Technische vragen - commissie Ruimte 25 november 2025
Tekst van het document
Commissie Ruimte, 25 november 2025 Technische vragen – Raadsvoorstel Ontwikkelkader Viaanse Molen FRACTIE: Spek-Van der Heijde (25-11-2025) Bijgaand treft u een set technische vragen aan over het raadsvoorstel Ontwikkelkader Viaanse Molen. Deze vragen zijn opgesteld om helderheid te verkrijgen over de wijze waarop eerstelijnszorgvoorzieningen (zoals huisarts, fysiotherapeut, tandarts en apotheekpunt) worden meegenomen in de planvorming en borging van dit ontwikkelkader, en hoe dit aansluit bij de toekomstige woonzorgvisie. Het doel van deze vragen is om inzicht te krijgen in:
• • • • • •
de randvoorwaarden die worden gesteld aan voorzieningen in de wijk, de wijze waarop participatie-uitkomsten zijn verwerkt, de mogelijkheden voor multifunctionele en gecombineerde voorzieningen, de financiële en ruimtelijke borging van betaalbare praktijkruimte, de aansluiting op de woonzorgvisie en de prognoses voor huisartsencapaciteit, en de opvolging van eerdere moties en intentieverklaringen. Gecombineerde technische vragen Ontwikkelkader Viaanse Molen
1.
In het ontwikkelkader worden voorzieningen als verkeer, parkeren en wijkbeheer expliciet benoemd. Waarom ontbreekt een randvoorwaarde voor eerstelijnszorgvoorzieningen (zoals huisarts, fysiotherapeut, tandarts of apotheekpunt), terwijl dit voor bewoners net zo essentieel is? ANTWOORD: In het Ontwikkelkader Viaanse Molen is bepaald dat zorgvoorzieningen passen binnen de functie voorzieningen. Hieronder vallen o.a. een huisarts, tandarts, consultatiebureau. Zie o.a. pag. 40. Hier is specifiek de volgende tekst opgenomen: Uiteindelijk komen er ruim 2000 woningen bij in het gebied en daar horen ook de nodige zorg en maatschappelijke voorzieningen bij. Gaandeweg het ontwikkelproces wordt telkens herijkt of er ook voldaan wordt aan de behoefte en aan de geldende normen voor voorzieningen in Alkmaar.
2.
Het participatieverslag noemt wensen van bewoners. Hoe is de behoefte aan eerstelijnszorgvoorzieningen daarin meegenomen, en welke concrete uitkomsten zijn zichtbaar? ANTWOORD: De participatiebijeenkomst is breed uitgezet en bezocht. Ook een zorgpartij was aanwezig bij deze avond. Juist omdat in het Ontwikkelkader – uitwerking kantorenpark voorzieningen zijn toebedeeld aan locaties is dit positief ontvangen. Zie o.a. pag. 75. Het is vervolgens aan marktpartijen/ontwikkelaars om in overleg te treden met de diverse zorgaanbieders voor invulling van het percentage werken/voorzieningen. In onze gesprekken met hen stimuleren wij om met elkaar in overleg te treden over de invulling.
3.
Welke locaties binnen Viaanse Molen zijn nu al in beeld voor een volwaardige eerstelijnszorgvoorziening, en hoe wordt dit ruimtelijk geborgd in het ontwikkelkader? ANTWOORD: In het Ontwikkelkader zijn op de spelregelkaart van het kantorenpark ontwikkelplots aangewezen voor een voorziening of werken in de plint. Zie pag. 75 onder Programmatisch uitgangspunten. In het Ontwikkelkader wordt niet nader gespecificeerd. Daar is het Ontwikkelkader niet het instrument voor. Zie verder onder antwoorden 1 en 2.
Pagina 1 van 6
Commissie Ruimte, 25 november 2025 4.
Wordt onderzocht of eerstelijnszorgvoorzieningen gecombineerd kunnen worden met andere wijkfuncties, zoals een buurthuis of ontmoetingsplek, zodat zorg en gemeenschapsvoorzieningen elkaar versterken? ANTWOORD: Ja, als deze vraag zich voordoet bekijken we per locatie wat de mogelijkheden hiervoor zijn in samenwerking met de eigenaar van de ontwikkeling.
5.
Is er in het ontwikkelkader ruimte gereserveerd voor een apotheekpunt of uitgiftevoorziening voor medicijnen, zodat bewoners niet afhankelijk zijn van voorzieningen buiten de wijk? ANTWOORD: In het ontwikkelkader is opgenomen dat er voorzieningen moeten komen. Daaronder vallen ook apotheken. eerstelijnszorg etc.
6.
Waarom worden in anterieure overeenkomsten en ontwikkelkaders wel afspraken gemaakt over voorzieningen zoals parkeren en scholen, maar niet over betaalbare ruimte voor eerstelijnszorgvoorzieningen? Welke mogelijkheden zijn er om dit alsnog te verankeren? ANTWOORD: Dit wordt niet opgenomen in een Ontwikkelkader of een anterieure overeenkomst. Dit wordt vastgelegd in woonbeleid of een woonzorgvisie. Op dit moment hebben wij een hoofdstuk Woonzorg in de vastgestelde Woonvisie. Voor een woonzorgvisie hebben wij meer data nodig van de verschillende aandachtsgroepen (vraag en aanbod). Dat onderzoek wordt op dit moment uitgevoerd in samenwerking met de regiogemeenten.
7.
Hoe wordt het huidige tekort van één normpraktijk en het verwachte tekort van twaalf normpraktijken in 2035 meegenomen in de toekomstige woonzorgvisie, inclusief de effecten van nieuwe woningbouwprojecten langs het Alkmaars Kanaal? ANTWOORD: De gemeente voert regelmatig gesprekken met HONK over de behoefte en ruimte voor vestigingsmogelijkheden voor eerstelijnsvoorzieningen in de ontwikkelgebieden, dus ook de Viaanse Molen. Op termijn kunnen eerstelijnszorgvoorzieningen daarin wellicht opgenomen worden.
8.
Op welke manier wordt de huidige combinatie van sociaal domein en fysiek domein concreet vertaald naar harde randvoorwaarden in ruimtelijke plannen, zodat eerstelijnszorgvoorzieningen daadwerkelijk worden geborgd? ANTWOORD: Vastgesteld beleid, wetgeving en het realiseren van eerstelijnsvoorzieningen moeten worden vertaald in de plannen van de verschillende deelgebieden.
9.
Welke voorbereidingen worden nu al getroffen om een woonzorgvisie tijdig gereed te hebben zodra de Wet versterking regie volkshuisvesting in werking treedt, zodat Alkmaar niet achterloopt? ANTWOORD: We zijn nu met een onderzoek bezig waarin de nodige data wordt verzameld. De Wet versterking regie volkshuisvesting is door de Tweede Kamer aangenomen op 3 juli 2025, maar de Eerste Kamer heeft de behandeling uitgesteld in afwachting van reparatie van het wetsvoorstel door de Tweede Kamer om juridische en praktische knelpunten als gevolg van aangenomen amendementen. Verwachting is dat het wetsvoorstel in het voorjaar 2026 wordt behandeld. Het is op dit moment onbekend wat de inwerkingtredingsdatum wordt en per wanneer er een volkshuisvestingsprogramma gereed moet zijn. Voor Alkmaar betekent dit dat het nu nog onduidelijk is wanneer het volkshuisvestingsprogramma gereed moet zijn.
10. Welke afspraken zijn sinds de eerdere moties en intentieverklaringen met HONK en VGZ gemaakt, en hoe worden deze vertaald naar concrete verplichtingen in Viaanse Molen? ANTWOORD: De gemeente voert regelmatig gesprekken met HONK over de behoefte en ruimte voor vestigingsmogelijkheden voor eerstelijnsvoorzieningen in de ontwikkelgebieden, dus ook de Viaanse Molen
Pagina 2 van 6
Commissie Ruimte, 25 november 2025 FRACTIE: ChristenUnie (25-11-2025) 1.
De CU ontvangt graag een specificatie van de vervallen woningraming. Er worden 3400 minder woningen gebouwd en hiervoor worden 4 redenen gegeven (molenbiotoop, behoud volkstuinen, behoud bedrijvenpark en tracé helderseweg). Kan het vervallen aantal woningen per reden worden gespecificeerd? (een grove inschatting is voldoende) ANTWOORD: In het Ontwikkelbeeld Viaanse Molen is gesproken over max. 5400 woningen, waarbij een zeer grove inschatting is gemaakt met vele hoogteaccenten. Het ontwikkelbeeld ging uit van het verleggen van de Helderseweg, bebouwen van onze gronden bij ATV de Rekere en het volledig verkleuren van het bedrijvenpark. Er is geen rekening gehouden met de molenbiotopen in kantorenpark en Sluiseiland. Een exacte verdeling van het aantal woningen is hierin niet opgenomen. In de nadere uitwerking van de woningaantallen per ontwikkeleiland is geconstateerd dat de hoeveelheid woningen nabij de molenbiotopen (Viaanse Molen en Sluismolen) zeer beperkt kan zijn, afhankelijk van de ruimte die wij krijgen van het Hoogheemraadschap. Om een voorbeeld te geven: voor kantorenpark was ca. 1000 woningen gepland, met molenbiotoop ca. 600 woningen na overleg met het Hoogheemraadschap (windvangonderzoek). Omdat we geen bebouwing willen op gemeentegrond nu in gebruik bij het Amateurtuinencomplex, vallen er ca. 600 woningen af.
2.
Aan welk van deze redenen ligt een raadsbesluit ten grondslag en welk specifieke besluit is dit? kunt u de link hiervan delen?
1)
ANTWOORD: In de commissie van 7 september 2021 is door de raad aangegeven dat bebouwing in het amateurtuinencomplex onwenselijk is. Dit is besproken in relatie tot het commissievoorstel Pendorp, waar ook varianten van het verleggen van de Helderseweg opgenomen waren: zie bijlage verslag (zie bijlagen).
2)
Opwaardering Helderseweg in plaats van verplaatsing Helderseweg: zie bijlage gemandateerd raadsvoorstel.
Technische vragen – Raadsvoorstel Verordening Parkeerbelastingen 2026
FRACTIE: ChristenUnie (25-11-2025) 1. In de PV wordt een percentage van 2,8% gehanteerd als 'gewogen gemiddelde voor indexatie gemeentelijke tarieven'. Wat wordt bedoeld met gewogen gemiddelde (wat is het ongewogen gemiddelde dan en uit welke eenheden bestaat het ongewogen gemiddelde)? ANTWOORD: Bij een ongewogen gemiddelde tel je alle percentages bij elkaar op en deel je die door het aantal percentages. Niet alle percentages zijn evenredig van toepassing. Bij een gewogen gemiddelde vermenigvuldig je ieder percentage met het aandeel in de begroting waarop het percentage van toepassing is. De sommen van ieder percentage x aandeel in het totaal is het gewogen gemiddelde, zie de berekening onderaan.
2. Wordt dit tarief voor alle gemeentelijke diensten gebruikt?
Pagina 3 van 6
Commissie Ruimte, 25 november 2025 ANTWOORD: De tariefstijging van 2,8% is van toepassing op alle tarieven die in belasting- of legesverordeningen zijn opgenomen. De tariefstijging van 2,8% is niet op alle inkomsten van toepassing. Voor personeel dat wij uitlenen aan andere organisaties hanteren wij de looncompensatie als indexatie (voor 2026 is dat 1,97%). Van de algemene uitkering uit het gemeentefonds bepaalt het Rijk waarmee die inkomsten stijgen (of dalen). 3. Welke gemeentelijke tarieven zijn bezien om tot het gewogen gemiddelde te komen? ANTWOORD: Zie de berekening hieronder. 4. Welke indexatie hanteert de gemeente zelf in haar financiële stukken 2026? ANTWOORD: Zie de berekening hieronder. 5. Welke indexatie hanteert de gemeente op de loonontwikkeling voor 2026? ANTWOORD: 1,97%. De volgende percentages zijn verwerkt in de lasten van de begroting 2026: •
1,97% looncompensatie
•
1,97% sociaal domein
•
7,4% gemeenschappelijke regelingen (inclusief nacalculatie 2023)
•
4,6% uitgevlochten bedrijven (deze volgen de systematiek van de gemeenschappelijke regelingen. Omdat Stadswerk al apart compensatie had ontvangen over 2023 ontvangen ze dat niet nog een keer via de generieke indexatie. Hiermee komt de totale indexatie van de uitgevlochten bedrijven lager uit dan de 7,4% van de gemeenschappelijke regelingen).
•
2,7% prijscompensatie
Het gemiddelde hiervan zou zijn (1,97% + 1,97% + 7,4% +4,6% +2,7%) / 5 = 3,72% Dit is het ongewogen gemiddelde: alle percentages bij elkaar opgeteld, gedeeld door het aantal percentages. Hier telt ieder percentage voor 1/5de mee in het gemiddelde. Echter, niet alle percentages zijn evenredig van toepassing: •
13,4% van de gemeentelijke budgetten geven we uit aan lonen;
•
27,4% van de gemeentelijke budgetten geven we uit aan sociaal domein;
•
7,4% van de gemeentelijke budgetten geven we uit aan gemeenschappelijke regelingen (toevallig hetzelfde percentage als de indexatie);
•
12,2% van de gemeentelijke budgetten geven we uit aan uitgevlochten bedrijven;
•
31,8% van de gemeentelijke budgetten wordt geïndexeerd met de prijscompensatie;
•
Op 7,7% is helemaal geen indexatie van toepassing, omdat die budgetten op een andere manier worden bepaald, zoals kapitaallasten (afschrijving en omslagrente), grondexploitaties kennen hun eigen parameters, stortingen in voorzieningen en reserves.
Dit zijn de wegingsfactoren. Om tot een evenwichtige stijging van de tarieven te komen die de gemeente in rekening brengt aan burgers en bedrijven, houden we rekening met op welk deel van de lasten een bepaalde indexatie van toepassing is. Zo ontstaat het gewogen gemiddelde: •
13,4% loongevoelig x 1,97% looncompensatie = 0,3%
•
27,4% sociaal domein x 1,97% compensatie sociaal domein = 0,5%
•
7,4% gemeenschappelijke regelingen x 7,4% indexatie gemeenschappelijke regelingen = 0,5%
•
12,2% uitgevlochten bedrijven x 4,6% indexatie uitgevlochten bedrijven = 0,6%
•
31,8% prijsgevoelig x 2,7% prijscompensatie = 0,9%
•
7,7% geen loon- of prijscompensatie x 0% = 0%
Pagina 4 van 6
Commissie Ruimte, 25 november 2025 Het gewogen gemiddelde is 0,3% + 0,5% + 0,5% + 0,6% + 0,9% + 0% = 2,8%
FRACTIE: GroenLinks (24-11-2025) Ik heb de volgende technische vragen aangaande de parkeerverordening. In het document staat: Artikel 9 Deelautovergunning (bewoners) 1. Het college kan aan een bewoner, die samen met een andere bewoner een auto deelt, op aanvraag een deelautovergunning verlenen voor het parkeren in de vergunninggebieden waarin zij woonachtig zijn, indien: a. beiden staan ingeschreven bij de Vereniging voor Gedeeld Autogebruik, en; b. een van beiden houder is van het motorvoertuig, en; c. beiden woonachtig zijn in een vergunninggebied; d. in beide vergunninggebieden geen wachtlijst is. Als in beide of in één van beide vergunninggebieden een wachtlijst is, wordt de aanvraag op de wachtlijst geplaatst. 2. Een deelautovergunning wordt verleend op kenteken. 3. Een deelautovergunning telt in het maximumaantal te verstrekken vergunningen mee als bewonersvergunning. Per adres worden derhalve de in artikel 2 en 4 genoemde maxima gehanteerd. 4. Adressen die beschikken over parkeerplaatsen op eigen terrein (POET) zoals bedoeld in artikel 2, hebben geen recht op een deelautovergunning. Uitwerkingsbesluit parkeren 2026 5. Bedrijven en exploitanten hebben geen recht op een deelautovergunning.
Vraag 1: eerder staat dat bewoners in gebied C geen deelauto vergunning kunnen aanvragen, waarom niet? Als een reguliere auto vergunning wordt vervangen voor een deelauto dan verdwijnen er toch juist auto’s uit de openbare ruimte van die wijk en levert het voor andere parkeerplekken op? ANTWOORD: In het uitwerkingsbesluit staat in artikel 2, lid 3 een passage over binnenstadsbewoners. Dit heeft te maken met een besluit van twee jaar geleden waarbij bewoners van nieuwe adressen in de binnenstad niet in aanmerking komen voor een straatvergunning. Bewoners van de nieuwe adressen kunnen alleen nog terecht in de garages. Bewoners van bestaande adressen komen in aanmerking voor een deelauto-vergunning
Vraag 2: Waarom mogen sommige parkeergebieden wel in andere gebieden parkeren? Maar de autobezitter uit de wijken C, H, bijvoorbeeld dan niet? ANTWOORD: Parkeerdruk komt oorspronkelijk vanuit het centrum en daar zijn naast de straatparkeerplekken ook parkeergarages gebouwd. In gebied C (Binnenstad) kunnen bewoners sinds 2025 uitwijken naar die 1900 parkeerplekken in die garages d.m.v. de combinatievergunning. Zo wordt de parkeerdruk niet afgewenteld op de wijken rondom de binnenstad.
Pagina 5 van 6
Commissie Ruimte, 25 november 2025 Gebied H is feitelijk de Bannewaard in Huiswaard. Deze buurt ligt over het spoor dat is een harde grens in het parkeerbeleid: Spoorbuurt is niet gekoppeld aan Bergerhof en ook Zocherbuurt is niet gekoppeld aan Rembrandtkwartier. Bewoners hadden in 2021 bij het instellen van het vergunninghoudersparkeren geen behoefte om elders te parkeren. De dichtstbijzijnde “buur-wijk” is Bergerhof: maar kanaal en rechtbank vormen een flinke loopafstand en er is genoeg ruimte in eigen wijk
Pagina 6 van 6