11.1 Vaststelling bestemmingsplan Pooksbelten - Bijlage - Compleet analoog bestemmingsplan Pooksbelten
Tekst van het document
6.2.3 Hoofdstukindeling van de regels De regels zijn verdeeld over 4 hoofdstukken: 1. Inleidende regels. In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. Ook is bepaald de wijze waarop gemeten moet worden bij het toepassen van de regels (artikel 2). 2. Bestemmingsregels. In dit tweede hoofdstuk zijn de regels van de bestemmingen opgenomen. Dit gebeurt in alfabetische volgorde. Per bestemming is het toegestane gebruik geregeld en zijn bouwregels en, eventueel, ook bepalingen met betrekking tot het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden opgenomen. Als er dubbelbestemmingen zijn worden die ook in dit hoofdstuk opgenomen. Die komen, ook in alfabetische volgorde, achter de bestemmingsregels. Ieder artikel kent een vaste opzet. Eerst wordt het toegestane gebruik geformuleerd in de bestemmingsomschrijving. Vervolgens zijn bouwregels opgenomen. Aansluitend volgen afwijkingsregels met betrekking tot bouw- en/of gebruiksregels. Ten slotte zijn eventueel bepalingen met betrekking tot het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden en/of wijzigingsbevoegdheden opgenomen.
Belangrijk om te vermelden is dat naast de bestemmingsregels ook in andere artikelen relevante informatie staat die mede gelezen en geïnterpreteerd moet worden. Alleen zo ontstaat een volledig beeld van hetgeen is geregeld. 3. Algemene regels. In dit hoofdstuk zijn regels opgenomen met een algemeen karakter. Ze gelden dus voor het hele plan. Het zijn achtereenvolgens een anti-dubbeltelregel, algemene bouwregels, algemene gebruiksregels, algemene afwijkingsregels, algemene wijzigingsregels, algemene procedureregels en overige regels. 4. Overgangs- en slotregels. In het laatste hoofdstuk is het overgangsrecht en een slotregel opgenomen. Hoewel het hier in wezen ook algemene regels betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen.
6.3
Beschrijving per bestemmingsplan
6.3.1 Algemeen Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan.
6.3.2 Bijzonderheden in dit bestemmingsplan De regels in dit bestemmingsplan zijn opgezet aan de hand van hetgeen hiervoor is beschreven. Bedrijf - Nutsvoorziening De voor 'Bedrijf - Nutsvoorziening' aangewezen gronden zijn bestemd voor nutsvoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, waaronder begrepen voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water met de daarbij behorende gebouwen, bijbehorende bouwwerken, overige bouwwerken, verhardingen en groenvoorzieningen.
vast te stellen bestemmingsplan Pooksbelten, Almelo
26
NL.IMRO.0141.00149-BP31
Binnen deze bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd met uitzondering van gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen. De maximale bouwhoogte bedraagt 3 meter en de maximale inhoud bedraagt 36 m3. Bos De voor 'Bos' aangewezen gronden zijn bestemd voor bos en bebossing, houtproductie, de bescherming van natuurwaarden, extensieve dagrecreatie, water en voorzieningen voor de waterhuishouding. Daarnaast zijn de aangewezen gronden bestemd voor bijbehorende overige bouwwerken, wegen en verhardingen, parkeervoorzieningen, geluidswerende voorzieningen en met inachtneming van de keur van het waterschap. Ter plaatse van de aanduiding 'nutsvoorziening' mogen gebouwen gebouwd worden met een maximale bouwhoogte van 3 meter en een maximale inhoud van 36 m3. De bouwhoogte van geluidswerende voorzieningen bedraagt maximaal 6 meter en de bouwhoogte in de overige gevallen bedraagt maximaal 3 meter.
Verkeer De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor wegen, straten en paden, voet- en rijwielpaden, groen- en speelvoorzieningen, voorzieningen ter wering van het verkeerslawaai, parkeervoorzieningen, nutsvoorzieningen, bruggen, straatmeubilair zoals lichtmasten en verkeerslichtinstallaties, alsmede abri's, reclame- en informatieobjecten, kunstwerken, vlaggenmasten en dergelijke en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, waaronder begrepen voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water met de daarbij behorende gebouwen, overige bouwwerken, verhardingen en overige bijbehorende voorzieningen. Binnen deze bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd met uitzondering van gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen. De maximale bouwhoogte bedraagt 3 meter en de maximale inhoud bedraagt 36 m3. Water De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor waterhuishoudkundige doeleinden, waterberging en waterlopen, bruggen, fiets- en voetpaden, oever- en onderhoudsstroken, verkeersvoorzieningen ten behoeve van het bestemmingsverkeer, recreatief medegebruik en groenvoorzieningen met de daarbij behorende bouwwerken, overige bouwwerken, waaronder bruggen, dammen en/of duikers en andere waterbouwkundige werken. Binnen deze bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd.
Wonen - Stadsrand 2 De voor 'Wonen - Stadsrand 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor de bestaande woningen, al dan niet in combinatie met een aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit, bed & breakfast, maximaal één paardenbak, tuinen en erven, voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, waaronder begrepen voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water en daarbij behorende gebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde en andere bijbehorende voorzieningen. De woning heeft maximaal een inhoud van 1.350 m3, een bouwhoogte van 9 meter en een goothoogte van 5 meter. Waarde - Archeologische verwachting middelhoog De voor 'Waarde - Archeologische verwachting middelhoog' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming van archeologische waarden.
vast te stellen bestemmingsplan Pooksbelten, Almelo
27
NL.IMRO.0141.00149-BP31
Binnen de bestemming mag niet gebouwd worden tenzij er met een archeologisch rapport kan worden aangetoond dat archeologisch waarden niet worden geschaad of het nieuw te bouwen oppervlak kleiner is dan 5.000 m2 en minder diep steekt dan 0,4 meter.
6.3.3 Algemene regels Naast de bestemmingen bevat het plan een aantal algemene regels over bijvoorbeeld begrippen, de wijze van meten en overgangsrecht. Deze min of meer standaardregels in bestemmingsplannen worden hier verder niet toegelicht.
vast te stellen bestemmingsplan Pooksbelten, Almelo
28
NL.IMRO.0141.00149-BP31
Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6, eerste lid, sub f van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) onderzoek plaats te vinden naar de financiële uitvoerbaarheid van het plan. Doorgaans is de vraag of er gemeentelijke kosten zijn en hoe deze verhaald worden. Deze vraag omhelst tevens eventuele planschade. Sinds de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) op 1 juli 2008 is het onder omstandigheden verplicht om aan het opstellen van een bestemmingsplan een exploitatieplan te koppelen. Er is sprake van een bouwplan als bedoeld in artikel 6.12, lid 1 van de Wro als onderdeel van afdeling 6.4 inzake de grondexploitatie. Een exploitatieplan is niet verplicht indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie van de in het plan opgenomen gronden op een andere wijze is verzekerd (artikel 6.12, lid 2 sub a Wro). Het wijzigen van de bestemming is door de gemeente Almelo geïnitieerd. De bijbehorende kosten zullen zodoende ook de gemeente Almelo worden gedragen.
vast te stellen bestemmingsplan Pooksbelten, Almelo
29
NL.IMRO.0141.00149-BP31
Hoofdstuk 8 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 8.1
Overleg
Conform artikel 3.1.1. van het Bro dienen burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg te plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In dit kader is het bestemmingsplan voor advies toegezonden aan betrokken instanties.
8.2
Zienswijzen
Op de bestemmingsplanprocedure is afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht van toepassing. In navolging hiervan heeft het ontwerpbestemmingsplan Pooksbelten, Almelo van 19 juli 2023 tot en met 29 augustus ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn is een ieder in de gelegenheid gesteld zienswijzen kenbaar te maken aan de gemeenteraad. Er zijn geen zienswijzen naar voren gebracht.
vast te stellen bestemmingsplan Pooksbelten, Almelo
30
NL.IMRO.0141.00149-BP31
Eindnoten
1. Zie hiervoor de uitspraak van de ABRvS d.d. 25 maart 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:953). 2. ECO Groen. Natuurtoets Voormalige camping Pooksbelten, Almelo. 22-051, 8 november 2022. 3. Resultaten Digitale Watertoets. SAB, 18-05-2022.
vast te stellen bestemmingsplan Pooksbelten, Almelo
31
NL.IMRO.0141.00149-BP31
Bijlagen bij toelichting
NL.IMRO.0141.00149-BP31
Bijlage 1
Vergunningscheck Digitale Watertoets
Digitale Watertoets Res ultaat van de check gedaan op 18-05-2022
Digitale watertoets De watertoets helpt u om aan de hand van de locatie van uw ruimtelijke plan en een aantal vragen te toets en of u de belangen van het Waters chap raakt. Indien dit het geval is krijgt u teks t en uitleg over het vervolg proces .
VOOR DE ACTIVITEIT DIGITALE WATERTOETS IS OP BASIS VAN DE GEGEVEN ANTWOORDEN NODIG: 1.
Geen belang procedure
OP BASIS VAN ONDERSTAANDE LOCATIE
18-05-2022, 08:22
P agina 1 van 3
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets VRAGEN EN ANTWOORDEN UIT DE CHECK 1.
Gaat het om een ruimtelijk plan dat uits luitend een functiewijziging van bes taande bebouwing inhoudt? ja
2.
Worden in het plan meer dan 10 wooneenheden gerealis eerd? nee
3.
Is er in of rondom het plangebied s prake van wateroverlas t of grondwateroverlas t? nee
4.
Neemt in het plan het verharde oppervlak van bebouwing en bes trating toe met meer dan 1500m2? nee
18-05-2022, 08:22
P agina 2 van 3
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets DETAILS 1.
Geen belang procedure Op bas is van uw locatie en gegeven antwoorden blijkt dat u geen waters chaps belangen raakt.
Wat moet ik doen? Geachte heer/mevrouw, U heeft een watertoets uitgevoerd op de webs ite http://www.dewatertoets .nl//. Op bas is van deze toets wordt in uw plan geen waters chaps belangen geraakt. U volgt de procedure geen waters chaps belang. Dit houdt in dat u direct door kunt gaan met de planvorming van uw plan en onders taande teks t kunt opnemen in het plan. Paragraaf geen waterschapsbelang Deze paragraaf geen waters chaps belang heeft betrekking op het plan. Het plan betreft alleen een functieverandering van bes taande bebouwing en heeft geen invloed op de waterhuis houding. Met de voorgenomen ontwikkeling zijn geen waterbelangen gemoeid. De ontwikkeling heeft geen nieuwe lozingen op oppervlaktewater tot gevolg. In het gebied is geen s prake van (grond)wateroverlas t. Het waters chap Vechts tromen heeft dan ook geen bezwaren tegen de voorgenomen ontwikkeling. Deze conclus ie is getrokken naar aanleiding van een digitale watertoets . Het proces van de watertoets is goed doorlopen.
Algemene info: In de procedurebepalingen van de Wro voor het bes temmings plan is opgenomen dat de kennis geving wordt toegezonden aan de ins tanties die bij het overleg zijn betrokken. De terinzagelegging van het bes temmings plan kunt u zenden aan kennis gevingwro@vechts tromen.nl. Verklaring Dit document is een automatis ch gegeneerd bes tand op bas is van de door u ingevulde gegevens . U bent akkoord gegaan met de door u ingevulde gegevens en u heeft verklaard alles naar waarheid te hebben ingevuld. "
Waar moet ik op letten? Achtergrondinformatie
18-05-2022, 08:22
P agina 3 van 3
https://dewatertoets.nl
NL.IMRO.0141.00149-BP31
Bijlage 2
Natuurtoets
natuurtoets Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
Inventarisatie en beoordeling in het kader van natuurwetgeving en -beleid
Gemeente Almelo Definitief
Zuiderzeelaan 53 8017 JV Zwolle T 0384236464 E info@ecogroen.nl I www.ecogroen.nl
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
Inventarisatie en beoordeling in het kader van natuurwetgeving en -beleid
22-051
8 november 2022
Definitief
R. (Rienk) Apperloo
R. (Rienk) Apperloo Gemeente Almelo
©Ecogroen bv Alles uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt, mits onder vermelding van bron en status. Apperloo, R. (2022). Voormalige camping Pooksbelten, Almelo. Inventarisatie en beoordeling in het kader van natuurwetgeving en -beleid. Rapport 22-051. Ecogroen bv Zwolle.
Samenvatting
4
1.
Inleiding 1.1 Aanleiding en doelstelling 1.2 Huidige situatie en voorgenomen ontwikkeling 1.3 Leeswijzer
6 6 7 7
2.
Kader en methode 2.1 Wettelijke kader 2.1.1 Wet natuurbescherming 2.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening 2.2 Onderzoeksmethode 2.2.1 Quickscan 2.2.2 Soortgericht onderzoek
8 8 8 9 9 9 10
3.
Gebiedsbescherming 3.1 Natura 2000-gebieden 3.2 Overige beschermde natuurwaarden
12 12 12
4.
Soortbescherming 4.1 Flora 4.1.1 Wet natuurbescherming 4.1.2 Exoten 4.2 Zoogdieren 4.2.1 Vleermuizen 4.2.2 Grondgebonden zoogdieren 4.3 Vogels 4.3.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten 4.3.2 Overige vogels 4.4 Amfibieën 4.5 Dagvlinders 4.5.1 Grote weerschijnvlinder en grote vos 4.5.2 Overige dagvlinders 4.6 Overige soortgroepen
13 13 13 13 14 14 14 17 17 18 19 19 19 19 19
Geraadpleegde bronnen
20
Bijlage 1 - Opruimingswerkzaamheden Bijlage 2 - Groeiplaatsen duizendknoop Bijlage 3 - Bestrijdingsmethoden duizendknoop
Voormalige Voormaligecamping campingPooksbelten, Pooksbelten,Almelo Almelo
Samenvatting Aanleiding en doelstelling Gemeente Almelo heeft het voornemen om op de voormalige camping Pooksbelten diverse opruimingswerkzaamheden uit te voeren. Omdat uitvoering van dit project negatieve gevolgen kan hebben voor beschermde natuurwaarden, dient dit initiatief getoetst te worden aan het natuurbeschermingsrecht. Om de gevolgen voor beschermde natuurwaarden in en rondom het projectgebied in beeld te brengen, heeft Ecogroen in opdracht van Gemeente Almelo een natuurtoets uitgevoerd.
Gebiedsbescherming • Met het initiatief wordt niet afgeweken van het vigerende bestemmingsplan. Daarom is geen nadere toetsing aan het Barro aan de orde. • Het projectgebied ligt op >8 kilometer afstand van Natura 2000-gebieden. Doordat het projectgebied buiten de begrenzing van Natura 2000-gebieden is gelegen, zijn directe negatieve effecten, zoals oppervlakteverlies, op voorhand uitgesloten. Verstorende effecten door bijvoorbeeld licht of geluid tijdens de aanlegwerkzaamheden worden gezien de aard van de werkzaamheden, afstand en de tussenliggende infrastructuur eveneens uitgesloten. • Een toename in stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden kan optreden in de aanlegfase. In voorliggende situatie is sprake van een zeer kleinschalige, kortdurende ingreep op relatief lange afstand van stikstofgevoelige natuurwaarden (>8 kilometer). Op basis hiervan wordt een negatief gevolg van de stikstofuitstoot in de aanlegfase niet verwacht. In de gebruiksfase is het projectgebied opgeruimd, en er zijn geen plannen die in de toekomst leiden tot een toename in verkeersbewegingen en/ of toename in stikstofdepositie. Het projectgebied heeft in de gebruiksfase zodoende geen (verandering in) stikstofuitstoot.
Soortbescherming • Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen verblijfplaatsen, onmisbare foerageergebieden en/ of essentiële vliegroutes van vleermuizen verloren. • Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen verblijfplaatsen of onmisbare leefgebieden verloren van egel, wezel, hermelijn, bunzing en steenmarter en/ of overige bij de Wet natuurbescherming beschermde grondgebonden zoogdieren.
04
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
• Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen jaarrond beschermde nestplaatsen verloren. Wel zijn enkele algemeen voorkomende vogels broedend te verwachten in de groenstructuren. • In het projectgebied zijn geen groei-, voortplantings- of andere vaste verblijfplaatsen van bij de Wet natuurbescherming beschermde flora, amfibieën, reptielen, dagvlinders, vissen of andere ongewervelden aangetroffen of te verwachten.
Advies en vervolgstappen • Een toename in stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden kan optreden in de aanlegfase. In voorliggende situatie is sprake van een zeer kleinschalige, kortdurende ingreep op relatief lange afstand van stikstofgevoelige natuurwaarden (>8 kilometer). Op basis hiervan wordt een negatief gevolg van de stikstofuitstoot in de aanlegfase niet verwacht. Gezien de huidige focus op het aspect stikstof en het vervallen van de bouwvrijstelling kan bevoegd gezag wel vragen om een stikstofberekening uit te (laten) voeren, zodat een getalsmatige onderbouwing beschikbaar is. Bij een dergelijke berekening wordt gerekend met parameters als machine-draaiuren en emissiefactoren. • Op diverse locaties in het projectgebied zijn groeiplaatsen van de invasieve exoot Japanse duizendknoop vastgesteld. Japanse duizendknoop is een snelgroeiende, sterk woekerende plant die zich vegetatief snel kan uitbreiden. Japanse duizendknoop verdringt inheemse planten, kruiden en struiken en is daarmee een bedreiging voor de natuur. Bovendien kan de soort aanzienlijke economische schade veroorzaken, bijvoorbeeld door schade aan verhardingen, bouwwerken, rioleringen en funderingen door de enorme groeikracht van de wortelstokken. Aangeraden wordt om deze soort te bestrijden.
• We adviseren– zeker wanneer werkzaamheden binnen de periode van 15 februari tot begin december worden gestart - om een broedvogelcontrole uit te voeren. Tijdens de broedvogelcontrole wordt gekeken of zich broedende vogels ophouden binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden. Bij het aantreffen van nesten van vogels wordt in overleg met de ecologisch toezichthouder bepaald hoe de werkzaamheden op een zorgvuldige wijze binnen de kaders van de Wet natuurbescherming kunnen worden uitgevoerd.
05
Voormalige Voormaligecamping campingPooksbelten, Pooksbelten,Almelo Almelo
1. Inleiding 1.1
Aanleiding en doelstelling Gemeente Almelo heeft het voornemen om op de voormalige camping Pooksbelten (zie figuur 1.1) diverse opruimingswerkzaamheden uit te voeren. Omdat uitvoering van dit project negatieve gevolgen kan hebben voor beschermde natuurwaarden, dient dit initiatief getoetst te worden aan het natuurbeschermingsrecht. Om de gevolgen voor beschermde natuurwaarden in en rondom het projectgebied in beeld te brengen, heeft Ecogroen in opdracht van Gemeente Almelo een natuurtoets uitgevoerd. Het uitgevoerde onderzoek en de resultaten ervan zijn in voorliggende rapportage beschreven.
Figuur 1.1 Projectgebied (rood omlijnd) in Almelo. Bron achtergrond: PDOK.
06
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
1.2
Huidige situatie en voorgenomen ontwikkeling Het projectgebied betreft de voormalige camping Pooksbelten, gelegen aan de Robbenhaarsweg in Almelo ter hoogte van nummer 11. Ten oosten van het projectgebied ligt nog een bosperceel, en ten zuiden grenst het projectgebied aan het kanaal Almelo-Nordhorn. Aan de westzijde wordt het projectgebied begrenst door een agrarisch grasland perceel. In de huidige situatie bestaat het projectgebied voor het overgrote deel uit bos. Verder zijn er enkele opstallen (houten schuur en laagbouw) aanwezig en een oud leegstaand buiten zwembad. Rondom de opstallen en het zwembad zijn diverse verhardingen aanwezig en staan er verspreid door het projectgebied hekwerken. Oppervlaktewater is vrijwel geheel afwezig en beperkt zich tot enkele droogstaande greppels die in de winterperiode mogelijk beperkt waterdragend zijn. Gemeente Almelo heeft het voornemen om diverse opruimingswerkzaamheden uit te voeren. Het betreft de sloop van de vervallen opstallen (houten schuur en laagbouw in de vorm van een pomphuisje bij het zwembad) en het leegstaande zwembad. Daarnaast worden de aanwezige verhardingen en hekwerken verwijderd en wordt er op enkele plekken grondwerkzaamheden uitgevoerd t.b.v. saneringswerkzaamheden (afval en oude pijpleidingen).
Er worden geen bomen gekapt en de aanwezige greppels worden niet aangetast (zie ook bijlage 1 voor een ruimtelijke weergave). Er zijn geen plannen voor het verder (her)inrichten van het projectgebied. Het vervult in de toekomstige situatie dezelfde functie zoals nu, een recreatief bos waarin gewandeld kan worden. De quickscan natuurtoets wordt door de initiatiefnemer gebruikt ter onderbouwing van de aanvraag van de omgevingsvergunning voor de saneringswerkzaamheden. De natuurtoets beperkt zich dan ook tot het uitvoeren van de saneringswerkzaamheden in het projectgebied, inclusief sloop van opstallen.
1.3
Leeswijzer In hoofdstuk 2 zijn het wettelijk kader en de onderzoeksmethode beschreven. Vervolgens wordt een effectanalyse en -beoordeling gegeven ten aanzien van beschermde gebieden (hoofdstuk 3) en soorten (hoofdstuk 4). Tenslotte zijn de geraadpleegde bronnen vermeld.
07
Voormalige Voormaligecamping campingPooksbelten, Pooksbelten,Almelo Almelo
2. Kader en methode 2.1
Wettelijke kader
2.1.1
Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming (Wnb) regelt de bescherming van Natura 2000-gebieden, soorten en houtopstanden (Overheid, 2022a). In dit rapport wordt ingegaan op de onderdelen soorten, gebieden en houtopstanden. Het onderdeel houtopstanden is, conform overeenkomst, niet meegenomen in voorliggende toetsing. Er worden ook geen bomen gekapt. In onderstaand kader 2.1 is een samenvatting van de relevante wetteksten gegeven. Kader 2.1 Wet natuurbescherming Zorgplicht (artikel 1.11) De Wet natuurbescherming (ook: Wnb) kent een zorgplicht voor natuur en soorten. De zorgplicht is altijd van kracht, ook ten aanzien van niet beschermde natuur. Artikel 1.11 schrijft voor dat iedereen voldoende zorg in acht neemt voor beschermde gebieden, in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. Iedereen die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn/haar handelen of nalaten nadelige gevolgen kunnen worden veroorzaakt voor een beschermd gebied of voor in het wild levende soorten, laat deze handelingen achterwege of voorkomt de gevolgen. Dit laatste kan door het treffen van maatregelen ter voorkoming van schade of -als zelfs dat niet kan- de ontstane schade zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. Een voorbeeld van (een maatregelen in het kader van) zorgplicht is het werken in de minst kwetsbare periode van soorten.
Natura 2000 (hoofdstuk 2) Hoofdstuk 2 regelt de bescherming van Natura 2000-gebieden, bestaande uit Habitatrichtlijngebieden (HR) en Vogelrichtlijngebieden (VR). Per Natura 2000-gebied zijn instandhoudingsdoelen geformuleerd voor de bescherming van natuurlijke habitats, habitats van soorten en leefgebieden van vogels. Artikelen 2.1 tot en met 2.11 van de Wet regelen de bescherming van (de doelen voor) Natura 2000-gebieden. Artikel 2.7 verplicht om vooraf te beoordelen of plannen en projecten in of in de nabijheid van Natura 2000-gebieden significant negatieve gevolgen kunnen hebben op de voor deze gebieden geformuleerde doelen. Als uit de beoordeling blijkt dat geen significant negatieve gevolgen optreden dan kan een plan worden vastgesteld of is een vergunning voor een project niet nodig. Zijn significant negatieve gevolgen niet uit te sluiten dan is een nadere beoordeling nodig. Artikel 2.8 bevat de voorwaarden waaraan moet zijn voldaan voor het vaststellen van een plan of het verlenen van een vergunning. Het bevoegd gezag is meestal de provincie waar (het grootste deel van) de ingreep of handeling plaatsvindt, soms is dat het Rijk. Soorten (hoofdstuk 3) Hoofdstuk 3 regelt de bescherming van soorten. De bescherming van soorten is verdeeld over de artikelen 3.1, 3.5 en 3.10.
Het betreft de bescherming van: • Vogels zoals genoemd in de Vogelrichtlijn (artikel 3.1), in de praktijk vaak onderverdeeld in: – Vogels met jaarrond beschermde nesten, zoals huismus, gierzwaluw en buizerd. – Overige vogels, waarvan nesten alleen tijdens het broedseizoen zijn beschermd (periode van nestbouw, ei-leg, broeden en voeren van de jongen op het nest).
08
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
• Soorten (exclusief vogels) van de Habitatrichtlijn (bijlage IV) en de Verdragen van Bern (bijlage II) en Bonn (bijlage I), zoals bedoeld in artikel 3.5. • Andere soorten (artikel 3.10), onderverdeeld in: – Soorten waarvoor een ontheffing vereist kan zijn. – Soorten waarvoor -op basis van de betreffende provinciale verordening- vrijstelling van de verbodsbepalingen geldt. Indien effecten niet zijn uit te sluiten moet -voorafgaand aan het vaststellen van een plan- zijn beoordeeld of er uitzicht is op het verkrijgen van een ontheffing. Als er aantoonbaar uitzicht is op het verkrijgen van een ontheffing dan kan het plan worden vastgesteld. Als bij ruimtelijke ingrepen verbodsbepalingen worden overtreden dan is het noodzakelijk om een ontheffing aan te vragen bij het bevoegd gezag, tenzij gewerkt kan worden volgens een goedgekeurde gedragscode. Het bevoegd gezag is meestal de provincie waar (het grootste deel van) de ingreep of activiteit plaatsvindt, soms is dat het Rijk. Voor het verkrijgen van een ontheffing moet zijn beschreven hoe de initiatiefnemer ervoor zorgt dat schade aan beschermde soorten tot een minimum beperkt blijft, welke mitigerende en compenserende maatregelen nodig zijn, dat alternatieven ontbreken, aan welk wettelijk belang wordt voldaan en dat de staat van instandhouding van de betreffende soort niet in gevaar komt.
2.1.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening De bescherming van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is vastgelegd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Overheid, 2022b) en uitgewerkt in provinciale verordeningen. In het Barro staat dat bij provinciale verordening gebieden moeten worden aangewezen die het Natuurnetwerk Nederland vormen. De ligging van die gebieden wordt geometrisch vastgelegd. Bij provinciale verordening worden in het belang van de bescherming, instandhouding en ontwikkeling van de wezenlijke kenmerken en waarden, regels gesteld omtrent de inhoud van bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen waarbij in bepaalde gevallen wordt afgeweken van het bestemmingsplan. Voor nieuwe ontwikkelingen binnen of nabij het NNN, waarbij een nieuw bestemmingsplan wordt vastgesteld of een omgevingsvergunning wordt verleend waarbij in bepaalde gevallen wordt afgeweken van het bestemmingsplan, geldt een ‘nee-tenzij’-afweging. Dit houdt kortweg in dat significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN niet toegestaan is. Regels voor beoordeling van effecten op het NNN zijn vastgelegd in provinciale verordeningen en verankerd in de bestemmingsplannen. Indien geen sprake is van een nieuw vast te stellen bestemmingsplan, dan wel dat een omgevingsvergunning voor afwijken bestemmingsplan niet vereist is, is toetsing aan het NNN niet aan de orde.
In voorliggende situatie wordt niet afgeweken van het vigerende bestemmingsplan en is geen omgevingsvergunning voor afwijken van bestemmingsplan vereist. Daarom is geen toetsing aan het NNN aan de orde.
2.2
Onderzoeksmethode
2.2.1
Quickscan Om de aanwezige of te verwachten beschermde waarden binnen de invloedssfeer van het projectgebied in beeld te brengen is gestart met een literatuuronderzoek. Hierbij is onderzocht of beschermde soorten bekend zijn in of in de directe omgeving van het projectgebied. Hiervoor is onder andere gebruik gemaakt van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF; <10 jaar geleden en binnen een straal van 1 kilometer rondom projectgebied). Ook is gekeken naar de ligging van het projectgebied ten opzichte van beschermde gebieden.
09
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
De verzamelde informatie uit het literatuuronderzoek vormt de basis voor het quickscan veldbezoek dat op 14 maart 2022 (11°C, droog, bewolkt, weinig wind) is uitgevoerd. Het projectgebied en de directe omgeving (zone van circa 50 meter) zijn onderzocht door een ecoloog van Ecogroen. Gedurende het veldbezoek is aandacht besteed aan beschermde soorten binnen de Wet natuurbescherming en aan de situering ten opzichte van omliggende beschermde gebieden. Hierbij is tevens onderzocht of geschikt biotoop van beschermde soorten onder de Wnb aanwezig is. Specifiek is gelet op de aanwezigheid van jaarrond beschermde nesten voor vogels en verblijfplaatsen en vliegroutes voor vleermuizen en verblijfplaatsen van eekhoorn, das, steenmarter, wezel, hermelijn, bunzing en egel. Op basis van het uitgevoerde literatuuronderzoek en het veldonderzoek is beoordeeld welke beschermde soorten (mogelijk) aanwezig zijn en hoe het projectgebied zich verhoudt tot beschermde waarden in omliggende natuurgebieden. Vervolgens is op basis van het voorgenomen initiatief bepaald welke effecten kunnen optreden op beschermde soorten en gebieden en of vervolgstappen (zoals nader onderzoek, ontheffing- dan wel vergunningsaanvraag) vereist zijn. 2.2.2
Soortgericht onderzoek Een overzicht van alle uitgevoerde veldbezoeken is opgenomen in tabel 2.1. Daarna volgt een beschrijving van de methodiek per soort(groep). Tabel 2.1 Overzicht inventarisatiemomenten. Datum
Focus
Moment v.d.
Weersomstandigheden
11-02-2022
Steenuil (en andere uilen)
dag Avond
1 graad, helder, droog en windstil
04-03-2022
Steenuil (en andere uilen)
Avond
2 graden, helder, droog en weinig wind
14-03-2022
Quickscan
Ochtend
11 graden, bewolkt, droog en weinig wind
13-04-2022
Steenuil (en andere uilen)
Avond
12 graden, bewolkt, droog/ miezer en windstil
23-06-2022
Vleermuizen, egel en
Ochtend
13 graden, helder, droog en windstil
Avond
15 graden, helder, droog en windstil
Avond
19 graden, helder, droog en windstil
Ochtend
14 graden, helder, droog en windstil
marters 13-07-2022
Vleermuizen, egel en marters
16-08-2022
Vleermuizen, egel en marters
09-09-2022
Vleermuizen, egel en marters
Steenuil Voor steenuil zijn conform het kennisdocument steenuil (Bij12, 2017c) drie gerichte avondbezoeken uitgevoerd. Tijdens het veldonderzoek is nabij de woonerven binnen en net buiten het projectgebied geluisterd naar territorium- en contactgeluiden van steenuil. Door middel van het afspelen van de territoriumroep met geluidboxjes werden vogels aangespoord tot roepen, zodat aanwezigheid nauwkeuriger kon worden bepaald. Tevens is er tijdens deze bezoeken gelet op activiteit van o.a. bosuil, ransuil en kerkuil. Vleermuizen Het vleermuisonderzoek heeft zich met name gericht op het vaststellen van (vaste) verblijfplaatsen. Op basis van onderzoekservaring uit eerdere (soortgelijke) projecten en de bouwkundige
10
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
constructie van de aanwezige opstallen worden enkele vleermuissoorten als gewone dwergvleermuis en ruige dwergvleermuis verwacht. De onderzoeksinspanning is daarom afgestemd op deze soorten. Conform het landelijk vleermuisprotocol (Vleermuisvakberaad, 2021) en de kennisdocumenten van vleermuizen (BIJ12, 2017a & BIJ12, 2017b) zijn in deze situatie vier nachtelijke bezoeken verspreid over het jaar uitgevoerd. Specifiek gaat het om twee nachtelijke bezoeken in de periode half mei tot half juli gericht op kraamkolonies en zomerverblijfplaatsen en twee nachtelijke bezoeken in de periode half augustus tot eind september gericht op baltslocaties en paarverblijfplaatsen van (groepjes) vleermuizen. De bezoeken zijn in de ochtend- of avondschemering uitgevoerd. Conform het vleermuisprotocol is een avondbezoek voor baltsterritoria vanaf één uur na zonsondergang gestart. Alle bezoeken zijn uitgevoerd onder gunstige weersomstandigheden (droog, geen harde wind, minimaal 10 °C, zie tabel 2.1). Bij het onderzoek is gebruikgemaakt van batdetectors met de mogelijkheid om opnamen te maken, zoals de Pettersson D240x en de Echometer Touch 2. Tijdens alle bezoeken is ook gekeken naar eventuele vliegroutes en foerageergebieden. In combinatie met alle vleermuisbezoeken is het gehele projectgebied geïnspecteerd op het voorkomen van verblijfplaatsen en activiteit van marterachtigen en egel.
Marterachtigen en egel Marterachtigen en egel zijn veelal nachtactief. Het onderzoek naar beide soorten is gecombineerd met het vleermuisonderzoek uitgevoerd aan het begin en eind van de nacht. Naast waarnemingen van dieren is ook gelet op sporen, zoals verse keutels en prooiresten. Doordat verspreid in de periode mei tot en met september vier nachtelijke bezoeken zijn uitgevoerd is een betrouwbaar beeld ontstaan van het terreingebruik door marterachtigen en egel.
11
Voormalige Voormaligecamping campingPooksbelten, Pooksbelten,Almelo Almelo
3. Gebiedsbescherming 3.1
Natura 2000-gebieden Het projectgebied ligt op >8 kilometer afstand van Natura 2000-gebieden. Directe negatieve effecten, waaronder oppervlakteverlies van habitattypen en leefgebied van soorten, worden vanwege deze ligging op voorhand uitgesloten. De potentiële effecten beperken zich zodoende uitsluitend tot externe werking. Op basis van de aard van de werkzaamheden, de huidige functie van het projectgebied, de tussenliggende infrastructuur worden effecten als gevolg van verstoring uitgesloten. Uitsluitend indirecte effecten als gevolg van stikstofdepositie (verzuring en/of vermesting) kunnen niet op voorhand worden uitgesloten, gezien de reikwijdte van stikstofdepositie. Een toename in stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden kan optreden in de aanlegfase. In voorliggende situatie is sprake van een zeer kleinschalige, kortdurende ingreep op relatief lange afstand van stikstofgevoelige natuurwaarden (>8 kilometer). Op basis hiervan wordt een negatief gevolg van de stikstofuitstoot in de aanlegfase niet verwacht. Gezien de huidige focus op het aspect stikstof en het vervallen van de bouwvrijstelling kan bevoegd gezag wel vragen om een stikstofberekening uit te (laten) voeren, zodat een getalsmatige onderbouwing beschikbaar is. Bij een dergelijke berekening wordt gerekend met parameters als machinedraaiuren en emissiefactoren.
In de gebruiksfase is het projectgebied opgeruimd, en er zijn geen plannen die in de toekomst leiden tot een toename in verkeersbewegingen en/ of toename in stikstofdepositie. Het projectgebied heeft in de gebruiksfase zodoende geen (verandering in) stikstofuitstoot.
3.2
Overige beschermde natuurwaarden Het projectgebied is niet aangewezen als weidevogelgebied of ganzenfoerageergebied of als ander bijzonder gebied in de omgevingsverordening van provincie Overijsel. Toetsing of verdere vervolgstappen in het kader van de Omgevingsverordening van provincie Overijssel zijn niet aan de orde.
12
Voormalige Voormaligecamping campingPooksbelten, Pooksbelten,Almelo Almelo
4. Soortbescherming 4.1
Flora
4.1.1
Wet natuurbescherming In het projectgebied zijn geen beschermde plantensoorten aangetroffen en/ of bekend (NDFF, 2022). Op basis van de aangetroffen soortensamenstelling, de terreingesteldheid en bekende verspreidingsgegevens worden beschermde plantensoorten ook niet verwacht. Het nemen van vervolgstappen ten aanzien van beschermde flora is niet aan de orde.
4.1.2
Exoten Japanse duizendknoop Op diverse locaties in het projectgebied zijn groeiplaatsen van Japanse duizendknoop vastgesteld (zie bijlage 2). Japanse duizendknoop is een snelgroeiende, sterk woekerende plant die zich vegetatief snel kan uitbreiden. Japanse duizendknoop verdringt inheemse planten, kruiden en struiken en is daarmee een bedreiging voor de natuur. Bovendien kan de soort aanzienlijke economische schade veroorzaken, bijvoorbeeld door schade aan verhardingen, bouwwerken, rioleringen en funderingen door de enorme groeikracht van de wortelstokken. Bestrijding Voor het verwijderen van duizendknoop zijn verschillende methoden en technieken beschikbaar. Er is niet één methode aan te wijzen als meest geschikt, de beste resultaten worden geboekt door het combineren van bestrijdingsmethoden en deze over langere periode (jaren) toe te passen. De groeikracht van duizendknoop zit voornamelijk in de wortels. De methodes waar zoveel mogelijk van de ondergrondse biomassa (i.e. het wortelbestand) wordt verwijderd, zijn daarom het meest effectief. Er zijn verschillende methodes om de wortels uit de bodem te verwijderen (zoals verstikken, afgraven, zeven, ontwortelen en uitsteken). Verstikken en volledig afgraven, waarbij de grond wordt afgevoerd, zijn de meest effectieve manier omdat hiermee het grootste deel van de wortels kan worden verwijderd.
Afgraven brengt echter vaak hoge kosten met zich mee omdat de afvoer van grond duur is. Bij andere goedkopere methodes wordt een kleiner aandeel van de wortels verwijderd waardoor vaak een langer en intensiever nazorgtraject noodzakelijk is. In bijlage 3 worden een aantal bestrijdingsmethoden beschreven.
13
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
4.2
Zoogdieren
4.2.1
Vleermuizen Het leefgebied van vleermuizen bestaat uit verblijfplaatsen, vliegroutes en foerageergebieden (zie ook kader 4.1). Kader 4.1 Vleermuizen Verblijfplaatsen Verblijfplaatsen kunnen zich bevinden in donkere en voor vleermuizen bereikbare ruimten in bomen, huizen, kelders et cetera en kunnen aanwezig zijn in de vorm van kraamverblijven / zomerverblijven, baltslocaties / paarverblijven en winterverblijven. Verstoring, beschadiging, vernietiging of het verwijderen van deze verblijfplaatsen is verboden. Vliegroutes Voor oriëntatie tijdens de trek van en naar hun verblijfplaatsen en foerageergebieden gebruiken vleermuizen veelal jarenlang dezelfde structuren. Vanwege dit traditiegetrouwe gedrag van vleermuizen vormen bepaalde lijnvormige structuren (bijvoorbeeld rijen woningen, watergangen en bomenrijen) een belangrijk onderdeel van een vliegroute. Wanneer alternatieve structuren ontbreken zijn dergelijke structuren ‘onmisbaar’ en zodoende beschermd. Foerageergebieden Locaties waar insecten aanwezig zijn, bijvoorbeeld langs randen van bossen, bomenrijen of boven water zijn van belang als foerageergebied voor vleermuizen. Foerageergebied van vleermuizen geniet binnen de Wet natuurbescherming echter geen juridische bescherming, tenzij het onmisbaar is voor het voortbestaan van een populatie
Verblijfplaatsen Tijdens het quickscan onderzoek zijn potentiële verblijfplaatsen van vleermuizen aangetroffen in de opstallen binnen het projectgebied. Ook zijn er potentiële verblijfplaatsen voor boombewonende vleermuizen aanwezig in de spechtenholen of in kieren en spleten of achter loshangende schors. Daarnaast zijn waarnemingen van gewone dwergvleermuis bekend uit de omgeving van het projectgebied (NDFF, 2022). Overige waarnemingen ontbreken. Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen verblijfplaatsen van boombewonende vleermuizen verloren, omdat er geen bomen worden gekapt. Wel gaan de potentiële vleermuisverblijven in de opstallen verloren, doordat de opstallen worden gesloopt. Echter zijn tijdens het aanvullende vleermuisonderzoek geen in gebruik zijnde verblijfplaatsen van vleermuizen aangetroffen in de opstallen. Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen verblijfplaatsen van gebouwbewonende vleermuizen verloren. Zodoende zijn verdere vervolgstappen ten aanzien van verblijfplaatsen van vleermuizen niet aan de orde. Vliegroutes en foerageergebieden In het projectgebied zijn geen essentiële vliegroutes en/ of onmisbaar foerageergebied aangetroffen tijdens het vleermuisonderzoek. Bovendien worden er geen bomen gekapt en groenstructuren verwijderd.
Zodoende blijven opgaande lijnvormige structuren die kunnen dienen als vliegroute behouden en blijft het projectgebied geschikt als foerageergebied van vleermuizen. Vervolgstappen ten aanzien van vliegroutes en foerageergebieden van vleermuizen zijn niet aan de orde. 4.2.2
Grondgebonden zoogdieren Egel Tijdens het quickscan onderzoek is potentieel leefgebied van egels aangetroffen binnen het projectgebied. Het betreft voornamelijk foerageergebied waarin ruimtes onder de aanwezig opstallen en
14
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
de takkenbulten/ ophopingen van bladafval potentiële verblijfplaatsen vormen voor de egel. Gedurende het aanvullende onderzoek is geen activiteit van egels waargenomen in het projectgebied. Het voorkomen van egel is wel bekend uit de omgeving van het projectgebied (NDFF, 2022). Ook wordt egel waargenomen op de woonerven rondom het projectgebied (mondelinge mededeling bewoners). Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen verblijfplaatsen van egel verloren. De saneringswerkzaamheden zijn gericht op het verwijderen van afval uit het projectgebied. Ter plaatse van de locaties waar de saneringswerkzaamheden betrekking hebben op de bodem (zie ook bijlage 1) is geen sprake van leefgebied van egel (kaal, geen dekking). Takkenafval en ophogingen van bladafval blijven allemaal ongemoeid. Daarnaast is rondom de te verwijderen opstallen geen activiteit van egel waargenomen, waardoor eventuele verblijfplaatsen onder de opstallen zijn uitgesloten. Naar verwachting functioneert het projectgebied voornamelijk als foerageergebied voor de soort. Echter is er geen sprake van onmisbaar foerageergebied op de werklocaties, omdat er in de omgeving ruimvoldoende foerageergebied voorhanden blijft in de vorm van het bos en tuinen/ erven in de omgeving.
Bovendien zijn de werklocaties uitsluitend tijdelijk ongeschikt als foerageergebied en zijn na de uitvoering direct weer beschikbaar voor egel. Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen verblijfplaatsen of onmisbaar leefgebied van egel verloren. Zodoende zijn verdere vervolgstappen ten aanzien van egel niet aan de orde. Kleine marterachtigen Tijdens het quickscan onderzoek is potentieel leefgebied van kleine marterachtigen (wezel, hermelijn en bunzing) aangetroffen binnen het projectgebied. Het betreft voornamelijk foerageergebied waarin ruimtes onder de aanwezig opstallen en de takkenbulten/ ophopingen van bladafval potentiele verblijfplaatsen vormen voor de wezel, bunzing en hermelijn. Gedurende het aanvullende onderzoek is geen activiteit van deze soorten waargenomen in het projectgebied. Het voorkomen van alle drie de soorten is ook niet bekend uit de omgeving van het projectgebied (NDFF, 2022). Wel zijn er oude waarnemingen van bunzing en wezel bekend (>15 jaar). Op basis van het onderzoek en bekende verspreidingsgegevens wordt aanwezigheid van wezel, hermelijn en bunzing niet verwacht. Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan bovendien geen verblijfplaatsen van kleine marterachtigen verloren. De saneringswerkzaamheden zijn gericht op het verwijderen van afval uit het projectgebied.
Ter plaatse van de locaties waar de saneringswerkzaamheden betrekking hebben op de bodem (zie ook bijlage 1) is geen sprake van leefgebied van kleine marterachtigen (kaal, geen dekking). Takkenafval en ophogingen van bladafval blijven allemaal ongemoeid. Daarnaast is rondom de te verwijderen opstallen geen activiteit van kleine marterachtigen waargenomen, waardoor eventuele verblijfplaatsen onder de opstallen zijn uitgesloten. Bovendien is er geen sprake van onmisbaar foerageergebied op de werklocaties, omdat er in de omgeving ruimvoldoende foerageergebied voorhanden blijft in de vorm van het bos. Bovendien zijn de werklocaties uitsluitend tijdelijk ongeschikt als foerageergebied en zijn na de uitvoering direct weer beschikbaar voor kleine marterachtigen. Zodoende zijn verdere vervolgstappen ten aanzien van kleine marterachtigen niet aan de orde. Steenmarter Tijdens het quickscan onderzoek is een oude verblijfplaats van steenmarter aangetroffen in het oude pomphuisje bij het zwembad (zie figuur 4.1). In het pomphuisje is een dode steenmarter aangetroffen. Naast het pomphuisje vormen ook de ruimtes onder de opstallen potentiële
15
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
verblijfplaatsen van steenmarter. Het voorkomen van steenmarter is niet bekend uit de omgeving van het projectgebied (NDFF, 2022). Steenmarter maakt gebruik van oude gebouwen (in het bijzonder schuren, zolders en kelders) als vaste rust- en voortplantingsplaats. Tijdens het aanvullende onderzoek zijn exemplaren of in gebruik zijnde verblijfplaatsen van steenmarter waargenomen. Verder vormt het projectgebied geschikt foerageergebied voor steenmarter.
Figuur 4.1 Vindplaats dode steenmarter. Bron achtergrond: PDOK/
Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen verblijfplaatsen van steenmarter verloren. Er zijn geen in gebruik zijnde verblijfplaatsen van steenmarter aangetroffen in of onder de te verwijderen opstallen. Naar verwachting functioneert het projectgebied voornamelijk als foerageergebied voor de soort. Echter is er geen sprake van onmisbaar foerageergebied op de werklocaties, omdat er in de omgeving ruimvoldoende foerageergebied voorhanden blijft in de vorm van het bos en tuinen/ erven in de omgeving. Bovendien zijn de werklocaties uitsluitend tijdelijk ongeschikt als foerageergebied en zijn na de uitvoering direct weer beschikbaar voor steenmarter. Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen verblijfplaatsen of onmisbaar leefgebied van steenmarter verloren. Zodoende zijn verdere vervolgstappen ten aanzien van steenmarter niet aan de orde. Eekhoorn Tijdens het quickscan onderzoek zijn diverse nesten van eekhoorn aangetroffen binnen het projectgebied. Het voorkomen van eekhoorn is ook bekend uit de omgeving van het projectgebied (NDFF, 2022). Ook wordt eekhoorn waargenomen door de bewoners uit de omgeving rondom het projectgebied. Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen verblijfplaatsen van eekhoorn verloren. Er worden namelijk geen bomen gekapt.
Bovendien is er geen sprake van onmisbaar foerageergebied op de werklocaties, omdat er in de omgeving ruimvoldoende foerageergebied voorhanden blijft in de vorm van het bos. Bovendien zijn de werklocaties uitsluitend tijdelijk ongeschikt
16
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
als foerageergebied en zijn na de uitvoering direct weer beschikbaar voor eekhoorn. Zodoende zijn verdere vervolgstappen ten aanzien van eekhoorn niet aan de orde. Overige zoogdieren Vaste verblijfplaatsen of onmisbaar leefgebied van overige beschermde zoogdieren zonder provinciale vrijstelling zoals das worden op basis van het veldonderzoek, terreinkenmerken en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2022) uitgesloten. Vervolgstappen voor deze soorten zijn niet aan de orde. In het projectgebied zijn vaste verblijfplaatsen van algemene grondgebonden zoogdiersoorten, zoals haas, bosmuis, rosse woelmuis en huisspitsmuis, te verwachten. Bij werkzaamheden kunnen enkele exemplaren van deze grondgebonden zoogdieren geschaad worden. In voorliggende situatie geldt in de provincie Overijssel vrijstelling van de verbodsartikelen uit de Wet natuurbescherming, waardoor het nemen van vervolgstappen voor deze soorten niet aan de orde is.
4.3
Vogels Van veel vogels zijn nesten alleen gedurende het broedseizoen beschermd. Nestplaatsen kunnen dan buiten het broedseizoen zonder overtreding van de Wnb verwijderd worden. Voor een aantal vogelsoorten geldt echter dat de nestplaatsen inclusief de functionele omgeving jaarrond beschermd zijn (zie kader 4.2). Kader 4.2 Vogels waarvan de nesten jaarrond beschermd zijn Onder jaarrond beschermde nesten van vogels wordt in Overijssel verstaan: in functie zijnde nesten van de ooievaar, boomvalk, buizerd, havik, ransuil, roek, wespendief, zwarte wouw, slechtvalk, sperwer, steenuil, kerkuil, oehoe, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, huismus, boerenzwaluw, bosuil, huiszwaluw, raaf, torenvalk, zeearend en zwarte specht. Aanvullend op bovengenoemde vogels met jaarrond beschermde nesten heeft de provincie Overijssel een aantal soorten benoemd waarvan moet worden getoetst of voldoende functioneel leefgebied aanwezig blijft. Dit zijn vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen.
Specifiek betreft het de volgende soorten: blauwe reiger, bonte vliegenvanger, boomklever, boomkruiper, draaihals, gekraagde roodstaart, glanskop, grauwe vliegenvanger, groene specht, grote bonte specht, grutto, ijsvogel, kleine bonte specht, kortsnavelboomkruiper, middelste bonte specht, oeverzwaluw, ringmus, spreeuw, tapuit, tureluur, veldleeuwerik, wulp, zomertortel, zwarte mees en zwarte roodstaart.
4.3.1
Vogels met jaarrond beschermde nesten Steenuil Tijdens het quickscan onderzoek zijn potentiële nestlocaties van steenuil aangetroffen in de bebouwing binnen en net buiten het projectgebied. Daarnaast zijn waarnemingen van steenuil bekend uit de wijdere omgeving van het projectgebied (NDFF, 2022). Tijdens het aanvullende onderzoek zijn echter geen nestlocaties of exemplaren van steenuil aangetroffen in en rondom het projectgebied. Als gevolg van de voorgenomen plannen gaan geen nestlocaties of onmisbaar foerageergebied van steenuil verloren. Zodoende zijn verdere vervolgstappen ten aanzien van steenuil niet aan de orde. Bosuil Binnen het projectgebied zijn potentiële nestplaatsen en roestplaatsen aanwezig van bosuil. Tijdens het aanvullende onderzoek naar vleermuizen is tevens een bosuil roepend waargenomen. Verder is het voorkomen van bosuil uit de omgeving van het projectgebied bekend (NDFF, 2022). Als gevolg
17
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen nestplaatsen of onmisbare leefgebieden van bosuil verloren. Enerzijds worden er geen bomen gekapt waardoor (potentiële) nest-/ roestplaatsen niet verloren gaan en anderzijds worden de werkzaamheden buiten het broedseizoen uitgevoerd waardoor er ook geen verstoring van broedende bosuilen optreedt. Het nemen van vervolgstappen voor bosuil is niet aan de orde. Categorie 5 soorten Binnen het projectgebied zijn potentiële nestplaatsen aanwezig van jaarrond beschermde vogels categorie 5. Dit zijn vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren gaat, zich elders te vestigen. Echter moeten deze plekken elders wel aanwezig zijn. Het gaat in deze situatie om soorten als grote bonte specht, boomklever, groene specht en boomkruiper. Tijdens de veldonderzoeken zijn enkele van deze soorten ook waargenomen binnen het projectgebied (grote bonte specht en groene specht). Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan echter geen nestplaatsen of onmisbare leefgebieden van deze soorten verloren. Enerzijds worden er geen bomen gekapt waardoor (potentiële) nestplaatsen niet verloren gaan en anderzijds worden de werkzaamheden buiten het broedseizoen uitgevoerd waardoor er ook geen verstoring van broedende vogels optreedt.
Het nemen van vervolgstappen voor deze soorten is niet aan de orde. Overige vogels met jaarrond beschermde nesten Overige vogels met jaarrond beschermde nesten (zoals ransuil, kerkuil, havik, buizerd, sperwer, huismus etc.) in of in de directe omgeving van het projectgebied worden op basis van het ontbreken van nesten, het uitgevoerde onderzoek en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2022) uitgesloten. Vervolgstappen in het kader van de Wet natuurbescherming is niet aan de orde voor overige vogels met jaarrond beschermde nestlocaties. 4.3.2
Overige vogels Door de aanwezigheid van bos binnen het projectgebied is broedbiotoop aanwezig voor diverse algemene vogelsoorten waaronder vink, pimpelmees, gaai, houtduif, Turkse tortel, ekster en merel. Voor alle inheemse vogelsoorten geldt een verbod op handelingen die soorten, nesten, eieren of vaste rust- of verblijfplaatsen beschadigen of verstoren. Voor de te verwachten soorten is er geen sprake van verstoring die van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding, mits broedgevallen worden ontzien. Van belang is of een broedgeval wordt verstoord, ongeacht de datum. In het kader van de Wet natuurbescherming wordt voor het broedseizoen geen standaardperiode gehanteerd, omdat deze per soort en vaak per jaar kan verschillen. Werkzaamheden dienen zo veel mogelijk buiten het broedseizoen te worden uitgevoerd. Voor de meeste soorten kan de periode tussen 1 maart en 15 juli worden aangehouden als broedseizoen. Houtduif kan tot in december broedsels beginnen, maar ook al voor 1 maart starten met nestelen. Daarom adviseren we – zeker wanneer werkzaamheden binnen de periode van 15 februari tot 1 december worden gestart - om een broedvogelcontrole uit te voeren. Tijdens de broedvogelcontrole wordt gekeken of zich broedende vogels ophouden binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden.
Bij het aantreffen van nesten van vogels wordt in overleg met de ecologisch toezichthouder bepaald hoe de werkzaamheden op een zorgvuldige wijze binnen de kaders van de Wet natuurbescherming kunnen worden uitgevoerd.
18
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
4.4
Amfibieën Op basis van het veldbezoek, terreinkenmerken en verspreidingsgegevens (NDFF, 2022) wordt voortplanting en overwintering van in de Habitatrichtlijn en de Verdragen van Bern en Bonn en nationaal beschermde amfibieën (zoals poelkikker en rugstreeppad) uitgesloten. Door de afwezigheid van permanent oppervlaktewater (zomers droogstaande greppels) in het projectgebied is voortplanting van amfibieën met een provinciale vrijstelling uitgesloten. Wel is overwintering van algemene soorten amfibieën zoals de kleine watersalamander, gewone pad en bruine kikker te verwachten in met name de bosranden. Bij de geplande ingrepen kunnen exemplaren van vrijgestelde beschermde amfibieën geschaad worden. In voorliggende situatie geldt voor deze soorten in de provincie Overijssel vrijstelling van de verbodsartikelen uit de Wet natuurbescherming, waardoor het nemen van vervolgstappen voor deze amfibieën niet aan de orde is.
4.5
Dagvlinders
4.5.1
Grote weerschijnvlinder en grote vos Tijdens het veldbezoek zijn geen waarnemingen gedaan van grote weerschijnvlinder en/ of grote vos. Wel zijn beide soorten bekend uit de wijdere omgeving van het projectgebied (NDFF, 2022). Grote weerschijnvlinder is voor haar voortplanting afhankelijk van met name boswilg, maar soms ook grauwe wilg. De eitjes worden afgezet op beschaduwde bladeren, vaak hoog in de bomen maar af en toe ook op lagere hoogtes. Grote vos zet haar eitjes met name af op iep, waarbij de eitjes afgezet worden rond de bovenste takken van hoge, vrijstaande bomen. Als gevolg van de voorgenomen werkzaamheden gaan geen waardplanten, eitjes en/ of exemplaren van grote weerschijnvlinder en grote vos verloren omdat er geen groenstructuren worden verwijderd. Zodoende zijn verdere vervolgstappen ten aanzien van beide soorten niet aan de orde.
4.5.2
Overige dagvlinders Op basis van de terreinkenmerken, habitateisen en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2022) worden in het projectgebied geen voortplanting of vaste verblijfplaatsen verwacht van overige beschermde dagvlinders (zoals sleedoornpage). Het nemen van vervolgstappen is niet aan de orde voor deze soorten.
4.6
Overige soortgroepen Op basis van de terreinkenmerken, habitateisen en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2022) worden in het projectgebied geen voortplanting en/of vaste verblijfplaatsen verwacht van beschermde vissen, reptielen en overige ongewervelden (niet-zijnde dagvlinders). Het nemen van vervolgstappen in het kader van de Wnb is niet aan de orde voor deze soortgroepen.
19
Voormalige Voormaligecamping campingPooksbelten, Pooksbelten,Almelo Almelo
Geraadpleegde bronnen Literatuur BIJ12 (2017a). Kennisdocument Gewone dwergvleermuis Pipistrellus pipistrellus. Versie 1.0 juli 2017. BIJ12 (2017b). Kennisdocument Ruige dwergvleermuis Pipistrellus nathusii. Versie 1.0 juli 2017. BIJ12 (2017c). Kennisdocument Steenuil Athene nocuta. Versie 1.0, juli 2017. Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus (2021). Zoogdiervereniging en Gegevensautoriteit Natuur, Vleermuisprotocol 2021.
Internet NDFF (2022). NDFF uitvoerportaal (https://ndff-ecogrid.nl). Laatste raadpleging in oktober 2022. Overheid (2022a). Wet natuurbescherming (https://wetten.overheid.nl/BWBR0037552). Overheid (2022b). Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (https://wetten.overheid.nl/BWBR0030378). RAVON (2022). Website met soortinformatie over de Nederlandse amfibieën, reptielen en vissen (http://www.ravon.nl). Laatste raadpleging in oktober 2022. Sovon (2022). Website met soortinformatie over de Nederlandse vogels (http://www.sovon.nl). Laatste raadpleging in oktober 2022. Vlinderstichting (2022). Website met soortinformatie over de Nederlandsche vlinders en libellen (http://www.vlinderstichting.nl). Laatste raadpleging in oktober 2022. Zoogdiervereniging (2022). Website met soortinformatie over de Nederlandse zoogdieren (http://www.zoogdiervereniging.nl). Laatste raadpleging in oktober 2022.
20
Voormalige camping Pooksbelten, Almelo
Bijlage 1 Opruimingswerkzaamheden
21
1
2
3
4
5
6
8
9
10
11
12
13
14
15
16
g6 we s r a a h n e b b o R
r n l a ma e g i n Mi s e r Ad r o o dd e o v Ge e t g o o h l e s k De
A
7
4 0 . 4 6 + 2 3 . 2 1
A
0 2 0 2 . 0 0 1 5 4 2 0 4 3 5 . 7 1 9 7 8 4
= x
n e t a n i d r o o c
= y
+ 8 9 . 0 .1 b . o . b
0 , 69
u 16C 4x
r e d u o h t i eu l e k n me 6 m u 7 i 0 n 0 mi u Al
7 1
B 43 , 0
31 , 0
B + 0 2 . 1 .1 b . o . b
6 96,
4
5 , 1
+ 9 6 . 0 .1 b . o . b
2a 1
n de o o l , r e p o k k n i z
3x9 5Cu
AK P 0 2,
71
2, 2
+ 5 1 . 1 .1 b . o . b
C
C
6 0,
75
x
7 5 9 3 B
1, 9
5 1,
3 4,
7 9, 1
5 6 6 3 D
7 5 9 3 B
8 5,
3
8 5,
4 0, 2, 8
+ 7 1 . 0 .1 b . o . b
9 , 1 1
4 3, 1
3
0 2,
0 6, 0 6,
5 0,
4 7,
0 3,
4 2,
5 0,
8 2,5 0,
3 3 0 3 B
0 5,
e i l eo l a r e n mi
r e d u o h t i eu l e k n e 2
m 6m u 6 i 0 n 0 mi u Al
0 , 23
4 6 6 3 D
x1 6C 3x u 95 Cu
x5 0C 3x u 50 Cu
1 1,
86 , 1
1 1
5 3,
5 0,
3 4,
2 , 46
? = p s ? = p ?s = p s ? = p s
6 0,
4 3,
9 3 0 0 F F 1 4,
P 4 A 0 . N + 4 6 4 9 . 1 1
3x 50 Cu
+ 8 9 . .9 b . o . b
+ 2 0 . 0 .1 b . o . b
2 2 , 2
+6 Al 95 +6 4x Al 95 +6 4x Al 50 1 4x
Cu 50 3x
2
+ 5 2 . 0 .1 b . o . b
nd ke be On
5 1,
1 4,
5 3,
1
1
2 . 15
Cu 95 3x
7 6,
3 . 1
0 1,
1 4,
8 0.
+ 8 0 . 0 .1 b . o . b
5 3,
1
2, 5
6 0,
7 6.
k n i z
P D
4 4,
4 0 . 4 6 1 g1 we s 6 r a a h n e b b o R
5 , 7 6
5 1,
0,
4 0 . 4 6 + 4 9 . 1 1
= y
1 8,
1
On be ke nd
= x
0 7 3 6 . 4 9 9 4 4 2 0 4 1 8 . 3 9 7 7 8 4
5 1,
r n l a ma e g i n Mi s e r Ad r o o dd e o v Ge e t g o o h l e s k De n e t a n i d r o o c
D
1
D
5 , 4 7
3 4,
1 7 5 0 P F ? = p s
6, 8
4 0 . 4 6 ? = p s
+ 2 8 . .9 b . o . b
5 5
7, 1
25, 7
4 1,
r e d u o h t i eu l e k n 6m e m u 5 i 0 n i 0 m u Al
1 3 1,
1
13, 7
1
1 4
2
1
14 ,4
1 7 , 9
1
2, 2
1 7 , 2
0 2,
F
+ 2 1 . 0 .1 b . o . b
# ###
1 4 , 5
1
2
4 , 5 3
1
+ 6 3 . 0 .1 b . o . b
1 4 , 6
3
+ 9 1 . 0 .1 b . o . b
1
1
d r e e n a s e g ) 0 1 t r o t s (
3 , 5 2
+ 0 6 . .9 b . o . b
3 1,
eg w rs a ha n be b Ro
5 1,
gebouwtje slopen
Cu 50 3x
+ 3 9 . .9 b . o . b
3 , 2
F
1 2 5,
m 6m u 4 i 0 n 0 mi u Al
3, 2
4 , 1
3 3,
+ 2 2 . 0 .1 b . o . b
+ 4 0 . 0 .1 b . o . b
r e d u o h t i eu l e k n e
d r e e n a s e g ) 1 t r o t s (
1 1 1 1
r e d u o h t i eu l e k n 6m e m u 3 i 0 n i 0 m u Al
3, 1
6 , 1
k n i nz e r e p o k
# ###
1
k n i z
8 , 1
1
7 , 1
end bek On gt; d& ken nbe ro ete am ndi nne bi t; &l
o f n I l i a t e D
1 4 25,
5 21,
3 , 6 1
8, 5
PCB 3, 7
1
2
1
1
8 12,
2
2 11,
G
6, 4
u 16C 4x
woning blijft behouden
G
1 , 8
1
0, 3
5 , 8
9 0 . 4 6 1, 1
1 , 4
niet meer aanwezig 24
1 6 , 5
niet meer aanwezig
1, 7
0Cu 3x5
t e i gn o nn e v u e l s m. . v . i n e v a r g e r g a a b n a a g e b t h c e l s n i e r r e t
1 , 4
k n i z , r e p o k t s e b s a n e
1
1
1
35 , 5
0 2,
4 1,
H
H
t s e b s a 3, 2
niet meer aanwezzig
1
2 , 7
1
32
1
1 4,
2 , 5
4 1,
1
0Cu 3x5
23, 2
9 3,
4 1 2
1 6 , 0
5 . +2 Cu ,8 4 10 4x
4, 5
2 5,
2
1 . 8m
8 l1 a a p
2
7 , 4
1 . 8m
2 2 , 5
1
3 x 9 5 C u
3 x 9 5 C u
1 2
2
0 1,
1 . 8m
1 . 8m
4
8 0,
0 2, 5 2,
3 2,
2 1 2
0 , 0 1
1 . 7m
# # # #
1 0 2 . 1 4 e2 1 d j i z d r o o
r n l a ma e g i n Mi s e r Ad r o o dd e o v Ge e t g o o h l e s k De n e t a n i d r o o c