12 Wijziging verordening leerlingenvervoer - Raadsbesluit (getekend).pdf
Tekst van het document
_w~___ C7~1`~1 ié~l'1~~
~i
Irte
- --
+ Raadsvergadering: 25 mei 2021 Registratienummer: R 2106606
Raadsbesluit Onderwerp: Wijziging verordening leerlingenvervoer
Samenvatting raadsvoorstel De gemeente ondersteunt ouders bij het vervoer van kinderen naar school. De laatste jaren doen ouders een nadrukkelijker beroep op bekostiging van dat vervoer. Gelet op die ontwikkeling en gegeven de opdracht om binnen de vastgestelde budgetten te blijven, wordt voorgesteld om de Verordening leerlingenvervoer op enkele punten aan te passen. Belangrijkste voorstel is om de minimale reisafstand voor alle vormen van onderwijs te uniformeren op zes kilometer. Daarnaast wordt de leeftijdsgrens waarop leerlingen geacht worden zelfstandig te kunnen reizen verlaagd van tien naar negen jaar. Tevens wordt de wijziging van de verordening benut om enkele redactionele aanpassingen te realiseren.
De Raad van de Gemeente Almelo: Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders, Besluit: De Verordening houdende wijziging van de verordening leerlingenvervoer gemeente Almelo 2016 vastte stellen (INT-76304), waarin de volgende wijzigingen zijn opgenomen: - De minimale reisafstand voor bekostiging van het leerlingenvervoer teuniformeren op zes kilometer; -
Het motiveren van de schoolkeuze te vervangen door een verplichting om de schoolkeuze te melden; Nader toe te lichten wat onder Reisregeling binnenland wordt verstaan.
Gedaan in de openbare vergadering van 25 mei 2021, de griffier,
i
drs. C.M. Steenbergen
Pagina 1 van 8 Raad- 2106606
de bu geme~s~er;
~-_~`~` `, l A.J. Gerritsen
Raadsvergadering: 25 mei 2021 Registratienummer: R 2106606
Naam: H. van Deutekom Datum: 31 maart 2021 Team/teamonderdeel: US Kwaliteit en Innovatie/Advies Telefoonnummer: 06-55429647
Voorstel aan de raad Onderwerp Portefeuillehouder
Wijziging verordening leerlingenvervoer A.L. Langlus
Samenvatting raadsvoorstel De gemeente ondersteunt ouders bij het vervoer van kinderen naar school. De laatste jaren doen ouders een nadrukkelijker beroep op bekostiging van dat vervoer. Gelet op die ontwikkeling en gegeven de opdracht om binnen de vastgestelde budgetten te blijven, wordt voorgesteld om de Verordening leerlingenvervoer op enkele punten aan te passen. Belangrijkste voorstel is om de minimale reisafstand voor alle vormen van onderwijs te uniformeren op zes kilometer. Daarnaast wordt de leeftijdsgrens waarop leerlingen geacht worden zelfstandig te kunnen reizen verlaagd van tien naar negen jaar. Tevens wordt de wijziging van de verordening benut om enkele redactionele aanpassingen te realiseren.
Voorgesteld raadsbesluit 1. De Verordening houdende wijziging van de verordening leerlingenvervaer gemeente Almelo 2016 vast te stellen (INT-76304), waarin de volgende wijzigingen zijn opgenomen: - De minimale reisafstand voor bekostiging van het leerlingenvervoer teuniformeren op zes kilometer; - De leeftijd waarop de leerling zelfstandig kan reizen te verlagen naar negen jaar; - Het motiveren van de schoolkeuze te vervangen door een verplichting om de schoolkeuze te melden; - Nader toe te lichten wat onder Reisregeling binnenland wordt verstaan.
Inleiding De gemeente Almelo is verantwoordelijk voor bekostiging van het leerlingenvervoer naar het basisen voortgezet onderwijs. De specifieke voorwaarden zijn vastgelegd inde verordening leerlingenvervoer. Het beroep van ouders op ondersteuning door de gemeente neemt jaarlijks toe. Daardoor vertonen de kosten voorde gemeente al jaren een stijgende lijn. Daar staat een groeiend tekort op het sociaal domein, in het bijzonder het beleidsveld jeugd, tegenover. Om uitgaven en inkomsten binnen het sociaal domein meer in balans te brengen en aan de gemeentelijke taakstelling te kunnen voldoen, is in 2020 het Maatregelenplan 3 vastgesteld. Daarin is onder meer een aantal maatregelen opgenomen om de uitgaven voor het leerlingenvervoer te beperken. De belangrijkste maatregel heeft betrekking op het uniformeren van de minimale reisafstand voor alle vormen van onderwijs op zes kilometer. Is de school dichterbij, dan komen ouders in principe niet voor bekostiging in aanmerking. Op dit moment geldt voor het reguliere basisonderwijs reeds die zes kilometer-grens, maar voor andere vormen van onderwijs is dit nog vier kilometer. Ouders met een laag inkomen worden overigens niet geraakt door uniformering van de afstandsgrens. Dat geldt ook voor ouders van leerlingen die vanwege een structurele handicap niet zelfstandig kunnen reizen. Voor deze inwoners geldt geen afstandsgrens.
Daarnaast wordt voorgesteld om de leeftijd waarop een kind geacht wordt zelfstandig te kunnen reizen, terug te brengen van tien naar negen jaar, conform de modelverordening van de VNG. De maatregelen moeten ruim voor het zomerreces door de gemeenteraad worden geformaliseerd, zodat ze met ingang van het nieuwe schooljaar 2021-2022 effectief kunnen zijn. Pagina 2 van 8 Raad - 2106606
De Adviesraad Sociaal Domein en de samenwerkingsverbanden van basis- en voortgezet onderwijs in Almelo zijn geïnformeerd over de wijzigingsvoorstellen en hebben hierop kunnen reageren. Zowel de Adviesraad sociaal domein als de samenwerkingsverbanden hebben niet gereageerd op de voorgestelde wijzigingen. Deze maatregelen staan niet op zichzelf. Ook in de uitvoeringspraktijk zijn maatregelen genomen die een dempend effect op de uitgaven hebben. Zo wordt sinds enige tijd nadrukkelijker onderzocht wat de goedkoopste geschikte wijze van vervoer is, en wordt met ouders gesproken over mogelijkheden om leerlingen zelf te vervoeren of met andere ouders daarover afspraken te maken. Dat brengt soms met zich mee dat een goedkopere wijze van vervoer dan aangepast vervoer kan worden bekostigd. In dat kader wordt uitgebreid onderzocht hoe de zelfredzaamheid en zelfstandigheid van het kind bij het vervoer naar school kan worden bevorderd. Een overzicht van de wijzigingen wordt hieronder weergegeven. Bestaande tekst
~ Nieuwe tekst
Artikel 1 Begripsomschrijving In deze Verordening wordt verstaan onder: a) aangepast vervoer.• vervoer per besloten (school)busvervoer, taxi, taxibus, treintaxi of bustaxi; b) afstand.• afstand tussen de woning en de school, gemeten langs de kortste voorde leerling voldoende begaanbare en veilige weg; c) bege%íder.• ouder of persoon die door de ouders wordt ingezet om de leerling tijdens het vervoer te begeleiden; d) commissie van onderzoek.• commissie als bedoeld in artikel 41, tweede lid, van de Wet op de expertisecentra; e) commissie voorde bege%iding: commissie als bedoeld in artikel 40b van de Wet op de expertisecentra; f) eigen vervoer.•vervoer per eigen motorvoertuig, bromfiets of fiets; g) inkomen. inkomensgegeven als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder e, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, in het peiljaar, bedoeld in artikel 4, zevende lid, van de Wet op het primair onderwijs; h) /eer/ing: leerling van een school als bedoeld in dit artikel; i) ondersteuningsplan: 1°. voor het primair onderwijs: ondersteuningsplan als bedoeld in artikel 18a, zevende tot en met tiende lid, van de Wet op het primair onderwijs; of 2°.
voor het voortgezet onderwijs: ondersteuningsplan als bedoeld in artikel 17a, zevende tot en met tiende lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs; j) opdc: orthopedagogisch en -didactisch centrum als bedoeld in artikel 17a, lid 10a, van de Wet op het voortgezet onderwijs; k) openbaar vervoer.• voor een ieder openstaand personenvervoer per bus, trein, metro, tram, veerdienst of auto;
Artikel 1 Begripsomschrijving In deze Verordening wordt verstaan onder: a) aangepast vervoer.• vervoer per besloten (school busvervoer, taxi, taxibus, treintaxi of bustaxi; b) afstand.• afstand tussen de woning en de school, gemeten langs de kortste voorde leerling voldoende begaanbare en veilige weg; c) bege%ider.• ouder of persoon die door de ouders wordt ingezet om de leerling tijdens het vervoer te begeleiden; d) commissie van onderzoek.• commissie als bedoeld in artikel 41, tweede lid, van de Wet op de expertisecentra; e) commissie voorde bege%iding: commissie als bedoeld in artikel 40b van de Wet op de expertisecentra; f) eigen vervoer,•vervoer per eigen motorvoertuig, bromfiets of fiets; g) inkomen: inkomensgegeven als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder e, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, in het peiljaar, bedoeld in artikel 4, zevende lid, van de Wet op het primair onderwijs; h) /eer/ing: leerling van een school als bedoeld in dit artikel; i) ondersteuningsplan. 1°. voor het primair onderwijs: ondersteuningsplan als bedoeld in artikel 18a, zevende tot en met tiende lid, van de Wet op het primair onderwijs; of 2°.
voor het voortgezet onderwijs: ondersteuningsplan als bedoeld in artikel 17a, zevende toten met tiende lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs; j) opdc: orthopedagogisch en -didactisch centrum als bedoeld in artikel 17a, lid 10a, van de Wet op het voortgezet onderwijs; k) openbaar vervoer.•voor een ieder openstaand personenvervoer per bus, trein, metro, tram, veerdienst of auto;
Pagina 3 van 8 Raad- 2106606
opstapp/aats: plaats aangewezen door het Klantcontactcentrum (KCC), vanaf waarde leerling gebruik kan maken van het vervoer; m) ouders. ouders, voogden of verzorgers van de leerling; n) regiona/e verwijzingscommissie: commissie als bedoeld in artikel 10g van de Wet op het voortgezet onderwijs; o) reistijd.•totale tljdsduurdie ligt tussen het verlaten van de woning en de aanvang van de schooldag volgens de schoolgids, minus maximaal 10 minuten, indien en voor zover de leerling het schoolgebouw met bijbehorend terrein gewoonlijk eerder bereikt dan de schoolgids aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die ligt tussen het einde van de schooldag volgens de schoolgids en de aankomst bij de woning, plus een eventuele wachttijd voor het openbaar vervoer of maximaal 10 minuten bij gebruikmaking van aangepast vervoer; p) samenwerkingsverband.• 1°. voor het primair onderwijs: samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a, tweede en vijftiende lid, van de Wet op het primair onderwijs; of 2°. voor het voortgezet onderwijs: samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 17a, tweede en zestiende lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs; q) schon% 1°. basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld inde Wet op het primair onderwijs; 2°.
school voor speciaal onderwijs of speciaal en voortgezet speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra; of 3°. school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs; r) stage: praktische leertijd bij de beroepsopleiding; s) toegankelijke schon%school waarop de leerling is aangewezen van de verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke richting dan wel de openbare school; t) vervoer.• openbaar vervoer, aangepast vervoer of eigen vervoer tussen de woning dan wel de opstapplaats en de school dat plaatsvindt in aansluiting op het begin en einde van de schooldag volgens de schoolgids, tenzij de structurele handicap van een leerplichtige leerling die aansluiting onmogelijk maakt; u) vervoersvoorziening: 1°. bekostiging van de goedkoopst mogelijke wijze van openbaar vervoer voorde leerling en
I)
Pagina 4 van 8 Raad - 2106606
opstapplaats: plaats aangewezen door het Klantcontactcentrum (KCC), vanaf waarde leerling gebruik kan maken van het vervoer; mj ouders: ouders, voogden of verzorgers van de leerling; n) regiona/e verwijzingscommissie; commissie als bedoeld in artikel 10g van de Wet op het voortgezet onderwijs; o) reistijd.•totale tljdsduurdie ligt tussen het verlaten van de woning en de aanvang van de schooldag volgens de schoolgids, minus maximaal 10 minuten, indien en voor zover de leerling het schoolgebouw met bijbehorend terrein gewoonlijk eerder bereikt dan de schoolgids aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die ligt tussen het einde van de schooldag volgens de schoolgids en de aankomst bij de woning, plus een eventuele wachttijd voor het openbaar vervoer of maximaal 10 minuten bij gebruikmaking van aangepast vervoer; p) samenwerkingsverband, 1°. voor het primair onderwijs: samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a, tweede en vijftiende lid, van de Wet op het primair onderwijs; of 2°. voor het voortgezet onderwijs: samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 17a, tweede en zestiende lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs; q) schon% 1°. basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs; 2°.
school voor speciaal onderwijs of speciaal en voortgezet speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra; of 3°. school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs; r) stage: praktische leertijd bij de beroepsopleiding; s) toegankelijke schon%school waarop de leerling is aangewezen van de verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke richting dan wel de openbare school; t) vervoer.' openbaar vervoer, aangepast vervoer of eigen vervoer tussen de woning dan wel de opstapplaats en de school dat plaatsvindt in aansluiting op het begin en einde van de schooldag volgens de schoolgids, tenzij de structurele handicap van een leerplichtige leerling die aansluiting onmogelijk maakt; u) vervoersvoorziening: 1°. bekostiging van de goedkoopst mogelijke wijze van openbaar vervoer voorde leerling en
I)
zo nodig diens begeleider; 2°. aanbieding van aangepast vervoer dat de gemeente verzorgt of doet verzorgen; of 3°. gehele of gedeeltelijke bekostiging van de door het college noodzakelijk geachte vervoerkosten van de leerling en zo nodig diens begeleider; v) woning: plaats waarde leerling structureel en feitelijk verblijft.
zo nodig diens begeleider; 2°. aanbieding van aangepast vervoer dat de gemeente verzorgt of doet verzorgen; of 3°. gehele of gedeeltelijke bekostiging van de door het college noodzakelijk geachte vervoerkosten van de leerling en zo nodig diens begeleider; v) woning: plaats waarde leerling structureel en feitelijk verblijft. w) Reisrege/ing áinnen/and.• de Reisregeling binnenland, zoals deze onmiddellijk voorafgaand aan de intrekking op 1 januari 2020 luidde.
Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 3 lid 2 De door het college noodzakelijk te achten vervoersvoorziening 2. Indien ouders een vervoersvoorziening aanvragen voor het bezoeken van een school, die op grotere afstand van de woning is gelegen dan een andere school van dezelfde onderwijssoort, ontstaat slechts aanspraak op een vervoersvoorziening naar eerstgenoemde school als door de ouders schriftelijk wordt verklaard dat zij overwegende bezwaren hebben tegen het openbaar onderwijs dan wel tegen de richting van het onderwijs van alle bijzondere scholen, van de soort waarop de leerling is aangewezen, die dichterbij de woning zijn gelegen.
Artikel 3 lid 2 De door het college noodzakelijk te achten vervoersvoorziening 2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, ontstaat niet eerder een aanspraak op een vervoersvoorziening dan dat de ouders of de meerderjarige en handelingsbekwame leerling de keuze voorde toegankelijke school schriftelijk hebben gemeld.
Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 10 lid 1 Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per fiets 1. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school voor basisonderwijs bezoekt bekostiging op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school meer dan zes km bedraagt.
Artikel 10 lid 1 Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per fiets 1. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, bekostiging op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school meer dan zes km bedraagt.
Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 10 lid 2 Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per fiets 2. Het college kent aan de ouders van de leerling die een speciale school voor basisonderwijs bezoekt een bekostiging toe op basis van de kosten van openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school meer dan vier kilometer bedraagt.
Artikel 10 lid 2 Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per fiets 2. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school voor speciaal onderwijs bezoekt, bekostiging op basis van de kosten van openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke school meer dan zes kilometer bedraagt.
Pagina 5 van 8 Raad - 2106606
Bestaande tekst
Níeuwe tekst
Artikel 11 lid 1 Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer of vervoer per fiets ten behoeve van een begeleider 1. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school zoals bedoeld onder artikel 9 bezoekt bekostiging op basis van de kosten van het openbaar vervoer of vervoer per fiets van de leerling en een begeleider indien: a. aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 10 en de leerling jonger dan tien jaar is, en door de ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt aangetoond dat de leerling niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruikte maken, of b. de leerling door een structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische handicap niet zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruik kan maken.
Artikel 11 lid 1 Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer of vervoer per fiets ten behoeve van een begeleider 1. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school zoals bedoeld onder artikel 9 bezoekt bekostiging op basis van de kosten van het openbaar vervoer of vervoer per fiets van de leerling en een begeleider indien: a. aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 10 en de leerling jonger dan t~e~er~ tien jaar is, en door de ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt aangetoond dat de leerling niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruikte maken, of b. de leerling door een structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische handicap niet zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruik kan maken.
Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 17 lid 1 Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer met begeleic9ing en vervoer per fiets 1. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, bekostiging op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school meer dan vier kilometer bedraagt,
Artikel 17 lid 1 Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer of vervoer per fiets ten behoeve van sere begeleider 1. Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, bekostiging op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school meer dan zes kilometer bedraagt.
Beoogd effect De wijziging van de verordening leerlingenvervoer levert een jaarlijkse besparing op de uitgaven voor leerlingenvervoer op. Deze wijziging leidt er ook toe dat voor alle vormen van onderwijs eenzelfde afstandsgrens gaat gelden. De criteria voor bekostiging worden voor het regulieren speciaal basisen voortgezet onderwijs geuniformeerd. Dat draagt bij aan normalisering van de positie van leerlingen in het speciaal onderwijs. De uniformering betekent ten slotte ook een vereenvoudiging van de uitvoeringspraktijk.
Argumenten voor 7.7 Uniformering van de minimale reisafstandpast bij normalisering van de positie van leerlingen in het speciaal onderwijs Uniformering leidt ertoe, dat voor alle vormen van basis- of voortgezet onderwijs dezelfde kilometergrens gaat gelden, en sluit aan bij normalisering van de positie van leerlingen in het speciaal onderwijs.
Pagina 6 van 8 Raad - 2106606
7.2 Uniformering van de minima/e reisafstand geeft eenduidigheid en he/derheid Uniformering betekent een vereenvoudiging van de regeling. Het geeft eenduidigheid en helderheid voor ouders en vergemakkelijkt de uitvoeringspraktijk. Er geldt immers nog slechts één afstandsgrens. 7.3 Uniformering van de minimale reisafstand activeert zelfredzaamheid van ouders en de ze/fstandigheid van leerlingen Uniformering leidt tot een verhoging van de afstandsgrens voor leerlingen in het speciaal (voortgezet) onderwijs en het speciaal basisonderwijs. Ouders worden geactiveerd om geschikte, maar minder kostbare vervoersoplossingen te vinden, in samenspraak met de gemeente. Dat pastin een bredere beweging binnen het sociaal domein om eerst eigen kracht en probleemoplossend vermogen in te zetten, voordat een voorziening wordt ingezet. 7.4 Verlaging van de leeftijdsgrens waarop leerling ze/fstandig kan reizen is ín overeenstemming met wat algemeen gangáaar is De leeftijdsgrens waarop de leerling geacht wordt zelfstandig te kunnen reizen, wordt in de regel op negen jaar gesteld. Die leeftijd is daarom ook opgenomen in de modelverordening van de VNG. De meeste gemeenten sluiten daarbij aan.
7.5 Verlaging van de leeftijd voorzelfstandig reizen activeert ze/fredzaamheid van ouders en de zelfstandigheid van leerlingen Verlaging van de leeftijdsgrens levert een impuls voor ouders op om kinderen eerder en nadrukkelijker te begeleiden om zelfstandig te reizen. Dat past in een bredere beweging binnen het sociaal domein om eerst eigen kracht en probleemoplossend vermogen in te zetten, voordat een voorziening wordt ingezet. 7.6 De motiveringsplicht is volgens de Raad van State in strijd met de grondwettelijke eerbiediging van de godsdienstige of levensbeschouwe/ijke schoolkeuze De motiveringsplicht voor ouders met leerlingen die naar een bijzondere school (op godsdienstige of levensbeschouwelijke grondslag) gaan, is volgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in strijd met de grondwettelijke eerbiediging van de op godsdienst of levensbeschouwing berustende schoolkeuze. De VNG adviseert om de verordening daarop aan te passen en te volstaan met een meldingsplicht. 7.7 Om discussie en onduidelijkheid te voorkomen wordt expliciet opgenomen waarde normbedragen voor het leerlingenvervoerzijn vastge%gd De Reisregeling binnenland is ingetrokken. In de Reisregeling waren normbedragen opgenomen die gebruikt worden bij het vaststellen van de bekostiging van het leerlingenvervoer.
De VNG adviseert om te verwijzen naar de ingetrokken regeling, zodat het voor ouders duidelijk is waarde normbedragen gevonden kunnen worden.
Kanttekeningen 7.7 Uniformering van de minimale reisafstand leidt tot een financië/e achteruitgang voor ouders Door uniformering van de afstandsgrenzen verliezen circa 20-25 ouders rechtop bekostiging van het leerlingenvervoer. Deze maatregel treft niet de ouders met een laag inkomen of ouders met een gehandicapte leerling. De hardheidsclausule kan eventueel worden ingezet om in schrijnende situaties passend maatwerk te leveren. 7.2 Uniformering van de minimale reisafstand kan ertoe leiden dat ouders kiezen voor een minder passende school De kans dat ouders voor een dichterbij gelegen minder passende school kiezen als dat financieel voordeliger is, wordt klein geacht. Geschikte alternatieven zijn niet of nauwelijks aanwezig. Het financiële voordeel dat een keuze voor zo'n alternatief ouders oplevert, is beperkt.
Pagina 7 van 8 Raad - 2106606
7.3 Uniformering van de minimale reisafstand kan tot een groter beroep op de hardheidsc/ausu/e /eiden Het beroep op de hardheidsclausule kan eenmalig groter zijn dan normaal, samenhangend met de voorgestelde maatregelen. De hardheidsclausule is bedoeld om schrijnende situaties op te vangen. Het gaat om een totaalbeoordeling van de situatie, waarbij de financiële achteruitgang één van de factoren is. Waar nodig wordt de hardheidsclausule toegepast. Het blijft echter een uitzondering op de regel. 7.4 De ver/aging van de leeftijdsgrens waarop aangenomen wordt dat de leer/ing zelfstandig kan reizen leidt ertoe dat ouders er financieel op achteruit gaan Door verlaging van de leeftijdsgrens krijgen sommige ouders geen bekostiging meer voorde begeleiding van hun kind. Het betreft vermoedelijk circa vijf ouders. Uitgangspunt blijft wel dat het kind ook in staat moet zijn om zelfstandig te reizen. Als dat (nog) bij individuele beoordeling niet het geval is, blijft de vergoeding voor begeleiding intact.
Kosten, opbrengsten en dekking De maatregelen leiden tot een jaarlijkse besparing op de uitgaven voor leerlingenvervoer uan € 50.000,-, vanaf kalenderjaar 2022. Over 2021 (eerste maanden schooljaar 2021-2022) is de besparing € 15.000,-. Met dit voorstel wordt tegemoet gekomen aan de opdracht van de gemeenteraad om in het sociale domein binnen de budgettaire kaders te blijven. Het voorstel maakt deel uit van Maatregelplan 3.
Vervolg Vanaf 1 mei 2021 kunnen aanvragen voor bekostiging van het leerlingenvervoer tyorden ingediend. De nieuwe regels worden na vaststelling van de verordening toegepast op de bestaande groep rechthebbenden.
Bijlagen Verordening houdende wijziging van de verordening leerlingenvervoer gemeente Almelo 2016 (INT-76304)
Burgemeester en Wethouders van Almelo, de secretaris, F.W. van Ardenne
Pagina 8 van 8 Raad - 2106606
de burgemeester, A.J. Gerritsen