CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Verordening jeugdhulp gemeente Alkmaar 2024 - aangenomen

Gemeenteraad 30 mei 2024, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Verordening jeugdhulp gemeente Alkmaar 202420.886 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Verordening jeugdhulp Alkmaar 2024 35

college op de hoogte te houden van alle relevante feiten en omstandigheden. Of de regels rondom verantwoording van een pgb. Het college moet dejeugdige en ouder(s) hierover informeren en ook uitleggen welke mogelijke consequenties het kan hebben als men zich niet houdt aan deze verplichtingen. Lid 2.ln deze bepaling is de mogelijkheid en de grondslag gegeven om een toezichthouder aan te wijzen die zich bezighoudt met het toezicht op een rechtmatige uitvoering van de Jeugdwet (zie artikel 5:11 Awb). Anders dan in de Wmo 2015, is in de Jeugdwet niet bepaald dat het college een toezichthouder moet aanwijzen. Toch kan uit de wetsgeschiedenis worden afgeleid dat het mogelijk is een toezichthouder aan te wijzen. Zo wordt in de Memorie van Toelichting bijvoorbeeld de medewerkingsverplichting jegens de toezichthouder benoemd (zie TK 2013-2014, 33684, nr. 11).

Het toezicht door de aangewezen toezichthouder ziet niet op de kwaliteit van de door de jeugdhulpaanbieders geleverdejeugdhulp. Dat toezicht is namelijk belegd bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Veiligheid en Justitie (zie Hoofdstuk 9 van de Jeugdwet). Zij voeren het kwaliteitstoezicht uit binnen het samenwerkingsverband Toezicht Sociaal Domein (TSD). Voor zover de gemeente sïgnalen ontvangt over de kwaliteit van de te leveren of geleverde zorg, stuurt de gemeente deze door naar het TSD.

Het toezicht door de gemeentelijke toezichthouder Jeugd ziet o.a, op de rechtmatigheid van ingediende declaraties doorjeugdhulpaanbieders. Het college stelt nadere regels vast over de taken en bevoegdheden van de gemeentelijke toezichthouder. De toezichthouder is bij de uitoefening van zijn taak gebonden aan de regels zoals vastgelegd in de artikelen 5:11 t/m 5:20 van de Awb.

Lid 3 In deze bepaling is vastgelegd dat het college nadere regels kan vaststellen over de (reikwijdte van) taken en bevoegdheden van de gemeentelijke toezichthouder Jeugd (zie ook artikel 5:14 Awb).

Hoofdstuk 7 Afstemming met andere voorzieningen Op basis van de Jeugdwet artikel 2.9 zijn gemeenten verplicht in hun verordening op te nemen hoe de afstemming met andere voorzieningen geregeld is. Afstemming met andere voorzieningen is belangrijk in het kader van het perspectiefplan, dat immers over alle domeinen heen gaat.

Artikel 7.1 Overgang naar volwassenheid Wij vinden het belangrijk dat jeugdigen de hulp krijgen die ze nodig hebben. Ook als ze die hulp na hun 18e verjaardag nog steeds nodig hebben. Daarom vindt er op tijd afstemming plaats. We hebben niet gekozen voor een vast moment, omdat dit per hulpvraag kan verschillen. Vaak vindt de afstemming plaats als de jeugdige 16,5 jaar is.

Bij verlengde jeugdhulp vindt de afstemming later dan 16,5 jaar plaats. Het is wel belangrijk dat de afstemming op tijd plaatsvindt. Daarbij houden we rekening met de tijd die nodig is om de andere voorziening te hebben. De aanbieder heeft de verplichting om samen met cliënten die in zorg zijn vanaf het 16e jaar een perspectiefplan’ op te stellen, als blijkt dat de jeugdige de ondersteuning nodig heeft na 18e levensjaar (perspectiefplan t.a.v. wonen, werken en daginvulling) met een duidelijk omschreven en haalbare tijdsljn naar volwassenheid. Het perspectiefplan is van de jeugdige en/of zijn ouder(s). Als er tot de inzet van specialistischejeugdhulp besloten is, is het wel van het grootste belang dat de aldus betrokken jeugdhulpaanbieder weet heeft van de gezinssituatie en afspraken en doelen zoals vastgelegd in het perspectiefplan. De relevante informatie uit het perspectiefplan kan door de jeugdige en/of zijn ouder(s) zelf of door het Jeugdteam aan de betrokken jeugdhulpaanbieder overgedragen worden. De ouder(s)/jeugdige zijn hier in eerste instantie zelfde verantwoordelijke partij voor.

Artikel 7.2 Afstemming gezondheidszorg Bij lid 1 gaat het om specialistische jeugdhulp die eerst onder de geestelijke gezondheidszorg voor jeugdigen viel. Deze jeugdhulp valt vanaf 18 jaar onder de Zorgverzekeringswet. Zorgverzekeraars

Verordening jeugd/wip Alkmaar 2024 36

stellen hierbij eisen. Zo moet de huisarts, jeugdarts of medisch specialist de verwijzer zijn. Het jeugdteam kan voor zo’n verwijzing zorgen door contact op te nemen met de verwijzer.

Vanaf l8jaar heeft dejeugdige een eigen zorgverzekering nodig. Daarbij geldt ook een eigen risico. Dit kan ervoor zorgen dat de jeugdige de hulp wil stoppen. Het jeugdteam is hier alert op. Ook kan het jeugdteam dejeugdige ondersteunen bij de veranderingen en nieuwe verantwoordelijkheden.

Artikel 7.3 Afstemming langdurige zorg Eerste lid Wanneerjeugdigen levenslang en levens-breed zorg nodig hebben, vallen zij onder de Wet langdurige zorg. Bij kinderen is dit echter nog niet altijd makkelijk vast te stellen. Het Jeugdteam, ondersteunt de jeugdige en zijn ouder(s) (zo nodig) bij de aanvraag bij het Centraal indicatieorgaan zorg (CIZ), die over toegang tot de langdurige zorg gaat.

Tweede lid Dit lid is een nadere uitwerking van de Jeugdwet, artikel 1.2 eerste lid onderdeel c:”Het college is niet gehouden een voorziening op grond van deze wet te treffen:...indien het college gegronde redenen heeft om aan te nemen dat dejeugdige in aanmerking kan komen voor zorg op grond van de Wet langdurige zorg en de jeugdige of zijn wettelijke vertegenwoordiger weigert mee te werken aan het verkrijgen van een besluit daartoe.” Hierbij zal natuurlijk altijd het belang van dejeugdige voorop staan. Dejeugdige mag nooit het slachtoffer worden van onwillige ouder(s).

Artikel 7.4 Afstemming voorschoolse voorzieningen. onderwijs en leerplicht Veel kinderen in de leeftijd van 0— 4jaar bezoeken een kinderdagverblijf of peuterspeelzaal en brengen een groot deel van hun tijd op die plekken door De gemeente speelt een belangrijke rol in de bevordering van de pedagogische kwaliteit van deze voorschoolse voorzieningen en het vergroten van het bereik onder specifieke doelgroepen. Korte lijnen tussen onderwijs, kinderopvang en peuterspeelzaalwerk en dejeugdteams zijn belangrijk. Zorgen om kinderen kunnen zo makkelijk gedeeld worden, advies ingewonnen en zo nodig gestart worden met het bespreken met kind en/of ouder(s) welke ondersteuning, jeugdhulp geboden kan worden.

De samenwerkingsverbanden in het primair en voortgezet onderwijs spelen een centrale rol bij het organiseren van passend onderwijs( bijv. onderwijsondersteuning, begeleiding bij dyslexie ,huiswerkbegeleiding, rernedial teaching en begeleiding bij leerstoornissen) en (speciale) onderwijszorg op de scholen en bovenschools. In veel gevallen zullen onderwijszorg en zorg voor de jeugd elkaar nauw raken. Het is dan ook van belang dat er goede afspraken zijn tussen gemeente en het onderwijs, met name als het gaat om de vraag vanuit welke partij welke ondersteuning kan worden geleverd. Bovendien volgt uit de wet dat de gemeente en het schoolbestuur in individuele gevallen overleggen als een individuele jeugdhulpvoorziening nodig is (zie artikel 2.7 lid 1 Jeugdwet).

Artikel 7.5 Afstemming maatschappelijke ondersteuning Bepaalde voorzieningen, waaronder in ieder geval begeleiding, vallen na het 18e jaar niet meer onder de Jeugdwet, maar onder de Wmo. De gemeente is verantwoordelijk voor een warme overdracht na het 18e jaar Daarbij is van belang dat tijdig, minimaal een halfjaar tevoren, met uitgangspunt 1,5 jaar, bekeken wordt wat er gaat veranderen na het 18e jaar. Zodat de continuiteit van zorg geborgd is.

Artikel 7.6 Afstemming werk en inkomen Soms speelt in gezinnen die jeugdhulp nodig hebben, ook armoede- en schuldenproblematiek. De jeugdhulp kan daardoor niet of veel minder effectief zijn. Het is daarom van belang dit soort problematiek tijdig te signaleren en gezinnen naar dejuiste hulp en armoedevoorzieningen te leiden. Ook van jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen wordt hierin een actieve houding verwacht.

Verordening jeugdhulp Alkmaar 2024 37

Artikel 7.7 Afstemming met gecertificeerde instellingen De gecertificeerde instellingen kunnen zelfstandig jeugdhulp inzetten bij de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel ofjeugdreclassering (gedwongen kader). Het is dan ook van belang dat de gemeente, als financier van de gecertificeerde instellingen én dejeugdhulp, goede afspraken maakt met de gecertificeerde instellingen. Dit artikel benoemt een aantal concrete onderwerpen waarover afspraken moeten worden gemaakt. De afspraken worden vastgelegd in een samenwerkingsprotocol met de gecertificeerde instellingen. De Jeugdwet stelt zon samenwerkingsprotocol verplicht (zie artikel 3.5 lid 3 Jeugdwet).

Artikel 7.8 Afstemming met het justitiedomein In de strafrechtelijke beslissing— in het kader van een taakstraf of (gedrag beïnvloedende) maatregel —

kan de rechter besluiten tot de inzet van jeugdhulp. In de regel zal de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) hierover adviseren. Bij (jeugdreclasserings)maatregelen zal de gecertificeerde instelling betrokken zijn bij de uitvoering hiervan. Gaat het om taakstraffen, dan is dat de RvdK. Daarnaast kan de selectiefunctionaris, de inrichtingsarts, of directeur van de justitiële jeugdinrichting besluiten tot de inzet van jeugdhulp in het kader van het scholings- en trainingsprogramma in het nazorgtraject. De gemeente is betrokken in het trajectberaad. Afspraken hierover zijn vastgelegd in het samenwerkingsprotocol met de RvdK.

Artikel 7.9 Afstemming met Veilig Thuis Artikel 4.1.1 Wmo 2015 legt het college de plicht op om een Advies- en meldpuift huiselijk geweld en kindermishandeling (AMHK) in te richten. Het AMHK, beter bekend als Veilig Thuis, is beschikbaar voor advies en consult voor professionals. Hoogwaardige specialistische kennis is nodig bij bijvoorbeeld complexe situaties van huiselijk geweld en kindermishandeling, eer gerelateerd geweld, seksueel misbruik achterlating en huweljksdwang, extreme stalking. Veilig Thuis kan passende hulp inschakelen, In het kader hiervan zijn in ieder geval afspraken nodig over de toegang en eventueel doorverwijzing naarjeugdhulpvoorzieningen.

Hoofstuk 8 Waarborging verhouding prijs-kwaliteit Artikel 8.1 Verhouding prijs en kwaliteit jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen In dit artikel staat wat we doen om de verhouding tussen prijs en kwaliteit te beschermen. De gemeente moet hierover regels maken. Dat staat in artikel 2.12 van de Jeugdwet. Het gaat om de prijs en kwaliteit van jeugdhulp of van de uitvoering van een maatregel van de kinderbescherming of jeugd reclassering.

Artikel 8.2 Klachtregeling De gemeente is op grond van de Awb in het algemeen verplicht tot een behoorlijke behandeling van mondelinge en schriftelijke klachten over gedragingen van personen en bestuursorganen die onder haar verantwoordelijkheid werkzaam zijn. In Hoofdstuk 9 van de Awb is de klachtbehandeling uitvoering geregeld. Dit artikel is toch in de verordening opgenomen vanwege het belang om in de verordening een compleet overzicht van rechten en plichten van jeugdigen en ouder(s) te geven.

Voor de melding van klachten over de feitelijke hulpverlening moeten jeugdige of zijn ouder(s) zich richten tot de aanbieder/instelling die de hulpverlening biedt De klachtmogeljkheid tegenover de aanbieder is geregeld in artikel 4.2.1 e.v. van de Jeugdwet.

Artikel 8.3 Inspraak en medezeggenschap In dit artikel zijn bepalingen opgenomen over inspraak en medezeggenschap bij de gemeente. De mogelijkheid tot inspraak en medezeggenschap tegenover de aanbieder is al geregeld in artikel 4.2.4 e.v. van de wet.

In het eerste lid is verwezen naar de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet vastgestelde inspraakverordening. Op deze manier wordt gewaarborgd dat voor het jeugdhulpbeleid eenzelfde inspraakprocedure geldt als voor andere terreinen. De inspraak geldt voor alle ingezetenen. Dit is

Verordening jeugdhulp Alkmaar 2024 38

uitdrukkelijk de bedoeling van de wetgever, omdat iedereen op enig moment aangewezen kan raken op ondersteuning.

Hoofstuk 9 Slotbepalingen Artikel 9.1 Evaluatie Dit artikel regelt dat het college iedere 2jaar het gevoerde beleid evalueert. Artikel 9.2 Hardheidsclausule Dit artikel bepaalt dat het college in bijzondere gevallen ten gunste van dejeugdige of zijn ouder(s) kan afwijken van de bepalingen van deze verordening (en dus niet van de in de wet zelf genoemde bepalingen). Zo nodig wordt hierbij advies ingewonnen. Afwijken kan alleen maarten gunste, en nooit ten nadele van de betrokken jeugdige of zijn ouder(s). Verder is met nadruk gemeld: in bijzondere gevallen. Het gebruik maken van de hardheidsclausule moet beschouwd worden als een uitzondering en niet als een regel. Gaat het om het verlenen van individuelejeugdhulpvoorzieningen, dan verplicht artikel 2.3 Jeugdwet het college al maatwerk te verrichten.

Gebruik van de hardheidsclausule zal daarom in dat opzicht niet snel aan de orde komen. In uitzonderingsgevallen zou het bijvoorbeeld kunnen spelen bij de regels rondom het verstrekken van een pgb. Bij toepassing van de hardheidsclausule moet het college uitgebreid motiveren waarom in de desbetreffende situatie van de verordening wordt afgeweken.

Artikel 9.3 Intrekking oude verordening en overgangsrecht Met deze bepalingen zorgen we ervoor dat dejeugdhulp blijft doorgaan. Ook als onze afspraken met aanbieders veranderen in de nieuwe verordening. De jeugdige en/of de ouder(s) moeten namelijk kunnen rekenen op dejeugdhulp. In het tweede lid is duidelijk gemaakt dat bestaande rechten doorlopen, totdat een nieuwe beoordeling heeft plaatsgevonden. Tot slot is in lid 3 vastgelegd dat aanvragen die nog bij het college in behandeling zijn, op grond van deze verordening beoordeeld zullen worden.

Artikel 9.4 Inwerkingtreding en citeertitel Dit artikel spreekt voor zich.

Verordening jeugdhulp Alkmaar 2024 39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14236338/1