CConstaterende datAlmelo
Koppel je AI →
Document · PDF

20240209 Beantwoording schriftelijke vragen Stadstheater BB 6 februari 2024

Raad 27 februari 2024, gemeente AlmeloBij agendapunt: Besluit toekomst Stadstheater4.720 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO

Aan Betreft

Gemeenteraad Almelo Beantwoording schriftelijke vragen Stadstheater

Datum

9 februari 2024

Naar aanleiding van het politiek beraad over het Stadstheater op 6 februari 2024 zijn er diverse technische vragen gesteld. De gestelde vragen worden in dit memo behandeld, met dien verstande dat voor een deel van vragen wordt doorverwezen naar het Stadstheater, gelet op de aard van de vragen. Vragen Fractie LAS Klopt het dat er de afgelopen jaren geen enkele verantwoording is aangeleverd door het Stadstheater m.b.t. de doelstellingen binnen de subsidieovereenkomst? Het Stadstheater heeft zich jaarlijks verantwoord middels de jaarrekening en haar programmering. De jaarrekening geeft een inzicht in de financiën. De programmering is antwoord op de gevraagde brede programmering. Er wordt onder andere gekeken naar het aantal voorstellingen, de variatie in het aanbod en het aantal bezoekers. Met deze gegevens kan er een beeld gevormd worden over de doelstellingen. Klopt het dat er in de afgelopen twee decennia op veel plaatsen in Nederland cultuurclusters zijn verrezen: Samenvoeging van gebouwen waarin culturele en/of maatschappelijke functies zijn samengebracht. Wat is hier de reden van? Uit het onderzoeksrapport van Atlas Research blijkt dat er verschillende redenen zijn voor het vormen van culturele multifunctionele organisaties. De redenen die genoemd worden in het rapport zijn divers, o.a.

het versterken van de sociale cohesie, het vergroten van de aantrekkingskracht en het efficiënter inzetten van financiële middelen. 1 Kunt u de kadastrale vastgoed verhoudingen van het hele complex in beeld brengen? Wie is waar eigenaar van en zijn er beperkende rechten gevestigd op dat onroerend goed? Ja, we hebben dit in kaart gebracht. Een overzicht vindt u op de laatste twee pagina’s van dit memo. Is in jaarrekening 2005 of later duidelijk zichtbaar dat er door het Stadstheater een bancaire lening is aangetrokken voor onderhoud aan het pand en/of inventaris? In de jaarrekeningen van het Stadstheater zijn langlopende en kortlopende schulden vermeld, waar ook leningen onder vallen. Er wordt daarbij niet gespecificeerd waar deze schulden/leningen voor zijn.

1

Atlas Research - Culturele multifunctionele organisaties - deel 1 (cultuurconnectie.nl) Pagina 1 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

Is de Gemeente Almelo in het bezit van de huurovereenkomst en kunt u ons ook inzicht geven in deze huurovereenkomst? Nee, wij beschikken niet over de huurovereenkomst. Wie is juridisch verantwoordelijk voor het onderhoud aan een pand en/of alles wat verankerd zit aan een pand en/of alles wat tot de inventaris behoort, waarvan je redelijkerwijs kunt uitgaan/verwachten dat dit behoort tot het gehuurde? Tussen de gemeente en het Stadstheater zijn geen afspraken gemaakt hierover, ook niet ten tijde van de verkoop. In de huurrelatie tussen het Stadstheater en het Theaterhotel, is ons onbekend hoe de verantwoordelijkheid is verdeeld. Bij een dergelijke (ver)huur is de verdeling van onderhoudsverplichtingen afhankelijk van wat partijen daarover hebben afgesproken in hun huurovereenkomst. Hoeveel werknemers in FTE staan er volgens de jaarrekening 2018/2019 op de loonlijst van het Stadstheater en kunt u aangeven wat de bijbehorende loonkosten zijn volgens dezelfde jaarrekening? In de geopenbaarde jaarrekening over de periode 1-10-2018 / 30-9-2019 staan de volgende bedragen als kosten in de categorie ‘lonen en salarissen’: -

1/10/2017 - 30/9/2018 = € 491.286

1/10/2018 - 30/9/2019 = € 477.618 Daarbij staat vermeld: ‘’Het gemiddeld aantal werknemers bedroeg in het boekjaar 1,2.’’ Klopt het dat bij de jaarrekening 2018/2019 van het Stadstheater geen goedkeurende verklaring van een registeraccountant zit? Er is voor het subsidiejaar 2018/2019 geen accountantsverklaring aangetroffen in het dossier. Wat was het verlies van het Theater in datzelfde jaar? In de geopenbaarde jaarrekening over de periode 1-10-2018 / 30-9-2019 staan de volgende bedragen als ‘resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening na belastingen’: -

1/10/2017 - 30/9/2018 = - € 637.577

-

1/10/2018 - 30/9/2019 = - € 448.778

Klopt het dat het vastgoed van het Stadstheater vanaf 2023 privaat eigendom is van Exploitatiemaatschappij Hammink Almelo B.V? Zo nee, van wie dan wel? En maakt het Stadstheater vanaf 2023 nog steeds onderdeel uit van een financiële holding voor de vennootschapsbelasting? En zo ja, met welke bedrijven? Voor informatie over eigendom wordt verwezen naar het overzicht in bijlage 1. Voor informatie over de juridische structuur wordt verwezen naar: -

pagina 13 van het Meerjarenplan 2022-2034 Stadstheater Almelo; pagina 4, 5 en 6 van bijlage 3 bij het raadsvoorstel (Scenario B voorstel Stadstheater)

Pagina 2 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

Klopt het dat het Stadstheater tot 2023 in dezelfde financiële holding zat als het Congrescentrum de Hagen (hotel), Handelsonderneming Hammink, Solera, en diverse andere ondernemingen? Ja (onder dezelfde verwijzingen als bij de vorige vraag). Klopt het dat er in de subsidieovereenkomst van de Gemeente Almelo is vastgelegd dat een werknemer/bestuurder niet meer mag verdienen dan de WNT grens? Wordt dit jaarlijks getoetst bij het Stadstheater? In de uitvoeringsovereenkomst, behorend bij de subsidiebeschikking, is het volgende hierover vastgelegd: -

De instelling verklaart dat in de aanvraag geen kosten met betrekking tot de bezoldiging van bestuurders of functionarissen van de instelling zijn opgenomen die uitgaan boven de norm genoemd in de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector.

Is optie A niet in strijd met de wet Markt & Overheid? (mede-eigenaarschap en investeren met publiek geld = concurrentievervalsing) Deze vraag hangt samen met het advies over Staatssteun (bijlage 7 bij het raadsvoorstel). Of er bij optie A sprake is van bevoordeling van een overheidsbedrijf en/of staatssteun, is sterk afhankelijk van de gedetailleerde uitwerking van optie A en de inrichting van de positie die de gemeente bij optie A verkrijgt. Het V.D Valk Theater De Oranjerie in Roermond is in 2022 volledig gerenoveerd. Wat was het totaalbedrag van deze renovatie en hoe zijn de kosten van dit project verdeeld? In het oorspronkelijke plan van de verbouwing van Theater De Oranjerie bedroeg het kostenplaatje € 7,5 miljoen euro. Vanwege de stijgende grondstofkosten in coronatijd werd dit bedrag verhoogd tot € 9,7 miljoen euro. Dit is als volgt verdeeld: - Gemeente Roermond: € 2.757.500; -

Provincie Limburg € 2.757.500 (dit is aan de gemeente verstrekt en de gemeente heeft het beschikt aan het Theater)2

-

Theater De Oranjerie: € 4.192.4773

Vragen Fractie Almelo Centraal In het raadsvoorstel staat dat het Stadstheater heeft aangegeven dat een eigendomsoverdracht of zeggenschapspositie (zoals noodzakelijk voor scenario A) niet mogelijk is, vanwege de licentievoorwaarden van Van der Valk. Het college schrijft: “Dit hebben wij niet kunnen verifiëren.”

2

Document Roermond - BW voorstel - aanvullende investeringssubsidie KLC aan Oranjerie.docx - iBabs RIS (bestuurlijkeinformatie.nl) 3 Document Roermond - Raadsvoorstel Aanvullende investeringsubsidie Theater Oranjerie - iBabs RIS (bestuurlijkeinformatie.nl) Pagina 3 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

Hoe kan het dat het college dit niet heeft kunnen verifiëren? Zijn de licentievoorwaarden niet met het college gedeeld? Het Stadstheater is verzocht om de licentievoorwaarden te delen. Deze licentievoorwaarden zijn, vanwege de geheimhouding die daar op ligt, niet gedeeld met de gemeente, waardoor de licentievoorwaarden niet geverifieerd konden worden. Het citaat is op te vatten als dat er wordt getwijfeld aan de juistheid van het standpunt van het Stadstheater. Klopt dit? Nee, we hebben daarmee willen aangeven dat we in het kader van de licentievoorwaarden geen (nader) standpunt hebben kunnen innemen en/of daarover een inhoudelijk gesprek met het Stadstheater hebben kunnen voeren. Volgens het raadsvoorstel geldt voor scenario A een looptijd van 15 jaar, voor scenario B een looptijd van minimaal 15 jaar, voor scenario C een looptijd van maximaal 10 jaar. Welke inhoudelijke afweging bepaalt het verschil tussen de 15 en 10 jaar? Het is gebruikelijk om een redelijke (afbouw)termijn toe te passen bij het beëindigen van een subsidierelatie die al zoveel jaren bestaat. Een kortere termijn dan 10 jaar zou redelijk kunnen zijn, bijvoorbeeld 3 tot 5 jaar, maar het is niet reëel te veronderstellen dat een renovatie dan opportuun is.

Er is daarom in scenario C gekozen voor een periode van 10 jaar, waarbij ook van groot belang is dat dit een ruime mogelijkheid biedt voor het Stadstheater om te kijken naar een nieuwe invulling en voor de gemeente om ons te oriënteren op de culturele toekomst van de stad. De periode van 15 jaar is overgenomen vanuit het verzoek van het Stadstheater, dat is gebaseerd op een minimale looptijd van 15 jaar. Wat betekent dit verschil voor de toekomst van het cultuuraanbod in Almelo en/of de snelheid waarmee (eventueel) aan alternatieven wordt gewerkt? Samen met betrokken partners zal een traject doorlopen worden om een nieuwe cultuurvisie voor Almelo op te stellen. Deze ruimte om cultuur breder te bekijken, zal in alle scenario’s met inachtneming van het raadsbesluit worden aangegrepen. De looptijd maakt daarin geen verschil. In het Overzicht kernpunten scenario’s (bijlage 6) staat dat de looptijd van scenario A minimaal 15 jaar is. In het raadsvoorstel ontbreekt het woord ‘minimaal’. Wat is juist? Dit is in zekere zin allebei juist. Het Stadstheater verzoekt om afspraken die minimaal 15 jaar gelden met een mogelijkheid tot verlenging. Dit is voor zowel scenario A als B overgenomen in bijlage 6 bij het raadsvoorstel. Echter, wij hebben gemeend voor het besluit dat nu wordt gevraagd concreet te moeten worden en te richten op de nu te maken afspraken.

Daarom is ten aanzien van de besluitvorming het woord ‘minimaal’ niet toegepast.

Pagina 4 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

In scenario C worden onder a en b de verzoeken van het Stadstheater tot verhoogde subsidies voor 2022 en 2023 afgewezen, terwijl deze verzoeken in scenario’s A en B worden gehonoreerd. Wat zijn de argumenten voor de punten C a. en C b.? Waarom ligt de situatie in scenario C anders, terwijl het om verhogingen gaat met terugwerkende kracht, dus vanwege het verleden? Scenario C omvat een beperkte investering in het Stadstheater die past bij de afbouwperiode van maximaal 10 jaar. In de begroting is met een verhoging van de subsidie over 2022 en 2023 geen rekening gehouden. Een dergelijk besluit zou dus extra drukken op de komende begroting. In lijn met de beperkte investering die we bij scenario C voor ogen hebben, wordt in dat scenario daarom de verhoging van de budgetsubsidie over 2022 en 2023 afgewezen. In scenario A en B ligt dat juist voor toewijzing gereed, omdat die scenario’s zijn gericht op een langjarige en toekomstgerichte financiële verhouding met het Stadstheater zonder afbouw van de theaterfunctie. Onderdeel van behoorlijk bestuur is dat de gemeenteraad zijn beslissingen afweegt tegen de bestaande beleidskaders. In de Actualisatie 2022 van de Stadsvisie Cultuur 2016-2020 wordt het Stadstheater (daar nog: Theaterhotel) genoemd als kernvoorziening die onderdeel uitmaakt van de basisinfrastructuur.

In scenario C is sprake van beëindiging van deze kernvoorziening, en ook scenario’s A en B sturen aan, of lijken aan te sturen op, beëindiging. Of er (reëel) zicht is op een gelijkwaardig alternatief, valt buiten dit raadsvoorstel. De raad moet er dus rekening mee houden dat er (definitief) een gat wordt geslagen in de door de raad zelf essentieel geachte basisinfrastructuur. Door met een van deze scenario’s in te stemmen zou de raad dus ingaan tegen de Stadsvisie Cultuur. Op welke bestaande beleidskaders zou instemming met scenario A, B of C wél te verantwoorden zijn? De Cultuurvisie 2016-2020, geactualiseerd in 2022, biedt onvoldoende houvast om een afweging te maken over de gevraagde investering. De drie scenario’s die uw raad worden voorgelegd gaan allen uit van een investering in het theater, omdat een theaterfunctie van belang is voor de stad en omdat hiermee de lijn van de Cultuurvisie 2016-2020 wordt gevolgd. Samen met betrokken partners zal een traject doorlopen worden om een nieuwe cultuurvisie voor Almelo op te stellen. Deze ruimte om cultuur breder te bekijken, zal in alle scenario’s met inachtneming van het raadsbesluit worden aangegrepen. Het raadsvoorstel spreekt consequent van investeringen in vastgoed. Toch lijkt een groot (het grootste?) deel te gaan om investeringen in roerende goederen, dus goederen die ook weer uit het gebouw te verwijderen zijn.

Klopt dit? Het geheel aan investeringen dat het Stadstheater wenst uit te voeren omvat juridisch technisch gezien zowel roerende als onroerende zaken. De bouwkundige kosten betreffen bijvoorbeeld een investering in het gebouw als de onroerende zaak, terwijl de kosten voor verlichting en installaties als een investering in roerende zaken kan worden gezien. De in scenario C voorgestelde investering is in beginsel niet gebaseerd op deze juridische scheiding, maar omvat de investering die (minimaal) noodzakelijk is om de komende 10 jaren te functioneren als theater. Die investering richt zich op de roerende zaken. Pagina 5 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

Kunt u ter ondersteuning van uw antwoord een investeringsoverzicht geven dat is onderverdeeld in roerende en onroerende goederen? Nee, het investeringsoverzicht is niet als zodanig ingericht. Bureau Q4U heeft een berekening gemaakt van de benodigde investering. Deze berekening vindt u in bijlage 10 bij het raadsvoorstel. Die investering is op basis van die berekening onder te verdelen in grofweg 4 categorieën: 1. Bouwkundige aanpassingen € 4.038.195 2. Inrichtingstechniek (de binnenkant van het theater) € 3.884.601 + € 1.504.290 = € 5.388.891 3. Exploitatieverbetering (toneeltoren, stoelen, vloer) € 6.109.197 + € 1.000.000 = € 7.109.197 (het bedrag van € 1.000.000 is niet vermeld in de kostenraming, maar omschreven in de toelichting op de kostenraming) 4. Bijkomende kosten en risico verhogende kosten € 225.728 + € 1.260.961 = € 1.486.689 De gemeente relateert in scenario C haar bijdrage aan noodzakelijke aanpassingen aan de binnenkant van het theater. Dat is de inrichtingstechniek. We plussen dit op met een bijdrage in de bijkomende en risico verhogende kosten (naar rato*). Dit resulteert in een bijdrage van € 5.904.562, afgerond € 6.000.000. *Naar rato = het percentage dat wij bijdragen in de investering, is ook het percentage dat wij bijdragen in de bijkomende kosten en risico verhogende kosten.

Het Stadstheater geeft in zijn brief van 5 februari aan het college en de gemeenteraad een opsomming van onjuist- en onvolkomenheden in de stukken die dienen ter voorbereiding op de politieke beraden van 6 en 13 februari en de raadsvergadering van 27 februari. Kunt u een schriftelijke reactie geven op alle door het Stadstheater genoemde punten? 1. Bijlage 3 Scenario B voorstel Stadstheater niet toegevoegd aan de agenda op iBabs. Deze bijlage is opgesteld door het Stadstheater. Daarom hebben wij deze bijlage niet uit eigen beweging openbaar beschikbaar gesteld. We hebben dit pas gedaan zodra daarvoor goedkeuring was verkregen van het Stadstheater. 2. Subsidieaanvragen met terugwerkende kracht. Het gevraagde besluit omvat onder andere de hoogte van de budgetsubsidie in de jaren 2022 en 2023. Als we nu besluiten een hoger bedrag toe te kennen, doen we dat met terugwerkende kracht. Terugwerkende kracht wijst dus op het moment van besluitvorming en niet op het moment van aanvragen. 3. Gepresenteerde subsidies voor 2022 en 2023. Er is hier geen sprake van een onjuiste of onterechte presentatie. In het raadsbesluit wordt een verhoogde budgetsubsidie genoemd van totaal € 838.000,- dan wel € 879.000,-. Er wordt dus niet gepretendeerd dat de genoemde bedragen opgeteld moeten worden bij de reeds toegekende subsidies. Dit valt ook af te leiden uit bijlage 2 en 6 bij het raadsvoorstel. 4.

Afstemming over Scenario C Scenario C betreft een gemeentelijk standpunt, dat wel degelijk in de gesprekken met het Stadstheater aan de orde is geweest. De hoogte van het investeringsbedrag in scenario C Pagina 6 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

kon na ontvangst van de rapportage van Q4U (bijlage 10, d.d. 25 januari 2024) worden bepaald en dat was bij het Stadstheater bekend. 5. Afwijzen subsidieverhoging 2022 en 2023. Per abuis was een foutieve versie van het persbericht gepubliceerd bij de stukken. Dit is op 6 februari jl., direct nadat het was opgemerkt, hersteld. Op www.almelo.nl was de juiste versie wel gepubliceerd. 6. Wie betaalt de rente? Tijdens de gesprekken met het Stadstheater, is niet aan de orde geweest dat aanvullend op de budgetsubsidie ten behoeve van de programmering en investeringssubsidie de rentelasten moeten worden gedekt. De investeringssubsidie was juist ter dekking van afschrijvingen/aflossingen en rente. Dat blijkt ook uit: o bijlage 3 bij het raadsvoorstel, pagina 12, waar de investeringssubsidie een rentecomponent en afschrijvingscomponent omvat (€1.1 miljoen prijspeil 2022); o de storyline die het Stadstheater uw raad toezond d.d. 25 januari 2024, pagina 6, waar wordt gewezen op een bedrag van € 1.1 miljoen ter dekking van rente en aflossing (prijspeil 2022). Oftewel: de rente was inbegrepen bij de investeringssubsidie.

Het nieuwe standpunt van het Stadstheater, zou een extra gemeentelijke bijdrage ter hoogte van circa € 1.6 miljoen (hoofdsom € 6 miljoen, afschrijvingstermijn 10 jaar) dan wel € 7.2 miljoen (hoofdsom 18 miljoen, afschrijvingstermijn 15 jaar) betekenen (uitgaande van 5% rente, geen indexering van toepassing). Visueel ziet dit er als volgt uit (zie ook bijlage 2):

Pagina 7 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

Hierbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: Er is uitgegaan van 5% rente (welk rentepercentage exact moet worden gehanteerd, zal moeten blijken uit de verdere uitwerking van het gekozen scenario). - Er is uitgegaan van een indicatief indexatie percentage van 3%. 7. Historisch overzicht: onjuist bedrag. Dit klopt, dit is helaas fout weergegeven in het overzicht. Het gaat om een bedrag over 5 jaren. Dit was ook terug te vinden in de bijgevoegde overeenkomst. -

Fractie CDA

In bijlage 11. Het BMC rapport, pagina 11, staat het volgende geschreven over de subsidieverstrekking: De subsidie wordt verstrekt op basis van een subsidieaanvraag en offerte. Verantwoording vindt plaats op basis van een jaarrekening. Een inhoudelijke verantwoording waarin wordt gekeken in hoeverre de gestelde doelstellingen en te bereiken effecten zijn behaald, ontbreekt. Het is BMC niet duidelijk waarom dit door de gemeente niet wordt gevraagd (vergelijk verantwoording Stichting Openbare Bibliotheek Almelo en Theater Hof 88). Wel vindt er jaarlijks met de gemeente een evaluatiegesprek plaats over de realisatie van de doelstellingen. Zie de vraagstelling van BMC. Waarom is geen inhoudelijke verantwoording gevraagd, terwijl dit wel wordt gedaan bij o.a. de bibliotheek en Hof 88? De krappe ambtelijke capaciteit voor cultuur heeft ertoe geleid dat er vooraf geen overleg plaatsvond over de brede programmering. Achteraf is vastgesteld dat aan de vraag van brede programmering steeds is voldaan. Waarin onder andere is gekeken naar het aantal voorstellingen, de variatie in het aanbod en het aantal bezoekers. Met deze gegevens kan er ook een beeld gevormd worden over de doelstellingen. Financieel is binnen de kaders van de gemeentelijke begroting gewerkt.

Pagina 8 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

In Scenario A heeft het college over het 51% eigenaarschap van de gemeente. Wordt hier vastgoed of vennootschap of iets anders mee bedoeld? Hier wordt gedoeld op het vastgoed. Bijlage 7. In het Rapport Infense Advocaten op pagina 24 staat het volgende: Voor wat betreft

aanvullend uitgangspunt v in scenario A geldt het volgende. In scenario A wordt voorgesteld dat de Gemeente voor minimaal 51% eigenaar wordt van het Stadstheater. De mogelijke samenloop van een mogelijke niet-marktconforme aankoop van het Stadstheater, tezamen met de investeringssubsidie heeft mogelijk tot gevolg dat de steunintensiteit wordt overschreden. Er bestaat bij deze constructie een reële kans dat deze als staatssteun wordt gezien. Zijn ook andere mogelijke constructies onderzocht om het belang van de gemeente in het private eigendom van het Stadstheater te garanderen? Ja, er is ook gesproken over terugkoop van het Stadstheater door de gemeente en het oprichten van een overkoepelende stichting. Eveneens is er, los van een eigendomspositie, gesproken over het vormgeven van een toezichthoudende en controlerende functie voor de gemeente door afspraken in een (dienstverlenings)overeenkomst.

Kunt u aangegeven waarom de aanvraag voor een hogere programmasubsidie voor het kalenderjaar 2022 en 2023 niet is gehonoreerd?

De verhoging van de programmasubsidie over 2022 en 2023 hebben wij als onderdeel beschouwd van het totale voorstel over de benodigde investering, omdat dit het budgetrecht van uw raad betreft. Deze hogere budgetsubsidie is namelijk niet opgenomen in de begroting. Achteraf wetende dat dit voorstel pas begin 2024 ter besluitvorming aan uw raad wordt voorgelegd, wordt gerealiseerd dat wij dit verzoek van het Stadstheater eerder hadden kunnen behandelen. Wat betreft de commerciële invulling van het Stadstheater. In hoeverre staat het vast dat de commerciële invulling van het theater niet meer is dan 20% per kalanderjaar. Het Stadstheater heeft tijdens de gesprekken altijd benadrukt dat het commerciële gebruik van de theaterzaal onder de 20% ligt. Dit is nog niet als zodanig feitelijk vastgesteld. Dat zal onderdeel uitmaken van de uitwerking van het gekozen scenario, mede in relatie tot staatssteun. Het Stadstheater heeft immers bijvoorbeeld ook aangegeven in haar Meerjarenplan (pagina 17) dat wanneer er een vlakke vloer wordt gerealiseerd (wat mogelijk is bij scenario A en B), de theaterzaal (beter) bruikbaar wordt als commerciële ruimte voor het Theaterhotel. Dat zal invloed hebben op het percentage commercieel gebruik.

Pagina 9 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

Vragen doorverwijzing Stadstheater Niet alle door u gestelde vragen kunnen door ons beantwoord worden. In sommige gevallen is de gemeente daarvoor niet de aangewezen partij, mede omdat er gevraagd wordt naar bedrijfsgevoelige informatie. Het Stadstheater heeft tijdens het politiek beraad van 6 februari 2024 uw raad uitgenodigd om aanvullende vragen aan haar te stellen, indien daar behoefte aan is. U wordt verzocht de onderstaande vragen aan het Stadstheater te richten. Fractie LAS •

Klopt het dat er de afgelopen jaren een enorme doorbelasting van kosten zichtbaar is in de jaarrekeningen vanuit Congrescentrum de Hagen richting het Stadstheater?

•

Klopt het dat de inkoopkosten van de omzet nagenoeg gelijk ligt aan de behaalde omzet? Kunt u dit verklaren?

•

Klopt het dat anders dan bij theaters die niet in private handen zijn, de (netto) inkomsten uit de verhuur van de theaterzaal – bijvoorbeeld voor congressen en/of zakelijke evenementen – en horeca-inkomsten anders dan het pauzedrankje (nazit), niet toegerekend worden aan de theaterexploitatie van het Stadstheater. Beïnvloedt dit het exploitatieresultaat van de van het Stadstheater in negatieve zin?

•

Het Stadstheater geeft ca. 80 voorstellingen per jaar en huurt hiervoor de Theaterzaal van het Theaterhotel ( Congrescentrum de Hagen) Wat bedraagt de huur per jaar vanaf 2017 tot heden die het Stadstheater betaald aan Congrescentrum de Hagen voor het gebruik van het theatergebouw?

•

Wie is de registeraccountant van het Stadstheater?

•

Het Stadstheater geeft aan dat zij een losse fiscale juridische eenheid zijn en los staan van de overige ondernemingen. Klopt dit wel aangezien het Stadstheater gezamenlijk met andere bedrijven binnen dezelfde holding, verantwoordelijk zijn voor de af te dragen vennootschapsbelasting?

•

Klopt het dat de overige bedrijven binnen de holding, fiscale voordelen genieten door de verlieslatendheid van het Stadstheater binnen dezelfde holding?

•

Wat wordt er bedoeld met ‘’door de relatie met Congrescentrum De Hagen BV bestaat er de mogelijkheid om via agiostorting toe te werken naar een geschoonde balans voor Stadstheater Almelo BV ’’?

Fractie CDA •

Huur theaterzaal. Zie BMC-rapport, pagina 20: Anders dan bij theaters die niet in private

handen zijn, worden de (netto) inkomsten uit de verhuur van de theaterzaal bijvoorbeeld voor congressen en/of zakelijke evenementen - en horeca-inkomsten anders dan het pauzedrankje (nazit), niet toegerekend aan de theaterexploitatie. Dit beïnvloedt het exploitatieresultaat van de theaterfunctie in negatieve zin. En daarmee heeft het Stadstheater Almelo bv ook een afwijkend businessmodel ten opzichte van de 'publieke schouwburgen'. In hoeverre kunnen wij nu spreken over een inzichtelijk •

exploitatieresultaat als niet alle opbrengsten worden meegenomen? Wat is de huur van de theaterzaal per kalenderjaar vanaf 2017?

Pagina 10 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

Bijlage 1 Eigendomsverhoudingen Stadstheater (kadastraal) Adres

Betreft

Eigenaar tot 15-12-2023

Eigenaar vanaf 15-12-2023 op basis van fusie

Beperkte rechten

Schouwburgplein

Stadstheater/Theaterhotel

Exploitatiemaatschappij

HaHo Holding B.V.

Kwalitatieve verplichting

ongenummerd

(buitenruimte aan de voorzijde

Hammink Almelo B.V.

nutsvoorzieningen/-openbare

met inrit parkeergarage,

verlichting gemeente

(Stad Almelo B 12345)

fietsenstalling, etc.)

Schouwburgplein 1 Grotestraat 100

Stadstheater/Theaterhotel (theater met restaurant en hotel,

Grotestraat 100A

inclusief terras richting

Erfdienstbaarheid van weg richting

Grotestraat)

Grotestraat en voor laden/lossen

Exploitatiemaatschappij Hammink Almelo B.V.

HaHo Holding B.V.

(Stad Almelo B 11509)

Opstalrecht Coteq Aantekening monumentale status

richting Hagenborgh

Schouwburgplein 3 Schouwburgplein 5

Stadstheater/Theaterhotel (zalen en hotelgedeelte

Schouwburgplein 7

linkerzijde)

Exploitatiemaatschappij Hammink Almelo B.V.

HaHo Holding B.V.

Exploitatiemaatschappij

HaHo Holding B.V.

Schouwburgplein 9 (Stad Almelo B 10726 + Ambt Almelo F 3576) Grotestraat 102 Grotestraat 102A (Stad Almelo B 8901)

Pagina 11 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

Tapasrestaurant Solera

Hammink Almelo B.V.

Aantekening monumentale status

Hypotheken Hieronder is het hypotheekrecht weergegeven dat gevestigd is op de eigendommen (gevestigd op 21 december 2023) Bedrag

Bank

Kredietnemer

Onderpand

Hoofdsom

ING Bank

HaHo Holding B.V.

Grotestraat 102 en 102a

€ 25.000.000,-

-

als vertegenwoordiger van EsTHAr Holding B.V. en Hihaholding B.V.

B-8901

Rente, boeten, kosten, premies

Congrescentrum De Hagen Groothandel Hammink B.V.

Schouwburgplein 3, 5, 7 en 9 B-10726

€ 10.000.000,-

Restaurant Dock 19 B.V. Tapasrestaurant Solera B.V.

Bedrijfspand Fortstraat Hofstraat

Totaal € 35.000.000,-

F-3576 Grotestraat 100, 100a en Schouwburgplein 1 B-11509 Schouwburgplein parkeerterrein B-12345

Pagina 12 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

Bijlage 2 Uitwerking behorende bij de grafieken op pagina 7 van de memo “beantwoording schriftelijke vragen Stadstheater” Scenario A en B Lineaire hypotheek € hoofdsom rente afschrijving (jaren) Indicatief percentage indexatie

jaar

restant hoofdsom rente aflossing 1 € 18.023.000 € 901.150 € 1.201.533 € 2 € 16.821.467 € 841.073 € 1.201.533 € 3 € 15.619.933 € 780.997 € 1.201.533 € 4 € 14.418.400 € 720.920 € 1.201.533 € 5 € 13.216.867 € 660.843 € 1.201.533 € 6 € 12.015.333 € 600.767 € 1.201.533 € 7 € 10.813.800 € 540.690 € 1.201.533 € 8 € 9.612.267 € 480.613 € 1.201.533 € 9 € 8.410.733 € 420.537 € 1.201.533 € 10 € 7.209.200 € 360.460 € 1.201.533 € 11 € 6.007.667 € 300.383 € 1.201.533 € 12 € 4.806.133 € 240.307 € 1.201.533 € 13 € 3.604.600 € 180.230 € 1.201.533 € 14 € 2.403.067 € 120.153 € 1.201.533 € 15 € 1.201.533 € 60.077 € 1.201.533 € € 7.209.200 € 18.023.000 €

jaar

restant hoofdsomrente aflossing totaal investeringssubsidie + rente Programmasubsidie met indexatie Totaal per jaar € 6.000.000 € 300.000 € 1 600.000 € 900.000 € 1.050.000,00 € 1.950.000 € 5.400.000 € 270.000 € 2 600.000 € 870.000 € 1.081.500,00 € 1.951.500 3 € 4.800.000 € 240.000 € 600.000 € 840.000 € 1.113.945,00 € 1.953.945 4 € 4.200.000 € 210.000 € 600.000 € 810.000 € 1.147.363,35 € 1.957.363 5 € 3.600.000 € 180.000 € 600.000 € 780.000 € 1.181.784,25 € 1.961.784 6 € 3.000.000 € 150.000 € 600.000 € 750.000 € 1.217.237,78 € 1.967.238 7 € 2.400.000 € 120.000 € 600.000 € 720.000 € 1.253.754,91 € 1.973.755 8 € 1.800.000 € 90.000 € 600.000 € 690.000 € 1.291.367,56 € 1.981.368 9 € 1.200.000 € 60.000 € 600.000 € 660.000 € 1.330.108,59 € 1.990.109 10 € 600.000 € 30.000 € 600.000 € 630.000 € 1.370.011,84 € 2.000.012 € 1.650.000 € 6.000.000 € 7.650.000 € 12.037.073,28 € 19.687.073

18.023.000 5% 15 3%

totaal investeringssubsidie + rente Programmasubsidie met indexatie Totaal per jaar 2.102.683 € 1.050.000,00 € 3.152.683 2.042.607 € 1.081.500,00 € 3.124.107 1.982.530 € 1.113.945,00 € 3.096.475 1.922.453 € 1.147.363,35 € 3.069.817 1.862.377 € 1.181.784,25 € 3.044.161 1.802.300 € 1.217.237,78 € 3.019.538 1.742.223 € 1.253.754,91 € 2.995.978 1.682.147 € 1.291.367,56 € 2.973.514 1.622.070 € 1.330.108,59 € 2.952.179 1.561.993 € 1.370.011,84 € 2.932.005 1.501.917 € 1.411.112,20 € 2.913.029 1.441.840 € 1.453.445,56 € 2.895.286 1.381.763 € 1.497.048,93 € 2.878.812 1.321.687 € 1.541.960,40 € 2.863.647 1.261.610 € 1.588.219,21 € 2.849.829 25.232.200 € 19.528.859,58 € 44.761.060

Scenario C Lineaire hypotheek hoofdsom rente afschrijving (jaren) Indicatief percentage indexatie

Pagina 13 van 13 INT - 2490780 DCS - 2382094

€ 6.000.000 5% 10 3%

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Almelo&id=c738d7e1-9290-4ab9-8506-d5f85f7d5b02