CConstaterende datAlmelo
Koppel je AI →
Document · PDF

3.1 Notulen raadsvergadering 13 april 2021 (getekend).pdf

Raad 22 juni 2021, gemeente AlmeloBij agendapunt: Vaststellen notulen27.827 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeente

~ 11 AImelo

"--

~~~

1

Notulen Raadsvergadering Gemeenteraad Almelo Datum:

13 april 2021

Aanvang:

19.30 uur

Locatie:

digitale vergadering; de raadsleden nemen op afstand deel aan de vergadering.

Voorzitter:

de heer A.J. Gerritsen, burgemeester; mevrouw I.A.M. ten Seldam, vicevoorzitter van de raad, tijdens de behandeling van de agendapunten 5, 11 en 12.

Griffier:

mevrouw C.M. Steenbergen.

Aanwezige leden:

de heer F. Akse, mevrouw Y. Bijenhof, mevrouw J.T. BuikemaAlbers, de heren H. Buitenweg, U. Cete, mevrouw M.J.C. van Doorn, de heer A. Ekizkuyu, mevrouw H.J. Geerdink, R.H. Gelici, F.J. Gerritsen, mevrouw E. van den Ham-Jaarsma, de heren M.V.F.M. Hubers, A.G.P. Hummels, J.L.R. Kampman, H.F.T. Kamst, W. Loupattij, M. Makkinga, E.J. van Marle, H.G. de Olde, J. Pauwels, mevrouw P. Pol, mevrouw M. van Saane, mevrouw I.A.M. ten Seldam, de heren T.S.M. Stbteler, G.W.L. Stork, W.B. Teeuw, H. Teunis, A.J.J.M. Trienen, J. Tijhof, A. de Vries, W.H.H.L.Weinreder, J.B.W. Wiertz, mevrouw D.C. Wind en de heer M. Zielman.

Afwezige leden:

mevrouw Q.D.D.M. Munnich.

Aanwezige wethouders:

de heren A.L. Langlus, A. Maathuis, E.J.F.M. van Mierlo en J.M. van Rees.

1. Opening en mededelingen. De VOORZITTER: Dames en heren! Van harte welkom bij de vergadering van de raad van de gemeente Almelo. U bent vanavond met 34 leden aanwezig, omdat mevrouw Munních zich heeft afgemeld voor deze vergadering. Ik heb begrepen dat alle andere leden aanwezig zijn. Mevrouw Ten Seldam gaat vandaag de vergadering openen. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Voorzitter, raadsleden, college en ook zij die thuis meekijken en -luisteren. Recent las ik met bijzonder veel plezier het boekje "De grondwetwijzer". Wij raadsleden zijn als lid van een fractie gekozen in deze raad. Daar voel ik mij in ieder geval door vereerd. Ik denk dat alle collega-raadsleden zich ook vereerd voelen. Mensen hebben mij gekozen om zich hier te laten vertegenwoordigen. Dat doe ik met grote inzet en meestal ook

R 2106648

met veel plezier. Dat betekent niet dat ik alleen maar mijn en onze kiezers van het CDA vertegenwoordig. Nee, ik vertegenwoordig met de raadsleden de gehele bevolking van de gemeente Almelo. Dat staat nadrukkelijk in hoofdstuk 2, artikel 7 van de Gemeentewet. De raad vertegenwoordigt de gehele bevolking van de gemeente. Ik zie dit artikel voor mijzelf als een belangrijke opdracht om me uitgebreid te laten informeren, op pad te gaan en mensen en organisaties te bezoeken voorzover dat momenteel kan natuurlijk door corona - en te luisteren naar de verhalen, de noden en de wensen. Om vooral ook hen te ontmoeten die niet tot mijn directe kring behoren. Om mijn en onze ideeën te laten verrijken met die van anderen. Ik vind het belangrijk om op deze manieren met deze houding het raadswerk te doen en langs deze lijn ook de stukken waarover we dienen te besluiten te beoordelen. Om vanuit onze volksvertegenwoordigende rol besluiten te nemen waarin de mening van de meerderheid een plek heeft en deze verrijkt is met de wijsheid van de minderheid. Dat daardoor velen zich gekend voelen in de besluitvorming van ons als raad en dat daarmee het vertrouwen tussen inwoners en bestuur mag toenemen. Dat waren mijn gedachten, maar ook mijn wensen, bij het lezen van dit artikel in de Grondwet. Ik wens ons een prettige vergadering toe. De VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Ten Seldam.

Behartigenswaardige woorden. Ook naar u toe complimenten, net als bij al die andere sprekers, om bij de aanvang van de vergadering zo'n bijdrage te leveren. Dat is altijd fijn. Ik feliciteer graag de heer Buitenweg, die gisteren jarig was. Mijnheer Buitenweg, alsnog van harte gefeliciteerd en vele gezonde jaren toegewenst. De heer BUITENWEG (GroenLinks): Dank u wel. 2. Vaststellen agenda. De VOORZITTER: Dames en heren! U heeft kunnen zien in uw mailbox dat er drie moties vreemd aan de agenda zijn ingediend. Van de fractie van Lokaal Almelo Samen, Leefbaar Almelo en PVA, een motie over de verbetering publicatie verkiezingsuitslagen. Van de fractie Forum voor Rechts een motie over de vlag in de raadzaal van Almelo. Van D66, Christenunie en Leefbaar Almelo een motie over het abonnementstarief huishoudelijke hulp. Eris een amendement voor u klaargezet onder nummer 97, dat betrekking heeft op het agendapunt over de Bornsestraat 384. Het is nog niet ingediend. Ik geef graag de aangereikte agenda bij u in overweging. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Voorzitter! Met betrekking tot het agendapunt over het zwembad zou ik willen voorstellen om dat vanavond niet te behandelen, omdat er bij meerdere fracties nog vragen en onduidelijkheden zijn.

Zij willen hier nog graag nader over in gesprek, zodat straks—wi.j_koersen_dan_op eind_.m.e.i= ordentelijke_e.n_gedragen besluitvor_ming_..kan plaatsvinden. Ik spreek mede namens de fracties van Lokaal Almelo Samen, Democraten.Nu, D66, SPD, PvdA, Groen Links, PVV, Forum voor Rechts en Lijst fete; wellicht vergeet ik nu een enkeling. Maar u ziet: het is een ruime meerderheid die dit voorstel doet. De heer WIERTZ (D66): Voorzitter! Ik heb een ander punt. Ik had een motie rondgestuurd. Maar ik begreep later van de wethouder dat de VNG daar al mee bezig is. Dus ik wil die motie vanavond niet behandelen en die intrekken. De VOORZITTER: Dat is de motie over het abonnementstarief? Ja, die had ik al aangekondigd, maar die vervalt dan. De heer AKSE (SP): Voorzitter! Ik hoorde net mevrouw Ten Beldam "SPD" zeggen, maar ik neem aan dat ze "SP" bedoelde. Verder hebben we nog een punt van orde, maar dat kan zo meteen ook nog. De VOORZITTER: Dan parkeer ik dat punt even en kom ik zo bij u terug. 2 R 2106648

De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! Ik wilde hetzelfde zeggen over de SPD. Dat vond ik ook een leuke. Is het punt van orde van mevrouw Ten Seldam nu geaccepteerd? Ik had niet precies begrepen wanneer zij erop terug wilde komen. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Mijn voorstel is, namens al die partijen die ik net genoemd heb, om eerst een technisch vragenuur te houden en vervolgens een politiek beraad. Daar hebben wij ons in het presidium al even over gebogen. Dat kan plaatsvinden. Wij koersen erop om het dan in de raadsvergadering van eind mei vast te kunnen stellen. De heer BETE (Lijst fete): Is hiermee dan het ordevoorstel aangenomen omdat er zoveel indieners zijn, of moeten we daarover stemmen? Want dan moet ik mijn iBabs opstarten. De VOORZITTER: Ik zie dat de heer Kampman nog het woord wil voeren. Daarna kom ik tot een conclusie. De heer KAMPMAN (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! In aanvulling op mevrouw Ten Beldam zouden wij graag zien dat zowel STRAMAN als het Sportbedrijf als de accountant zich aansluiten bij het technisch vragenuur. De VOORZITTER: Die suggestie gaat naar het presidium toe. Ik stel vast dat zonder nadere stemming besloten wordt agendapunt 9 aan te houden en het presidium te vragen de hier genoemde overleggen te gaan plannen. De heer Akse heeft een punt van orde. De heer AKSE (SP): Voorzitter! Dit is misschien een beetje technisch.

Ik zit de presentielijst van de raadsleden te bekijken. Afgezien van dat daar behoorlijk op gekladderd wordt -het schijnt toch wel moeilijk te zijn in deze digitale wereld voor iedereen, dat snap ik zie ik nu ook ineens dat achternamen van raadsleden zijn weggelakt in iBabs. Ik vraag me af wat daar misgegaan is. De VOORZITTER: Ik weet het niet. U overvraagt mij. Wij zoeken even uit of het technisch is of een andere reden heeft. Er kan natuurlijk geen sprake van zijn dat er namen van raadsleden weggelakt worden. In de schriftelijke versie die mij vlak voorde vergadering aangereikt wordt, staan naam en toenaam genoemd. Het is handig om even te verversen in iBabs, dan krijgt u een nieuwe versie waar het allemaal wel opgelost zou moeten zijn. Mag ik dan de gewijzigde agenda, waar agendapunt 9 vanaf is gehaald en twee moties aan zijn toegevoegd, de motie "Verbetering publicatie verkiezingsuitslagen" en de motie "Vlag in Almelo in de raadzaal", vaststellen? De agenda wordt hierna vastgesteld, met inachtneming van de aangebrachte wijzigingen. 3. Vaststellen notulen raadsvergadering 16 februari 2021 (R 2106548). De VOORZITTER: Mevrouw Ten Beldam heeft mij bericht dat op blz. 21 helemaal onderaan het woord "ingelast" staat en dat moet zijn "ingelost". Dat is maar één letter, maar wel een betekenisvol verschil.

De notulen worden hierna zonder hoofdelijke stemming vastgesteld, met inachtneming van de aangebrachte wijziging. 4. Vaststellen afhandelwijze ingekomen stukken. Ingekomen raadsbrieven vanuit B&W (R 2106540). De heer DE VRIES (PvdA): Voorzitter! Ik wil iets zeggen over de uitvoering van motie 15, dat is punt 9. In de raadsbrief over de motie wordt gesteld dat op basis van één gesprek met de

R 2106648

indieners en het verwachte rapport van de rekenkamercommissie er geen kadernota is, maar ook niet zal komen. En dat dit ook niet op 18 mei 2021, zoals aanvankelijk de bedoeling was, wordt voorgelegd aan de raad. In plaats daarvan wordt een werkwijze voorgesteld die optimaal zou zijn. Bovendien is de ASV niet voor 1 april aangepast en doorgeleid zoals de raadsbrief suggereert. Wij vatten het als een van de indieners als volgt samen: dit stond niet op ons bestelbriefje. De afdoening is dus wat ons betreft niet naar tevredenheid. Ik heb één korte vraag aan het college. Kan het college zeggen -want dat staat er niet zo expliciet - of het voor hen nu is afgedaan of niet? De VOORZITTER: Dit is niet erg gebruikelijk. We proberen het uit te bannen om vraaggesprekken te voeren aan de hand van de lijst ingekomen stukken. Ik kijk even wie van de leden van het college zeer kort hierop kan antwoorden. De heer LANGZUS (wethouder): Voorzitter! Op de directe vraag of het hiermee voor het college is afgedaan, is het antwoord nee. Vandaag hebben we de wijziging van de ASV vastgesteld; die komt naar de raad toe. Het gaat om een technische wijziging.

Voorde rest hebben we een uitgebreide procesbrief geschreven waarin we nogmaals aangeven dat wat ons betreft het verschijnen van het rekenkamerrapport belangrijk is om dan vervolgens met elkaar vast te stellen wat wij dan nog aan het juridische document, de ASV, zouden moeten wijzigingen, dan wel wat wij zouden moeten beschrijven in een kadernota, anders dan wat er al gebeurd is in de diverse andere nota's, bijvoorbeeld de Cultuurnota, de nota Zorg, de nota met betrekking tot onderwijs en zo meer. Het is dus niet zo dat wat ons betreft het proces van de uitvoering van de motie hiermee eindigt. De VOORZITTER: Mijnheer De Vries, daar moet u het even mee doen bij dit agendapunt. Ik kan u niet verder ter wille zijn om nadere vragen te stellen. Dat hoort hier niet. U weet ongetwijfeld de wethouder te vinden als u langs de persoonlijke lijn nog nadere opheldering zou willen. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Voorzitter! Van punt 5, de "MER-studie Vloedbelt verbinding", wil ik melden dat ik dat graag wil betrekken -samen met een van de ingekomen brieven, dat zal ik zo nog melden -bij een vervolgbespreking gezien de ontwikkelingen bij omliggende gemeenten en de actualiteit van dit onderwerp. Het komt namelijk steeds dichterbij.

Met betrekking tot de ingekomen raadsbrieven vanuit B&W wordt hierna zonder stemming besloten overeenkomstig hetgeen daaromtrent is voorgesteld, met inachtneming van de gemaakte opmerkingen. Ingekomen stukken aan de gemeenteraad (R 2106541). De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Voorzitter! Voor een aantal zaken wil ik proberen extra aandacht te vragen ondanks het feit dat we dat al een paar keer geprobeerd hebben met andere partijen samen. Dat gaat om de brief van de voorzitter beroepsorganisatie kunstenaars, een verzoek voor een start van een coffeeshop -daar zijn er twee van trouwens -dat gaat om wat ik net al noemde de brief van de Dorpsraad Zenderen met betrekking tot die Vloedbelt verbinding. De VOORZITTER: Mijnheer Hummels ik ga u even onderbreken, u noemt ze nu op, maar wat wilt u er dan anders mee gaan doen? De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo: Dat ga ik zo vertellen, als u dat niet erg vindt. De brief van de VNG met betrekking tot de afvalstoffenverordening, de brief van ProRail en de brief over de afvalverbrander -dat is ook leuk voorde notulist. De meeste zaken wil ik verder betrekken bij mogelijke politieke beraden die ik ga aanvragen. Ik hoop dat een deel van de afhandeling bij de raad terechtkomt, ook omdat ze de raad nogal direct aangaan, zeker als wij 4 R 2106648

daar vervolgbesprekingen over willen hebben. De VOORZITTER: Ik neem aan dat dit ter afhandeling van het college is aangereikt. U stelt er prijs op dat het is afgehandeld. Dat kan altijd geregeld worden. U kunt uiteraard horen hoe de brieven die aan de raad zijn gericht, maar in de afhandeling zijn genomen door het college, afgehandeld zijn. Daar kunt u altijd navraag over doen. Dat is geen enkel probleem. De heer AKSE (SP): Voorzitter! Het gaat míj om de brief nummer 20210311, de brief van het Kansfonds over "Steunpakket initiatieven kwetsbare groepen Aandacht voor inloophuizen" Deze brief is naar de raad, maar ook naar het college gestuurd. Ik wil graag van het college weten welke reactie hierop is gegeven aan dit Kansfonds. De VOORZITTER: Zullen we dan ook kijken of we de afhandeling van die brief met u kunnen delen? Andere woordmeldingen zijn er niet. Met betrekking tot de ingekomen raadsbrieven vanuit B&W wordt zonder stemming besloten overeenkomstig hetgeen daaromtrent is voorgesteld, met inachtneming van de gemaakte opmerkingen. (Burgemeester Gerritsen draagt daarop het voorzitterschap van de vergadering overaap mevrouw Ten Seldam.) 5. Vragenhalfuur (R 21065421. De VOORZITTER: Dames en heren! Er zijn drie sets vragen. Mijn voorstel is dat eerst de Partij Vrij Almelo, bij monde van de heer De Olde, zijn vragen stelt. Daarop volgt de beantwoording.

Vervolgens stellen zowel de PvdA als de CDA hun vragen, die over hetzelfde onderwerp gaan, waarna integrale beantwoording door de wethouder plaats zal vinden. 1. Vragen van de PVA-fractie inzake het Gevelfonds. De heer DE OLDE (PVA): Voorzitter! Om ondernemers en eigenaren van winkelpanden een steuntje in de rug te geven bij het opknappen van een gevel in het centrum van Almelo is een stimuleringsregeling opgesteld. Ondernemers en pandeigenaren in het centrum van Almelo kunnen een bijdrage uit het Gevelfonds krijgen om de gevel van hun pand op te knappen en zo een betere uitstraling te geven. De subsidieregeling die al in 2015 werd ingevoerd duurt nu tot 2022. Bij een rondgang in de Grotestraat hebben wij geconstateerd dat niet alleen de leegstand toeneemt, maar ook veel gevels van panden nog steeds in een erbarmelijke toestand verkeren. Vandaar de volgende vragen: 1. Is het college op de hoogte dat erin de Grotestraat nog panden zijn waarvan de historische gevels in erbarmelijke staat verkeren? 2. Zijn de eigenaren en ondernemers van historische panden ruim voldoende gewezen op het Gevelfonds? 3. Hoeveel aanvragen voor een bijdrage uit het Gevelfonds zijn ingediend en hoeveel ervan zijn toegekend? 4. Is de stimuleringsregeling effectief genoeg? De heer VAN REES (wethouder): Voorzitter! Dank u wel voorde vragen.

De constatering dater panden zijn die in een slechte staat verkeren, klopt. Dat is ook de reden waarom we de gevelverbeteringsregeling in het leven hebben geroepen. Het is natuurlijk aan eigenaren om daar ook daadwerkelijk gebruik van te maken. Wij communiceren die regeling onder de eigenaren actief door er informatie over te verstrekken. We nemen het mee in de accountgesprekken die we voeren met eigenaren van panden. Ook de binnenstadsmanager vap de CAA is op de hoogte en neemt deze informatie mee naar de eigenaren toe om ze hierover te informeren. Dus vanaf verschillende kanten worden pandeigenaren geïnformeerd over de 5 R 2106648

mogelijkheden van het Gevelfonds. Tot nu toe zijn er drie aanvragen ingediend. Voor zover we weten zijn er twee aanvragen in voorbereiding, maar het formulier is daar nog niet van binnen. We hebben bij zes pandeigenaren belangstelling. Zij hebben de regeling en de aanvraagformulieren toegezonden gekregen. Er zijn twee subsidieaanvragen afgewezen, omdat het nieuwbouw betrof. Er is reeds één subsidie definitief toegekend. Dat is op dit moment de stand van zaken van het gebruik van het Gevelfonds. Is de stimuleringsregeling effectief genoeg? Wij denken dat er, gelet op de contacten die er nu zijn, dat het voorziet in een behoefte in de binnenstad en dat eigenaren die plannen hebben ons goed en tijdig hiervoor weten te vinden. De heer DE OLDE (PVA): Dank u voor de beantwoording, wethouder. Ik zag toevallig gisteren dater nog een nieuw verzoek werd ingediend. Daar zijn we blij mee. Dank u wel. 2. Vragen van de PvdA-fractie inzake NUO Twenterand. Mevrouw GEERDINK (PvdA): Voorzitter! Vorige week is door een deel van de gemeenteraad van Twenterand aangegeven dat ze geen bestuurlijke verantwoordelijkheid wil in de nieuwe uitvoeringsorganisatie. Er werd aangegeven dat Almelo een grillige samenwerkingspartner is en in de samenwerking zorgt voor bestuurlijke onrust.

De PvdA is verbaasd over deze uitspraken van de gemeenteraad en herkent die grilligheid en bestuurlijke onrust in de samenwerking met de gemeente Twenterand niet. Wij hebben niet anders gehoord dan dat er prettig en constructief is samengewerkt bij het opstellen van de inrichtingsplannen van de NUO. De Partij van de Arbeid maakt zich zorgen over de gevolgen voorde medewerkers en heeft de volgende vragen: 1. Is er sprake van een grillige samenwerking en bestuurlijke onrust bij de oprichting van de NUO? Zo ja, kan het college dat toelichten? Zo nee, waar is het negatieve beeld over het college van Almelo op gebaseerd? 2. Hoe is de reactie van het college richting de gemeente Twenterand nu blijkt dat Twenterand geen bestuurlijke verantwoordelijkheid meer wil? 3. De raad van Almelo heeft het oprichtingsplan en de statuten vastgesteld. Kunnen die nu de prullenbak in, nu blijkt dat Twenterand zich niet meer wil binden? 4. Kan de gemeente Twenterand aansprakelijk worden gesteld voorde kosten die Almelo nu waarschijnlijk moet gaan maken doordat Twenterand zich plotseling terugtrekt? 5. Wat zijn de gevolgen voorde SW-medewerkers van Soweco? Behouden de medewerkers door deze stap van Twenterand hun eigen werken vaste begeleiding? 6. Wat betekent het besluit van Twenterand voor het NRG (niet-regeling gebonden) personeel? 7. Wat zijn de risico's voorde gemeente Almelo? 8.

Wat zijn de gevolgen voorde planning en de overgang op 1 mei naar de NUO? 3. Vraaen van de CDA-fractie inzake NUO Twenterand. Mevrouw WIND (CDA): Voorzitter! Ik zal de inleiding heel kort houden. We hebben het krantenartikel van 6 februari 2021 over Twenterand natuurlijk gezien. Dat was voor ons de reden om de raadsvergadering van Twenterand te beluisteren. Daar komen de volgende vragen uit voort: 1. De raad heeft op 23 maart 2021 bij raadsbesluit het college een aantal wensen en bedenkingen meegegeven bij het besluit om samen met de Gemeente Twenterand tot het oprichten van de stichting NUO te komen. Indien de gemeente Twenterand afziet van de gezamenlijke oprichting van de uitvoeringsorganisatie, is het college dan met de CDA-fractie van mening dat het besluit op onterechte gronden is genomen en daardoor moet komen te vervallen? 2. Tijdens voornoemde behandeling inde raad van Twenterand werd aangegeven om alleen mogelijk een dvo aan te gaan met de NUO die alleen door Almelo wordt opgericht. Indien Twenterand niet meer samen de Stichting NUO wil oprichten, ziet het college dan ook af van de oprichting van de Stichting NUO? 3. Wat betekent het procesmatig met betrekking tot de opheffing van de GR Soweco indien 6 R 2106648

Twenterand afziet van de gezamenlijke oprichting van de Stichting NUO? De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Dank voor het stellen van de vragen. Dat stelt het college in de gelegenheid om wat nader op de casuistiek in te gaan. Alle gemeenten, ook Twenterand, hebben ervoor gekozen om de uitvoering van de Wsw onder lokale regie te brengen. Daarbij zijn er gezamenlijke afspraken gemaakt en garanties gegeven, namelijk dat de veranderingen voorde wsw'ers minimaal zouden zijn en dat het personeel dat bij Soweco werkt, om de uitvoering van de Wsw mogelijk te maken, dus dat zijn staf en leiding, een baangarantie bij de gemeente krijgt. Daarmee houden we de kennis en ervaring van de huidige uitvoeringsorganisatie beschikbaar op lokaal niveau. Verder hebben we afgesproken dat vier gemeenten samen gaan werken bij de uitvoering van de wettelijke taak van de Wsw via de NUO. Ik begrijp dat de raad net zoals het college verrast is door de uitingen inde raad van Twenterand. Het gevolg hiervan kan zijn -dat weten we nog niet -dat het college van Twenterand besluit de NUO niet mede op te richten. We verwachten dat de gemeente Twenterand net zoals de drie andere gemeenten, en daarmee ook de gemeente Almelo, zich wel gaat verbinden aan de NUO door een dienstverleningsovereenkomst van vijf jaar.

De gemeente Twenterand is dan in staat om haar eerdere aangegane verplichtingen aan wsw'ers en het niet-regeling gebonden personeel na te komen. Wij kunnen dan, zonder dat het inhoudelijke gevolgen heeft voor het inrichtingsplan en zonder financiële consequenties, als enige gemeente de NUO oprichten. Echter, als Almelo de enige oprichtende gemeente is, is dat een wezenlijk andere context dan waarin de raad het raadsbesluit in maart heeft genomen. Ja, in antwoord op de eerste vraag van het CDA, het raadsbesluit inzake NUO dat in maart genomen is, komt dan te vervallen. We zullen dan met een nieuw raadsvoorstel de wensen en bedenkingen van de raad vragen ten aanzien van het alleen oprichten van de NUO. Dat geeft ons tegelijkertijd de gelegenheid om het eerdere amendement alvast uit te voeren en de statuten op dat punt aan te passen conform de wensen van de raad. Dit verhaal wordt echter anders, zeg ik in antwoord op de tweede vraag van het CDA, op het moment dat het college van Twenterand besluit om met Larcom samen te werken. Dan zal de begroting van de NUO worden aangetast. Dat heeft ook gevolgen voor het inrichtingsplan. Ook verandert er dan iets wezenlijks voor een deel van de SW-doelgroep en het begeleidend personeel, zeg ik ook in de richting van de Partij van de Arbeid. Dat brengt dan een nieuwe situatie met zich mee, die om heroverweging vraagt.

Wij hopen dat het niet zo ver komt en dat de gemeente Twenterand conform haar eerdere besluiten en toezeggingen verbonden blijft aan de NUO in de vorm van een dienstverleningsovereenkomst. Ons rest voor nu niets anders dan de besluitvorming hieromtrent af te wachten. De PvdA vraagt of er sprake is geweest van bestuurlijke onrust bij de NUO. Dat is niet het geval. We hebben altijd, zowel in het bestuur als in de vier gemeenten die van plan zijn de NUO te gaan voeden via duo's, vanaf het begin van deze bestuursperiode plezierig en eendrachtig samengewerkt. Overigens werkten de colleges van Twenterand en Almelo ook op meerdere terreinen heel goed samen. De vraag waar het beeld vandaan komt, kan ik dus niet beantwoorden. Op de tweede en derde vraag heb ik door middel van het verhaal wat ik zojuist gehouden heb geantwoord. Op de vierde vraag is het antwoord dat we niet meteen rollebollend over straat gaan intermen van aansprakelijkheid. Dat is volgens ons niet in het belang van de doelgroep en ook niet in het belang van het begeleidend personeel. Ook op de vragen 5, 6 en7 heb ik zojuist antwoord gegeven. Op de laatste vraag is het antwoord dat een en ander onvermijdelijk tot vertraging zal leiden.

Afhankelijk van de besluitvorming in Twenterand is het streven om in het belang van de doelgroep en in het belang van het behoud van begeleidend personeel voorde zomer besluitvorming te hebben afgerond en ook duidelijkheid te hebben wie op welke positie terechtkomt, zodat, als dat doorgang kan vinden, de NUO rond de zomer kan aanvangen met haar activiteiten. Dan rest nog de beantwoording van de derde vraag van het CDA. De opheffing is door middel van het raadsbesluit in juni vorig jaar al in gang gezet. Ook zullen we afwachten of de raad van Twenterand nog een zienswijze aan het algemeen bestuur zou willen meegeven. De opheffing gaat door, maar zal niet eerder tot afronding komen dan dat er een nieuwe 7 R 2106648

uitvoeringsituatie is. De VOORZITTER: Dank u, wethouder. Ik ga als eerste de vraag voorleggen aan mevrouw Geerdink of zij op basis van de beantwoording nog een aanvullende vraag heeft of dat ze al helemaal content is? Mevrouw GEERDINK (PvdA): Ik heb geen aanvullende vragen. Het is afwachten wat Twenterand doet. De VOORZITTER: Dezelfde vraag voor mevrouw Wind: heeft u nog een aanvullende vraag? Mevrouw WIND (CDA): Ja, ik heb een aantal aanvullende vragen. Ten eerste is het heel fijn dat de wethouder het met de CDA-fractie eens is dat besluitvorming dan opnieuw moet. Het besluit is natuurlijk niet uitvoerbaar op het moment dat blijkt dat Twenterand niet meer meedoet. Bij de tweede vraag: als die NUO wel opgericht wordt, verwachten we natuurlijk dat er een duidelijk plan komt. Met dat duidelijke plan bedoelen wij dat we weten waar alle risico's zitten en dat we weten waar we aan toe zijn. Graag hoor ik van de wethouder binnen welke termijn we dit van hem kunnen verwachten. Bij de derde vraag heb ik nog een aanvullende vraag, namelijk hoe het proces eruit gaat zien als we kijken naar de onzekerheden voorde doelgroep. Want die mensen hebben best wel snel zekerheid nodig. Die onzekerheid is niet oké. Wat de CDA-fractie betreft, is het heel erg belangrijk dat we moeten voorkomen dat deze mensen elders een functie gaan zoeken of krijgen.

De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! We zijn het hartgrondig met elkaar eens, zeg ik tegen mevrouw Wind. Het is ook de zorg van het college op dit moment dat we voor het begeleidend personeel snel duidelijkheid gaan creëren. We kunnen het inderdaad niet hebben dat begeleidend personeel gaat kijken op de arbeidsmarkt of ze misschien ergens anders aan de slag kunnen. Dat ben ik met haar eens. Dat belang benadruk ik ook altijd in het bestuur van de huidige Soweco en ook in de overleggen die ik heb met collega-wethouders, ook richting mevrouw Van Abbema. Zij onderschrijft dit. Het is in ons aller belang om voor begeleidend personeel zo snel mogelijk duidelijkheid te krijgen. De Wsw is per 1 januari al over. Dat is allemaal op goede en correcte wijze verlopen. Het is nu echt zaak dat we duidelijkheid gaan bieden wat betreft de inrichting, zodat mensen weten op welke plek ze komen. De plaatsings- en adviescommissie is operationeel en kan daarin al de voorbereidende werkzaamheden gaan doen. Van belang is dat eerst Twenterand duidelijkheid gaat geven over wat ze gaan doen. Mevrouw Wind vraagtin dat kader naar de risico's. Hoe het ook zij, we komen bij de raad terug. Dat heb ik gezegd.

Daarin zullen we, afhankelijk van de situatie waar Twenterand voor gaat, de risico's-benoemen.-Zowel-in-het-geval-van-de-dvo-zullen-we-datin-kaar-t-br-engen.-Ik-heb-zojuist— aangegeven dat financieel, als we kijken naar de begroting, die begroting via de dvo gevuld zou blijven als de dvo wordt doorgezet in de huidige vorm zoals hij beoogd was. Maar dat is afwachten. We brengen dat voorde raad in kaart bij het raadsvoorstel. Als Twenterand naar Larcom gaat, ontstaat er een nieuwe situatie die om herbezinning vraagt. Daar wil ik op dit moment nog niet op vooruitlopen. Ik spreek de verwachting en de hoop uit dat Twenterand zich blijft committeren, ook in het belang van de doelgroep en het begeleidend personeel. (Mevrouw Ten Se/dam draagt daarop het voorzitterschap van de vergadering over aan burgemeester Gerritsen.) De VOORZITTER: Bedankt voorde waarneming, mevrouw Ten Seldam. Ik meld dat de heer De Vries technische problemen ondervindt in de verbinding met deze vergadering. Er wordt gekeken of hij geholpen kan worden om die verbinding weer op orde te brengen. Dus houdt u er alstublieft rekening mee dat de heer De Vries mogelijk niet aanwezig kan zijn op dit moment. 8 R 2106648

Ik wijs er nog even op -dat had ik bij de vaststelling van de agenda moeten doen -dat ik u vanmiddag op verzoek van het college bericht heb gegeven van een verschrijving in het voorstel dat hoort bij agendapunt 10. Bij het plan Sport en Bewegen, staat € 500.000 in het dictum, dat moet zijn € 600.000. Dat even ter informatie. 6. Nota kapitaalgoederen openbare ruimte -Actualisatie 2021-2024 (R 2006550). De VOORZITTER: Bij dit onderwerp hebben zich zes sprekers bij mij gemeld. Dat zijn de leden Teeuw, Trienen, Hummels, Stork, Buitenweg en Wiertz. Zijn er nog andere woordmeldingen op dit punt? Dat is niet het geval. De heer TEEUW (Christenunie): Voorzitter! Dank aan het college voor het actualiseren van de nota Kapitaalgoederen. Wij kunnen ons vinden in die actualisatie en ook in de drie voorgestelde dictumpunten. Maar we hebben nog wel een vraag die samenhangt met een zorg. Bij de vorige nota Kapitaalgoederen in 2017 is de BBV veranderd. Die hield in dat investeringen geactiveerd moesten worden. Dat betekende op korte termijn minder kosten en op langere termijn meer kosten. Bij de nota Kapitaalgoederen in 2019 is dit ook geconstateerd. Er is toen ook aangegeven dat de kortetermijnwinsten zouden worden genomen bij de Perspectiefnota 2019, maar er is nog niets gebeurd met de effecten die voorde langere termijn zijn geconstateerd.

Vervolgens is er ook een onderzoek gedaan door de rekenkamer. De rekenkamer heeft een rondje langs de fracties gedaan. Een aantal fracties heeft dit aangegeven, met name het CDA. De rekenkamer heeft toen een aantal aanbevelingen gedaan in een brief waarin dit ook genoemd wordt. Onze fractie heeft gevraagd of die brief al bij het politieke beraad bij de stukken kon, omdat wij vinden dat het een stuk is in opdracht van de raad en voorde raad, maar helaas is dat niet toegekend. Het wordt gezien als gewone ingekomen post. Wij kijken er anders tegenaan, dat willen we gezegd, genoemd en genotuleerd hebben. Het blijft de vraag hoe we omgaan met de langetermijneffecten. Dat staat ook nu weer in de nota Kapitaalgoederen. Daar staat letterlijk op pagina 9: "Anticiperen op de structureel hogere lasten op de middellange termijn is aan te raden." Mijn vraag aan de wethouder, ook omdat het meerjarenperspectief bij de Perspectiefnota ook 2025 al meeneemt, is: gaat dit college daar nog iets mee doen of wordt dat doorgeschoven naar het volgende college? De VOORZITTER: Dank u wel. De leden Stork en Buitenweg staken hun hand op, maar ik had ze al opgesomd als sprekers in deze termijn. Ik zag dat u zo snel was dat het geen interrupties waren op de heer Teeuw. Mag ik u vragen uw handje te laten zakken? Ik heb u genoteerd voor deze termijn.

De heer BUITENWEG (GroenLinks): Voorzitter! Ik sta met een kruis in het verkeerde rijtje. Dat was bedoeld voor punt 7, niet voor 6. Vandaar mijn handje. De VOORZITTER: Fijn dat u dat onder mijn aandacht brengt. Dan noteer ik u straks bij de Bornsestraat. De heer TRIENEN (CDA): Voorzitter! Een belangrijk deel van de begroting wordt binnen de diverse programma's bestemd voor het onderhoud van kapitaalgoederen in de openbare ruimte. Het is van belang dat hierover een zorgvuldig beheer wordt gevoerd, want het is juist de kwaliteit van het openbaar gebied die door de inwoners vaak intensief wordt beleefd. Het is van belang om beleidskaders vast te leggen, waarin een beoordelings- en toetsingsmethodiek voorde openbare ruimte wordt vastgelegd waarmee de kwaliteit van de openbare ruimte meetbaar wordt gemaakt. Voorde openbare ruimte hebben wij de kaders vastgelegd, maar nog niet voorde infrastructurele werken. De CDA-fractie is er voorstander van om op korte termijn met elkaar in gesprek te gaan over de vraag of de kaders voorde openbare ruimte nog voldoen aan de wensen en mogelijkheden. Daarnaast stellen wij voor om ook de beleidskaders vast te stellen voor infrastructurele werken en infrastructurele kunstwerken, De vaststelling hiervan is voorbehouden aan de raad. We vragen het college de beleidskaders voor te bereiden, inclusief 9 R 2106648

de kwantitatieve en kwalitatieve indicatoren en eventuele financiële consequenties. Gaarne wil de CDA-fractie wederom bijzondere aandacht vragen voorde benodigde extra financiële middelen voor de uitvoering van onderhoud van onze kapitaalgoederen in de toekomst. Ons wordt gevraagd om het negatieve saldo te betrekken bij de Perspectiefnota 2021, omdat het college extra financiële middelen nodig heeft vanaf het jaar 2022. Uiteraard kunnen wij instemmen met het verzoek om nu hiervoor in het meerjarenperspectief 2021-2024 een oplossing te zoeken en om een herschikking van budgetten te doen. Het herschikken van budgetten is immers de bevoegdheid van de raad, zoals ook aangegeven onder punt 3.2 van dit voorstel. Onze zorgen, die we al op meerdere momenten hebben uitgesproken, zijn dat vanaf 2025 het tekort oploopt naar € 470.000 en vervolgens naar meerdere miljoenen in de jaren daarna. Het wordt een heel groot probleem om hiervoor enorme structurele middelen vrij te maken. Wij beseffen terdege dat onze financiële ruimte momenteel heel begrensd is, maar regeren is vooruitzien. Daarom onze vraag richting de wethouder Financiën of hij onze opvatting deelt dat we op korte termijn moeten proberen om reeds extra middelen in de komende begrotingen op te nemen.

We kunnen dan alvast wennen aan het nieuwe benodigde kapitaal dat vanaf 2025 beschikbaar moet zijn om ons onderhoud van kapitaalgoederen veilig te stellen. Heel eenvoudig gezegd, zou ons advies zijn: Probeer zo mogelijk te gaan sparen voor de toekomst. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Voorzitter! Ik zal niet te veel herhalen. Ik ben blij dat dit stuk er ligt. Het is belangrijk dat het er ligt, alhoewel ik me er niet echt bij betrokken voel. Ik hoop dat het ons lukt om niet meer geld te reserveren, maar juist het aantal kapitaalgoederen tot een minimum te beperken. De heer STORK (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! De Lokaal Almelo Samen-fractie vindt dat de nota Kapitaalgoederen Openbare Ruimte een prima nota is en zal dus ook akkoord gaan met dit voorstel. Maar we willen wel heel uitdrukkelijk vragen om bij de komende Perspectiefnota het onderhoudsniveau naar een hoger plan te brengen. Kan het college toezeggen dat het bij de Perspectiefnota deze zaak gaat bekijken? De heer WIERTZ (D66): Voorzitter! Ik dank het college voorde aangeleverde nota, maar we hebben daarover nog wel een aantal opmerkingen. Ik deel ook wel de zorgen die de heer Trienen heeft geuit over de oplopende kosten, maar ik denk er ook wel iets anders over dan de heer Trienen. De heer Trienen zegt dat we nu alvast moeten gaan sparen voor later.

Maar we kunnen er ook over denken -dat is wat de heer Hummels net zei - om dingen op een andere manier te doen en op die manier alvast een deel te besparen. Ik hoop dat de heer Trienen dat met mij eens is. Misschien kunnen we ook alvast geld gaan sparen, maar ik denk dat we nu alvast, in het kader van "regeren is vooruitzien", erover zouden moeten nadenken of we dingen op een andere manier zouden kunnen doen zodat die kosten niet uit de hand lopen. Ik zou daar ook de riolering bij willen betrekken. Tijdens het politiek beraad vroeg ik-of erniet gewoon één plan zou moeten zijn voorde kapitaalgoederen en voorde riolering. Daarop kwam geen duidelijk antwoord. Het antwoord was dat we nu geld moeten reserveren voor die kapitaalgoederen en dat er pas aan het einde van het jaar een rioleringsplan is. Dat vind ik niet heel erg overtuigend. Eén van de doelen van de organisatieontwikkeling was juist om dingen meer integraal te bekijken. Dan ligt het voorde hand om dit ook integraal te bekijken. Er is een duidelijk verband tussen die kapitaalgoederen en de riolering. Er wordt ook verwezen naar de kosten voor riolering. De kosten voorde weg worden voor een deel gedekt uit die rioleringsgelden. De VOORZITTER: Mijnheer Wiertz, ik onderbreek u even ten behoeve van de heer Trienen.

De heer TRIENEN (CDA): Ik had eigenlijk mijn handje al opgestoken bij het betoog van de Stork, maar ik blijf bij de heer Wiertz. Als hij goed geluisterd heeft, waren mijn eerste heer woorden dat we op korte termijn met elkaar in overleg willen over hoe we zo goed en zo goedkoop mogelijk ons onderhoud kunnen verrichten. Dus om daar een misverstand over weg te nemen: dat is onze prioriteit ook. 10 R 2106648

Voorzitter, als u toestaat, een vraag richting de heer Stork. Hij vraagt de wethouder om in de Perspectiefnota mee te nemen om het onderhoud op hoger niveau te gaan doen. Ik heb net mijn zorgen geuit over de enorm stijgende kosten, dus ik zou de heer Stork willen vragen hoe hij dit gaat financieren. De VOORZITTER: Daar komt de heer Stork in zijn tweede termijn op terug. Want anders verliezen we de volgorde. Dat is mijn schuld, ik had u eerder moeten opmerken. Maar daar moet de heer Stork echt even in zijn tweede termijn op antwoorden. Dan kunt u hem opnieuw interrumperen. De heer Wiertz kan zijn betoog vervolgen. De heer WIERTZ (D66): Dank voorde interruptie van de heer Trienen. Ik ben het helemaal met hem eens als zijn punt was dat we daar nog goed naar moeten kijken. Dan kom ik weer terug op mijn punt over de riolering. Ik zou hopen dat we in de toekomst gewoon één plan hebben voor riolering en kapitaalgoederen. De VOORZITTER: Dank u, mijnheer Wiertz. Dan gaan we voorde beantwoording van deze vragen en opmerkingen luisteren naar het college. Ik geef het woord aan de wethouder voor Openbare Ruimte, de heer Van Rees. De heer VAN REES (wethouder): Voorzitter! Uit de nota Kapitaalgoederen blijkt -dat wordt door alle sprekers ook gemeld -dat we op de lange termijn, na 2025, meer kapitaal nodig hebben dan we op dit moment binnen de begroting beschikbaar hebben.

Dat is een probleem en dat probleem komt voort uit het systeem van werken. Het systeem van werken is dat we op dit moment voor het onderhoud van onze kapitaalgoederen de investeringen moeten activeren. We zijn verplicht om onze kapitaalgoederen te onderhouden. Binnen de nota Kapitaalgoederen zijn we uitgegaan van het totaal bestaande areaal. Dat is in de planningen gezet. Dat leidt tot bepaalde kosten in bepaalde jaren. We zien dat dit na 2025 oploopt. Het probleem van de langetermijneffecten is iets waar we ons echt zorgen over moeten maken. Daar zullen we moeten gaan werken aan een oplossing. Om die oplossing op dit moment volledig te realiseren is te vroeg, maar we kunnen mogelijk wel in het kader van de Perspectiefnota doorkijken geven van hoe we dat op de lange termijn zouden kunnen gaan oplossen, in hoeverre daar spaaropties voor zijn, in hoeverre daar extra middelen voor uit het Rijk komen. Misschien kunnen we daar bij de Perspectiefnota wat beter inzicht in schetsen als college. Daarnaast is het zo dat wij voorstellen om de tekorten die ontstaan voor 2022, 2023 en 2024 bij de bespreking inde Perspectiefnota te betrekken. Daar zullen we dan ook een oplossing moeten vinden om deze extra kosten te betalen.

De kaders die wij hanteren voor het beheer van onze openbare ruimte, de IBOR-kaders dan heb ik het nog niet over de kaders voor de infrastructurele werken -zijn op dit moment vastgelegd in een plan. De vraag is of we dat eventueel naar een hoger niveau kunnen brengen en om te kijken welke kwaliteit we daar voor onze burgers zouden willen hebben. Dat is de vraag die gesteld wordt door de Lokaal Almelo Samen-fractie. We zouden richting de Perspectiefnota aan kunnen geven welke kwalitatieve kaders daarvoor mogelijk zijn, welke kosten daarmee gemoeid zijn, ook samenhangend, mijnheer Trienen, met de totale oplopende kosten van het onderhoud van onze kapitaalgoederen. Daar kunnen we dan in de Perspectiefnota met elkaar over discussiëren, welke route we daarin gewenst vinden. Mocht de raad dan besluiten bij de Perspectiefnota om eventueel extra geld voor het beheer van openbare ruimte ter beschikking te stellen, dan kunnen we dat richting de begroting verder in detail gaan uitwerken. De heer TRIENEN (CDA): Voorzitter! In feite heb ik dezelfde vraag die ik net ook aan de heer Stork stelde.

Beseft de wethouder, als hij zegt dat hij straks bij de Perspectiefnota het onderhoud wil bekijken op een hoog niveau, dat dat gepaard zal gaan met extra kosten? En als hij goed geluisterd heeft, heeft hij gehoord dat ik mijn zorgen heb uitgesproken over de financiering van het onderhoud naar de toekomst. Zo wordt het probleem alleen nog maar groter. Mijn vraag is of dit gedeeld wordt door het college en de wethouder van Financiën. Ik heb expliciet aan de wethouder van Financiën gevraagd hoe hij hierover denkt. 11 R 2106648

De VOORZITTER: De woordvoering op dit agendapunt ligt bij het college. Het college spreekt met één mond en die mond heeft nu de vorm van wethouder Van Rees. De heer VAN REES (wethouder): Mijnheer Trienen, zoals ik net zei: er liggen meerdere verzoeken naast elkaar. Het is gebruikelijk om dat soort verzoeken bij de Perspectiefnota af te wegen. Daar zullen we dan ook een afweging moeten maken hoe we daarmee omgaan. Daar zal dan ook worden bepaald op welke wijze de raad dat wil en hoe het college denkt dat te moeten gaan doen. Dan de vraag over de kaders voor infrastructurele werken. Ik denk dat het goed is om met elkaar daar het gesprek over aan te gaan. Zoals in de nota nu zichtbaar is, heeft de raad daar nog geen expliciete kaders voor gesteld. Wij hanteren daarom als gemeente de CROW-normen. Dat zijn normen die landelijk, ook door andere gemeenten, worden gehanteerd. Het is goed om daarover met de raad in gesprek te gaan om meer in detail uitte leggen hoe wij die normen hanteren en welke financiële effecten dat heeft. Dan kunnen we daarin ook meenemen of de raad naar aanleiding daarvan van mening is dat hij mogelijk naast de CROW-normen nog nadere beleidskaders wil stellen.

De heer ST~TELER (PVV): Voorzitter! Die CROW-normen voor de infrastructurele werken zijn toch de minimale normen? Dus als onze raad daar iets anders mee zou willen, dan zou dat van een hoger niveau moeten zijn dan die CROW-normen. Klopt dat? De heer VAN REES (wethouder): Ja, de CROW-normen geven een basisniveau aan dat wij op dit moment hanteren. Feitelijk gezien, zijn ook in het IBOR-beleid de beleidskaders door de raad vastgelegd. Wij hanteren nu in dit geval de CROW-normen. Die zijn inderdaad niet expliciet door de raad vastgelegd. Dat zou er ook toe kunnen leiden dat de raad onderstreept dat de CROW-normen terecht zijn. Daarom is het goed om daar met elkaar inhoudelijk wat meer over door te praten, zodat het vertrouwen bij de raad aanwezig is dat het de juiste normen zijn op grond waarvan wij dit werk verrichten. De heer Hummels had het over het beperken van het aantal kapitaalgoederen. Dat is natuurlijk altijd iets waar je naar zou kunnen kijken. Echter, in de systematiek van de nota Kapitaalgoederen gaan wíj uit van de verplichting die wij hebben om onze kapitaalgoederen op een goede manier te beheren en te onderhouden. Daar zit niet de keuze in om bepaalde kapitaalgoederen te desinvesteren en te verwijderen. Dat zou dan op een ander niveau moeten gebeuren. Daar biedt deze nota geen aanknopingspunten voor. Ik zal erover na moeten denken hoe dat dan wel moet.

Het is zo datje niet zomaar alle kapitaalgoederen die we hebben weg kunt halen. Het zijn wegen, het zijn fietspaden, het zijn bruggen. Wil je daar verandering in brengen, dan moetje dat heel structureel aanvliegen. Het lijkt mij een tijdrovende en moeilijke opgave om daar goed naar te kijken. Dan de vraag of je het op een andere manier kunt doen. Wij onderhouden onze kapitaalgoederen aan de hand van de CROW-normen. Een andere manier, met minder onderhoud en minder kosten, betekent feitelijk datje het onderhoud uitstelt. Je moet dat vergelijken met een houten kozijn in je huis. Je schildert dat niet elk jaar, maar doet het eens inde vijf jaar en dan lakje het op een zo goedkoop mogelijke manier af. Dan is de kans groot datje over een jaar of tien het hele kozijn moet vervangen en dan zijn de kosten vele malen hoger dan wanneer je regelmatig het onderhoud had gepleegd. Zo zit het ook met de kapitaalgoederen. Het regelmatig onderhoud plegen aan die kapitaalgoederen zorgt ervoor dat de levensduur van die kapitaalgoederen langer is, dus dan zou je het misschien eerder in die weg moeten zoeken. Maar ik kan met zo voorstellen dat met name ook deze discussie, hoe zou je het anders kunnen doen, gevoerd kan worden wanneer wij gaan praten over hoe wij die CROW-normen toepassen en welke keuzemogelijkheden je daar dan eventueel nog in hebt.

Dan over de koppeling tussen het rioleringsplan en de nota Kapitaalgoederen. Ja, het rioleringsplan is een apart plan dat momenteel weer geactualiseerd wordt. Het rioleringsplan is net zoals de nota Kapitaalgoederen een plan om kapitaalgoederen te onderhouden, waarbij het rioleringsplan zich focust op de riolering. Maar dat wordt apart benaderd omdat het rioleringsplan ook de basis vormt voorde rioleringsheffing die wij als gemeente onze inwoners opleggen. Daarom is het belangrijk om dat ernaast te leggen. Misschien moeten we proberen om de verbanden tussen de beide nota's wat strakker en duidelijker aan te gaan geven naar de 12 R 2106648

raad. De heer PAUWELS (VVD): Een aanvullende vraag aan de wethouder, na het horen van de eerdere vragen, onder andere van de heer Trienen. Ik ben het met de heer Trienen eens dat er zicht moet zijn op de mogelijke toename van een aantal miljoenen aan onderhoudskosten, die eraan zitten te komen. Kan de wethouder aangeven wat het verschil is tussen enerzijds kosten en anderzijds investeringen? Daardoor zouden we immers ook naar langere afschrijvingstermijnen kunnen gaan kijken. Wat valt daarin dit geval over te zeggen? De heer VAN REES (wethouder): Dat wordt een heel technische discussie. Op het moment dat je regelmatiger onderhoud pleegt of mogelijk levensverlengend onderhoud pleegt, kun je wegblijven bij de kapitaallasten. Daar moetje natuurlijk op een goede manier naar kijken. Dat doen we ook zoveel mogelijk. Uiteindelijk is het doel natuurlijk om met zo gering mogelijke kosten de maximale levensduur van onze kapitaalgoederen te benutten. Ook dit onderwerp lijkt me bij uitstek een geschikt onderwerp om mee te nemen in het politiek beraad over het onderhoud van onze kapitaalgoederen en de kaders die we daarbij stellen. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? De heer TEEUW (Christenunie): Voorzitter! Dank aan de wethouder voorde toezegging om bij de komende Perspectiefnota al een doorkijkje te geven over hoe wordt omgegaan met de kosten op middellange termijn.

Verder brengt de fractie van Lokaal Almelo Samen te berde een hoger onderhoudsniveau te willen. Vanuit onze fractie kunnen we die wens ondersteunen en zouden we ook mee willen geven om dat wel locatiegebonden te doen, verschillende niveaus voor verschillende locaties. Ik hoor wat de heer Trienen zeg, het kost natuurlijk geld. Maar ook hier geldt het houtenkozijnvoorbeeld van de wethouder. Als het gras door het fietspad heen groeit, kost dat op lange termijn ook weer geld. De heer TRIENEN (CDA): Voorzitter! Dank aan de wethouder voorde beantwoording. Ik heb nog één vraag. Is hij bereid om de argumenten die de CDA-fractie heeft gebruikt, om heel goed te kijken naar de toekomst en hoe we dat gat kunnen opvullen -dat noem ik dan sparen tegaan betrekken bij de Perspectiefnota? De heer PAUWELS (VVD): Ik ben benieuwd of de heer Trienen zelf wat suggesties heeft over welke uitgaven hij niet zou willen doen om een spaarpotje te kunnen vullen. Ik hoor graag zijn ideeën daarover. De heer TRIENEN (CDA): Uiteraard heb ik daar geen ideeën over. Alleen maak ik me wel zorgen dat wij op termijn zoveel uitgaven moeten doen dat we moeten bezuinigen op bestaand beleid. Het verschil dat er momenteel is, het gaat om miljoenen, is een structureel tekort in onze begroting. We moeten zorgen dat we er langzamerhand naartoe groeien, zodat de overgang straks niet opeens zo groot wordt.

Dat is mijn bedoeling: wanneer je mogelijkheden hebt, denk daaraan. De heer PAUWELS (VVD): Ik hoor wat de heer Trienen zegt. Ik ben zelf ook van het model "regeren is vooruitzien" en financieel verantwoord beleid. Ik denk dat we keuring in beeld hebben wat we nu aan het doen zijn tot en met de periode 2024. Wat de VVD-fractie betreft heet dat financieel verantwoord beleid. Tegen die tijd zijn er wellicht nieuwe innovatieve mogelijkheden om te gaan met investeringen en met kosten en is het op dat moment de tijd om ernaar te kijken. Ik kan ook de heer Trienen de vraag stellen waarom de afgelopen jaren geen potjes zijn aangelegd voorde kosten die we nu moeten maken en de investeringen die we nu moeten doen, want die hebben we een aantal jaren geleden ook kunnen zien aankomen. De heer TRIENEN (CDA): Ik vind het een interessante opmerking van de heer Pauwels. Heeft hij de afgelopen jaren mogelijkheden gezien om zo'n potje te vormen? Ik dacht dat we grote problemen hebben gehad om onze begroting sluitend te krijgen. 13 R 2106648

De heer PAUWELS (VVD): Zeker, het was onze eigen VVD-fractie en oud-collega Bert Heite, die daar moties over heeft ingediend, om alvast te reserveren voorde toenemende kosten voor het onderhoud aan de kunstwerken. Als de heer Trienen goed heeft opgelet, heeft hij dat kunnen zien. De heer TEEUW (Christen Unie): Het woord "potjes" valt, bij zowel de heer Pauwels als de heer Trienen. Wij zijn natuurlijk niet van de potjes-cultuur, maar volgens mij is er een verschil tussen een potje en een voorziening. Bij een voorziening gaat het om een verwachte uitgave. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Voorzitter! Bedankt voorde beantwoording van de wethouder. We zullen samen gaan zoeken naar een optimale minimalisering van de hoeveelheid kapitaalgoederen. De heer STORK (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! Ik was nog een antwoord aan de heer Trienen schuldig. Ik denk dat de wethouder heel duidelijk heeft aangegeven dat er een discussie gaat plaatsvinden voorde komende Perspectiefnota. Het was ons doel om dit soort dingen ter discussie te stellen en dan te kijken wat voor mogelijkheden er zijn om het op een hoger niveau te brengen voor het onderhoud. Verder denk ik dat de wethouder alle mogelijkheden heeft opengelaten. We zien met belangstelling een politiek beraad hierover tegemoet. De heer TEEUW (Christenunie): Ik had een vraag, maarde heer Stork geeft het antwoord al.

Mijn vraag was of er een politiek beraad aangevraagd gaat worden voorde Perspectiefnota. Ik begrijp dat de heer Stork een politiek beraad gaat aanvragen. De heer STORK (Lokaal Almelo Samen): Het antwoord is ja. De heer WIERTZ (D66): Voorzitter! Dank aan de wethouder voorde beantwoording. Ik wacht graag een verdere discussie over de kapitaalgoederen af en over de vraag of we dingen toch niet op een andere manier kunnen doen. Dat betekent wat mij betreft niet perse dat het niveau dan lager wordt. De VOORZITTER: Dan kijk ik of de wethouder nog behoefte heeft aan closing remarks? Volgens mij zijn er niet veel vragen meer aan u gesteld. De heer VAN REES (wethouder): Voorzitter! Ik ga nog even in op de vraag over de Perspectiefnota en de doorkijk naar 2025 en verder. Ik heb aangegeven dat we zullen kijken of we daar richtingen kunnen aangeven waarin de oplossingen gezocht kunnen worden. Reserveringen en potjes zijn altijd incidentele middelen die tegenover structurele dekking komen te staan. We kunnen misschien als college bij de komende Perspectiefnota aangeven in welke richting wij denken dat de oplossing zou moeten worden gevonden. Dan kunnen we daar inhoudelijk op dat moment verder over praten. De Perspectiefnota is in mijn ogen een betere plek om over dit soort langetermijnperspectieven te praten dan bij deze nota Kapitaalgoederen.

De heer TRIENEN (CDA): De wethouder zegt dat vormen van potjes en voorzieningen incidentele posten zijn. Dat heb ik niet zo bedoeld. We zijn dan bezig met structurele oplossingen zoeken, niet incidentele middelen inzetten. We gaan structureel reserveren voorde toekomst. Dat is heel wat anders dan wat de wethouder zegt. De heer VAN REES (wethouder): Ik snap wat de heer Trienen bedoelt. Ik doel erop dat wanneer je een reservering maakt, het een potje wordt; een incidenteel bedrag datje kunt gaan inzetten. Je kunt natuurlijk ook structurele reserveringen maken, daar heeft de heer Trienen gelijk in. Maar ik stel voor dat we gaan proberen om in de Perspectiefnota aan te geven wat de oplossingsmogelijkheden of -richtingen zouden kunnen zijn en dat we er dan over doorpraten wat de meest gewenste varianten zijn. 14 R 2106648

De VOORZITTER: Is dat voldoende reactie, mijnheer Trienen? Fijn. We ronden de beraadslagingen daarmee af. Ik zeg iedereen dank voorde geleverde bijdrage. We gaan over tot besluitvorming. Is er iemand die de behoefte heeft om een stemverklaring af te leggen? Dat is niet het geval. We gaan proberen elektronisch te besluiten via de stemmodule in iBabs. Ik vraag u uw stem voor of tegen het voorstel tot vaststelling van de nota Kapitaalgoederen Openbare Ruimte uit te brengen. De heer De Vries is overigens weer digitaal verbonden, dus u bent met 34 leden. Hierna wordt digitaal gestemd over het voorstel, waarna de voorzitter constateert dat het voorstel met algemene (34) stemmen is aangenomen. 7. Bornsestraat 384 (R 2006409). De VOORZITTER: Dit agendapunt betreft de vaststelling van de wijziging van het bestemmingsplan aan de Bornsestraat 384. Voor dit onderwerp hebben zich de volgende leden gemeld: Ten Seldam, Pol, Zielman, Hubers, Hummels, Buitenweg en Makkinga. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Voorzitter! In het bestemmingsplan staat met betrekking tot parkeren voorde gasten van de muziekstudio het volgende op pagina 17.

Ik citeer: "ervan uitgaande dat er per tijdsblok twee ruimtes verhuurd worden en alle personen afzonderlijk per auto naaren van de studio gaan, komt dit neer op een gemiddelde verkeersgeneratie van 72 verkeersbewegingen per dag in de periode van 10.00 tot 23.00 uur." Bij 4.4.1 onder strijdig gebruik op pagina 134 staat - ik citeer wederom: "het gebruik van de muziekstudio voor activiteiten tussen 23.00 en 07.00 uur." Met de tekst op pagina 17 over.het parkeren wordt op zijn minst de indruk gewekt dat de muziekstudio een bedrijfstijd kent van 10.00 tot 23.00 uur, terwijl bij strijdig gebruik een bedrijfstijd mogelijk is van 07.00 tot 23.00 uur. Wat de CDA-fractie betreft moet het volstrekt duidelijk zijn wat de bedrijfstijden zijn, vooral gezien het feit dat niet alleen verkeersbewegingen plaatsvinden bij het komen en gaan van gebruikers van de muziekstudio, maar ook dat dit gepaard gaat met het nodige geluid en licht. Geluid van komende en gaande gasten is overdag over het algemeen niet storend. Dat geldt niet voorde avond als er veel minder geluid uit de directe omgeving aanwezig is. De muziekstudio is alle dagen van de week open. Daarom zijn wij van mening dat een strijdig gebruik tussen 22.00 en 08.00 uur de rust in het gebied ten goede komt. Om dat te bewerkstellingen amenderen wij het voorstel samen met Democraten.Nu en met steun van de Christenunie. "Amendement 1.

Aanpassing tijd stri,~diq gebruik. De raad van de gemeente Almelo, in vergadering bijeen d.d. 13 april 2021, besluit: het voorgestelde deel van het besluit onder punt 2 regels tweede aandachtstreepje "In de specifieke gebruiksregels artikel 4.4.1 ondergis als strijdig gebruik opgenomen: "het gebruik van de muziekstudio voor activiteiten tussen 23.00 - 7.00 uur";" te schrappen en te vervangen door: in de specifieke gebruiksregels artikel 4.4.1 ondergis als strijdig gebruik opgenomen: "het gebruik van de muziekstudio voor activiteiten tussen 22.00 - 08.00 uur"; Toelichting: De muziekstudio is alle dagen van de week open. Daarom zijn wij van mening dat een strijdig gebruik tussen 22.00 en 08.00 uur de rust in het gebied ten goede komt." De heer WIERTZ (D66): Voorzitter! Ik heb een vraag over het amendement dat mevrouw Ten Beldam net heeft toegelicht. Wij hebben dat nog niet gezien. Begrijp ik het goed dat de muziekstudio dan maar tot 22.00 uur open kan zijn? Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Dat begrijpt de heer Wiertz goed. De studio opent om 08.00 uur en sluit om 22.00 uur. 15 R 2106648

De heer WIERTZ (D66): De raadsleden hebben gisteren een brief of een mail van de eigenaar van de muziekstudio gekregen waarin staat dat de meeste gebruikers van de muziekstudio pas rond 20.00 uur komen. Zij zijn er niet de hele dag. Dat betekent dat de ruimte voor die muziekstudio beperkt wordt voor een uur of twee. De vraag is of ze daarmee uit kunnen komen. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Dat zijn als-danvragen. Als je echt veel plezier hebt en je het een vreselijk goede studio vindt, een goede accommodatie, schik je je misschien ook wel in je tijden. Je kunt al om 08.00 uur terecht tot en met 22.00 uur en dat zeven dagen in de week. Als je daar geen goede bedrijfsvoering op kunt voeren, dan plaats ik er vragen bij. Maar dat is niet aan ons. Het gaat me niet om de bedrijfsvoering. Het gaat mij erom met het amendement de rust in het gebied tussen 22.00 en 08.00 uur zo veel mogelijk te realiseren. Rust, reinheid, regelmaat. De heer WIERTZ (D66): Mevrouw Ten Beldam zegt dat we niet over bedrijfsvoering gaan, maar met die amendement wordt natuurlijk wel de bedrijfsvoering beperkt. Ik begrijp best dat we een afweging moeten maken. Dat is dan natuurlijk wel het geval. Als je het op die manier gaat beperken en probeert voor iedereen een goede oplossing te vinden, kan dat er ook toe leiden dat je uiteindelijk voor niemand meer een goede oplossing vindt.

Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Dat begrijp ik. Maar ik denk dat menig ondernemer en menige detailhandel heel erg blij zou zijn met zeven dagen in de week van 10.00 tot 20.00 uur. Wij hebben het hier over zeven dagen in de week. Het voorstel is van 07.00 tot 23.00 uur. Dan is twee-derde van de beschikbare tijd van een week bedrijfstijd. Een beperking met een uurtje aan de voorkant en een uurtje aan de achterkant lijkt mij van marginale invloed en het geeft veel meer rust in het gebied voor omwonenden, voor gasten die niet voorde muziekstudio komen en voor flora en fauna. De heer STOTELER (PVV): "Rust in het gebied", hoor ik mevrouw Ten Beldam zeggen. Maar rust in dat gebied is relatief. Het ligt aan de Provincialeweg. Er wordt vijf meter van het voorste gebouw, de huidige bed &breakfast, 80km/h gereden. Ze leven niet in een natuurgebied daar. Dus rust in het gebied vind ik een raar argument. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Of je een argument raar vindt of niet raar vindt, daar gaat de heer Stóteler over bij het stemmen straks. Hoe hij gaat stemmen, kan ik ongeveer inschatten nu. De heer AKSE (SP): Ik sluit me aan bij de heer Stóteler. Ik ben met hem van mening dat dié -weg heel cl"ruk-is:lkkendat uit eigen ervaring. De-rust-is-zeker -tot23.00-uur-echt-niet — gegarandeerd.

Als je 23.00 uur aanneemt als eindtijd, geef je met name mensen die overdag werken en toch 's avonds graag in een bandje spelen en daar willen oefenen de gelegenheid. Dat heeft de eigenaar van de muziekstudio ook aangegeven. Sommige mensen kunnen pas beginnen rond 20.00 uur, omdat ze eerst van hun werk komen en nog moeten eten. Daarnaast vind ik ook datje dan een beetje aansluit bij het tijdstip dat geldt voor evenementen die we kennen, volgens de APV in Almelo. Ik zie niet waarom we hier een uitzondering moeten maken. We zullen het amendement dan ook niet steunen. Wij zijn ervoor dat het tot 23.00 uur mogelijk moet zijn. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Volgens mij was het geen interruptie maar een betoog, dus ik heb er niets aan toe te voegen. Mijn punt is helder en het wijkt af van het punt dat de heer Akse heeft. Dat is hetgeen wat ik in mijn inleiding zei, meerderheid en minderheid, het een verrijkt het ander. De heer DE VRIES (PvdA): Ik heb eigenlijk ook geen vraag. Ik sluit me aan bij de heer St~teler en de heer Akse. Bovendien vliegen de overkappingen je tegenwoordig om de oren. Mensen houden hun houseparty's overal inwijken in het buitengebied. Dat is ook enorme 16 R 2106648

vervuiling van het landschap en van de rust. Mijn argument is al ingebracht door de heer St~teler en de heer Akse. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Voordat ik mijn stemverklaring ga afgeven, heb ik nog een paar vraagjes aan de wethouder. 1. Ergens in de stukken staat dat erin strijd met de vergunning drie meter dichter bij de erfgrens is gebouwd. Is dat waar? 2. Er zijn zienswijzen ingediend. Ik heb wel gezien dat de reactienota van de zienswijzen bij de stukken is ingediend. Ik heb ook de notulen van de hoorzitting gezien, die in de reactienota verwerkt zijn. Feitelijk is het de ambtenaar die in het stuk schrijft wat de indieners hebben gezegd. Soms is het goed om de tekst van de indieners zelf te lezen. Dat was tot dusver het geval. Tot mijn verbazing constateerde ik dat dit er nu niet bij zit. Het was net al ter sprake gekomen, er is over en weer nog wat gemaild. Dat is dus eigenlijk feedback vanuit directe partijen. Ik vind dat die ook bij dit raadsvoorstel geplaatst had moeten worden, al dan niet anoniem. Die mis ik ook. Dus ik wil graag van de wethouder weten waarom dat er niet bij zit. Dat zijn mijn vragen. Forum voor Rechts moet een keuze maken en wil die bij dezen toelichten. Alle beslissingen die raadsleden maken verdienen gedegen aandacht en een overwogen belangenafweging. Forum voor Rechts vond het bij dit onderwerp zeer lastig om te beslissen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Almelo&id=3c3eeb5b-1455-4aa2-be47-d54cec15963c