Perspectiefnota 2025-2028- bijlage 4 -Rapportage brede evaluatie sociaal domein gemeente Almelo
Tekst van het document
Rapportage Evaluatie sociaal domein Gemeente Almelo
Auteur(s)
Lennart Homan Ilco Toebes Alyssa Wegman
Opdrachtgever
Gemeente Almelo
Kenmerk
IT/24/0588/ebsda
Publicatiedatum
9 april 2024 © Bureau HHM
Inhoud
5.2
Inleiding ................................................................................................................ 36
Managementsamenvatting........................................................................................ 4
5.3
Zorgaanbod ......................................................................................................... 36
5.4
Bevindingen ......................................................................................................... 37
1.
Aanleiding en doelstelling .............................................................................. 5
1.1
Aanleiding en vraag.............................................................................................. 5
6.
De organisatie ............................................................................................... 39
1.2
Doelstelling ............................................................................................................ 5
6.1
Samenvatting ...................................................................................................... 39
1.3
De vraag.................................................................................................................. 6
6.2
Inleiding ................................................................................................................ 39
1.4
Afbakening ............................................................................................................. 6
6.3
Inrichting organisatie......................................................................................... 39
1.5
Onderzoeksmethode .......................................................................................... 7
6.4
Bevindingen ......................................................................................................... 40
1.6
Leeswijzer ............................................................................................................... 7
7.
Beschouwing ................................................................................................. 45
2.
Vraag en behoefte .......................................................................................... 8
7.1
Beschouwing bevindingen ............................................................................... 45
2.1
Samenvatting......................................................................................................... 8
7.2
Almelo uit en in de regio .................................................................................. 47
2.2
Inleiding .................................................................................................................. 8
7.3
Toekomstbestendigheid ................................................................................... 48
2.3
Inwonersaantallen en huishoudens-samenstelling ..................................... 9
7.4
Relatie inrichting met cijfers ............................................................................ 48
2.4
Inkomens- en opleidingssamenstelling .........................................................10
7.5
Relatie tot Visitatiecommissie Financiële Beheersbaarheid - VNG......... 49
2.4
Gezondheid inwoners .......................................................................................10
7.6
Onderzoeksvragen voor adviezen ................................................................. 49
2.5
Samenstelling woningvoorraad.......................................................................11
8.
Adviezen en toekomstscenario’s ................................................................ 50
2.6
Gebruik sociaal domein ....................................................................................11
8.1
Inleiding ................................................................................................................ 50
3.
Beleid .............................................................................................................. 25
8.2
Adviezen ............................................................................................................... 50
3.1
Samenvatting.......................................................................................................25
8.3
Aanbevelingen optimalisaties beleidscyclus ................................................ 54
3.2
Inleiding ................................................................................................................25
8.4
Tijdpad .................................................................................................................. 58
3.3
Bevindingen .........................................................................................................26
8.5
Aanbevelingen maatregelen gebruik voorzieningen ................................. 60
4.
Uitvoering ....................................................................................................... 30
8.6
Keuzemogelijkheden ......................................................................................... 60
4.1
Samenvatting.......................................................................................................30
4.2
Inleiding ................................................................................................................30
4.3
Bevindingen .........................................................................................................31
5.
Aanbod ........................................................................................................... 36
5.1
Samenvatting.......................................................................................................36 IT/24/0588/ebsda
Bijlage 1.
Aanpak brede evaluatie sociaal domein ......................................... 61
Bijlage 2.
Respondenten en projectgroep ....................................................... 67
Bijlage 3.
Tijdlijn documentanalyse .................................................................... 68
Bijlage 4.
Lijst met potentiële onderzoeksvragen .......................................... 69
Bijlage 5.
Gezondheidsmonitor gemeenten .................................................... 71
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 2
Bijlage 6.
Financieel overzicht .............................................................................72
Bijlage 7.
Analyse externe inhuur gemeente Almelo .....................................73
Bijlage 8.
Figuren uitvergroot ..............................................................................75
Bijlage 8.
Competenties leiderschap .................................................................86
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 3
Managementsamenvatting De gemeente Almelo voert de Evaluatie sociaal domein uit om de kosten in het sociaal domein beheersbaar te houden en voorstellen te doen voor de perspectiefnota 2024 – 2027 of latere P&C-documenten. Belangrijke kernwoorden hierbij zijn: doeltreffendheid, doelmatigheid, robuustheid en toekomstbestendigheid. De evaluatie hebben we opgesplitst in twee delen. We zijn gestart met een vooronderzoek. Dit bestond uit een documentanalyse en het voeren van gesprekken met medewerkers. Op basis van de verzamelde informatie stelden we samen met de projectgroep de onderzoeksvragen vast. Er is veelvuldig aangegeven dat de situatie in Almelo lastiger is dan in vergelijkbare gemeenten, dat er meer problematiek is onder de inwoners dan elders. Dit zien wij ook terug in de benchmark met referentiegemeenten. Almelo heeft relatief meer inwoners met een laag opleidingsniveau en minder met een hoog opleidingsniveau; meer inwoners met een laag inkomen en minder met een hoog inkomen; meer corporatiehuur (dit heeft een link met kwetsbaarheid); snellere groei in uitgaven aan jeugdzorg; en meer inwoners met een bijstandsuitkering. We zien ook vaker combinaties van voorzieningen binnen de drie wetten.
Daar tegenover staat dat de gemeente gemiddeld iets minder Wmo-cliënten heeft; de ervaren gezondheid gemiddeld is en inwoners over het algemeen tevreden zijn over het voorzieningenniveau.
geen cultuur waar data-gedreven werken bestaat en het ontbreken van duidelijke afspraken met betrekking tot het PDCA-proces. Beoordeling van doeltreffendheid en doelmatigheid wordt bemoeilijkt en de huidige inrichting van de beleidscyclus is niet robuust of toekomstbestendig. In de beschouwing wordt de vraag gesteld hoe de gemeente de overgang kan maken naar een beter functionerend sociaal domein. Dit beantwoorden we aan de hand van deelvragen over de vertaling van beleid naar uitvoering, de inbedding van de PDCA-cyclus, de afbakening van functies en rollen en het duidelijker beleggen van eigenaarschap. De adviezen omvatten het verbeteren van de gemeentelijke organisatie door de volwassenheid van de bedrijfsvoering te verhogen, met focus op het inrichten van de beleidscyclus, de start van data-gedreven werken en het verbeteren van competenties van managementlagen en capaciteit van de diverse teams. Daarnaast stellen we maatregelen voor betreffend het gebruik van voorzieningen binnen het sociaal domein. De consequenties van deze adviezen benadrukken het belang van terugkeren naar de basis: door te richten (doel), door in te richten (proces) en te verrichten (resultaat). Opgavegericht sturen en werken is hierbij de focus, met focus op de inhoud, binnen financiële kaders.
Kordaat management en politiek-bestuurlijk commitment zijn hierbij cruciaal voor een integrale sturing op de opgaven. Ons advies is dan ook om eerst de nadruk te leggen op het op orde brengen van de basis alvorens onorthodoxe maatregelen te implementeren.
De gemeente heeft de afgelopen jaren voornamelijk een reactief beleid gevoerd in het sociaal domein, waarbij het in plannen ontbrak aan een duidelijke rode draad. De bedrijfsvoering vertoont onvolwassenheid, met ad-hoc vertaling van beleid naar uitvoering en gebrek aan adequate monitoring van beleidsdoelstellingen. Oorzaken hiervan zijn onderbezetting, veel personeelsverloop, IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 4
1. Aanleiding en doelstelling Dit hoofdstuk beschrijft de aanleiding van dit onderzoek, doelstellingen en de vragen die beantwoord moeten worden.
1.1 Aanleiding en vraag De gemeente Almelo wil het sociaal domein evalueren om te bepalen of de juiste keuzes zijn gemaakt in het beleid en de uitvoering hiervan: Is het beleid relevant en functioneert de uitvoering doeltreffend en doelmatig? De gemeente vraagt zich af of de organisatie robuust en toekomstbestendig is en welke concrete acties uitgevoerd moeten worden om dit te worden of te blijven. 1.2 Doelstelling Het achterliggende doel van de evaluatie van het sociaal domein is om de kosten in het sociaal domein beheersbaar te houden en voorstellen te doen voor de perspectiefnota 2024 – 2027 of latere P&C-documenten. Er moet een rapport komen dat 1) het beleid en de beleidsuitvoering op doeltreffendheid en doelmatigheid analyseert, 2) de organisatorische keuzes binnen het sociaal domein beoordeelt en 3) toekomstige keuze-scenario’s inclusief de stappen voor implementatie aanreikt. Het onderzoek moet beleidsmatig en organisatorisch terug- en vooruitkijken. Ook wordt, daar waar mogelijk, een organisatorische en/of data-gedreven vergelijking gemaakt met andere gemeenten van dezelfde grootteklasse en sociaaleconomische structuur. In het onderzoek is aandacht voor de thema’s: • Zorgvraag
IT/24/0588/ebsda
•
Zorgaanbod
•
Beleid, beleidsvorming en beleidsuitvoering
•
Inkoop
•
Organisatie
•
Financiën
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 5
1.3 De vraag Figuur 1 geeft schematisch weer hoe de vraag van het onderzoek eruitziet. De gemeente Almelo is (op bepaalde onderdelen) verantwoordelijk voor de hulp en ondersteuning aan kwetsbare inwoners. Ingegeven door de vraag/ behoefte van de inwoners (1a) maakt de gemeente beleid (1b), wordt dit beleid vertaald naar de uitvoering (1c), van waaruit het benodigde aanbod (1d) om aan de vraag/behoefte te voldoen, wordt ingericht. Dit is een continu proces waar - na verloop van tijd - bijstelling en bijsturing op plaatsvindt. Binnen deze cyclus heeft de gemeente organisatorische keuzes gemaakt om dit vorm te geven (2). De vraag is of dit de juiste keuzes waren, hoe deze keuzes hebben uitgepakt en hoe dit zich verhoudt tot vergelijkbare gemeenten (3). Een evaluatie op doeltreffendheid en doelmatigheid is hierbij belangrijk. Tot slot is gevraagd - gebaseerd op de voorgaande onderdelen -
Proces tot de onderzoeksvragen
Voor aanvang van het onderzoek heeft de gemeente Almelo een lijst met potentiële onderzoeksvragen opgesteld (bijlage 4). In het proces is er aan de voorkant bewust voor gekozen om na het vooronderzoek samen met de projectgroep te reflecteren op deze onderzoeksvragen aan de hand van de verzamelde informatie uit het vooronderzoek. Zodat samen bepaald kon worden wat de kern van het onderzoek is waarop antwoord gegeven moet worden. Hierbij keken we welke informatie de organisatie nodig heeft om verder te werken naar een organisatie die doeltreffend, doelmatig, robuust en toekomstbestendig is. In deze reflectie met de projectgroep is op basis van de informatie uit het vooronderzoek de hoofdvraag van deze evaluatie geformuleerd: “Hoe maken we de slag naar een beter functionerend sociaal domein?”
om voorstellen te doen voor toekomstgerichte keuzescenario’s inclusief de stappen voor implementatie (acties (4)).
Deze vraag is uitgesplitst naar vier deelvragen, die vooral gericht zijn op de adviezen en oplossingen: 1. Hoe borgen we de vertaling van beleid naar uitvoering? 2. Hoe zorgen we dat de PDCA-cyclus ingebed wordt in de organisatie? 3. Hoe bakenen we de verschillende functies en rollen duidelijk af? 4. Hoe zorgen we ervoor dat eigenaarschap duidelijker belegd wordt? Vanuit de deskresearch en de gesprekken hebben we informatie verzameld die wel antwoord geeft op een of meerdere van de vooraf gestelde potentiële onderzoeksvragen. Deze vragen vindt u per hoofdstuk in een kader terug.
1.4 Afbakening Onder sociaal domein verstaan wij het veld dat uitvoering geeft aan de Jeugdwet, Participatiewet en de Wmo. Dit is de scope van het onderzoek. De analyse heeft product/voorziening-overstijgend plaatsgevonden. Figuur 1. Schematische weergave van de vraag
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 6
Dit betekent dat de evaluatie niet plaatsvond op het niveau van de individuele
belangrijkste conclusies van deze brede evaluatie. Tenslotte behandelen we in
producten/ voorzieningen zoals Huishoudelijke Ondersteuning of Ambulante
hoofdstuk 8 de belangrijkste aanbevelingen.
Jeugdhulp.
In deze rapportage spreken we over de ‘gemeente’. Hierin bedoelen we tenzij anders is aangegeven - het Sociaal Domein. In de rapportages maken
1.5 Onderzoeksmethode Binnen deze evaluatie zijn we begonnen met een uitvoerige documentanalyse (circa 120 documenten) (bijlage 3). Vervolgens hebben we verdiepende (groeps)gesprekken gevoerd met medewerkers van de gemeente Almelo.
we gebruik van quotes uit de gevoerde gesprekken met medewerkers. Deze hebben we weergegeven in een groen kader. De figuren hebben we in bijlage 8 vergroot weergegeven.
Alle respondenten en andere betrokkenen konden in een bijeenkomst reflecteren op de uitkomsten (bijlage 2). Hierna hebben wij in co-creatie met de projectgroep de hoofdvraag en bijbehorende deelvragen opgesteld voor de evaluatie. Vervolgens hebben wij aanvullende gesprekken gevoerd en deze rapportage opgesteld. Het onderzoek heeft plaatsgevonden eind 2023, bevindingen hebben daarom peildatum 2023. Zie bijlage 1 voor de volledige onderzoeksaanpak.
1.6 Leeswijzer De gemeente Almelo wordt geconfronteerd met een aantal opgaven in het Sociaal Domein. Deze gemeente is echter niet uniek in haar uitdagingen. In hoofdstuk 2 schetsen we cijfermatig een beeld van die opgaven en vergelijken we Almelo met referentiegemeenten. In hoofdstuk 3 gaan we in op het gevoerde beleid, waarmee de gemeente heeft beoogd in te spelen op deze opgaven. Hoofdstuk 4 beschrijft hoe de gemeente de vertaalslag naar de uitvoering op verschillende beleidsterreinen heeft vormgegeven. Hoofdstuk 5 gaat in op de effecten die het gevoerde beleid heeft gehad op het voorzieningenaanbod in het sociaal domein. Hoofdstuk 6 behandelt de organisatorische keuzes die de gemeente de afgelopen jaren heeft gemaakt ten aanzien van de beleidscyclus, zoals beschreven in voorgaande hoofdstukken. In hoofdstuk 7 beschrijven we de IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 7
2. Vraag en behoefte In dit hoofdstuk geven wij een korte, cijfermatig, beschouwing van de gemeente Almelo in vergelijking met Nederlandse cijfers en cijfers van de referentiegemeenten. Dit doen we aan de hand van de thema’s: Demografische gegevens, Beeld van de zorgvraag, ontwikkelingen op het gebied van de zorgvraag en de zorgvraag vergeleken met referentiegemeenten.
Potentiële onderzoeksvragen die verhalend aan de orde komen: •
Hoe ziet de zorgvraag binnen de gemeente Almelo eruit?
•
Welke ontwikkelingen zijn te verwachten op het gebied van zorgvraag?
•
Wat zijn de mogelijkheden voor de gemeenten om hierop in te spelen?
•
In hoeverre verschilt de zorgvraag binnen de gemeente Almelo van die in vergelijkbare gemeenten?
•
In hoeverre zijn wij in staat om die oorzaken te beïnvloeden en wat zijn passende maatregelen?
2.1 Samenvatting De gemeente Almelo heeft over het algemeen een hogere verhouding van bijstandsuitkeringen in vergelijking met de referentiegemeenten. Ook ervaart de gemeente per inwoner een voortdurende stijging van kosten aan jeugdzorg. Hierbij is er vergeleken met de referentiegemeenten relatief gezien een snellere groei. Almelo kent een dalende trend in de kosten per inwoner voor de Wmo van 2019 tot 2022. Vergeleken met andere gemeenten is Almelo een van de gemeenten met lagere uitgaven per inwoner voor Wmo-diensten in 2022. In inwonersaantallen die beroep doen op de drie wetten, wijkt de gemeente Almelo alleen op de P-wet aanzienlijk negatief af ten opzichte van de referentiegemeenten. We zien ook vaker combinaties van voorzieningen binnen de drie wetten. 2.2 Inleiding De gemeente Almelo is de afgelopen jaren geconfronteerd met diverse uitdagingen binnen het sociaal domein die onder andere een gevolg zijn van de demografische samenstelling van de gemeente. Op veel onderdelen scoort de gemeente Almelo ‘minder’ dan het landelijk gemiddelde. Deze cijfers beschrijven we in dit hoofdstuk. Om een goede vergelijking te maken vergelijken we in dit hoofdstuk verder ook de cijfers van de gemeente Almelo met zes referentiegemeenten: •
Assen
•
Den Helder
•
Heerlen
•
Roermond
•
Sittard-Geleen
•
Smallingerland
Deze referentiegemeenten zijn gekozen aan de hand van criteria waarop de gemeenten vergelijkbaar scoren met de gemeente Almelo: IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 8
•
Grootteklasse
•
Economische historie
•
2015
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
Sociaal economische status
72.315
72.491
72.526
72.688
72.904
73.116
73.116
73.165
73.976
•
Mate van stedelijkheid
Tabel 1. Aantal inwoners 2015-2023. Bron: Kennispunt Twente1
•
Geografische ligging
•
Bijdrage per inwoner via het gemeentefonds
Daarnaast hebben we de gemeente Hengelo meegenomen. Hiervoor is gekozen omdat Hengelo, net als Almelo, een grote gemeente is binnen dezelfde regio. De gemeente Hengelo heeft de afgelopen jaren gekozen om mee te doen aan het regionaal samenwerkingsverband SamenTwente, waar Almelo ervoor heeft gekozen dit niet te doen. Door ook cijfers mee te nemen
In figuur 2 het aantal inwoners per referentiegemeente. De gemeente SittardGeleen heeft de meeste inwoners, Smallingerland de minste. Voor alle referentiegemeenten, behalve Sittard-Geleen geldt dat de grootste groep inwoners een leeftijd tussen de 50 en 60 jaar heeft. Het gaat hierbij om 15% van de totale bevolking in deze gemeenten. In Sittard-Geleen is het grootste deel van de inwoner 60 tot 70 jaar ouder, het gaat hierbij om 16% van de totale bevolking in deze gemeenten.
van de gemeente Hengelo, kan een eventuele invloed hiervan op de
87.122
zorgvraag bekeken worden. 73.968
2.3 Inwonersaantallen en huishoudens-samenstelling De gemeente Almelo telde op 1 januari 2023 73.968 inwoners. Tussen 2015 en 2019 is het inwonersaantal van de gemeente elk jaar gestegen. In 2020 en 2021 is het aantal gedaald, waarna het sinds 2022 weer stijgt. De sterkste stijging is te zien tussen 2022 en 2023, met 73.165 inwoners op 1 januari 2022 en 73.968 inwoners op 1 januari 2023. Zie tabel 1 voor de ontwikkeling van het inwonersaantal van 2015 tot en met 2023. De verwachting is dat de bevolkingsgroei van de gemeente Almelo redelijk stabiel blijft en vanaf 2035 zal dalen. De grootste groep inwoners heeft een leeftijd tussen de 40 en 54 jaar.
92.234 82.311
69.414 56.539
59.981
56.098
Op 1 januari 2023 waren er 32.931 huishoudens in de gemeente Almelo, waarvan het merendeel bestond uit alleenstaanden (11.792), gevolgd door
Figuur 2. Aantal inwoners per gemeente. Bron: CBS-Bevolking op 1 januari
twee of meer volwassenen zonder kinderen (10.360).
1
kennispunttwente.nl/cijfers-trends/almelo IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 9
2.4 Inkomens- en opleidingssamenstelling In de gemeente Almelo heeft 34,2% van de inwoners van 15 tot 75 jaar in de een laag opleidingsniveau en 44,5% een middelbaar opleidingsniveau. 21,4% van de bevolking is hoog opgeleid. Nederland breed geldt dat 25,8% een laag opleidingsniveau, 37,9% een middelbaar opleidingsniveau en 35,5% een hoog opleidingsniveau heeft. De beroepsbevolking van Almelo heeft daarmee een groter aandeel (8,4% meer) laagopgeleide inwoners dan het Nederlands gemiddelde. Ook scoort Almelo met het aandeel middelbaar opleidingsniveau hoger (6,6% meer) dan gemiddeld. Hieruit volgend is het aandeel hoogopgeleiden lager (14,1% minder) dan het Nederlands gemiddelde. In figuur 3 de opleidingssamenstelling van de verschillende referentiegemeenten. Wat betreft de referentiegemeenten geldt dat alleen de gemeente Den Helder een hoger percentage laag opgeleide inwoners heeft dan de gemeente Almelo, namelijk 35%. De andere referentiegemeenten Assen, Heerlen, Hengelo, Roermond, Sittard-Geleen en Smallingerland hebben een lager percentage laag opgeleide inwoners dan Almelo. Laag onderwijs omvat onderwijs op het niveau van basisonderwijs, het VMBO, de eerste drie leerjaren van de HAVO of het VWO en de assistentenopleiding (MBO-1).
In de gemeente Almelo leeft 13,0% van de inwoners van een inkomen dat maximaal 120% van de bijstandsnorm bedraagt, wat wordt beschouwd als een laag inkomen. Dit staat in contrast met het landelijk gemiddelde van Nederland, waar slechts 3,8% van de bevolking een dergelijk inkomen heeft. Wanneer Almelo wordt vergeleken met de referentiegemeenten, valt op dat enkel Heerlen een hoger percentage inwoners met een laag inkomen kent, namelijk 15%.
2
De percentages in de overige referentiegemeenten variëren tussen de 4% en 11%, wat duidt op een lager voorkomen van lage inkomens dan in Almelo. Almelo
34,20%
Assen
24,70%
Den Helder
30,90%
Heerlen Hengelo
35,00% 24,40%
44,50% 46,10%
21,40% 29,20%
51,50%
17,50%
41,60%
23,40%
44,20%
31,40%
Roermond
30,70%
40,70%
28,60%
Sittard-Geleen
30,50%
41,50%
28,00%
Smallingerland
28,70%
46,60%
24,90%
Laag opleidingsniveau
Middelbaar opleidingsniveau
Hoog opleidingsniveau
Figuur 3. De verdeling over verschillende opleidingsniveaus. Bron:Waarstaatjegemeente.nl
2.4 Gezondheid inwoners In 2022 beoordeelde 66,6% van de inwoners van Almelo de eigen gezondheid als goed tot zeer goed. Dat is iets lager dan het landelijke gemiddelde van 70,0%. In vergelijking met de referentiegemeenten ervaren de inwoners van Den Helder (65,8%), Heerlen (57,3%) en Roermond (66,3%) hun gezondheid als minder positief dan die in Almelo. Aan de andere kant rapporteerden de gemeenten Assen (68,0%), Smallingerland (69,9%) en Sittard-Geleen (67,3%) een hoger percentage inwoners dat hun gezondheid als goed of zeer goed ervaart.2 In hetzelfde jaar meldde 36,7% van de Almelose bevolking één of meer langdurige ziekten te hebben, wat hoger is dan het nationale percentage van
CBS – Gezondheidsmonitor en Waarstaatjegemeente.nl IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 10
33,0%2. Specifiek voor de referentiegemeenten hadden Sittard-Geleen (38,6%) en Den Helder (39,3%) een hoger percentage inwoners met langdurige aandoeningen. Bovendien kampte in Almelo een significant aandeel van de bevolking, namelijk 56,7%, met overgewicht. Dit percentage ligt in lijn met dat van de referentiegemeenten, waar ook meer dan 50% van de inwoners overgewicht heeft, met Den Helder (58%) en Heerlen (58,9%) als uitschieters2. Meer gedetailleerde informatie over de gezondheidsindicatoren van de referentiegemeenten hebben we opgenomen in bijlage 5.
2.5 Samenstelling woningvoorraad Almelo telt een woningbestand van 34.067 woningen, daarvan is 54,4% een koopwoning, 34,1% is corporatiehuur en 11,4% behoort tot andere huurvormen. Van het totale woningaanbod zijn eengezinswoningen goed voor 71,3%, terwijl meergezinswoningen 28,7% uitmaken. Landelijk gezien, bestaat 34% van de woningvoorraad uit corporatiehuur. Uit figuur 4 blijkt dat de verhouding tussen koopwoningen, corporatiehuur en andere huurvormen in de referentiegemeenten min of meer overeenkomt, met variërende percentages tussen de verschillende woningtypen. In Den Helder en Heerlen ligt het aandeel corporatiehuurwoningen hoger dan in Almelo, rond de 36%.
Almelo
54,5%
34,1%
11,4%
Assen
58,8%
27,7%
13,5%
Den Helder
54,4%
36,5%
9,0%
Heerlen
46,7%
36,3%
16,8%
Hengelo
57%
31%
12%
Roermond
54,3%
29,6%
15,9%
Sittard-Geleen
58,6%
28,2%
12,9%
Smallingerland
59,9%
30,3%
9,7%
0%
20% Koop
40%
Corporatiehuur
60%
80%
100%
Overige huur
Figuur 4. Samenstelling van de woningvoorraad, uitgesplitst naar koop, corporatiehuur en overige huur. Bron: Waarstaatjegemeente.nl
2.6 Gebruik sociaal domein In vergelijking met Almelo hebben alle referentiegemeenten een lager aantal huishoudens per 1.000 die gebruikmaken van één voorziening binnen het sociaal domein. Echter Assen, Den Helder, Sittard-Geleen en Smallingerland hebben meer huishoudens die toegang hebben tot twee voorzieningen. Tabel 2 toont het aantal huishoudens per 1.000 inwoners in 2022 dat gebruikmaakt van één of twee voorzieningen in het sociaal domein voor Almelo en de referentiegemeenten:
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 11
Deze tabel laat zien hoeveel cliënten per 1.000 inwoners in verschillende
De analyse vanuit het perspectief van Almelo zou zich richten op de positie
gemeenten één of meerdere voorzieningen in het sociaal domein ontvangen.
van Almelo ten opzichte van de andere genoemde gemeenten.
Gemeente
Cliënten met 1 voorziening sociaal domein (per 1000)
Waarvan met 2 voorzieningen
Waarvan met 3 voorzieningen
Waarvan met 4 voorzieningen
Waarvan met 5 voorzieningen
Waarvan met 6 voorzieningen
Almelo
= 94
32
13
4
2
2
Assen
= 78
36
15
7
4
4
Den Helder
= 84
34
11
5
2
1
Hengelo
= 82
36
16
7
3
2
Roermond
= 80
32
13
6
3
1
Sittard-Geleen
= 87
37
15
8
4
4
Smallingerland
= 85
36
15
7
2
2
Heerlen
Tabel 2. Cliënten met aantal voorzieningen in sociaal domein. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
Gemeente
Huishoudens met
Waarvan met
Waarvan met
Waarvan met
Waarvan met
Waarvan met
1 voorziening in sociaal
2 voorzieningen
3 voorzieningen
4 voorzieningen
5 voorzieningen
6 voorzieningen
domein per 1.000 Almelo
= 141
61
27
13
6
8
Assen
= 117
63
29
16
9
14
Den Helder
= 121
64
25
11
5
4
Hengelo
= 117
68
33
17
8
7
Roermond
= 114
62
28
14
6
6
Sittard-Geleen
= 124
66
30
16
9
12
Smallingerland
= 126
68
32
16
8
91
Heerlen
Tabel 3. Aantal huishouden met voorzieningen in sociaal domein. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 12
Cliënten met één voorziening: Almelo heeft 94 cliënten met één voorziening
Voor huishoudens die toegang hebben tot vier voorzieningen staat Almelo
per 1.000 inwoners, wat het hoogste aantal is in vergelijking met de andere
met 13 per 1.000 aan de lagere kant van de verdeling. Het aantal huis-
gemeenten. Dit kan erop wijzen dat er binnen Almelo een relatief grote
houdens met vijf voorzieningen is nog lager met 6 per 1.000, wat wijst op een
behoefte is aan ondersteuning binnen het sociaal domein of dat Almelo
afnemend aantal huishoudens met meer complexe behoeften. Interessant is
effectief is in het bereiken van inwoners die ondersteuning nodig hebben.
dat het aantal huishoudens met zes of meer voorzieningen weer toeneemt naar 8 per 1.000 huishoudens, wat hoger is dan sommige andere gemeenten,
Cliënten met twee voorzieningen: Almelo heeft ook een hoog aantal cliënten
zoals Den Helder en Roermond.
met twee voorzieningen (32 per 1.000 inwoners), hoewel dit aantal lager is dan in Assen en Sittard-Geleen. Dit suggereert dat een aanzienlijk deel van de
Deze data suggereren dat Almelo relatief hoog scoort in het voorzien van
cliënten met één voorziening mogelijk bijkomende behoeften heeft die
huishoudens van één enkele voorziening, wat kan duiden op een goed
worden aangepakt. Cliënten met 4, 5 en 6 of meer voorzieningen: Voor
toegankelijk eerste niveau van ondersteuning. Er is echter een snelle afname
cliënten die vier of meer voorzieningen ontvangen, heeft Almelo lagere
in het aantal huishoudens dat meerdere voorzieningen ontvangt. Dit kan
aantallen dan sommige andere gemeenten, zoals Assen en Sittard-Geleen.
wijzen op een effectieve behoeftebepaling waarbij de meeste huishoudens
Dit kan erop wijzen dat cliënten in Almelo wellicht minder complexe
voldoende hebben aan één voorziening, of het kan betekenen dat de
behoeften hebben of dat er een verschil is in de manier waarop
behoefte aan meerdere voorzieningen minder goed wordt geïdentificeerd of
voorzieningen worden gestapeld of toegekend.
aangepakt. Dit kan ook betekenen dat de toegang onvoldoende is toegerust om bijvoorbeeld een bepaalde aanvraag af te wijzen. Wat hierbij kan helpen is
Huishouden met één voorziening: 141 huishoudens per 1.000 hebben in 2022
een gedegen afwegingskader en heldere procesafspraken.
toegang tot één voorziening, wat het hoogste aantal is vergeleken met de referentiegemeenten. Dit kan duiden op een brede basisbehoefte aan
De toename van huishoudens met zes of meer voorzieningen kan erop
ondersteuning binnen het sociaal domein in Almelo.
duiden dat er een specifieke groep is met complexe of meervoudige behoeften die intensievere ondersteuning vereist.
Huishouden met twee voorzieningen: Voor twee voorzieningen ziet Almelo een significante afname naar 61 huishoudens per 1.000, wat suggereert dat minder huishoudens bijkomende behoeften hebben die door een tweede voorziening worden gedekt. Bij drie voorzieningen daalt het aantal verder naar 27 huishoudens per 1.000, dat is een gemiddelde in vergelijking met de referentiegemeenten.
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 13
Huishoudens met een voorziening – Jeugd
Huishoudens met een voorziening – P-wet
Huishoudens met een voorziening – Wmo
Huishoudens met een voorziening – Jeugd en P-wet
Huishoudens met een voorziening – Jeugd en Wmo
Huishoudens met een voorziening – Jeugd, P-wet en Wmo
Huishoudens met een voorziening – P-wet en Wmo
Almelo
36
69
110
6
6
3
27
Assen
45
49
123
4
5
2
19
Den Helder
39
45
119
5
5
2
15
Hengelo
33
45
136
4
6
2
25
Roermond
34
51
118
4
4
2
17
Sittard-Geleen
35
44
148
3
5
2
19
Smallingerland
42
50
134
5
6
2
21
Gemeente
Heerlen
Tabel 4. Huishouden (per 1.000 huishoudens) met een voorziening in het sociaal domein per wet. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
Jeugdzorg: Er zijn 36 huishoudens per 1.000 die een voorziening binnen de
Jeugd en P-wet: Wanneer het gaat om een combinatie van jeugdzorg en P-wet,
jeugdzorg gebruiken. Dit is lager dan het gemiddelde in de andere genoemde
heeft Almelo 6 huishoudens per 1.000, wat relatief laag is in vergelijking met
gemeenten, wat kan duiden op een relatief lagere behoefte aan jeugdzorg-
de andere gemeenten.
voorzieningen, of een lager aantal jongeren in Almelo. P-wet: Met 69 huishoudens per 1.000 die alleen voorzieningen binnen de P-wet gebruiken, bevindt Almelo zich in het midden bereik in vergelijking met andere gemeenten. Wmo: Almelo heeft 110 huishoudens per 1.000 die alleen Wmo-voorzieningen gebruiken, wat dicht bij het gemiddelde ligt van de referentiegemeenten.
IT/24/0588/ebsda
Jeugd en Wmo: Voor de combinatie van jeugdzorg en Wmo-voorzieningen heeft Almelo eveneens 6 huishoudens per 1.000, wat wederom aan de lagere kant is. Jeugd, P-wet en Wmo: Almelo heeft 3 huishoudens per 1.000 die een combinatie van jeugdzorg, P-wet en Wmo gebruiken. Dit is gemiddeld in vergelijking met de andere gemeenten.
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 14
Cliënten met een voorziening – Jeugd
Cliënten met een voorziening – Pwet
Cliënten met een voorziening – Wmo
Almelo
28
46
58
Assen
32
33
67
Den Helder
29
30
Hengelo
25
Roermond
Gemeente
Cliënten met een voorziening – Jeugd en P-wet
Cliënten met een voorziening – Jeugd en Wmo
Cliënten met een voorziening – Jeugd, P-wet en Wmo
Cliënten met een voorziening – Pwet en Wmo
1
0
14
0
1
0
10
67
0
1
31
74
0
1
0
13
25
35
65
0
1
0
9
Sittard-Geleen
27
30
85
0
1
0
11
Smallingerland
30
33
72
0
1
9
Heerlen
11
Tabel 5. Cliënten (per 1.000) met een voorziening in sociaal domein per wet. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
P-wet en Wmo: Met 27 huishoudens per 1.000 die gebruikmaken van
Wmo: Er zijn 58 cliënten per 1.000 inwoners die alleen Wmo-voorzieningen
voorzieningen binnen zowel de P-wet als Wmo, staat Almelo bovenaan. Dit
ontvangen. Dit aantal is iets lager dan in andere gemeenten, wat kan duiden
kan wijzen op een relatief grotere groep inwoners die te maken heeft met
op een iets lagere behoefte aan of beschikbaarheid van Wmo-voorzieningen.
multiproblematiek. Jeugdzorg: Almelo heeft 28 cliënten met een jeugdzorgvoorziening per 1.000 inwoners. Dit is vergelijkbaar met andere gemeenten, wat wijst op een standaardbehoefte aan jeugdzorg binnen de gemeente. P-wet: Met 46 cliënten die voorzieningen ontvangen enkel binnen de P-wet, heeft Almelo een gemiddeld aantal vergeleken met de andere gemeenten. Dit suggereert een gemiddelde behoefte aan ondersteuning via de P-wet.
Jeugd en P-wet: Het aantal cliënten dat zowel jeugdzorg als P-wetvoorzieningen ontvangt, is zeer laag (1 per 1.000 inwoners), wat erop duidt dat de overlap tussen deze twee voorzieningen in Almelo zeldzaam is. Jeugd en Wmo: Er is slechts 1 cliënt per 1.000 inwoners die zowel jeugdzorg als Wmo-voorzieningen ontvangt, wat consistent is met de lage overlap in voorzieningen. Jeugd, P-wet en Wmo: Er zijn geen cliënten die een combinatie van alle drie de voorzieningen ontvangen, wat erop wijst dat er geen cliënten zijn die een zeer breed spectrum aan ondersteuning nodig hebben, of dat er een scheiding is in de manier waarop deze diensten worden geleverd.
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 15
P-wet en Wmo: Met 14 cliënten per 1.000 inwoners die zowel P-wet als Wmovoorzieningen ontvangen, heeft Almelo een relatief hoger aantal in vergelijking
Gemeente
Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo
met de combinatie van andere voorzieningen. Dit suggereert dat er een groep
Almelo
5605 personen
cliënten is die uitgebreidere ondersteuning nodig heeft.
Assen
5895 personen
Vanuit het perspectief van Almelo wijst de analyse erop dat de meeste
Den Helder
4465 personen
cliënten binnen de gemeente zich richten op individuele voorzieningen in plaats van combinaties van verschillende voorzieningen. Dit zou kunnen
Heerlen
duiden op een effectieve segmentatie van diensten waarbij elke voorziening
Hengelo
7420 personen
zich richt op specifieke behoeften zonder veel overlap, of het kan een gebied
Roermond
4595 personen
ondersteuning nodig hebben, deze ook daadwerkelijk ontvangen. Het relatief
Sittard-Geleen
9040 personen
hogere aantal cliënten met zowel P-wet als Wmo-voorzieningen kan een
Smallingerland
4815 personen
zijn voor verdere evaluatie om te zorgen dat cliënten die meervoudige
aandachtspunt zijn voor beleidsmakers om te zorgen voor een gecoördineerde aanpak voor huishoudens met complexe behoeften. Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
In Almelo waren in 2022 in totaal 5.605 personen met een Wmo-maatwerkarrangement. Dit absolute aantal ligt lager dan in gemeenten als Hengelo en Sittard-Geleen, maar hoger dan in Den Helder en Roermond. Per 1 januari 2024 waren er in Almelo ongeveer 6.000 actieve Wmo-indicaties. Sittard-Geleen noteert het hoogste aantal unieke Wmo-cliënten, met een totaal van 8.865. Echter, absolute aantallen bieden een beperkt zicht vanwege verschillen in bevolkingsomvang. Interessanter is het om te kijken naar het percentage unieke Wmo-cliënten ten opzichte van de totale bevolking per
Tabel 6. Cliënten met maatwerkarrangement Wmo. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
Sittard-Geleen heeft proportioneel het grootste aantal inwoners dat van de Wmo gebruikmaakt. Almelo, Den Helder, Heerlen, en Roermond delen vergelijkbare percentages van inwoners die Wmo-voorzieningen gebruiken. De verwachting is dat het percentage inwoners dat Wmo-voorzieningen gebruikt ten opzichte van de totale bevolking zal stijgen, met in 2027 het hoogste percentage in Smallingerland (11%), terwijl Almelo naar verwachting op 8% blijft. Gemeente
gemeente, zoals getoond in tabel 6.
Almelo
IT/24/0588/ebsda
Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo (aantal per 1.000 inwoners betreffende doelgroep)
77
Huishoudens met een maatwerkarrangement Wmo (aantal per 1.000 huishoudens
146
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 16
Gemeente
Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo (aantal per 1.000 inwoners betreffende doelgroep)
Huishoudens met een maatwerkarrangement Wmo (aantal per 1.000 huishoudens
Assen
85
150
Den Helder
79
140
het aantal arrangementen relatief hoog is wanneer je naar huishoudens kijkt. Dit kan te maken hebben met het aantal personen per huishouden dat gebruikmaakt van Wmo-voorzieningen. Gedurende de eerste helft van 2023 registreerde Almelo 5.160 unieke cliënten met een Wmo-maatwerkarrangement. De verwachting is dat dit aantal zal groeien naar 6.153 Wmo-gebruikers in 20273, wat neerkomt op 8% van de totale bevolking van Almelo. Landelijk maakt 7% van de bevolking
Heerlen Hengelo
91
169
Roermond
78
140
Sittard-Geleen
99
174
Smallingerland
86
164
gebruik van de Wmo.
Tabel 7. Cliënten met maatwerkarrangement Wmo per 1000. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
Tabel 7 toont het aantal cliënten met een maatwerkarrangement Wmo per 1.000 inwoners en huishoudens in verschillende gemeenten. In Almelo zijn er 77 cliënten met een Wmo-maatwerkarrangement per 1.000 inwoners, wat lager is dan het gemiddelde in de andere getoonde gemeenten. Almelo staat hiermee aan de onderkant, met alleen Roermond die een iets hoger aantal
Figuur 5. Groei index Wmo-cliënten per gemeente. Bron: Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein, CBS (via Monitor Langdurige Zorg), projecties RIVM
heeft (78). Dit kan wijzen op een relatief efficiënt gebruik van Wmovoorzieningen of een lagere behoefte onder de inwoners.
Met 146 Wmo-maatwerkarrangementen per 1.000 huishoudens bevindt Almelo zich in het midden bereik vergeleken met andere gemeenten. Dit suggereert dat, hoewel het aantal cliënten per inwoner aan de lage kant is, 3
Wmo voorspelmodel IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 17
Almelo
8%
Assen
9%
Den Helder
8%
Heerlen
8%
Hengelo
9%
Roermond
8%
Sittard-Geleen
10%
Smallingerland
9%
Figuur 7. Groei index Wmo- cliënten voor Hulpmiddelen en diensten per gemeente. Bron: Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein, CBS (via Monitor Langdurige Zorg), projecties RIVM
In figuur 7 lijkt Almelo een significante stijging in het aantal versterkte hulpmiddelen te ervaren, waarna de index stabiliseert. In 2019 is deze registratievorm gestart, daardoor staat index 2019 op 100. Almelo scoort structureel hoger en komt daarmee op index 280. Dit is niet sec een stijging,
Figuur 6. Aandeel unieke clienten Wmo ten opzichten van de totale bevolking per gemeente.
maar een verschuiving van T=0 naar T=1. De lijn voor Almelo loopt net als de
Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
andere schuin omhoog gedurende de gehele periode tot aan 2040, wat
Voor de toekomst ziet het beeld voor Almelo er anders uit. Figuur 5 toont de totale index van Wmo-cliënten. Hier zien we dat Almelo, na een initiële piek
suggereert dat, voor de hulpmiddelen en diensten de kosten zullen blijven stijgen.
die alle gemeenten ervaren rond 2020, een gestage groei in de index laat zien. De lijn voor Almelo ligt hoger dan die van de meeste andere gemeenten, wat erop duidt dat het totale aantal Wmo-cliënten in Almelo hoger ligt en hoger blijft liggen dan in de referentiegemeenten.
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 18
Gemeente
2018
2019
2020
2021
2022
Almelo
561
571
555
482
461
Assen
772
871
900
646
575
Den Helder
340
395
444
358
375
Heerlen
763
746
817
644
629
Hengelo
274
261
274
300
303
Roermond
198
212
211
220
195
Sittard-Geleen
269
297
325
333
311
Smallingerland
250
298
286
279
273
Tabel 8. Kosten per inwoner Wmo. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
Trend in Almelo: De kosten per inwoner in Almelo voor Wmo-diensten laten een daling zien van 2019 tot 2022. Na een lichte stijging van 561 in 2018 naar 571 euro in 2019, dalen de kosten vervolgens naar 555 in 2020, 482 in 2021, en uiteindelijk 461 euro in 2022. Deze trend suggereert dat Almelo efficiënter is geworden in het beheer van Wmo-kosten, of dat er minder vraag is naar
Jaarlijkse variatie: De jaarlijkse veranderingen in Almelo vertonen geen grote schommelingen tot 2021, waar een meer significante daling plaatsvond. De afname tussen 2020 en 2021 was 73, gevolgd door een kleinere afname van 21 euro tussen 2021 en 2022. Samenvattend heeft Almelo een dalende trend in de kosten per inwoner voor Wmo van 2019 tot 2022, wat suggereert dat er ofwel een vermindering is in de behoefte aan Wmo-voorzieningen, ofwel dat de gemeente deze voorzieningen efficiënter beheert. Vergeleken met andere gemeenten lijkt Almelo een van de lagere uitgaven per inwoner te hebben voor Wmodiensten in 2022. Jeugdwet
Voor de jeugdwet is gekeken naar het aandeel jongeren tot 18 jaar dat gebruikmaakt van jeugdhulp. Voor Almelo geldt dat dit gaat om 12,9%. Nederland breed geldt dat 11,1% gebruikmaakt van jeugdhulp. In figuur 8 geven we de verschillende percentages per gemeente. Voor de gemeenten Den Helder en Sittard-Geleen geldt dat zij het hoogste aandeel jongeren met jeugdhulp hebben in hun gemeente. Vergeleken met de gemeente Almelo
Wmo-voorzieningen.
hebben Assen, Den Helder, Heerlen en Sittard-Geleen een groter aandeel de
Vergelijking met andere gemeenten: In 2022 heeft Almelo een van de lagere
jongeren tot 18 jaar gebruik van jeugdhulp. In tabel 9 is weergegeven hoe
kosten per inwoner voor de Wmo vergeleken met de andere genoemde gemeenten. De kosten van Almelo zijn beduidend lager dan die van Assen en
gemeente Almelo maakte in het eerste halfjaar van 2023 12,9% van de deze verdeling is voor de verschillende vormen van jeugdhulp.
Heerlen, maar iets hoger dan die van Roermond en Sittard-Geleen.
In totaal werden 2.380 jeugdzorgtrajecten ingezet bij 1.935 unieke cliënten.
Relatieve positie: Almelo begon in 2018 met een middenpositie in de kosten
jongeren tot 18 jaar gebruikmaakte van jeugdzorg.
Voor heel Nederland geldt dat in de eerste helft van 2023 11,1% van de
per inwoner en heeft sindsdien een neerwaartse trend laten zien. In vergelijking met andere gemeenten in de lijst heeft Almelo de kosten per inwoner effectiever kunnen verlagen. IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 19
Almelo
Gemeente
Jeugdhulp totaal
Jeugdhulp zonder verblijf
Jeugdhulp met verblijf
Jeugdbescherming voogdij (aandeel jeugdzorgtrajecten)
Jeugdbescherming totaal
Almelo
2090
1765
325
100
250
Assen
2070
1870
200
45
110
Den Helder
1575
1375
200
50
155
Heerlen
2105
1750
360
80
250
Hengelo
1985
1705
280
55
210
Roermond
1720
1585
135
40
145
Sittard-Geleen
2215
1965
245
45
170
Smallingerland
1295
1100
195
70
195
12,9%
Assen
14,8%
Den Helder
15%
Heerlen
14%
Hengelo
12,5%
Roermond
12,5%
Sittard-Geleen
15%
Smallingerland
12,4%
Tabel 9. Verdeling van verschillende vormen van jeugdhulp, absolute aantallen. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
Jeugdhulp totaal: Almelo heeft met 2090 trajecten een gemiddeld aantal Figuur 8. Het aandeel jongeren (tot 18 jaar) dat gebruik maakt van jeugdhulp. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
totale jeugdhulptrajecten in vergelijking met de andere vermelde gemeenten. Het is minder dan in Heerlen, Hengelo en Sittard-Geleen, maar meer dan in Assen, Den Helder, Roermond en Smallingerland. Jeugdhulp zonder verblijf: Almelo heeft, net als de meeste andere gemeenten, een hoger aantal jeugdhulptrajecten zonder verblijf in vergelijking met hulp met verblijf. Dit is consistent met de algemene trend in de tabel. In vergelijking met andere gemeenten heeft Almelo een van de hogere aantallen van jeugdhulp zonder verblijf, wat wijst op een sterke nadruk op ambulante zorg.
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 20
Jeugdhulp met verblijf: Het aantal jeugdhulptrajecten met verblijf in Almelo (325) is gemiddeld in vergelijking met de andere gemeenten. Het is lager dan in Heerlen, maar hoger dan in gemeenten zoals Roermond en Smallingerland.
Jeugdbescherming totaal: Almelo bevindt zich ook aan de hogere kant wat betreft het totale aantal jeugdbeschermingstrajecten, met 250 trajecten. Dit is aanzienlijk hoger dan de meeste andere gemeenten.
Jeugdbescherming voogdij (aandeel Jeugdzorgtrajecten): Almelo heeft met 100 trajecten het hoogste aantal voogdijtrajecten in vergelijking met de andere gemeenten. Gemeente
Jeugdhulp totaal in %
Jeugdhulp zonder verblijf in %
Jeugdbescherming voogdij in %
Jeugdreclassering in %
Almelo
88%
74%
4%
2%
Assen
93%
84%
2%
Den Helder
90%
79%
Heerlen
88%
Hengelo
Jeugdbescherming ondertoezichtstelling in %
Jeugdhulp met verblijf in %
Jeugdbescherming totaal in %
6%
14%
11%
2%
3%
9%
5%
3%
1%
6%
11%
9%
73%
3%
2%
7%
15%
10%
89%
76%
3%
2%
7%
13%
9%
Roermond
91%
84%
2%
1%
6%
7%
8%
Sittard-Geleen
92%
82%
2%
1%
5%
10%
7%
Smallingerland
85%
72%
5%
2%
8%
13%
13%
Tabel 10. Verdeling van verschillende vormen van jeugdhulp, procenten. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
Jeugdhulp totaal 2023: 88% van de jeugdzorgtrajecten in Almelo betreft jeugdhulp in het algemeen. Dit percentage ligt iets lager dan het gemiddelde
Jeugdbescherming voogdij: 4% van de jeugdzorgtrajecten in Almelo valt onder
van de andere genoemde gemeenten.
jeugdbescherming met een voogdijmaatregel. Dit is in lijn met de percentages in andere gemeenten.
Jeugdhulp zonder verblijf: Een aanzienlijk deel van de jeugdhulp in Almelo, 74%, bestaat uit jeugdhulp zonder verblijf. Dit suggereert dat de meerderheid
Jeugdreclassering: Slechts 2% van de trajecten betreft jeugdreclassering, wat
van de jeugdzorgtrajecten ambulant is, waarbij de jongeren niet in een
wijst op een relatief klein aantal jongeren in het jeugdstrafrecht.
instelling verblijven. IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 21
Jeugdbescherming ondertoezichtstelling: Het percentage jeugdbescherming met ondertoezichtstelling in Almelo is 6%, wat hoger is dan in de meeste andere gemeenten. Dit kan duiden op actievere jeugdbeschermingsmaatregelen binnen de gemeente. Jeugdhulp met verblijf: 14% van de jeugdzorgtrajecten in Almelo omvat jeugdhulp met verblijf, wat aangeeft dat een significant aantal jongeren residentiële zorg ontvangt. Jeugdbescherming totaal: De totale jeugdbescherming, een optelsom van voogdij, ondertoezichtstelling en eventuele andere vormen van jeugdbescherming, is 11% in Almelo. Dit is hoger dan in veel andere gemeenten, wat kan wijzen op een grotere focus op beschermingsmaatregelen binnen de
Figuur 10. Jongeren met jeugdhulp in natura (met verblijf). Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
jeugdzorg in Almelo.
Figuur 9. Jongeren met jeugdzorg in natura. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
Gemeente
2018
2019
2020
2021
2022
Almelo
387
438
468
479
530
Assen
364
387
371
378
383
Den Helder
312
332
376
431
507
Heerlen
-
422
462
474
564
Hengelo
310
300
339
375
360
Roermond
270
262
275
291
332
Sittard-Geleen
271
316
331
376
371
Smallingerland
416
418
415
395
447
Tabel 11. Kosten per inwoner Jeugdzorg. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 22
Stijgende trend: Er is een consistente toename in de kosten per inwoner per
Relatieve positie: Als we naar de start- en eindpunten kijken, begon Almelo in
jaar te zien. In 2018 waren de kosten per inwoner 387, terwijl in 2022 dit
2018 in het midden van het bereik vergeleken met de andere gemeenten en
gestegen is naar 530 euro. Dit kan duiden op een toenemende vraag naar
eindigde in 2022 dichter bij de top. Dit wijst op een relatief snellere groei in
jeugdzorg, hogere kosten per dienst, of een combinatie van beide.
uitgaven dan sommige andere gemeenten. Jaarlijkse groei: De jaarlijkse groei van de kosten per inwoner in Almelo is niet
Vergelijking met andere gemeenten: In 2022 heeft Almelo niet de hoogste
constant. De grootste toename was tussen 2021 en 2022, met een stijging
kosten per inwoner; Den Helder en Heerlen zijn hoger met respectievelijk 507
van 51 (van 479 naar 530 euro). De kleinste toename was tussen 2018 en
en 564 euro. Dit suggereert dat hoewel de kosten in Almelo toenemen,
2019, met een stijging van 51 (van 387 naar 438 euro).
andere gemeenten nog hogere kosten per inwoner ervaren, wat kan duiden op een relatief hogere vraag of hogere kosten voor diensten in die
Samenvattend laten de gegevens zien dat Almelo een voortdurende stijging
gemeenten.
van uitgaven aan jeugdzorg per inwoner ervaart, wat kan wijzen op groeiende behoeften binnen de gemeente of toenemende kosten voor het verlenen van deze diensten. Zie tabel 11 voor de vergelijking met de referentiegemeenten.
Gemeente
Algemene bijstand tot de AOW-
Bijstand en bijstand
Bijstand en bijstand
Bijstand en bijstand
leeftijd
gerelateerde uitkering
gerelateerde uitkering tot de
gerelateerde uitkering van de
AOW-leeftijd
AOW-leeftijd
Almelo
44,5
56,0
60,1
34,4
Assen
34,5
42,0
50,0
12,1
Den Helder
32,0
38,0
45,5
13,2
Heerlen
54,3
64,0
77,2
20,9
Hengelo
33,3
42,0
45,8
24,6
Roermond
35,7
44,0
49,3
23,4
Sittard-Geleen
32,1
39,0
47,3
13,3
Smallingerland
37,3
44,0
53,7
9,6
Tabel 12. Aantal inwoners met uitkeringen per 1000 inwoners. Bron: Jivedatabank (viewer) van Waarstaatjegemeente.nl IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 23
Participatiewet
In het eerste halfjaar van 2023 hadden 56 per 1.000 inwoners een bijstandsuitkering, waarin gemiddeld in Nederland 34 per 1.000 inwoners een bijstandsuitkering heeft.
bijstand en bijstand gerelateerde uitkeringen voor personen onder de AOWleeftijd, Almelo relatief gezien de hoogste verhouding heeft per 1000 inwoners. Bijstand en bijstand gerelateerde uitkering vanaf de AOW-leeftijd per 1000
Algemene bijstand tot de AOW-leeftijd per 1000 inwoners: Almelo heeft een
inwoners: Voor bijstandsuitkeringen vanaf de AOW-leeftijd heeft Almelo een
waarde van 44,50, wat hoger is dan de gemiddelde waarde van de andere
score van 34,40. Dit is aanzienlijk hoger dan de meeste andere gemeenten,
gemeenten in de lijst. Alleen Heerlen heeft een hogere waarde met 54,30. Dit
met uitzondering van Heerlen (20,90). Almelo bevindt zich hier dus aan de
geeft aan dat Almelo relatief een hoge verhouding van personen ontvangt die
hogere kant, wat suggereert dat er relatief meer ouderen bijstand ontvangen
algemene bijstand krijgen onder de AOW-leeftijd in vergelijking met de
in Almelo vergeleken met de meeste andere vermelde gemeenten.
meeste andere gemeenten in deze lijst. Voor prijspeil 2023 is de volgende berekening te maken. Een uitkeringsgerechtigde ontvangt circa €16.500. Almelo heeft 74.355 inwoners. Gemeente Almelo heeft ten opzichte van de gemeente Assen per 1.000
Samenvattend heeft Almelo over het algemeen een hogere verhouding van bijstandsuitkeringen in vergelijking met de referentiegemeenten, vooral voor inwoners onder de AOW-leeftijd. Zie tabel 12 voor de vergelijking met de referentiegemeenten.
inwoners 10 meer bijstandsgerechtigden. Dit betekent dat de gemeente Almelo per jaar circa 12,2 miljoen euro (=10*7,4355*€16.500) meer uitgeeft aan bijstandsgerechtigden dan de gemeente Assen. Bijstand en bijstand gerelateerde uitkering per 1000 inwoners: Hier scoort Almelo een waarde van 56. Dit is niet de hoogste waarde; Heerlen heeft de hoogste waarde met 64. Echter, Almelo ligt nog steeds boven veel van de andere vermelde gemeenten, wat wijst op een relatief hoog aantal bijstandsuitkeringen (inclusief gerelateerde uitkeringen) per 1000 inwoners. Bijstand en bijstand gerelateerde uitkering tot de AOW-leeftijd per 1000 inwoners: Met een waarde van 60,10 heeft Almelo hier de hoogste score van alle genoemde gemeenten. Dit betekent dat wanneer we kijken naar de
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 24
3. Beleid In dit hoofdstuk beschrijven we de bevindingen binnen het thema Beleid.
Potentiële onderzoeksvragen die in verschillende mate verhalend aan de orde komen: •
Welk beleid is gevoerd?
•
Welke beleidskeuzes zijn gemaakt?
•
In hoeverre is het beleid doelmatig en doeltreffend?
•
In hoeverre wordt er momenteel gewerkt volgens het gevoerde beleid?
•
Wat zijn de oorzaken van eventuele afwijkingen van het gevoerde beleid?
•
In welke mate maken beleidsadviseurs gebruik van beschikbare data?
3.1 Samenvatting Er zijn mooie beleidsplannen geschreven door de gemeente Almelo, echter ontbreekt hierbij een rode draad en daarmee dus het Why. Er is verder onvoldoende aandacht hoe beleidsstukken moeten worden behaald (de How) en als hier wel aandacht voor is wordt de Check en Act uit de PDCA-cyclus niet of onvoldoende uitgevoerd. Hierdoor is er ook onvoldoende zicht op of het resultaat, het What, wordt behaald. 3.2 Inleiding De gemeente Almelo is de afgelopen jaren geconfronteerd met diverse beleidsmatige uitdagingen binnen het sociaal domein. Uitdagingen die de beschikbaarheid en betaalbaarheid van voorzieningen, waar de gemeente Almelo voor verantwoordelijk is, onder druk heeft gezet. Het betreft uitdagingen die voor een deel een gevolg zijn van (veranderend) beleid van de Rijksoverheid. Denk bijvoorbeeld aan de extramuralisering en ambulantisering, met als gevolg dat meer zorg en ondersteuning in de thuissituatie moet worden geboden en ook in toenemende mate verschuift naar de (financiële) verantwoordelijkheid van gemeenten.
•
In welke mate vindt deze data een weg in het beleid?
•
In hoeverre is ons beleid toekomstbestendig?
De gemeente Almelo heeft de afgelopen jaren geprobeerd om haar beleid op
•
In hoeverre is de koppeling tussen beleid en uitvoering geborgd?
het sociaal domein zodanig in te richten dat een passend antwoord op deze
•
In hoeverre is de beleidsevaluatiestructuur effectief en
uitdagingen wordt gevonden. In dit hoofdstuk wordt beschreven wat
toekomstbestendig?
opgevallen is bij het analyseren van dit beleid. In dit hoofdstuk bespreken we de thema’s beleidskeuzes, voering beleid, beleidsplannen en de PDCA-cyclus.
IT/24/0588/ebsda
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 25
3.3 Bevindingen Hieronder worden de bevindingen die zijn gedaan beschreven. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen; uitspraken op basis van documenten, uitspraken op basis van gesprekken en uitspraken op basis van expertise van bureau HHM. Uitspraken worden op basis hiervan genummerd met een superscript, waarbij 1Documentenstudie, 2Gesprekken en 3Expertise bureau HHM. Dit geldt ook voor de overige hoofdstukken. Voor de bevindingen wordt gekeken door de bril van de theoretische raamwerken van Sinek en Deming. Het theoretisch raamwerk van Sinek heet De Golden Circle en kijkt naar why, what, how – richten (het doel), inrichten (het proces) en verrichten (het resultaat). Het theoretisch raamwerk van Deming richt zich op het kwaliteitsdenken en de PDCAcyclus.
Actuele beleidsuitgangspunten
Perspectiefnota 2024-2027 •
Het proces om te komen tot een sluitend financieel meerjarenperspectief wordt zo vormgegeven dat er, rekening houdend met de onzekerheden in de meerjarenraming, een balans wordt gevonden tussen het tijdig nemen van maatregelen enerzijds en continue monitoring en bijsturing (via de P&C-cyclus) anderzijds.
Strategisch beleidsplan sociaal domein •
Bevorderen zelfoplossend vermogen
•
Versterken ondersteunende sociale structuren en voorzieningen
•
Ontwikkelen efficiënte en effectieve maatwerkvoorzieningen
•
Organiseren efficiënte en effectieve uitvoeringsorganisatie
•
Meer middelen uitvoering taken sociaal domein
De gemeente Almelo heeft de afgelopen jaren een aantal beleidskeuzes
Programma’s
gemaakt op de verschillende wetten in het sociaal domein. Zo is er voor de
Programma Stedelijke ontwikkeling
Wmo gekozen om van de was- en strijkservice een collectieve voorziening te
•
Kwalitatieve aantrekkelijke stad
maken . Voor de Jeugdwet heeft de gemeente Almelo ervoor gekozen om
•
Netwerken en positioneren
•
Kennis en professionalisering
1,2
lokaal in te kopen, waarin momenteel een verschuiving is naar het wel regionaal inkopen van Jeugdhulp.1,2 Voor de participatiewet is gekozen voor
Programma Sociaal en vitaal
een resultaatgerichte aanpak. Verder wilde de gemeente Almelo streng zijn
•
Vitaliteit vergroten kwetsbare inwoners
aan de voorkant, waardoor ze hebben gekozen voor aanbestedingen deels
•
Inwoners zijn bewuster van noodzaak om gezond en vitaal te leven
•
Kansengelijkheid jeugd
lokaal en deels regionaal. Ook wil de gemeente dicht bij de inwoner staan, waardoor de keuze is gemaakt voor wijkgerichte toegangsteams. In onderstaand kader zijn de actuele beleidsuitgangspunten weergegeven.
IT/24/0588/ebsda
Programma Zorg en veiligheid •
Meer veilige situaties bij kwetsbare inwoners
•
Meer veilige omgeving voor jongeren
•
Partners in het zorg- en veiligheidsdomein
Rapportage evaluatie sociaal domein Almelo | © bureau HHM 2024 | 26
Programma Economie en arbeidsmarkt •
Almelo, banenmotor in een krachtige Twentse economie
•
Almelo biedt ruimte voor ondernemerschap en bedrijvigheid
•
Almelo bindt en boeit talent op alle niveaus
•
Almelo unieke beleving door het water en het groen
Programma Klimaat en milieu •
Energiebesparing
•
Duurzame energie opwek en opslag bebouwde omgeving
•
Warmtetransitie
•
Circulaire economie
Uit de gesprekken komt naar voren dat de gemeente de afgelopen jaren vooral een reactief beleid heeft gevoerd.2 Er wordt bijvoorbeeld in de uitvoering een probleem geconstateerd of er worden raadsvragen gesteld over een specifiek thema en vervolgens wordt door de gemeente een plan gemaakt om dit probleem op te lossen. Dit plan vertaalt zich in veel gevallen in een programma of een project, waarbij een overkoepelende visie of ‘rode draad’ ontbreekt. Hierdoor zijn er binnen de gemeente Almelo een grote hoeveelheid en projecten en programma’s. De gemeente Almelo denkt vaak alles zelf te kunnen doen en zelf het wiel uit te moeten vinden, vooral wanneer het gaat om maatregelen om de organisatie te optimaliseren.2 Uit de gesprekken blijkt dat dit typerend is voor de gemeente en dat dit dus ook gefundeerd gebeurt. Voor acute problemen wordt wel gekeken naar maatregelen of voorbeelden van elders. Het wordt alleen in dit geval niet door vertaald naar hoe deze maatregel of dit voorbeeld voor Almelo kan worden aangepast, zodat het de meeste impact maakt.
Het doorvoeren van veranderingen duurt lang. Dit is te wijten aan het feit dat de gemeente Almelo alles van A tot Z zelf wil doen2 (interne oriëntatie). Hiervoor heeft de gemeente niet alle competenties in huis, waarvoor dus mensen moeten worden ingehuurd. De organisatie leert er hierdoor zelf niet van, maar is er wel veel tijd aan kwijt. Ook door het niet deelnemen aan regionale samenwerking, zoals SamenTwente wordt dit alles zelf willen doen versterkt.
“Er zijn signalen en daar wordt dan op geïnvesteerd door middel van pilots en projecten, zonder te kijken naar of dit het juiste is en wat elders al is uitgevonden. Er is geen duidelijke visie hoe beleid wordt weggezet.”
Kwaliteit documenten
Er zijn de afgelopen jaren beleidsplannen- en documenten opgesteld die kwalitatief mooi in elkaar zitten, zoals het Strategisch beleidsplan sociaal domein 2022.1 Doelen zijn helder omschreven en voor een ruim publiek te begrijpen. In vergelijking met de referentiegemeenten bevatten deze documenten veel tekst en weinig afbeeldingen of schema’s3. Bij de documenten die openbaar zijn gevonden van de referentiegemeenten wordt veel gebruik gemaakt van schematische weergaven, wat de leesbaarheid vergroot. De teksten van de gemeente Almelo zijn duidelijk geschreven, echter verschilt de mate van concreetheid en zijn niet alle geformuleerde doelen tijdsgebonden.1,3 Dit geldt ook voor de documenten van de referentiegemeenten. Bij de referentiegemeenten worden vooral in het geval van Assen specifieke acties en tijden gekoppeld aan de visie, waarbij dit in de documenten van Almelo nog wel eens ontbreekt. De perspectiefnota 2024-2027 van Almelo is hierbij wel helder met doelen, acties en kosten.1,3