20250508 Robert Kroon - Brief raad cultuurvisie
Tekst van het document
Aan: leden raad van de Gemeente Almelo Onderwerp: reactie op concept Cultuur- en Erfgoedvisie Almelo, 8 mei 2025 Geachte leden van de Gemeenteraad,
Tijdens het beeldvormend beraad op 6 mei 2025 met betrekking tot de Cultuur- en Erfgoedvisie is vanuit uw Raad aan hen die bij de totstandkoming van de visie betrokken zijn geweest, de oproep gedaan om uw Raad te laten weten watzij van die visie vinden. Van die uitnodiging maken wij als Erfgoedcommissie graag gebruik. Daarbij wordt wel de aantekening gemaakt dat wij ons beperken tot het onderdeel: Erfgoed. Voor een goed begrip willen wij u eerst meenemen in het proces.
Vanuit de erfgoedorganisaties is al lange tijd gewezen op hetfeit dat de bestaande erfgoedvisie waarvan de looptijd al ruim was verstreken, een update behoeft. Wij waren blij dat eindelijk aan die nieuwe visie gewerkt ging worden en wij daar bovendien ook nauw bij betrokken zouden worden. Wat minder gelukkig waren wij met het feit dat de visie zou worden gecombineerd met de cultuurvisie. De angst bestond namelijk dat dit het proces zou vertragen. Maar wij konden daarentegen de wens om tot één visie te komen ook wel begrijpen. Omdat de oude visie wat ons betreft staat als een huis dat hier en daar wat onderhoud behoeft hebben wij gezegd: ‘Gebruik die visie, maar pas het hier en daar wat aan. Laten we alstublieft geen energie en kosten besteden aan het opnieuw uitvinden van het wiel en het produceren van een wollig document dat in de la beland. Schrijf vooral op wat we wanneer willen bereiken en maak daar afspraken over”. Tijdens de diverse sessies zijn ook door diverse betrokkenen ideeën en ambities geopperd. Die werden afgedaan met de opmerking: ‘Dat is uitvoering. Dat komt later. Nu eerst de visie op hoofdlijnen’. We constateerden dat niet alleen wij, maar ook anderen dat moeilijk konden volgen. Er bestond (en bestaat) behoefte aan een concreet plan, met heldere stappen, zo in de trant van: ‘Wat gaan we wanneer doen”. We zijn nu 15 maanden verder.
Kosten noch moeite zijn gespaard om tot de visie te komen. En wat ligt er nu? Met alle respect wij kunnen het niet anders kwalificeren dan: ‘een wollig verhaal op hoofdlijnen waarje alle kanten mee op kunt, maar waarvan de angst bestaat dat het straks in de la verdwijnt en het blijft zoals het was’. De projectleider noemde het: ‘een visie hoog over. In de inleiding van de Visie staat vermeld dat deze breed gedragen is en gevormd is met mensen die het aangaat. Dat kan de indruk wekken dat het en product is van ons allemaal. Maar dat is niet zo. Er is input geleverd, maar bij de verdere totstandkoming van het stuk hebben wij geen enkele invloed/betrokkenheid gehad. Dat is op zich niet erg, maar het beeld mag niet ontstaan dat dit anders is. Dit neemt niet weg dat het document acceptabel is als het dus ook slechts als een ‘Visie op hoofdlijnen’ wordt aangemerkt en concrete doelen nog worden vastgesteld.
Terecht benoemt het stuk een aantal belangrijke aandachtspunten zoals: het borgen, bewust worden, beschermen, benutten en beleven van cultureel erfgoed en hetfeit dat het door de toenemende taken en complexiteit belangrijker is geworden om kennis en deskundigheid op niveau te hebben. Dat is ook iets waar de Erfgoedcommissie al jaren aandacht voor vraagt. Andere aandachtspunten, zoals de waarborging van de continuïteit bij de vrijwilligers en de wens om te komen tot meer diversiteit, worden niet benoemd. Op zich hoeft dat geen bezwaarte zijn, als die punten dan maar wel in de uitvoeringsnota worden meegenomen. Wel bezwaarlijk en teleurstellend is de vaststelling dat:
-
de ambities hoger zijn dan de financiéle middelen en de Cultuur- en Erfgoedvisie buiten de reguliere budgetten die beschikbaar zijn gesteld geen extra kosten met zich meebrengt.
Hier begrijpen wij niets van.
In paragraaf 2.2. wordt terecht vermeld dat op basis van de vorige visie mooie stappen zijn gezet, maar we er niet in zijn geslaagd alle doelen te realiseren, omdat de capaciteit en financiële middelen beperkt zijn. Dat beteken dat we op achterstand staan. Vervolgens wordt in paragraaf 5.2. gewezen op het feit dat door de nieuwe Omgevingswet en veranderingen in de omgang met het cultureel erfgoed, het erfgoedbeleid van de gemeente moet worden aangescherpt. In de volgende supparagraaf wordt dat dan uitgewerkt met de (terechte) constatering dat door die toenemende taken en complexiteit het nog belangrijker is geworden om de kennis en deskundigheid op niveau te hebben. Dus wetende dat we te weinig financiële middelen hebben om onze doelen te realiseren en meer deskundigheid vereist is om de, nota bene wettelijke, taken uit te voeren, wordt nu al bepaald dat we het moeten doen met de huidige middelen. Als men dan bedenkt dat van die huidige middelen ook nog de kosten voor de uitvoering van de wettelijke taken moeten worden gefinancierd, dan hoeft men geen rekenwonder te zijn om vast te stellen dat er van de in de visie opgenomen voornemen weinig terecht kan komen. Dat maakt de visie een wassen neus en dode letter.
Dit baart ons grote zorgen en de volgende angstbeelden komen zelfs op: -__de visie is louter voor de bühne gemaakt, om daarmee te laten zien dat de Gemeente Almelo gehoor heeft gegeven aan de oproep als gedaan bij het Verdrag van Faro om te komen tot beleidsvorming op het gebied van Erfgoed en de burgers daarbij te betrekken. Het vinkje van -
voldaan kan worden gezet. het bestuur heeft alle vrijheid bij het maken van de uitvoeringsnota. Zij heeft 10 jaar de tijd om eventuele doelen te realiseren en er hoeft geen geld te worden uitgegeven. Sterker, de kosten van de toegenomenwettelijke taken worden gefinancierd uit de bestaande budgetten.
Dat betekent dat al onze inspanningen tevergeefs zijn, er door de gemeente veel kosten zijn gemaakt om tot de voorliggende visie te komen, terwijl die gelden ook gebruikt hadden kunnen worden om de zo gewenste doelstellingen (of tenminste een deel daarvan) te financieren. Het geeft ons het onbehaaglijke gevoel dat wij als betrokken burgers ons voor een karretje hebben laten spannen. Leden van de Raad wij vragen u met klem: ‘Geef ons het comfort dat dit niet het gevalis’. U kunt dat comfort bijvoorbeeld geven door de Visie aan te nemen met de aantekening/opdracht dat: -
-
de opmerkingen over de niet beschikbaarheid van de middelen geschrapt worden; er op korte termijn een uitvoeringsdocument voor de periode van zeg: twee jaar komt waarin heldere doelen en afspraken worden geformuleerd waarbij ook de financiéle gevolgen die dat met zich meebrengt staan omschreven; het bestuur daarbij opdracht geven te zoeken naar financiële middelen, zoals bijvoorbeeld subsidies en waar nodig te onderzoeken of er binnen andere budgetten, zoals bijvoorbeeld de Investeringsagenda Stedelijke Ontwikkeling Almelo 2025, ruimte kan worden gevonden voor het meefinancieren van de gestelde doelen.
Wij snappen goed dat ook een gemeente een euro maar één keer kan uitgeven, maar wij begrijpen niet dat een gemeente ons uitnodigt om doelen te formuleren in de wetenschap dat die doelen niet gerealiseerd kunnen gaan worden en de gemeente daar op voorhand geen geld aan wil uitgeven. Wij danken u voor de mogelijkheid die u ons heeft geboden om ons overhet voorliggende document te uiten en zijn graag bereid het voorgaande toe te lichten. Met vriendelijke groet,
Namens de Erfgoeacemmissie, Robert Kroon, voorzittdr