0 Collegebesluit - Besluit toekomst Stadstheater
Tekst van het document
Raadsvergadering: Registratienummer:
Naam: M.I. Legtenberg/N.M van Houten Datum: 30 januari 2024 Eenheid/Programma: Concernzaken/Stedelijke Ontwikkeling
Collegevoorstel Onderwerp Advies Is er een uiterste behandeldatum? Portefeuillehouder Openbaar Raadsvoorstel of raadsbrief
Besluit toekomst Stadstheater Bespreekstuk Ja, 30 januari 2024 G.J. Overmeen-Bakhuis Openbaar Raadsvoorstel
Toelichting voor de openbare besluitenlijst: De culturele sector geeft kleur aan onze stad; de musea, ons erfgoed, bibliotheek, muziekschool, evenementen en ook zeker onze theaters. Kunst en cultuur, waaronder ook een theaterfunctie, zorgen voor een waardevolle verrijking van de belevingswereld van vele inwoners en bezoekers. Daarom is het college bereid om de budgetsubsidie ten behoeve van de programmering van het Stadstheater te verhogen. Hiermee is ook al rekening gehouden in de programmabegroting 2024. Aanvullend heeft het Stadstheater gevraagd of de gemeente bereid is extra subsidie toe te kennen voor investeringen in het vastgoed van het Stadstheater. Deze investeringen zijn nodig om achterstallig onderhoud uit te voeren en de exploitatie te verbeteren. Het Stadstheater heeft dergelijke investeringen in de afgelopen jaren niet gedaan. Al geruime tijd zijn het Stadstheater en de gemeente Almelo met elkaar in gesprek over het verzoek van het Stadstheater. In deze gesprekken zijn een aantal oplossingsrichtingen besproken, helaas hebben de gesprekken niet tot overeenstemming geleid. Vanwege de kaderstellende rol en het budgetrecht van de gemeenteraad legt het college drie scenario’s voor en wordt er een besluit gevraagd aan de gemeenteraad. Het besluit zal de basis vormen voor het finale gesprek met het Stadstheater.
Voorgesteld besluit De gemeenteraad middels bijgevoegd raadsvoorstel (bijlage 1, Raad-8033) voor te stellen om door middel van het kiezen van een scenario een besluit te nemen ten aanzien van de (toekomstige) subsidierelatie met het Stadstheater. Scenario A: onder verkrijging door de gemeente van een eigendoms- dan wel zeggenschapspositie van minimaal 51% in het vastgoed van het Stadstheater, het honoreren van de verzoeken van het Stadstheater, inhoudende: a. toekenning van een verhoogde budgetsubsidie, met terugwerkende kracht over het jaar 2022, ter hoogte van totaal € 838.000,-; b. toekenning van een verhoogde budgetsubsidie, met terugwerkende kracht over het jaar 2023, ter hoogte van totaal € 879.000,-; c. toekenning van een incidentele subsidie van € 1.283.000,- ter overbrugging van het jaar 2024 waarin geen programmering is vanwege de verbouwing, maar een deel van de kosten doorlopen;
Pagina 1 van 8 BenW - 2310324
d. toekenning van een incidentele subsidie van € 899.000,- ter overbrugging van het jaar 2025 waarin geen programmering is vanwege de verbouwing, maar een deel van de kosten doorlopen; e. toekenning van een budgetsubsidie voor de theaterprogrammering van € 1.050.000,per jaar (jaarlijks te indexeren), ingaande op het moment dat er weer een programmering is; f. toekenning van een investeringssubsidie van € 18.023.000,-, uit te voeren in termijnen van € 1.201.533,- per jaar gedurende 15 jaren (geen indexatie), ten behoeve van de verbouwing van het gebouw van het Stadstheater (waarbij noodzakelijke ingrepen worden uitgevoerd en ingrepen gericht op exploitatieverbetering); g. de gemeente en het Stadstheater gaan gezamenlijk onderzoeken welke afspraken nodig zijn ter vastlegging van dit scenario en in welke vorm deze kunnen worden vastgelegd; onder het voorbehoud dat uit de staatssteunrechtelijke beoordeling van dit scenario niet mag voortvloeien dat er sprake is van ontoelaatbare staatssteun. Scenario B: het volledig honoreren van de verzoeken van het Stadstheater, inhoudende: a. toekenning van een verhoogde budgetsubsidie, met terugwerkende kracht over het jaar 2022, ter hoogte van totaal € 838.000,-; b. toekenning van een verhoogde budgetsubsidie, met terugwerkende kracht over het jaar 2023, ter hoogte van totaal € 879.000,-; c.
toekenning van een incidentele subsidie van € 1.283.000,- ter overbrugging van het jaar 2024 waarin geen programmering is vanwege de verbouwing, maar een deel van de kosten doorlopen; d. toekenning van een incidentele subsidie van € 899.000,- ter overbrugging van het jaar 2025 waarin geen programmering is vanwege de verbouwing, maar een deel van de kosten doorlopen; e. toekenning van een budgetsubsidie voor de theaterprogrammering van € 1.050.000,per jaar (jaarlijks te indexeren), ingaande op het moment dat er weer een programmering is; f. toekenning van een investeringssubsidie van € 18.023.000,-, uit te voeren in termijnen van € 1.201.533,- per jaar gedurende 15 jaren (geen indexatie), ten behoeve van de verbouwing van het gebouw van het Stadstheater (waarbij noodzakelijke ingrepen worden uitgevoerd en ingrepen gericht op exploitatieverbetering); g. de gemeente en het Stadstheater werken afspraken ter uitvoering van dit scenario uit in een dienstverleningsovereenkomst met een looptijd van minimaal 15 jaar; onder het voorbehoud dat uit de staatssteunrechtelijke beoordeling van dit scenario niet mag voortvloeien dat er sprake is van ontoelaatbare staatssteun. Scenario C: het gedeeltelijk honoreren en gedeeltelijk afwijzen van de verzoeken van het Stadstheater, inhoudende: a.
afwijzing van het verzoek om een verhoogde budgetsubsidie, met terugwerkende kracht over het jaar 2022, ter hoogte van totaal € 838.000,-; b. afwijzing van het verzoek om een verhoogde budgetsubsidie, met terugwerkende kracht over het jaar 2023, ter hoogte van totaal € 879.000,-; c. toekenning van een incidentele subsidie van € 1.283.000,- ter overbrugging van het jaar 2024 waarin geen programmering is vanwege de verbouwing, maar een deel van de kosten doorlopen; d. toekenning van een incidentele subsidie van € 899.000,- ter overbrugging van het jaar 2025 waarin geen programmering is vanwege de verbouwing, maar een deel van de kosten doorlopen; e. toekenning van een budgetsubsidie voor de theaterprogrammering van € 1.050.000,per jaar (jaarlijks te indexeren), ingaande op het moment dat er weer een programmering is; f. toekenning van een investeringssubsidie van € 6.000.000,-, uit te voeren in termijnen van € 600.000,- per jaar gedurende maximaal 10 jaren (geen indexatie), ten behoeve van de verbouwing van het gebouw van het Stadstheater (waarbij alleen noodzakelijke ingrepen worden uitgevoerd en geen ingrepen gericht op exploitatieverbetering); Pagina 2 van 8 BenW - 2310324
g. afbouw en stop van het Stadstheater in het Theaterhotel binnen maximaal 10 jaar, waarbij het Stadstheater in de afbouwperiode van 10 jaar op zoek gaat naar een nieuwe invulling en waar nodig een aanpassing van het omgevingsplan verzoekt; h. de gemeente en het Stadstheater gaan gezamenlijk onderzoeken welke afspraken nodig zijn ter vastlegging van dit scenario en in welke vorm deze kunnen worden vastgelegd; onder het voorbehoud dat: a. uit de staatssteunrechtelijke beoordeling van dit scenario niet mag voortvloeien dat er sprake is van ontoelaatbare staatssteun. b. de gemeente niet (tevens) garant zal staan jegens de kredietverstrekker van het Stadstheater.
Inleiding Historie Het is ruim 36 jaar geleden dat het theater aan het Schouwburgplein werd geprivatiseerd. Destijds werd Cultureel Centrum De Hagen voor 1 gulden overgedragen aan Van der Valk. Waarom? Er was behoefte aan meer voorzieningen voor het bedrijfsleven, men zocht structuurversterking voor Almelo en de regio, het zou de werkloosheid terugdringen en bood een oplossing voor het hoge nadelige saldo dat niet kon worden opgelost met bezuinigingen. Met Van der Valk werd overeenstemming bereikt over de overdracht. Daarbij werd onder andere afgesproken dat het cultureel programma in stand gehouden moest worden en dat Van der Valk de locatie zou verbouwen: er kwam een restaurant bij, een hotel en een bedrijfscontactcentrum, met bijbehorende parkeergelegenheid. Er werden ook financiële afspraken gemaakt, inhoudende dat de gemeente geld beschikbaar zou stellen aan Van der Valk. Dit zowel ten behoeve van de programmering als het vastgoed. Tussen 1988 en 2017 golden er diverse meerjarige contracten die een structurele geldstroom boden. Een samenvatting van die financiële afspraken is vindbaar in bijlage 2. Per 1 januari 2017 eindigde de laatste meerjarige overeenkomst. Daarbij werd ook de programmacommissie opgeheven die was ingesteld ten behoeve van het theaterprogramma.
Vanaf 2017 verzocht het Stadstheater jaarlijks om een subsidiebedrag, waarop een toekenning en vaststelling volgden (met daarbij een jaarlijkse uitvoeringsovereenkomst en verplichting tot verantwoording). Deze jaarlijkse subsidies zijn ook in bijlage 2 genoemd. Gevoerde gesprekken Een meerjarige overeenkomst met structurele geldstromen ten behoeve van het programma van het Stadstheater en bijbehorend vastgoed, is op dit moment weer een actueel thema. Het Stadstheater gaf in de zomer van 2022 het signaal af niet meer in staat te zijn de theaterfunctie in stand te houden. Het Stadstheater legde daarbij uit dat dit mede het gevolg is van noodzakelijke investeringen voor achterstallig onderhoud. Het Stadstheater verzocht de gemeente daarom extra gemeenschapsgeld beschikbaar te stellen voor continuering van de programmering, verbetering van de exploitatie en voor een daarvoor benodigde verbouwing. Als gerespecteerde samenwerkingspartners past het om deze vraag zorgvuldig gezamenlijk te verkennen. Er hebben veel gesprekken, zowel ambtelijk als bestuurlijk, met het Stadstheater plaatsgevonden. Ook zijn er verschillende onderzoeken uitgevoerd naar de financiële situatie van het Stadstheater, die de noodzaak tot renovatie en aanvullende subsidiering bevestigen (deze onderzoeken zijn beschikbaar als bijlagen bij dit voorstel).
De gesprekken zijn vanuit de zijde van de gemeente gevoerd met het uitgangspunt dat een theater(programma) van belang is voor Almelo. Dit staat niet ter discussie. Met de structurele verhoging van de budgetsubsidie ten behoeve van de programmering is zelfs al rekening gehouden in de programmabegroting 2024.
Pagina 3 van 8 BenW - 2310324
Het verzoek om met publieke gelden de verbouwing van het gebouw van het Stadstheater te bekostigen, brengt ons bij het principiële uitgangspunt dat een gemeente als overheidsinstelling geen gemeenschapsgeld dient te investeren in het vastgoed van een private partij. Ondanks dat het verzoek van het Stadstheater hier op gespannen voet mee staat, is er binnen dit uitgangspunt gezocht naar oplossingsrichtingen. Vragen die hierbij onder andere aan de orde kwamen zijn: - welke financiële relatie kunnen we als gemeente aangaan als we een eigenaars- of zeggenschapspositie verkrijgen in het vastgoed van het Stadstheater?; o en als dat onbegaanbaar is, in welke mate is een investering dan nog publiekelijk uitlegbaar? - welke zekerheden dient de gemeente te verkrijgen in een dergelijke langdurige afspraak? - in hoeverre ontstaat er bij (gedeeltelijke) honorering van de verzoeken van het Stadstheater een precedentwerking waardoor ook andere partijen hier aanspraak op kunnen maken? Het Stadstheater en de gemeente hebben openlijk over dergelijke vraagstukken gesproken. Het Stadstheater is duidelijk geweest over wat zij wel of niet wenselijk acht. De gemeente heeft aangegeven waar haar zorgen zitten en welke zekerheden zij nodig heeft als overheidsinstantie. Verzoek Stadstheater De verzoeken van het Stadstheater zijn te vinden in bijlage 3 en bijlage 4.
Deze verzoeken komen er samengevat op neer dat de gemeente wordt gevraagd afspraken te maken voor ten minste 15 jaar, waarbij de volgende gelden worden toegekend: - met terugwerkende kracht een hogere budgetsubsidie voor de programmering: o 2022: € 838.000,-; o 2023: € 879.000,-; - gedurende de verbouwing een bijdrage ter dekking van doorlopende reguliere kosten, zoals personeel, huisvesting, vaste lasten en algemene kosten: o 2024: € 1.283.000,o 2025: € 899.000,- een investeringssubsidie van € 18.023.000,-, uit te voeren in termijnen van € 1.201.533,- per jaar gedurende 15 jaren, ingaande in 2024 en ten behoeve van de verbouwing van het gebouw van het Stadstheater. Met deze verbouwing worden zowel noodzakelijke ingrepen uitgevoerd als ingrepen gericht op exploitatieverbetering (bijvoorbeeld een vlakke vloer en uitbreiding van het aantal stoelen); o in eerste instantie werd er verzocht om een investeringssubsidie van € 15.000.000,(afronding van € 14.632.825). Dat bedrag is in 2022 berekend en is zeer recent geïndexeerd. Op dit moment bedraagt de investeringssubsidie € 18.023.000, prijspeil 1 januari 2025 (bijlage 10, onderdeel 1-Prijsstijgingen). De geschetste indexering wordt reëel geacht en is geen punt voor discussie.
- vanaf het moment dat de verbouwing gereed is en er weer een theaterprogrammering is, een budgetsubsidie voor de programmering van € 1.050.000,- per jaar (jaarlijks te indexeren). Het Stadstheater stelt voor ter vastlegging van deze afspraken een dienstverleningsovereenkomst te sluiten, waarin ook ruimte is voor afspraken over een controlemechanisme voor de gemeente. Daarbij heeft het Stadstheater aangegeven dat een eigendomsoverdracht of zeggenschapspositie niet mogelijk is, vanwege de licentievoorwaarden van Van der Valk. Dit hebben wij niet kunnen verifiëren. Volgens het Stadstheater zou wel onderzocht kunnen worden of de gemeente een recht van hypotheek kan verkrijgen en/of een pandrecht op de inventaris van het Stadstheater. Scenario’s In de gesprekken met het Stadstheater zijn een drietal oplossingsrichtingen aan de orde geweest. Deze zijn vertaald naar de scenario’s A, B en C, die zijn vormgegeven in het dictum en uitgewerkt in bijlage 6. Ten aanzien van scenario B wordt aanvullend verwezen naar bijlage 3 waarin dit scenario door het Stadstheater uitgebreid is omschreven. Scenario B heeft de voorkeur van het Stadstheater.
De gemeente heeft, vanuit het uitgangspunt dat er geen gemeenschapsgeld dient te worden geïnvesteerd in het vastgoed van een private partij, scenario A en later scenario C voorgesteld (omdat het Stadstheater aangaf dat de eigendomsoverdracht die in scenario A is verwerkt voor haar onbegaanbaar is). Pagina 4 van 8 BenW - 2310324
Het college geeft de voorkeur aan scenario C, omdat dit wordt beschouwd als de meest verantwoorde omgang met gemeenschapsgeld en omdat dit de meeste zekerheid biedt voor de gemeente. Zie ook bijlage 6. In scenario C wordt er voor maximaal 10 jaar een subsidierelatie met het Stadstheater aangegaan. Daaraan wordt een investeringssubsidie van € 6.000.000,- gekoppeld. Tot dit bedrag is gekomen op basis van de adviesrapportage van Q4U Bouwconsultants die is toegevoegd als bijlage 10. Het investeringsbedrag wordt in deze adviesrapportage geraamd op (afgerond) € 18.023.000, bestaande uit grofweg vier categorieën: 1. Bouwkundige aanpassingen a. € 4.038.195,2. Inrichtingstechniek (de binnenkant van het theater) a. € 3.884.601,- + € 1.504.290,3. Exploitatieverbetering door middel van een vernieuwde toneeltoren, het uitbreiden van het aantal stoelen en het afvlakken van de vloer a. € 6.109.197,- + € 1.000.000,- (het bedrag van € 1.000.000,- is niet vermeld in de kostenraming, maar omschreven in de toelichting op de kostenraming) 4. Bijkomende kosten en risico verhogende kosten a. € 225.728,- + € 1.260.961,Met inachtneming van het eerder vermelde gemeentelijke uitgangspunt is in scenario C tot de bijdrage van € 6.000.000,- in de investeringsbedrag gekomen.
Hierbij is het standpunt ingenomen dat het Stadstheater, als eigenaar van het vastgoed, zelf de kosten draagt ten behoeve van de bouwkundige aanpassingen van haar eigen vastgoed. Dit geldt eveneens voor kosten die verband houden met exploitatieverbetering en ambities gericht op grootschalige producties: de kosten voor een dergelijke ambitie moeten worden gedragen door het Stadstheater als exploitant. De gemeente kan haar bijdrage relateren aan noodzakelijke aanpassingen die betrekking hebben op de binnenkant van het theater, de inrichtingstechniek. Daarbij is de gemeente ook bereid een bijdrage te doen in de bijkomende en risico verhogende kosten, naar rato van haar bijdrage in het investeringsbedrag. Dit resulteert in een bijdrage van € 5.904.562, afgerond € 6.000.000,-. Voorstel Helaas is er op basis van de gevoerde gesprekken geen overeenstemming bereikt tussen partijen. Dit doet echter niet af aan het uitgangspunt dat een theater belangrijk is voor Almelo en dat er bereidheid bestaat om daarin te investeren. Daarom wordt, om uit de huidige impasse te komen, voorgesteld drie scenario’s ter besluitvorming voor te leggen aan de gemeenteraad. De gemeenteraad zal met bijgevoegd raadsvoorstel (bijlage 1, Raad-8033) worden voorgesteld een besluit te nemen over de drie scenario’s. Dit besluit van de raad vormt de basis voor het finale gesprek met het Stadstheater.
- Volledigheidshalve is aanvullend op dit voorstel een memo opgesteld waarmee wordt ingegaan op enkel expliciete vragen over de voorliggende kwestie (bijlage 5).
Beoogd effect Een besluit vragen aan de gemeenteraad, zodat duidelijkheid kan worden geboden richting het Stadstheater over de diverse ingediende verzoeken en een finaal gesprek kan worden gevoerd met het Stadstheater.
Argumenten voor 1.1. Een besluit draagt bij aan het doorbreken van de impasse Hoewel er meerdere oplossingsrichtingen met het Stadstheater zijn besproken, is er geen overeenstemming bereikt. Het benodigde besluit van de gemeenteraad, vanwege de kaderstellende rol en het budgetrecht, geeft duidelijkheid over welk scenario de basis vormt voor concrete uitwerking van een oplossing (met inachtneming van kanttekening 1.3).
1.2. De gemeenteraad kan haar kaderstellende rol uitoefenen Het is de bevoegdheid van de gemeenteraad om haar kaderstellende rol uit te oefenen. Met onderhavig voorstel wordt de gemeenteraad daartoe in positie gebracht. Juist daarom is er voor gekozen drie scenario’s voor te leggen. Dit doet niet alleen recht aan de rol van de gemeenteraad, maar ook aan de vele geluiden vanuit de samenleving inzake dit dossier.
Pagina 5 van 8 BenW - 2310324
1.3 Er ontstaat ruimte om cultuur breder te bekijken. Voor Almelo is een theaterfunctie van belang. Maar wat past er nu eigenlijk bij Almelo en haar ambitieniveau? Samen met betrokken partners wordt er een traject doorlopen om een nieuwe cultuurvisie voor Almelo op te stellen. Deze ruimte om cultuur breder te bekijken, zal in alle scenario’s en met inachtneming van het raadsbesluit worden aangegrepen.
1.4 Tijdens de verbouwing is er geen theaterprogrammering, maar zijn er wel kosten In alle scenario’s wordt voorgesteld het verzoek van het Stadstheater, om doorlopende kosten in 2024 en 2025 te dekken, toegewezen. Naar schatting zal er zeker 1,5 tot 2 jaar geen programmering zijn, maar bepaalde kosten lopen voor het Stadstheater door. De gevraagde bedragen zijn volgens toelichting van het Stadstheater bedoeld ter dekking van doorlopende kosten voor personeel, huisvesting, vaste lasten en algemene kosten. Het wordt van belang geacht aan dit verzoek tegemoet te komen ten behoeve van de continuïteit van het Stadstheater. Hiermee wordt zoveel als mogelijk voorkomen dat de programmering na de verbouwing alsnog niet kan herstarten, vanwege bijvoorbeeld gebrek aan personeel.
1.5 Er moet sowieso geïnvesteerd worden, dat kan en daartoe zijn we ook bereid Als gemeente staan we voor een investering, daarover bestaat geen twijfel en de bereidheid daarvoor is ook aanwezig. De gemeente beschikt ook over instrumenten (subsidies) om de gevraagde geldstromen in te richten en kan een dergelijke investering dus doen (met inachtneming van regels over staatssteun).
1.6 Het volledig afwijzen van het verzoek van het Stadstheater is geen scenario Het voorliggende vraagstuk kan ook een andere uitkomst krijgen, namelijk het volledig afwijzen van de verzoeken van het Stadstheater en de subsidierelatie op korte termijn afbouwen. Van een dergelijke oplossingsrichting is echter nimmer sprake geweest, dit vormde geen onderwerp van gesprek. Het voorstellen van een dergelijk scenario doet afbreuk aan het uitgangspunt dat een theater(programma) van belang is voor Almelo. Juist daarom, bevat het voorstel de drie scenario’s zoals nu weergegeven.
Kanttekeningen 1.1 Mogelijk is er sprake van ontoelaatbare staatssteun De gemeente wordt gevraagd publieke middelen te investeren in privaat vastgoed. Sterker nog, de gemeente betaalt de verbouwing van het vastgoed van het Stadstheater door daar jaarlijks een bedrag voor beschikbaar te stellen. Het is noodzakelijk te onderzoeken of er sprake is van staatssteun en zo ja, of deze al dan niet toelaatbaar is. Een kennisgeving of verzoek aan de Europese Commissie is dan ook een vervolgstap. Als bijlage 7 is een adviesmemo van een advocaat toegevoegd, waarin het aspect staatsteun voor scenario A, B en C wordt toegelicht.
1.2 (Ongewenste) precedentwerking In het kader van het gelijkheidsbeginsel, moet zeer secuur omgegaan worden met de vraag waarom we het Stadstheater steun bieden voor huisvesting, die andere marktpartijen niet wordt geboden. Het is voor te stellen dat er meer partijen met een maatschappelijke of culturele functie in zwaar weer verkeren. Het risico op (ongewenste) precedentwerking speelt bij alle scenario’s.
1.3 Het gevraagde besluit garandeert geen overeenstemming Na het nemen van een besluit door de gemeenteraad ligt een oplossing in relatie tot de verzoeken van het Stadstheater nog niet klaar. Het besluit vormt wel de basis voor een finaal gesprek tussen de gemeente en het Stadstheater over de verzoeken die zijn ingediend. Of daar overeenstemming uit volgt, is op voorhand niet te zeggen. Het is bijvoorbeeld niet zeker of het Stadstheater zich kan of wil conformeren aan het scenario waartoe wordt besloten. De intentie om er samen uit te komen, is er echter wel, zowel bij het Stadstheater als de gemeente.
Pagina 6 van 8 BenW - 2310324
1.4 Het structureel ten laste van het begrotingssaldo brengen van uitgaven staat op gespannen voet met de uitgangspunten in de perspectiefnota 2024-2027 Bij het vaststellen van de perspectiefnota 2024-2027 heeft de gemeenteraad besloten om de komende jaren terughoudend om te gaan met structurele beleidsintensiveringen. Het doel is om het tekort vanaf 2026 niet verder op te laten lopen. Dit betekent dat voor nieuw structureel beleid in beginsel geen ruimte is, tenzij dit beleid kan bijdragen aan een verbetering van het financiële meerjarenperspectief. In alle scenario’s is er sprake van een verhoogde subsidiëring aan het Stadstheater. Dit resulteert in een verslechtering van het meerjarenperspectief en staat derhalve op gespannen voet met de in de perspectiefnota 2024-2027 opgenomen beleidslijn.
1.5 Op 12 december 2023 heeft het Stadstheater bezwaar ingediend tegen de subsidievaststelling 2022 (INK-117089, bijlage 8) Dit is een formeel bezwaar naar aanleiding van een besluit, waarvoor de bezwaarprocedure geldt volgens de Algemene wet bestuursrecht. Afhankelijk van de uitkomsten van de raadsbehandeling zal worden bepaald of en hoe de bezwarenprocedure wordt voortgezet.
Kosten, opbrengsten en dekking De structurele verhoging van de budgetsubsidie is al opgenomen in de begroting. Dat geldt niet voor de incidentele subsidie en de investeringssubsidie, met dien verstande dat de structurele budgetsubsidie in de jaren 2024 en 2025 ingezet kan worden voor de incidentele subsidie, omdat er in die jaren zonder programmering geen budgetsubsidie wordt verstrekt. Voor nu is echter nog niet duidelijk hoe hoog de kosten gaan zijn. Dat is afhankelijk van het besluit van de gemeenteraad en vervolgens de gedetailleerde uitwerking daarvan. Hierover zal aanvullend besluitvorming plaatsvinden door het college en de gemeenteraad.
Uitvoering Het besluit van de gemeenteraad vormt de basis voor een finaal gesprek tussen de gemeente en het Stadstheater over de verzoeken die zijn ingediend. Het scenario dient te worden uitgewerkt en er dient te worden bepaald op welke wijze de te maken afspraken kunnen worden vastgelegd. Definitieve besluitvorming daarover, ook over het financiële gevolg, volgt na het finale gesprek. Indien in het verdere proces een besluit van de gemeenteraad benodigd is, zal dat middels een raadsvoorstel aan de gemeenteraad worden voorgelegd.
Bijlagen Bijlage 1 - Raadsvoorstel (Raad-8033) Bijlage 2 - Overzicht financiële afspraken Stadstheater (INT-89808) In deze bijlage wordt verwezen naar: • Overeenkomst 1987 (INT-89901) • Overeenkomst 2003 (INT-89903) • Raadsvoorstel met overeenkomst 2005 (INT-89904) • Collegevoorstel en raadsvoorstel investeringen Stadstheater (B&W-1200484, Raad-1200123) • Collegevoorstellen investeringen Stadstheater (B&W-1878, B&W-2981, B&W-4031) • Collegevoorstel overbruggingskrediet 2015 (B&W-4237) • Collegevoorstel opheffen programmacommissie (B&W-5463) Bijlage 3 - Scenario B voorstel Stadstheater d.d. 28-8-2023, (INT-2389797) Bijlage 4 - Verzoek Stadstheater dekking doorlopende kosten (E-mail-48233) Bijlage 5 - Vraag en antwoord memo (INT-2490619 Bijlage 6 - Overzicht kernpunten scenario’s (INT-2490622) Bijlage 7 - Advies Infense Advocaten inzake staatssteun (INT-2490631) Bijlage 8 - Bezwaar Stadstheater subsidieverlening 2022 (INK-117089) Bijlage 9 - Persbericht (INT-2490632) Bijlage 10 - Adviesrapportage Q4U Bouwconsultants d.d. 25 januari 2024 (INT-2490648)
Pagina 7 van 8 BenW - 2310324
Eveneens zijn bijgevoegd de volgende stukken, die ook onderdeel uitmaakten van de eerder geopenbaarde documenten: • Onderzoek BMC subsidiëring theaters (INT-90595) met bijlage (INT-90596) • Meerjarenplan 22-34 (INT-90609) met bijlage bouwkundig en theatertechnische onderbouwing (INT-90600) • Quickscan nieuwe theatervoorziening (INT-90598) • Stichtingskosten nieuwbouw theater (INT-90607) • Memo BWDT (INT-90608) • Advies staatssteun Infense (INT-90599) • Toelichting Scenario's bij de doorrekening (INT-90597) • Stadstheater Almelo begroting en prijspeilvergelijking (INT-90611) --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Procesinformatie Intern overleg Het voorstel is afgestemd met een concernjurist, met TCA en de gemeentesecretaris.
Afstemming met portefeuillehouder Het voorstel is afgestemd met de portefeuillehouder.
Directie-advies B&W voorstel standaard.
Communicatie over het besluit Regulier via iBabs. Het besluit met bijlagen wordt op 30 januari 2024 toegevoegd aan de stukken voor het politiek beraad op 6 februari 2024. Het collegebesluit wordt toegelicht in een algemeen bericht via de gemeentelijke kanalen (bijlage 9).
Pagina 8 van 8 BenW - 2310324