Noord-Holland Noord als tuin van innovatie - eindrapport (achtergrondinformatie)
Tekst van het document
Noord-Holland Noord als tuin van innovatie Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Noord-Holland Noord als tuin van innovatie Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Inhoud Samenvatting ....................................................................................................................................... 3 De tuin van innovatie ........................................................................................................................ 5 Regio’s in een mondiale economie 5 Leen de kracht van je buren 5 Stedelijk parklandschap en de tuin van innovatie 5 Meer economische dynamiek met behoud van brede welvaart 6 Onderzoeksaanpak ............................................................................................................................ 7 Opgave 1: kies scherp voor nieuwe economische activiteiten .........................................
8 Vernieuwing langs vijf economische activiteiten 8 Ondernemerschap en innovatie 9 Opgave 2: verbeter de regionale samenwerking .................................................................12 Samenwerking tussen overheid, onderwijs en ondernemers 12 Samenwerking tussen gemeenten en bedrijven onderling 12 Opgave 3: behoud de balans met brede welvaart...............................................................15 Koers op het kompas van brede welvaart 15 Koester de kernkwaliteiten van het stedelijk parklandschap 15 Opgave 4: werk aan de ruimtelijke voorwaarden ................................................................17 Geef de infrastructuur en woningvoorraad een impuls 17 Doe dat met een integrale benadering 18 Opgave 5: verbind jongeren aan de regio ..............................................................................20 Vergroot en verbeter het opleidingsaanbod 20 Ondernemers, laat je meer zien 21 Bijlagen .................................................................................................................................................22 Bijlage 1: geïnterviewden en dialoogdeelnemers 22 Bijlage 2: Rabobank en Noord-Holland Noord 23 Bijlage 3 Gebiedsafbakening 23 Bijlage 4: economie en brede welvaart 24
Colofon..................................................................................................................................................30
Pagina 2/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Samenvatting
Hoe kan de economie van Noord-Holland Noord worden versterkt, zodat zij toekomstbestendig wordt en bijdraagt aan brede welvaart? Het antwoord op deze vraag leidt tot vijf opgaven voor de regio.
1. Kies scherp voor nieuwe economische activiteiten die aansluiten bij de specialismen van de regio, potentie hebben voor de toekomst, rekening houden met de omgeving en daarmee toekomstbestendig zijn. Faciliteer ondernemers die hierin actief zijn of worden, en die willen investeren en innoveren. Deze vernieuwende activiteiten zijn: Veredeling van zaad en bloembollen, Energy & Health, Blauwe Economie, Bouw- en Onderhoudseconomie, en Digitalisering.
2. Verbeter de regionale samenwerking. Het is zaak dat zowel ondernemers, lokale overheden als onderwijsinstellingen met elkaar in contact treden en gedeelde visies vormen en bruggen slaan. De regio doet er goed aan om hiervoor een organisatie voor op te richten, zoals een economic board, of een bestaande organisatie in te zetten. Ontwikkelbedrijf Noord-Holland Noord en Economisch Forum Holland boven Amsterdam zijn hierbij belangrijke partijen.
3. Behoud de balans met brede welvaart. Zorg ervoor dat het economische, ruimtelijke en sociale beleid gevoerd wordt vanuit het kader van brede welvaart. Doorbreek hiervoor de kokers, maak de samenhang en conflicten tussen beleidsterreinen inzichtelijk en maak op basis daarvan expliciete keuzes.
4. Werk aan de ruimtelijke randvoorwaarden; meerdere wegverbindingen, het openbaar vervoer en het elektriciteitsnet van de regio hebben een impuls nodig. Daarnaast zijn er simpelweg meer huizen nodig, liefst in kleinschalige projecten, volgens het model van organische groei. Dit zijn voorwaardelijke ontwikkelingen die de nieuwe economische dynamiek mogelijk maken en het gebied aantrekkelijker maken om te wonen en werken.
5. Verbind jongeren aan de regio. Maak jongeren en jongvolwassenen sneller en beter bekend met de mogelijkheden die het bedrijfsleven te bieden heeft. Zorg voor het juiste onderwijs en stageplekken bij bedrijven van de nieuwe economie. Ondernemers zouden zich meer moeten laten zien en de regionale economie moeten etaleren. De vijf opgaven passen bij Noord-Holland Noord als ‘Tuin van Innovatie’, waarin de tuinman (ondernemers), imker (overheden) en bioloog (onderwijs- en kenninsinstellingen), samen aan economische vernieuwing en structuurversterking werken. Als coöperatieve bank wil Rabobank een substantiële bijdrage leveren aan het welzijn en de welvaart in Noord-Holland Noord. We willen onderdeel zijn en investeren in het ecosysteem van Noord-Holland Noord, als tuin van innovatie. Met dit onderzoek leggen we hiervoor de basis.
Pagina 3/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Pagina 4/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
De tuin van innovatie
Regio’s in een mondiale economie Onze economie is de afgelopen decennia sterk geïnternationaliseerd. Handelsketens reiken over de wereld, en wat elders gebeurt, werkt door in onze economie. Toch zien we dat juist de regio en regionale omstandigheden van groot belang zijn voor het functioneren van bedrijven en de welvaart van mensen. Regio’s zijn de spin in het web van economische groei en nabijheid tot andere bedrijven heeft allerlei voordelen. Bijvoorbeeld in het uitwisselen van kennis, door de toegang tot producten en diensten en omdat door clustering van bedrijven een betere match plaatsvindt op de arbeidsmarkt. Productiviteitswinsten en innovatie zijn vaak het gevolg. Allerlei factoren dragen bij aan deze zogenoemde agglomeratievoordelen, denk aan de kwaliteit van de fysieke- en kennisinfrastructuur, specifieke specialisaties in clusters van samenwerkende bedrijven, de dynamiek van ondernemerschap en vaardigheden van de beroepsbevolking. Regio’s zijn in deze mondiale economie tegelijkertijd de focuspunten in internationale stromen van handel, kennis, arbeid en investeringen. In de literatuur wordt dit beschreven als ‘local buzz’ en ‘global pipelines’; de regio is een gonzende bijenkorf van allerlei economische activiteiten waarvoor nabijheid belangrijk is. Tegelijkertijd zorgen stromen van buiten voor kruisbestuiving.
In Nederland is de Metropoolregio Amsterdam een goed voorbeeld van een regio waar bedrijven voordelen van elkaar ervaren door deze processen; de regio verdubbelde in de afgelopen twee decennia in economische omvang.
Leen de kracht van je buren Maar wat nu als de economie van een regio, zoals die van Noord-Holland Noord (bijlage 4) minder groot en geconcentreerd is en daardoor minder agglomeratie- en clustervoordelen heeft? Dan bestaat het risico van ‘agglomeration shadow’; een situatie waarin Noord-Holland Noord in de schaduw van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) ligt, die veel naar zich toe trekt. Denk aan nieuwe bedrijven, aandacht voor beleid, arbeidskrachten en allerlei voorzieningen die floreren in een grootstedelijk milieu. Liggend in de schaduw van de MRA is het daarom extra belangrijk om actief economische beleid te voeren, je moet er immers harder voor werken.
Maar er gelden ook andere processen. Regio’s die in de nabijheid van grote, snelgroeiende metropolen liggen, kunnen ook de ‘kracht van hun buren’ lenen. We noemen dat ‘borrowed size’. Bedrijven, banen en voorzieningen in de nabijgelegen Metropoolregio Amsterdam (MRA) zijn ook bereikbaar voor de inwoners en bedrijven van Noord-Holland Noord, zodat het niet nodig is om alles in de eigen regio te hebben mits de bereikbaarheid goed is. Het kan juist een voordeel zijn; wel de lusten en niet de lasten (of kosten) van de hoge concentratie van economische activiteiten.
Stedelijk parklandschap en de tuin van innovatie Van een grotere afstand bekeken, zou je kunnen zeggen dat heel Noord-Holland één geheel is, waarbij de regio Amsterdam de stedelijke dichtheid heeft en Noord-Holland Noord de ruimte. Ruimte om te wonen, werken, leven, ondernemen en te voorzien in de behoefte aan agrarische producten van de regio en daarbuiten. Hier is de metafoor van ‘de tuin van innovatie’ van toepassing; de tuin waarin specifieke kwaliteiten en activiteiten van de regio samenkomen, waarin kruisbestuivingen plaatsvinden die groei en innovatie faciliteren, en waarin Noord-Holland Noord profiteert van de bloei van de nabijgelegen stedelijke agglomeratie. Aan deze tuin moet je constant werken. De tuinman (ondernemers), de bioloog (kennisinstellingen) en de imker (overheid) werken hierin samen aan de economie en innovatie, juist in delen die meer in de schaduw liggen.
Pagina 5/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Tegelijk heeft Noord-Holland Noord de rust en de ruimte, de kust en de zee, wat de regio een prettige locatie maakt om er te wonen en te werken. We zien dat juist in Noord-Holland Noord de brede welvaart bovengemiddeld hoog is, terwijl die in de Metropoolregio Amsterdam achterblijft. Brede welvaart gaat naast economische aspecten ook over ecologische en sociale dingen die mensen van waarde vinden (zie bijlage voor de beschrijving van elf dimensies van brede welvaart). De sterke economische groei heeft daar ook nadelen. We schreven eerder dat de MRA op een tweesprong staat, omdat de economische groei hier samengaat met bijvoorbeeld een slechtere milieukwaliteit, woontevredenheid en veiligheid, en de groei niet per se ten goede komt aan de welvaart van de inwoners.
Lange tijd is er (te veel) gefocust op economische groei als maat om te kijken of de welvaart in een regio goed is. Groei, werkgelegenheid en inkomen zijn echter niet het enige wat telt. Ook geschikte huizen, een veilige omgeving, een goede gezondheid, persoonlijke ontwikkeling, sociale contacten en een schone omgeving zijn belangrijk. Dit zijn allemaal dimensies van brede welvaart. De brede welvaart van de inwoners van Noord- Holland Noord is gemiddeld hoger dan in Nederland als geheel, maar ook hier zijn aandachtspunten. Bovendien zien we grote verschillen tussen groepen mensen.
Meer economische dynamiek met behoud van brede welvaart Liggend in de schaduw van de MRA is de economische groei in Noord-Holland Noord relatief bescheiden, maar de brede welvaart is er wel bovengemiddeld. Met dit in het achterhoofd maken we een analyse van het ecosysteem van Noord-Holland Noord en hoe dat functioneert. De centrale vraag is: hoe kan de economie van Noord-Holland Noord worden versterkt, zodat deze toekomstbestendig wordt en bijdraagt aan brede welvaart?
Pagina 6/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Onderzoeksaanpak Voor Rabobank was de vraag hoe de economie van Noord-Holland Noord kan worden versterkt, en hoe deze tegelijkertijd bijdraagt aan de brede welvaart, de aanleiding om een onderzoek te doen naar het functioneren van de economie in de regio. Om vervolgens opgaven te formuleren die bijdragen aan een economie die toekomstbestendig is en koerst op het kompas van brede welvaart.
Noord-Holland Noord is namelijk niet alleen belangrijk voor Nederland, maar ook voor Rabobank. We willen als coöperatieve bank een substantiële bijdrage leveren aan het welzijn en de welvaart in deze regio. Als financiële, kennis- en netwerkpartner werken we samen aan een sterk Noord-Holland Noord. De centrale doelstelling daarbij is om de economie te stimuleren en tegelijkertijd te investeren in een vitale leefomgeving. Zo vertaalt Rabobank haar missie ‘Growing a better world together‘ naar Noord-Holland Noord. Dit doen we niet alleen door echt lokaal aanwezig te zijn, maar óók door samen op te trekken met alle relevante betrokkenen. We zijn onderdeel van het ecosysteem dat zich in de laatste jaren heeft gevormd. Daarom hebben we een beproefd model gehanteerd: het organiseren van gesprekstafels met bedrijven, studenten en andere belangrijke betrokkenen uit het gebied. We vroegen de belangrijke spelers in het ecosysteem wat nú de belangrijkste opgaven zijn waar Noord-Holland Noord voor staat.
Opzet onderzoek We hebben het onderzoek in drie onderdelen uitgevoerd. Eind 2022 hebben we interviews gehouden met achttien eigenaren of bestuurders van vijftien toonaangevende bedrijven, kennisinstellingen en overheidsorganisaties in Noord-Holland Noord. Op 12 januari 2023 hebben we met studenten een gesprekstafel georganiseerd. Vervolgens hielden we op 20 januari 2023 twee gesprekstafels met belangrijke stakeholders in de regio: bedrijven, opleidingsinstituten, investeerders en gemeentelijke overheden. Op 31 januari 2023 gingen we ten slotte in dialoog met onze ledenraadsleden en commissarissen. In bijlage 1 zijn alle geïnterviewden en deelnemers aan de gesprekstafels vermeld.
Op basis van de verkregen informatie geven we onze bevindingen weer in vijf opgaven voor Noord-Holland Noord. We illustreren deze uitkomsten soms met rapportcijfers die de deelnemers aan de gesprekstafels gaven. Ze geven daarmee goed weer hoe er in de dialogen is gesproken, maar we merken op dat het daarmee geen harde cijfers zijn. De opgaven zijn los beschreven in het rapport, maar kennen ook een sterke onderlinge samenhang en deels overlap. Hierop baseren we ook ons commitment aan Noord-Holland Noord.
Alle bevindingen in dit onderzoek komen voor rekening van Rabobank. Informatie en opmerkingen uit de gesprekstafels en de interviews zijn anoniem opgenomen in dit rapport.
Pagina 7/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Opgave 1: kies scherp voor nieuwe economische activiteiten De economie van Noord-Holland Noord is minder geconcentreerd en groeit minder hard dan gemiddeld. De regio huisvest echter een aantal sterke branches binnen de agrarische sector (zaadveredeling en bloembollenteelt), het toerisme (verhuur vakantiehuisjes en passagiersvaart), de bouw (infrastructurele bouw) en de industrie (onderhoud en reparatie van schepen en machines). Deze branches staan niet in de schaduw, maar juist vol in het zonlicht (bijlage 4). Volgens de deelnemers van de dialogen bieden deze branches daarom een goede basis voor economische vernieuwing.
Vernieuwing langs vijf economische activiteiten Uit de interviews en de dialogen komt sterk naar voren dat Noord-Holland Noord scherper moet kiezen voor economische activiteiten die passen bij een nieuwe toekomstbestendige economie. Daarmee wordt de regio economisch vitaler en aantrekkelijker als woongebied. Het gaat dan niet per se om het kiezen voor economische sectoren, maar meer om thema’s waarin meerdere activiteiten en hun onderlinge verbanden elkaar versterken. Deze thema’s moeten aansluiten bij de specialisaties die er in de regio zijn, die je kunt versterken, maar vooral van waaruit het mogelijk is te diversiferen. Dat zijn de eerder genoemde branches, maar het gaat ook om fysieke kenmerken van de regio, zoals de aansluiting op de windmolenparken op zee en de haven en het maritieme cluster in Den Helder.
Uit de interviews en de dialogen komen vijf economische activiteiten naar voren waar de regio scherp voor zou moeten kiezen:
1. Veredeling van zaad en bloembollen Noord-Holland Noord heeft met een sterke specialisatie in zaadveredeling (Seed valley) en bloembollenteelt een goede positie om de transities van de agrarische sector te ondersteunen. De regio speelt een grote rol op wereldmarkten als het gaat om het ontwikkelen van nieuwe groente- en bloemenrassen die niet alleen een goede opbrengst hebben, maar ook resistent zijn tegen ziektes en die geschrikt zijn voor moderne teeltmethodes. Klimaatverandering, en het bestand maken van gewassen tegen hitte en droogte, is hiervoor een belangrijke driver.
2. Energy & Health De regio is naast de veredeling van zaad en bloembollen gespecialiseerd in kennis op het gebied van Energy & Health. Zo is er de campus in Petten, waar bijvoorbeeld TNO (voorheen Energieonderzoek Centrum Nederland - ECN) onderzoek doet naar nieuwe technologieën en producten voor de energietransitie. Dat onderzoek is gericht op zonne-energie, windenergie, biomassa, energie-efficiency, milieuonderzoek en beleidsonderzoek). Daarnaast draagt de aanwezige kernreactor bij aan de productie van medische isotopen en nucleaire kennis, met plannen voor een nieuwe reactor (Pallas).
3. Blauwe economie Een activiteit die ook goed past bij Noord-Holland Noord is de blauwe economie, waarin economische activiteiten gerelateerd aan de zee en de kust (maritieme sectoren) centraal staan (zie Europese Commissie). Blue economy. Dit is door Gunter Pauli uitgewerkt als een economie waarin natuur en gebruik van technieken en middelen die de natuur aanreikt centraal staan, inclusief circulaire ecologische systemen. Binnen de energietransitie is dat bijvoorbeeld waterstof, gecombineerd met wind op zee. METIP in Den Helder is het innovatiecentrum voor maritiem, mariene en offshore energie.
4. Bouw- en onderhoudseconomie De regio heeft een sterke specialisatie in bouw-, installatie- en onderhoudsbedrijven. Hieruit kan een ‘onderhoudseconomie’ ontstaan die nodig is voor de ondersteuning van de nieuwe economie; installatie, Pagina 8/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
onderhoud en service voor de platforms op zee en voor de energie-infrastructuur. De specialisatie in de bouw biedt ook kansen voor biobased en circulair bouwen. De regio kent veel sterke regionale bouwbedrijven en er is een grote woningbouwopgave. Marktpartijen en overheden hebben zich via het MRA-convenant houtbouw sterk gemaakt voor meer biobased bouwen.
5. Digitalisering als versneller Hoewel de regio geen bovengemiddelde specialisatie heeft in de sector Informatie- en communicatietechnologie (ICT), is deze de afgelopen jaren wel heel sterk gegroeid. We zien dat vooral digitalisering en data science veel wordt toegepast binnen de sterke economische pijlers, bijvoorbeeld in de land- en tuinbouw, bouw en industrie. Onderwijsinstellingen richten zich daar ook specifiek op. We zien dat dit belangrijk is voor de economie; bedrijven die inzetten op digitalisering maken grotere kans op omzetgroei. Het is daarom een vijfde vernieuwingslijn.
Als de betrokken partijen de juiste keuzes maken, lijkt de regio dus goed voorgesorteerd om een nadrukkelijke rol te spelen in de transitie naar een nieuwe, duurzame en inclusieve economie; energietransitie, duurzame teelt en landbouw en biobased bouwen geven daarbij de richting aan.
Ondernemerschap en innovatie De transities – en dan vooral de energie- en de digitale transitie – vragen van ondernemers dat zij continu blijven vernieuwen en veranderen. In de nieuwe economie hebben ondernemerschap en innovatie daarom een centrale plaats, waarbij (digitale) technologie vaak een rol speelt. Binnen Seed Valley is dat bijvoorbeeld bio-informatica, binnen Energy & Health is dat data science . Ook de datacenters van AgriPort spelen daarin een rol. Zij bieden de digitale ruimte die nodig is voor dataopslag en hebben daarmee een belangrijke faciliterende rol. Als Pauli de blauwe economie beschrijft spreekt hij niet voor niets over “10 years 100 innovations 100 million jobs”. In de dialogen kwam duidelijk naar voren dat het technologisch profiel van de regio sterk is.
“De regio staat niet erg bekend als technische regio, maar er zit veel meer techniek dan je denkt. Naast innovatieve activiteiten zijn de bouw en maritieme activiteiten ook heel technisch.”
Regelmatig geven deelnemers aan dat er in de regio ondernemende en zeer innovatieve bedrijven zitten, vooral in het midden- en kleinbedrijf (mkb), die eigenlijk onbekend zijn bij het grote publiek. Door deze ‘hidden champions’ als voorbeelden voor het voetlicht te brengen en ze een centrale rol te geven in het innovatieve ecosysteem van de regio, kunnen deze champions de achterblijvers inspireren. Het recente voorbeeld van SCW systems, dat circulair groen gas produceert, laat zien wat de landelijke uitstraling kan zijn als een dergelijke innovatie tot stand komt. Dit kan het bredere mkb inspireren en activeren om ook aan de slag te gaan met de toekomstbestendigheid van hun bedrijf. Uit de Staat van het MKB 2022 blijkt dat dit hard nodig is, aangezien 62% van de bedrijven met 10 tot 250 werknemers zich niet met product- en procesinnovatie bezighoudt.
In de tuin van innovatie is het dus zaak om ondernemerschap en innovatie te faciliteren en de clusters van economische specialisatie zowel fysiek als functioneel met elkaar te verbinden. De ‘blauwe economie’ kan daarvoor een leidend perspectief zijn, omkleed door allerlei service- en onderhoudsactiviteiten (maintenance economy). En, niet onbelangrijk, de metafoor is ook letterlijk te nemen. Rust, ruimte en leisure zijn kernelementen van de regio. Noord-Holland Noord verandert gedurende een deel van het jaar in een tulpentuin en bloemenzee. De regio’s Noordelijk Zandgebied en West-Friesland zijn het belangrijkste productiegebied voor bloembollen in Nederland en de rest van de wereld. De kustgebieden zijn daarbij aantrekkelijke verblijfsklimaten.
Kortom, de regio moet economisch scherper kiezen, met een leidende visie en daarbij inzetten op ondernemerschap en innovatie. Ter illustratie: de deelnemers aan de dialoog geven gemiddeld een rapportcijfer van 6,7 voor de innovatiekracht van de regio. Er is dus nog veel te verbeteren. Specifiek voor het startup en scale-up vestigingsklimaat, een belangrijke aanjager van ondernemerschap en innovatie, geven de Pagina 9/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
deelnemers maar net een voldoende: een 5,5. Daar moet de regio dus nog een grote slag maken. Gezien het sterke start & scale-up ecosysteem van de MRA kan de regio echter ook nadenken over manieren om hier slim gebruik van te maken. Stel de tuin open voor innovaties gericht op de economische activiteiten, leg connecties tussen beide groepen (startups en het mkb), zorg voor versnelde validatie van de businessmodellen en benut en schaal zo de potentie van de MRA. Het helpt wel dit te doen vanuit een leidende visie op de belangrijkste economische activiteiten, ook daar schort het nog aan, zo geven de deelnemers aan.
Figuur 1: Innovatiekracht is voor verbetering vatbaar
Bron: RaboResearch
Figuur 2: Vestigingsklimaat is voor verbetering vatbaar
Bron: RaboResearch
Kortom Zet in op vernieuwende activiteiten die aansluiten bij de specialismen van de regio, die potentie hebben voor de toekomst, die rekening houden met de omgeving en daarmee toekomstbestendig zijn. Faciliteer ondernemers die hierin actief zijn of worden en die willen investeren en innoveren.
Voorbeelden • Het Blue Port Center-concept in de haven van Den Helder (het visafslag-gebouw), dat het hart van de ‘blue economy’ wordt. Het is zaak investeringen naar voren te halen om zo de kloof te overbruggen tussen nu en de toekomstige waterstofeconomie.
• De offshore energie, die in de ‘blue economy’ een centrale plaats heeft (nu boorplatformen, straks nog meer windparken). Deelnemers noemen de succesvolle netwerkvereniging in de offshore energie, Amsterdam IJmuiden Offshore Ports (AYOP), als belangrijk. Den Helder Airport is hierbij aangesloten. Het is zaak om de activiteiten op het gebied van ‘blue economy’ in Den Helder daar verder bij aan te laten sluiten.
Pagina 10/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
• Het Data science Alkmaar is een platform voor innovatie waar bedrijfsleven, overheden en onderwijs uit Noord-Holland Noord goed zicht krijgen op de kansen die big data en kunstmatige intelligentie bieden. De Vrije Universiteit Amsterdam zorgt hierbij voor een wetenschappelijk en onafhankelijk kader.
• H20 Esports Campus Amsterdam in Purmerend is een unieke plek waar het bedrijfsleven en onderwijs samenkomen rond creative tech. Op de campus is een netwerk van 100+ organisaties (van startups en onderwijspartners tot corporates) actief. Op bijna dagelijkse basis zijn er evenementen en er worden activiteiten en programma’s georganiseerd voor de ontwikkeling van e-sports, gaming en tech talent.
• METIP is het Maritime Emerging & Enabling Technologies Innovation Park. Het is een innovatiecentrum, community, field lab, tech hub en broedplaats op de voormalige marinewerf Willemsoord in Den Helder. Hier zet men de nieuwste en opkomende technologieën innovatief in voor maritieme, mariene en offshore (energie-) toepassingen.
• Specifieke kroonjuwelen als Triple uit Alkmaar, gericht op strategie, ontwikkeling, ontwerp, data & insights en clouddiensten (170 werknemers) kunnen een trekkersrol in de regio spelen.
• Zilte teelt in Noord-Holland kan de regio toekomstbestendig op de kaart zetten op het gebied van kansen rond klimaatverandering.
• Woodstone en Woonwaard zijn goede voorbeelden van biobased woningbouwprojecten.
Pagina 11/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Opgave 2: verbeter de regionale samenwerking De deelnemers aan de dialoog geven aan dat om het doel te bereiken - een economie die bijdraagt aan de brede welvaart - het cruciaal is om de samenwerking binnen de triple helix (overheid-ondernemers-onderwijs) te verbeteren. Tegelijkertijd geldt dat de afzonderlijke bruggenhoofden sterk genoeg moeten zijn om deze bruggen te kunnen bouwen. Het bedrijfsleven, de gemeenten en ook onderwijsinstellingen moeten zichzelf binnen hun eigen domeinen beter organiseren en de onderlinge samenwerking versterken.
Samenwerking tussen overheid, onderwijs en ondernemers Op dit moment is de samenwerking binnen de triple helix in Noord-Holland Noord nog onvoldoende ontwikkeld (met een rapportcijfer van 4,8, zie figuur 3). Bedrijven, overheden en onderwijsinstellingen vinden elkaar nog te weinig, zeker op regionale schaal. Een economic board waarin deze drie partijen samenkomen ontbreekt. Nu zijn initiatieven veelal losstaand van elkaar, zo geven de deelnemers aan. Zij zeggen ook dat door de gebrekkige triple helix-samenwerking de regio ook kansen mist richting Provincie en Rijk. Betere samenwerking kan ook leiden tot het benutten van de potentie die de nieuw opgerichte Regionale Ontwikkelings Maatschappij InWest (voor heel Noord-Holland) heeft.
Samenwerking tussen gemeenten en bedrijven onderling Het bedrijfsleven, lokale overheden en onderwijsinstellingen moeten onderling goed zijn georganiseerd. Daarmee doelen de deelnemers op samenwerking die leidt tot een gezamenlijke visie op het gebied Noord- Holland Noord vanuit het perspectief van bedrijven. Ze ervaren die samenwerking als onvoldoende en te gefragmenteerd. Het is te veel los zand. In de interviews is bijvoorbeeld gezegd:
“Bedrijven praten te weinig met elkaar.”
“Het bedrijfsleven is te weinig georganiseerd.”
“Het is vaak ieder voor zich.”
Tegelijkertijd geven ze aan dat het bedrijfsleven in delen van Noord-Holland Noord wel degelijk goed is georganiseerd (zoals de Westfriese Bedrijvengroep), maar dit lijkt eerder uitzondering dan regel. De deelnemers aan de dialogen en interviews zien een sterke noodzaak tot sterkere onderlinge samenwerking. Pas als dat is gebeurd, kan het bedrijfsleven ook een brug slaan naar bijvoorbeeld onderwijsinstellingen en de overheid.
“Wij moeten ook samenwerken aan een vorm om met elkaar die grote gesprekspartner te zijn voor gemeenten en provincie.”
“Als we stappen willen maken, moeten we verbinding met het onderwijs maken.”
Binnen de governance wordt ook specifiek aandacht gevraagd voor de samenwerking tussen de gemeenten onderling. Voor een goede samenwerking in triple helix-verband is ook een eenduidige visie op bestuurlijk niveau van belang. Die samenwerking scoort relatief laag (4,7, zie figuur 4), maar met een grote spreiding, wat aangeeft dat niet alle deelnemers aan de dialoog er hetzelfde over denken.
“Dan is er geen geld, dan is er wel weer geld. Er wordt te weinig gedaan. In Wervershoof wordt al twee jaar niet gebouwd, terwijl de plannen wel klaarliggen.”
Pagina 12/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
De samenwerking tussen Hoorn, Den Helder en Alkmaar (H2A-overleg) komt recentelijk wel steeds beter van de grond, maar dit proces gaat langzaam: ‘hoe worden we één in verscheidenheid?’ is de vraag. 1 En tot slot is er nog een opgave vanuit de gemeenten richting het bedrijfsleven.
“Bij gemeenten staat in geen enkel coalitieakkoord iets over de samenwerking met NHN.”
Een betere samenwerking tussen ondernemers en gemeenten onderling, en vervolgens met elkaar en met onderwijsinstellingen in triple helix-verband en op het niveau van Noord-Holland Noord kan veel opleveren voor de regio. Daaruit kan een gezamenlijke visie ontstaan, waardoor concurrentie plaatsmaakt voor synergie en ook de samenwerking verbetert met de MRA (zie figuur 5) en de provinciale en Rijksoverheid.
De deelnemers geven aan dat het Economisch Forum daarbij een belangrijke rol kan spelen. Juist zaken die collectief spelen op het gebied van het vestigingsklimaat voor bedrijven komen daar samen. Hetzelfde geldt voor het Ontwikkelbedrijf Noord-Holland Noord (NHN) waar het gaat om investeringen, bedrijfsontwikkeling en het aantrekken van nieuwe bedrijven.
Figuur 3: Samenwerking in de triple helix is voor verbetering vatbaar
Bron: RaboResearch
Figuur 4: Samenwerking tussen gemeenten is voor verbetering vatbaar
Bron: RaboResearch
1 Recent onderzoek van de RuG (2021) bevestigt dit. Zij stellen dat de samenwerking op (sub)regionale schaal zich in een beginnende fase bevindt, met onvoldoende krachtige verbindingen onderling. Het lokale belang staat daarbij over het algemeen voorop, wat gezamenlijke realisatiekracht belemmert.
Pagina 13/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Figuur 5: Samenwerking met de MRA is voor verbetering vatbaar
Bron: RaboResearch
Kortom Het is zaak dat zowel ondernemers, lokale overheden als onderwijsinstelling met elkaar in contact treden en gedeelde visies vormen. Ontwikkelbedrijf Noord-Holland Noord en Economisch Forum Holland boven Amsterdam zijn hierbij belangrijke partijen. Zo kunnen partijen vervolgens bruggen slaan in triple helix- verband. De regio doet er goed aan om hier een organisatie voor op te richten, zoals een economic board, of hiervoor een bestaande organisatie in te zetten.
Voorbeelden • AgriBusinessClub Noord-Holland Noord is een actieve club van ondernemers in de agrarische sector, met als doel de uitwisseling van kennis en ervaring.
• De West Friese Bedrijvengroep is een voorbeeld van (ruim duizend) West-friese ondernemers die zich hebben verenigd. Het is het grootste ondernemersnetwerk van de regio, met als taak belangenbehartiging. Hier is bijvoorbeeld de Green Deal uit voortgekomen, die 3.000 bedrijven helpt om te verduurzamen.
• In Den Helder zijn recent alle ondernemersverenigingen met elkaar gefuseerd. Zij intensiveren de relaties met andere ondernemersverenigingen in de regio Kop van Noord-Holland.
• Economische Forum Noord-Holland boven Amsterdam bundelt regionale ondernemersverenigingen, werkgeversorganisaties en brancheorganisaties boven het Noordzeekanaal voor een optimaal vestigingsklimaat. Het forum streeft naar een duurzaam en competitief vestigingsklimaat voor bedrijven boven het Noordzeekanaal.
• Het Pact van Westfriesland ‘7.1’, waarin zeven West-Friese gemeenten samenwerken, heeft tot doel om beleid af te stemmen om zo bij de top van de aantrekkelijkste regio’s van Nederland te horen.
• H2A-overleg ( Hoorn, Den Helder en Alkmaar)
Pagina 14/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Opgave 3: behoud de balans met brede welvaart Koers op het kompas van brede welvaart Ons onderzoek focust op de economische kansen en opgaven voor Noord-Holland Noord. De deelnemers van de interviews en dialogen geven aan dat het creëren van meer economische dynamiek brede welvaart creëert. Door in te zetten op nieuwe economische activiteiten, ontstaan nieuwe banen en wordt de economie toekomstbestendiger. Dit draagt bij aan brede welvaart voor zowel de huidige als de toekomstige generaties.
Omdat de verschillende dimensies van brede welvaart (zie bijlage 4) met elkaar samenhangen, is het volgens de deelnemers belangrijk om rekening te houden met de effecten van het economische beleid op andere beleidsterreinen. Oftewel, het economisch beleid moet koersen op het kompas van brede welvaart.
Die lijn doortrekkend geldt dit volgens de deelnemers ook voor andere beleidsterreinen. De verschillende beleidsterreinen kunnen volgens hen niet los van elkaar worden gezien. Dus ook sociaal beleid en ruimtelijk beleid - of het nu gaat om huizen, natuur, voorzieningen, mobiliteit of werklocaties - zouden moeten worden getoetst aan hun effecten op (de dimensies van) brede welvaart. Dit geeft de verschillende beleidsterreinen een gemeenschappelijk afwegingskader en kan daarmee de verkokering van beleidsterreinen doorbreken.
Toetsen aan brede welvaart wil niet zeggen dat elke vorm van beleid positief moet bijdragen aan elke dimensie van brede welvaart. Inherent aan het concept brede welvaart is immers dat de dimensies soms op gespannen voet met elkaar staan. Toetsen aan brede welvaart wil wél zeggen dat de effecten op de verschillende dimensies en de spanningen tussen dimensies zo veel mogelijk inzichtelijk moeten zijn, zodat beleidsmakers deze tegen elkaar kunnen afwegen en expliciete keuzes kunnen maken.
Koester de kernkwaliteiten van het stedelijk parklandschap In Noord-Holland Noord slaat de balans van brede welvaart uit naar de kwaliteiten van de natuurlijke omgeving. Op de dimensies milieu, gezondheid, maatschappelijke betrokkenheid en de balans tussen werk en privé scoort de regio goed. De economische dimensies baanzekerheid, inkomen en persoonlijke ontwikkeling, staan echter onder druk (zie bijlage 4). Daarom gaat dit onderzoek vooral over de economische opgaven voor de regio. Maar zoals hiervoor beschreven, is het belangrijk om bijvoorbeeld bij het maken van economisch scherpere keuzes (opgave 1) en het werken aan de ruimtelijke voorwaarden (opgave 4) de natuurlijke kwaliteiten van de regio te koesteren. Streef naar economische groei, maar doe dat volgens de deelnemers graag in balans met de omgeving.
“In 2030 is Noord-Holland Noord de perfecte groene stad, met een mooie mix tussen bedrijven, natuur en een goed leefklimaat.”
De deelnemers van de dialogen geven de kwaliteit van het woon- en leefklimaat en de milieukwaliteit gemiddeld een 7,8 (zie figuur 6) respectievelijk een 7,6 (zie figuur 7). Ook benadrukken zij dat de twee kuststroken en het groene en ruimtelijke karakter de regio onderscheiden en complementair maken aan de MRA. Een goede balans tussen nieuwe economische dynamiek en behoud van de landschappelijke kwaliteiten, het parklandschap, is dus het credo.
Pagina 15/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Figuur 6: Goede waardering voor het woon- en leefklimaat
Bron: RaboResearch
Figuur 7: Goede waardering voor de milieukwaliteit
Bron: RaboResearch
In dat opzicht past het model van organische groei goed. Met gedoseerde, gerichte en ruimtelijk uitgekiende groei van bijvoorbeeld de woningvoorraad, infrastructuur en nieuwe sectoren wordt het makkelijker om de verschillende delen van brede welvaart in balans te houden.
Kortom Voer het economische, ruimtelijke en sociale beleid vanuit het kader van brede welvaart. Doorbreek hiervoor de kokers, maak de samenhang en conflicten tussen beleidsterreinen inzichtelijk en maak op basis daarvan expliciete keuzes.
Voorbeelden De voorbeelden uit opgave 1 en 2 dragen indirect bij aan brede welvaart. Maar er zijn ook voorbeelden die rechtstreeks ingrijpen op een van de dimensies van brede welvaart.
• Het agrarisch landschap in Noord-Holland Noord laat een zeer rijk geschakeerd beeld zien, waarin de prachtige bollenvelden, akkerbouw, groentegewassen weidelandschappen met koeien en typisch Noord-Hollandse natuur elkaar afwisselen, waardoor er sprake is van gezonde vruchtwisseling
• Financieel Fit Den Helder (een initiatief van twaalf lokaal betrokken partijen), dat zich via een moedige dialoog richt op concrete acties rondom armoede.
• Het Vrijwilligerspunt in West-Friesland ondersteunt acties zie bijdragen aan het welzijn van de inwoners. In met name de kleine kernen is veel sociale cohesie wat zich vertaalt in veel verenigingen en stichtingen waarbij inwoners zich vrijwillig inzetten voor de (lokale) maatschappij.
Pagina 16/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Opgave 4: werk aan de ruimtelijke voorwaarden
Geef de infrastructuur en woningvoorraad een impuls De deelnemers aan de dialogen geven aan dat aan een aantal ruimtelijke randvoorwaarden moet worden gewerkt, en dan vooral aan de fysieke infrastructuur. De noord-zuidverbindingen via de A9 en de A7 zijn redelijk begaanbaar, al is vooral de A9 gevoelig voor files. De ontsluiting van de dorpen en de bedrijventerreinen laat echter te wensen over en de aansluiting op Alkmaar moet beter. Maar de deelnemers zijn vooral ontevreden over de oost-westverbindingen.
“Zonder auto ben je niks, maar ook met auto zijn de oost-westverbindingen een drama.”
Met het openbaar vervoer is het volgens hen slechter gesteld. Treinen en bussen vallen regelmatig uit, wat het openbaar vervoer onbetrouwbaar maakt. Bussen die slechts één keer per uur rijden en dan ook nog met regelmaat uitvallen, zijn dus eigenlijk geen optie.
“Vaak valt de bus uit en hoor je dat de buschauffeurs in Amsterdam nodig zijn.”
Vooral studenten hebben hier last van. Zij hebben geen auto en zijn daarom afhankelijker van het openbaar vervoer. Al met al krijgt de regio geen hoog cijfer voor bereikbaar (zie figuur 8). Om de regio aantrekkelijker te maken voor jongvolwassenen zijn goede verbindingen met het openbaar vervoer belangrijk.
“Voor mensen uit de MRA is ons gebied gemakkelijk te bereiken met auto. Met openbaar vervoer juist heel beroerd.”
Figuur 8: Nog maar net een voldoende voor bereikbaarheid
Bron: RaboResearch
De deelnemers vinden dat er moet worden geïnvesteerd in de energie-infrastructuur. Het elektriciteitsnet is overvol, waardoor bedrijven niet kunnen worden aangesloten of niet kunnen groeien. Dit zet een rem op allerlei ontwikkelingen die de energietransitie juist zouden moeten versnellen.
De deelnemers zijn positief over het woon- en leefklimaat (zie figuur 6), maar de beschikbaarheid van betaalbare huizen is volgens hen een groot probleem. Zowel voor starters als voor gezinnen. Noord-Holland Noord is hierin natuurlijk niet bijzonder, maar dat neemt niet weg dat er een grote opgave ligt om te zorgen voor betaalbare huizen voor alle doelgroepen.
“Het duurt in Alkmaar ongeveer acht jaar om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning, maar je kunt je pas inschrijven als je 18 jaar bent.” Pagina 17/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Vooral studenten en starters komen moeilijk aan een geschikte woning. Volgens de studenten is juist in Alkmaar grote behoefte aan studentenhuisvesting en starterswoningen, zodat jongvolwassenen na hun opleiding kunnen doorstromen.
“Veel woningen worden opgekocht door investeerders en zij verhuren deze vervolgens weer. Dat gaat helemaal voorbij aan de starters.”
Doe dat met een integrale benadering De woningmarkt, economie, mobiliteit, voorzieningen en het landschap kunnen niet los van elkaar worden gezien. Al deze onderdelen hangen met elkaar samen. Zonder infrastructurele verbeteringen wordt de regio minder aantrekkelijk om in te wonen en te werken. Woningen (inwoners) zijn nodig voor het draagvlak voor voorzieningen. Hierin moeten ook goede openbaar vervoersverbindingen met de natuur worden meegenomen. Het belang van een integrale benadering komt duidelijk naar boven uit de interviews.
“Je moet zorgen dat alle onderdelen, dus wonen, natuur, werk, infra en recreatie, worden gekoppeld. Het totaalplaatje moet kloppen.”
Tijdens de dialogen kwam naar voren dat kleinschalige woningbouw hier goed past. De balans met de omgeving blijft daarmee meer intact dan bij grootschalige woningbouwprojecten, en je creëert draagvlak voor de voorzieningen: een organische groei.
“Bouw elk jaar tien huizen per dorp, dan houd je de dorpen levendig.”
Uit de interviews blijkt dat verbinding met de landschappelijke kwaliteiten extra belangrijk is voor Noord- Holland Noord. Texel is hierbij het beste voorbeeld. De toeristen komen immers naar het eiland voor de natuur. De landschappelijke waarden moeten meewegen bij het ruimtelijk beleid en de ruimtelijke ordening. Dat is juist essentieel omdat de natuur een onderscheidende kracht is van Noord-Holland Noord.
“Natuur en landschap worden belangrijker. Hier kan Noord-Holland Noord het verschil maken met de MRA.”
Kortom Diverse verbindingswegen, het openbaar vervoer en het elektriciteitsnet van de regio hebben een impuls nodig. Daarnaast zijn er simpelweg meer huizen nodig, die het liefst in kleinschalige projecten worden gebouwd en waarbij wordt gekeken naar organische groei. Dit zijn voorwaardelijke ontwikkelingen die de nieuwe economische dynamiek mogelijk maken en waarmee gebied aantrekkelijker wordt om in te wonen en werken.
Voorbeelden • Er zijn talloze voorbeelden van infrastructurele verbeteringen genoemd (Westfrisiaweg in verleden en opwaarderen c.q. aanpassen van de Noordervaart en A.C. de Graafweg). • Initiatieven als stationsgebied Heerhugowaard en binnenstedelijk bouwen (Hoorn, Den Helder en Alkmaar) combineren met uitbreidingen in dorpen (Winkel, Julianadorp, Wognum). Maar ook appartementen in dorpen (SchaHoogkarspel) sluiten aan op behoefte van de regio.
Pagina 18/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
• Clean2Anywhere, dat tijdelijke duurzaam gefabriceerde Tiny Houses produceert, zou door de regio meer omarmd mogen worden om de woningnood ofwel -behoefte invulling te geven. • Kleine Groene Woonlocaties zijn een goed voorbeeld van organisch bouwen.
• Biobased bouwen: de biobased proeftuin in Noord-Holland verdient navolging in Noord- Holland Noord. • RaboSmartbuilds: modulaire middenhuurwoningen die innovatief, duurzaam én verplaatsbaar zijn, en daarmee een oplossing voor de dringende woningbehoefte bieden
Pagina 19/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Opgave 5: verbind jongeren aan de regio Zowel studenten als ondernemers geven aan dat het belangrijk is om jongeren meer en eerder te verbinden aan de regio. Veel van hen willen graag in de regio blijven wonen, maar zien te weinig perspectief. Daar geven zij meerdere redenen voor en we zien dat terug in het rapportcijfer voor het aantrekken en koesteren van talent (zie figuur 9).
“Er is geen studentencultuur in Alkmaar. Daar is InHolland wel mee bezig door een campus te bouwen.”
Zoals al duidelijk werd bij de beschreven ruimtelijke voorwaarden, zijn er niet genoeg geschikte huizen en zijn er onvoldoende verbindingen met het openbaar vervoer. Er zijn voorbeelden van studenten die een opleiding in Alkmaar volgen, maar in een studentenkamer buiten de regio wonen.
Figuur 9: De regio kan meer doen om jongeren te binden
Bron: RaboResearch
Vergroot en verbeter het opleidingsaanbod Ondernemers en studenten vinden het opleidingsaanbod in de regio te beperkt. Er is geen universiteit en slechts één hbo-instelling. Bovendien sluiten de beschikbare opleidingen lang niet allemaal goed aan op de behoeften van bedrijven. Uit de interviews blijkt dat bedrijven die daar de mogelijkheden voor hebben, hun personeel dan maar zelf opleiden. Zij zeggen hierdoor geen knelpunten op de arbeidsmarkt te ervaren, maar opleiden is uiteraard niet hun primaire taak. Bovendien neemt het niet weg dat uit de interviews en dialogen ook blijkt dat veel bedrijven hier geen mogelijkheden voor hebben en dus wel degelijk krapte ervaren.
Een verruiming van het opleidingsaanbod is extra belangrijk in het licht van de nieuwe economie. Als de regio een sterke positie wil verkrijgen op de vernieuwende economische activiteiten zoals beschreven bij opgave 1, dan horen daar ook de juiste opleidingen bij. Dat hoeven geen volledig nieuwe scholen te zijn, maar kunnen ook dependances van bestaande scholen of zelfs universiteiten zijn die met hun opleidingen aansluiten op de betreffende economische activiteiten. Denk daarbij aan TalentAcademy West-Friesland.
Voor het onderwijs ligt er ook een taak om studenten bekend te maken met hun kansen op de arbeidsmarkt na hun opleiding. Studenten geven aan dat zij dit perspectief zelf vaak niet zien. Het onderwijs moet daarom contact leggen met ondernemers(verenigingen) en hen uitnodigen voor het geven van gastcolleges. Ook is het regelen van stage- en afstudeerplekken voor de studenten belangrijk. Dit vraagt om een continue dialoog tussen onderwijsinstellingen en ondernemers.
Pagina 20/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Ondernemers, laat je meer zien Andersom ligt er ook voor ondernemers een grote opgave in het aantrekken en behouden van jong talent. De economie in Noord-Holland Noord kent een grote basis in het mkb en weinig grote en bekende bedrijven. In deze situatie is het minder vanzelfsprekend dat jongeren weten welke kansen zij hebben in het bedrijfsleven. Dat blijkt ook uit de dialoog met studenten. In tijden van krapte is het extra belangrijk om hen door middel van stage- en afstudeerplekken aan de lokale economie te binden. Bedrijven kunnen zichzelf en de carrièremogelijkheden ook meer etaleren. Bijvoorbeeld tijdens stagemarkten bij InHolland, maar ook op de universiteiten buiten de regio.
“Ik ken eigenlijk geen grote bedrijven uit de regio. Bedrijven presenteren zich ook niet echt op de universiteit.”
Kortom Maak jongeren en jongvolwassenen sneller en beter bekend met de mogelijkheden die het bedrijfsleven te bieden heeft. Zorg voor het juiste onderwijs en voor stageplekken bij bedrijven van de nieuwe economie. Ondernemers moeten zich meer laten zien en daarbij de regionale economie etaleren.
Voorbeelden • Fieldlab TechValley, een initiatief van de Hogeschool InHolland om samen te innoveren met ontwikkelaars en bouwers van hightech machines (wielbouwmachines, robots voor stalreiniging en machines voor de verwerking van zaden of fruit, tot precisieapparatuur voor bloedanalyse of wetenschappelijke experimenten). Een unieke mogelijkheid om praktijkonderwijs verder vorm te geven, met name binnen het domein ‘Techniek, ontwerpen en informatie’.
• Purmervalley is een onafhankelijke stichting met vertegenwoordigers vanuit zowel het bedrijfsleven als het onderwijs. Het uitgangspunt is het grote tekort aan goedgeschoolde ICT’ers terug te dringen, door jongeren te inspireren en te interesseren voor een opleiding en een baan in de ICT en technologie.
• TalentAcademy WestFriesland waarin een post-hbo opleiding ‘Innoveren in zorg en welzijn met technologie’ is vormgegeven. Het ministerie van VWS heeft dit uitgeroepen tot Landelijk Koploper inititiatief.
• Fieldlab Robotica in Zaandam is een duurzame publiek-private samenwerking tussen overheid, onderwijs en ondernemers en instellingen in de sectoren Techniek, Groen en Zorg. Zij richten zich op vmbo- en mbo-leerlingen en de toepassingen in het bedrijfsleven.
• Tech@connect is een initiatief waar triple helix partijen samenkomen met als doel jongeren te inspireren om te kiezen voor techniek en technisch onderwijs en om innovatie en werkgelegenheid in de techniek te ondersteunen. Het is een initiatief van de samenwerkende gemeenten in de Noordkop en de Provincie Noord-Holland en richt zich op de Kop van Noord-Holland.
• FICA, samenwerking tussen InHolland en onder meer NMJ Escabo in Hoorn om een brug te slaan tussen het onderwijs en het bedrijfsleven. Dit door het opstellen van praktijkopdrachten voor studenten.
• Werkplaats Digitaal ondernemen: Hier worden studenten ingezet voor digitaliseringsvraagstukken binnen het mkb. Dit helpt het mkb en vergroot de kans dat jong talent in de regio blijft.
Pagina 21/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Bijlagen Bijlage 1: geïnterviewden en dialoogdeelnemers Geïnterviewden 1. Frido Kraanen Omring 2. Pim Visser NSEG 3. Amber Laan HAJK 4. Anja Schouten Gemeente Alkmaar 5. Marcel Wester GP Groot 6. Jan Piet Konijn Toekomst Groep 7. Herman van der Lugt PALLAS 8. Baukje de Jong Energy & Health Campus 9. Friso de Zeeuw Economisch Forum HBA 10. Iwan Groothuis De Krim 11. Arthur van Dijk Provincie Noord-Holland 12. Carlo Verhart Voedsel Verbindt 13. Peter van Oeveren BPD 14. Ted van ’t Hek Van 't Hek Groep 15. Wendy Ates-Janssens Provincie Noord-Holland 16. Stephan Melis Provincie Noord-Holland 17. Daniëlle Lieuwen Provincie Noord-Holland 18. Lennaert Kapiteyn Kapteyn Groep
Dialoogdeelnemers 1. Mike Gitzels Plantenkwekerij Gitzels 2. Johan Kos Vertify 3. Rudy Schipper Intal 4. Guido Scholtens Scholtens 5. Dave Smit Pater Broersen BV 6. Robert Waltmann Woningstichting Den Helder 7. Jaap Bond KAVB 8. Gem Bot Holland Steel 9. Rian van Dam Burgemeester Hollands Kroon 10. Martien Dobber BDO 11. Dorus Droog Pater Broersen BV 12. Richard Oerlemans Hogeschool InHolland 13. Dirk Tuijp H20 Esports Campus 14. Pieter Ursem Autobedrijf Ursem Barten 15. Nicole van Wijk Woonwaard 16. Esther Zijl Ontwikkelingsbedrijf NHN
Studentendialoog 1. Sarah Lukassen 2. Irene Smakman 3. Martijn Smakman 4. Mariëlle Mol 5. Ilonka Wagenaar 6. Sil de Weerd
Dialoog Ledenraadseden en RvC-leden 1. Monique Ansink RvC van West-Friesland 2. Hans Peter Baars RvC van West-Friesland Pagina 22/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
3. Daisy Karssen Adviesraad Duurzaam Ondernemen en ledenraad 4. Gert Jan van Keulen Adviesraad Energietransitie en ledenraad 5. Piet Wim Klaver RvC van Kop van Noord-Holland 6. Willemien Koning RvC van Alkmaar 7. Joyce de Ruijter RvC van Waterland 8. Hans Veldt Adviesraad Financieel Gezond Leven en ledenraad 9. Bo-Anne van Egmond Adviesraad Duurzaam Wonen 10. Wouter de Waardt Adviesraad Duurzaam Ondernemen en ledenraad
Bijlage 2: Rabobank en Noord-Holland Noord Rabobank wil in Noord-Holland Noord niet alleen een goede bank zijn die haar klanten helpt bij het realiseren van hun dromen en ambities. Wij willen ons óók samen met onze klanten, leden en andere partners inzetten voor een toekomstbestendige, inclusieve maatschappij. Een duurzame samenleving met kansengelijkheid en een economie die toekomstbestendig is en bijdraagt aan brede welvaart. Specifiek richten we ons op het ondersteunen van drie grote maatschappelijke transities: de duurzaamheids- & energietransitie, de transitie naar duurzame voedselketens en de transitie naar een inclusieve maatschappij.
Hoe doen we dat? Om te beginnen stellen we de komende drie jaar 5 miljard euro beschikbaar voor bancaire financiering van particulieren en bedrijven. Verder ondersteunen we groeiende, innovatieve bedrijven met kennis, netwerken, risicodragend kapitaal en bancaire financiering vanuit onze start- en scale-up desk. Daarnaast delen we specialistische kennis van RaboResearch met onze klanten en andere belanghebbenden, bijvoorbeeld over de energietransitie, circulaire economie, innovatie, sectoren en de regio. Ook stellen we onze netwerken open voor onze partners en dragen we bij aan het opzetten van nieuwe netwerken. Tot slot komt de komende drie jaar 10 miljoen euro vrij om maatschappelijk relevante initiatieven te helpen hun doelen te realiseren.
Hiermee slaan we de weg in naar een toekomstbestendige economie, die klaar is om de transities door te maken en die rekening houdt met brede welvaart. Dat kunnen en willen we niet alleen doen. Als coöperatieve Rabobank staan we voor samenwerking en zoeken we continu naar oplossingen die goed zijn voor zowel onze klanten, als Noord-Holland Noord. Iedere persoon en elke organisatie die zich herkent in één of meer van de vijf opgaven en die samen met ons wil optrekken om de brede welvaart in de regio Noord-Holland Noord te versterken en de economie toekomstbestendig te maken, nodigen we van harte uit om zich aan te melden bij ons (zie colofon).
Bijlage 3 Gebiedsafbakening Dit onderzoek richt zicht op het gebied van Rabobank kring Noord-Holland Noord. Dat is grofweg de lijn Castricum – Monnickendam en het gebied ten noorden hiervan (zie figuur 10). Daarbinnen onderscheiden we vier deelregio’s: de Kop van Noord-Holland (gemeenten Den Helder, Hollands Kroon, Schagen en Texel), West- Friesland (gemeenten Drechterland, Enkhuizen, Hoorn, Koggenland, Medemblik, Opmeer en Stede Broec), Alkmaar en omstreken (gemeenten Alkmaar, Castricum, Bergen, Dijk en Waard, Heiloo) en Waterland (gemeenten Edam-Volendam, Purmerend en Waterland). Heel Noord-Holland Noord bestaat in totaal uit 19 gemeenten. In bijlage 3 zijn deze vier regio’s zo veel mogelijk afzonderlijk weergegeven in de figuren. Cijfers over economische groei zijn echter alleen beschikbaar op het niveau van zogenoemde COROP-regio’s. De Kop van Noord-Holland is ook een COROP-regio, maar bestaat volgens die indeling uit de in deze publicatie gedefinieerde deelregio’s Kop van Noord-Holland en West-Friesland.
Pagina 23/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Figuur 10: Gebiedsafbakening Noord-Holland Noord
Bron: OpenStreetMap
Bijlage 4: economie en brede welvaart Noord-Holland Noord ligt ingeklemd tussen twee kuststroken en heeft veel cultuurhistorie. Richting het noorden wordt het steeds rustiger, groener en ruimtelijker. De keerzijde van die ruimte is een dunnere en minder dynamische regionale economie. De economie van Noord-Holland Noord groeide in de afgelopen 25 jaar met bijna 50 procent. Dat is fors, maar de landelijke groei was in die periode 63 procent (zie figuur 11). Binnen Noord-Holland Noord weet Waterland die landelijke groei te evenaren; dit is te danken aan de periode van hoogconjunctuur, voorafgaand aan de financiële crisis.
Een economische groei van meer dan 50 procent is beslist niet laag. Zeker niet voor regio’s die zo dicht tegen de Metropoolregio Amsterdam (MRA) aan liggen. Door de enorme aantrekkingskracht van Amsterdam en Haarlemmermeer (Schiphol) zijn daar de afgelopen decennia veel economische activiteiten geconcentreerd. Hierdoor groeide de economie van de MRA als geheel flink. Ter illustratie de groei van Gooi en Vechtstreek lag
Pagina 24/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
op hetzelfde tempo als die van de Kop van Noord-Holland en de economieën van Haarlem en omstreken en IJmond groeiden met slechts 10 procent.
Figuur 11: Lagere economische groei index, 1995=100 200
180
160
140
120
100
Kop van Noord-Holland (incl. W-F) Alkmaar en omstreken Waterland Noord-Holland Noord Metropoolregio Amsterdam Nederland
Bron: CBS
Naast de groei van de economie is ook de omvang van het gebied van belang. In dat opzicht is Noord-Holland Noord relatief klein. Voor elke 100 mensen die werk hebben of daarnaar op zoek zijn (samen de beroepsbevolking), zijn in de regio 77 banen beschikbaar (zie figuur 12). In de Kop van Noord-Holland en in Alkmaar en omstreken zijn er 79 banen beschikbaar voor elke 100 mensen binnen de beroepsbevolking, en in Waterland 66. Een zogenoemde werkgelegenheidsfunctie van 77 betekent dat per saldo bijna 1 op de 4 mensen in Noord-Holland Noord afhankelijk is van werk buiten de regio.
Veel van deze mensen werken in Amsterdam. De MRA als geheel heeft een werkgelegenheidsfunctie van 115, die van Amsterdam is zelfs 143. Deze disbalans zorgt dus voor een wederzijdse afhankelijkheid. Mensen in de omgeving van Amsterdam zijn afhankelijk van werk in de hoofdstad, terwijl bedrijven in Amsterdam voor arbeid afhankelijk zijn van werknemers uit de omgeving. Dit is op zichzelf geen probleem. Het zorgt echter wel voor grote stromen forensen die dagelijks vanuit Noord-Holland Noord over de A9, de A7 en het spoor heen en weer pendelen. En dat vraagt veel van de infrastructuur.
Pagina 25/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Figuur 12: Afhankelijk van werk buiten de regio Kop van Noord-Holland
banen per 100 leden van de beroepsbevolking West-Friesland
Alkmaar en omstreken
Waterland
Noord-Holland Noord
Nederland
MRA
0 25 50 75 100 125
Bron: CBS, LISA
De sterke oriëntatie op Amsterdam blijkt uit figuur 13. Elke pijl op de kaart geeft het percentage van de werkenden uit de herkomstgemeente weer dat in een andere gemeente werkt. De dikte van de pijl staat voor het percentage, met een minimum van 15 procent. Hoewel de meeste pijlen zijn gericht op Amsterdam, zien we ook een aantal andere werkcentra. In Noord-Holland Noord zijn dat Den Helder, Hoorn en Alkmaar. Daarbuiten betreft het Haarlem en Schiphol. De steden in Noord-Holland Noord trekken werknemers aan uit de omgeving, terwijl veel werknemers uit die steden zelf in Amsterdam werken.
Figuur 13: Sterke oriëntatie op Amsterdam
Bron: CBS
Pagina 26/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Qua economische structuur wijkt Noord-Holland Noord op meerdere punten af van de rest van Nederland. De regio huisvest relatief veel werkgelegenheid in de land- en tuinbouw, de bouw en in mindere mate de handel, de horeca, de vastgoedsector en de overheid. Dit is te zien in figuur 14. Deze toont de over- of ondervertegenwoordiging van een sector in de totale werkgelegenheid op de x-as, de werkgelegenheidsgroei van de sector in de afgelopen 25 jaar op de y-as en de omvang van de werkgelegenheid als de bolgrootte. Ter illustratie: het aandeel van de agrarische sector in de werkgelegenheid van Noord-Holland Noord is 1,8 keer zo groot als het aandeel van die sector in Nederland als geheel. Het aantal banen in de sector is sinds 1996 gedaald met 21 procent.
Figuur 14: De werkgelegenheidsstructuur en -groei van Noord-Holland Noord 200 Informatie en communicatie Werkgelegenheidsgroei 1996-2021 (%)
150 Cultuur, sport en recreatie Overige diensten Zorg 100 Advies en onderzoek Horeca
Ov. zak. diensten Vastgoed 50 Watermanagement Bouw Vervoer en opslag Financiële diensten Handel 0 Industrie Overheid Agrarische sector Onderwijs -50
-100 0,4 0,6 0,8 1,0 1,2 1,4 1,6 1,8 2,0 Ondervertegenwoordiging <-- --> Oververtegenwoordiging
Bron: LISA
Splitsen we de sectoren in figuur 14 verder uit, dan valt op dat een aantal branches bijzonder sterk zijn oververtegenwoordigd in het totale aantal bedrijven in Noord-Holland Noord (zie figuur 15). Dit zijn vooral branches binnen de agrarische sector, de toeristische sector, de bouw en de industrie.
Figuur 15: Tien (sterk) oververtegenwoordigde branches Locatiequotiënt, >1 betekent een oververtegenwoordiging 8 7 6 5 4 3 2 1 0
Bron: CBS
Pagina 27/30
Noord-Holland als tuin van innovatie – Vijf opgaven voor een toekomstbestendige economie
Economische dynamiek, werk en inkomen zijn belangrijk, maar beslist niet het enige wat telt voor mensen. Wat mensen van waarde vinden, gaat veel verder dan materiële welvaart. Om het leven te leiden zoals we dat willen, zijn ook aspecten als gezondheid, veiligheid, sociale contacten, persoonlijke ontwikkeling en huisvesting nodig. Dit zijn vijf van de elf dimensies van brede welvaart (zie figuur 16), een betere maatstaf voor welvaart die niet altijd eenvoudig is uit te drukken in geld.
Figuur 16: De elf dimensies van brede welvaart
Bron: RaboResearch, Universiteit Utrecht
De gemiddelde brede welvaart zoals we die in 2021 hebben gemeten met de Brede Welvaartsindicator is in Noord-Holland Noord hoger dan gemiddeld in Nederland (zie figuur 17)2. Dit geldt voor veel regio’s die rondom Groot-Amsterdam liggen. Zij profiteren van de banen die daar beschikbaar zijn, maar ondervinden niet de hinder van de drukte.