bijlage 5 behorende bij raadsbrief 1
Tekst van het document
Figuur 2-2 Locatie 1 (indicatie zoekgebied rood omcirkeld) Noordoostelijke uitbreiding Industrieterrein Twentekanaal (Markelo)
6/58
2.2
Locatie 2 Uitbreiding Haven (Goor) aan overzijde van het kanaal
De tweede locatie is een uitbreiding van het industrieterrein Haven (Goor) aan de overzijde van het kanaal. Het industrieterrein Haven ligt aan de zuidkant van Goor. De locatie bestaat uit agrarische gronden, enkele woningen en verspreid zijn bomen aanwezig. De locatie ligt langs het Twentekanaal met een directe aansluiting op de N347. Langs het Twentekanaal liggen de kanaalweg en een hoogspanningskabel. In het gehele gebied ligt een radarzone waar een maximum hoogte van 45 meter geldt. De locatie kan net voldoende ruimte bieden voor uitbreiding tot 120 hectare.
Figuur 2-3 Locatie 2 (indicatie zoekgebied rood omcirkeld) Uitbreiding Haven (Goor) aan de overzijde van het kanaal
7/58
2.3
Locatie 3 Uitbreiding Zenkeldamshoek/Goor Noord
De derde locatie bestaat uit een uitbreiding van het bedrijventerrein Zenkeldamsehoek/Goor Noord. De uitbreiding zal bestaan uit een verdere noordelijke uitbreiding van het bedrijventerrein aan de overzijde van de Zomerweg en/of uit een uitbreiding aan de overzijde van de N347. Voor de te beoordelen aspecten zullen deze beide opties voor de uitbreiding niet onderscheidend zijn. Het gebied sluit direct aan op de N347. De Haven van Goor is via deze provinciale weg bereikbaar. Het gebied bestaat uit agrarische percelen en enkele woningen. Langs het gebied loopt een hoogspanningskabel en door het gebied aan de overzijde van de N347 ligt een straalpad waar een maximum hoogte van 38 meter geldt. In het gehele gebied ligt een radarzone waar een maximum hoogte van 45 meter geldt. Het gebied biedt meer dan voldoende uitbreidingsmogelijkheden om 120 hectare aan bedrijventerrein te realiseren.
Figuur 2-4 Locatie 3 (indicatie zoekgebied rood omcirkeld) Uitbreiding Zenkeldamshoek/Goor Noord
8/58
2.4
Locatie 4 Uitbreiding bedrijventerrein Schneiderbos (Delden) aan overzijde kanaal
De vierde locatie bevindt zich in Delden en is een uitbreiding van het bedrijventerrein Schneiderbos aan de overzijde van het kanaal. Het terrein ligt westelijk van de N740. Het gebied ligt langs het kanaal. Met de bestaande brug ligt de haven van het bedrijventerrein Schneiderbos op korte afstand. De locatie bestaat uit voornamelijk agrarische percelen met enkele woningen. Langs de locatie en door eventuele uitbreidingsmogelijkheden loopt een hoogspanningskabel. Het gebied biedt voldoende ruimte voor de realisatie van 120 hectare bedrijventerrein.
Figuur 2-5 Locatie 4 (indicatie zoekgebied rood omcirkeld) Uitbreiding bedrijventerrein Schneiderbos (Delden) aan de overzijde kanaal
9/58
2.5
Locatie 5 Uitbreiding bedrijventerrein Twentekanaal (Hengelo)
Locatie 5 bestaat uit een oostelijke uitbreiding van het bedrijventerrein Twentekanaal in Hengelo, de zuidelijke uitbreiding uit fase 1 is reeds bestemd als zonneveld. Locatie 5 bestaat grotendeels uit agrarische gronden. Daarnaast zijn een aantal woningen en vier gebieden voor opslag ten behoeve van AKZO aanwezig (op basis van het bestemmingsplan Buitengebied). Ook lopen in de noordwestelijke hoek de locatie een hoogspanningskabel en een stoomleiding. Daarnaast bevindt de locatie zich in een invliegfunnel van het luchtverkeer (waar de maximale bouwhoogte 150 meter t.o.v. NAP is) en een vrijwaringszone bodemdaling (bij bouw dient hier voldaan te worden aan een bodemdaling protocol). Het gebied heeft een grootte van circa 70 hectare.
Figuur 2-6 Locatie 5 indicatie zoekgebied (rood omcirkeld) Uitbreiding bedrijventerrein Twentekanaal (Hengelo)
10/58
2.6
Locatie 6 XL Businesspark 2 (Almelo)
Locatie 6 bestaat uit een uitbreiding van het bestaande bedrijventerrein XL te Almelo. De locatie bestaat vooral uit agrarische gronden, agrarische bedrijven en enkele woningen. Het gebied ligt naast de snelweg en dicht bij de haven van het bedrijventerrein XL. De locatie bestaat uit twee mogelijke uitbreidingen. Doordat deze mogelijke uitbreidingen voor meerdere aspecten onderscheidend zijn is ervoor gekozen om deze uitbreidingen apart te scoren. De potentiële zuidelijke uitbreiding (locatie 6a) moet rekening houden met De Doorbraak, het als natuur ingerichte gebied ten zuiden van het huidige XL Businesspark, dat als compensatie voor het aanleggen van dit bedrijventerrein is ingericht. Ook loopt door de zuidelijke uitbreiding een waterleiding. De potentiële westelijke uitbreiding (locatie 6b) is enkel met een kleine brug verbonden met bedrijventerrein XL, met de huidige infrastructuur dienen vrachtwagens ver om te rijden om de haven van XL te bereiken. Hetzelfde geldt voor de aansluiting met de snelweg. Door de westelijke uitbreiding loopt een aardgasleiding en is in de noordoostelijke hoek het bedrijf Oosterveld gevestigd. De locaties bieden beide meer dan voldoende ruimte om in 120 hectare aan bedrijventerrein te voorzien.
Figuur 2-7 Locatie 6 (indicatie zoekgebied rood omcirkeld) Uitbreiding bedrijventerrein XL (Almelo) uitgesplitst in locatie 6a en 6b.
11/58
2.7
Locatie 7 Uitbreiding bedrijvenpark Twente Wendelgoor (Almelo)
De zevende locatie is een uitbreiding van het bedrijvenpark Twente Wendelgoor in oostelijke richting aan de overzijde van het kanaal aan weerszijden van de afslag van de N36 bij de Aadorpweg (locatie 7a) of in noordelijke richting (locatie 7b). De twee mogelijke uitbreidingen hebben verschillende ontsluitingen en zijn verschillend voor meerdere aspecten. Daarom is ervoor gekozen om deze uitbreidingen apart te scoren. Beide gebieden liggen langs het Overijsselsch kanaal (kanaal Almelo – De Haandrik). Het bedrijvenpark Twente Wendelgoor heeft geen haven. Naast de aanleg van een eigen haven kan voor een verbinding gebruik worden gemaakt van de Slachthuiskade/Dollegoor of de Buitenhaven in Almelo. Beide gebieden bestaan met name uit agrarische gronden en enkele agrarische bedrijfsgebouwen. Bij de noordelijke uitbreiding (locatie 7b) liggen ook enkele woningen. Het gehele gebied ligt in een laagvliegroute waar een maximale bouwhoogte van 40 meter geldt. Door het gebied lopen twee hoogspanningsverbindingen en Langs het Overijsselsch kanaal loopt het spoor. Beide gebieden hebben meer dan voldoende ruimte voor 120 hectare aan bedrijventerrein.
Figuur 2-8 Locatie 7 (indicatie zoekgebied rood omcirkeld) Uitbreiding bedrijvenpark Twente Wendelgoor (Almelo) uitgesplitst in locatie 7a en 7b.
12/58
3. BEOORDELING EN VERGELIJKING CRITERIA 3.1
Systematiek vergelijking
In dit hoofdstuk worden de zoekgebieden voor locaties met elkaar vergeleken op verschillende onderdelen. In beginsel is de gewenste ontwikkeling op alle locaties mogelijk vanuit beschouwde milieu- en omgevingsaspecten, anders was het zoekgebied al eerder afgevallen. Als er op een onderdeel een onoplosbaar effect optreedt, valt de locatie af. Dit betekent dat de beoordeling met een – of een + niets zegt over voor- of nadelen of het al dan niet voldoen aan grenswaarden, maar of de locatie op dit onderdeel beter of minder scoort dan andere locaties. 0 +
3.2
Minst geschikt vanuit beschouwde onderdeel Geschikte locatie, maar niet de beste vanuit beschouwde onderdeel Meest geschikt vanuit beschouwde onderdeel
Verkeerseffecten
De verkeerseffecten zijn gescoord in drie deelthema’s. Het eerste deelthema is verkeer waar de score is bepaald op basis van de verkeersafwikkeling, verkeersveiligheid en oversteekbaarheid. De lengte van de aanrijroute is het tweede deelthema dit is bepalend voor lokale verkeersemissies. Het derde deelthema is uitstralingseffecten van het verkeer. Dit is bepaald op basis van milieugevoelige objecten langs de aanrijroute. Vervolgens is gekeken naar de gevolgen van aanpassingen aan het wegennet op de verkeerseffecten. 3.2.1 Verkeer Onderzoeksmethodiek Per locatie is het aspect verkeer beoordeeld door de effecten op de lokale feitelijke verkeersstructuur in beeld te brengen. In de vorige fase zijn 7 locaties met cirkels aangeduid. Bij het beoordelen van de verschillende locaties is de beoogde ontwikkeling zo goed mogelijk binnen deze cirkels geprojecteerd. Daarbij is uitgegaan van een logische inpassing binnen de bestaande verkeerstructuur. Vervolgens is de verkeersgeneratie bepaald voor een aantal scenario’s. Omdat uiteindelijk verschillende invullingen mogelijk gemaakt kunnen worden is de verkeersgeneratie voor verschillende scenario’s bepaald. Gekeken is naar: ● Hoogwaardige maakindustrie 56 netto ha. (70 ha bruto) 80 netto ha. (120 ha bruto) ● Distributieterrein 56 netto ha. (70 ha bruto) 80 netto ha.
(120 ha bruto) Bij het bepalen van de verkeersgeneratie is gebruik gemaakt van de kencijfers voor verkeersgeneratie per type werkmilieu uit CROW publicatie 381, tabel A8. Voor de te onderzoeken functies (hoogwaardige maakindustrie en distributiecentrum) is aansluiting gezocht bij respectievelijk de werkmilieus voor ‘hoogwaardig bedrijventerrein’ en voor ‘distributieterrein’. Bij het omrekenen van de verkeersgeneratie van weekdag naar werkdag is gebruik gemaakt van omrekenfactor2 1,11 voor werkfuncties. Voor de verdere beoordeling van de locaties is uitgegaan van een worst-case verkeersgeneratie. Dit is de verkeersgeneratie die de grootste verkeerskundige impact heeft. Om die worst-case verkeersgeneratie te bepalen is gekeken naar zowel de totale verkeersintensiteiten per etmaal als naar de voertuigverdeling.
2 CROW publicatie 381
13/58
Vervolgens is per locatie de worst-case verkeersgeneratie toegedeeld aan de wegen in de omgeving. Daarbij is uitgegaan van een toedeling op basis van de huidige verkeersstructuur zonder aanpassingen aan het wegennet. In paragraaf 3.2.4 wordt ingegaan op mogelijke aanpassingen aan het wegennet en welke gevolgen dit kan hebben op de verkeer gerelateerde scores. Het aspect verkeer is uitsluitend op het kenmerk bereikbaarheid beoordeeld. Daarbij is op hoofdlijnen gekeken in hoeverre het extra verkeer vanuit de ontwikkeling leidt tot knelpunten in de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid en oversteekbaarheid. Verkeersgeneratie In de volgende tabellen is de verkeersgeneraties voor de verschillende type werkmilieus voor een bedrijventerrein met een oppervlakte van 56 netto hectare en een oppervlakte van 80 netto hectare voor een gemiddelde weekdag en een gemiddelde werkdag. Voor de beoordeling van het aspect verkeer is de gemiddelde werkdagintensiteit bepalend. Tabel 3-1 Verkeersgeneratie 56 ha netto (70 ha bruto)
werkmilieu
netto (ha)
Licht Middelzwaar Zwaar Totaal (mvt/etmaal) (mvt/etmaal) (mvt/etmaal) (mvt/etmaal) weekdag werkdag weekdag werkdag weekdag werkdag weekdag werkdag
hoogwaardig bedrijvenpark
56
9.744
12.960
914
1.216
990
1.317
11.648
15.492
distributieterrein
56
7.560
10.055
510
678
1.450
1.929
9.520
12.662
Tabel 3-2 Verkeersgeneratie 80 ha netto
werkmilieu
netto (ha)
Licht Middelzwaar Zwaar Totaal (mvt/etmaal) (mvt/etmaal) (mvt/etmaal) (mvt/etmaal) weekdag werkdag weekdag werkdag weekdag werkdag weekdag werkdag
hoogwaardig bedrijvenpark
80
13.920
18.514
1.306
1.736
1.414
1.881
16.640
22.131
distributieterrein
80
10.800
14.364
728
968
2.072
2.756
13.600
18.088
Worst-case verkeersgeneratie In Tabel 3-2 is te zien dat de verkeersgeneratie bij een hoogwaardig bedrijvenpark met 80 hectare netto uitgeefbaar terrein, de totale omvang en de omvang per voertuigcategorie het hoogst is. Voor een worst-case benadering wordt uitgegaan van een bedrijventerrein met een oppervlak van 80 hectare voor het werkmilieu ‘hoogwaardig bedrijventerrein’. Verkeerstoedeling per locatie Figuur 3-1 en Figuur 3-2 is een overzicht gegeven van de wegen waarover de verkeersgeneratie per locatie naar verwachting zal worden afgewikkeld tot aan een N-weg (80 km/u) of A-weg. In 5.Bijlage 3 is de verkeersgeneratie per wegdeel in tabelvorm weergegeven.
14/58
Figuur 3-1 Verkeerstoedeling per locatie
15/58
Figuur 3-2 Verkeerstoedeling per locatie (vervolg)
Beoordeling locaties Om de locaties te beoordelen is gekeken naar de bereikbaarheid van de locaties. Daarbij is de verkeersgeneratie vanuit het plan afgezet tegen de verkeersintensiteiten op de toeleidende wegen in de autonome situatie. Om een beeld te krijgen van de verkeersintensiteiten in de autonome situatie is gebruik gemaakt van het hoge scenario van het Regionaal Verkeersmodel Overijssel3. Het beoordeelde zichtjaar is het jaar 2032. Om de autonome verkeersintensiteiten in dit jaar te bepalen, zijn de verkeersintensiteiten van het verkeersmodel geïnterpoleerd uit de jaren 2020 en 2040. Bij het beoordelen van de bereikbaarheid is specifiek gekeken naar de effecten op de verkeersafwikkeling, verkeersveiligheid en oversteekbaarheid. Hieronder een nadere definitie van deze aspecten: ● Verkeersafwikkeling = de mate waarin de wegen/kruispunten het verkeer vlot kunnen verwerken. ● Verkeersveiligheid = de mate waarin de wegen/kruispunten het verkeer veilig kunnen verwerken. ● Oversteekbaarheid = de mogelijkheid om een weg over te kunnen steken zonder daar lang voor te moeten wachten.
3 Werkdag model
16/58
Per locatie zijn de verkeersintensiteiten in de autonome situatie bepaald en de bijdrage vanuit het plan op die wegen. Voor een aantal wegen zijn vanuit het verkeersmodel geen verkeersintensiteiten bekend. Aangenomen is dat er op die wegen maximaal 1.000 mvt/etmaal rijden op een gemiddelde werkdag. Locatie 1 (Markelo) Op de wegvakken 1 t/m 6 neemt de verkeersintensiteit sterk toe. In de bestaande situatie rijdt er zeer beperkt verkeer over deze wegen. Door de planbijdrage neemt de intensiteit hier sterk toe. Aanzienlijke aanpassingen aan de infrastructuur (wegvakken en kruispunten) zijn nodig om de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid op deze wegen te kunnen borgen. Alleen de Stationsweg kan naar verwachting de toename van het verkeer ook na planbijdrage vlot en veilig verwerken. Tabel 3-3 Verkeersintensiteiten locatie 1 (Markelo)
Nr.
2032
Plan- Autonoom bijdrage (2032) + plan
1
Stokkumervlierweg
<1.000
6.639
7.639
2
Oude Borculoseweg, ten noorden van inrit 1,1
<1.000
6.639
7.639
3
Oude Borculoseweg, ten zuiden van inrit 1,1
<1.000
22.131
23.131
4
Diepenheimsedijk
<1.000
22.131
23.131
5
Stokkumerweg, tussen Petersweg en Brinkweg
<1.000
22.131
23.131
6
Stokkumerweg, tussen Brinkweg en Stationsweg
<1.000
22.131
23.131
7
Stationsweg
2.800
22.131
24.931
Locatie 2 (Goor Haven) De Haaksbergerweg is een gebiedsontsluitingsweg buiten de bebouwde kom met 2x1 rijstroken. Ten noorden van de planlocatie kruist de Haaksbergerweg met de Rondweg. Dit is een voorrangskruispunt, waarbij verkeer van de Haaksbergerweg voorrang moet verlenen aan het verkeer op de Rondweg. Normaal gesproken kan een weg van deze wegcategorie en met deze inrichtingsvorm, maximaal circa 20.000 mvt/etmaal vlot en veilig verwerken. Met een toename van maximaal circa 22.000 mvt/etmaal zullen er naar verwachting knelpunten ontstaan in de verkeersafwikkeling op deze weg. Dat geldt ook voor het kruispunt met de Rondweg. Aanpassingen aan dit kruispunt zijn dan ook nodig. Tabel 3-4 Verkeersintensiteiten locatie 2
Nr.
2032
1
Haaksbergerweg, tussen inrit 1.1 en inrit 1.2
10.388
Plan- Autonoom bijdrage (2032) + plan 5.533 15.921
2
Haaksbergerweg, tussen inrit 1.1 en gebied 2
10.388
14.385
24.774
3
Haaksbergerweg, ten noorden van gebied 2
10.388
22.131
32.520
Locatie 3 (Goor Noord) In de bestaande situatie gaat het bij de wegvakken 1 t/m 3 om relatief smalle erftoegangswegen buiten de bebouwde kom met een lage verkeersintensiteit. Fietsers delen de rijbaan met het gemotoriseerde verkeer op deze wegen. Als gevolg van de planontwikkeling zal het verkeer op deze wegen sterk toenemen. Maatregelen op wegvakniveau zijn nodig om het verkeer hier vlot en veilig te kunnen verwerken.
17/58
De Zomerweg is eveneens een smalle erftoegangsweg, maar fungeert daarnaast ook als een ontsluitingsweg voor de omliggende functies. In de bestaande situatie is een vrijliggend 2-richtingen fietspad aanwezig. In de situatie na planontwikkeling zal de Zomerweg fungeren als verzamelweg voor het bedrijventerrein en al het verkeer (circa 22.000 mvt/etmaal) van de planontwikkeling richting de N437 leiden. Aanzienlijke aanpassingen aan deze weg zijn nodig om het verkeer vlot en veilig te kunnen verwerken. Het kruispunt Zomerweg – N347 betreft een ongelijkvloerse aansluiting. Deze is naar verwachting voldoende robuust om de toekomstige verkeersstromen na planontwikkeling te kunnen verwerken. Tabel 3-5 Verkeersintensiteiten locatie 3
Nr.
2032
Plan- Autonoom bijdrage (2032) + plan
1
Twickelerweg, ten westen van Zomerweg
<1.000
9.959
10.959
2
Twickelerweg, ten oosten van Zomerweg
<1.000
4.426
5.426
3
Potsweg
<1.000
7.746
8.746
4
Zomerweg, ten zuiden van Twickelerweg
2.300
22.131
24.829
Locatie 4 (Delden) De Bentelosestraat en de Europalaan maken onderdeel uit van de N740/N741. Het betreft gebiedsontsluitingswegen buiten de bebouwde kom met een 2x1 wegprofiel en vrijliggende fietspaden. Zijwegen met lage verkeersintensiteiten sluiten middels voorrangskruispunten aan op de N-weg en op andere locaties zijn de kruispunten vormgegeven als enkelstrooksrotondes. Na planontwikkeling komen er circa 22.000 mvt/etmaal bij op deze wegen. Dat is een aanzienlijke toename, waarvoor maatregelen op wegvakniveau noodzakelijk zijn om het verkeer vlot en veilig te kunnen verwerken. Ook de bestaande enkelstrooksrotondes zullen naar verwachting onvoldoende capaciteit hebben om het verkeer na plantontwikkeling goed te kunnen verwerken. Ook hier zijn dus maatregelen nodig. Tabel 3-6 Verkeersintensiteiten locatie 4
Nr.
2032
Plan- Autonoom bijdrage (2032) + plan
1
Nijlandsweg
<1000
11.066
12.066
2
Bentelosestraat, tussen inrit 2.1 en Nijlandsweg
6.568
18.812
25.380
3
Bentelosestraat, tussen Nijlandsweg en inrit 1.1
6.568
22.131
28.699
4
Europalaan, tussen kanaaldijk en Bernhardstraat
6.668
22.131
28.800
5
Europalaan, tussen Bernhardstraat en Galgenmaten
8.671
22.131
30.802
6
Europalaan, tussen Galgenmaten en Langestraat
8.671
22.131
30.802
7
Europalaan, tussen Langestraat en Molenstraat
8.371
22.131
30.502
18/58
Locatie 5 (Hengelo) Het verkeer op de Boekeloseweg en Boekelose Veldweg zal aanzienlijk toenemen na planontwikkeling. Maatregelen zijn nodig om het verkeer op deze relatief smalle wegen vlot en veilig te kunnen verwerken. De Diamantweg en de Boekeloseweg ten noorden van de Diamantweg zijn in de bestaande situatie gecategoriseerd en ingericht als gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom, met vrijliggende fietspaden. Na planbijdrage zal de verkeersintensiteit op deze wegen aanzienlijk toenemen (+ circa 22.000 mvt/etmaal). Ook deze wegen zullen moeten worden aangepast om het verkeer vlot en veilig te kunnen verwerken. De locatie ligt in de buurt van een bestaand bedrijventerrein met veel oversteekbewegingen over de Diamantweg. Met de ontwikkeling komt de oversteekbaarheid van de Diamantweg mogelijk in gevaar. Tabel 3-7 Verkeersintensiteiten locatie 5
Nr.
2032
Plan- Autonoom bijdrage (2032) + plan
1
Boekelose Veldweg
<1.000
8.852
9.852
2
Boekeloseweg, ten zuiden van Diamantstraat
<1.000
8.852
9.852
3
Boekeloseweg, ten noorden van Diamantstraat
10.514
5.533
16.047
4
Twekkelermarkeweg
<1.000
7.746
8.746
5
Bolderhoekweg
2.460
7.746
10.205
6
Diamantstraat, tussen Boekeloseweg en Bolderhoekweg
10.514
14.385
24.900
7
Diamantstraat, tussen Bolderhoekweg en Toermalijnstraat
10.573
22.131
32.704
8
Diamantstraat, tussen Toermalijnstraat en Opaalstraat
8.279
22.131
30.410
9
Diamantstraat, tussen Opaalstraat en Saffierstraat
8.100
22.131
30.231
10 Diamantstraat, tussen Saffierstraat en Robijnstraat
12.940
22.131
35.071
11 Diamantstraat, tussen Robijnstraat en Haaksbergerstraat
19.660
22.131
41.791
Locatie 6a (XL2-zuid) De verkeersintensiteit op de Wolker Landen neemt met de komst van het plan zeer sterk toe. In de bestaande situatie is het wegprofiel al smal, met de komst van het plan zijn ingrijpende maatregelen nodig om er voor te zorgen dat de weg het verkeer vlot en veilig kan verwerken. De weg zal verbreed moeten worden en er zullen voorzieningen voor langzaam verkeer moeten worden aangelegd (trottoirs en fietspaden). Ook de Entersestraat en de Pastoor Ossestraat/Kleine Bunder krijgen met de komst van het plan aanzienlijk veel meer verkeer te verwerken. Met name in de kern zal dit leiden tot verkeersveiligheid- en doorstromingsknelpunten. Ook de leefbaarheid en de oversteekbaarheid in Bornerbroek komt sterk onder druk te staan. Er zijn ingrijpende maatregelen nodig om deze knelpunten te verhelpen. Denk daarbij aan rijbaanverbreding, vrijliggende fietspaden en verkeerslichten. De knelpunten die te verwachten zijn in de kern van Bornerbroek zullen zich ook in de kern van Enter voor gaan doen met de komst van het plan. Vergelijkbare maatregelen zijn hier nodig om de verkeersveiligheid, verkeersafwikkeling, leefbaarheid en oversteekbaarheid te garanderen. Het profiel van de Enterseweg en de Bornerbroekseweg buiten de bebouwde kom kent een profiel met vrijliggende fietspaden.
De intensiteit neemt ook hier toe, maar naar verwachting zal de weg het verkeer kunnen verwerken. Wel zal de oversteekbaarheid hier verminderen vanwege de toename van de verkeersintensiteit op deze wegvakken. Dit kan leiden
19/58
tot knelpunten met langzaam overstekend of invoegend landbouw verkeer. Op sommige kruispunten zijn maatregelen nodig om dit knelpunt te verhelpen. De verkeerstoename op de Lohuisstraat/Almelosestraat is maar beperkt. De wegen kunnen dit verkeer vlot en veilig verwerken. Ook de oversteekbaarheid komt hier niet in het geding. Tabel 3-8 Verkeersintensiteiten locatie 6a
Nr.
2032
Plan- Autonoom bijdrage (2032) + plan
1
Wolker Landen
4.387
22.131
26.518
2
Entersestraat
5.250
15.492
20.742
3
Bornerbroekseweg
5.395
15.492
20.887
4
Rijssenseweg (centrum Enter)
8.264
15.492
23.756
5
Pastoor Ossestraat/Kleine Bunder (centrum Bornerbroek)
9.323
6.639
15.962
6
Lohuisstraat/Almelosestraat
6.558
2.213
8.771
Locatie 6b (XL2-west) Het verkeer op de Hoeselderdijk en de Breesegge neemt als gevolg van het plan sterk toe. Op het oostelijk deel van de Hoeselderdijk en de Breesegge is sprake van een ruime verdubbeling. Op het westelijk deel is sprake van 3 maal meer verkeer. Er zijn ingrijpende maatregelen nodig om de verkeer afwikkeling, verkeersveiligheid, leefbaarheid en oversteekbaarheid te vergroten. Zo zal de rijbaan verbreed moeten worden en zijn vrijliggende fietspaden, zeker voor het westelijk deel, aan te raden. De verkeersintensiteit op de Entersestraat ten oosten van de Hoeselderdijk neemt toe met circa 2.200 mvt/etmaal. Daarmee komt de intensiteit uit op circa 7.500 mvt/etmaal. Maatregelen zijn nodig om de verkeersafwikkeling, verkeersveiligheid, leefbaarheid en oversteekbaarheid te verbeteren. Het verkeer op de Entersestraat ten westen van de Hoeselderdijk en het verkeer op de Bornerbroekseweg neemt aanzienlijk toe en komt na het plan uit op circa 19.000 mvt/etmaal. Beide wegen kunnen dit verkeer in principe verwerken. Ook de verkeersveiligheid komt hier niet direct in gevaar vanwege de aanwezigheid van vrijliggende fietspaden. Wel kan de oversteekbaarheid met name van landbouwverkeer op deze wegvakken een knelpunten worden. Maatregelen zijn nodig om deze te verbeteren. Denk hierbij aan extra rijstroken, in- en uitvoegstroken of verkeerslichten.
In de kern Enter (Rijssenseweg) zal de verkeersintensiteit als gevolg van het plan sterk toenemen tot circa 22.000 mvt/etmaal. Ingrijpende maatregelen zijn nodig om de verkeersafwikkeling, verkeersveiligheid, leefbaarheid en oversteekbaarheid te waarborgen. Denk hierbij aan verbreding van de weg, de realisatie van vrijliggende fietspaden en verkeerslichten. De verkeerstoename op de Lohuisstraat/Almelosestraat is maar beperkt. De wegen kunnen dit verkeer vlot en veilig verwerken. Ook de oversteekbaarheid komt hier niet in het geding.
20/58
Tabel 3-9 Verkeersintensiteiten locatie 6b
Nr.
2032
Plan- Autonoom bijdrage (2032) + plan
1
Hoeselderdijk ten oosten van Zomerdijk
5.051
6.639
11.690
2
Hoeselderdijk ten westen van Zomerdijk
5.051
15.492
20.542
3
Breesegge / Buitenhaven Westzijde
5.085
6.639
11.724
4
Entersestraat ten oosten van Hoenselderdijk
5.250
2.213
7.463
5
Entersestraat ten westen van Hoenselderdijk
5.250
13.279
18.528
6
Bornerbroekseweg
5.395
13.279
18.674
7
Rijssenseweg (centrum Enter)
8.264
13.279
21.543
8
Lohuisstraat/Almelosestraat
6.558
2.213
8.771
Locatie 7a (Wendelgoor Oost) Voor deze locatie zal de ontwikkeling direct ontsluiten op de Aadorpweg. Het verkeer zal vervolgens in zuidoostelijke richting rijden in de richting van de N36. Hier kan het verkeer ongelijkvloers aansluiten op deze N36. Als gevolg van de verkeerstoename zal de Aadorpweg tussen de aansluiting met het bedrijventerrein en de N36 aangepast moeten worden om het verkeer vlot en veilig te kunnen verwerken. Andere aanpassingen zijn niet nodig op deze locatie. Tabel 3-10 Verkeersintensiteiten locatie 7
Nr.
1
Aadorpweg
2032
Plan- Autonoom bijdrage (2032) + plan
13.507
22.131
35.638
Locatie 7b (Wendelgoor West) Als gevolg van het plan zal het verkeer volledig in zuidelijke richting ontsluiten via de Bedrijvenparksingel, ten noorden geldt immers een vrachtwagen verbod. De verkeersintensiteit als gevolg van het plan neemt op het de Bedrijvenparksingel ten noorden van de N36 sterk toe van circa 3.000 mvt/etmaal naar circa 25.000 mvt/etmaal. Dit leidt tot knelpunten in de verkeersafwikkeling, verkeersveiligheid en oversteekbaarheid op Bedrijvenpark Twente (ten noorden van de N36). Verbreding van de weg en de realisatie van aparte fietsvoorzieningen is nodig om deze knelpunten op te lossen. Ten zuiden van het viaduct onder de N36 is het profiel van de Bedrijvenparksingel voldoende breed om de toekomstige verkeersintensiteiten (circa 28.000 mvt/etmaal) op te vangen. Wel zal de verkeersafwikkeling ter hoogte van de kruispunten met de toevoeging van het verkeer van het plan toenemen. Om dit op te lossen zouden de kruispunten kunnen worden voorzien met verkeerslichten. De verkeersintensiteit op Bedrijvenpark Twente (ten zuiden van de N36) en de Parallelweg neemt als gevolg van het plan ook toe. Hier zal de intensiteit de capaciteit van de benaderen, waardoor op drukke momenten knelpunten kunnen ontstaan met name voor de verkeersveiligheid van het langzaam verkeer. Met de realisatie van vrijliggende fietspaden zou dit knelpunt kunnen worden verholpen.
21/58
Nr.
2032
1
Bedrijvenparksingel ten zuiden van N36 – Bedrijvenpark Twente
3.034
Plan- Autonoom bijdrage (2032) + plan 22.131 25.165
2
Bedrijvenpark Twente
1.874
2.213
4.087
3
Parallelweg
3.059
2.213
5.272
4
Bedrijvenparksingel tussen Bedrijvenpark Twente en N36
7.537
19.918
27.456
Conclusie Locatie 7a (Wendelgoor Oost) heeft verkeerskundig de voorkeur omdat relatief weinig maatregelen nodig zijn om de bereikbaarheid van deze locatie te garanderen. Zie onderstaande tabel voor een nadere onderbouwing. Tabel 3-11 Score verkeer beschrijving
score
Locatie 1 Markelo De capaciteit van veel kleine wegen zal moeten worden vergroot.
-
Locatie 2 Goor-
De capaciteit op Haaksbergerweg en het kruispunt met de Rondweg zal moeten worden vergroot.
0
Locatie 3 Goor
De capaciteit van een aantal wegen zal moeten worden vergroot. De aansluiting op de N-weg is onge-
0
Noord
lijkvloers. Deze is voldoende robuust om het verkeer na planontwikkeling te kunnen verwerken.
Locatie 4 Delden
De capaciteit op een groot deel van het tracé van de N740/N741 zal moeten worden vergroot. Ook
Haven
-
zal capaciteit van een aantal bestaande kruispunten moeten worden vergroot. Locatie 5 Hengelo Veel maatregelen nodig om de verkeersveiligheid en verkeersafwikkeling te kunnen garanderen.
-
Vooral oversteekbaarheid Diamantweg een aandachtspunt. Locatie 6a XL2
Zeer aanzienlijke verkeersmaatregelen zijn nodig o.a. in de kernen van Enter en Bornerbroek om de
zuid
verkeersveiligheid, verkeersafwikkeling en oversteekbaarheid te waarborgen
Locatie 6b XL2
Met name in de kern Enter zijn omvangrijke verkeersmaatregelen nodig om de verkeerskundige
west
knelpunten die veroorzaakt worden door het plan op te kunnen lossen
Locatie 7a Wen-
Op slechts een klein deel van de Aadorpweg zal capaciteit van de Aadorpweg moeten worden ver-
delgoor Oost
groot. De ongelijkvloerse aansluiting met N36 is voldoende robuust om het verkeer na planontwikke-
0
ling te kunnen verwerken. Locatie 7b Wen-
Op de Bedrijvenparksingel tussen Bedrijvenpark Twente en N36 komt de verkeersafwikkeling op de
delgoor West
kruispunten in gevaar. Maatregelen zijn nodig. Denk aan de realisatie verkeerslichten.
-
3.2.2 Aanrijroute Op basis van de voorwaarden uit fase 1 liggen de locaties op een afstand van ten hoogste 5 km van een snelweg of 3 kilometer van een provinciale weg. Een kortere aanrijroute naar een hoofdweg heeft zowel bedrijfseconomische voordelen als lagere lokale emissies van het verkeer. De rijafstand van de locaties naar een bestaande aansluiting van een hoofdweg (snelweg of provinciale weg) is weergegeven in Tabel 3-12. Omdat het waarschijnlijk is dat het meeste verkeer zich naar een snelweg zal begeven, is ook de rijafstand tot een snelweg gegeven. De aanrijroute is gescoord op basis van de rijafstand tot de hoofdweg, waarbij minder dan 1 kilometer positief wordt beoordeeld, afstanden tussen 1 en 3 kilometer neutraal scoren en voor rijafstanden naar de snelweg van meer dan 3 kilometer wordt als minst gunstig beoordeeld.
22/58
Tabel 3-12 Aanrijroute
Locatie 1 Markelo
Locatie 2 GoorHaven
Locatie 3 Goor Noord
Locatie 4 Delden
Locatie 5 Hengelo
Locatie 6a Locatie 6b Locatie 7a Locatie 7b XL2-zuid XL2-west Wendel- Wendelgoor oost goor west
Rijafstand tot het 1.000 hoofdwegennet meter*
0 meter
0 meter
0 meter
2.000 meter
2.100 meter*
4.100 meter*
0 meter
2.000 meter*
Rijafstand tot een 8.700 snelweg (geen meter provinciale weg)
8.500 meter
4.500 meter
5.000 meter
2.000 meter
2.100 meter*
4.100 meter*
0 meter
2.000 meter*
Score aanrijroute -
0
0
0
0
0
-
+
0
Uit Tabel 3-12 blijkt dat wat betreft huidige ontsluiting en aanrijroute locatie 6b het minst geschikt is, locatie 7a ligt het meest gunstig. Op basis van eerste verkenning van maatregelen, lijkt een aanpassing van het wegennet voor de meeste beschouwde locaties uitvoerbaar waarmee de reistijd tot het hoofdwegennet overal acceptabel is. 3.2.3 Uitstralingseffecten verkeer Bedrijventerreinen hebben een verkeersaantrekkende werking. De aanrijroutes van het beoogde bedrijventerrein zal dan ook een toename aan verkeer kennen (zie paragraaf 3.2). Dit resulteert in uitstralingseffecten op het gebied van geluid. Ook kan het effect hebben op de luchtkwaliteit rond de aanrijroutes. Voor toetsing van het uitstralingseffect bestaat geen wettelijk kader. Als uitgangspunt wordt gehanteerd dat bij een toename van de verkeersomvang met meer dan 40% sprake is van een geluidstoename van meer dan 1,5 dB (wat voor het menselijk oor hoorbaar is). Per locatie is gekeken naar de aanrijroutes waar een toename van meer dan 40% is en hoeveel milieugevoelige objecten rond deze wegen aanwezig zijn. Locatie 1 Uitbreiding Industrieterrein Twentekanaal (Markelo) De aanrijroute gaat via verschillende wegen naar de Stationsweg richting de N346. Deze aanrijroute gaat langs lintbebouwing. Zonder een aanpassing aan het wegennet of andere maatregelen zal het akoestisch klimaat rond deze woningen verslechteren.
Daarom is op het gebied van uitstralingseffecten de locatie gescoord met een -. Met een directe verbinding over het water naar de N346 is dit oplosbaar, zie paragraaf 3.2.4. Locatie 2 Uitbreiding Haven (Goor) De locatie ligt naast de N347. De aanrijroute is dan ook zeer kort en er staan geen woningen langs de aanrijroute. Hier worden dan ook geen uitstralingseffecten verwacht en scoort de locatie een +. Locatie 3 Uitbreiding Zenkeldamshoek/Goor Noord (Goor) Deze locatie ligt langs de N347. De aanrijroute is dan ook zeer kort en er staan geen woningen langs de aanrijroute. Er worden dan ook geen uitstralingseffecten verwacht en scoort de locatie een +. Locatie 4 Uitbreiding bedrijventerrein Schneiderbos (Delden) De locatie ligt langs de N740, via de N740 zal het verkeer zich afwikkelen naar de N346. De N740 loopt door Delden. De beoogde ontwikkeling zal voor een merkbare toename aan verkeer op de N740 zorgen. Aangezien rond de N740 verschillende wijken van Delden liggen zal dit zonder mitigerende maatregelen tot uitstralingseffecten leiden. Op het gebied van uitstralingseffecten scoort de locatie een -. Locatie 5 Uitbreiding bedrijventerrein Twentekanaal (Hengelo) De aanrijroute gaat over de Diamantstraat naar de N739. Langs de aanrijroutes ligt een bedrijventerrein. Dit wordt niet gezien als milieugevoelig. Op het gebied van uitstralingseffecten scoort deze locatie met een +.
23/58
Locatie 6a XL Businesspark 2 (Almelo) zuidelijke uitbreiding De zuidelijke uitbreiding (locatie 6a) wordt via verschillende wegen door de regio naar de hoofdwegen ontsloten, zie Figuur 3-1 in de verkeersparagraaf. De ontsluiting gaat door verschillende dorpen en zorgt voor uitstralingseffecten. Op het gebied van uitstralingseffecten scoort de locatie een -. Een mogelijke oplossing hiervoor is een aansluiting op XL Businesspark Twente of op de Pastoor Ossestraat zoals benoemd in paragraaf 3.2.4. De uitvoerbaarheid hiervan zal moeten onderzocht worden en is mogelijk niet haalbaar. Locatie 6b XL Businesspark 2 (Almelo) westelijke uitbreiding Het verkeer kan niet afgewikkeld worden over de huidige brug via het XL businesspark. Deze brug is niet bestemd voor doorgaand verkeer en niet geschikt voor zwaar vrachtverkeer. De aanrijroute is hierdoor lang en gaat door Enter of Bornerbroek of langs de wijk Windmolenbroek (Almelo). De ontsluiting zorgt voor uitstralingseffecten en locatie 6b is met een – gescoord. Een mogelijke oplossing hiervoor is een aansluiting op XL Businesspark Twente zoals benoemd in paragraaf 3.2.4. Locatie 7a Bedrijvenpark Twente Wendelgoor (Almelo) oostelijke uitbreiding De locatie ligt langs de N36. De aanrijroute is dan ook zeer kort en er staan geen woningen langs de aanrijroute. Er worden dan ook geen uitstralingseffecten verwacht.
Op het gebied van uitstralingseffecten scoort deze locatie met een +. Locatie 7b Bedrijvenpark Twente Wendelgoor (Almelo) noordelijke uitbreiding De locatie wordt ontsloten over het bedrijvenpark Wendelgoor. Het bedrijvenpark is niet milieugevoelig en uitstralingseffecten als gevolg van de toename aan verkeer worden niet verwacht. Op het gebied van uitstralingseffecten scoort deze locatie met een +. Tabel 3-13 Score verkeerseffecten
Locatie 1 Locatie 2 (Markelo) (Goor Haven)
Locatie 3 (Goor Noord)
Uitstralingsef-* + + fecten *Mogelijk oplosbaar met aanpassing wegennet
Locatie 4 (Delden)
Locatie 5 Locatie 6a (Hengelo) (XL2-zuid)
Locatie 6b Locatie 7a Locatie 7b (XL2-west) (Wendel- (Wendelgoor Oost) goor West)
-
+
-*
-*
+
+
3.2.4 Aanpassing wegennet Gezien de grootte van het beoogde bedrijventerrein zijn aanpassingen aan het wegennet niet ondenkbaar, echter aansluiten op bestaande infrastructuur heeft de voorkeur. Indien ver omgereden moet worden naar een bestaande aansluiting kan een aanpassing aan het wegennet de aanrijroute significant inkorten (en verkeer gerelateerde effecten veranderen). Het verkorten van de aanrijroute kan worden gerealiseerd met een kortere route naar een bestaande aansluiting of een nieuwe aansluiting op een hoofdweg. Een aanpassing aan het wegennet is een aanzienlijke verkeersmaatregel hierdoor veranderd de score van paragraaf 3.2.1 Verkeer niet. De scores van de aanrijroute en uitstralingseffecten verkeer kunnen met een aanpassing aan het wegennet wel veranderen. Hieronder wordt beschreven voor welke locaties een aanpassing aan het wegennet een optie kan zijn en welke gevolgen dit heeft op de verkeergerelateerde scores. Voor locatie 2 (Goor Haven), locatie 3 (Goor Noord), locatie 4 (Delden) en locatie 7a (Wendelgoor Oost) geldt dat zij al gelegen zijn naast een afslag van een hoofdweg. Een aanpassing aan het wegennet is voor deze locaties niet nodig. Voor de overige locaties kan een aanpassing aan het wegennet de aanrijroute verkorten. Voor locatie 5 (Hengelo) en locatie 7b (Wendelgoor west) is een aanpassing aan het wegennet niet realistisch.
Voor beide locaties geldt dat de route naar de huidige oprit van de rijksweg over een bestaand bedrijventerrein gaat en de route naar de oprit nagenoeg direct is. Een aanpassing aan het wegennet is daarom niet nodig. Een nieuwe oprit naar het hoofdwe-
24/58
gennet is vanuit verkeersveiligheid en doorstroming niet realistisch omdat op relatief korte afstand een oprit naar de rijksweg al reeds aanwezig is. Het verkorten van de aanrijroute is voor locatie 5 (Hengelo) en locatie 7b (Wendelgoor west) niet mogelijk. De mogelijkheid voor een aanpassing aan het wegennet voor de overige locaties is hieronder beschreven. Locatie 1 Uitbreiding Industrieterrein Twentekanaal (Markelo) Voor locatie 1 (Markelo) kan een nieuwe aansluiting op de N346 een optie zijn om de aanrijroute in te korten. Hiervoor zou de Diepenheimsebrug aangepast moeten worden of een nieuwe brug gerealiseerd moeten worden. Hierdoor kan de aanrijroute naar de hoofdweg verkort worden dit verbeterd de score voor de aanrijroute naar 0 omdat de afstand tot de snelweg nog steeds groot is. Ook hoeft met de aanpassing niet omgereden te worden door lintbebouwing. Dit verbetert de score voor uitstralingseffecten. Met de nieuwe aansluiting staan enkele woningen langs de aanrijroute. Hiermee verbeterd de score naar een 0. De mogelijkheden en de haalbaarheid van de aanpassing aan het wegennet voor locatie 1 (Markelo) is niet verder onderzocht binnen deze studie.
Figuur 3-3 Aangepaste aanrijroute (rode pijl) ten opzichte van locatie 1 (blauwe cirkel)
Locatie 6a XL Businesspark 2 (Almelo) zuidelijke uitbreiding Locatie 6a (XL2-zuid) kan de aanrijroute verkort worden door een nieuwe aansluiting op de Pastoor Ossestraat of een verbinding met Businesspark XL over de Wolbes Landen. De Wolbes Landen is momenteel geen doorgaande weg. Met de aanpassing kan de aanrijroute naar de hoofdweg en de haven verkort worden en hoeft niet omgereden te worden door omliggende dorpen. Met de verandering zal de score voor uitstralingseffecten (verkeer) verbeteren. Langs de Wolbes Landen staan enkele woningen waardoor de score verbeterd naar een 0. De mogelijkheden en de haalbaarheid van de aanpassing aan het wegennet zijn niet verder onderzocht binnen deze studie.
25/58
Figuur 3-4 Aangepaste aanrijroute (rode pijl) ten opzichte van locatie 6a (blauwe cirkel)
Locatie 6b XL Businesspark 2 (Almelo) westelijke uitbreiding Locatie 6b (XL2-west) kan de aanrijroute verkort worden door de brug-verbinding met Businesspark XL aan te passen. De huidige brug is niet bruikbaar voor doorgaand verkeer en niet geschikt voor zwaar verkeer. Met een aanpassing aan deze brug kan de aanrijroute naar de A35 en de haven verkort worden en hoeft niet omgereden te worden door omliggende dorpen of langs wijken. De mogelijkheden en de haalbaarheid van de aanpassing aan het wegennet zijn niet verder onderzocht binnen deze studie. Wel zijn in de kadernota4 van de gemeente Almelo de mogelijkheden onderzocht voor aanpassingen aan het wegennet voor deze locatie. Uit dit onderzoek blijkt dat een aanpassing aan de brug een haalbare aanpassing is aan het wegennet.
Figuur 3-5 Aangepaste aanrijroute (rode pijl) ten opzichte van locatie 6b (blauwe cirkel)
4 Gemeente Almelo (augustus 2022), Kadernota Ontwikkeling XL Businesspark 2
26/58
Tabel 3-14 Veranderingen ten gevolge van de aanpassing wegennet
Locatie 1 Markelo
Locatie 2 GoorHaven
Locatie 3 Goor Noord
Locatie 4 Delden
Locatie 5 Hengelo
Locatie 6a Locatie 6b Locatie 7a Locatie 7b XL2-zuid XL2-west Wendel- Wendelgoor oost goor west
Rijafstand tot het 200 mehoofdwegennet ter*
0 meter
0 meter
0 meter
2.000 meter
1.400 meter*
1.800 meter*
0 meter
2.000 meter
Rijafstand tot een 8.700 snelweg (geen meter provinciale weg)
8.500 meter
4.500 meter
5.000 meter
2.000 meter
1.400 meter*
1.800 meter*
0 meter
2.000 meter
0 0*
0* +*
+ +
0 +
Score aanrijroute 0* 0 0 0 0 Uitstralingseffec- 0* + + + ten *deze scores zijn veranderd als gevolg van de aanpassing wegennet
3.3
Ecologie
Effecten ten aanzien van het thema ecologie kennen drie deelthema’s, namelijk Natura 2000, Natuurnetwerk en beschermde soorten. Hieronder worden de effecten per deelthema per locatie op hoofdlijnen beoordeeld. 3.3.1 Effecten op Natura 2000 Voor alle locaties geldt dat deze op meerdere kilometers afstand van Natura 2000-gebied liggen. Vanwege deze afstand kunnen effecten als verdroging, verstoring of versnippering op voorhand worden uitgesloten en is alleen verandering van stikstofdepositie een relevant effect. De stikstofdepositie op Natura 2000 kan (sterk) dalen bij het opheffen van de agrarische functies en door alleen bedrijven met lage (of geen) stikstofemissies toe te staan. Ter indicatie is voor een denkbeeldige locatie van 70 hectare in het midden van het onderzoeksgebied een stikstofberekening uitgevoerd. ● Daarbij is uitgegaan van 50% agrarisch grasland en 50% mais. Uitgaande van de geldende bemestingsnormen, geen derogatie en gemiddelde TAN-gehaltes en emissiefactoren, levert dit een jaarlijkse vermeden NH3-emissie op van ruim 1.100 kg. Op vrijwel alle locaties zullen ook stalemissies komen te vervallen. Uitgaande van het opheffen van één rundveehouderij met 120 koeien levert dit nog eens ruim 1.500 kg vermeden NH3-emissie per jaar. Berekening in AERIUS Calculator laat zien dat dit voorbeeld leidt tot een depositie-afname in 16 omliggende Natura 2000-gebieden.
● Een nieuw bedrijventerrein levert vervolgens weer nieuwe stikstofemissies. De gebouwemissies kunnen inmiddels vergaand worden gereduceerd door gasloos te bouwen, maximaal gebruik van zonnepanelen en energieopslag en op het terrein alleen gebruik te maken van elektrisch materieel (vorkheftrucks, etc.). De verkeersgeneratie (licht en zwaar en over het water) zal de komende jaren echter nog niet emissieloos zijn. Dit is gezien het detailniveau van deze locatiestudie niet berekend. Wel is inzicht gegeven in de aanrijroute van het verkeer op land en globaal gescoord in paragraaf 3.5.2 verkeerseffecten. Bedacht moet worden dat de ontwikkelingen zeer snel gaan en dat vrachtauto’s en schepen op waterstof of elektriciteit steeds realistischer worden. Bij de uitgifte van bedrijfskavels kan hier ook op gestuurd worden door voorrang te geven (of een lagere m2-prijs) aan geheel emissieloze bedrijven. Conclusie Op alle locaties is sprake van een groot agrarisch “stikstofsaldo”, vooral op de locaties 3, 6a en 6b waar veel veehouderijen aanwezig zijn en dus veel stalemissies komen te vervallen. Deze 3 locaties worden daarom op dit onderdeel iets beter beoordeeld dan de andere locaties. Uitgaande van dit saldo kunnen negatieve effecten op Natura 2000 worden vermeden bij een gericht uitgiftebeleid, waarbij gestuurd worden op zo “schoon” mogelijke bedrijven. Waarschijnlijk zal dan per saldo
27/58
zelfs sprake zijn van een afname van de stikstofdepositie op vele omliggende Natura 2000-gebieden. Hetzelfde geldt voor de stikstofeffecten van de aanlegfase. De emissies van de inzet van machines, mobiele werktuigen en verkeersbewegingen in de aanlegfase zijn eenmalig en veel lager dan de huidige permanente agrarische emissies. Tabel 3-15 Score Natura 2000
Natura 2000
Locatie 1 Locatie 2 (Markelo) (Goor Haven)
Locatie 3 (Goor Noord)
Locatie 4 (Delden)
Locatie 5 Locatie 6a (Hengelo) (XL2-zuid)
Locatie 6b Locatie 7a Locatie 7b (XL2-west) (Wendel- (Wendelgoor Oost) goor West)
0
+
0
0
+
0
+
0
0
3.3.2 Effecten op Natuurnetwerk De effecten op het natuurnetwerk Nederland (NNN) zijn in onderstaande tabel /figuren weergegeven. Het wegvallen van de agrarische functies leidt tot een afname van negatieve invloeden als verdroging, vermesting, verzuring en vergiftiging, ter plaatse en in de (verre) omgeving. Dit type effect weegt ecologisch zeer zwaar en is in hoge mate bepalend voor het grote verlies aan biodiversiteit in de afgelopen 60 jaar. Rode lijsten met bedreigde soorten worden dan ook in belangrijke mate “gevuld” met soorten die door dit soort factoren geschaad worden. Factoren als verstoring voor geluid, licht en beweging zijn daarentegen qua ecologische impact relatief gering en hebben nog nooit geleid tot opname van een soort op de rode lijst. In veel gevallen wennen soorten snel aan dergelijke factoren indien geluid, licht en/of beweging ongevaarlijk blijken. Tabel 3-16 Effectbeoordeling NNN
Locatie 1 Noordoostelijke uitbreiding Industrieterrein Twentekanaal (Markelo) (bron NNN: master (overijssel.nl)) Locatie 1 heeft geen raakvlakken met het Natuurnetwerk en kan ook bij een groene inrichting geen brugfunctie vervullen tussen omliggende delen van het NNN.
Locatie 2 Uitbreiding Haven (Goor) aan overzijde van het kanaal
28/58
Locatie 2 grenst aan de west- en zuidzijde aan het NNN. Negatieve agrarische invloeden als verdroging, vermesting, verzuring en vergiftiging zullen afnemen maar extra verstoring door geluid en licht nemen mogelijk toe. Per saldo is het effect licht positief. Bij een natuurvriendelijke inrichting is een grotere verbetering mogelijk.
Locatie 3 Uitbreiding Zenkeldamshoek/Goor Noord Locatie 3 wordt doorsneden door de beekloop van de Boven Regge. Negatieve agrarische invloeden als verdroging, vermesting, verzuring en vergiftiging zullen afnemen. Het ligt voor de hand om deze beekloop op te nemen als waterberging en groene drager van het gebied en bij een bredere, natuurvriendelijke inrichting is een ecologische verbetering mogelijk.
Locatie 4 Uitbreiding bedrijventerrein Schneiderbos (Delden) aan overzijde kanaal Locatie 4 heeft geen raakvlakken met het Natuurnetwerk en kan ook bij een groene inrichting geen brugfunctie vervullen tussen omliggende delen van het NNN.
Locatie 5 Uitbreiding bedrijventerrein Twentekanaal (Hengelo)
29/58
Locatie 5 heeft geen raakvlakken met het Natuurnetwerk en kan ook bij een groene inrichting geen brugfunctie vervullen tussen omliggende delen van het NNN.
30/58
Locatie 6a Uitbreiding bedrijventerrein XL Zuid (Almelo) Locatie 6a wordt geflankeerd door de Bornerbroeksche Waterleiding/De Doorbraak. Deze beekloop is reeds ingericht als circa 70 meter brede natuurzone. Negatieve agrarische invloeden als verdroging, vermesting, verzuring en vergiftiging zullen afnemen.
Locatie 6b Uitbreiding bedrijventerrein XL West (Almelo) Locatie 6b wordt geflankeerd door de Bornerbroeksche Waterleiding/De Doorbraak. Deze beekloop is reeds ingericht als circa 70 meter brede natuurzone. Negatieve agrarische invloeden als verdroging, vermesting, verzuring en vergiftiging zullen afnemen.
Locatie 7a Uitbreiding bedrijvenpark Twente Wendelgoor Oost Locatie 7a heeft geen raakvlakken met het Natuurnetwerk en kan ook bij een groene inrichting geen brugfunctie vervullen tussen omliggende delen van het NNN.
31/58
Locatie 7b Uitbreiding bedrijvenpark Twente Wendelgoor West Locatie 7b heeft geen raakvlakken met het Natuurnetwerk en kan ook bij een groene inrichting geen brugfunctie vervullen tussen omliggende delen van het NNN.
Conclusie De locaties 2, 3 en 6a en 6b hebben raakvlakken met het Natuurnetwerk. Door het opheffen van de agrarische functies zijn positieve effecten op het NNN te verwachten ten aanzien van verdroging, vermesting, verzuring en vergiftiging. Extra verstoring door geluid en licht is echter denkbaar bij inrichting als bedrijventerrein. Door een goed ontwerp en een natuurvriendelijke inrichting en beheer is per saldo een positief effect op het NNN mogelijk. Tabel 3-17 Score NNN
Locatie 1 Locatie 2 Locatie 3 (Marke- (Goor (Goor lo) Haven) Noord) NNN
0
0
+
0
Locatie 4 (Delden)
+
0
Locatie 5 Locatie 6a (Henge- (XL2-zuid) lo) 0
+
0
Locatie 6b (XL2-west)
+
0
Locatie 7a Locatie 7b (Wendel- (Wendelgoor Oost) goor West) 0
0
3.3.3 Effecten op beschermde soorten Onderstaande tabel laat de aanwezigheid van enkele karakteristieke vogelsoorten van oud Twents cultuurlandschap zien op grond van waarneming in de periode 2013-2023 (bron: www.waarneming.nl). Dergelijke soorten kunnen zich zeer waarschijnlijk niet handhaven wanneer dit landschap wordt getransformeerd tot een groen bedrijventerrein. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld vleermuizen, kleine zangvogels en scholeksters die zich prima kunnen handhaven in een groene stedelijke omgeving. De bijzondere soorten in de tabel zijn deels geconcentreerd op de groene agrarische erven, boselementen en (in een aantal deelgebieden) langs de beeklopen. De laatste vier soorten (kievit, wulp, grutto en patrijs) zijn aanwezig op de agrarische percelen.
32/58
Tabel 3-18 Karakteristieke soorten van (oud) Twents cultuurlandschap per locatie 2012-2022 (bron: www.waarneming.nl)
1
2
3
Kerkuil
x
x
Steenuil
x
x
Middelste bonte specht
x
Wielewaal
x
Grote lijster
x
Kievit
x
Wulp
x
Grutto
x
4
5
6A
x
x x
x
7A
7B
x
x
x
x
x
Patrijs
6B
x
x
x
x
x
x
x
x
x
x
Bovenstaande tabel geeft een enigszins geflatteerd beeld omdat de deelgebieden qua indicatieve begrenzing aanzienlijk variëren in omvang. Het grootste zoekgebied (3) herbergt ook de meeste karakteristieke soorten en het kleinste zoekgebied (4) de minste soorten. Een analyse volgens het deelthema ‘beschermde soorten’ pleit dus hoogstens voor een zo klein mogelijk bedrijventerrein. Wanneer eenmaal een keuze gemaakt is voor een locatie op grond van vele andere criteria, zal door gericht veldonderzoek bepaald moeten worden welke beschermde soorten daadwerkelijk aanwezig zijn. De ecologische potenties van een groen bedrijventerrein dat natuurvriendelijk ingericht en beheerd wordt, zijn overigens zeer groot, zeker indien bestaande oude groenelementen hierin kunnen worden ingepast. Ter indicatie: in een Utrechtse stadstuin zijn in 2021 maar liefst 1.518 inheemse soorten waargenomen5. Inmiddels (2023) staat de teller op ruim 1.800 soorten. Het betreft hier bovendien alleen de bovengrondse biodiversiteit (in Nederland 78% van het totale aantal soorten). Er zijn geen redenen om aan te nemen dat een dergelijk resultaat niet ook op een groen bedrijventerrein kan worden gerealiseerd of zelfs overtroffen. Op een hectare gangbaar agrarisch grasland of mais is een dergelijke score uitgesloten.
Conclusie Op elke locatie zal de transformatie naar een bedrijventerrein leiden tot het verdwijnen van karakteristieke soorten van Twents cultuurlandschap. Tussen de verschillende locaties bestaan (op basis van de beschikbare gegevens) geen relevante verschillen. Tabel 3-19 Score beschermde soorten
Soortenbescherming
Locatie 1 Locatie 2 (Markelo) (Goor Haven)
Locatie 3 (Goor Noord)
Locatie 4 (Delden)
Locatie 5 Locatie 6a (Hengelo) (XL2-zuid)
Locatie 6 Locatie 7a Locatie 7b (XL2-west) (Wendel- (Wendelgoor Oost) goor West)
0
0
0
0
0
0
0
5 BioBlitz Luc Hoogenstein. https://waarneming.nl/bioblitz/bioblitz-lucs-huis-tuin-balkon-blauwe-lucht/
33/58
0
0
3.4
Landschap
Beoordelingskader De meeste locaties zijn gelegen in een mozaïek van het Kampenlandschap en het Jong ontginningslandschap (na 1850 ontgonnen). Rond Almelo is tevens sprake van het Maten- en flierenlandschap en het Hoogveenontginningslandschap (bron: geo.overijssel.nl). Deze landschapstypen vertoonde eeuwenlang grote herkenbare en samenhangende verschillen qua openheid versus beslotenheid, nat versus droog en de daaraan gekoppelde vormen van (agrarisch) grondgebruik. Ook de oorspronkelijke wegen-, verkavelings-, bebouwings- en beplantingspatronen waren karakteristiek voor de verschillende landschapstypen, evenals de koppeling van akkerbouw (rogge, gerst, tarwe, haver, etc) aan de hoger gelegen essen en grasland in de lagere delen. Dit Twentse landschap is de afgelopen decennia ingrijpend gewijzigd door stedelijke ontwikkelingen en (vooral) ruilverkavelingen en agrarische intensivering. Het onderscheid tussen de verschillende landschapstypen is vervaagd of zelfs geheel verdwenen. Om de landschappelijke kwetsbaarheden en kwaliteiten te beoordelen is per locatie onderzocht in welke mate de samenhang en herkenbaarheid van historische landschappelijke structuren en patronen is veranderd sinds 1955 (bron: www.topotijdreis.nl) . Het gaat daarbij om wegen-, kavel-, bebouwings- en waterpatronen en de veelal daaraan gekoppelde beplantingspatronen.
De vergelijking met 1955 is een keuze, op grond van de volgende overwegingen. Begin 30’er jaren was er in Twente nog sprake van veel woeste gronden (heide en moeras) en moest het Twentekanaal deels nog gegraven worden. Vanaf ongeveer 1960 waren de ontginningen van de woeste gronden geheel afgerond, was het in de 30’er jaren aangelegde bos herkenbaar als bos en kwam tevens de ruilverkavelingsmachine stevig op gang. Daarna leidde de voortdurende agrarische intensivering tot het huidige eenvormige landschap met vrijwel uitsluitend engels raaigras, mais en grote stallencomplexen. Rond 1955 was in het onderzoeksgebied het door velen hooggewaardeerde, kleinschalige en besloten Twentse landschap nog grotendeels herkenbaar hoewel dit landschap op een aantal locaties slechts kort heeft bestaan. Het Twentekanaal was inmiddels als nieuwe structuurdrager in het landschap aanwezig en in gebruik. 1955 kan voor dit onderzoeksgebied dus gezien worden als (alweer) een nieuw “kantelpunt” in de landschappelijke veranderingen.
34/58
Onderzoek per locatie Locatie 1 Noordoostelijke uitbreiding Industrieterrein Twentekanaal (Markelo) De boselementen langs de randen zijn grotendeels bewaard gebleven. In het centrale deel is het oorspronkelijke fijnmazig verkavelde landschap met vele opgaande kavelgrensbeplantingen veranderd in een open vlakte met grote agrarische bedrijfsgebouwen en deels mais.
1955
2021
Figuur 3-6 Historische kaart locatie 1
35/58
Locatie 2 Uitbreiding Haven (Goor) aan overzijde van het kanaal De boselementen langs de randen zijn grotendeels bewaard gebleven. In het centrale deel is het oorspronkelijke fijnmazig verkavelde landschap met vele opgaande kavelgrensbeplantingen en veel microreliëf sterk verschraald maar nog steeds herkenbaar. De bebouwingsdichtheid is sterk toegenomen. De afwisseling van akkerbouw en grasland is nog altijd aanwezig, maar de akkerbouw bestaat volledig uit mais en is ook niet meer gekoppeld aan de hoger gelegen essen.
1955
2021
Figuur 3-7 Historische kaart locatie 2
36/58
Locatie 3 Uitbreiding Zenkeldamshoek/Goor Noord De waterlopen en de rationele wegenstructuur zijn grotendeels nog aanwezig, evenals een aantal grotere boselementen. De kavelstructuur en het daaraan gekoppelde beplantingspatroon zijn echter veel grootschaliger geworden en daarmee ook het landschap. Verder is de agrarische bebouwingsdichtheid fors toegenomen. De nieuwe N347 is door de groene inpassing beperkt zichtbaar in het landschap.
1955
2021
Figuur 3-8 Historische kaart locatie 3
Ten zuiden van de N347 is het landschap bijna onherkenbaar veranderd en vormt alleen de loop van de Boven Regge nog een aanknopingspunt. Het historische kavelpatroon en het daaraan gekoppelde beplantingspatroon is volledig getransformeerd in een intensief agrarisch productielandschap met grote bebouwingscomplexen.
37/58
2021
1955
Figuur 3-9 Historische kaart zuidelijk van N347
Locatie 4 Uitbreiding bedrijventerrein Schneiderbos (Delden) aan overzijde kanaal Het vroegere microreliëf en fijnmazige kavelpatroon zijn nog enigszins herkenbaar, maar het daaraan gekoppelde beplantingspatroon is inmiddels sterk uitgedund en gefragmenteerd. Wat vooral opvalt is de sterk toegenomen agrarische bebouwingsdichtheid.
1955
Figuur 3-10 Historische kaart locatie 4
38/58
2021
Locatie 5 Uitbreiding bedrijventerrein Twentekanaal (Hengelo) Dit landschap is sterk verstedelijkt met een bedrijventerrein, een vuilstort en een zonnepark. Alleen in de noordoosthoek is nog iets herkenbaar van het vroegere kavel- en beplantingspatroon.
1955
2021
Figuur 3-11 Historische kaart locatie 5
39/58
Locatie 6a Uitbreiding bedrijventerrein XL Zuid (Almelo) Het eeuwenoude, kleinschalige, halfopen landschap met kleine essen, kavelgrensbeplantingen en micro-reliëf is deels verdwenen. De boselementen zijn deels bewaard gebleven. De natuurzone langs de Doorbraak aan de noordrand is een nieuwe structuurdrager van het landschap geworden maar deze valt op afstand (nog) niet op. Het recente XL-park zal eveneens steeds zichtbaarder worden in het landschap.
1955
2021
Figuur 3-12 Historische kaart locatie 6a
40/58
Locatie 6b Uitbreiding bedrijventerrein XL West (Almelo) Het rationele wegen- en kavelpatroon is grotendeels nog herkenbaar, maar het beplantingspatroon is sterk uitgedund. Het kavelpatroon is daarnaast veel grootschaliger geworden met een sterke dominantie van mais. In dezelfde periode is het agrarische bebouwingsvolume sterk toegenomen. De natuurzone langs de Doorbraak is een nieuwe structuurdrager van het landschap geworden maar deze valt op afstand (nog) niet op. Het recente XL-park zal eveneens steeds zichtbaarder worden in het landschap.
1955
2021
Figuur 3-13 Historische kaart locatie 6b
41/58
Locatie 7a Uitbreiding bedrijvenpark Twente Wendelgoor Oost Van alle locaties is dit landschap het meest ingrijpend veranderd sinds 1955. Het oorspronkelijke slagenlandschap met graslanden en fijnmazig beplantingspatroon is volledig onherkenbaar geworden. Nieuwe infrastructuur en bebouwing vallen sterk op in het overwegend open landschap.
1955
2021
Figuur 3-14 Historische kaart locatie 7a
42/58
Locatie 7b Uitbreiding bedrijvenpark Twente Wendelgoor West Het oorspronkelijke slagenlandschap met graslanden is in het westelijk deel nog enigszins herkenbaar. In het oostelijk deel is het slagenpatroon geheel verdwenen. Nieuwe infrastructuur, bebouwingen mais vallen sterk op in het overwegend open landschap.
1955
2021
Figuur 3-15 Historische kaart locatie 7b
43/58
Conclusie Verandering is kenmerkend voor een levend cultuurlandschap, maar de veranderingen in het Twentse landschap zijn wel zeer omvangrijk en ingrijpend geweest. Op vrijwel alle locaties is sprake geweest van een (ernstige) aantasting van de oorspronkelijke samenhang en herkenbaarheid van de historische patronen en structuren. Een nieuw bedrijventerrein maakt deze aantasting onomkeerbaar. Op de locaties 5, 6a, 6b, 7a en 7b kan een nieuw bedrijventerrein aansluiten op bestaande omvangrijke terreinen. Daarom scoren deze locaties iets minder nadelig in vergelijking met de andere locaties (dit geeft een + in Tabel 3-20 als meest geschikt van de beschouwde locaties, hiermee wordt niet een positief effect bedoelt). Alleen wanneer deze uitbreiding wordt voorzien van een robuuste groene inpassing en dooradering en restricties ten aanzien van bouwhoogtes, kleur en materiaalgebruik kan een nieuw bedrijventerrein nieuwe landschappelijke kwaliteiten toevoegen om zo het negatieve effect op landschap deels te mitigeren. Op de andere locaties zal sprake zijn van een toevoeging van een nieuw omvangrijk stedelijk element. Op de locaties 1, 3 en 4 wordt daarbij slechts een intensief agrarisch productielandschap omgevormd tot een andersoortig productielandschap.
Dit wordt als neutraal (0) beoordeeld, wat in dit geval betekent dat het vanuit landschap niet de beste en niet de slechtste optie is. Alleen op locatie 2 zal een nieuw bedrijventerrein ten koste gaan van een (restant van een) historisch Twents cultuurlandschap dat nog niet onomkeerbaar is verminkt, dit wordt als minst geschikte optie (-) beoordeeld. Tabel 3-20 Score Landschap
Landschap
3.5
Locatie 1 Locatie 2 (Markelo) (Goor Haven)
Locatie 3 (Goor Noord)
Locatie 4 (Delden)
Locatie 5 Locatie 6a (Hengelo) (XL2-zuid)
Locatie 6b Locatie 7a Locatie 7b (XL2-west) (Wendel(Wendelgoor Oost) goor West)
0
0
0
+
+
-
+
+
+
Overige milieuaspecten
3.5.1 Milieubeschermingszones In fase 1 van het locatieonderzoek is de ligging binnen een waterwingebied uitgesloten. Ook kennen waterwingebieden een grondwaterbeschermingszone en een boringsvrije zone/intrekgebied. Met maatregelen zijn bedrijventerrein mogelijk in deze zones maar het is niet gewenst. Daarom zijn de locaties gescoord op hun ligging ten opzichte van deze zones. Indien een locatie buiten deze zones ligt wordt hij met + gescoord, binnen een boringsvrije zone of intrekgebied met een 0 en binnen een grondwaterbeschermingszone met een -. Het merendeel van de locatie bevindt zich niet in een milieubeschermingszone. Voor locatie 1 (Markelo) geldt dat indien verder dan 1,5 kilometer in noordoostelijke richting uitgebreid wordt, de uitbreiding in een intrekgebied plaatsvindt (zie Figuur 3-16). De locatie bevat echter meer dan 120 hectare ruimte buiten het intrekgebied, deze locatie is daarom toch met een + beoordeeld. Voor locatie 7 geldt dat een noordelijke uitbereiding (locatie 7b) zich deels in een intrekgebied bevindt en beoordeeld met een 0. Een uitbreiding aan de overzijde van het kanaal (locatie 7a) ligt buiten de milieubeschermingszones (zie Figuur 3-17). Tabel 3-21 Score milieubeschermingszone