CConstaterende datAlmelo
Koppel je AI →
Document · PDF

11.4 Fusie Effect Rapportage PCO-NT en OPOA definitief.pdf

Raad 18 april 2023, gemeente AlmeloBij agendapunt: Statutenwijziging bestuurlijke fusie Stichting Openbaar Primair Onderwijs Almelo en Stichting Protestants Christelijk Onderwijs Noord Twente4.190 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Fusie Effect Rapportage Stichting Openbaar Primair Onderwijs Almelo & Stichting Protestant Christelijk Onderwijs Noord Twente Definitieve Versie

Almelo

2 november 2022

Auteur:

Bart Freriks, procesbegeleider Bart Freriks - Ondersteuning, Begeleiding & Advies

Opdrachtgevers

Gerlo Teunis, voorzitter CvB, St. Protestant Christelijk Onderwijs Noord Twente Frank Konings, voorzitter CvB, St. Openbaar Primair Onderwijs Almelo

1 Beoogde fusie en aanleiding voor de fusie 1.1 Beoogde fusie en fusieproces De beoogde fusie is een bestuurlijke fusie tussen Stichting Protestant Christelijk Onderwijs Noord Twente (PCO-NT; bestuursnummer 41472) en Stichting Openbaar Primair Onderwijs Almelo (OPOA, bestuursnummer 417522). Beide stichtingen zijn gehuisvest in Almelo. Onder de verantwoordelijkheid van de stichtingen vallen op dit moment zestien scholen met vijftien BRINnummers op tweeëntwintig locaties/ instroompunten in Almelo en Wierden. Binnen beide stichtingen tezamen verzorgen circa 400 medewerkers het onderwijs aan circa 4000 leerlingen. De fusie zal formeel gerealiseerd worden door een bestuursoverdracht van Stichting OPOA naar Stichting PCO-NT onder het bestuursnummer van Stichting PCO-NT en het opheffen van Stichting OPOA. Gedurende het schooljaar 2021-2022 heeft een uitvoerig fusieonderzoek plaatsgevonden. De bevindingen en conclusies daarvan zijn vastgelegd in een fusierapport. Deze fusie effect rapportage (FER) maakt onderdeel uit van dat rapport. 1.2 Tijdsbestek In augustus 2021 is een intentieverklaring voor de voorgenomen bestuurlijke fusie opgesteld en opdracht gegeven om een onderzoek op te starten naar de voorgenomen bestuurlijke fusie, met als doel een fusierapport op te stellen en een Fusie Effect Rapportage (FER).

De intentieverklaring is in november 2021 ondertekend door de beide voorzitters College van Bestuur (CvB). Nadat de intentieverklaring is ondertekend is er een stuurgroep opgericht bestaande uit de voorzitters CvB van beide stichtingen. Door de stuurgroep is de opdracht uitgezet voor verder fusieonderzoek, met als doel een fusierapport op te stellen ter onderbouwing van de uiteindelijke besluitvorming en een (wettelijke verplichte) Fusie Effect Rapportage (FER). In november 2021 is tevens opdracht verleend aan Bureau Leeuwendaal voor het uitvoeren van een Due Dilligence onderzoek (DD-onderzoek). Doel van het DD-onderzoek was om de financiële risico’s van de voorgenomen bestuurlijke fusie op alle relevante domeinen in kaart te brengen. De bevindingen van het DD-onderzoek zijn in januari 2022 opgeleverd aan de stuurgroep. In het kader van het onderzoek zijn drie werkgroepen opgericht bestaande uit medewerkers van beide stichtingen: de werkgroep Onderwijs, Kwaliteit & identiteit (OK&I), de werkgroep Personeel en Organisatie (P&O) en de werkgroep Bedrijfsvoering. De bevindingen van elk van de werkgroepen zijn eind januari schriftelijk opgeleverd. De bevindingen van de werkgroepen en het DD-onderzoek zijn door een externe partij verwerkt tot een fusierapport.

Tussenversies van dit fusierapport zijn besproken met de werkgroepen en door de stuurgroep ter informatie voorgelegd aan zowel de Raden van Toezicht als ook de GMR-en. Op- en aanmerkingen die naar voren zijn gekomen zijn nader onderzocht en verwerkt. Begin juni 2022 is het Fusierapport afgerond en deze dient tevens als de onderlegger van deze Fusie Effect Rapportage (FER). Gestreefd wordt naar een bestuurlijke fusie tussen beide stichtingen uiterlijk per 1-1-2024, zo mogelijk eerder per 1 augustus 2023.

FER Stichting PCO-NT en Stichting OPOA

Pagina 1 van 10

1.3 De motieven voor de fusie Doel van de bestuurlijke fusie is om de kwaliteit van het primair onderwijs veilig te stellen en verder te ontwikkelen. Hierbij dient nadrukkelijk rekening te worden gehouden met de identiteit van de scholen en de keuzevrijheid voor ouders, leerlingen en personeel. Beide stichtingen hebben veel gemeen, zoals de omvang, de bestuurlijke inrichting en de gemeente Almelo waarin ze beide actief zijn. De bestuurders werken al jaren naar volle tevredenheid samen door kennis uit te wisselen en bestuurlijk te sparren. PCO-NT en OPOA maken deel uit van hetzelfde Samenwerkingsverband Passend Onderwijs 23-01, nemen diensten af van hetzelfde administratiekantoor ObT, participeren in Samen Opleiden met Hogeschool Saxion als samenwerkingspartner, werken veel samen in beleidsvorming en uitvoering van het onderwijsachterstandenbeleid Almelo en worden ondersteund door dezelfde Arbodienst. Bij een aantal scholen is al een goede samenwerking ontstaan in IKC-verband. Beide stichtingen hebben te maken met veel ontwikkelingen die de afgelopen jaren op hen af zijn gekomen en ook in de toekomst zullen komen. Een overzicht van deze ontwikkelingen is opgenomen in paragraaf 2.2. van het fusierapport. Door al deze ontwikkelingen wordt het als afzonderlijke schoolbesturen steeds moeilijker om de kwaliteit van goed en passend onderwijs, die zij beide nastreven, te waarborgen.

Derhalve zijn partijen er van overtuigd dat een nauwere bestuurlijke samenwerking noodzakelijk is om bovenstaande ontwikkelingen het hoofd te kunnen bieden en ambities te verwezenlijken, risico’s zoveel mogelijk te beperken en om als stevige partner in de lokale context (gemeente, samenwerkingsverband passend onderwijs) te opereren. In september 2020 hebben de Raden van Toezicht van beide stichtingen kennis gemaakt en is aan de bestuurders de opdracht gegeven om een eerste verkenning uit te voeren om in kaart te brengen wat de kenmerken en kengetallen van beide stichtingen zijn, met welke uitdagingen ze te maken hebben en waar ze elkaar zouden kunnen versterken. De uitkomst van die verkenning was dat er, behoudens de identiteit en de cultuur, veel overeenkomsten zijn tussen beide besturen en dat er veel kansen zijn om elkaar te versterken. 1.4 Alternatieven voor de fusie De bestuurlijke fusie tussen PCO-NT en OPOA is een fusie tussen twee stichtingen die beide vertegenwoordigd zijn in alle wijken van Almelo. Daarnaast beschikt PCO-NT over een school in Wierden. Uit het fusierapport valt op te maken dat door de fusie een grotere stichting ontstaat die binnen de gemeente Almelo meer slagkracht zal krijgen. Door het samenvoegen van het College van bestuur, de stafbureaus en het bestuurskantoor kunnen schaal- en kwaliteitsvoordelen gerealiseerd worden.

Daarnaast zijn grote voordelen te behalen door de aanwezigheid van scholen van beide stichtingen in alle wijken van Almelo. Eén alternatief voor de bestuurlijke fusie is om niet te fuseren en beide zelfstandig verder te gaan. In het fusierapport wordt uitgebreid beschreven wat daar de gevolgen van zijn. In feite komen die er op neer dat het bestuur dan verwacht op termijn niet meer de kwaliteit te kunnen leveren die zij zou willen leveren. Ook zullen er dan eerder scholen worden opgeheven met het risico dat leerlingen en mogelijk ook personeel zullen vertrekken naar andere / derde stichtingen. In plaats van met elkaar te fuseren zouden PCO-NT en OPOA ook een andere fusiepartner kunnen kiezen: - Een fusie met een schoolbestuur voor primair onderwijs in de regio van gelijke denominatie.

FER Stichting PCO-NT en Stichting OPOA

Pagina 2 van 10

-

Een fusie met een schoolbestuur voor voortgezet onderwijs in Almelo van gelijke denominatie. Een fusie met Varietas.

In alle drie de gevallen zullen maar een (zeer beperkt) deel van de voordelen gerealiseerd worden die met de fusie tussen PCO-NT en OPOA wel gerealiseerd kunnen worden. Daarmee zijn deze opties stuk voor stuk geen alternatief voor de voorgenomen bestuurlijke fusie. 1.5 Te bereiken (gekwantificeerde) doelen van de fusie In het fusierapport en met name paragraaf 10 van het fusierapport wordt uitgebreid in gegaan op de voordelen en doelen van de voorgenomen bestuurlijke fusie: • Behoud van goed kwalitatief onderwijs. • Als krachtige organisatie richting gemeente Almelo en binnen samenwerkingsverband uitvoering geven aan de ontwikkelingen die op ons afkomen. • Schoolbestuur met eigen kinderopvang. • Door samenvoegen stafbureaus optimale ondersteuning richting leerlingen, leerkrachten, directeuren en College van Bestuur. • Realisatie van huisvestingsplannen. • Behoud van scholen en werkgelegenheid bij krimp. • Bieden van passende onderwijsplek. • Vergroten goed en aantrekkelijk werkgeverschap. • Realisatie inkoopvoordelen vanwege schaalgrootte. • Doelmatig besteden van middelen

2 Communicatie, betrokkenheid en medezeggenschap 2.1 Wijze waarop medezeggenschapsraden zijn en worden betrokken De formele gesprekspartners van de besturen in het kader van de bestuurlijke fusie zijn de afzonderlijke Gemeenschappelijke MedezeggenschapsRaden (GMR-en) van beide stichtingen. Beide GMR-en zijn, zowel informeel als ook formeel uitvoerig bij de voortgang van het fusieonderzoek betrokken. Dat zal ook de insteek zijn bij het vervolg. Beide GMR-en hebben hun instemming verleend aan het fusieonderzoek dat n.a.v. de intentieverklaring is opgestart. Gedurende het onderzoek zijn zij regelmatig geïnformeerd over de voortgang en de bevindingen. Tussenversies van dit fusierapport zijn aan de GMR-en voorgelegd open aanmerkingen die naar voren zijn gekomen zijn nader onderzocht en verwerkt. Voorafgaand aan de oplevering van de definitieve versie van het rapport heeft een presentatie plaatsgevonden aan de GMR-en. Ook op- en aanmerkingen n.a.v. vragen tijdens die presentaties zijn meegenomen in de eindversie van het rapport. 2.2 Wijze waarop Raad van toezicht is en wordt betrokken De Raden van Toezicht van beide stichtingen zijn op dezelfde manier bij het proces betrokken als de GMR-en. Ook zij zijn zoveel mogelijk zowel informeel als formeel op de hoogte gebracht van de voortgang van het onderzoek.

Tussenversies van dit fusierapport zijn door het College van Bestuur voorgelegd en vragen, op- en aanmerkingen die naar voren zijn gekomen zijn nader onderzocht en verwerkt. Voorafgaand aan de oplevering van de definitieve versie van het rapport heeft een presentatie plaatsgevonden aan de afzonderlijke Raden van Toezicht. Ook vragen, op- en aanmerkingen tijdens die presentaties zijn meegenomen in de eindversie van het rapport.

FER Stichting PCO-NT en Stichting OPOA

Pagina 3 van 10

2.3 Wijze waarop personeel, ouders en leerlingen zijn en worden betrokken De formele betrokkenheid van het personeel en de ouders is geregeld via de GMR. Een afvaardiging van directeuren en medewerkers van de stafbureaus is direct betrokken geweest binnen elk van de drie werkgroepen. Gedurende het gehele traject zijn overige personeelsleden en ouders via een nieuwsbrief geïnformeerd over de voortgang van het fusieonderzoek. Specifiek voor de ouders vindt er nog een ouderraadpleging plaats. Richting leerlingen zal op passende wijze aandacht worden besteed aan de fusie zodra die een feit is. 2.4 Wijze waarop externe belanghebbenden zijn en worden betrokken De gemeenten Almelo en Wierden zijn gedurende het hele proces geïnformeerd over de voortgang van het fusieproces. Andere scholen en/of schoolbesturen, het samenwerkingsverband voor passend onderwijs en andere samenwerkingspartners worden indien nodig en relevant over de ontwikkelingen geïnformeerd binnen de reguliere overlegmomenten.

3 Gevolgen voor personeel, ouders en leerlingen en borging van de menselijke maat 3.1 Omvang en organisatie van de rechtspersoon na fusie Als gevolg van de bestuurlijke fusie zullen Stichting PCO-NT en Stichting OPOA gaan fuseren tot een nieuwe stichting met een nieuwe naam onder het bestuursnummer van PCO-NT. Deze nieuwe stichting biedt met ingang van de fusie onderwijs aan circa 4000 leerlingen, heeft circa 340 wtf medewerkers in dienst en een begroting van circa 32 Meuro. De manier waarop de nieuwe stichting zal worden bestuurd is uitgebreid beschreven in het fusierapport. Die nieuwe stichting zal bestuurd worden door een College van Bestuur (CvB). De scholen worden aangestuurd door een directeur die ondersteund wordt door een managementteam. Alle directeuren vormen samen het directieoverleg of directeurenberaad. Deze komt frequent bijeen samen met het CvB. Binnen de stichting komt een nieuwe GMR. Op elke school is een MR actief. Het toezicht vindt plaats vanuit een nieuw samengestelde RvT. De toegankelijkheid van het bestuur voor personeel, ouders en leerlingen verandert door de bestuurlijke fusie niet wezenlijk. Eerste aanspreekpunt voor ouders en leerlingen is in principe de leerkracht, dan de directeur en dan het college van bestuur. Voor leerkrachten is het eerste aanspreekpunt de directeur en dan het college van bestuur.

3.2 Gevolgen van de fusie voor de overzichtelijkheid op locatieniveau Stichting PCO-NT en Stichting OPOA verzorgen tezamen het onderwijs in zestien scholen met 15 BRIN-nummers op tweeëntwintig locaties/instroompunten in Almelo en Wierden. Voor die scholen en ook de verdeling van de scholen over Almelo verandert er als gevolg van de voorgenomen bestuurlijke fusie nagenoeg niets. In de huisvestingsplannen zoals opgesteld door de schoolbesturen voor de gemeente Almelo is voorzien dat er op drie locaties in Almelo nieuwbouwprojecten worden gerealiseerd waarin scholen

FER Stichting PCO-NT en Stichting OPOA

Pagina 4 van 10

van PCO NT en OPOA zullen worden ondergebracht. Die plannen staan los van de bestuurlijke fusie en zijn noodzakelijk om de leegstand en hoge huisvestingslasten te verminderen. De verwachting is wel dat door de bestuurlijke fusie en de slagvaardigheid die daardoor ontstaat dat de plannen dan sneller en beter gerealiseerd kunnen worden. Op dat moment zal het aantal instroompunten in Almelo iets afnemen en overzichtelijker worden. Door de bestuurlijke fusie wordt de kans verkleind dat scholen als gevolg van krimp opgeheven dienen te worden of (dis)locaties te worden gesloten. Door de gunstige verdeling van schoollocaties over Almelo liggen er kansen om scholen in die gevallen te laten fuseren met een andere school binnen de gefuseerde stichting. Daardoor is de kans groot dat in geval van krimp en dreigende scholensluiting een maximaal aantal leerlingen en personeelsleden behouden kan blijven. 3.3 Gevolgen van de fusie voor de betrokkenheid van personeel, leerlingen en ouders Ouders en leerlingen zijn met name betrokken binnen het onderwijs op schoolniveau. Medewerkers voelen zich in de eerste plaats betrokken bij hun eigen school maar ook bij het bestuur dat immers hun werkgever is. Voor de meeste ouders, leerlingen en ook de leerkrachten zal de bestuurlijke fusie geen effect hebben op de betrokkenheid. Organisatorisch verandert er op hun school niet veel.

Medewerkers van de stafbureaus en bijvoorbeeld ook de directeuren krijgen te maken krijgen met nieuwe collega’s en een andere organisatiecultuur die met elkaar ontwikkeld en vormgegeven moet worden. Het enthousiasme waarmee de werkgroepen aan de slag gegaan zijn in het fusieonderzoek beidt echter vertrouwen dat dit op een goede en betrokken manier opgepakt zal worden. Op stichtingsniveau is op dit moment binnen de afzonderlijke stichtingen de denominatie één van de bindende factoren tussen alle scholen van de eigen stichting en mede bepalend voor de gezamenlijke identiteit. Deze identiteiten komen samen in de gefuseerde stichting Dat verdient extra aandacht immers met elkaar zal moeten worden gekeken wat de gezamenlijke identiteit, normen en waarden gaan worden. Een bestuur-brede in te stellen werkgroep Identiteit krijgt als opdracht om voor de nieuw te vormen stichting een aanpak op te zetten om de gezamenlijke kernwaarden ten aanzien van identiteit vast te stellen. Deze werkgroep zal er (evenals de nieuwe RvT en de nieuwe GMR) ook op toezien dat binnen de nieuwe stichting het openbare en het protestant christelijke onderwijs gewaarborgd blijft. Daarnaast zal deze werkgroep een rol spelen bij de totstandkoming van de nieuwe organisatiecultuur; bijvoorbeeld door er op toe te zien dat de sterke elementen uit de afzonderlijke organisaties behouden blijven.

3.4 Medezeggenschap De invulling van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is de verantwoordelijkheid van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. Zij zullen zich daar zelf over moeten buigen. De voorkeur gaat uit naar een vergelijkbare omvang als de afzonderlijke huidige GMR-en om zodoende de gezamenlijke vergaderingen overzichtelijk en ‘werkbaar’ te houden. Daarbij is het denkbaar dat er wel een overgangsperiode komt waarin tijdelijk iets meer leden zitten om zodoende de kennis en ervaring uit het verleden te kunnen borgen. Gedurende die overgangsperiode dient ook de balans tussen de vertegenwoordiging vanuit PCO-NT en OPOA gewaarborgd te blijven. Vanuit de werkgroep P&O wordt geadviseerd om bij de samenstelling van de nieuwe GMR ook na te denken over een vertegenwoordiging vanuit het stafbureau en/of de directeuren. Ook zij zijn immers werknemer binnen de nieuwe stichting en dienen vertegenwoordigd te worden door de GMR. Over de samenstelling van de nieuwe GMR dient in het kalenderjaar 2023 duidelijkheid verschaft te worden, zodat dit voor de fusiedatum geformaliseerd kan worden.

FER Stichting PCO-NT en Stichting OPOA

Pagina 5 van 10

3.5 Gevolgen voor voorzieningen Doel van de bestuurlijke fusie is om de kwaliteit van het primair onderwijs in Almelo en Wierden veilig te stellen en verder te ontwikkelen. Doordat er slagvaardiger gehandeld kan worden zullen de huisvestingsplannen naar verwachting beter en sneller gerealiseerd kunnen worden. Dit heeft een positief effect op de kwaliteit van de schoolgebouwen en de huisvestingslasten. Als gevolg van de bestuurlijke fusie zal een krachtig en zelfstandig functionerend stafbureau worden vormgegeven dat nog betere ondersteuning kan bieden aan de scholen en het College van Bestuur. Dit biedt ook mogelijkheden om meer specifieke kennis en expertise in huis te halen. Door het realiseren van schaalvoordelen komen er meer middelen beschikbaar die rechtstreeks ten goede kunnen komen aan het passend en inclusief onderwijs en de leerlingenondersteuning. 3.6 Gevolgen voor de arbeidsvoorwaarden en personeelsbeleid Bij een fusie komen alle medewerkers van stichting OPOA en stichting PCO-NT in dienst van de nieuwe stichting. Dit zal schriftelijk bevestigd te worden. In de CAO is duidelijk vastgelegd dat het personeel in deze gevallen ‘in gelijke betrekkingen en onder dezelfde voorwaarden als vermeld in de arbeidsovereenkomst, wordt benoemd, met ingang van de datum van overdracht’.

Dit houdt in dat hun rechtspositie daarmee volledig over gaat van de oude naar de nieuwe stichting. Alle rechten, plichten en aanvullende afspraken voor zover schriftelijk vastgelegd in het personeelsdossier worden door het nieuwe bestuur overgenomen. Omdat in geval van een bestuurlijke fusie het personeel ‘van rechtswege’ overgaat naar het nieuwe schoolbestuur gaan alle personeelsleden zonder uitzondering mee. De huidige medewerkers worden dan werkzaam in de nieuwe stichting die staat voor zowel openbaar als christelijk onderwijs of een samenwerkingsvorm daartussen. Gezien het feit dat zij een bestuur-benoeming hebben, kunnen zij formeel binnen die nieuwe stichting op elke school worden ingezet en bestaat de kans dat zij in de toekomst een werkplek krijgen toegewezen op een school van een andere denominatie dan waar zij nu werkzaam zijn. De kans bestaat dat een aantal personeelsleden daar gewetensbezwaren tegen heeft. In samenspraak met het DGO (zie hieronder), zal een duidelijk procedure worden afgesproken hoe hier mee zal worden omgegaan. Als onderdeel van het fusieonderzoek is het integraal personeelsbeleid tussen beide stichtingen met elkaar vergeleken. Een groot deel van dat beleid is al grotendeels gelijk. Voor die beleidsthema’s waar dat niet het geval is, wordt in het fusierapport aangegeven op welke manier en binnen welke termijn dat zal worden geharmoniseerd.

Daarbij is een duidelijk onderscheid gemaakt welke zaken voor de daadwerkelijke bestuurlijke fusie, welke gedurende het eerste jaar en welke daarna opgepakt kunnen worden. Een onderdeel in het fusieproces is het overleg met de vakbonden. Het Decentraal Georganiseerd Overleg (DGO) zal gepland worden na de goedkeuring van de fusie door de betrokken geledingen.

FER Stichting PCO-NT en Stichting OPOA

Pagina 6 van 10

4 Effecten van de fusie op keuzevrijheid, diversiteit en bereikbaarheid 4.1 Effecten van de fusie op de keuzevrijheid De bestuurlijke fusie heeft geen negatief effect, misschien zelfs wel een positief effect op de keuzevrijheid in Almelo en Wierden. Het grootste deel van de scholen zal gewoon voort blijven bestaan als scholen met een eigen identiteit en onderwijskundig profiel. Daarmee blijft de openbare en protestant christelijke identiteit en de mogelijkheid om daarvoor te kiezen gewaarborgd. Scholen die op dit moment door de krimp onder de opheffingsnorm dreigen te komen waardoor sluiting dreigt kunnen dankzij de fusie voort blijven bestaan door te fuseren met één van de andere ‘eigen’ scholen. Hierdoor ontstaan formeel samenwerkingsscholen. Die scholen krijgen de ruimte om met elkaar na te denken over de invulling van de identiteit en het schoolconcept. Dat biedt kansen waardoor de keuzemogelijkheden ook toe zouden kunnen nemen. 4.2 Effecten van de fusie op de diversiteit Zoals in 4.1 is aangegeven biedt de bestuurlijke fusie juist kansen als het gaat om de diversiteit van het aanbod van scholen omdat samenwerkingsscholen de kans krijgen om me elkaar na te denken over de identiteit en het schoolconcept. Hierdoor kan de diversiteit toenemen.

4.3 Effecten van de fusie op de spreiding van onderwijsvoorzieningen in de regio Het effect van de fusie op de spreiding van onderwijsvoorzieningen in het werkgebied van de scholen is minimaal. Stichting PCO-NT en Stichting OPOA hebben gezamenlijk de verantwoordelijkheid over circa 2/3 van de scholen in Almelo. Dat aantal zal als gevolg van de fusie niet veranderen. In Wierden verandert er als gevolg van de fusie op dat gebied helemaal niks. Door de huisvestingsplannen voor de gemeente Almelo zullen er weliswaar een aantal schoollocaties verschuiven maar die plannen staan los van de bestuurlijke fusie.

5 Kosten en baten van de fusie 5.1 Financiële kosten en baten Door de controllers van PCO-NT en OPOA is een inschatting gemaakt welke financiële voordelen er op korte termijn te realiseren zijn in geval van een bestuurlijke fusie: - Eenhoofdig College van Bestuur 120.000 - Flexibeler inzet personeel 100.000 - Samenvoegen stafbureaus incl. afstoten kantoor PCO-NT 50.000 - Schaalvoordelen ten aanzien van inkoop etc. 50.000 - subtotaal 320.000 Sluiting dislocaties en/of scholenfusies (op termijn):

400.000 – 500.000

Opgeteld kunnen de besparingen als gevolg van de bestuurlijke fusie op termijn oplopen naar minimaal 800.000 euro. Deze besparingen zijn jaarlijks en structureel. Realiseren bestuurlijke fusie

FER Stichting PCO-NT en Stichting OPOA

100.000

Pagina 7 van 10

Het betreft hier kosten zoals inhuur derden (Due Dilligence onderzoek, fusierapport, FER), huisstijl (naam, logo, website), communicatie & PR en extra ondersteuning harmonisatieprocessen. Deze kosten worden verspreid over een aantal jaren (2022 t/m 2024). De kosten van en besparingen die gepaard gaan met het aanpassen van de ICT-systemen hangen af van de keuzes die gemaakt worden. Het lijkt reëel om eenmalig rekening te houden met een bedrag van 20.000 – 30.000 om de ICT-systemen te optimaliseren. Op het moment dat besloten wordt om voor alle personeelswerkplekken over te schakelen op betaalde Microsoft omgevingen en PCs, dan leidt dat naar verwachting jaarlijks tot circa 18.000 euro extra licentiekosten en 7.200 euro extra hardware kosten. Op het moment dat echter besloten wordt om ook voor personeel over te gaan op de gratis google software in combinatie met chromebooks, dan zou dat een jaarlijkse besparing op kunnen leveren van 25.000 euro aan licentiekosten en 10.000 euro aan hardware kosten. De eenmalige kosten van de bestuurlijke fusie komen hiermee naar verwachting op een bedrag van 120.000 – 130.000 euro. Als gevolg van de keuzes die gemaakt worden rondom de werkomgevingen voor personeelsleden komt daar een extra jaarlijkse kostenpost bij van circa 25.000 euro of een extra jaarlijkse besparing van 35.000 euro.

5.2 Financiële risico’s Als onderdeel van het fusieonderzoek heeft er een Due Dilligence ondezoek (DD-onderzoek) plaatsgevonden van oktober 2021 t/m december 2021. De volgende beleidsterreinen zijn onderzocht: organisatie, leerlingen, onderwijs, personeel, huisvesting, financieel. Uit de risico-inventarisatie zijn geen grote risico’s naar voren gekomen die een bestuurlijke fusie in de weg zouden kunnen staan. Als grootste risico wordt genoemd dat de organisatiekosten van de afzonderlijke stichtingen relatief hoog kunnen worden als gevolg van dalende leerlingenaantallen. Dit is één van de redenen om te gaan fuseren. Er lopen geen juridische onderzoeken of rechtszaken. De leerlingenprognose van beide stichtingen brengt een risico met zich mee omdat die lastig is in te schatten. Doordat echter in de begrotingen ook rekening gehouden wordt met een afnemende formatie vormt de formatieve ruimte geen groot risico. Na de fusie zullen er meer mogelijkheden zijn voor interne mobiliteit en zal dit risico nog verder afnemen. Bij beide stichtingen wordt iets anders omgegaan met bepaalde voorzieningen. Dit is ook door de werkgroepen Bedrijfsvoering en P&O onderkend en hierover zijn in dit rapport al een aantal aanbevelingen opgenomen en ook al in gang gezet om dat recht te trekken.

In het DD-onderzoek wordt bovendien opgemerkt dat de financiële positie van beide stichtingen zowel voor als na de fusie dusdanig is dat het geen risico vormt om eventuele tegenslagen op te kunnen vangen. Dit zal na de fusie nog versterkt worden doordat er dan schaalvoordelen te behalen zijn. Het DD-onderzoek bevestigt dat de huisvestingskosten relatief hoog zijn en bij ongewijzigd beleid na de fusie boven de norm uit zullen komen. 5.3 Niet-financiële kosten en baten De niet-financiële kosten van de fusie zijn vooral gelegen in het feit dat de bestuurlijke fusie en de ontwikkelingen die als gevolg daarvan in gang zullen worden gezet extra tijd en energie zullen vragen van alle betrokkenen zoals het CvB, medewerkers stafbureau, directeuren, leerkrachten en ook ouders. En het feit dat er ook tijd en energie ingestoken zal moeten worden dat iedereen zich weer betrokken voelt bij en trots wordt op de nieuwe stichting. De niet-financiële baten liggen met name in het feit dat door de bestuurlijke fusie de kwaliteit van het onderwijs en de leerlingenondersteuning gewaarborgd blijft en verder ontwikkeld kan worden,

FER Stichting PCO-NT en Stichting OPOA

Pagina 8 van 10

dat er een slagvaardige organisatie ontstaat, betere huisvestingsomstandigheden voor meerdere scholen kunnen worden gerealiseerd, een nog beter functionerend stafbureau kan worden opgezet dat leerkrachten, directeuren en bestuurders nog beter kan ondersteunen en dat er een aantrekkelijke werkgever voor (nieuwe) medewerkers ontstaat.

6 Evaluatie van de fusie De voortgang en evaluatie van het effect van de bestuurlijke fusie zal in de eerste jaren structureel en periodiek binnen alle lagen van de organisatie op de agenda staan (CvB en directeurenberaad, GMR, RvT).

7 Advies gemeente(n) 7.1 Advies van burgemeesters en wethouders Nadat de geledingen instemming hebben verleend aan het fusierapport en de FER zal de gemeente Almelo en de gemeente Wierden formeel om advies worden gevraagd t.a.v. de voorgenomen bestuurlijke fusie.

FER Stichting PCO-NT en Stichting OPOA

Pagina 9 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Almelo&id=23a1828f-585b-4782-99e2-c9e067cdc930