Concept verslag raadsvergadering d.d. 21 mei 2026
Tekst van het document
Conceptverslag Openbare raadsvergadering van donderdag 21 mei 2026 om 19.30 uur Voorzitter: mevrouw A.M.C.G. Schouten Griffier: mevrouw V.H. Hornstra Aanwezig zijn de raadsleden: Mw. T.B. Berkhout (GL/PvdA), mw. J.C.L.L. Bijl (BAS), dhr. B. Bilbal (BAS), dhr. M. de Boer (GL/PvdA), mw. M.N. Bolte (LA), dhr. E. Bromlewe (GL/PvdA), dhr. A.C.C. Bronts (FVD), mw. P.M. Doets (D66), dhr. A.J. Epskamp (SPA), dhr. J.E. van Gorp (GL/PvdA), dhr. J.C. Hagens (LA), dhr. J. Hoekzema (OPA), dhr. G.M. van Iterson Scholten (GL/PvdA), mw. J.G.H.M. Jellema (BAS), mw. A.M.PA. de Jong-Koopman (D66), dhr. F.H.J. Jonk (CDA), mw. M.A. Kardinaal (GL/PvdA), dhr. V.H. Kloos (OPA), dhr. T.A.P. van Kralingen (OPA), dhr. C.D. Peetoom (VVD), dhr. T.C.B. Peetoom (FVD), dhr. K. Pinar (PvdD), dhr. G.W.J. Postma (BAS), mw. J. Pronk (GL/PvdA), dhr. L.A.J. Ruiter (BAS), mw. B. Schoonewil (VVD), dhr. T.C. Schotten (CDA), dhr. R. Seignette (GL/PvdA), dhr. S.H. Smit (D66), mw. S. Spek (CDA), mw. H.E.L. Veenhuijsen (GL/PvdA), dhr. J. van Velzen (VVD), mw. T. Vermeulen (OPA), dhr. M.E.R. Wiegman (VVD), dhr. R.E. Wijdoogen (SP), dhr. J.C. Wittebrood (FVD), dhr. C. Wouters (GL/PvdA) en dhr. D. Zwierenberg (SQ) Wethouders: dhr. R.G. te Beest, dhr. J. Hoekzema, C.D. Peetoom, dhr. L.A.J. Ruiter. Afwezig zijn: dhr. C.C. Schouten (D66) Later mw. M.A. Kardinaal (GL/PvdA) – 19.44 uur ( vanaf agendapunt 7) dhr. R.E.
Wijdoogen (SP) – 19.34 uur (vanaf agendapunt 4) 1 Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen van harte welkom. De voorzitter noemt het bericht van verhindering en de raadsleden die later komen. 2 Vaststelling agenda o Er hebben zich geen insprekers aangemeld (agendapunt 5). o Er zijn vier onderwerpen ingediend voor de rondvraag (agendapunt 9). o Er is een tweeminutendebat aangevraagd (agendapunt 13) o Er is een motie vreemd aan de orde van de agenda ingediend (agendapunt 14). De agenda is vastgesteld. BENOEMINGEN Het stembureau bestaat uit: dhr. (Tom) Peetoom, dhr. Pinar en mw. Spek. 3 Raadsvoorstel ontslag commissielid Voorgesteld besluit Met ingang van 21 mei 2026 ontslag te verlenen aan: dhr. M.A. Schuijt namens de fractie FVD. De gemeenteraad stemt in met het ontslag van de heer Schuijt. 4 Raadsvoorstel benoeming lid referendumcommissie Voorgesteld besluit 1. Mevrouw F. de Lange met terugwerkende kracht tot 11 december 2025 ontslag te verlenen als lid van de referendumcommissie Alkmaar; 2. De heer W. Wijnker met ingang van heden te benoemen als lid van de referendumcommissie Alkmaar voor een periode van 6 jaar. Er vindt schriftelijke stemming plaats over de benoeming van de heer Wijnker. Er zijn 37 raadsleden aanwezig. De vergadering wordt voor enkele minuten geschorst zodat het stembureau de stemmen kan tellen.
90
Mevrouw Spek, voorzitter van het stembureau, zegt dat het stembureau heeft geconstateerd dat het aantal ingeleverde stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat verplicht is om een stembriefje in te leveren. Alle stembriefjes zijn behoorlijk ingevuld. 34 raadsleden hebben voor de benoeming van de heer Wijnker gestemd en 3 raadsleden hebben tegen de benoeming gestemd. De voorzitter constateert dat de heer Wijnker benoemd is tot lid van de referendumcommissie. Ze feliciteert de heer Wijnker met zijn benoeming. De leden van de referendumcommissie worden bedankt voor al het werk om in de vacature te kunnen voorzien. 5 Spreekrecht publiek Er hebben zich geen insprekers aangemeld. 6 Vaststellen verslag van de raadsvergadering d.d. 16 april 2026 Het verslag is ongewijzigd vastgesteld. 7 Voorstel tot afdoening lijst van ingekomen stukken Deze lijst is vastgesteld. 8 Aangenomen nog openstaande moties Deze lijst is vastgesteld. Burgemeester Schouten draagt het voorzitterschap over aan de heer Seignette zodat zij als portefeuillehouder de, bij de rondvraag gestelde, vragen kan beantwoorden. 9 Rondvraag Burgemeester Schouten beantwoordt de schriftelijke vragen van de fractie van BAS. 1 Hoe kijkt het college terug op Koningsnacht en Koningsdag in Alkmaar en dan met name op de drukte en spreiding van bezoekers? Het college kijkt positief terug op Koningsnacht en Koningsdag in Alkmaar.
Het was druk in de stad, maar de drukte is over het geheel genomen beheersbaar gebleven en de festiviteiten zijn zonder grote incidenten verlopen. Er is tijdens de dagen actief ingezet op spreiding van bezoekers, onder andere door het gebruik van LED-schermen waarop bezoekersstromen en alternatieve locaties werden aangegeven. 2 Is het college bereid om het Waagplein en de Kanaalkade volgend jaar weer in te zetten als feest- en evenementenlocatie? Het college staat open voor initiatieven voor Koningsnacht en -dag op verschillende locaties waaronder ook het Waagplein en de Kanaalkade. Daarbij geldt dat de gemeente geen organisator is van evenementen en geenlocaties aanwijst. Ondernemers zijn zelf verantwoordelijk voor het vormen van plannen en de keuze van een locatie, binnen de geldende wet- en regelgeving. Het college is bereid hierover tijdig met initiatiefnemers in gesprek te gaan. 3 Welke andere mogelijkheden ziet het college om bezoekers in de toekomst beter over de stad te verspreiden? Dit hangt samen met het aantal en het type activiteiten dat in de stad plaatsvindt, waaronder de populariteit van de programmering en de variatie in het muziek- en activiteitenaanbod. De gemeente is daarbij geen organisator van evenementen, maar zet zich vanuit haar faciliterende rol in om bezoekers waar nodig te spreiden en te attenderen op alternatieve plekken in de stad.
4 Is het college bereid hier vroegtijdig over in gesprek te gaan met horecaondernemers, om te vragen wat bij toekomstige Koningsdagen nog beter kan? Zoals ieder jaar vindt er na afloop van Koningsnacht en Koningsdag een evaluatie plaats. Ook dit jaar worden ervaringen van betrokken partijen besproken. De uitkomsten van deze evaluatie benut het college om verbeterpunten te signaleren en waar mogelijk door te voeren in de voorbereiding van volgende edities. Vroegtijdige afstemming met betrokken partijen blijft daarbij een belangrijk aandachtspunt.
91
5 Is het college bereid meer werk te maken van toiletten bij de pleinen die publiek toegankelijk zijn, met name voor vrouwen die soms zeer lang moesten wachten? Het college erkent het belang van voldoende en toegankelijke sanitaire voorzieningen tijdens drukbezochte evenementen. Indien uit de evaluatie blijkt dat het aantal toiletten op bepaalde locaties onvoldoende was, worden waar mogelijk extra toiletten bijgeplaatst bij toekomstige edities. 6 Is het college bereid te onderzoeken of de Koning deze bestuursperiode Koningsdag in Alkmaar wil vieren? Het college begrijpt de wens om te verkennen of Alkmaar de Koning en zijn familie deze bestuursperiode kan uitnodigen om Koningsdag in Alkmaar te vieren. Daarbij is het van belang te benadrukken dat Koningsdag met koninklijk bezoek een landelijk vastgesteld proces kent, waarin gemeenten zich niet rechtstreeks kunnen aanmelden en waarin de uiteindelijke besluitvorming op rijksniveau plaatsvindt. De rol van de gemeente is daarbij beperkt. De interesse moet kenbaar gemaakt worden via de Commissaris van de Koning. Uiteindelijk worden onder meer provinciale spreiding, organisatiekracht en financiële en veiligheidsaspecten meegewogen. Daarbij weegt mee dat de gemeente in het verleden de koning op Koningsdag al heeft ontvangen in De Rijp en dat de selectie onderdeel is van een bredere landelijke afweging.
Het college schat de kans daarom ook klein in en richt de aandacht dan ook liever op de verkenning, eventuele voorbereiding en hopelijk de uiteindelijke viering van het jubileum 775 jaar stadsrechten in 2029. Mevrouw Bijl (BAS) wijst erop dat de platte stenenbrug op een gegeven moment werd afgesloten wegens de drukte. En de Kanaalkade is dit jaar afgewezen wegens de werkzaamheden aan de rotonde. De vraag is of het college daarvan op de hoogte is. Burgemeester Schouten is ervan op de hoogte dat de platte stenenbrug korte tijd afgesloten is geweest en dat kan altijd gebeuren. Crowd-management heeft voldoende geholpen. Het is de burgemeester niet bekend dat de Kanaalkade zou zijn afgewezen wegens werkzaamheden. Er is geen aanvraag ingediend voor de Kanaalkade. De heer Kloos (OPA) en mevrouw Bijl (BAS de onderstaande raadsvragen gesteld over ‘Tandem Schouten en Schouten handelt niet vanuit Alkmaars perspectief’. 1 In de tijdlijn van de heer Schouten wordt gesproken over het memo d.d. 24 december 2025 dat alleen aan het tandem Schouten is gestuurd. In dit memo wordt exact gesproken over aantallen. Is het memo van 24 december besproken in college en wat was de uitkomst van dit beraad? 2 Heeft de burgemeester in haar coördinerende rol dit bespreekbaar gemaakt in het college? Zo nee, waarom niet.
3 Wat is de reden dat de burgemeester in haar coördinerende rol er niet voor heeft gekozen de raad te informeren? Burgemeester Schouten antwoordt dat de memo van 24 december 2025 niet is besproken in het college. De burgemeester heeft de brief destijds beoordeeld als algemene landelijke informatie zonder directe gevolgen voor Alkmaar. Er is ruimschoots aandacht aan dit onderwerp besteed in de media en de burgemeester heeft besloten dat de betreffende brief er weinig aan toevoegde. Met de kennis van nu geeft de burgemeester toe dat het geen verstandige handelswijze geweest is. Aan de wethouder is gevraagd het naar het college te brengen, en dit had gevraagd moeten blijven worden dit alsnog te doen. Vooral omdat er geen enkele reden was om de informatie niet te delen. Dat had veel vragen op dit moment gescheeld, bij de reflectie van vraag 8 wordt hier verder op ingegaan. In deze vraagstelling leest de burgemeester ook het vermoeden dat de coördinerende rol van de burgemeester kan leiden tot een eigen rapportagelijn richting college of raad als het gaat om informatie vanuit de portefeuille van een wethouder. Dat is niet het geval. Informatie naar de raad gaat altijd via de portefeuillehouder of via het college naar de raad. Collegeleden zijn gelijkwaardig aan elkaar en dat geldt ook voor de burgemeester.
De coördinerende rol van de burgemeester vraagt vooral afstemming tussen de onderlinge portefeuilles en dat heeft burgemeester Schouten, naar haar mening, ook steeds gedaan. 4 Op 3 maart heeft COA het college gebeld, eerst mevrouw Schouten en toen de heer Schouten. Wat is de reden dat de burgemeester in haar coördinerende rol er niet voor heeft gekozen de raad te informeren? Heeft de burgemeester dit wel voorgesteld in het college om de informatie te verstrekken?
92
Er is op 2 maart 2026, vanuit het COA een appje gestuurd naar de burgemeester met verzoek om contact. Het appje is door de burgemeester beantwoord met een doorverwijzing naar de portefeuillehouder. Er is toen en later geen telefonisch contact geweest tussen het COA en de burgemeester. Tijdens de collegevergadering van 3 maart heeft de burgemeester vragen gesteld aan de betrokken wethouder over het contact dat hij heeft gehad met het COA en vooral de betekenis ervan. De wethouder heeft teruggekoppeld dat verdere bespreking nog niet nodig was. Later in de week koppelt de voormalig wethouder terug aan de burgemeester dat er mogelijk iets zou kunnen gebeuren, maar dat dit helemaal nog niet zeker is. Die informatie zou de wethouder de volgende keer in het college delen en dat is ook gebeurd. Er is dus op 3 maart en op 10 maart is het onderwerp heel summier met het college over de, naar nu blijkt niet de juiste, informatie gesproken (zie de tijdlijn). Inleiding vraag 5 en 6: Op 3 maart wordt er door het COA bevestigd dat zij gebruik gaan maken van hotel Alkmaar. Er is in de diverse gesprekken gesproken dat dit gevoelig ligt in Alkmaar, zeker rond verkiezingen zo lezen wij uit de stukken. Wij hebben stellig de indruk dat het tandem ervoor heeft gekozen het de verkiezingen over te tillen. Beide bestuurders zouden daarmee verkiezingen en campagne hebben willen beïnvloeden.
5 Op welke wijze heeft u het thema verkiezingen besproken met het COA? Heeft u aan het COA verzocht het officiële bericht pas op de dag van de verkiezingen aan u te versturen? Zo nee, kunt u dat aantonen? 6. Kunt u met een goede onderbouwing aantonen dat u niet heeft gepoogd de verkiezingen te beïnvloeden? Burgemeester Schouten heeft in de afgelopen bestuursperiode, geen rechtstreeks contact of informatielijn met het COA gehad. Rechtstreekse afstemming of overleg met de ambtelijke organisatie over realisatie van opvanglocaties was en is er vanuit de burgemeester niet. Dat gaat via de betrokken wethouder. Er is alleen contact met de ambtenaren van ASON wanneer er op een van de locaties veiligheidskwesties zijn. De wethouder heeft in zijn eigen verklaring hier iets over gezegd. De burgemeester heeft het COA niet gesproken, en er is op geen enkele wijze hierop gestuurd. 7 Uit de stukken blijkt dat er heel lang is gestoeid over de formulering van de RIB waarin staat dat het college overvallen is door het COA. OPA en BAS vinden dit niet geloofwaardig. U bent bestuurlijk al veel langer op de hoogte, het COA informeert altijd tijdig. Heeft het excuus van voormalig wethouder Schouten ook betrekking op de RIB over het hotel? De formulering in de RIB van 20 maart 2026, waarin staat dat het college overvallen is door het besluit van het COA, is achteraf gezien onjuist.
Deze brief heeft het college later ook gecorrigeerd in de gecorrigeerde tijdlijn van 13 mei jl. Het college heeft destijds gehandeld op basis van de informatie die toen beschikbaar was, maar inmiddels is het voor het college duidelijk dat het beeld niet volledig was. De reikwijdte van de excuses van voormalig wethouder Schouten, zoals verwoord in de raadsinformatiebrief ‘Persoonlijke reflectie op proces opvang statushouders in hotel Alkmaar’ van 8 mei, kan het college niet namens hem duiden. 8 Kan de burgemeester reflecteren op haar rol in dit dossier, zowel in het college als richting de raad? Ten eerste mag helder zijn dat als het college en de burgemeester de informatie had die nu bekend is, de burgemeester, het college, anders had gehandeld. Met name het inzicht in de ambtelijke correspondentie die donderdagavond laat op 7 mei met het college werd gedeeld heeft veel nieuwe informatie gegeven. Vooraf is het goed om te benoemen dat burgemeester en wethouders gelijkwaardige leden van het dagelijks bestuur zijn. De burgemeester is voorzitter van een collegiaal orgaan. Wat betekent dat er een gezamenlijke verantwoordelijkheid is voor het bestuur. Een portefeuillehouder is politiek verantwoordelijk voor een specifiek beleidsterrein. De burgemeester heeft ook zijn/haar eigen portefeuilles en coördineert daarnaast de samenhang tussen de verschillende beleidsterreinen.
De gemeenteraad heeft de wethouders aangesteld en heeft een rechtstreekse verantwoordingslijn met elk van de leden van het college, daar komt de burgemeester niet tussen. Er zijn door de burgemeester, vanuit haar coördinerende verantwoordelijkheid binnen het college, diverse interventies gedaan zoals vragen stellen en informatie delen. Daarbij moet burgemeester Schouten constateren dat zij antwoorden heeft gekregen die passen bij de inschatting van de voormalig wethouder, maar die niet passen bij het informatiebeeld dat in de gecorrigeerde tijdlijn geschetst is. En dat stelt de burgemeester voor een dilemma. In collegiaal bestuur gaat men uit van gelijkwaardige samenwerking en goede informatie uitwisseling. Het past een burgemeester dan ook niet op voorhand vraagtekens te plaatsen bij de informatievoorziening van een portefeuillehouder. En met de informatie die de burgemeester toen had, was er ook geen reden om er vraagtekens bij te 93
zetten. Uit de tijdlijn valt ook op te maken dat er binnen de ambtelijke organisatie een ander beeld van de status van de plannen van het COA was dan de voormalig wethouder met het college deelde. Verschil van inzicht tussen een portefeuillehouder en de ambtelijke organisatie komt vaker voor. Immers: de portefeuillehouder moet politiek en bestuurlijk een eigen koers kunnen maken. Daarbij kan er sprake zijn van een ander pad dan ambtelijk geadviseerd wordt. Maar als dat verschil in deze situatie helder was geworden, dan had het wellicht tot aanvullende vragen aan de wethouder kunnen leiden. Tenslotte: op vrijdag 8 mei is er frequent en intensief overleg geweest met het gehele college over de stukken die de avond ervoor gedeeld zijn. Daarbij heeft het college ernaar gestreefd vrijdagavond de raad te informeren en dat is ook gebeurd. In het weekend hebben meerdere collegeleden de stukken nogmaals doorgelopen, dat geldt ook voor de burgemeester. Daarbij vond zij een appje van de voormalig wethouder van 3 maart jl., aan haar gericht, dat niet in de set opgenomen was. De burgemeester heeft het direct aan de toenmalig wethouder en de gemeentesecretaris gemeld zodat het alsnog in de set opgenomen kon worden. Dit alles gezegd hebbende, de reflectie waarnaar u gevraagd heeft: er is geen onderwerp politiek zo gevoelig geweest de afgelopen jaren als de opvang van vluchtelingen.
De aankondiging van de komst van nareizigers naar Hotel Alkmaar had men gewoonweg beter moeten doen met elkaar. Op basis van de informatie die nu bekend is was het passend geweest als het college de raad kort na 3 maart geïnformeerd had over de aankondiging van het COA om ergens in de maand maart nareizigers onder te brengen. Dat is niet gebeurd en dat trekt de burgemeester als voorzitter en als burgemeester, en het gehele college zich aan, ondanks het feit dat de informatie op dat moment niet compleet en volledig was. Toen op de vroege ochtend van vrijdag 8 mei helder werd dat de informatievoorziening naar de raad onvolledig was, heeft het college zich maximaal ingespannen om de raad alsnog te informeren. Dat leidde tot de reflectie van de voormalig wethouder en de tijdlijn die vrijdagavond naar de raad gestuurd is. Toen tijdens de extra collegevergadering op maandagmorgen bleek dat de tijdlijn aangevuld moest worden en de wethouder aankondigde zijn ontslag aan te bieden aan de raad, heeft het college opnieuw de raad geïnformeerd met een brief en een gecorrigeerde tijdlijn. Kortom: het college heeft steeds kort nadat zij zelf over nieuwe informatie beschikte de raad hierover geïnformeerd. Echter, de burgemeester en het college realiseren zich dat dit reactief was.
Het is ontzettend belangrijk in dit dossier, u stelt dat terecht, dat dit wordt opgebouwd naar proactief informeren van de raad. Het college heeft daarom met de huidige wethouder asiel de afspraak gemaakt om vanaf nu iedere week in de collegevergadering de opvang van vluchtelingen als apart agendapunt te bespreken. Daar zullen alle brieven van het CO, relevante brieven van anderen en alle relevatie informatie over dit onderwerp gedeeld worden, zodat daar in gezamenlijkheid de afweging gemaakt kan worden welke informatie met de raad gedeeld zal worden. De verordening actieve informatieplicht zal daarbij de leidraad zijn. Op deze manier vult het college haar gezamenlijke verantwoordelijkheid in, en is iedereen ook steeds volledig geïnformeerd. Tevens heeft de burgemeester de gemeentesecretaris gevraagd op welke manier signalen uit de ambtelijke organisatie bij hem terecht komen wanneer ambtelijke adviezen en bestuurlijk handelen (te) ver uit elkaar lopen. Dat is in deze situatie niet gebeurd. Dit vraagt om het verder ontwikkelen van een volwassen ambtelijke escalatielijn. En wanneer er een melding op gemaakt wordt, vraagt het zorgvuldig handelen. Primair naar de betrokken wethouder, maar indien nodig ook naar de burgemeester om dit vanuit de coördinerende rol met en in het college bespreekbaar te maken. De gemeentesecretaris werkt deze manier van werken verder uit.
De heer Kloos (OPA) zegt dat OPA en BAS, de zojuist gekregen antwoorden, op zich in zal laten werken. OPA en BAS hebben nog een aantal vragen over de brief van 12 mei jl. Het enige wat OPA en BAS doen, is verantwoording vragen. De conclusie van OPA en BAS is dat er maar één kop gerold is, en dat is de kop van de gemeenteraad. Zonder wezenlijke informatie kan de raad (de democratie) haar werk niet doen. De vraag is; is de brief van 12 mei jl. geschreven namens het volledige college van B&W, dus ook namens de wethouders van BAS, VVD, OPA en CDA? Voormalig wethouder Schouten heeft op 3 maart jl. een app gestuurd aan de burgemeester met een duidelijke vraag. De vraag is hoe de burgemeester op dit appje heeft gereageerd. Is de burgemeester in gesprek gegaan en zijn er op dat moment geen alarmbellen gaan rinkelen? OPA is van mening dat er uit de beantwoording door de burgemeester een laissez-faire houding spreekt. Echter, burgemeester Schouten is in heel veel mails wel meegenomen. OPA vraagt nogmaals waarom de burgemeester er niet op aangedrongen heeft om de raad beter te informeren terwijl de burgemeester getuigen is geweest van de val van twee colleges over het onderwerp ‘asiel’. De raad wordt normaliter fantastisch geïnformeerd door de burgemeester. OPA leest in de stukken dat er tot 94
10 maart jl. ambtelijke voorbereidingen zijn getroffen over samenstelling doelgroep en omgevingscommunicatie. De vraag is waarom er nooit voorbereiding is geweest om de raad te informeren. Het is algemeen bekend dat de gemeenteraad participatie heel wezenlijk vindt. Waarom is er geen participatie geweest? OPA heeft gevraagd hoeveel ambtenaren zich bezig hebben gehouden met dit dossier. Er zijn 12 ambtenaren actief mee bezig geweest maar in totaal waren er 25 ambtenaren mee bezig, nog ver voor de verkiezingen op 18 maart jl. Het is voor een raadslid, en ook voor de inwoners, heel moeilijk te begrijpen dat het college het niet geweten heeft. OPA en BAS vinden het onaanvaardbaar. Burgemeester Schouten antwoordt dat de brief van 12 mei jl. door het gehele college is geschreven. De burgemeester heeft op 3 maart een appje ontvangen van de wethouder. Circa 2 tot 3 uur later, tijdens de rondvraag van het collegeoverleg op 3 maart, heeft de burgemeester aan de voormalig wethouder gevraagd of hij iets kon zeggen over het appje dat hij een paar uur eerder aan de burgemeester had gestuurd. De voormalig wethouder heeft toen gezegd dat het op dat moment niet opportuun was en dat hij er later bij de burgemeester op terug zou komen. Later in die week heeft de voormalig wethouder aan de burgemeester verteld dat er een kans bestond dat het COA met een verzoek zou komen voor nareizigers.
Op dat moment is afgesproken dat de voormalig wethouder deze informatie zou inbrengen in het collegeoverleg van 10 maart 2026 en dat heeft hij ook gedaan. Er is dus 2 keer navraag gedaan over het appje aan de wethouder; 1 keer bij de rondvraag van de collegevergadering op 3 maart, en later nogmaals. Hierop is de wethouder op 10 maart teruggekomen tijdens de collegevergadering. Het lastige is dat de de inschatting die op 10 maart door de voormalig wethouder met het college is gedeeld is heel anders dan gebleken is uit de informatie die op 7 mei is gedeeld. Dat maakt dat er op 10 maart er geen aanleiding was voor het college om heel erg door te vragen. De afspraak was dat er meer informatie zou komen als er meer informatie was. OPA heeft gevraagd waarom de burgemeester op 10 maart de voorbereiding voor de participatie niet is gestart. De burgemeester heeft de tijdlijn ook pas op 11 mei jl. voor het eerst gezien. De burgemeester wist niet dat de voorbereidende groep, die een speciale opdracht had, aan de slag was gegaan. De burgemeester was er niet van op de hoogte dat er voorbereidingen gestart waren, en heeft hierop daarom niet kunnen ingrijpen. De burgemeester begrijpt dat OPA en BAS het moeilijk te begrijpen vinden dat het college niet wist dat er 25 ambtenaren aan het werk waren op dit dossier. Dit is ook de vraag van de burgemeester en het college.
De burgemeester schrikt van het aantal van 25 ambtenaren -dit aantal was haar nog niet bekend-, die met de voorbereiding bezig waren. Er was dus informatie ontvangen, maar met een heel andere zwaarte en heel andere voorspelling over wat er daarna zou komen dan wat vanaf 8 mei bekend werd en concreet beschikbaar was. De heer Kloos (OPA) blijft van mening dat de raad niet goed is geïnformeerd over dit onderwerp. De vraag aan burgemeester Schouten is of zij bereid is om excuses aan te bieden aan de gemeenteraad voor haar handelwijze in dit dossier. Burgemeester Schouten benadrukt dat het college, in de tijdlijn van 12 mei jl., met de raad constateert dat de informatievoorziening niet goed geweest is. De erkenning ligt er en deze heeft raad ook op papier gekregen. Burgemeester Schouten geeft OPA en BAS volledig gelijk dat de raad helaas niet voldoende is geïnformeerd. Excuses aan de raad zijn aan de orde wanneer je daadwerkelijk en bewust gehandeld hebt met opzet om de raad niet volledig te informeren, en daar is geen sprake van. Het erkennen en herstellen van het verzuim vindt de burgemeester enorm belangrijk maar ze kan op dit moment geen excuses maken. Ze kan wel beloven dat ze, nog meer dan anders, op de manier blijft communiceren zoals de raad van haar gewend is. De heer Wittebrood (FVD) merkt op dat FVD op 10 april jl. antwoord heeft gekregen op artikel 42vragen.
Er is toen gevraagd of er iets bekend was tussen hotel, COA en gemeente. Het college heeft er toen ontkennend op geantwoord. Uit het appje wist de burgemeester toch dat er voor die tijd communicatie was. Waarom heeft de burgemeester niet aan de bel getrokken toen de vragen van FVD werden beantwoord. Burgemeester Schouten antwoordt dat het college in de brief heeft geschreven dat FVD verkeerd is geïnformeerd bij de beantwoording van de artikel 42-vragen op 10 april jl. Ze begrijpt de vraag van FVD maar de burgemeester krijgt enorm veel appjes, ze heeft haar appgeschiedenis er pas bij gepakt toen de aanvullende vragen kwamen over de totale communicatielijn. De burgemeester had wel in gedachten dat het college er op 3 en 10 maart over had gesproken maar die informatie was niet volledig. 95
Op verzoek van OPA wordt de vergadering geschorst tot 20.30 uur. De heer Kloos (OPA) zegt dat OPA en BAS zeer teleurgesteld zijn dat de burgemeester niet bereid is om excuses aan te bieden. OPA en BAS zijn van mening dat de schuld wel erg op het bordje van wethouder Schouten wordt neergelegd. Dat gaat deze fracties te ver. OPA en BAS halen uit de stukken dat er bewust voor gekozen is om de informatievoorziening over de verkiezingen heen te tillen. OPA en BAS zullen verdere stappen gaan ondernemen de komende tijd. De heer Zwierenberg (SQ) stelt een rondvraag over het recente fietsongeluk. SQ spreekt medeleven uit richting het getroffen gezin. Het is een verschrikkelijk ongeluk en SQ wenst het gezin veel sterkte. SQ heeft de RIB gelezen en is blij dat er snel is gereageerd en dat er onderzoek wordt gedaan hoe het paaltje, per abuis, is teruggeplaatst. SQ stelt de volgende vragen; 1) Waarom heeft de gemeente, na jaren paaltjesbeleid, nog steeds advies nodig van de fietsersbond. 2) Wat is de concrete planning om alle gevaarlijke paaltjes te verwijderen. 3) Kan de wethouder garanderen dat er op dit moment niet nog meer paaltjes staan die per abuis zijn teruggeplaatst? En zo nee, wanneer is de controle afgerond? Wethouder Peetoom, spreekt, namens het college, eveneens medeleven uit en de hoop dat het goed komt. Er wordt goed samengewerkt tussen de gemeente en de fietsersbond.
Gezamenlijk wordt gekeken waar het wel of niet wenselijk is om paaltjes weg te halen. De wethouder kan niet garanderen dat er niet meer paaltjes zijn die niet goed zijn al houdt hij het wel scherp in de gaten. Een menselijke fout is niet altijd uit te sluiten. De wethouder weet niet wanneer alle overbodige paaltjes weggehaald zijn en zegt toe de raad erover te informeren via een memo. De heer Zwierenberg vraagt of de gemeente inzicht heeft in alle paaltjes en de locaties waar paaltjes staan? Kan de raad er voor 100% vanuit gaan dat de informatie van de Fietsersbond klopt? SQ heeft begrepen dat de gemeente geen eigen register heeft. Wethouder Peetoom antwoordt dat de gemeente inderdaad geen eigen register heeft maar heeft wel inzage waar, wat staat. Er is gestart met de paaltjes die het meest onnodig zijn. Wellicht kan er in de toekomst nog een keer naar gekeken worden. De heer Seignette draagt het voorzitterschap weer over aan burgemeester Schouten. HAMERSTUKKEN 10 Raadsvoorstel Besluit op bezwaar gemeentelijk voorkeursrecht ‘bedrijventerrein Overdie’ Zonder stemming is er conform besloten over het raadsvoorstel. 11 Raadsvoorstel Gedeeltelijke intrekking gemeentelijk voorkeursrecht ‘bedrijventerrein Overdie’ Zonder stemming is er conform besloten over het raadsvoorstel.
12 Raadsvoorstel Meerjaren Prognose Grondexploitaties 2026 Zonder stemming is er conform besloten over het raadsvoorstel. TWEEMINUTENDEBAT 13 Tweeminutendebat De fracties van PvdD en VVD hebben het tweeminutendebat aangevraagd over het onderwerp ‘berichtgeving en actuele ontwikkeling rondom een commissielid van FVD’. De heer Pinar (PvdD) memoreert dat op 1 april jl. nieuwe commissieleden zijn geïnstalleerd nadat ze de eed of de belofte hebben afgelegd waarin ze hebben gezworen of beloofd dat ze trouw zouden zijn aan de grondwet. In artikel 1 van de grondwet wordt gesproken over het gelijkheidsbeginsel en het verbod op discriminatie. Een van de commissieleden heeft, na het afleggen van de eed, op zijn social media kanaal uiting gegeven aan zijn extreemrechtse racistische gedachtengoed. De fractievoorzitter van FVD heeft gisteravond alle fractievoorzitters via een mail geïnformeerd over het feit dat het commissielid ontslag indient en dat het een juiste beslissing is. Helaas is er geen geruststelling aan toegevoegd dat een dergelijke situatie zich niet gaat herhalen en er is geen afstand genomen van de uitspraken van het betreffende commissielid. De PvdD vindt het volstrekt onvoldoende en onacceptabel. Dit voorval mag niet ‘onder het tapijt geveegd worden’. De politieke speelruimte is gekaderd door de grondwet. Er zijn grenzen en in dit geval is de grens ruim overschreden.
Delen de 96
overige fracties de mening dat FVD veel duidelijker afstand moet nemen van het extreemrechts racistisch gedachtengoed. De PvdD wil de fractievoorzitter van FVD de gelegenheid geven om tijdens deze vergadering excuses aan te bieden. De heer Wiegman (VVD) zegt dat het niet vaak voorkomt dat hij boos wordt op iets dat politiek gerelateerd is. Er wordt in de raad regelmatig gedebatteerd over gevoelige onderwerpen, waarbij het er soms hard aan toe kan gaan, maar wel met respect voor elkaar. De VVD trekt de grens waar het gaat om racisme en discriminatie. Eerder deze week werd er een filmpje getoond op de social media waarbij een voormalig commissielid van FVD, een Whitepower teken toonde. Het filmpje liet niets aan de verbeelding over. In reactie van de FVD in de krant werd aangegeven dat het hier om een ‘perfect gebaar’ zou gaan. Het zou vooral onhandig zijn. Niets is minder waar. Hetzelfde commissielid toonde eerder een filmpje op TikTok met de walgelijke tekst ‘Europe will be white again, no StreSS’. En dit commissielid had een Prinsenvlag bovenaan zijn LinkedInprofiel staan. Deze uitingen hebben de heer Wiegman persoonlijk geraakt. Niet alleen hemzelf, maar ook zijn vrienden en familie. De VVD wil niet bijdragen aan de normalisatie van dit soort uitingen. Het is niet de bedoeling om een 18-jarige ‘voor de bus te gooien’.
Hij is nog jong en de heer Wiegman gaat graag een keer met hem in gesprek om te kijken hoe hij bij deze uiting is gekomen. Het gaat de heer Wiegman om het nemen van politieke verantwoordelijkheid. FVD kijkt weg en bagatelliseert overduidelijk racistische en discriminerende uitingen van iemand die aan FVD verbonden is. De VVD hoopt dat FVD bereid is om afstand te nemen van specifiek deze discriminerende en racistische uitingen van dit voormalig commissielid. De heer Van Iterson Scholten (GL/PvdA) zegt dat er in Alkmaar geen plaats is voor discriminatie, racisme of andere vormen van uitsluiting en in de Alkmaarse gemeenteraad al helemaal niet. Het is goed dat dit belangrijke signaal vanavond afgegeven wordt. Alkmaar is een gemeente van vrede, tolerantie en inclusie. Dat is Alkmaar altijd geweest en als het aan GL/PvdA ligt, dan zal Alkmaar dat altijd blijven. De opkomst van radicaal en extreem gedachtegoed, ook onder jongeren, baart de fractie grote zorgen. Er moeten grenzen gesteld worden vanuit de voorbeeldfunctie die gemeenteraadsleden hebben. Dank aan de fractie van LA die het initiatief heeft genomen om een gezamenlijke verklaring op te stellen en de fracties van PvdD en VVD die het initiatief voor het tweeminutendebat hebben genomen.
GL/PvdA is blij dat het betreffende commissielid ook zelf inziet dat hij een grens overschreden heeft en wenst hem veel wijsheid en nadere ontwikkeling in zijn denken toe. De heer Van Gorp (D66) sluit zich volmondig aan bij de scherpe veroordeling van eerdere sprekers. Het is goed dat de raad gezamenlijk erkent dat er een grens overschreden is. De heer Van Kralingen (OPA) zegt dat de signalen en beelden, die in de media naar voren zijn gekomen, niet passen bij het openbaar bestuur. OPA neemt er duidelijk afstand van. Tegelijkertijd constateert OPA dat het betreffende commissielid inmiddels is teruggetreden. Wat OPA betreft is dat de juiste stap. OPA vindt het belangrijk om onderscheid te maken tussen individuele verantwoordelijkheid en collectief veroordelen van volledige fracties of politieke stromingen. Wat OPA betreft moet vanavond vooral helder zijn dat extremistische symboliek en boodschappen geen plek hebben in de democratie en dus ook niet in deze gemeenteraad. En deze norm geldt zowel voor links als voor rechts. Mevrouw Bijl (BAS) zegt dat BAS pal achter artikel 1 van de Grondwet staat. Iedereen wordt in Nederland gelijk behandeld. Ieder vorm van discriminatie wordt door BAS afgekeurd. De heer Wittebrood (FVD) wijst erop dat het gaat om een voormalig commissielid van amper 18 jaar.
Iemand die in zijn examenweek een aantal domme dingen heeft gepost op zijn privé TikTok account. Dingen waar de fractie van FVD niet achter staat. Dit is het enige wat de heer Wittebrood erover gaat zeggen, hij gaat geen vragen beantwoorden. Het lijkt hem verstandig om door te gaan met zaken die er echt toe doen voor de Alkmaarders zoals wethouders die de raad en inwoners hebben misleid. De heer Pinar verwacht van de heer Wittebrood dat hij duidelijk afstand neemt van de uitingen van het voormalig commissielid. En kan FVD verzekeren dat het niet meer gaat gebeuren? De heer Wittebrood herhaalt dat FVD niet achter de domme dingen staat die het betreffende commissielid op zijn privéaccount heeft gepost. De heer Wiegman (VVD) verwijst naar de ontkenning van de heer Wittebrood, zowel in de mail als in de media, dat het om een Whitepower-teken gaat. En de heer Wittebrood was ook op de hoogte van de screenshots met de tekst met een verwijzing naar de SS. Waarom heeft FVD er niet voor gekozen om deze uitingen scherp te veroordelen. Het is een individuele uiting maar deze persoon was wel verbonden aan FVD. De heer Wittebrood heeft zojuist 97
gezegd dat de FVD-fractie er niet achter staat. Hij heeft niet eerder afstand genomen aangezien de raadsvergadering de vergadering is die erover gaat. De heer Jonk (CDA) zegt dat het CDA zich aansluit bij de woorden van de heer Wiegman van de VVD. De heer Hagens (LA) zegt dat dit niet meer gaat om iets wat slechts onverstandig was. Het was gewoon schandalig. Het was grensoverschrijdend en het past op geen enkele wijze bij de normen en waarden die de democratische rechtsstaat zouden moeten verdedigen. Vanaf dag 1 had er een glasheldere, ondubbelzinnige veroordeling moeten klinken. Geen ontkenning, geen relativering, geen weg kijken maar gewoon helder zeggen, dat is fout, dat accepteren wij niet. Juist dan wordt leiderschap getoond niet door te bagatelliseren of te relativeren. Het draagt bij aan het normaliseren van het extreem rechtse gedachtegoed. LA maakt zich er grote zorgen over. De geschiedenis leert wat er gebeurt als mensen te lang wegkijken, te lang zwijgen en te lang doen alsof dit soort signalen allemaal wel meevallen. LA wil dat FVD ondubbelzinnig en overtuigend afstand neemt en dat is iets anders dan dat FVD het er niet mee eens is. Alles minder is simpelweg onvoldoende. De heer Wijdoogen (SP) bedankt de sprekers Hagens, Wiegman en Pinar voor hun inbreng. De SP vindt de uitleg van de fractievoorzitter FVD onvoldoende is.
Er wordt gesproken over onhandigheid en interpretatie terwijl er sprake is van symboliek die breed herkend wordt als verbondenheid aan racisme en extreemrechts gedachtegoed. Het volstaat dan echt niet dat het anders bedoeld was. Politici dragen verantwoordelijkheid voor hoe hun uitingen overkomen. De FVD-fractie moet veel duidelijker en overtuigender afstand nemen van alle symboliek en boodschappen die geassocieerd worden met uitsluiting en racisme. Zeker in een tijd waarin de samenleving al onder druk staat door spanningen rondom asiel en huisvesting. Geen polarisatie en verdeeldheid maar verbinding. Dit is het moment voor de FVD om alle twijfel weg te nemen. Dit kan alleen door ondubbelzinnig uit te spreken dat dit soort symboliek en boodschappen niet thuis horen in de politiek. Het gaat om de norm die de gemeenteraad stelt. De heer Epskamp (SPA) zegt dat er voor discriminatie, antisemitisme, extremisme geen plaats is in Nederland. De heer Epskamp memoreert dat de broer van zijn moeder 1 van de 18 doden is uit het gedacht van Campert. Een van de leiders van de Februaristaking. SPA nodigt FVD uit om er ondubbelzinnig afstand van te nemen. De heer Zwierenberg (SQ) zegt dat het voor SQ heel duidelijk is dat er in een democratie ruimte is voor verschil van mening, voor debat en voor scherpe politieke discussies.
Er mag echter geen ruimte ontstaan voor boodschappen die groepen mensen uitsluiten. Het vertrek van een commissielid is een ingrijpende eerste stap. SQ gaat andere fracties niet voorschrijven wat men moet zeggen maar SQ merkt wel op dat inwoners verwachten dat iedere fractie in de raad helder is waar men voor staat als het gaat om dit soort gebeurtenissen. Er volgt een korte pauze. MOTIES VREEMD AAN DE ORDE VAN DE AGENDA 14 Motie vreemd - SP - Dyslexiezorg zonder schotten: Naar toegankelijke en integrale hulp De gemeenteraad van Alkmaar in vergadering bijeen op 21 mei 2026, Constaterende dat: • kinderen met dyslexie en hun ouders momenteel te maken hebben met een wirwar aan regelingen, budgetten en administratieve lasten, waarbij voor elke hulpvraag (dyslexie, faalangst door dyslexie, etc.) aparte voorzieningen en/of financieringsstromen moeten worden aangevraagd; • deze versnippering leidt tot extra werkdruk bij hulpverleners, scholen, ouders en ambtenaren, en tot onnodige stress bij kinderen; • de huidige jeugdhulpverordening strikte schotten kent tussen verschillende wetten en voorzieningen (Jeugdwet, Wet op het primair onderwijs, Wmo, Wlz), waardoor gezinnen met een complexe hulpvraag soms tussen wal en schip vallen; • de gemeente Amsterdam al werkt aan vereenvoudiging en vertrouwen met de aanbieders van aanvullende jeugdhulp met een taakgerichte lumpsumbekostiging, zodat
zij de ruimte krijgen voor hun opdracht om hun ondersteuning en hulp anders vorm te geven, innovaties in te zetten en de hulp meer collectief te organiseren. 98
Overwegende dat: • het bundelen van middelen en het bieden van één integrale voorziening voor diagnostiek en behandeling van dyslexie rust en duidelijkheid kan geven aan kinderen, ouders, scholen en hulpverleners, én de toegankelijkheid van hulp vergroot; • het wenselijk is om te leren van succesvolle voorbeelden uit andere gemeenten en te onderzoeken hoe een integrale aanpak in Alkmaar kan worden vormgegeven; • een pilot met integrale dyslexiezorg kan bijdragen aan het verminderen van administratieve lasten, het voorkomen van overbelasting bij gezinnen en professionals, en het beter benutten van beschikbare middelen. Verzoekt het college: 1. Een pilot te starten waarin voor een afgebakende groep kinderen met (een vermoeden van) dyslexie één integrale voorziening wordt ingericht, waarbij diagnostiek en behandeling zonder schotten tussen verschillende financieringsstromen worden aangeboden, maar bijvoorbeeld via een taakgerichte lumpsumfinanciering zoals in de gemeente Amsterdam. 2. De pilot te monitoren op effecten voor kinderen, ouders, professionals en gemeentelijke organisatie, en de raad hierover binnen een jaar te informeren. 3. Bij de opzet van de pilot gebruik te maken van ervaringen uit andere gemeenten met integrale loketten en domein overstijgende samenwerking. 4.
Deze motie uit te voeren in overleg met betrokkenen uit het onderwijs, de jeugdhulp en oudervertegenwoordigers. En gaat over tot de orde van de dag. Ondertekend door: R. Wijdoogen (SP)
Eerste termijn van de raad De heer Wijdoogen heeft de motie toegelicht. Mevrouw Vermeulen (OPA) vraagt wie het uiteindelijk gaat betalen. Moet de gemeente het gaan faciliteren, moeten er medewerkers voor aangenomen worden? De heer Wijdoogen antwoordt dat er wordt betaald voor het resultaat. Het gaat de SP er om dat kinderen en ouders niet steeds doorverwezen worden. Het geld wordt verdeeld onder de aanbieders. Mevrouw Vermeulen zegt dat er zes organisaties zijn die samen werken met de gemeente Alkmaar. Het wordt dus al gefaciliteerd. Zoals de heer Wijdoogen het nu verwoord, blijft het huidige systeem ongewijzigd. De heer Wijdoogen zegt dat de gemeente gewoon 1 bedrag betaalt voor het resultaat. Degene die de zorg gaat leveren krijgt een aandeel erin. Nu is er steeds een controlerende functie wat iemand, per handeling, gedaan heeft en dat maakt het onzinnig duur. Mevrouw De Jong (D66) zegt dat D66 het belang onderschrijft van het oplossen van de knelpunten maar vindt het zinniger om eerst een goede inventarisatie te maken wat er allemaal al aan hulpverlening is, vervolgens wat de oplossing voor Alkmaar is en daarna pas een pilot te starten om tot een oplossing te komen. Is de SP bereid om het dictum aan te passen? De heer Wijdoogen vraagt hoe D66 het voor zich ziet. Mevrouw De Jong zegt dat D66 eerst het onderzoek zou willen doen en dat zou kunnen resulteren in een pilot.
De heer Wijdoogen is bereid om de motie aan te passen. Mevrouw Vermeulen (OPA) vraagt of het een motie uit een andere gemeente is die de SP heeft ingediend. OPA denkt dat de SP het onderzoek niet goed gedaan heeft. De heer Wijdoogen zegt dat het geen motie is die overgenomen is uit een andere gemeente. Mevrouw Berkhout (GL/PvdA) houdt haar maidenspeech en stelt zichzelf voor. Zelf kampt mevrouw Berkhout ook met dyslexie. GL/PvdA ondersteunt de motie. De fractie is blij met de ontschotting en voorstander van laagdrempelige, collectieve voorzieningen in plaats van private, dure en ingewikkelde persoonlijke voorzieningen. Mevrouw Spek (CDA) zegt dat het CDA het een sympathieke motie vindt. Het CDA vindt het belangrijk dat er aandacht is voor dyslexie. Wel vraagt het CDA zich af of de motie, in deze vorm, uitvoerbaar is. En wat de financiële consequenties zijn. Het CDA wacht het antwoord van het college af. De heer Bilbal (BAS) zegt dat BAS de wens deelt om de bureaucratie in de dyslexiezorg te verminderen maar deze motie vraagt om een pilot die juridisch en financieel niet uitvoerbaar is. De voorgestelde integrale voorziening gaat voorbij aan de wettelijke scheiding tussen onderwijs en 99
jeugdhulp en mist een realistische onderbouwing. De situatie in Amsterdam is niet 1-op-1 toepasbaar op Alkmaar. BAS wacht de reactie van het college af maar neigt er naar om tegen de motie te stemmen. De heer Zwierenberg (SQ) is van mening dat er in Alkmaar op dit moment te ingewikkeld omgegaan wordt met kinderen die hulp nodig hebben. Ten aanzien van het financiële plaatje, er is geen of weinig geld, investeren in preventie is vaak goedkoper dan achteraf repareren. SQ denkt dat het beter is om eerst meer onderzoek te doen en met een uitgewerkt voorstel terug te komen voor de raadsvergadering. Beantwoording door het college in eerste termijn Wethouder Ruiter zegt dat het college de intentie van de motie volledig onderschrijft. Tegelijkertijd is er wel een harde scheiding in rollen en verantwoordelijkheden. De scholen zijn wettelijk verantwoordelijk voor dyslexieondersteuning en de gemeente is verantwoordelijk voor jeugdzorg. Het samenvoegen van de financiële middelen is niet uitvoerbaar. Het college is verplicht om financiële verantwoording af te leggen aan de gemeenteraad. Scholen leggen verantwoordelijkheid af aan hun eigen instantie. Er zijn brugfunctionarissen voor een betere afstemming. Deze motie is wettelijk en juridisch gezien niet uitvoerbaar. De heer Wijdoogen (SP) merkt op dat er in andere gemeenten wel op deze wijze gewerkt wordt.
Wethouder Ruiter weet niet exact hoe het Amsterdamse model eruit ziet maar er zijn ook andere vormen om toe te werken naar een betere samenwerking tussen jeugdhulp op school en dyslexiebegeleiding. Het college is er al mee bezig. De heer Wijdoogen vraagt of de wethouder den concrete suggestie heeft waardoor de motie wel uitvoerbaar wordt. Wethouder Ruiter zegt dat duidelijke rollen juist duidelijkheid geeft aan de ouders waar ze terecht kunnen. Mevrouw De Jong vraagt of de wethouder wel in gesprek wil blijven met alle ketenpartners die met dyslexie te maken hebben om de gang van zaken te versoepelen. Wethouder Ruiter zegt dat de gemeente voortdurend in gesprek is met het onderwijs en jeugdzorg en de men blijft in gesprek. Tweede termijn van de raad De heer Wijdoogen (SP) houdt de motie aan om nader onderzoek te doen en komt er later op terug. De motie wordt nu ingetrokken. 15 Sluiting De voorzitter sluit de vergadering om 21.25 uur. Was getekend, Voorzitter
Griffier
100