CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6b. Bijlagen behorende bij de toelichting deel 2

Gemeenteraad 18 september 2025, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Rhijnvis Feithlaan 150 te Alkmaar5.872 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage bij toelichting 8. Woning- en parkeerberekeningen

Woning- en Parkeerberekening (12 december 2023) VTC type 1 type 2 type 3 type 4 type 5 type 6 type 7 type 8 totaal VTC ARCADIALAAN type 1 type 2 type 3 type 4 totaal Arcadialaan TOTALEN

3k woning 2k woning 3k woning 3k woning 2k woning 2k woning 2k woning 2k woning

2k woning 2k woning 2k woning 2k woning

obv parkeernormennota gemeente Alkmaar 2020-2027 aantal GO BVO GO 12 75 86 896 1 55 65 55 14 65 75 907 20 66 75 1314 2 66 75 133 2 65 75 130 1 48 59 48 1 59 70 59 53 3543 aantal GO BVO GO 16 48 56 765 4 46 56 185 3 47 58 141 3 51 64 154 26 1246 79 st. 4788

BVO 1028 65 1050 1500 150 150 59 70 4073 BVO 899 226 174 193 1492 5565

percentages 23% 2% 26% 38% 4% 4% 2% 2% 100% percentages 62% 15% 12% 12% 100%

34% sociaal 66% middelduur 100%

m2 berekening conform parkeernota Alkmaar 2020-2027 gebied OVERIG

parkeernormen volgens parkeernota Alkmaar 2020-2027 ppl BEWONERS

0 0 12

aandeel bewoners 1,4 1,2 1,0

per woning

67

0,7

per woning

0

0,1

46,9 0,0

onderdeel

norm

eenheid

woning groot (>125 m2 BVO) woning (100 - 125 m2 BVO) woning (75 - 100 m2 BVO)

1,7 ppl 1,5 ppl 1,3 ppl

per woning per woning per woning

woning klein (45 - 75 m2 BVO)

1,0 ppl

woning klein (<45 m2 BVO)

0,3 ppl

aantal

0,0 0,0 12,0

aandeel bezoekers 0,3 0,3 0,3

ppl BEZOEKERS

0,3

20,1 0,0 23,7

0,0 0,0 3,6

0,2

59 TOTALEN

79 woningen aandeel ppl te realiseren voor de woningen:

Functie

werkdag ochtend

Hotel

30% 100% 30% 50% 50% 50% 50% 50% 10%

Kantoor Restaurant Woning groot (>125 m2 BVO) Woning (100 - 125 m2 BVO) Woning (75 - 100 m2 BVO) Woning klein (45 - 75 m2 BVO) Woning klein (<45 m2 BVO) Bezoekers woningen (totaal alle woningen)

werkdag middag

61,6 256,1 72,0 0 0 12 47 0 24

18 40% 256 100% 22 40% 0 50% 0 50% 6 50% 23 50% 0 50% 2 20% 328 ppl

83

ppl.

83

ppl.

werkdag avond

61,6 256,1 72,0 0 0 12 47 0 24

100% 25 5% 256 29 90% 0 90% 0 90% 6 90% 23 90% 0 90% 5 80% 344 ppl

Hotel Victory Building Restaurant

62 13 65 0 0 11 42 0 19 211 ppl

per eenheid - overig

7,7 134,8 7,2

8,0 1,9 10,0

100% 0% 0% 100% 100% 100% 100% 100% 0%

koop avond

100% 62 10% 0 0 90% 0 80% 0 80% 12 80% 47 80% 0 80% 0 70% 121 ppl

61,6 256,1 72,0 0 0 12 47 0 24

zaterdag middag

61,6 256,1 72,0 0 0 12 47 0 24

maatgevend moment SALDO parkeervraag maatgevend moment

344 ppl.

parkeeraanbod Victory Building locatie (inclusief kelder)

optimalisatie GeO 11-12-2023

162 ppl.

parkeeraanbod nieuwe VTC locatie

optimalisatie GeO 11-12-2024

182 ppl.

totaal parkeeraanbod

344 ppl.

saldo parkeerbalans

0 ppl.

PARKEERTELLING plan dd 12 december 2023

kelder Dit is het scenario bij transformatie van de locatie tot woongebied, daarbij in acht genomen de bestaande kantoren, hotel en restaurants op het naastgelegen perceel. Berekeningen geactualiseerd op basis van parkeernormen nota Alkmaar 2020-2027 en het actueel ontwerp VTC ontwikkeling.

totaal

PARKEERPLAATSEN

aandeel bezoekers* 70% 15% 80%

61,6 256,1 72,0

* zit in norm opgenomen

werkdag nacht

61,6 256,1 72,0 0 0 12 47 0 24

eenheden

11 10 2 4 4 2 9 5 5 12 98

162 ppl

VictoryBuilding incl. parkeerkelder

27 4 7 27 26 15 15 26 25 10

182 ppl

nieuwe Victory locatie

344

ppl

80% 62 5% 26 65 70% 0 60% 0 60% 10 60% 38 60% 0 60% 17 60% 216 ppl

zaterdag avond

61,6 256,1 72,0 0 0 12 47 0 24

49 100% 0% 13 50 100% 0 80% 0 80% 7 80% 28 80% 0 80% 14 100% 162 ppl

zondag middag

61,6 256,1 72,0 0 0 12 47 0 24

80% 61,6 62 0% 256,1 0 72 40% 72,0 0 70% 0 0 70% 0 10 70% 12 38 70% 47 0 70% 0 24 70% 24 204 ppl

49 0 29 0 0 8 33 0 17 136 ppl

Bijlage bij toelichting 9. Bomeninventarisatie

23 mei 2025

BOMEN inventarisatie

Ontwerp voor de Victorylocatie

2

Colofon

Inleiding

Voor de Victorylocatie aan de Arcadialaan in Alkmaar is een integraal herstructureringsplan ontwikkeld. Onderdeel van de herstructurering is een inrichting van het maaiveld. Hiervoor is een plan gemaakt, waarbij bereiken van gebouwen en parkeren van voertuigen in belangrijke mate bepalend zijn voor het gebruik van de ruimte. Op basis van een landschapsontwerp is dit maaiveld verder uitgewerkt. Op de locatie bevinden zich een aantal volwassen bomen. Op verzoek van de gemeente zijn de bomen geïnventariseerd qua soort en positie, zodat kan worden bepaald of de bomen behoudenswaardig zijn en zoveel mogelijk kunnen worden ingepast.

A R C H I T ECT E N Loet 43 1741 BN SCHAGEN

In eerdere weergave versies van de planontwikkeling van de bomeninventarisatie zijn tegenstrijdigheden geconstateerd. De inventarisatie is geactualiseerd en weergegeven in de laatste ontwerpversie van het maaiveld nieuwe toestand

Info@geoarchitecten.nl

Inhoud Inleiding en inhoud

Bomen inventarisatie bestaande toestand Bomen inventarisatie nieuwe situatie

Antwoord op vraagdocument gemeente Alkmaar

architect

In opdracht van: HESTIA VASTGOED

BIJLAGEN

Opmaak: A3

• Boom-effectrapportage • Vraagdocument gemeente Alkmaar d.d. 10 april 2025 • Foto’s bomen inventarisatie bestaande toestand d.d. 29 april 2025

datum: 23 mei 2025 versie 23 mei 2025

VTC locatie_bomeninventarisatie

7

BIJLAGEN Boom effectrapportage Vraag document gemeente Alkmaar d.d. 10 april 2025 Foto’s bestaande toestand d.d. 29 april 2025

versie 23 mei 2025

VTC locatie_bomeninventarisatie

8

4.11 Boomeffectrapportage

iep iep

ew as

iep

min

gs tru

ikg

iep

me

ers tam

iep iep iep

abeel

iep

veldesdoorn

iepziekte bestaande iteindel k zullen ster Overzicht bomen

versie 23 mei 2025

VTC locatie_bomeninventarisatie

Bijlage bij toelichting 10. Windhinderonderzoek

Bijlage 1 Technisch inlegvel Project

Projectgegevens

Projectnaam

VTC-locatie Alkmaar

Opdrachtgever

Hestia Wonen BV

Projectleider Datum

15-10-2024

Model

Algemene gegevens van het model

Omvang gemodelleerd gebied

750 x 750 meter

Kerngebied

het gebied rondom de geplande nieuwbouw

Omgeving

bebouwing/begroeiing

Afmetingen model

850 x 850 x 250 meter

Blokkeringsgraad

<10%

Gemodelleerd groen

jaargemiddelde situatie

Onderzochte windrichtingen

12 (rondom in stappen van 30 graden)

Onderzochte configuraties

geplande bebouwingssituatie

Computeropstelling

Specifieke gegevens van gebruikte programmatuur

Programmatuur

OpenFoam 9

Algemeen

 FVM (eindige volume methode) drie-dimensionaal  tijd-onafhankelijk  isothermisch

Rekenrooster

Circa 14 miljoen cellen; verfijning t.p.v. de geplande bebouwing

Turbulentiemodellering

k-ε-RNG-turbulentiemodel

Convectieve differentieschema's snelheidscomponenten: Gauss turbulentie grootheden: Gauss scalaire variabelen: Randvoorwaarden

Gebruikte randvoorwaarden

Instroomprofiel

logaritmisch snelheidsprof., z0=0,15-0.5 m en bijbehorende prof. voor k en ε

Uitlaat

constante druk

Boven-/zijwanden

gesloten, wrijvingsloos

Gegevensverwerking en -

Informatie voor locatie en beoordeling windklimaat

beoordeling Amersfoortse coörd. locatie

X = 111384 Y = 514426

Toegepaste eisen

VDR [m/s] Gewenste kwaliteitskl. Overschrijdingskans [%]

Voor comfort

Beoordeling

p(vLOK > vDR:H)

Doorlopen

5,0

≤D

< 20

≤ matig

Slenteren

5,0

≤C

< 10

≤ matig

Zitten

5,0

≤B

<5

≤ matig

Regionale correctie

Geen correctie

Voor gevaar

Gepresenteerde resultaten

p(vLOK > vDR;G) 15

n.v.t

0,05 < p < 0,30

beperkt risico

15

n.v.t

p ≥ 0,30

gevaarlijk

windhinder: figuren met p (vLOK > vDR:H )-waarden, gevaar: tekstueel

Opmerkingen

H 9153-3-RA 1.1 Concept

Bijlage 2 Windrichtingsfiguren

H 9153-3-RA 2.1

Bijlage bij toelichting 11. Akoestische beschouwing

COLOFON Gegevens over het plan: Plannaam:

Akoestische beschouwing

Identificatienummer:

NL.IMRO.0361.BP00204-0201

Status:

ontwerp

Datum:

20 november 2023

Projectnummer Buro SRO:

SR220236

Gegevens projectbetrokkenen: Opdrachtgever:

Driessen Vastgoed B.V.

Contactpersoon opdrachtgever: Contactpersoon gemeente Alkmaar:

Gegevens Buro SRO: Projectleider Buro SRO: Bezoekadres vestiging Utrecht:

`t Goylaan 11, 3525 AA Utrecht

Telefoon: E-mail:

utrecht@buro-sro.nl

Internet:

www.buro-sro.nl

2

Akoestische beschouwing

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1

Inleiding

5

1.1

Inleiding

5

Hoofdstuk 2

Beoordelingskader

6

2.1

Milieuzonering

6

2.2

Stappenplan

7

Hoofdstuk 3

Beschouwing AZ

8

3.1

Huidige situatie

8

3.2

Doorlopen stap 4

13

Akoestische beschouwing

3

4

Akoestische beschouwing

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Inleiding

Driessen Vastgoed B.V. is voornemens om aan de Rhijnvis Feithlaan 150 het gebied te transformeren van een locatie voor kantoren naar een woonlocatie. Initiatiefnemer, Driessen Vastgoed B.V., wil het bestaande kantorengebouw slopen en twee nieuwe appartementengebouwen realiseren, met ruimte voor maximaal 79 woningen. Daarnaast wordt het bestaande parkeerterrein opnieuw ingericht. De planlocatie is gelegen op circa 150 meter van het AZ-stadion. Het AZ-stadion is een zogenaamd milieucategorie 4.2 bedrijf. De beoogde nieuwbouw staat niet op voldoende afstand van het stadion. Om te beoordelen of de beoogde ontwikkeling inpasbaar is en voldoet aan een goede ruimtelijke ordening is deze nadere akoestische beschouwing opgesteld.

Akoestische beschouwing

5

Hoofdstuk 2 2.1

Beoordelingskader

Milieuzonering

Voor het beoordelen van de invloed van nabijgelegen bedrijvigheid op de nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen is de VNG-publicatie "Bedrijven en Milieuzonering" een gangbaar instrument. Milieuzonering is een algemeen aanvaarde methode binnen de ruimtelijke planning. Deze publicatie is ontworpen om te onderzoeken of er in nieuwe situaties een aanvaardbare woon- en leefomgeving ontstaat en biedt daarvoor een stappenplan. De VNG heeft in de publicatie ‘Bedrijven en Milieuzonering’ een lijst opgenomen met daarin de minimale richtafstanden tussen een gevoelige bestemming en bedrijven. Hierbij wordt onderscheid gemaakt naar twee omgevingstypen: ‘rustige woonwijk en rustig buitengebied’ en ‘gemengd gebied’. De te hanteren richtafstanden zijn in onderstaande tabel (t/m categorie 4.2) weergegeven. Indien van deze richtafstanden afgeweken wordt, dient een nadere motivatie gegeven te worden waarom dat aanvaardbaar is. Als gevolg van jurisprudentie heeft de publicatie bijna de status van 'pseudowetgeving' gekregen waarvan slechts gemotiveerd kan worden afgeweken. (ABRvS 13 mei 1997, BR 1997, 830 én ABRvS 3 april 2001, JM 2001, nr. 85).

Milieuzonering zorgt ervoor dat bedrijven of activiteiten een geschikte locatie vinden in de buurt van milieugevoelige functies, terwijl milieugevoelige functies op een verantwoorde afstand van bedrijven worden geplaatst. Op deze manier wordt een aanvaardbare woon- en leefomgeving gecreëerd. De VNG-publicatie fungeert als een instrument voor milieuzonering in de ruimtelijke planvorming, met betrekking tot aspecten zoals gevaar, stof, geluid en geur. De richtafstanden van ‘Bedrijven en milieuzonering’ moeten zorgvuldig worden toegepast bij het plannen van milieubelastende activiteiten in de buurt van milieugevoelige functies. Hierdoor wordt getracht om overlast en risico's voor de omwonenden zoveel mogelijk te minimaliseren, terwijl bedrijven de zekerheid hebben dat ze hun activiteiten kunnen uitvoeren. De VNG-richtafstanden zijn nuttig en bruikbaar, maar het is niet verplicht de handreiking te hanteren (ECLI:NL:RVS:2007:BC0539). De richtafstanden zijn slecht indicatief; dit betekent dat afgeweken kan worden van een richtafstand en bijvoorbeeld een kleinere afstand aangehouden kan worden. Naarmate de afwijking groter is, moeten er zwaardere eisen worden gesteld aan die motivering (zie punt 3 van de noot van P.C.M. Heinen en J.M.H.F. Teunissen bij ABRvS 6 juli 2005, BR 2006/242, ABRvS 2 april 2003, JM 2003/75, en ABRvS 5 oktober 2005, nr. 200409240/1).

Aan de hand van bijvoorbeeld een akoestisch onderzoek kan aangetoond worden dat met andere afstanden ook een aanvaardbaar woon- en leefklimaat wordt gegarandeerd (zie ECLI:NL:RVS:2014:3604 en ECLI:NL:RVS:2015:1177).

6

Akoestische beschouwing

De VNG-uitgave is primair bedoeld voor nieuwe situaties, zie ABRvS 5 januari 2011 (201002664/1/R3). Voor bestaande situaties kunnen de richtafstanden uit de VNG-brochure wel een indicatie zijn voor de aanvaardbaarheid van een plan vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening, aldus de Afdeling, zie ABRvS 17 november 2010 (200909373/1/R3). De VNG-uitgave 'Bedrijven en Milieuzonering 2009' past niet meer binnen de integrale toepassing van de Omgevingswet. Al in 2017 heeft de VNG aangegeven het zogenaamde 'paarse boekje’, niet meer geschikt te vinden voor toepassing onder de Omgevingswet. De richtafstanden zijn generiek voor elke opgenomen activiteit, maar de lokale praktijk vraagt juist om maatwerk en een lokale afweging. Daarom heeft de VNG in 2019 de uitgave ‘Milieuzonering nieuwe stijl’ gepubliceerd. Kern van deze publicatie is om de toelating van bedrijven te reguleren op basis van een voor een locatie beschikbaar gestelde milieuruimte per bedrijf, aan de hand van concrete milieuwaarden. Er wordt in de nieuwe ‘Milieuzonering nieuwe stijl’ geen gebruik meer gemaakt van milieucategorieën, maar van de gebruiksruimte. Onder gebruiksruimte wordt verstaan de ruimte die een bedrijf mag benutten, zoals geluid- of geurruimte. Er wordt dan bijvoorbeeld binnen een zone rondom woningen een maximale geluidsnorm voorgeschreven.

Hoe groter de afstand tot de woningen, hoe hoger deze norm zal zijn. Dit is dus een verschil met de ‘statische’ afstandsnormen uit de oude handreiking die uitgaan van richtafstanden op basis van de grootste overlastfactor per categorie bedrijf.

2.2

Stappenplan

Het toetsingskader vanuit de VNG bedrijven- en milieuzonering bestaat uit vier stappen. In stap 1 wordt een beoordeling gemaakt op basis van de voorgeschreven richtafstanden zoals opgenomen in de publicatie. Deze richtafstanden zijn opgesteld met de veronderstelling van een omgevingstype dat vergelijkbaar is met een 'rustige woonwijk'. Indien de situatie echter overeenkomt met een 'gemengd gebied', is het toegestaan om de richtafstanden met één niveau te verlagen. Als voorbeeld, een richtafstand van 50 meter voor een rustige woonwijk wordt in een gemengd gebied verminderd tot 30 meter. Wanneer woningen en andere locaties met gevoeligheid voor geluid zich dichterbij bevinden dan de voorgeschreven richtafstanden, kan in stap 2, 3 of 4 onderbouwd worden afgeweken van deze richtafstanden. Vanaf deze stappen is een grondig onderzoek vereist om de milieubelasting te beoordelen in overeenstemming met de omgevingsvergunning voor milieuzaken of het Activiteitenbesluit.

Akoestische beschouwing

7

Hoofdstuk 3

Beschouwing AZ

3.1

Huidige situatie

3.1.1

Stap 1

De planlocatie aan de Rhijnvis Feithlaan is gezien de ligging nabij de A9, N9 en N242 aan te merken als gemengd gebied. Daarmee kan voor het aspect geluid een stapje teruggegaan worden. Dit geeft de navolgende aan te houden afstanden: -

Geluid 200 meter Gevaar 50 meter Geur 0 meter Stof 0 meter

Aan de richtafstand voor geluid wordt niet voldaan. Daarmee is stap 1 doorlopen en is een toets aan stap 2 nodig.

8

Akoestische beschouwing

3.1.2

Stap 2

In stap 2 wordt getoetst of voldaan wordt aan de geldende grenswaarden. Deze grenswaarden zijn in de onderstaande tabel opgenomen. Omgevingstype

Rustige woonwijk

Gemengd gebied

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT)

45 dB(A)

50 dB(A)

Maximale geluidsniveaus (LAmax)

65 dB(A)

70 dB(A)

Verkeersaantrekkende werking

50 dB(A)

50 dB(A)

Door Adviesburo Van der Boom is onderzocht wat de geluidsbelasting is van het AZ-stadion op de beoogde bebouwing (22-207 notitie 8 november 2023). Gehanteerd geluidsmodel Voor AZ is een revisie van de milieuvergunning aangevraagd. In dat kader is, in opdracht van AZ, door Cauberg Huygen een geluidsmodel opgesteld. In dit geluidsmodel is uitgegaan van een maximaal bezoekersaantal van 19.491 bezoekers. In het kader van de eerdere vergunningverlening is voor het maximale geluidsniveau ervan uitgegaan de emissie 20dB(A) meer is dan de bijdrage van de groep toeschouwers die bij het berekenen van de Langtijdgemiddelde Beoordelingsniveaus is opgesteld. Op 25 februari 2023 zijn geluidsmetingen uitgevoerd door Cauberg Huygen om het geluidsmodel bij te werken. Uit de metingen is gebleken dat de emissie van maximale geluidsniveaus 25 dB(A) hoger is dan oorspronkelijk aangenomen, met de bijdrage van de groep toeschouwers meegerekend. Dit betekent dat de maximale geluidsniveaus 5 dB(A) hoger zijn dan tot op dat moment werd aangenomen. Deze verhoogde maximale geluidsniveaus, veroorzaakt door juichende toeschouwers, treden bijvoorbeeld op bij een doelpunt van de thuisclub. Op basis van dit nieuwe geluidsmodel, welke dus ook voor de revisie-aanvraag is gebruik door AZ, is door Adviesburo Van der Boom de geluidsbelasting, als gevolg van AZ, berekend bij de nieuwe woningbouwlocatie.

Een memorandum over het geluidsmodel en de uitvoerde metingen van Cauberg Huygen is als bijlage toegevoegd.

Akoestische beschouwing

9

Onderzoeksresultaten Uit het onderzoek van Adviesburo Van der Boom blijkt dat het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT in de dagperiode ten hoogste 53 dB(A) bedraagt op de zuidgevels en 52 dB(A) op de noord- en oostgevels. Daarmee worden de richtwaarden van 50 dB(A) voor een gemengd gebied met hooguit 3 dB(A) overschreden. Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT bedraagt in de avondperiode ten hoogste 58 dB(A) op de zuidgevels, 57 dB(A) op de oostgevels en 52 dB(A) op de westgevels. Daarmee worden de richtwaarden van 45 dB(A) voor een gemengd gebied in de avondperiode ruim overschreden. De piekniveaus LAmax bedragen in de dag- en avondperiode ten hoogste 82 dB(A) op de zuidgevels, 82 dB(A) op de oostgevels en 71 dB(A) op de westgevels. Daarmee worden de richtwaarden voor een gemengd gebied van 70 dB(A) in de dagperiode en 65 dB(A) in de avondperiode overschreden. Geconcludeerd kan worden dat niet voldaan wordt aan stap 2.

10

Akoestische beschouwing

3.1.3

Stap 3

Indien stap 2 niet toereikend is, kan afgeweken worden van de waarden uit Stap 2 tot de waarden zoals opgenomen in de onderstaande tabel. Omgevingstype

Rustige woonwijk

Gemengd gebied

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT)

50 dB(A)

55 dB(A)

Maximale geluidsniveaus (LAmax)

70 dB(A)

70 dB(A)

Verkeersaantrekkende werking

50 dB(A)

65 dB(A)

Wanneer getoetst worden aan de waarden van Stap 3 kan vastgesteld worden dat voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau gedurende de dagperiode voldaan wordt aan de grenswaarden voor alle gevels. In de avondperiode woorden de waarden op de zuidgevel en oostgevel overschreden. Ook in stap 3 kunnen de richtwaarden voor de maximale geluidsniveaus (van 70 dB(A) gedurende de dag en 65 dB(A) gedurende de avondperiode) niet worden gehaald. Op de oostgevel worden de richtwaarden met respectievelijk maximaal 12 en 17 dB(A) overschreden.

Akoestische beschouwing

11

3.1.4

Stap 4

Stap 4 stelt, indien niet aan stap 3 kan worden voldaan het bevoegd gezag toch kan besluiten om door te gaan met de inpassing. Daarbij is wel verplicht om dit grondig te onderzoeken en de afwijking goed te onderbouwen, waarbij ook de cumulatieve effecten met eventuele bestaande geluidsbronnen in beschouwing moeten worden genomen. Wanneer de geluidsniveaus hoger zijn dan de streefwaarden zoals vermeld in "Bedrijven en Milieuzonering", dient er verder onderzoek te worden verricht om te bepalen of er ondanks de hogere niveaus nog steeds sprake is van een aanvaardbare woon- en leefomgeving.

12

Akoestische beschouwing

3.2

Doorlopen stap 4

Nu niet aan stap 3 wordt voldaan wordt getoetst aan stap 4. De maximale geluidsniveaus zoals deze optreden worden veroorzaakt door het geluid van juichende toeschouwers. Bronmaatregelen aan dit geluid zijn niet realistisch. Het treffen van overdrachtsmaatregelen, zoals een geluidsscherm, zijn ook niet realistisch gezien de hoogte van de beoogde bebouwing. Een verplaatsing van de bron is ook niet realistisch. Cumulatie In het kader van stap 4 moet gemotiveerd worden waarom het bevoegd gezag een hogere geluidsbelasting in de concrete situatie acceptabel acht. Hierbij moet de eventueel reeds aanwezige geluidsbelasting worden betrokken in de afweging. Het beoogde woongebouw ondervindt geluidsbelasting als gevolg van wegverkeer en als gevolg van de activiteiten van AZ. Bij de geluidbelasting door wegverkeer gaat het om een jaargemiddelde geluidbelasting. Die bedraagt voor al het wegverkeer tezamen ten hoogste 62 dB op de gevel (zonder aftrek). Voor de activiteiten van AZ betreft het piekgeluiden. Bij deze piekgeluiden gaat het om een hoog piekmoment met een hoog geluidniveau. Die piekgeluiden bedragen ten hoogste 82 dB(A). In deze casus is er akoestisch gezien sprake van ongelijksoortige grootheden (jaargemiddelden en pieken). Strikt genomen zijn deze niet te cumuleren.

Wanneer toch gecumuleerd wordt bedraagt deze cumulatie 82 dB(A) + 62 dB = 82 dB(A), dit omdat logaritmisch wordt opgeteld. Eenvoudig gezegd komt dit erop neer dat wanneer er een piek optreedt, door het juichen van het publiek van AZ, het wegverkeer als gevolg van dit juichen even niet te horen is.

Indien het niet mogelijk is om maatregelen te treffen, moet overwogen worden of woningbouw deze locatie passend wordt geacht (stap 4 volgens de principes van Bedrijven en Milieuzonering). Hieronder volgen de argumenten die de gemeente kan meenemen in haar overwegingen. De acceptatie van omwonenden van een voetbalstadion is over het algemeen positief en welwillend. Uit ervaringen bij Go Ahead Eagles (Deventer) en FC Utrecht (Utrecht) blijkt dat stadions en het daarmee samenhangende geluid van supporters niet leidt tot klachten vanuit omwonenden. In de regel wordt dit door de buurt als omgevingsgeluid geaccepteerd. Het feit dat er een voetbalstadion in de buurt is, lijkt niet gepaard te gaan met veel hinder voor de omwonenden tijdens voetbalwedstrijden. Tijdens deze evenementen lijken de omwonenden niet vaak overlast te ervaren. Een interessant aspect van deze acceptatie is dat het juist de gebeurtenissen binnen het stadion zijn, zoals het scoren van de thuisploeg en het daaropvolgende gejuich, die positief worden ontvangen door de omgeving. Het lijkt erop dat de vreugde en opwinding die ontstaan tijdens deze momenten door de omwonenden als plezierig en vermakelijk worden beschouwd. Hoewel dit wetenschappelijk niet is aangetoond wordt het wonen nabij een stadion als fijn ervaren en draagt dit bij aan het woonplezier.

Dat dit zo ervaren wordt is blijkt uit de weerstand die ontstaat bij de verplaatsing van Stadion De Meer in 1996 naar de nieuwe locatie. Dit kan wijzen op een gevoel van gemeenschapszin en betrokkenheid, waarbij de omwonenden deel lijken uit te maken van een groter geheel dat wordt gevormd door de voetbalcultuur.

Akoestische beschouwing

13

Het feit dat de omwonenden de geluiden en emoties die gepaard gaan met een voetbalwedstrijd als positief ervaren, suggereert dat er een harmonieuze relatie is tussen het stadion en de directe omgeving. Dit kan te maken hebben met het feit dat de voordelen van het hebben van een voetbalstadion, zoals vermaak, sociale samenhang en een gevoel van trots voor de lokale gemeenschap, opwegen tegen mogelijke nadelen zoals geluidshinder. Al met al lijkt de acceptatie van het voetbalstadion door de omwonenden gebaseerd te zijn op een positieve ervaring van de gebeurtenissen die zich binnen de stadionmuren afspelen, en dit draagt mogelijk bij aan een gevoel van saamhorigheid en positieve betrokkenheid tussen het stadion en de lokale gemeenschap. De situaties waarin geluidsniveaus worden overschreden, zijn beperkt tot de momenten waarin er voetbalwedstrijden van AZ plaatsvinden. Deze overschrijdingen vinden hooguit twee dagen per week plaats, maar veelal minder, en zijn bovendien op voorhand bekend. Omdat deze momenten bekend zijn kunnen omwonenden zich voorbereiden op de te verwachten geluidshinder. Deze vooraf bekende momenten creëren een situatie waarin de buurtbewoners zich naar verwachting minder gestoord zullen voelen door het geluid.

Doordat deze geluidsoverlast beperkt is tot specifieke dagen en tijden, krijgen omwonenden ook de gelegenheid om anticiperende maatregelen te nemen, zoals het sluiten van ramen en deuren of het plannen van activiteiten buitenshuis tijdens deze periodes. Deze voorbereiding kan de impact van het geluid op het dagelijkse leven van de omwonenden verminderen, waardoor zij mogelijk meer begrip tonen voor de situatie. Door vooraf omwonenden te informeren over de momenten wanneer geluidsoverlast kan optreden draagt bij aan een communicatieve relatie tussen het voetbalstadion en de omgeving, waardoor de verwachting is dat de omwonenden de geluidssituatie als minder belastend zullen ervaren. Dit informeren kan eenvoudig doordat de ‘wedstrijdkalender’ zoals deze door de KNVB jaarlijks wordt gemaakt vroegtijdig landelijk kenbaar is. AZ kan deze kalender actief bij de bewoners onder de aandacht brengen. Dit zal nog nader met AZ worden afgestemd. In Alkmaar is er momenteel een aanzienlijke vraag naar woningen, vooral naar betaalbare woningen. Ondanks deze vraag is de bouw van nieuwe woningen tot nu toe nog niet voldoende om aan de behoefte te voldoen. Hierdoor blijft de dringende noodzaak bestaan om binnen het bestaande stedelijke gebied nieuwe woningen te realiseren.

Voor de betreffende locatie wordt het als acceptabel beschouwd om op bepaalde momenten af te wijken van de geldende normen, met name tijdens evenementen zoals een wedstrijd van AZ. Het feit dat deze afwijkingen zich beperken tot specifieke, incidentele momenten draagt bij aan de acceptatie van deze beslissing. Het belang van het creëren van woonruimte weegt dusdanig zwaar dat het rechtvaardigt om in bepaalde situaties flexibel om te gaan met normen en voorschriften. Naast dat het plan voorziet in nieuwe betaalbare woningen draagt het plan ook bij aan een kwaliteitsverbetering van de buurt en een verdere vergroening. Daarmee heeft het plan een positief effect die plan overstijgend is. In verband met de geluidbelasting door wegverkeer worden de zuidgevels en de westgevels uitgevoerd als dove gevels. Deze gevels vervallen daardoor als toetspunten voor AZ. Omdat bij de woningen wel voldaan moet worden aan het wettelijk binnenniveau vanuit het bouwbesluit dient de gevelwering, ten gevolge van wegverkeer, tenminste 32 dB(A) te bedragen. Daarmee bedraagt het piekniveau binnen de woningen door piekniveaus vanuit het stadion hooguit 50 dB(A). Dit komt overeen met de grenswaarde van 50 dB(A) in de avondperiode en is daarmee acceptabel. 14

Akoestische beschouwing

Bijlage bij toelichting 12. Reactienota vooroverleg

Ontvangen vooroverlegreacties concept-ontwerpbestemmingsplan Rhijnvis Feithlaan 150 Op 26 juli 2023 is het concept-ontwerpbestemmingsplan in het kader van het artikel 3.1.1 Bro-overleg aan de vaste overlegpartners gezonden. Van de volgende partners is een reactie ontvangen:

Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK): Ontvangen reactie:

In basis delen wij de conclusie in de waterparagraaf dat het bestemmingsplan voor het aspect water uitvoerbaar kan worden geacht. Wel nog een paar opmerkingen: - Enige tijd geleden is de inham water die voor het bestaande gebouw lag gedempt (met vergunning/goedkeuring van het hoogheemraadschap). Het nieuwe gebouw aan de randweg staat weer in het water. Voor het weer (deels) open graven van het water is een watervergunning van hem hoogheemraadschap benodigd. Daarnaast geven wij altijd mee bij bebouwing in het water rekening te houden met mogelijke peilstijgingen. Dat wil zeggen dat wij adviseren geen gaten in de gevel te maken van het waterpeil tot maaiveldhoogte (denk aan ventilatieroosters, ramen e.d.). - Op pagina 31 staat aan het einde van de waterparagraaf beschreven dat het plan voorziet in de aanleg van infiltratiekratten voor hemelwater (onder het parkeerterrein). "Indien er een overschot is aan hemelwater wordt dit geloosd op het naastgelegen oppervlaktewater." De lozing is voor ons geen probleem, maar wordt er een helofytenfilter ingepast? Mocht de informatie niet juist zijn, dan graag schrappen uit de waterparagraaf.

Antwoord gemeente:

De opmerkingen hebben geen betrekking op de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan en zullen dan ook verder uitgewerkt worden in de volgende fase.

Veiligheidsregio Noord-Holland Noord: Ontvangen reactie:

De Veiligheidsregio heeft een uitgebreid advies opgesteld, waarbij aanbevelingen zijn gedaan op de volgende onderdelen: 1) kader voor de bereikbaarheid van brandweertoegang naar woningen; 2) kader voor het bluswater en de opstelplaats van het blusvoertuig; en 3) scenario’s met betrekking tot Externe Veiligheid.

Antwoord gemeente:

De opmerkingen zijn doorgezet naar de initiatiefnemer. De aanbevelingen dienen onderdeel te zijn van de uitwerking van het bouwplan. De initiatiefnemer zal daarbij in contact blijven met de Veiligheidsregio.

GGD Hollands Noorden: Ontvangen reactie:

De GGD heeft met betrekking tot de milieuaspecten Geluid en Luchtkwaliteit de zorgen kenbaar gemaakt. Daarnaast zijn meerdere aanbevelingen gedaan om het woon- en leefklimaat met betrekking tot Geluid en Luchtkwaliteit te verbeteren.

Antwoord gemeente:

De opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen en doorgezet naar de initiatiefnemers. De aanbevelingen zullen meegenomen worden in de verdere uitwerking van het bouwplan.

Omgevingsdienst Noord-Holland Noord: Ontvangen reactie:

De Omgevingsdienst Noord Holland Noord heeft advies gegeven op alle relevante milieu- en omgevingsaspecten.

Antwoord gemeente:

Het advies is doorgezet naar de initiatiefnemers. Waar nodig wordt het plan aangepast en/of aangevuld in de Toelichting.

Liander: Ontvangen reactie:

Geen opmerkingen.

Antwoord gemeente:

De opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen.

ProRail: Ontvangen reactie:

Geen opmerkingen.

Antwoord gemeente:

De opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen.

Stichting ANIMO: Ontvangen reactie:

Stichting ANIMO, het platform voor Alkmaarse natuurorganisaties heeft ten doel: 1. Het behoud en de verbetering van de natuur en het milieu in Alkmaar en omgeving; 2. Het verrichten van alle handelingen, die met het vorenstaande in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk zijn. In dat kader heeft ANIMO zich in het conceptbestemmingsplan specifiek gericht op zaken, die daarmee verband houden, zoals: natuur, luchtkwaliteit, duurzaamheid, milieu, stikstof en ecologie. ANIMO stelt vraagtekens bij een aantal conclusies die zijn opgenomen in de Toelichting van het concept ontwerpbestemmingsplan. Daarnaast doet de stichting meerdere aanbevelingen.

Antwoord gemeente:

De opmerkingen worden voor kennisgeving aangenomen en waar nodig in het bestemmingsplan verwerkt. De aanbevelingen zijn doorgegeven aan de initiatiefnemer. Onderdelen zoals luchtkwaliteit en stikstof dient het plan zich te houden aan geldend wet- en regelgeving. De onderzoeken die in het kader van de bestemmingsplanprocedure worden opgesteld, worden getoetst en beoordeeld door de Omgevingsdienst.

Historische Vereniging Alkmaar: Ontvangen reactie:

Geen opmerkingen.

Antwoord gemeente:

De opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen.

Gemeente Bergen: Ontvangen reactie:

Geen opmerkingen.

Antwoord gemeente:

De opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen.

Gemeente Castricum: Ontvangen reactie:

Geen opmerkingen.

Antwoord gemeente:

De opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen.

Van de volgende partners is geen reactie ontvangen: • Provincie Noord Holland; • Gasunie; • Rijkswaterstaat; • Connexxion; • PWN; • Vattenfall; • Molenstichting Alkmaar; • Gemeente Dijk en Waard; • Gemeente Heiloo; • Gemeente Purmerend; • Gemeente Koggenland; • Gemeente Wormerland.

Bijlage bij toelichting 13. Memo stikstof (revisie mei 2025)

Memo Betreft: Locatie: Datum: Ecoloog: Steller:

stikstofdepositie VTC Alkmaar 23 mei 2025 ecoloog

De VTC Alkmaar wordt gesloopt om ruimte te maken voor de bouw van appartementen. Voor de werkzaamheden en het gebruik is een berekening van de toename van stikstofdepositie op de beschermde Natura 2000-gebieden uitgevoerd. In onderstaand memo wordt de berekening toegelicht en geanalyseerd. Met behulp van Aerius wordt de depositie berekend over een afstand van 25 km voor alle bronnen. Stikstof In brandstofmotoren ontstaan door verbranding verschillende stikstofoxiden, meestal samengevat in NOX. Deze verbindingen reageren in de lucht met waterdeeltjes tot salpeterzuur. In de bodem vindt onder invloed van bacteriën denitrificatie plaats. Het proces verloopt echter langzaam waardoor er cumulatie ontstaat van zuurionen en opneembaar stikstof; er is sprake van verzuring en vermesting van de bodem. Doordat ammoniak een vrij radicaal heeft reageert het snel tot ammonium en dat geeft een droge en natte depositie op relatief korte afstand van de bron. Ammoniak werkt in de atmosfeer eerst als base door de vorming van NH4+, waarbij een vrije zuurion wordt gebonden. Dat leidt tot neutralisatie van salpeterzuur en zwavelzuur in de atmosfeer. In de bodem wordt door bacteriën de NH4+ genitrificeerd tot NO3-, waarbij zuurionen vrijkomen. Naast de verzuring zorgt de emissie van ammoniak voor verhoging van het stikstofgehalte in de bodem.

Door die verhoogde opneembaar stikstof in de bodem worden soorten die snel groeien bevoordeeld ten opzichte van langzaam groeiende soorten. De snel groeiende soorten verdringen de langzame groeiers waardoor deze verdwijnen en de biodiversiteit verminderd. Veel van de via de Habitatrichtlijn beschermde soorten of habitat zijn langzaam groeiende soorten of soorten die in een voedselrijk of zuur milieu niet kunnen groeien. De habitatrichtlijn stelt de verschillende nationale overheden verantwoordelijk voor het beschermen van de natuurwaarden in de aangewezen natuurgebieden. Deze bescherming is opgenomen in de Wet natuurbescherming. Om het probleem van te hoge concentraties NH 4+ of NOX in het milieu te beteugelen is door de toenmalige regering de programmatische aanpak stikstof (PAS) opgesteld. In de PAS is ontwikkelingsruimte opgenomen voor ontwikkelingen die stikstofoxiden of ammoniak produceren. Daarnaast zijn maatregelen opgesomd die zouden leiden tot verminderde effecten. Voor de PAS is Aerius ontwikkeld waarmee op eenvoudige wijze de depositie kon worden berekend. In de PAS was de ontwikkelingsruimte opgenomen en twee drempelwaarden ingevoerd; een lage van 0,05 mol N/ha en een hogere van 1 mol N/ha. Projecten die onder de lage drempelwaarde bleven hadden geen meldingsplicht.

De projecten met een stikstofdepositie tussen de beide Spechtstraat 59 - 1223 NX Hilversum - vanderlinden@elsenlinde.nl Els & Linde B.V.: KvK 11068807 - Fiscaalnummer 8187.47.637 – NL24 ABNA 0121125386.

waarden in waren meldingsplichtig en konden worden uitgevoerd als er voldoende ontwikkelingsruimte was. Boven de 1 mol N/ha was er vergunningsplicht. De Raad van State heeft naar aanleiding van enkele beroepsprocedures vragen gesteld aan de het Europees Hof over de noodzakelijke interpretatie van de PAS. Het Hof en in navolging daarvan de Raad van State hebben geoordeeld dat de ontwikkelingsruimte niet binnen de reikwijdte van de Habitatrichtlijn past, en dat een drempel van 0,05 mol N/ha niet zonder meer acceptabel is. Ook hebben ze alle vergunningen die op de PAS zijn gebaseerd nietig verklaard. De consequentie is dat nu voor alle projecten berekend moet worden of deze strijdig zijn met de Habitatrichtlijn en er sprake is van verhoogde depositie op de natuurgebieden. In de nieuwe Aerius is de drempelwaarde en de ontwikkelingsruimte niet langer opgenomen. De conclusie is dat alle projecten waarbij stikstofoxiden of ammoniak vrijkomt berekend moet worden wat de toename is op de Natura 2000-gebieden. Als er geen verhoging is dan kan de ontwikkeling zonder vergunning worden uitgevoerd. Is er een verhoogde depositie dan moet het project zo worden uitgevoerd dat er geen of minder emissie is. Als dat onvoldoende mogelijkheden geeft, dan moet met maatregelen elders de emissie (op het zelfde Natura 2000-gebied) worden teruggebracht (salderen).

Bij salderen moet worden aangetoond dat er voldoende effect is. Hiervoor is een uitgebreidere onderbouwing nodig. Als er ondanks saldering een verhoogde depositie is, dan moet er via de ADC-toets in een passende beoordeling aangetoond worden dat een depositie acceptabel is. De ADC-toets staat voor Alternatief, Dwingende redenen en Compensatie. In de meeste gevallen zal dan een MER nodig zijn. Gewenste ontwikkeling Voor de VTC Alkmaar wordt sloop voorbereid om ruimte te maken voor nieuwbouw van 79 appartementen. De nieuwe appartementen worden energieneutraal. De appartementen zijn allen kleiner dan 75 m2. Dat betekend dat voor de appartementen een verkeersgeneratie ontstaat tussen 4,5 en 5,3 mvt/etm. Voor de nieuwe appartementen is gerekend met 4,9 mvt/etm. In totaal dus 79 × 4,9 = 387 mvt/etm; het betreft het totaal aan verkeersbewegingen. Verwacht wordt dat de helft in noordelijke richting naar de stad rijdt en de rest richting snelweg of rondweg rijdt. Het betreft appartementen in sterk stedelijk gebied, rest bebouwde kom (bron CROW 2024). Voor de koude start wordt de helft van de verkeersbewegingen gehanteerd. Voor de werkzaamheden wordt gebruik gemaakt van mobiele werktuigen. Uiteraard ontstaat er bouwverkeer, op basis van de omvang van het werk en ondersteund door tientallen eerdere berekeningen zijn dat 3900 mvt licht verkeer, 1248 middelzwaar en 936 zwaar verkeer.

Aan de brandstof van de mobiele werktuigen wordt ca. 6% ad blue toegevoegd, de gebruikte brandstof wordt berekent volgens de tabel in TNO2021 12305). Er zijn in het BBL wettelijke voorschriften voor inzet van mobiele werktuigen bij sloop opgenomen. Voor mobiele werktuigen met een vermogen tussen 130 – 560m kW) geldt tussen 1 januari 2025 en 31 december 2027 dat de mobiele werktuigen moeten voldoen aan

Els & Linde b.v. Referentie Woerden – Snellerpoort Apeldoorn – Laan van Westerenk Amsterdam – Basisweg Ede – Loevestein Soest – Beckeringhstraat

Heemstede – De Velst Breda – Overakkerstraat Beverwijk – Ankie’s Hoeve Wijchen - TKWM Hengelo – Campus Driene

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15762044/1