9.1 beslissing op bezwaar tegen raadsbesluit toekomst Stadstheater - bijlage 1 - Motivering bezwaarschrift
Tekst van het document
KIENHUIS LEGAL
AANGETEKEND
Aan de Raad van de gemeente Almelo Postbus 5100 7600 GC ALMELO
Tevens per e-mail: gemeente@almelo.nl
Enschede, 17 mei 2024
Betreft Referentie Telefoon
Stadstheater Almelo/advies
E-mail Van
5.1.2e
HP/JR 202400881 5.1.2e
kienhuishoving.nl mr. drs. H.A. Pasveer, advocaat
MOTIVERING BEZWAARSCHRIFT DCS — 2488025
Aan de Raad van de gemeente Almelo,
De besloten vennootschap Stadstheater Almelo B.V., gevestigd te Almelo, kiest in deze zaak 5.1.2e
woonplaats te Enschede aan het op het kantoor van Kienhuis Legal van wie de advocaat mr. drs. H.A. Pasveer tot gemachtigde wordt gesteld.
Hierbij wordt het bezwaarschrift van 5 april 2024 gemotiveerd. Dat bezwaarschrift is ingediend tegen het besluit van de raad van de gemeente Almelo van 27 februari 2024, waarbij de subsidieverlening aan reclamante per direct werd beëindigd.
Inleiding
1. Sinds 1987 exploiteert Stadstheater Almelo B.V. dan wel haar directe rechtsvoorganger het Stadstheater in Almelo. Voorheen was daar het Cultureel Centrum De Hagen gevestigd. Met de exploitatie van Cultureel Centrum De Hagen ging het steeds slechter en het voortbestaan van een volwaardige theaterfunctie in Almelo was in het geding.
kienhuistegal.nl
Advocatuur
5.1.2e
5.1.2e
Al onze diensten worden verleend op basis van een overeenkomst gesloten met Klenhuis Legal, de handelsnaam van Kienhuls Le; gal N.V, gevestigd te Enschede (kvk nr. 08124589). Op deze overeenkomst en op toekomstige overeenkomsten zijn de algemene voorwaarden van Klenhuls Legal NV. van toepassing die onder meer een aans een forumkeuze en een volmacht inhouden. De algemene voorwaarden zijn gedeponeerd bij de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo (nr. 14/2024) en staan op ww.klenhuislegalprakelijkheldsbeperkIng, nl/algemene-voorwaarden. Wij zenden u op verzoek kosteloos een exemplaar.
KIENHUIS LEGAL
Pagina 2 van 11
Om deze voorziening te behouden heeft de gemeente Almelo met Van der Valk afgesproken dat deze laatste de theaterfunctie zou overnemen en nieuw leven in zou blazen. Deze activiteit is later in Stadstheater Almelo B.V. ondergebracht. Stadstheater Almelo B.V. en haar rechtsvoorganger hebben er vanaf het begin alles aan gedaan om een kwijnend theater om te vormen tot een succesvol theater met betekenis voor de inwoners van Almelo en omgeving en met landelijke uitstraling. Het kan worden vastgesteld dat dit is gelukt.
De tevredenheidscijfers, blijkend uit de reactiemogelijkheid na elke voorstelling, zijn duidelijk hoger dan bij vergelijkbare theaters. De gemiddelde waardering van de voorstellingen ligt op 8.7, het theater zelf op 8.4 en per saldo scoort Stadstheater Almelo B.V. een 8.6 bij de maatstaf aanbeveling van het theater bij anderen. In tevredenheidsonderzoeken van Hendrik Beerda Brand Consultancy B.V. eindigde het Stadstheater Almelo veelal op de tweede plaats van alle podia in Overijssel.
Niet alleen bij het publiek is het stadstheater geliefd. Dat geldt ook voor de artiesten en
— .‚= f
uitvoerende gezelschappen. Zij ervaren het stadstheater als warm en vriendelijk.
á
-
Het theater Ak is definitief dicht;
3
—_
wat gaat er nu gebeuren met de zaal die Youp zo mooi vindt? 6. Deze waardevolle voorziening is voor een deel mogelijk gemaakt door subsidies van de gemeente Almelo. Vanaf 1987 ontvangt het theater een financiële bijdrage van de gemeente Almelo om de exploitatie van het theater mogelijk te maken. In de periode na 1987 ontving het Stadstheater Almelo omgerekend € 500.000,- per jaar, en vanaf 2011 € 545.000 per jaar. Er is jarenlang niet 5.1.2e
KIENHUIS LEGAL
Pagina 3 van 11
geïndexeerd, ondanks enkele verzoeken hiertoe. Pas vanaf 2017 wordt de gemeentelijke bijdrage geïndexeerd. In de periode 2017 — 2023 ging het om een budgetsubsidie van (afgerond) € 520.000,- tot € 605.000,-- per jaar.
Deze financiële bijdrage van de gemeente Almelo was niet toereikend om de kosten van de exploitatie te dekken. In de afgelopen 12 jaren heeft Stadstheater Almelo B.V. verliezen geleden
van gemiddeld meer dan € 400.000 per jaar. Deze tekorten zijn vanuit het theaterhotel aangezuiverd.
In de raadsvergadering van 27 februari 2024 kwam het sentiment naar voren dat het Stadstheater Almelo (te) veel geld zou kosten. Dit is in strijd met de feiten.
Bureau BMC heeft in opdracht van de gemeente Almelo een onderzoek uitgevoerd naar het stadstheater, waarbij de kosten voor de gemeenschap zijn vergeleken met die van vergelijkbare stadstheaters (raadstuk 5). 10
Het Stadstheater Almelo heeft 822 zitplaatsen en ontving een bijdrage van € 605.145 in 2023. De
gebouwgebonden- en onderhoudskosten van het theater zijn daarbij voor rekening van Stadstheater Almelo B.V. of aan haar gelieerde vennootschappen. In ieder geval niet voor de
gemeente. 11
Ter vergelijking: het stadstheater in Vlaardingen met 800 zitplaatsen ontvangt jaarlijks een subsidie
van € 713.555, waarbij de huurlasten en het onderhoud voor rekening van de gemeente zijn. Worden deze daarbij opgeteld, dan zijn de kosten voor de gemeente Vlaardingen, naar inschatting, € 1,2 miljoen euro per jaar. 12
Het theater in Veenendaal met 558 plaatsen (derhalve duidelijk kleiner dan het Stadstheater Almelo) ontvangt € 1.080.000,-- per jaar.
13
14
Het theater in Velsen met 700 plaatsen ontvangt € 925.000,-- per jaar.
Theater Hof 88, ook in Almelo, heeft in totaal 345 zitplaatsen (ongeveer 40% van het aantal zitplaatsen van Stadstheater Almelo). Maar Theater Hof 88 ontvangt meer subsidie, namelijk € 665.000.-- per jaar, waarbij de kosten van het pand, waaronder groot onderhoud voor rekening van de gemeente Almelo zijn.
15
16
De gemeente Almeio en haar inwoners hebben met het Stadstheater Almelo daarom heel veel gekregen voor (te) weinig geld. Dit had 2 consequenties. In de 1e plaats was het stadstheater verlieslatend, hetgeen op termijn geen houdbare zaak is.
KIENHUIS LEGAL
Pagina 4 van 11
17. In de 2e plaats heeft Stadstheater Almelo B.V. tot het uiterste moeten beknibbelen op investeringen in theatervoorzieningen. Hierdoor raakten de voorzieningen achter tot het niveau dat deze deels op Arbotechnische gronden niet meer gebruikt mochten worden. 18
Daar komt bij dat er in de loop der tijd steeds hogere eisen worden gesteld aan theatervoorzieningen op gebied van technische voorzieningen, toegankelijkheid, voorzieningen voor minder validen, arbo en (brand)veiligheid, als gevolg van regelgeving en als gevolg van eisen van en artiesten. impressariaten Voorheen namen bijvoorbeeld artiesten en theatergezelschappen hun eigen geluidsinstallatie mee. Tegenwoordig gebeurt dat bijna niet meer, en wordt verwacht dat het theater over deze voorzieningen beschikt, geschikt voor alle soorten uitvoeringen. Nieuwe theaters zijn daar ook standaard van voorzien. Het Stadstheater Almelo moet meegaan met deze ontwikkeling om alle theatergezelschappen c.a. te kunnen blijven boeken. Ook het Stadstheater Almelo moet deze voorzieningen aanbrengen.
19
Dit heeft geleid tot overleg tussen de gemeente Almelo en Stadstheater Almelo B.V. Daarbij ging het enerzijds om het structureel verhogen van de budgetsubsidie. Anderzijds ging het om de subsidie voor instandhoudingsinvesteringen en theatervoorzieningen.
20
Het College van B&W heeft de beslissing genomen dat de budgetsubsidie structureel zou worden
verhoogd, met dien verstande dat de formele subsidietoekenning nog moet plaatsvinden. Als uitgangspunt stond dit niet ter discussie. 21
De vraag was op welke wijze de gemeente Almelo zou bijdragen aan instandhoudingsinvesteringen en theatervoorzieningen. Het centrale discussiepunt bij de subsidieverlening voor
instandhoudingsinvesteringen en theatervoorzieningen was de eigendomsverhouding. Het theater is geen eigendom van de gemeente Almelo. En het College van B&W wilde geen subsidie verlenen voor investeringen in onroerend goed in particuliere handen, omdat dat in strijd is met het beleid, aldus het college. 22 23
Het college heeft daarop 3 scenario's opgesteld en voorgelegd aan de gemeenteraad. Op de raadsvergadering van 27 februari 2024 verwierp de raad de 3 scenario's van het college en besloot tot: =
-
-
Afwijzing van het verzoek tot verhoging van de budgetsubsidie over 2022; Idem over 2023 Afwijzing van het subsidie voor de overbrugging tijdens de verbouwing in 2024; Idem over 2025; Afwijzing van welke investeringssubsidie in het gebouw/voorzieningen dan ook; Het voor de toekomst beëindigen van de subsidierelatie met Stadstheater Almelo B.V.
24. Dit besluit is op de volgende gronden onrechtmatig.
KIENHUIS LEGAL
Pagina 5 van 11
1: de bestreden besluiten zijn onbevoegd genomen 25 Op 27 februari 2024 besloot de raad om de subsidieaanvragen van Stadstheater Almelo B.V. af te
wijzen. De Algemene subsidieverordening gemeente Almelo 2013 bepaalt wie beslist op subsidieaanvragen. Artikel 4 van deze verordening luidt als volgt. “Artikel 4. Bevoegdheid college 1. Het college is bevoegd te besluiten over het verstrekken van subsidies met in achtneming van de in de gemeentebegroting opgenomen financiële middelen of het subsidieplafond en - indien
de begroting nog niet is vastgesteld, dan wel goedgekeurd - onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld.
2. Het college is bevoegd om voorwaarden aan de beschikking tot subsidieverlening te verbinden.
3. Het college kan ter uitvoering van deze Algemene subsidieverordening nadere regels vaststellen, waaronder reservevorming, risico-inventarisatie en de aan de instelling te stellen kwaliteitseisen.” 26
27
Hieruit volgt dat het College van B&W bevoegd is om te beslissen op subsidieaanvragen. Niet de gemeenteraad. Alleen al op deze grond kan het bestreden besluit niet in stand blijven. Daarbij zij opgemerkt dat dit bevoegdheidsgebrek in bezwaar niet kan worden geheeld (zie onder, alinea 48 en verder).
Het is de taak van de gemeenteraad om de begroting vast te stellen. Op die wijze kan de gemeenteraad bepalen hoeveel geld naar bijvoorbeeld cultuur of andere beleidsthema's als zorg of milieu gaat. Het is vervolgens aan het college om dat geld middels subsidieverleningsbesluiten te verdelen. Dat betekent ook dat het laatste onderdeel van het raadsbesluit (over de bestemming van gelden in de toekomst) in strijd is met de subsidieverordening.
2: strijd met artikel 4: 51 Algemene wet bestuursrecht 28
Stadstheater Almelo B.V. (c.q. haar rechtsvoorganger) ontvangt vanaf 1987 een financiële bijdrage van de gemeente Almelo om de exploitatie van het stadstheater mogelijk te maken. In het begin op basis van langjarige overeenkomsten. In de afgelopen jaren op basis van budgetsubsidies.
29 Artikel 4: 51 Algemene wet bestuursrecht luidt:
“Artikel 4:51
1. Indien aan een subsidie-ontvanger voor drie of meer achtereenvolgende jaren subsidie is verstrekt voor dezelfde of in hoofdzaak dezelfde voortdurende activiteiten, geschiedt gehele of
KIENHUIS LEGAL
Pagina 6 van 11
gedeeltelijke weigering van de subsidie voor een daarop aansluitend tijdvak op de grond, dat veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten zich tegen voortzetting of ongewijzigde voortzetting van de subsidie verzetten, slechts met inachtneming van een redelijke termijn.
2. Voor zover aan het einde van het tijdvak waarvoor subsidie is verleend sedert de bekendmaking van het voornemen tot weigering voor een daarop aansluitend tijdvak nog geen
redelijke termijn is verstreken, wordt de subsidie voor het resterende deel van die termijn verleend, zo nodig in afwijking van artikel 4:25, tweede lid.” NB: in artikel 4:25 Awb staat dat geen subsidies worden verleend boven het subsidieplafond. Die bepaling wordt door artikel 4:51 terzijde gesteld. 30
31
Op 27 februari 2024 heeft de gemeenteraad de subsidierelatie met Stadstheater Almelo B.V. van de ene op de andere dag beëindigd. Er is ook besloten dat er in de toekomst geen subsidies meer zullen worden verleend aan Stadstheater Almelo B.V.
Dit onbevoegd genomen besluit is in strijd met artikel 4:51 Awb. Op grond van artikel 4:51 dient hierbij een redelijke termijn in acht genomen te worden. Dat is niet gebeurd. Ook hierom kan het bestreden besluit niet in stand blijven. 3: vertrouwensbeginsel
32
33
Tussen Stadstheater Almelo B.V. en het College van B&W is overleg gevoerd over enerzijds een structurele verhoging van de budgetsubsidie en anderzijds een bijdrage van de gemeente in achterstallig onderhoud en theatervoorzieningen. In het memo dat als bijlage 5 bij de Raadstukken zat staat hierover het volgende: Specifiek voor de nu voorliggende casus, is het van belang dat het Stadstheater verzoekt om een investering in zowel de programmering (verhoging budgetsubsidie) als het vastgoed (investeringssubsidie). Het structureel verhogen van de budgetsubsidie ten behoeve van de programmering is mogelijk en staat niet ter discussie. Ook aan het subsidiëren ten behoeve van
investeringen in het gebouw wil het college meewerken, Daarbij speelt echter wel een principieel vraagstuk: in hoeverre is het te verantwoorden dat er gemeenschapsgeld wordt geïnvesteerd in het vastgoed van een private partij, zonder dat de gemeente zeggenschap heeft over dat vastgoed? De gehele investeringsvraag van het Stadstheater ten aanzien van haar onroerend goed, ziet immers op privaat vastgoed. Er wordt door het Stadstheater geen investering gevraagd in publiek vastgoed.
34. Uit dit memo, en uit vele andere stukken, blijkt dat het College van B&W bereid was de budgetsubsidie structureel te verhogen. Dat vertrouwen is dan ook bij Stadstheater Almelo B.V. gewekt.
KIENHUIS LEGAL
Pagina 7 van 11
35 De raad is gebonden aan dit door het college gewekte vertrouwen. Door dat niet te honoreren
handelt de raad in strijd met het vertrouwensbeginsel. 36
Er is veel jurisprudentie over de vraag of de gemeenteraad gebonden is aan vertrouwen gewekt door het College van B&W. De hoofdregel is dat dit niet het geval is. Maar daarbij gaat het steeds om de situatie dat het College van B&W een toezegging heeft gedaan ten aanzien van een besluit waar de raad het bevoegde bestuursorgaan is. Bijvoorbeeld een toezegging door het College van
B&W tot wijziging van het bestemmingsplan/omgevingsplan, dat door de raad moet worden
vastgesteld. 37 In die situatie is de raad niet gebonden aan het door het college opgewekte vertrouwen. 38
Hier speelt echter het omgekeerde. De raad oefent (onrechtmatig) een bevoegdheid van het College van B&W uit. In die situatie is de raad gebonden aan het door het college gewekte vertrouwen.
39
Het bestreden besluit kan daarom wegens schending van het vertrouwensbeginsel niet in stand blijven.
4: Algemene subsidieverordening/beleid 40
Het centrale discussiepunt in de relatie Stadstheater Almelo B.V. — College van B&W lag in de vraag
of het college bereid was subsidie ter verlenen voor instandhoudingsinvesteringen en theatervoorzieningen in privaat onroerend goed. Het college was van mening dat dit in strijd was met het beleid en wilde deze investeringssubsidie om die reden niet zonder nadere voorwaarden verlenen. 41
In artikel 13 van de Algemene subsidieverordening gemeente Almelo 2013 staan de weigeringsgronden van een subsidieaanvraag. Deze bepaling luidt als volgt.
“Artikel 13. Weigeringsgronden
1. De subsidieverstrekking kan naast de in artikel 4:25 en artikel 4:35 van de Awb genoemde gevallen geweigerd worden, indien gegronde redenen bestaan aan te nemen dat: go)
de activiteiten van de aanvrager niet gericht zullen zijn op de gemeente of niet aanwijsbaar ten goede komen aan ingezetenen van de gemeente;
b)
de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;
c
de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;
KIENHUIS LEGAL
Pagina 8 van 11
d) de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de gemeente;
e) de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken.”
42. De door het college genoemde weigeringsgrond (geen investeringssubsidie voor private eigendommen) kan enkel herleid worden tot artikel 13 lid 1 sub d: de subsidieverstrekking zou niet passen binnen het beleid van de gemeente. 43. De centrale vraag is dan: bestaat dit beleid?
44. In oktober 2021 heeft de rekenkamercommissie een rapport uitgebracht over het subsidiebeleid van de gemeente Almelo. Op bladzijde 15 staat het volgende.
Beantwoording op hoofdlijnen: 7
Hoe is het subsidiebeleid theoretisch vormgegeven? (paragraaf 2.1.1)
De gemeente Almelo beschikt niet over subsidiebeleid. Wel beschikt zij over een juridisch kader, een Algemene subsidieverordening (Asv Almelo 2013). 2. Welke documenten, zoals bijvoorbeeld vastgestelde subsidieverordening{en) spelen daarbij een rol? (paragraaf 2.1.2)
Naast de Asv en het uitvoeringsbesluit hiervan kent de gemeente Almelo nog andere relevante documenten die een rol spelen, namelijk Subsidieverordening Amateurkunst (2013) en een drietal tijdelijke waarderingssubsidieregelingen: de Incidentele waarderingssubsidieregeling ondersteuning kinderen in armoede Almelo (2019-2022) en twee tijdelijke subsidieregelingen omtrent Covid-19: de subsidieregeling “Corona maatregelen niet gesubsidieerde maatschappelijke organisaties gemeente Almelo” (looptijd oktober 2020 tot december 2020} en daarna de tijdelijke subsidieregeling gemeentelijk noodfonds corona 2021 (looptijd juli 2021 tot december 2021). Tot slot maakt de gemeente Almelo gebruik van de GIDS-gelden, waartoe de gemeente een eenmalige waarderingssubsidie beschikbaar stelt.
45. Ook na dit onderzoek is niet alsnog gemeentelijk beleid vastgesteld. Dat betekent dat de weigeringsgrond waarop het college een beroep zou willen kunnen doen, artikel 13 lid 1 sub d, hier niet toegepast kan worden omdat er geen beleid is. Deze weigeringsgrond kan daarom niet toegepast worden. 46. Ook inhoudelijk is er geen reden de investeringssubsidie op deze grond te weigeren.
KIENHUIS LEGAL
Pagina 9 van 11
47. In de le plaats gaat het bij instandhoudingsinvesteringen en updaten van theatervoorzieningen niet om een investering die leidt tot vermogensvorming. Deze investeringen worden "verbruikt" door het theater te exploiteren. Wanneer theatervoorstellingen worden gehouden, slijten het gebouw en de voorzieningen. Wanneer deze vervangen of onderhouden worden, wordt deze slijtage ongedaan gemaakt. Het gevolg van deze investeringen en derhalve het verlenen van een subsidie daarvoor is niet dat Stadstheater Almelo B.V. meer vermogen verwerft. Het gevolg is enkel dat zij door kan blijven gaan met het verzorgen van theatervoorstellingen in een specifiek voor dit doel ingericht pand. 48
49
50
51
Dit is in het bijzonder het geval bij scenario C, waarbij er geen ingrijpende wijzigingen in het pand zouden worden aangebracht, maar enkel het theater functioneel zou worden gehouden. In de 2e plaats voorzien zowel de Algemene wet bestuursrecht als de subsidieverordening van de gemeente Almelo in de mogelijkheid om vermogensopbouw ten gevolge van subsidiëring, zo daar sprake van zou zijn, te redresseren. Op grond van artikel 24 van de subsidieverordening kan het College van B&W, wanneer subsidieverlening zou leiden tot vermogensopbouw, ter zake een vergoedingsplicht opleggen.
Artikel 4:41 Awb bepaalt hetzelfde. Het college had daarom eenvoudigweg aan een besluit tot subsidieverlening voor instandhoudingsinvesteringen en theatervoorzieningen de voorwaarde kunnen verbinden dat de subsidie (al dan niet voor een deel) zou moeten worden terugbetaald wanneer het theater bijvoorbeeld binnen 10 jaar zou sluiten of wanneer het theater zou worden verkocht of vermogensvorming anderszins liquide zou worden. In abstracte termen begrijpt Stadstheater Almelo B.V. de aarzeling van het college wel om niet te investeren in private eigendommen. Concreet was hiervan echter geen sprake. Er zou zich niet de
situatie voordoen dat publieke gelden bij een private partij terecht zouden komen. Waarbij nog komt dat het leeuwendeel van de investeringen betrekking hebben op roerende zaken. 52
De facto deed zich hier het omgekeerde voor: jarenlang zijn private gelden van Stadstheater Almelo B.V. en aan haar verbonden vennootschappen ten goede gekomen aan de publieke zaak. Jarenlang heeft Stadstheater Almelo B.V. immers de verliezen op de exploitatie gedragen, waardoor de theatervoorstellingen konden plaatsvinden, omdat zij hier privaat geld naartoe bracht.
53
Daarbij heeft het Stadstheater in het verleden zelf vele investeringen gedaan in het theater en de theatervoorzieningen. Zoals in het aanbrengen van een trekkenwand, bestemd voor het wisselen van de decors. De kosten daarvan bedroegen circa € 900.000. Deze kosten zijn integraal door het Stadstheater Almelo gedragen. De bank die deze investering financierde was daartoe enkel bereid indien de gemeente Almelo bereid was zich vast te leggen op een langdurige subsidierelatie, hetgeen de gemeente heeft gedaan. Op grond hiervan is door sommigen het beeld gecreëerd als zou de gemeente deze investering van circa € 900.000 in de trekkenwand hebben gedaan. Dat is
KIENHUIS LEGAL
Pagina 10 van 11
niet het geval, het ging volledig om eigen middelen van het stadstheater. In deze periode zijn ook andere grote en kleine investeringen gedaan, zoals onder meer een compleet nieuw en uitgebreid stoelenplan en een laadlift. Deze waren meegenomen in het amendement dat de raad verbonden had aan het accorderen van een langlopende subsidie structuur. Ook deze investeringen zijn met eigen middelen betaald. Hoe verder? 54
55
56
57
58
Naar de mening van Stadstheater Almelo B.V. kan niet ter discussie staan dat het bestreden besluit niet in stand kan blijven. Het bestreden besluit is onbevoegd genomen, in strijd met artikel 4:51 Awb, in strijd met het vertrouwensbeginsel en in strijd met de subsidieverordening.
In sommige gevallen kan een bevoegdheidsgebrek bij besluit op bezwaar worden hersteld met toepassing van artikel 6:22 Awb. Dat kan in dit geval niet.
In de le plaats gaat het bij bevoegdheidsgebreken die in bezwaar hersteld kunnen worden om kleinigheden. Een ambtenaar neemt een primair besluit maar de mandaatsverlening door het College van B&W is niet in orde. Dan kan het College van B&W bij besluit op bezwaar dat gebrek helen. Hier gaat het echter niet om een kleinigheid. Hier is het besluit dat genomen had moeten worden door het College van B&W genomen door de raad, geheel buiten de verantwoordelijkheid en de bestuurskolom van B&W om. In de 2e plaats kan artikel 6:22 Awb alleen worden toegepast indien aannemelijk is dat de burger daardoor niet in zijn of haar belangen is geschaad. Dat is hier niet aan de orde. Het bevoegde College van B&W wilde de budgetsubsidie structureel verhogen en wilde subsidie verlenen voor (instandhoudings)investeringen en theatervoorzieningen. De vraag was alleen op welke wijze. De raad is een geheel andere weg ingeslagen.
Dit betekent dat het College van B&W alsnog een besluit zal moeten nemen op de
subsidieaanvragen. Dit zal moeten bij primaire besluiten. 59
Feit is wel dat het onbevoegde raadsbesluit van 27 februari 2024 een nieuwe werkelijkheid heeft geschapen. Landelijk is bekend geworden dat de gemeenteraad van Almelo de subsidierelatie met
Stadstheater Almelo B.V. per direct wil beëindigen. Dit is zeker bekend bij alle
theatergezelschappen en artiesten. Voor het hier bestreden raadsbesluit was het Stadstheater Almelo tijdelijk gesloten voor professionele voorstellingen (niet voor amateur-theater). Maar door het besluit van 27 februari is het vrijwel onmogelijk geworden het theater opnieuw, in welke vorm dan ook, als volwaardig theater in gebruik te nemen. Het vertrouwen is weg. 60
Dit heeft Stadstheater Almelo B.V. zwaar getroffen. Jarenlang heeft Stadstheater Almelo B.V. de
verliezen van de exploitatie voor haar rekening genomen om een fantastisch mooie
KIENHUIS LEGAL
Pagina 11 van 11
theatervoorziening in stand te houden. Hier heeft de raad in één avond onbevoegd een einde aan gemaakt. Veel wijst erop dat dit niet is te herstellen. 61. In deze procedure ligt enkel het raadsbesluit van 27 februari 2024 ter beoordeling. Dat besluit kan niet in stand blijven. Het is op deze gronden
dat Stadstheater Almelo B.V. de raad verzoekt om bij besluit op bezwaar het primaire besluit van 27
februari 2024 te herroepen onder toekenning van een proceskostenvergoeding voor deze bezwaarschriftenprocedure.
Met vriendelijke groet, Kienhuis Legal N.V.
5.1.2e
asveer
[Deze zaak wordt behandeld door 5.1.2e
en mr, drs. H.A. Pasveer.
De correspondentie kan worden gericht aan mr. drs. H.A. Pasveer die in deze bezwaarschriftenprocedure als gemachtigde optreedt. ]
Legenda toegepaste uitzonderingsgrondslagen In dit document zijn gegevens geanonimiseerd op grond van: Wet
Artikel
Omschrijving
Pagina's
Wet open overheid
Art. 5.1 lid 2 sub e
De eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer
1, 2, 11