Notulen raadsvergadering 22 juni 2021 (getekend).pdf
Tekst van het document
Als dat het is, zal ik me —tenzij de wethouder mij overtuigt —van stemming onthouden. Want het kan niet zo zijn dat u mij als raadslid op de een of andere manier neerzet met als u ja zegt is het ja en als u nee zegt is het ja. Als dat zo is, zal ik me onthouden. De VOORZITTER: Voorde duidelijkheid, als zaken aan de orde zijn, komt een raadslid tot een conclusie en dat leidt tot een meerderheid of minderheid. Als voorligt om een stichting op te richten, ligt dat voor. Maar dat ligt nu niet voor, want niet de raad, maar het college richt een stichting op. Op grond van de Gemeentewet behoort het college dan wensen en bedenkingen bij de raad op te halen. Dus niemand hoeft zich bezwaard te voelen. Ja is ja en nee is nee, is vanavond helemaal niet aan de orde. Wat aan de orde is, is of de raad als orgaan bedenkingen en wensen wil meegeven aan het college, nu het college de NUO aan het oprichten is. Daarvan is het raadsvoorstel om dat niet te doen en er is een amendement ingediend door mevrouw Ten Seldam namens haar en een aantal andere fracties om wel een wens/bedenking te formuleren die het college mee krijgt. Dat is aan de orde. Daarom heb ik bij mijn inleiding op dit agendapunt gezegd dat het principiële punt niet aan de orde is, hoezeer een aantal van ons dat aan de orde zou willen hebben.
Natuurlijk heb ik gezegd — u bent dat van mij gewend —dat ik iedereen een aantal omtrekkende bewegingen gun bij het beschouwen van wat er vanavond voorligt. Dat gun ik ook u, en alle anderen. Maarde raad spreekt vanavond niet over het wel of niet oprichten van de NUO. Dat is een nuance waarvan ik hoop dat u die doorziet; met uw ervaring ga ik daar van uit. Het is niet zo dat er vanavond een soort trucje gaande is van ja is nee en nee is ja of andersom, Dat is niet. aan_de_orde._Datwordt_n_am__elijk niet gevraagd. Ik hoop dat dit voor u voldoende is om uw betoog vorm te geven inde richting van het college, waar uiteraard de wethouder voor verantwoordelijk is. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Ik ben ook heel verward over deze gang van zaken. Wat als ik als raadslid wil meegeven dat ik niet wil dat het college deze stichting opricht? Wat als we als meerderheid dat zeggen? Feitelijk stuurt dit raadsvoorstel op: wij gaan oprichten en het enige wat je nog mag zeggen is ...Dit is de strekking die u net meegaf. Ik zal niet zeggen wat ik dacht, want dan ga ik heel nare dingen zeggen Feitelijk is dit raadsvoorstel heel vies geformuleerd: dit zeg ik in mijn eigen taal. U zegt eigenlijk: je stemt sowieso voor een stichting, het enige wat je nog mag doen is je bedenkingen... Nee, dat is nu ik het doorlees... Fijn dat u me daarop attendeerde, want u hebt mij wakker geschut.
De VOORZITTER: Ik moet u verwijzen naar wat ik net al heb gezegd. De raad gaat vanavond niet en zal op geen enkel moment beslissen over het oprichten van een stichting. Dat doet het college namelijk. Dat staat zo in de Gemeentewet. Het college vraagtin dat geval wensen en bedenkingen van de gemeenteraad. Als de raad zou zeggen dat hij helemaal niet wil dat het college een stichting opricht, is dat een heel andere kwestie. Dat betekent dat u vreemd 32 R 2106815
aan de agenda een motie zou moeten indienen die dat uitspreekt. Dat is een politiek feit. Maar puur gemeente-wettelijk en juridisch doet het college wat het college mag doen, namelijk een stichting oprichten. Het college mag stichtingen oprichten wat het wil en de raad kan daar wensen en bedenkingen op uitspreken. Dat is aan de orde. Ik heb gezegd dat ik snap dat er bij een aantal leden van de raad weerstand bestaat tegen het construct dat gekozen is om de werkvoorziening in onder te brengen. Dat mag, maar dat is vanavond niet aan de orde. Dat is in eerdere instantie al aan de orde geweest. U wordt nergens in gerommeld, maar u hebt een andere vraag te beantwoorden. Als u of anderen zeggen dat de raad en niet de fractie Forum voor Rechts of een andere fracties, maarde raad een andere wens of bedenking meegeeft dan voorgesteld wordt, kunt u een amendement indienen. Als de meerderheid van de raad dat wil, is dat de opvatting van de raad. Dit is zoals wij altijd onze besluiten nemen. Het voorstel is om geen wensen en bedenkingen in te dienen, er ligt een voorstel om dat wel te doen met een bepaalde toon en inhoud; dat is het amendement. Daar kunt u over spreken. En als u vindt dat de raad nog een andere zienswijze zou moeten indienen, dan dient u daartoe een voorstel in. Het gaat niet om de zienswijzen van fracties, maar van de raad.
Ik denk dat dit niet heel ingewikkeld is, maar precies hoe over het algemeen onze besluitvorming plaatsvindt. Ik geef het woord aan de heer Gerritsen. De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! U ondermijnt mijn periode. De VOORZITTER: Nee, er zijn verduidelijkingen op de orde gevraagd en die geef ik nu. De heer Gerritsen wil er nog een nader gesprek over. De heer GERRITSEN (Democraten.Nu): Voorzitter! Ik snap uw gedachte goed: zo moet het lopen en zo moet het gaan. Maar goed, wat we hier proeven is dat het college tijdens het debat, de discussie van vanavond, een afweging kan maken als we hier wensen en bedenkingen indienen op basis van het raadsvoorstel dat voorligt: Ja jongens, we zien zo veel wensen en bedenkingen, is het wel verstandig om een stichting op te richten? Dat kan een keuze zijn. Ik geef u mee, op de signalen die uit de raad komen, dat u nog wel alle kanten op zou mogen gaan. Het kan niet zo zijn dat wensen en bedenkingen van de raad gewoon door het college naast zich neer worden gelegd en het lekker door gaat met het inrichten van de NUO. De signalen uit de raad moeten zo opgevat worden... De VOORZITTER: Ik neem toch niet aan dat ik u allemaal lesjes in politiek moet geven. Ons werk vindt plaats in een juridisch kader, dat heb ik u net toegelicht, en in een politiek kader.
U kunt het juridische handelen van het college te allen tijde politiek wegen, die ruimte is er te allen tijde. Maar in het kader van het construct dat door de lijn van de besluitvorming is gegaan, niet unaniem, heeft het college nu het voornemen een NUO op te richten en vraagt daarover op grond van de Gemeentewet de wensen en bedenkingen —niet van de fracties, natuurlijk worden die in de beschouwingen van het college meegenomen —maar van de raad als bestuursorgaan. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Voorzitter! Mag ik verzoeken terug te gaan naar de praktijken het debat te vervolgen en, hoe aantrekkelijk u het ook doceert, het college voor een ander moment te bewaren. Laten we met de inhoud verdergaan. De VOORZITTER: Die terechtwijzing vind ik niet helemaal terecht in de richting van de voorzitter. Uw non-verbale gedrag is ook niet helemaal terecht. Wat voorligt, leidt blijkbaar tot onduidelijkheid bij raadsleden. Ik schets u duidelijk waar we het met elkaar over hebben. Ik heb aangegeven dat ik ruimte bied om wat breed te zijn in de beschouwingen, maar wat voorligt is niet wat sommigen denken dat voorligt. Dat heb ik te kennen gegeven. U hebt op één ding zeker gelijk, en dat geef ik u. De heer fete is nu aán het woord en moet het woord voeren op wat voorligt en met het college het debat aangaan over wat gevraagd wordt, namelijk wensen en bedenkingen.
Het college geeft daar een reactie op. De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! Ik denk dat de kans groot is dat ik na de eerste 33 R 2106815
termijn van de wethouder een schorsing aanvraag om met een paar collega's te overleggen wat we gaan doen en hoe we dat gaan doen. Want nogmaals, ik snap u wel, het college gaat sowieso een stichting oprichten en wij kunnen alleen maar bedenkingen en wensen inbrengen. Dat kan, maar politiek is het voor mij niet zo simpel. Ik kan overwegen om me te onthouden of andere stappen te zetten. Dan zal ik het politiek spelen. Maar op de inhoud, ik sluit me volledig aan bij de woorden van mevrouw Ten Seldam en mevrouw Van Saane. Ik weet dat ik heel ijdel en arrogant kan zijn. Ik heb veel dossiers meegemaakt die belangrijk waren voor onze stad, die miljoenen kostten en die duizenden mensen raakten, maar zoals ik hierin ben verzopen, ben ik nergens verzopen. Het is echt tot op de dag vandaag... Ik dank de wethouder, want twee van zijn ambtenaren hebben vandaag nog geprobeerd mij zaken te verduidelijken. Elk verduidelijkend antwoord heeft mij gesterkt in mijn overtuiging, hoe gelijk ik het heb met mijn stelling dat dit echt oude schoenen weggooien is, voordatje nieuw schoenen hebt. Er zijn nog zo veel onduidelijkheden. Ik zal het proberen. Door de bomen zag ik echt het bos niet meer. € 75.000 is het totale bedrag dat drie gemeenten inbrengen, omdat zij de stichting niet hebben opgericht. Ik heb het interpellatiedebat teruggekeken en de beantwoording door de wethouder gezien.
Het liep zo door elkaar heen. € 5 miljoen is het bedrag dat wordt opgeleverd. Nu begrijp ik dat dat bedrag € 5,3 miljoen is en dat dit de begroting is. € 1,37 miljoen is het bedrag waarvan wij € 800.000 neerleggen en de resterende gemeenten € 570.000. Dat heb ik vandaag pas begrepen. Die € 5,3 miljoen in de NUO betekent eigenlijk dat wij het personeel dat wij in dienst hebben detacheren naar de NUO. Dat heb ik ook pas vandaag begrepen. Een van belangrijkste punten die ik vandaag heb begrepen is het volgende. De wethouder doet heel makkelijken zegt dat er zo veel aanbod is dat we er wel komen en we die mensen wel aan het werk zetten. De heer Teeuw zei in zijn betoog dat er veel concurrenten in de regio zijn, dat bedrijven misschien ook die kant opzoeken. Er komen duizenden arbeidsplaatsen bij, maar het lukt de wethouder niet om het aantal bijstandsuitkeringen te laten dalen. Dat er een groot aanbod is in Almelo en de omgeving, betekent nog niet dat wij de mensen aan het werk krijgen. Uiteindelijk heb ik vandaag een antwoord gekregen en ik ben er trots op dat ik het antwoord heb gekregen. Als de NUO haar verplichtingen niet na kan komen, kunnen de deelnemende gemeenten de NUO verantwoordelijk stellen. Daar ben ik blij mee. Eindelijk heb ik een antwoord.
De vraag is: stel dat ze ons aansprakelijk stellen, wij zijn de oprichtende gemeente, hebben ze dan wettelijk gezien, juridisch gezien helemaal gelijk? We zetten het van ons af, het is niet van ons, wettelijk gezien is het een aparte entiteit, maarde bestuurders stellen wij aan. Stel dat de bestuurder van de stichting, onze ambtenaren, iets doet waarvan de andere gemeenten denken: ho, ho, hiermee bevoordeelt u de gemeente Almelo. Stel dat ze daarover de juridische strijd aangaan, dan zijn we al eeuwen verder, dan zijn we al jaren verder. Dan hebben we iets kapot gemaakt, voordat we het hebben gerealiseerd. Voorzitter! Is dit te veel? Doe ik te moeilijk? Moet ik, zoals de VVD-fractie, tweeënhalf jaar _ __ stil zijn,-niks-zeggen-en_alleen_collega's_aanspreken_op_het_moment dat_zij de wethouder hiervoor verantwoordelijk houdt? Ja, wie moet ik anders verantwoordelijk houden. Dat de VVDfractie hem vertrouwt, hebben we gezien. De enige bijdrage van de VVD-fractie in de afgelopen jaren is: vertrouw hem nou maar, waarom zit u zo vaak denigrerend over hem te praten? Het gaat mij om de doelgroep. Het gaat mij om die mensen, het gaat mij om die miljoenen risico's die wij lopen. Ik begin het debat met wensen of geen wensen, de stichting gaat toch door, wat je er ook van vindt. Voorzitter! Ik heb mezelf beloofd om niet emotioneel te worden, maar dat lukt me helaas niet.
We gaan de NUO inzetten bij de Plesmanweg, was een van de reacties van de wethouder in een van al die bijeenkomsten die we hiervoor hebben gehad. We gaan de NUO oprichten, we gaan huren van Soweco NV, maar toch willen we dat gebouw ook verkopen, want dat is de onderbouwing van de liquiditeit. Als we het gebouw gaan verkopen, moet de NUO een ander gebouw huren. Toen ik het vandaag snapte, dacht ik: het wordt alleen maar moeilijker. U zegt nu dat we alleen onze wensen en bedenkingen mogen noemen en meer niet. Dat is en blijft voor mij enorm moeilijk, want dit kan binnen een jaar kapotgaan. Ik zit hier niet om alleen maar te bekritiseren. Als ik het niet snap, kan ik mijn achterban er toch niet van overtuigen wat het is? Kan ik toch geen rechtmatig besluit nemen, kan ik toch geen rechtswaardige wensen en bedenkingen geven? 34 R 2106815
Wat was mijn opmerking de afgelopen maanden? Hou toch een beetje op alsjeblieft. Zoals mevrouw Ten Seldam ook zei, wat een druk hebt u op ons gezet. Wat hebt u ons onder druk gezet. U had mij een paar maanden extra tijd moeten gunnen. Dan had ik er misschien met een geruster hart ingegaan. Maar u maakt het mij als volksvertegenwoordiger onmogelijk. U gunt mij de tijd niet om het te zien, om het te begrijpen. Ja, er is een krimp, ja we moeten dit wettelijke gezien, er is geen nieuwe instroom. Over hoeveel mensen gaat het? Wat als er straks nog honderden mensen zijn? Twee jaar, drie jaar, vijf jaar, tien jaar, twintig jaar. We moeten zorgdragen voor elke mens die overblijft. Op het moment dat de wethouder zegt dat hij hier over acht jaar echt niet meer zit, zitten we op hete kolen als stad en toekomstig stadsbestuur, maar vooral de doelgroep. Dat is waar ik het voor doe. Natuurlijk, ik probeer er alles bij te halen, dat is ook politiek. Ik probeer alles op alles te zetten om duidelijk te maken waar het mij om gaat. Echt waar, een van mijn collega's zei: ik ben het zo zat dat jij de afgelopen tijd continu met een motie van wantrouwen in je zak zit, je dreigt er elke periode mee, maar je gebruikt die niet, je begint een Gijs Stork van de vorige periode te worden. Ik neem het mezelf nu kwalijk dat ik dit nooit eerder heb gedaan.
Voorzitter! Voordat ik dit debat helemaal uit zijn verband ruk, kan ik misschien rusten voorde tweede termijn. Maar bij de P-nota volgende week zal ik een heel groot en heel belangrijk deel van mijn verhaal houden over de bestuurscultuur die wij de afgelopen jaren hebben gecreëerd en hoe het in mijn ogen zit. Op het moment dat wij als bestuur en de bestuurscultuur elke dag harder worden en wij een stad willen blijven en door willen besturen, hou ik mijn hart vast voor perioden waarin men met 23 personen twee fracties en vijf mensen de stad bestuurt. Het wordt nu erger dan wat het ooit was. Hiermee hou ik op, anders ga ik te hard door de emoties Mevrouw GEERDINK (PvdA): Voorzitter! Eris al een heleboel gezegd. We zijn medeindienervan het amendement dat mevrouw Ten Seldam heeft ingediend. Het amendement van de vorige keer dat we hier een besluit moesten nemen is verwerkt in het oprichtingsstatuut, dus dat is mooi. De PvdA-fractie wil graag vooruitkijken. Nadat we vanavond een besluit hebben genomen, kan de NUO van start. Het enige waarover wij als fractie nog steeds twijfels hebben, is de ambitie van de NUO een echt ontwikkelbedrijf te maken voorde brede doelgroep uit de Participatiewet. De PvdA-fractie is van mening dat de NUO onder de regie van de gemeente Almelo zeer geschikt is om in te zetten als ontwíkkelbedrijf voorde brede doelgroep.
En omdat het college naar onze mening te weinig ambitie heeft en dit nog niet heeft vertaald in concrete uitvoeringsplannen, zullen wij bij de perspectiefnota volgende week hierop een amendement indienen. De heer ST~TELER (PVV): Voorzitter! Ik begin bij een tijdje terug, bij de start. De gemeente is verantwoordelijk voorde uitvoering van de Wsw en de Participatiewet. Die Wsw is een aflopende situatie. We hadden dat belegd bij Soweco. Met dat beleggen bij Soweco hadden we daarover nauwelijks zeggenschap, terwijl dit wel over onze mensen gaat, over Alme~oërs. Eris een heel besluitvormingstraject geweest en nee dat heeft niet allemaal even gestructureerd gelopen en ja er waren allemaal onvoorziene dingen die ertussendoor kwamen en nieuw licht op oude zaken wierpen, maar wij zijn nu aangekomen bij de oprichting van de stichting. We hadden gedacht dat Twenterand mee zou doen in de oprichting van die stichting, maar zij heeft dat niet gedaan. Dat is slechts een formaliteit, al zou je ook, wat de heer Teeuw net zei, in materiële zin kunnen zeggen dat dit getuigt van minder commitment. De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! Ik snap het betoog van de heer St6teler. Het is klaar, Soweco is foetsie, de GR bestaat niet meer en wij hebben NUO eigenlijk al. Hij zegt dat we vooruit moeten kijken en niet terugkijken. Maar er is ook een rijksoverheid.
Bij de rijksoverheid, inde Tweede Kamer zitten heel veel politieke partijen, waaronder die van de heer Styteler, die nu al zeggen dat we helemaal terug moeten naar het oude systeem. Het kan zo zijn dat zijn partij straks een motie indient in de Tweede Kamer waarin de regering wordt opgedragen helemaal terug te gaan naar het oude systeem. Wat dan? De heer STOTELER (PVV): Voorzitter! Terug naar het oude systeem, is in juridische zin. 35 R 2106815
Dat betekent niet dat wij terug moeten naar Soweco, wat Den Haag betreft. We hebben dit in verschillende debatten in de afgelopen periode aan de orde laten komen. In verschillende debatten is aan het college gevraagd of het met veranderende situaties met de NUO om zou kunnen gaan. Telkenmale is het antwoord daarop geweest: ja, wij zijn flexibel, wij kunnen daarin sturen en dat gaat goed komen. Op die toezegging moeten wij varen, zeg ik tegen de heer fete. Als dit niet gebeurt, is dit college daarvoor verantwoordelijk. De heer BETE (Lijst fete): De heer Teunis doet het de afgelopen periode zo mooi. Hij zegt, wat de wethouder ook doet, dat hij principieel tegen is. Ik snap de zakelijke kant van de heer Styteler, maar hij is raadslid namens de PVV. We weten hoe de landelijke en plaatselijke lijn is. Wat vindt hij als volksvertegenwoordiger emotioneel hiervan? Zakelijk snap ik het wel, dat we nu met NUO verder moeten, snap ik ook wel. Maar hoe ziet hij het als een PVV'er emotioneel? Wat is principieel nog van belang voorde zorg voor beschutte mensen? Heeft hij nog principes als PVV'er? De heer ST~TELER (PVV): Voorzitter! Laat ik beginnen met te zeggen dat er geen topdown-structuur is binnen de PVV. Er worden dus geen decreten in Den Haag afgegeven. De VOORZITTER: Mijnheer Cete, dat moet u niet doen. U deed het wel en u deed dit met een zekere opzet.
Ik vind het geen pas geven om zoiets te doen, zeker niet in de raadzaal van de gemeente Almelo. U zou zich moeten schamen voor wat u nu doet. Er zijn geen woorden voor om dit te vergoelijken. Ik vind het geen pas geven om water uit te spuwen, omdat u toevallig iets hoort waar u denkt een grapje over te kunnen maken door water over de grond te spuwen. Dergelijk demonstratief gedraag tolereer ik niet in de raadzaal. U kunt op een fatsoenlijke manier het debat voortzetten, of de zaal verlaten. Dit is voor mij onacceptabel. De heer BETE (Lijst fete): O ja, voorzitter! Dit is weer typisch de toon die u hebt op het moment dat u iets niet aanstaat. U probeert dan keihard op te spelen. Als u mij van alles en nog wat verwijt, verwijt ik u ook ... De VOORZITTER: Ik verwijt u niet ... De heer BETE (Lijst fete): U verwijt mij iets en ik zeg dat het per ongeluk was. De VOORZITTER: Mijnheer fete, ik verwijt u niet van alles en nog wat. Ik verwijt u dat u een show opvoert door water uit te spugen over de vloer van de raadzaal. Dat doet u in reactie op wat de heer Stbteler zegt en daar ís geen goed woord voor, van mij niet en ik neem direct aan van uw collega's ook niet. U kunt op een gewone manier het debat vervolgen, luisteren naar wat er tegen u wordt gezegd en daarop fatsoenlijk reageren. Als u dat niet wilt, is daar de uitgang van de raadzaal.
De heer BETE (Lijst Cete): Ik bepaal zelf wat ik ermee doe. Er zijn genoeg wetten en regelgeving die ons de macht geven over wat een technisch voorzitter van de raad tegen de raad wel of niet ... De VOORZITTER: Mijnheer Cete, u hebt een grens overschreden. Ik ontneem u het woord op dit punt. Het woord is aan de heer Styteler, die zijn betoog vervolgt. De heer BETE (Lijst fete): Ik zal in de tweede termijn reageren. De heer ST~TELER (PVV): Voorzitter! Binnen de PVV is er geen topdown-structuur en zijn geen decreten vanuit Den Haag. Wij maken hier onze afweging in het belang van Almelo en er wij vinden dit in het belang van Almelo. Wij vinden dit in het belang van de mensen die ons gekozen hebben, omdat we met Soweco nauwelijks zeggenschap hadden over hoe er met onze mensen werd omgegaan, zoals ik zojuist zei. Nu, met de oprichting van deze stichting ... Ik zei net dat het in formele zin weinig uitmaakt dat Twenterand niet meedoet, maar in materiële zin maakt dit wel uit, omdat alleen nog maar ons college verantwoordelijk is voor onze mensen. 36 R 2106$15
Wij hoeven alleen nog maar ons college aan te spreken op dingen die goed gaan en op dingen die niet goed gaan binnen de NUO. Mevrouw GEERDINK (PvdA): Voorzitter! De heer Stbteler zegt dat het college nu verantwoordelijk is voor de uitvoering straks, ook van de Participatiewet, en daar regie op kan voeren. We zien in Almelo dat er nog heel veel mensen niet aan het werk zijn en heel moeilijk werk kunnen vinden. Volgende week is de behandeling van de Perspectiefnota. De PvdA-fractie is van plan daar een amendement in te dienen waarin het college wordt opgeroepen echt de regie te voeren overal die mensen die nu langs de kant staan, om die te begeleiden naar werk en daarin ambitie te tonen. Zou de heer St~teler daarin mee willen gaan? De heer STOTELER (PVV): In die denkrichting wil ik zeker meegaan. Ik weet niet of een amendement het juiste instrument is of een motie. Maar laten we daarover praten. We willen er absoluut over meedenken. Voorzitter! Ik zei net dat het college van Almelo nu alleen verantwoordelijk is en dat we met de benoeming van de bestuurders door alleen het college van Almelo, dus rechtstreeks, sturing hebben. Wij kunnen dit college aanspreken op dingen die niet goed gaan. Met de heer Hummels hopen wij ook dat het beter gaat. Dat is ook onze wens. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Mijn interruptie gaat over wat de heer St6teler hiervoor heeft gezegd.
Het is volgens hem heel duidelijk dat we nu meer invloed hebben. Maar ik ben benieuwd of hij mij kan vertellen hoeveel invloed we hadden en hoeveel meer dat nu is, en of we nog steeds net zo veel mensen daarmee kunnen helpen. De heer ST~TELER (PVV): Voorzitter! Met een gemeenschappelijke regeling heb je de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen op het gevoerde beleid, begrotingen en jaarrekeningen. Nu hebben we rechtstreeks invloed en is alleen het college van Almelo verantwoordelijk voorde uitvoering van de Wsw en de Participatiewet voor onze inwoners. Dat lijkt mij evident. Tot zo ver heeft mijn collega Tijhof ook al duidelijk gemaakt hoe wij in de wedstrijd zitten. We hebben nog een aantal punten over de oprichtingsakte. Dat waren formaliteiten. We hebben op een aantal dingen toezeggingen gekregen. Net had ik kort een interruptiedebatje met de heer Teeuw. Die vraag zit ook in mijn spreektijd. Waarom zouden we op voorhand uitsluiten dat we een DVO met andere gemeenten sluiten? Dat zou je niet op voorhand moeten uitsluiten, maar ik wil wel meegaan met wat de heer Teeuw zei. Laten we het niet op voorhand uitsluiten, maar college, kom bij ons op het moment dat die mogelijkheid zich voordoet, zodat we dat dan kunnen bespreken. Die toezegging vraag ik van het college.
Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Op de statuten is de vorige keer een amendement ingediend om dit scherp te krijgen als het om de commerciële activiteiten gaat. Die mogen alleen maar als ze in het belang zijn van de doelgroep en niet een doel op zich vormen. Is dat wat de heer Stóteler en feitelijk ook de heer Teeuw zeggen? De heer Teeuw knikt inmiddels instemmend. Ik ben benieuwd naar de reactie van de heer Stbteler. Dan waren we het daarover al eens met het aannemen van het amendement. De heer ST~TELER (PVV): Voorzitter! Wij waren nooit voor ongebreidelde commerciële capaciteiten. We waren juist wel voor die inperking. Maar het kan zijn dat zich binnen die commerciële activiteiten mogelijkheden voordoen om ook andere gemeenten te laten aansluiten middels een kleinere of grotere DVO, noem maar op, omdat we hier mogelijk de capaciteit hebben. In het interruptiedebatje kwam naar voren dat andere gemeenten al in ons vaarwater kunnen gaan zitten. Maar ik zou niet willen dat een sociale werkplaats uit Enschede hier schoonmaakdiensten gaat uitvoeren. Daar hebben we de NUO voor. Ik zou dat beter willen uitkaderen, ook binnen de regio. De heer GERRITSEN (Democraten.Nu): Voorzitter! Mevrouw Ten Beldam bedoelt met die commerciële uitbreiding dat die puur gericht is op de doelgroep.
Mochten we dan een aanvraag krijgen van een andere gemeente, Iaat ik zo maar even zeggen, dat moet het college 37 R 2106815
dat aan ons voorleggen voordat er een besluit wordt genomen. Het moet natuurlijk geen organisatie worden die compleet uit elkaar groeit. Ik begrijp dat de heer Stóteler dat niet wil. De heer ST~TELER (PVV): Dat is precies wat ik net gezegd heb. Laat ik aansluiten bij wat de heer Teeuw zei: op het moment dat die mogelijkheid zich voordoet, kom dan terug bij de raad. Ik ga er ook van uit, los hiervan, dat de stichting sowieso geen rare overeenkomsten met allerlei anderen kan aangaan zonder toestemming van dit college en zonder dat wij daarvan op de hoogte worden gesteld. Ik ga ervan uit dat wij door dit college, want dit college is daarvoor verantwoordelijk, op de hoogte worden gehouden van ontwikkelingen, uitbreidingen en dat soort zaken van de NUO. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): De statuten hebben we in de vorige vergadering uitgebreid besproken. Daarin staat het een en ander uitvoerig beschreven, ook welke de bevoegdheden zijn van het nieuwe stichtingsbestuur en welke niet. Dat hebben we de vorige keer afgezekerd, om het zo te zeggen, met de statuten. Die bieden ruimte aan de stichting om een DVO aan te gaan met een andere gemeente als die dat wil. We moeten niet het beeld schetsen alsof er zo en passant tien, twaalf of veertien gemeenten staan te popelen. Ik wou dat het waar was, want dan hadden we een uitvoeringsorganisatie die top of the bill is.
Niets is erger dan het lijden dat u vreest, zou ik zeggen. Laten we het eerst goed regelen voor de vier gemeenten. Als er anderen bij willen aanhaken, voeren we dan het overleg en wordt vervolgens door het stichtingsbestuur de overeenkomst aangegaan en niet door de gemeenteraad. De heer BETE (Lijst fete): De burgemeester heeft net gezegd dat het college erover gaat. De heer St~teler geeft zijn bevindingen, de heer Gerritsen en mevrouw Ten Beldam doen dat ook, allemaal om andere redenen. Stel dat het college als enige verantwoordelijke voor het bestuur zegt dat het een nieuwe DVO aangaat als het hem aanstaat. Het college heeft dan geen verplichting om naar de raad terug te gaan om een nieuwe DVO aan te gaan met wie dan ook. Ik ben het eens met mevrouw Ten Beldam: waren er maar tien of twaalf gemeenten die vertrouwen in ons hebben. Dan waren de risico's misschien veel minder. Is de heer Stóteler het met mij eens dat het college helemaal niet naar de raad hoeft te doen? De heer STOTELER (PVV): Het college hoeft dat misschien formeel niet te doen, alleen, de conceptstatuten sluiten in artikel 3.1 sub c DVO's met andere gemeenten uit.
Het college zal wel van heel goede huize moeten komen —dit is niet helemaal het juiste woord —maar moet het wel heel groot in de bol hebben wil het de statuten gaan wijzigen zonder daarvan de gemeenteraad op de hoogte te stellen, of op zijn minst te horen. De vraag die ik net aan het college stelde om toe te zeggen dat het naar de raad komt als die mogelijkheid zich voordoet, is in principe the next best thing. Ik-heb-nog een-slotopmerking_over_het_amendement._Dat is__heel logisch. Ik had gedacht dat dit met die DVO's een vanzelfsprekendheid zou zijn. Dat was het kennelijk niet en is het nu wel. Dat amendement kan gewoon door. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! Bedenkingen, ik weet niet of ik zo creatief ben als mijn collega's, ik zal mijn best doen. Wij hadden graag gezien dat we als raad adviezen van de vakbond of andere adviesorganen tot ons hadden genomen. We hadden ook graag gezien dat het proces om een maatschappelijk onafhankelijke positie te ontwikkelen was doorgezet. Maar dat is allemaal helaas niet gebeurd. Dus is de gemeente Almelo de enige oprichter van de NUO; dat stelt teleur. Als de gemeente medeoprichter is, geeft dat een sterk signaal af. Als de gemeente zich verbindt in de rol van medeoprichter, geeft dat vertrouwen. Je paktje verantwoordelijkheid in het proces, en dat is nu niet geval.
De gemeenten kunnen ondanks een DVO naar andere partijen kijken om hun diensten af nemen, en na vier jaar kunnen ze definitief de boel opzeggen. Daarin zitten nogal wat risico's. te Het proces is anders gelopen dan de wethouder had voorgesteld. De beleving die ons als raad werd meegegeven door het college is niet waargemaakt. Ondanks dat onze fractie er een andere kijk op heeft, hopen wij dat dit een succes gaat worden. Uiteindelijk gaat het om de doelgroep. Dus wij wensen het college veel succes. Daar Iaat ik het bij. 38 R 2106815
De heer STORK (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! Zoals u de discussie begon met te melden wat er allemaal overlegd ís, welke bijeenkomsten er zijn geweest en hoeveel uren wij hier met elkaar hebben gepraat, is vrij uniek in Almelo. Ik denk dat we daardoor goed geïnformeerd zijn, stapje voor stapje. De positie van het personeel is langzamerhand heel duidelijk geworden en de rust kan daar weerkeren. Iedereen weet waar hij aan toe is. Nu kan in alle rust verder worden gegaan met de oprichting van die NUO. Dat willen we als positief inbreng melden. Ik word een beetje moe van al die negatieve berichten. Als dit zou gebeuren zou dat kunnen gebeuren. Dit zijn allemaal veronderstellingen, puur negatief. Ik denk dat we juist positief moeten zijn. Almelo krijgt meer invloed op het geheel en dat kan alleen maar goed zijn. Wíj kunnen er ons als raad, denk ik, beter mee bemoeien, maar ik hoor graag het commentaar van de wethouder. Dat is ook positief. We hebben geen bedenkingen, behalve het amendement waarvan we mede-indiener zijn. Dat is de enige bedenking die we hebben. Als de raad daarvoor stemt, zijn wij tevreden. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Ik ben een beetje verbaasd. De heer Stork vindt het kennelijk bijzonder dat wij kritiek uitoefenen bij een beslissing over miljoenen, miljoenen en over de zwaksten in onze samenleving en de risico's, en dat wij vraagtekens hebben.
Hoe kan het dat een raadslid met een ervaring als de heer Stork, de nestor — ik neem aan dat dit inhoudt dat hij een bepaalde ervaring heeft, ik heb nooit de definitie van nestor bekeken —het zo vreemd vindt. Kan hij mij dit uitleggen? Is het niet onze taak als raadsleden zorgvuldig, kritisch vragen te stellen? Beschouwt de heer Stork dat niet als zijn taak? De heer STORK (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! Natuurlijk is dat onze taak, maar we hebben alle kansen gehad. We hebben ik weet niet hoeveel bijeenkomsten gehad. Mevrouw Pol heeft alle kansen gehad om te zeggen wat ze wil zeggen, te veranderen wat ze wil veranderen, maar ze heeft geen amendementen ingediend. Daar heeft ze de kans voor gehad. Dat kan ze alsnog doen, alleen, ze doet het niet. Ze heeft alleen een negatieve houding en commentaar en verder is er niets positiefs in te vinden. Terwijl het college ons alle kans geeft om onze mening hierover te geven. Dat is redelijk uniek, want dat is in het verleden wel eens heel anders geweest. Ze kan wel gaan lachen, maar ze begrijpt volgens mij helemaal niet hoe het werkt.
Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Moet ik de nestor van de raad uitleggen dat de raad het hoogste orgaan is in een stad? Voorzitter! Moet ik deze nestor uit gaan leggen dat het college ons niet de kans geeft tot iets, maar dat wij bepalen wat er in deze stad gebeurt? Wat deze nestor hier zegt ... Ik merk hoe geschokt ik ben dat een man met deze ervaring... Ik had me zo voorgenomen om rustig te blijven en ik zal weer rustig worden, dat hoeft u niet voor mij te doen. Ik Iaat mij door deze onzin echt niet verder opjagen. Ik vind dit ... De VOORZITTER: Nee, nee, ik ga u onderbreken. Ik blijf als scheidsrechter herhalen dat het niet netjes is om elkaars bijdragen als onzin af te doen. Dat is niet zoals we met elkaar moeten omgaan. We moeten op een fatsoenlijke manier met elkaar praten, naar elkaar spreken, maar ook naar elkaar luisteren. Iedereen heeft recht op zijn eigen beleving en waardering van wat voorligt. U vindt dat u dat moet krijgen, maar u moet dat ook een ander gunnen. Dus het niet netjes om als raadsleden van deze gemeente elkaars bijdragen als onzin af te doen. U hebt allemaal een gelijkelijk mandaat. U kunt het niet eens zijn met elkaar, maar het stopt op dat punt. U kunt niet zeggen: ik ben het niet met u eens en ik ga nog een stap verder, want wat u zegt is onzin.
Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Als u het dan heeft over beleving, perceptie, meningen en visies; dit draagt de nestor van deze raad uit. Dit is wat hij aan de inwoners van Almelo meegeeft. Gun mij dan als raadslid op zíjn minst om aan deze inwoners te vertellen dat wat dit raadslid uitkraamt, onzin is. Dat is mijn visie, mijn beleving en zelfs een feit. De VOORZITTER: Mevrouw Pol, u hebt uw termijn gehad om uw standpunt te berde te 39 R 2106815
brengen, uw opvatting, en het is nu de termijn van de heer Stork om het zijne te brengen. Het is niet respectvol naar elkaar toe om dat op deze manier te diskwalificeren. Andersom hebben we ook meegemaakt dat u er zeer ontstemd op kunt reageren als het u treft. U moet dat ook een ander niet aandoen. Dat is zoals we met elkaar het gesprek voeren. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! Ik ben even mijn punt kwijt. Sowieso heeft de heer Stork het over positief zijn en dat wij zo negatief zijn. Maar dit is een groot onderwerp. We hebben inderdaad de kans gehad om te zeggen wat we wilden zeggen. De heer STORK (Lokaal Almelo Samen): Laat ik dit even onderbreken. Het gaat er mij niet om of u positief of negatief bent, alleen, u moet meehelpen aan oplossingen en niet alleen maar, zoals de heer fete, zeggen wat hij niet wil en niet zeggen wat hij wel wil. Dat is niet duidelijk. Ik denk dat het college, met name de wethouder, ons alle kansen heeft gegeven om onze mening en inbreng te geven. Dat noem ik positief. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Oké, dank. Voorzitter! Ik heb mijn punt nog niet gevonden. De VOORZITTER: Ik denk dat we nog wel even bij elkaar zijn. U hebt nog alle tijd om dat te recapituleren.
De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! Het is echt prachtig dat ik op een dag door meerdere collega's word aangesproken dat ik Gijs Stork begin te worden, terwijl Gijs Stork mij als meest negatieve raadslid neerzet. De heer STORK (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! Ik stel het niet op prijs dat de heer fete mijn naam hier noemt. Dat vind ik niet nodig. De heer BETE (Lijst fete): U gebruikt mijn naam ook. Hoe moet ik u anders aanspreken als collega-raadslid? De heer STORK (Lokaal Almelo Samen): Ik gebruik uw naam, omdat u net iets beweerde. De VOORZITTER: U dient zich tot de voorzitter te richten. Mijnheer Stork, u hebt niet het woord. U wordt geïnterrumpeerd en daarna mag u riposteren. De heer CETE (Lijst fete): Voorzitter! Ik heb net in mijn eerste termijn aangekondigd dat ik hoogstwaarschijnlijk na de eerste termijn met een paar collega's een schorsing zal aanvragen. We zullen de heer Stork op zijn wenken bedienen door een amendement en een motie in te dienen. Die ziet hij dan straks wel, Dit als antwoord op-zijn vraag waarom ik geen amendement of motie indien. Als hij dat zo graag wil, krijgt hij die straks. De heer STORK (Lokaal Almelo Samen): Ik zie dat met belangstelling tegemoet. Ik heb op dit moment verder geen commentaar. De heer TEUNIS (SP): Voorzitter! Laat ik positief beginnen. Wij steunen het amendement van de CDA-fractie.
Ik had begrepen dat het in principe de bedoeling was om wat erin staat op deze manier te doen en dat de toezegging van het college er al is en de geest daarmee de letter wordt; dat is prima. Over hoe vaak we al hierover met elkaar hebben gesproken en dat het bijzonder is dat dit voorstel voorligt, en dat het college dit niet had hoeven doen, het volgende. De enige reden waarom dit voorligt en wij onverhoopt weer elkaar de tent uit mogen vechten, is dat Twenterand achteraf niet heeft besloten mee op te richten. Een mooi podium voor ons allen om ons ongenoegen hierover te uiten. Maar om het zuiver te houden, moeten we ons bij de behandeling richten op de aanpassing in het voorstel, omdat de verdediging is dat het niet wezenlijk is veranderd. Het liefst zou ik dat graag doen, maar waar andere sprekers voor mij dit ook hebben gedaan, zal ik 40 R 2106815
van deze gelegenheid gebruik maken om dit besluit iets breder te beschouwen en terug te gaan in de tijd. Was dit ons idee? Nee. Waren wij hier blij mee? Nee. Zijn wij blij met de manier waarop dit proces is verlopen? Hell nee. Dat dit proces geen schoonheidsprijs verdient, zoals ik net hoorde, is het understatement van het jaar. Maar kunnen wij terug? Nee. Wij waren in juni 2020 met de GroenLinks-fractie de enige fracties die destijds tegen de liquidatie van GR Soweco heeft gestemd. Eigenlijk viel het zwaard al eerder, toen werd besloten dat Soweco zich niet langer mocht oprichten als een zelfstandige maatschappelijke organisatie, omdat geen enkele andere gemeenten aandeelhouder wilde worden van die zelfstandige maatschappelijke organisatie. Dus ik breng dit even in herinnering, omdat ik denk dat het goed is om daar weer even naar terug te kijken, om de conclusie wat minder principieel te maken. Wezenlijk is er niets veranderd in het voorstel en daarmee ook niet in ons oordeel. Dat was en blijft negatief, dat wil ik toch herhalen. De zorgen en bedenkingen die we hebben, zijn duidelijk. Die hebben we hier herhaaldelijk gedeeld, maar over het verwijt van negativisme en dat we het allemaal —hoe zeg ik het netjes, nee ik zeg het niet netjes —allemaal willen afpissen ... Dat willen we helemaal niet.
Iedereen die mij verwijt dat ik niet in de meewerkersstand sta, vraagt nogal wat van mij: giet uw wensen en bedenkingen maar in een amendement of motie. Die zouden dan heel principieel en heel groot zijn geweest destijds. Dat heb ik uw raad willen besparen. Ik heb wel met uw raad gedeeld wat mijn bezwaren zijn. Dat is ook een vorm van, vind ik, constructieve opstelling. Ik heb altijd in de raad gezegd met meerdere fracties die hier kritisch op zijn geweest —negatief werp ik verre van me, zoals we hierin de raad altijd netjes zeggen —dat we best willen meedenken en dat wij ook heel graag willen dat het een succes wordt. Maar je kunt niet kiezen om ergens in te geloven. De oprichting van de NUO staat niet meer ter discussie, het principiële punt is niet meer aan de orde. Je zou haast kunnen zeggen: dan maakt eigenlijk niet meer uit wat we gaan stemmen. Je kunt de conclusie trekken dat we helemaal niet over dit voorstel hoeven te stemmen —misschien een foute conclusie — en dat we enkel over het amendement of over de amendementen die er nog aankomen na onze schorsing moeten stemmen. Tja, dan rest me eigenlijk niet anders dan dit concept, het gaat toch gebeuren, een groot succes toe te wensen. Ik hoop oprecht dat dit in alle opzichten een succes wordt. En daarmee, ja, spreek ik ook mijn hoop uit dat de SP-fractie het in al die opzichten fout heeft.
Ook wil ik gezegd hebben, ik heb dit vaak als punt aangehaald, dat wij net als andere fracties hopen dat er rust en duidelijkheid terugkeert in een organisatie die heel lang onrust heeft gekend. We zullen zien hoe het uitpakt. In deze samenstelling van de raad waarschijnlijk niet meer, maar in de toekomstige. De VOORZITTER: Dank voor uw welbespraakte en goedgefundeerde bijdrage aan deze discussie. De heer GERRITSEN (Democraten.Nu): Voorzitter! Is het zo dat het laatste het mooiste is? Je weet maar nooit, ik zal het proberen. Ik vind de laatste bijdrage van de heer Teunis kritisch, maar zeer positief. Ik complimenteer hem met zijn bijdrage. Soms moetje elkaar iets positiefs toewensen. Vanavond mag de raad van de gemeente Almelo de wensen of bedenkingen meegeven aan het college over de nieuw op te richting stichting NUO. Een technisch besluit, maar ook het laatste besluit om de discussie over Soweco af te ronden. Een traject dat niet altijd over rozen ging, maar wij hopen dat dit uiteindelijk een goede afloop mag hebben. We begonnen natuurlijk met zes gemeenten in juni 2020 en stemden gezamenlijk in met het opheffen van de GR Soweco en het liquideren van de Soweco NV. Een goede keuze, want de fractie van Democraten.Nu had al jaren een broertje dood aan de geméenschappelijke regelingen. Uiteindelijk zijn wij alleen geëindigd als oprichter van de stichting NUO. Is dat erg? Nee.
We houden de controle zelf in de hand, dit staat ook in het stuk van het college, en de andere gemeenten kunnen zich daaraan committeren met het leveren van DVO's. De heer Teunis verwees ernaar, uiteindelijk geeft het raadsbesluit iedereen rust. Zeker voor de werknemers die hierbij zijn betrokken. Daarbij, we zullen de beoogde effecten moeten 41 R 2106815
realiseren die in het raadsvoorstel zijn opgenomen. Die kunt u lezen in de drie punten over het beoogde effect. De raad zal die nauw moeten volgen. Deze heeft nog steeds een controlerende taak. Zijn er risico's? Jazeker. Kunnen we die afdekken? Ja, ook zeker. Zie bijvoorbeeld de risico-opslag en daarbij niet te vergeten het amendement dat vanavond door de CDA-fractie is ingediend. Zoals het ernaar uitziet, zullen we dat steunen. De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! Hoe omvangrijk zijn de risico-opslag en de begroting van dit voorstel? De heer Gerritsen zegt dat er risico-opslag genoeg is om tegenvallers op te vangen. De heer GERRITSEN (Democraten.Nu): Voorzitter! In het voorstel zijn die risico's afgedekt. Met wat erin het voorstel staat en na alle discussies die wij hebben gevoerd, gaan wij ervan uit dat we dit gaan realiseren. Als de heer Cete mijn bijdrage verder beluistert, zal hij horen dat wij bij de wethouder de vinger aan de pols zullen houden en sturen waar nodig. De invloed van de gemeente Almelo is heel groot. We kunnen nu zelfstandig sturen op middelen — de heer fete wordt op zijn wenken bediend —maar ook op resultaten.
Om te voorkomen dat we de discussie herhalen, de fractie van Democraten.Nu is altijd voor het oprichten van de stichting NUO geweest onder de voorwaarden die beschreven zijn in het raadsvoorstel en natuurlijk niette vergeten met het amendement dat is ingediend door de CDAfractie en andere fracties. Hiermee kunnen we de doelgroepen op de juiste manier begeleiden, en waar nodig makkelijken snel bijsturen. Dat neemt niet weg dat wij het college onder aanvoering van de heer Maathuis nauwlettend in de gaten zullen houden over de ingeslagen weg die hij op dat moment heeft ingezet. De fractie van Democraten.Nu is nog steeds content met het raadsvoorstel en zal het van harte steunen, met de bedenking uit het amendement van de CDA-fractie. Daarmee kunnen wij vanavond een goed besluit nemen. De VOORZITTER: Daarmee hebben we alle sprekers van de kant van de gemeenteraad in eerste termijn gehoord. Ik geef wethouder Maathuis de gelegenheid om een reactie in eerste termijn te geven. Daarna zal ik de vergadering schorsen voor de voorbereiding op de tweede termijn. De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Ik heb net even kort met u overlegd, omdat ik heb overwogen van de kant van het college een schorsing aan te vragen voor een sanitaire stop. Maarde raad zit niet te wachten op ellenlange verhalen van de wethouder.
Daarom is niet schorsen misschien een positieve prikkel om mijn woorden zorgvuldig te kiezen en het kortte houden. Als ik in de loop van de beantwoording vraag om een schorsing, weet u waaraan dat ligt. Voorzitter! Heel veel is-gezegd en heel veel is eerder aan de orde gewe.est._ Uw raad _ _ _ refereert daar ook aan. Een aantal leden heeft gesproken over het proces tot de besluitvorming. Is het college gelukkig met het feit dat de gemeente Twenterand halverwege de rit is afgehaakt? Het antwoord is nee. Dat heb ik eerder gezegd. We hadden anders verwacht en anders ingestoken, en hadden andere verwachtingen op basis van de standpuntinname van het college aldaar. Maar het is zoals het is. We hebben met het besluit in juni vorig jaar een bewuste afweging gemaakt door de GR in liquidatie te zetten, omdat we vinden dat de lokale regie en sturing leidend is. Dit betekent dat andere gemeenten tot andere afwegingen kunnen komen. Ik weet niet wie het zei, volgens mij de heer Teeuw, dat als we alsnog een stichting met elkaar opricht en besluiten een DVO niet te verlengen, hetzelfde euvel ontstaat als in de situatie waarin we het alleen doen en men ook tot die afweging kan komen. Nog een ding over het proces, ook in reactie op de heer Teunis en zijn mooie betoog. Dit proces is in gang gezet vanwege het sluiten van de Wsw. Dat is niet onze keuze geweest, maar een landelijke.
Het was volgens mij wethouder Kuik van de PvdA die in 2011 de aankondiging deed dat de Wsw zou gaan krimpen naar een derde van de omvang. Dat zijn de kaders waarbinnen de transformatie van de Wsw in gang is gezet. Er is een heel lange tijd gedacht dat we dit met een maatschappelijke onderneming zouden kunnen ondervangen. Ooit is hier de belofte gedaan door de voorzitter van de raad van 42 R 2106815
commissarissen dat die maatschappelijke onderneming uiteindelijk zonder de gemeente verder zou kunnen. Ik wijs de raad er ook op dat eind 2017, onder mijn ambtsvoorganger en het toenmalige college, al het besluit is gevallen dat de gemeenschappelijke regeling niet meer de eigenaar zou worden van de NV. Dus we waren toen ik als wethouder verantwoordelijk werd voor dit dossier binnen dit college al een weg ingeslagen die uiteindelijk een keuze in zich had: gaan we hiermee door of niet? Toen hebben de colleges van de deelnemende gemeenten unaniem gezegd: wij gaan hier niet mee door. Dat is even slikken, dat is een hard besluit, maar we moeten op een gegeven moment verder kijken en bereid zijn in het belang van de doelgroep te kijken hoe we die lokale regie en lokale zorg voorde Wsw'ers zo goed mogelijk vorm kunnen geven. Dat heeft uiteindelijk zijn beslag gekregen in het principiële besluit van vorig jaar juni en we hebben daarop voortgeborduurd in het afgelopen jaar. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! De wethouder zegt dat de Wsw ten einde loopt en dat er een andere vorm aan moet worden gegeven, maar die groep blijft gewoon bestaan en zal onder de P-wet gaan vallen, het geld blijft beschikbaar, dus alleen de labels veranderen. De wethouder maakt daar een groter punt van dan de politiek. De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Daar is het college het niet mee eens.
Het wettelijk kader van de Wsw is echt afgesloten. De heer Ekizkuyu heeft gelijkt dat er ook mensen met een arbeidsbeperking onder de Participatiewet gaan vallen. Wat aan nieuw-beschut is gelabeld, komt binnen nieuw-beschut. De NUO kan daaraan vorm geven en kan op basis van maatwerk de mensen voorzien die een langere afstand hebben tot de arbeidsmarkt. Mevrouw Geerdink heeft de statuten laten aanpassen en heeft in een eerdere raadsvergadering een motie laten aannemen. Dit college werkt aan een inclusieve arbeidsmarkt. Daar heeft het de werkgevers bij nodig. Daar waar daar niet aan gewerkt wordt, hebben wij een bijzondere verantwoordelijkheid. De wetten zijn veranderd en er is inmiddels een nieuwe wetgeving aangenomen. Ik wijs uw raad erop, dat ook de reactie van de minister, van de regering, op de initiatiefnota van Peters en Van Dijk is dat we niet terugkeren naar de oude Wsw-regeling. De weg naar de inclusieve arbeidsmarkt loopt door en de NUO gaat daarin voorzien. Mevrouw Ten Seldam heeft een amendement ingediend namens een aantal fracties. Dat is in lijn met de memo en kan op het akkoord van het college rekenen in de uitvoering. Het college zal dit op zich nemen. Ik heb al informeel bij mijn collega's gemeld dat dit amendement eraan zit te komen en we het gaan uitvoeren. Ik denk dat de voorzitter een terecht punt heeft gemaakt.
Mevrouw Ten Seldam en ik begrepen elkaar de vorige keer niet helemaal op dit punt, maar dit is in ieder geval achteraf goed ondervangen. De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! Er is de afgelopen weken continu gezegd dat we niet collega-raadsleden en buurtgemeenten gaan. Stel dat de raad van een van de over deelnemende gemeenten zegt: kom op, de colleges hebben dit wel met elkaar afgepeld, maar hiermee zijn wij niet akkoord gegaan. Wat dan? De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Ik heb informeel contact gezocht met de drie collega's die de DVO afsluiten. Dit besluit is ook in hun belang. Ze vinden dat niet meer dan logisch. Mevrouw Ten Seldam heeft dit ook gezegd. Dit wordt op secretarisniveau geregeld. Het amendement gaat over personeel en de toewijzing van personeel. De politiek gaat daar niet over. Dat wordt op een goede manier conform het amendement afgehecht. De heer BETE (Lijst fete): We hebben het afgelopen jaar steeds dezelfde toezegging van de wethouder gehad. Maar nog steeds staan de collega-colleges van de wethouder onder het toezicht van onze collega-raden. De grootste partij in Twenterand beschuldigt ons in de krant van NSB-praktijken. Stel dat Twenterand de volgende keer zegt: college en raad van Almelo, we doen niet mee.
Wat dan? De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Het principiële besluit over DVO's is inmiddels door de gemeenteraad van Twenterand genomen. Deze gemeente heeft zich daaraan gecommitteerd. Dat neemt niet weg dat Twenterand ook een wettelijke verplichting heeft. Ze 43 R 2106815
moet uitvoeren. Dus dit komt goed. Het is in het belang van Twenterand dat haar eigen doelgroep goed wordt bediend. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): In aanvulling op de heer Cete, ik begrijp dat dat besluit is genomen voor dit amendement is aangenomen. De gemeente Twenterand heeft zich dus gecommitteerd aan iets en krijgt achteraf met een nieuw feit te maken. Hoe kan de wethouder garanderen wat de raad van Twenterand hiermee zal instemmen met een partij die Almelo niet zo goed gezind is om haar moverende redenen? Ik heb er een beeld bij, gekregen uit een persoonlijk overleg. De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! In de kern gaat het erom dat de NUO wordt gevuld door de staf die bij de gemeenten wordt gestationeerd op de loonlijst. In het construct van de NUO wordt de staf daar actief naartoe gedetacheerd. Het amendement ziet erop dat het personeel voorde duur van de DVO, dus zolang die gemeente bij de NUO is aangesloten, op een adequate manier wordt begeleid. Dat is ook in het belang van de wettelijke uitvoering van de Wsw en is niets anders dan het afhechten van belangen en risico's die materieel niets afdoen aan het sluiten van een DVO, want die DVO zit ook in die lijn. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! De wethouder vertelt weer zijn eigen verhaaltje, maar dat was niet mijn vraag. Dit verhaal kennen we wel.
Als hij wil plassen, zou ik beginnen met antwoord te geven op mijn vraag. Mijn vraag was: de feiten zijn veranderd nadat het besluit is genomen. Hoe kan deze wethouder garanderen... Ik hoef het hele riedeltje niet te horen, dat heb ik al drie keer gehoord. Geef gewoon antwoord op mijn vraag. Moet ik die vraag nog een keer herhalen, of heeft de wethouder die inmiddels helder voor ogen? De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Het is aan de gemeentesecretarissen om dit amendement in een onderlinge overeenkomst af te doen. Dat gaat gebeuren. Ik zie geen aanleiding dat dit niet het geval is. Het is niet aan de orde dat dit allemaal weer terug moet naar de raad van Twenterand, de raad van Tubbergen of de raad van Wierden. Daar is inmiddels het besluit genomen om deel te nemen aan die DVO's. Daar is een uitspraak over gedaan. Eris ook een uitspraak gekomen of ze naar Larcom willen of niet. Dit wordt dus in gang gezet, conform de lijn die daar is uitgerold. Dat is de lijn van de DVO en dat houdt dus ook in dat elke gemeente zich committeert aan het inbrengen van personeel. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Hebben die andere raden, zoals bijvoorbeeld Twenterand, een concept van de DVO ontvangen, zoals de afspraken waarop ze een go geven? De heer MAATHUIS (wethouder): Dat weet ik niet, dat is een zaak tussen de raad van een andere gemeente en een college van een andere gemeente.
MevrouwTen Seldam-heeft-gevraagd hoe_het.zit_..mei_het_mondelinge__advie_s._Het ad_v_ies is formeel aangevraagd in maart 2021, dit staat ook in de memo. Op basis van die adviesaanvraag hebben we ambtelijk een gesprek gevoerd met de Adviesraad. Daarin is een mondeling advies afgegeven. Dat zou de Adviesraad nog op papier zetten, maar toen ontstond de situatie zoals die recentelijk in een raadsbrief aan de raad is gemeld. Is er een advies op papier? Het antwoord is nee, want toen zat de Adviesraad al zonder bezetting en was deze niet in staat om wat hij mondeling heeft aangegeven, op papier te zetten. We zijn daar praktisch mee omgesprongen. Wij hebben besloten dat we die mondelinge afspraak zo goed mogelijk in onze uitvoering verwerken. Dit hebben we beoogd met de tekst die in het raadsvoorstel staat. De heer Teeuw heeft een heldere analyse gegeven op de samenwerking op basis van vrijwilligheid, het loslaten van het construct van de GR. Dit betekent dat we elkaar als gemeenten over en weer respecteren, maar wel vanuit de gezamenlijke verantwoordelijkheid. We willen met elkaar een samenwerkingsconstruct light op basis van vrijwilligheid om de infrastructuur voorde doelgroep en de staf naar de toekomst te borgen. Dat is nu in gang gezet en daar komen we rustig aan op uit.
De discussie met de heer Styteler, mevrouw Ten Seldam en de heer fete ging over het aangaan van DVO's met andere gemeenten, al dan niet dicht bij de gemeente Almelo. We hebben die discussie gevolgd, maar mocht dit aan de orde zijn, komt dit terug bij de raad. Ik 44 R 2106815
deel helemaal de lijn van mevrouw Ten Seldam dat we er eerst voor moeten zorgen dat de zaak voor ons werkgebied staat. Mocht er zich een kans voordoen of wat dan ook, en het zou dom zijn om er geen gebruik van te maken of er zouden onredelijke situaties ontstaan, komen we bij uw raad terug. Dit past helemaal in de jaarlijkse rapportage die we via de motie van de PvdAfractie over de inclusieve arbeidsmarkt zullen verzorgen. Daarin kan dit onderwerp geschoven worden. Als het nodig is, zullen we dit tussentijds eerder doen. Mevrouw Van Saane heeft een aantal wensen en bedenkingen meegegeven. Een aantal vragen ís al eerder aan de orde geweest. Dit klinkt een beetje flauw, maar zo bedoel ik het niet. Ze weet dat we niet eerder liquideren dan bij de oprichting van de NUO. Ze weet wat de status is van het sociaal plan, dat die stichting er is voor het borgen van de infrastructuur en dat als die stichting er niet is, we het sociaal plan niet kunnen uitvoeren. Deze vragen zijn al aan de orde geweest. Er schuilt in de vragen een bepaalde zorg vanuit de D66-fractie. Dat is ook onze zorg, we nemen in dat opzicht mee wat mevrouw Van Saane mondeling gewisseld heeft, die hartenkreet nemen we mee inde verdere uitwerking. Het is allemaal onder schot.
Ja er lopen gesprekken tussen de Wor-bestuurder en de OR, nee zeg ik tegen de heer Ekizkuyu, dat is geen zaak van de gemeenteraad, maar het heeft de belangstelling. De Worbestuurderluistert naar die adviezen en probeert zo goed mogelijk te borgen wat het begeleidend personeel nodig heeft. De heer Hummels komt met eenzelfde tegenstelling tussen wensen en bedenkingen. Hij hoopt dat de uitvoering gaat lopen, heeft twijfels en plaatst een beleidsinhoudelijke afweging tegenover het succes van het college. Maar dit gaat niet om het succes van het college. Ik ben niet aan deze zaak begonnen omdat het een persoonlijke prioriteit van mij was om de uitvoering helemaal op zijn kop te zetten. Nogmaals, ik verwijs naar mijn inleidende woorden, dit is een verhaal geweest van veranderende wetgeving, een tussentijdse — ik noem het interregnum —ontwikkeling naar die maatschappelijke onderneming. Dit heeft zes jaar geduurd en uiteindelijk zijn we naar een ander uitvoeringsconstruct gegaan. De zorg voorde doelgroep is altijd als een paal boven water blijven staan, want die is wettelijk aan ons geattribueerd. Voldoende werk is voorde heer Hummels een punt van zorg. Vorige week heb ik al gezegd dat op dit moment het aantal opdrachten bij de NV —die functioneert nog gewoon — conform eerdere prognoses is.
Het werk gaat langzamerhand over naar Rijssen-Holten, naar Hellendoorn, gelijktijdig straks ook naar de NUO. Die contracten worden overgezet. We hebben daar eerder over gewisseld in de cyclus van maart. Het beeld werd geschetst dat contracten zouden worden beëindigd en dat we nog maar moesten zien of al dat werk behouden zou worden. Nee, die contracten worden overgezet naar een andere juridische entiteit en mensen houden zoveel mogelijk het werk dat ze nu ook hebben. Ik heb daarover eerder gezegd: groen is hetzelfde, beschut blijft voorlopig op dezelfde plek en de detacheringen kunnen per jaar, per half jaar, wijzigen, afhankelijk van de werksoort die het betreft. Daarin kunnen natuurlijk wijzigingen optreden. Dus men hoeft op dit moment geen zorgen te hebben. Is dit naar de toekomst een punt van zorg? Ja natuurlijk. De stichting moet samen met het Werkplein komen tot een werkgeversaanpak om die inclusieve arbeidsmarkt te bewerkstelligen en ervoor te zorgen dat er voldoende opdrachten komen. Dit in reactie op de heer Hummels. De heer fete heeft gevraagd naar de risico-opslag. Nogmaals, die heeft betrekking op dat deel van de begroting van € 5,2 miljoen waarop risico's ontstaan en gaat niet over het werk of het personeel, want die klappen bij het beëindigen van een DVO weer naar een gemeente. Het risico zit in huurcontract, materieel en werkvoorraad.
Soms zijn er verpakkingen ingeslagen om spullen te verpakken en verkopen. Daar zit een risico in. Dat is de 15% standaardrisico-opslag die voldoende moet zijn om die risico's af te dekken. Ik heb gezegd dat er een business controler komt die met risicomanagement aan de slag gaat. En alsje weet dat DVO's niet langer lopen dan vijf jaar, zou je als stichtingsbestuurder hartstikke dom zijn om een huurcontract af te sluiten voor tien jaar. Er zit dus een bepaalde mate van voorzienbaarheid en risicomitigatie in. De heer BETE Lijst fete): Voorzitter! De wethouder zegt dat € 1,37 miljoen plus € 75.000 van iedere deelnemende gemeenten jaarlijks —totaal wordt dat € 350.000 —genoeg zijn voor alle risico's die we de komende vijf jaar hebben. Begrijp ik dat goed? De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Ja, want een deel van de risico's die je loopt 45 R 2106815
ondervang je door de maatregelen die je aan de voorkant neemt. Daardoor is de kans op manifestatie nul. Dat weetje nooit helemaal zeker, want als je in het vierde jaar met een werkvoorraad zit voor een productie die langer dan een jaar doorloopt en je hebt op dat specifieke onderdeel misschien te veel ingekocht, loop je als gevolg daarvan een risico. Als dat zich manifesteert, moet de risicoreserve van € 350.000 voldoende zijn. Ik heb al aangegeven dat dit aan de voorkant, mocht erin de eerste anderhalf jaar onverhoopt een tekort ontstaan, wordt gedekt door de vier gemeenten. Over commitment gesproken, we staan schouder aan schouder voorde oprichting van de NUO. De heer BETE (Lijst fete): Dat heb ik vandaag na maanden en jaren begrepen; dat is een lichtpunt. Ik heb meerdere malen mijn wens over een risicoanalyse geuit. De wethouder heeft gezegd dat er goed naar is gekeken en die 15% is berekend volgens de landelijke richtlijnen. Bovendien heeft hij €1,37 miljoen neergezet met voorbeelden uit het land. Kan hij mij toezeggen met een bovenkant te komen? Hij heeft die risicoanalyse als college en dagelijks bestuur gemaakt. Kan die bovenkant € 2 miljoen worden of €1,5 miljoen? Hij zegt namelijk dat wij een van die gemeenten blijven.
Wat heeft hij qua procenten in gedachte, als we de eerste anderhalf jaar extra moeten bijleggen? Ik ben blij dat andere gemeenten meebetalen, maar wat kost het ons? De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! De begroting van de GR Soweco, waar we beperkt invloed op hebben, was € 35 miljoen tot € 40 miljoen groot. In potentie zat daarin veel meer risico qua omvang waarop we niet direct invloed hadden, dan in een stichting waarop we direct invloed hebben en die een begrotingsomvang heeft van € 5 miljoen, waarvan slecht een beperkt deel, namelijk € 1,5 miljoen aan de kostenkant, potentieel voor risico in aanmerking komt. Nogmaals, daarvan is de systematiek dat een aantal posten aan de voorkant afgedicht kan worden. De VOORZITTER: Wethouder, ik moet de raad beperken en bepalen tot het onderwerp, maarde details die u nu geeft, gaan over het randje van wat voorligt. Ik begrijp dat u uw best doet om iedereen tevreden te stellen in uw beantwoording, en dat siert u, maar ik moet ook u oproepen om te spreken over wat voorligt. De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Ik rond mijn reactie op de heer fete af. Hij vroeg naar de gemeentelijke aansprakelijkheid. Die bestaat niet. Privaatrechtelijk is de stichting aansprakelijken hooguit kunnen de bestuurders van die stichting aansprakelijk worden gesteld. Mevrouw Geerdink heeft een amendement aangekondigd. We zien dat graag tegemoet.