitale) nulde lijnvoorziening. Inwoners hebben o.a. informatie over rechten en plichten, eigen kracht en algemene voorzieningen. Informatie is makkelijk te vinden, voordat ze een beroep doen op een jeugdhulpvoorziening. Maatschappelijk effect Inwoners worden in de eigen kracht gezet en sneller ondersteund bij een ondersteuningsvraag of hulpvraag.
8
Sluit aan bij Strategisch beleidsplan sociaal domein (eigen kracht en normaliseren) en Actieplan beleid sociaal domein en hangt samen met Plan de Campagne. Totaal deelopgave Jeugdwet 0,75 1,23 2,51 3,41
9
3. Deelopgave Wet maatschappelijke ondersteuning Bedragen * 1 miljoen euro Financieel effect
Maatregel 14. Sturen op indicaties Beoogd resultaat
2026
2027
2028
2029
3,00
3,83
3,85
3,85
Betreft diverse maatregelen gericht op beperken aantal gebruikers voorzieningen, beperken volume gebruik voorzieningen en gemiddeld gebruik per voorziening per gebruiker. Maatregelen betreffen het implementeren van normenkaders, kostenbewust indiceren met een budgetplafond light, verder uitbouwen van algemene voorzieningen waaronder individuele begeleiding en beperken beroep op huishoudelijke ondersteuning door zelfredzaamheid te vergroten. Voor effectueren van de maatregelen moet aansluiting worden gezocht met al bestaande initiatieven waarbij we voorzieningen als inloop en dagbesteding aanvullen met individuele begeleiding als algemene voorziening. Verwachting is dat dit grotendeels al in 2026 gerealiseerd kan worden maar nog niet in volle omvang.
Maatschappelijk effect
Versterken beroep op zelfredzaamheid, meer uitgaan van eigen kracht en mogelijkheden, beroep op voorziening (individuele begeleiding) alleen dan wanneer probleem wordt ervaren door gebruiker. Ten aanzien van individuele begeleiding als algemene voorziening wel de kanttekening dat zicht moet worden gehouden op inwoners die na stopzetten van de maatwerkvoorziening geen gebruik maken van de algemene voorziening: mogelijk dat sommige inwoners geholpen/gestimuleerd moeten worden om tijdig gebruik te maken van de mogelijkheden binnen de algemene voorziening om ernstige problematiek te voorkomen Sluit aan bij strategische doelen Strategisch beleidsplan sociaal domein en de uitwerking hiervan in het Actieplan beleid sociaal domein. Strak sturen op aflopen eigen mogelijkheden (al dan niet met hulp van sociale omgeving), gebruik reguliere voorzieningen (verenigingen en clubs), algemene voorzieningen en als dat onvoldoende uitkomst biedt, indiceren van een maatwerkvoorziening.
15. Pilot individueel zelfstandig wonen LVB Beoogd resultaat
Maatschappelijk effect
0
0,08
0,10
0,15
Betreft een pilot met een zorgaanbieder om optimaal gebruik te kunnen maken van het sociale netwerk (ipv de maatwerkvoorziening individuele begeleiding) voor inwoners met een licht verstandelijke beperking (LVB). Voor interventies gericht op het structureel uitbouwen van het sociale netwerk is tijd nodig voordat de inzet van een maatwerkvoorziening kan worden afgeschaald. We verwachten hiervoor het weergegeven ingroeipad. Sociale omgeving van inwoners met LVB wordt meer en meer gestructureerd betrokken bij deze inwoner. Afhankelijkheid van hulpverleners kan hierdoor verminderen. Sluit aan bij strategische doelen Strategisch beleidsplan sociaal domein en de uitwerking hiervan in het Actieplan beleid sociaal domein.
16. Innemen niet in gebruik zijnde hulpmiddelen Beoogd resultaat
0,05
0,08
0,10
0,10
Maatregel betreft niet alleen het innemen van niet gebruikte hulp- en vervoermiddelen, maar ook het niet verstrekken of beëindigen van de verstrekking van
10
Maatschappelijk effect
hulpmiddelen die ook in de bouwmarkt verkrijgbaar zijn. Voor elk uitstaand hulpmiddel wordt voor onderhoud- en verzekering een vast bedrag per maand betaald aan de hulpmiddelenleverancier. Het beperken van het aantal uitstaande hulpmiddelen leidt tot lagere uitgaven. Effect is louter financieel: hulp- of vervoermiddel wordt immers niet gebruikt. Inname van het middel heeft derhalve geen effect voor de inwoner. Het innemen van middelen of beëindigen van de verstrekking van middelen die ook elders verkrijgbaar zijn, vergt tijd omdat hiernaar onderzoek moet worden verricht. Ook hebben we rekening te houden met het contract dat is afgesloten met de hulpmiddelenleverancier waardoor wijzigingen niet direct in volle omvang kunnen worden doorgevoerd of het financieel effect niet direct volledig te verwachten is. Sluit aan bij strategische doelen Strategisch beleidsplan sociaal domein en de uitwerking hiervan in het Actieplan beleid sociaal domein
17. Herinvoeren inkomensafhankelijke bijdrage Beoogd resultaat
Maatschappelijk effect
0
0,10
0,10
0,10
Is voorzien voor 2027; Rijk heeft aangegeven dat niet volledig verwachte opbrengst van de inkomensafhankelijke bijdrage in mindering wordt gebracht op de algemene uitkering Gemeentefonds. Besparing kan pas vanaf 2027 worden ingeboekt vanwege de voorziene invoering in dat jaar; direct is dan ook de volle omvang van het financieel effect zichtbaar. Door verhogen bijdrage voor inwoners met een hoger inkomen, wordt een beroep gedaan op de zelfredzaamheid. Mogelijk dat inwoners met een hoger inkomen kiezen voor zelf regelen van ondersteuning (met name huishoudelijke ondersteuning). Sluit aan bij strategische doelen Strategisch beleidsplan sociaal domein en de uitwerking hiervan in het Actieplan beleid sociaal domein
Totaal deelopgave Wmo
3,05
4,08
4,15
4,20
11
4. Incidentele maatregel cultuur Bedragen * 1 miljoen euro Financieel effect
Maatregel Sturen op indicaties Beoogd resultaat
2027
2028
2029
0,50
0
0
0
Het realiseren van een incidentele bezuiniging van in totaal 500.000 euro door: -
-
Maatschappelijk effect
2026
de wetgeving WSOB incl. de invoering Zorgplicht later ingaat dan gepland (beoogde ingang nu 2027) en er wel geld beschikbaar is t.b.v de wijzigingen die hiervoor nodig zijn; een deel van het budget m.b.t. cultuureducatie (60.000 euro van de totaal beschikbare 74.000 euro) incidenteel beschikbaar te stellen.
In 2026 is er door deze maatregel vrijwel geen budget beschikbaar t.b.v. incidentele initiatieven op het gebied van cultuureducatie.
Bedragen x 1 miljoen euro
12