CConstaterende datAlmelo
Koppel je AI →
Document · PDF

10 Stand van zaken motie “subsidiebeleid” en wijziging van de subsidieverordening.pdf

Raad 26 mei 2021, gemeente AlmeloBij agendapunt: raadsbrieven vanuit B&W2.433 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Almelo

Raadsbrief ter informatie

Postadres: Gemeente Almelo Postbus 5100 7600 GC Almelo

Aan de raad van de gemeente Almelo Doorkiesnummer 541903

Behandeld door M. Jaarsma

Datum 13 april 2021

Onderwerp Stand van zaken motie “subsidiebeleid” en wijziging van de subsidieverordening

Geachte leden van de raad, Op 20 november 2020 hebt u een motie aangenomen over het subsidiebeleid. Wij hebben u op 9 maart jl. schriftelijk geïnformeerd over de wijze waarop wij deze motie uitvoeren (Raad – 2106534) en u inzicht gegeven in de processtappen en de wijze waarop u betrokken wordt. Namelijk: ▪ Voor 1 april 2021 de Algemene Subsidieverordening aan te passen op basis van de meest actuele inzichten en ter vaststelling aan de gemeenteraad aan te bieden; ▪ Op basis van de - dit najaar te verwachten - uitkomsten van het onderzoek van de Rekenkamercommissie naar het subsidiebeleid, het uitvoeringsbesluit subsidies aan te passen; ▪ Indien nodig, eveneens onderdelen van de subsidieverordening in het najaar 2021 hier op aan te passen. Doel van deze brief Met deze brief informeren wij u over de stand van zaken betreffende de uitvoering van de motie over het subsidiebeleid. Deze informatie is aanvullend op ons besluit van 13 april jl. om u voor te stellen om de Algemene subsidieverordening (ASV) in beperkte mate aan te passen. Daarbij nemen wij u mee in onze beschouwing van een aantal onderwerpen in relatie tot subsidies zoals u die in de afgelopen periode in het gesprek met ons en in uw motie naar voren hebt gebracht. Ook maken wij van de gelegenheid gebruik u te melden dat wij hierover graag met u in gesprek gaan tijdens een politiek beraad.

De opbrengst tot op heden Wij hebben in de afgelopen periode een inventarisatie gemaakt van de eerder geuite bedoelingen en wensen van uw raad en ons college ten aanzien van het subsidiebeleid. Maar ook van actuele inzichten op het gebied van subsidies. Samen met de hiervoor genoemde motie geeft dit een beeld van de bestuurlijke en politieke wensen en behoeften. De opbrengst is nader geanalyseerd en beschouwd in het licht van de Algemene subsidieverordening. Dit heeft geleid tot ons voorstel om de ASV op dit moment beperkt aan te passen (Raad – 210656). Kort samengevat speelt een aantal overwegingen daarbij een rol: - De Algemene subsidieverordening is een instrument, geen doel en geen beleid De ASV is een instrument. Een instrument ten dienste van ons subsidiebeleid. Het subsidiebeleid wordt in dit stadium niet aangepast, dus is een inhoudelijke aanpassing van de ASV op dit moment ook niet aan de orde. - Actuele inzichten zijn onvoldoende aanleiding voor aanpassingen Meerdere thema’s zijn nader beschouwd. In de kern is er behoefte aan een betere sturing op subsidieverlening en de wijze waarop dit bijdraagt aan te behalen gemeentelijke doelen.

Onderwerpen die daar bij aan de orde zijn, zijn onder andere een toets aan modelsubsidieverordeningen, de reservevorming bij gesubsidieerde instellingen, de hoogte van salarissen bij onze subsidiepartners, een efficiënte werkwijze rondom subsidieaanvragen en de wijze waarop subsidieverantwoording plaatsvindt. Een uitgebreide toelichting op deze Pagina 1 van 4 Raad - 2106597 DCS - 2173025

onderwerpen volgt hieronder. Maar samengevat hebben wij geconcludeerd dat onze ASV in lijn is met de modelverordening van de VNG zoals deze ook door veel andere gemeenten wordt toegepast. Op enkele onderwerpen is nader onderzoek nodig of zijn geen redenen voor aanpassing van de ASV. Bijvoorbeeld omdat deze thuishoren bij het Uitvoeringsbesluit in plaats van de ASV zelf. - Wijziging van termijnen De inventarisatie heeft wel duidelijk gemaakt dat het wenselijk is om de termijnen voor het aanvragen van een subsidie en de termijnen waarop de verantwoording dient plaats te vinden, aan te passen. - Samenhang met aanbevelingen van de Rekenkamercommissie Het onderzoek van de Rekenkamercommissie maakt inzichtelijk waar ons subsidiebeleid verbeterd kan worden en welke aanpassingen van onze subsidiekaders wenselijk zijn. Een gevolg hiervan kan zijn, dat ons subsidie instrument - de ASV – ook aangepast dient te worden. Aangedragen subsidie-onderwerpen nader beschouwd Een aantal onderwerpen die in de afgelopen periode aan de orde zijn geweest, is nader beschouwd. Deze staan hieronder genoemd en zijn voorzien van onze opbrengst evenals de relatie met de ASV.

a. Koppeling tussen de inzet van subsidies en gemeentelijke doelen / maatschappelijke effecten Subsidies worden als instrument ingezet om onze gemeentelijke doelen en daarmee maatschappelijke effecten te realiseren. Dit blijkt niet altijd even duidelijk te zijn.

-

Ons proces is hier ondertussen deels op aangepast, in de zin dat de maatschappelijke vraag meer doelgericht wordt geformuleerd. Wellicht is hier nog wel een verbeterslag te maken, wij denken dan bijvoorbeeld aan; het nog concreter en meetbaarder maken van de doelen en prestatie-indicatoren ten aanzien van subsidies, zodat beter getoetst kan worden; een periodieke evaluatie van de effectiviteit van subsidies. Dit biedt u en ons sturings- en beheers informatie over subsidies. een periodiek subsidiedebat over het beleidskader en de met subsidies te bereiken beleidsdoelen gerelateerd aan de financiële middelen (bij aanvang van een nieuwe collegeperiode en bij voorkeur na uitvoering van de evaluatie). Hierover gaan wij in de komende periode graag met u in gesprek, maar wij kijken tegelijkertijd uit naar de opbrengst van het onderzoek van de rekenkamercommissie (najaar 2021). Indien daar aanleiding toe is, kunnen de kaders voor ons subsidiebeleid aangepast worden. De ASV is hiertoe niet direct de juiste plek, maar een afgeleide.

b. Een helder en verbeterd (en vereenvoudigd) subsidieproces, inclusief aanvraag, verlening en verantwoording Het subsidieproces dient eenduidig en helder te zijn, voor onze subsidiepartners en onze interne organisatie. Daarbij hoort onder andere voldoende ruimte voor het maken van afspraken met onze partners over de te bereiken doelen in relatie tot de in te zetten middelen. En de verantwoording dient dusdanig ingericht te zijn dat dit als input gebruikt kan worden voor de hiervoor genoemde afspraken. Daarnaast is geopperd voor kleine subsidies (bijvoorbeeld waarderingssubsidies) de administratieve lasten te verminderen. Voor een helder subsidieproces waarbij het instrument ten dienste kan zijn van onze doelen, is het wenselijk de termijnen voor de aanvragen en verantwoordingen in de ASV aan te passen. In artikel 11 van de ASV dient de aanvraagtermijn gewijzigd te worden van 1 april naar 15 juni en in artikel 22 dient de verantwoordingstermijn gewijzigd te worden van 1 april naar 1 juni. Voor een vermindering van de administratieve lasten bij kleine subsidies (van 5.000 euro of minder), bijvoorbeeld waarderingssubsidies, kunnen de toekenningseisen en de verantwoordingseisen worden beperkt. Daarnaast is het mogelijk om de jaarlijkse subsidie

Pagina 2 van 4

voor een aantal organisaties om te zetten in meerjarige subsidies zodat niet ieder jaar dezelfde subsidieaanvragen van dezelfde organisaties beoordeeld hoeven te worden. Deze wijzigingen horen in het Uitvoeringsbesluit subsidies (en niet in de ASV) thuis.

c. Vergelijk met de model-verordening en die van andere gemeenten De wens van een strakker en meer zakelijk subsidieproces is meermalen geuit. Daarbij werd ook gerefereerd aan model-verordeningen en bijvoorbeeld de subsidieverordening van de gemeente Amsterdam. Een ander terugkerend thema is het idee om niet subsidie maar inkoop als instrument te gebruiken om tot meer zakelijke samenwerkingsafspraken te komen. Onze verordening is gebaseerd op de model-verordening zoals de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) deze aanbiedt. Na een vergelijk met andere gemeenten, blijkt dit bij de meeste gemeenten het geval. De verordening van de gemeente Amsterdam laat ons ook geen wezenlijke verschillen zien waarmee wij een strakker en zakelijker subsidieproces voorzien. Het vraagstuk van subsidie of inkoop is niet direct gerelateerd aan de ASV. Wij herkennen dit vraagstuk wel en zijn bekend met de verschillen tussen beide instrumenten. Hiervoor verwijzen wij graag naar bijlage A van onze kadernota Governance (Intern-30653). Echter, het in te zetten instrument is geen vrije keuze maar wordt juridisch ingegeven. Deze brief is niet de plek voor een verdieping op dit thema, maar wordt de komende periode wel door ons ter hand genomen. Op een later moment, willen wij dit thema graag met u verder verkennen.

d. Voorkomen van oneigenlijk gebruik van subsidiemiddelen Er zijn eerder vraagtekens gezet bij hoge salarissen en eventuele vetrekpremies van de directeur/ bestuurders van onze subsidiepartners. Hierover is destijds gecommuniceerd dat de Wet Normering Topinkomens (WNT), de eventuele ANBI status (openbaarheid salarissen) en regels voor vertrekpremies hierin voorziet. In uw raad is ook geopperd om een burgemeesters-norm te hanteren en op te nemen in de ASV, in plaats van de WNT. Gemeente Arnhem is hier als voorbeeld genoemd. Wij hebben contact gehad met de gemeente Arnhem en de casuïstiek tot ons genomen. Arnhem heeft in 2016 de “burgemeestersnorm” in haar ASV opgenomen. Over deze norm is veel te doen geweest. De juridisch houdbaarheid was daarbij de centrale vraag. Ondertussen is er jurisprudentie over deze kwestie en komt het erop neer dat de rechter heeft geduid dat inkomenspolitiek een taak is die bij de rijksoverheid ligt en niet bij de gemeentelijke overheid (toetsing WNT). In dat licht beschouwd is het hanteren van de burgemeestersnorm dan ook niet houdbaar. Arnhem is weer afgestapt van het handhaven van dit artikel in de ASV.

Gemeente Arnhem hanteert wel een ander uitgangspunt dat wellicht voor Almelo interessant is: Wanneer de loonkosten van functionarissen bij (grotere) subsidiepartners hoger liggen dan wenselijk (hoger dan het salaris van het lokaal bestuur) dan wordt er op projectniveau gekeken in hoeverre deze loonkosten aan het project zijn toegerekend. Als dit dan ten koste gaat van de financiering van het feitelijke projectinitiatief waarvoor de subsidie bedoeld is, past Arnhem in de projectbegroting een korting toe. Deze werkwijze betrekken wij eveneens bij de volgende stappen om te komen tot een actueel subsidiebeleid.

e. Reservevorming in relatie tot het weerstandsvermogen Het is niet wenselijk dat onze uitvoeringspartners een onnodig hoge reserve creëren met subsidiemiddelen. Het huidige uitgangspunt en afspraak is dat de gesubsidieerde instelling zelf verantwoordelijk is voor een risico inventarisatie dat als basis dient voor de hoogte van de aan te houden egalisatie reserve. Wij toetsen hier op. Gezien de discussie over dit thema zijn wij ook zelf, in samenwerking met een accountant, een traject gestart waarin wij een analyse maken van de (huidige) omvang van de (egalisatie)reserves van onze subsidiepartners in relatie tot de risico-inventarisatie van de

Pagina 3 van 4

organisatie. Zodoende kunnen wij dit beter toetsen en beoordelen. De betreffende subsidiepartners zijn hier door ons over geïnformeerd. De conclusies uit deze analyse en beoordeling worden betrokken bij de overige opbrengsten dit najaar.

f.

Meer oog voor integraliteit, ook een koppeling met neven-doelen In het subsidieproces kan meer oog zijn voor integraliteit door ook de koppeling te maken met andere gemeentelijke (neven)beleidsdoelen. Eveneens als onderdeel van een scherpere sturing op te bereiken doelen met subsidie als middel. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan meer ‘inclusief beleid’, een rookvrije generatie, duurzaamheid en meer aandacht voor het melden van kindermishandeling. Dergelijke aangescherpte criteria kunnen standaard worden opgenomen in onze subsidiebeschikkingen. Hiertoe dient het Uitvoeringsbesluit subsidies aangepast te worden.

Politiek beraad Tot zover onze toelichting op een aantal eerder ingebrachte subsidie onderwerpen. Wij waarderen uw inbreng in het proces om gezamenlijk tot een helder, doelgericht en transparant subsidiebeleid te komen. In een politiek beraad wisselen wij graag met u van gedachten over deze en aanvullende subsidie onderwerpen. Onze intentie is om ook enkele subsidiepartners uit te nodigen. Deze input is niet alleen waardevol voor het onderzoek van de rekenkamercommissie, maar ook voor ons ter voorbereiding op eventuele maatregelen en bijstelling van beleid, de ASV en het Uitvoeringsbesluit subsidies. Hoogachtend, Burgemeester en Wethouders van Almelo, de secretaris, de burgemeester,

F.W. van Ardenne

Pagina 4 van 4

A.J. Gerritsen

Verordening houdende wijziging van de Algemene Subsidieverordening Almelo 2013 De raad van de Gemeente Almelo; •

gelet op de Algemene subsidieverordening gemeente Almelo 2013 en artikel 149 van de Gemeentewet

besluit:

Vast te stellen de navolgende verordening tot wijziging van de Algemene subsidieverordening 2013

Artikel I De Algemene Subsidieverordening Almelo 2013 wordt gewijzigd als volgt: Artikel 11 komt te luiden: Artikel 11. Aanvraagtermijn 1. 2.

Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt gedaan uiterlijk 15 juni in het jaar voorafgaand aan het jaar, of de jaren waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft. Het college kan andere termijnen stellen voor het indienen van een aanvraag voor daarbij aan te wijzen subsidies.

A. Artikel 22 komt te luiden: Artikel 22. Verantwoording subsidies vanaf 50.000 euro (budgetsubsidie zwaar regiem) 1. Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan 50.000 euro, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het college: a. bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de activiteiten/prestaties; b. bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 juni in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 5 maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend. 2. De aanvraag tot vaststelling bevat: a. een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten/prestaties waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht; b. een overzicht van de activiteiten/prestaties en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening); c. een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop; d. een accountantsverklaring. 3. Het college kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van belang zijn, worden overlegd.

Artikel II Dit besluit treedt in werking op 1 juni 2021 Gedaan ter openbare vergadering van … 2021, de griffier,

de burgemeester,

drs. C.M. Steenbergen

A.J. Gerritsen

Overzichtstabel wijzigingen Algemene subsidieverordening Voorgestelde wijzigingen in de Algemene subsidieverordening gemeente Almelo 2013 Bestaande tekst Artikel 11. Aanvraagtermijn 1. Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt gedaan uiterlijk 1 april in het jaar voorafgaand aan het jaar, of de jaren waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft. Artikel 22. Verantwoording subsidies vanaf 50.000 euro (budgetsubsidie zwaar regiem)

Nieuwe tekst Artikel 11. Aanvraagtermijn 1. Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt gedaan uiterlijk 15 juni in het jaar voorafgaand aan het jaar, of de jaren waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft. Artikel 22. Verantwoording subsidies vanaf 50.000 euro (budgetsubsidie zwaar regiem)

1. Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan 50.000 euro, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het college:

1. Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan 50.000 euro, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het college:

a. bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de activiteiten/prestaties;

a. bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de activiteiten/prestaties;

b. bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 april in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 3 maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend.

b. bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 juni in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 5 maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend.

Intern - 2175992

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Almelo&id=62731f97-6ab7-43f7-bc95-9a3159cf0183