22 BIJLAGE 3 Herhaaldelijk gestelde onbeantwoorde vragen.pdf
Tekst van het document
Bijlage 3 Herhaaldelijk gestelde, maar nog steeds onbeantwoorde vragen. 1. Exacte formulering van de opdracht aan Infense voor alle memo's zodat onder meer beoordeeld kan worden of in de adviezen van Infense de risico's voor de gemeenten verdisconteerd zijn. (Herhaling van de vraag brieven d.d. 14 oktober 2020 en d.d. 12 november 2020) 2. De memo's van Infense (bijlagen 3, 4, 5 en 7 bij de agenda werkgroep contracten 28 september 2020) vermelden dat deze "uitsluitend bedoeld zijn voor de leden van de werkgroep". Waarom is dat zo beperkt? En wat heeft dat te betekenen? Wat betekent dat bijvoorbeeld voor de gemeenten die niet zijn vertegenwoordigd in deze werkgroep? (Herhaling van de vraag ingebracht in de werkgroep contracten d.d. 28 september 2020 en bij brief d.d. 14 oktober 2020) 3. In het memo van Infense d.d. 22 september 2020 inzake "Beantwoording vragen werkgroep - Sorteerbaar GHHA en B-hout" wordt, (bijlage 4 bij de agenda) kort samengevat, geadviseerd om de afvalstromen sorteerbaar GHHA en B-hout niet mee te nemen in de nieuwe overeenkomst die gemeenten mogelijk per 1 juli 2022 wensen te sluiten met AVI Twente B.V. en Twence Bioconversie B.V., maar dat de gemeenten in plaats daarvan voor deze stromen ieder individueel een contract afsluiten met Twence B.V.
Vragen: - wordt hier in feite een ontduikingsconstructie geadviseerd aan de gemeenten? Welke risico's zijn hieraan verbonden voor de gezamenlijke gemeenten? - Hoe verhoudt dit advies zich tot artikel 3.2 van de concept-overeenkomst waarin is bepaald dat dit soort "ongebonden stromen" alleen in de daar geformuleerde strikte uitzonderingssituaties bij een ander dan AVI Twente B. V. of Twence Bioconversie B. V. mogen worden aangeboden? (Herhaling van de vragen ingebracht in de werkgroep contracten d.d. 28 september 2020 en bij brief d.d. 14 oktober 2020)) 4. In het memo van Infense d.d. 22 september 2020 inzake Beantwoording vragen werkgroep - interne inzet (bijlage 5 bij de agenda) wordt verwezen naar een splitsingsakte uit 2013 en tussen Twence B.V. en AVI Twente B.V. alsmede tussen Twence B.V. en Twence Bioconversie B.V. in 2011 gesloten detacheringsovereenkomsten. De gemeenten ontvangen graag deze stukken. (Herhaling van de vraag ingebracht in de werkgroep contracten d.d. 28 september 2020 en bij brief d.d. 14 oktober 2020 en de AVA van 22 april 2021)
5.
Is de inhuur van het ‘interne personeel' door AVI Twente B.V. en Twence Bioconversie B.V. uitsluitend gebaseerd op eerdergenoemde detacheringsovereenkomsten of liggen hieraan nog meer/andere overeenkomsten ten grondslag. De gemeenten ontvangen graag de detacheringsovereenkomsten en eventueel andere overeenkomsten, zodat de gemeenten zelf de rechtmatigheid van het handelen van de onderneming kunnen toetsen. (Herhaling van de vraag ingebracht in de werkgroep contracten d.d. 28 september 2020 en bij brief d.d. 14 oktober 2020 en de AVA van 22 april 2021) 6. De gemeenten ontvangen graag een overzicht van al het materieel dat niet in eigendom is van AVI-Twente B.V. en/of Twence Bioconversie en welke wel door beide B.V.’s gebruikt worden. Indien hier huurovereenkomsten aan ten grondslag liggen, dan ontvangen de gemeenten deze tevens graag. (Herhaling van de vraag ter algemene vergadering van 22 april 2021). 7. Aan welke partijen levert AVI-Twente en Twence Bioconversie haar restwarmte? (Herhaling van de vraag ter algemene vergadering van 22 april 2021).
8. Graag ontvangen we de exacte berekening van de kostprijs van de voorgestelde tarieven in de AvA van 22 april 2021. (Herhaling van de vraag ter algemene vergadering van 22 april 2021).
9. Wij ontvangen graag alle investeringsvoorstellen met daarbij het te verwachten IRR van de afgelopen en komende jaren. Daarnaast ontvangen wij graag van alle afgeronde investeringsprojecten de daadwerkelijke IRR. (Herhaling van de vraag ter algemene vergadering van 22 april 2021).
10. Een aantal aandeelhouders heeft ten behoeve van de voorbereiding Communale samenwerking Munster de beschikking gekregen over de Memo van Infense (mr. A. ter Mors) d.d. 18 januari 2018 inzake Stad Munster en publiek-publieke samenwerking. Wij hebben dit niet ontvangen en ontvangen die graag alsnog. 11. Het nettoresultaat van groepsmaatschappij AVI B.V. is gedurende de periode 2017-2019 afgenomen van ca. € 4,4 miljoen in 2017 tot € 1,1 miljoen in 2018 en € 0,4 miljoen in 2019. Tegelijkertijd nam het eigen vermogen van de dochter AVI B.V., met name van 2018 ten opzichte van 2017, af met bijna € 11 miljoen (2017: € 34,9 t.o.v. 2018: € 23,9). De oorzaak hiervan lijkt met name te liggen in het ‘afboeken’ van vorderingen van ca. €7,6 miljoen in 2018. In het financiële jaarverslag van Twence 2018 op pag. 59 wordt ook een afname van ‘schulden aan groepsmaatschappijen’ van € 7,2 miljoen benoemd. Houden deze twee onderdelen verband met elkaar c.q. wat is de grondslag voor de vermindering van de
afboeking van de vordering? Was de achterliggende gedachte wellicht het verbeteren van de balanspositie/kapitaalstructuur van andere onderdelen van de holding om mogelijk gunstigere voorwaarden te creëren voor het aantrekken van vreemd vermogen/leningen? En in hoeverre heeft de verslechtering van de kapitaalstructuur de winstgevendheid van AVI B.V. vervolgens beïnvloed? Loopt AVI-Twente met deze verschuiving van vermogen wellicht het risico dat dit wordt gezien als het geven van staatssteun van de publieke entiteit aan de commerciële entiteit? ((Herhaling van de vraag ter algemene vergadering van 22 april 2021 en eerder gesteld in de werkgroep contractverlenging)