20250926 Theo van Rijmanam - reactie Bidboek
Tekst van het document
Geachte raad Graag wil ik, met het oog op uw bespreking op 30 september as. van bovengenoemd bidboek en het bijbehorende raadsvoorstel, enige overwegingen dienaangaand kenbaar maken. 1.Raadsvoorstel (blz. 3). * bij de argumenten "voor" wordt bij 1.1. gesproken over erfgoed, maar in het gehele bidboek komt deze term niet terug, terwijl volgens de opstellers het moet gaan om een "verdiepende uitwerking van de vierde ambitie uit de cultuur- en erfgoed visie, namelijk het verrijken van de openbare ruimte met erfgoed en cultuur. Hoe moet dat gelezen worden? *er wordt gesteld dat het cultuurkwartier een hefboomfunctie voor de binnenstad oplevert. Dit is, gelet op de zeer korte loopafstanden in de binnenstad, te kort door de bocht ten aanzien van het scenario "kralenketting". Daar geldt dit in belangrijke mate ook voor. En overigens als het nieuwe museum er komt in de Grotestraat, wat gelet op de investeringsopgave en de aanzienlijke ophoging van de jaarlijkse exploitatiekosten nog steeds niet geregeld is, past de deze locatie meer bij het scenario "kralenketting" En dat laatste geldt ook (zie 4.1) voor de burgerzaal die buiten het plangebied Stadskade valt. * bij het onderdeel "Vervolg" en in het ontwerp-besluit wordt gesproken over een "middelgroot theater".
Het aantal stoelen wordt niet genoemd, maar blijkbaar, zie het Draaijer rapport (blz.16), moet worden uitgegaan van "minimaal 500". Dit aantal stoelen betekent ten opzichte van het Stadstheater een duidelijke teruggang met zo'n 300 stoelen. Eigenlijk komt Almelo hiermee in een vergelijkbare positie als Lochem en Oldenzaal en wordt "programmering met bredere publieksuitstraling (dus ook grote producties) nauwelijks mogelijk". De geconstateerde mindere positie in de benchmarkanalyse blijft dus bestaan. Juist waar Almelo, gelet op de woon- en werkgelegenheidsdoelstellingen, fors inzet, is hier de ambitie te beperkt en is er sprake van een stevig achteruitgang ten opzichte van de situatie dat het Stadstheater nog open was. Dit vraagt m.i. om aanpassing van het ontwerp-besluit om de verschillende ambities met elkaar in lijn te brengen. 2. Rapport Draaijer, meer specifiek. *op blz. 15 wordt duidelijk gemaakt dat de "Proevende Buitenwijkers" "een centrale voorziening van formaat" missen, wat versterkt is door de sluiting van het Stadstheater. Deze mismatch wordt onvoldoende opgelost door de gekozen dubbele strategie met een centrale multifunctionele culturele voorziening van minimaal 500 stoelen; *zoals hiervoor al betoogd doet het onderscheid tussen de kralenketting en het cultuurkwartier kunstmatig aan, dit gezien de hele beperkte loopafstanden in de binnenstad.
Het verbinden van verschillende locaties kan ook een kans inhouden. Veel beter zou het zijn om te bezien waar de clustering op basis van het afwegingskader echt
het verschil kan maken en waar niet, zie ook punt 5 van de Top 5 aanbevelingen op blz. 39. Dus veel meer een combinatie van beide ontwikkelrichtingen; 3.de finaniële afweging tussen Nieuwbouw, Burgerzaal en Renovatie Stadstheater (blz. 32) roept grote vraagtekens op: enig inzicht in de gemaakte rekensommen ontbreekt, hoe zit met de financiële bijdragen genoemde bedrijven en gelden die voor alle drie genoemde opties en er worden hier ook appels met peren vergeleken. Dit kan zo niet de basis vormen voor een besluit ten gunste van de burgerzaal. Wat verder wordt gemist is een doorkijk in de jaarlijkse exploitatiekosten die per optie verschillend zullen uitpakken en dus ook consequenties hebben voor de burgers van Almelo. Met vriendelijke groeten, Theo van Rijmenam betrokken inwoner van Almelo