CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. Bijlage 2. Vfb GAB COMPARE VERSIE

Gemeenteraad 18 juni 2026, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Zienswijze Financiële verordening Recreatieschap Geestmerambacht (GAB)2.172 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verordening financieel beheer Recreatieschap Geestmerambacht

Ter geleide Met ingang van 2025 is de landelijke regelgeving voor verantwoording over de financiële rechtmatigheid aangescherpt. Daarom heeft het recreatieschap een kader voor specifiek de begrotingsrechtmatigheid vastgesteld, die nu in deze verordening is verwerkt. Ook is de verordening geactualiseerd wat betreft de fiscale aspecten.

Verordening financieel beheer Recreatieschap Geestmerambacht Het algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Geestmerambacht; gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van Geestmerambacht d.d. 26 maart 2026; gelet op Wet gemeenschappelijk regeling artikel 35 en overeenkomstig het bepaalde in artikel 186 tot en met 213 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de Verordening financieel beheer Recreatieschap Geestmerambacht:

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder: a.

Schap: Het openbaar lichaam Recreatieschap Geestmerambacht, als bedoeld in artikel 2 van de gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Geestmerambacht

b.

Algemeen bestuur (AB): Het algemeen bestuur van het schap, als bedoeld in artikel 6.1 van de gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Geestmerambacht

c.

Dagelijks bestuur (DB): Het dagelijks bestuur van het schap, als bedoeld in artikel 12.1 van de gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Geestmerambacht

d.

Uitvoeringsorganisatie: De organisatie die in opdracht van het algemeen bestuur van het recreatieschap belast is met het dagelijks gebiedsbeheer, het financieel beheer, de beleidsvoorbereiding en de planvorming en uitvoering.

e.

Budgethouder: De directeur van de uitvoeringsorganisatie of een door hem aangewezen functionaris

f.

BBV: Het Besluit begroting en verantwoording voor provincies en gemeenten

g.

Administratie: Het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het Algemeen bestuur, het functioneren en het beheersen van (onderdelen van) de gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Geestmerambacht en ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden afgelegd

h.

Rechtmatigheid: Het in overeenstemming zijn met de financiële beheersmaatregelen opgenomen in geldende wet- en regelgeving

i.

Doelmatigheid : Het realiseren van bepaalde prestatie met een zo beperkt mogelijke inzet van middelen

j.

Doeltreffendheid: De mate waarin de beoogde maatschappelijke effecten van het beleid ook daadwerkelijk worden behaald

k.

Investeringskrediet: Een budget voor het realiseren van een investering

l.

Investering:

Een opoffering in tijd, geld of menskracht waarvan het nut zich over meerdere jaren uitstrekt

Hoofdstuk 2 Begroting en verantwoording Artikel 2 Inrichting begroting 1. Het AB stelt per bestuursperiode de indeling van de begroting vast conform het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV). 2. Bij de begroting wordt een overzicht gegeven van de raming per programma. Bij de jaarverslaggeving wordt een overzicht gegeven van de realisatie per programma en de bijdrage per deelnemer. 3. De begroting voor het komende jaar bevat een meerjarenbegroting over een periode van drie jaar, om dein de begroting opgenomen ramingen te kunnen plaatsen in een meerjarenperspectief. 4. In de begroting wordt van nieuwe investeringen het benodigde investeringskrediet weergegeven met de afschrijvingstermijnen en de uit de investeringen voortvloeiende kapitaallasten (meerjarig). Artikel 3 Uitvoering begroting 1. Het DB waarborgt dat de uitvoering van de begroting rechtmatig, doelmatig en doeltreffend verloopt. 2. Het DB draagt er zorg voor dat de begrote lasten en baten door middel van kosten toerekening eenduidig zijn toegewezen aan het programma. Artikel 4 Autorisatie begroting, investeringskredieten en begrotingswijziging 1. Het AB geeft met het vaststellen van de begroting opdracht aan het DB om de doelstellingen te realiseren en diensten te verlenen. 2. Het AB autoriseert met het vaststellen van de begroting de totale lasten en de totale baten per programma. 3.

Het DB draagt er zorg voor dat de lasten, zoals is geautoriseerd in de begroting, niet worden overschreden. 4. Indien het DB voorziet dat een programma of investeringskrediet dreigt te worden overschreden, wordt dit door het DB aan het AB gemeld. Dit kan middels de tussentijdse rapportages of middels een voorstel voor wijziging van het budget van het betreffende programma of investeringskrediet of een voorstel tot bijstelling van het beleid. Het DB legt dit aan het AB ter autorisatie voor. 5. Voor investeringen in de loop van het begrotingsjaar, die niet in de begroting zijn opgenomen, legt het DB voor het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel en een voorstel voor het autoriseren van het investeringskrediet aan het AB voor. Artikel 5 Tussentijdse rapportage 1. Het DB informeert het AB eenmaal per jaar (in het najaar) door middel van een tussentijdse rapportage over de realisatie van de begroting van het recreatieschap van het lopende jaar. 2. De tussentijdse rapportage bevat: a. Een analyse van de uitkomsten ten opzichte van de begroting; b. Een vooruitblik op het verwachte jaarresultaat; c. Een overzicht van de bestede investeringskredieten; 3. In de tussentijdse rapportages worden afwijkingen op investeringskredieten en afwijkingen op de raming van baten en lasten boven de 10% met een ondergrens van € 10.000 toegelicht. Artikel 6 Jaarstukken 1.

Het DB maakt elk jaar de rekening van het voorafgaande jaar op conform wet- en regelgeving. De jaarstukken bevatten in ieder geval: a. Een programmaverantwoording; b. De verplichte paragrafen; c. Een balans, inclusief een uitgebreide toelichting hierop en een overzicht van de baten en lasten van het voorafgaande jaar; d. Een verklaring over de rechtmatigheid van de beheershandelingen. 2. In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven weergegeven. Artikel 7 Fiscale aspecten Het recreatieschap maakt gebruik van de zogenoemde transparantiemethode. Jaarlijks wordt aan de deelnemers een overzicht verstrekt van de btw die wordt doorgeschoven en door de deelnemers kan

worden gecompenseerd via het btw compensatiefonds. Ieders aandeel in de voor compensatie in aanmerking komende btw wordt bepaald op basis van de verdeelsleutel.

Hoofdstuk 3 Financieel beleid Artikel 8 Waardering en afschrijving vaste activa De kaders voor activering, waardering en afschrijving van vaste activa worden separaat beschreven in de Nota activeren, waarderen en afschrijven. Het AB stelt deze nota vast, waarbij het AB de uitvoeringsorganisatie machtigt om het overzicht van gehanteerde afschrijfcategorieën en -perioden in bijlage 2 van de nota indien nodig te actualiseren.. Artikel 9 Reserves en voorzieningen De kaders voor het instellen/vormen en het gebruik van reserves en voorzieningen worden beschreven in de Nota reserves en voorzieningen. Het AB stelt deze nota vast. Artikel 10 Financieringsfunctie 1. Het schap neemt ten aanzien van de financieringsfunctie de Wet Financiering Decentrale Overheden (wet FIDO) en daarmee ook de Regeling Uitzettingen en Derivaten Decentrale Overheden (wet RUDDO)in acht; 2. Het AB stelt het Financieringsstatuut vast. Daarin zijn voor de financieringsfunctie kaders opgenomen voor het risicobeheer, financiering, kasbeheer en relatiebeheer. Artikel 11 Kostprijsberekening 1. Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van goederen, werken en diensten van de gemeenschappelijke regeling, die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een systeem van kostentoerekening gehanteerd.

Bij de kostentoerekening worden naast de directe kosten deindirecte kosten betrokken, die rechtstreeks samenhangen met de door de gemeenschappelijke regeling verleende diensten. 2. Bij de kosten worden betrokken de kapitaallasten van de in gebruik zijnde activa. 3. Voor de inzet van materiele activa worden naast directe kosten, indirecte kosten en afschrijvingskosten, de rente voor de financiering van het actief toegerekend. Deze rente is een vergoeding voor de inzet van vreemd vermogen en van eigen vermogen. De rentepercentages voor deze vergoeding worden bij de behandeling van de begroting van de gemeenschappelijke regeling vastgesteld. Artikel 12 Prijzen economische activiteiten 1. Voor de levering van goederen, diensten of werken aan overheidsbedrijven en derden en met welke bijbehorende activiteiten de gemeenschappelijke regeling in concurrentie met marktpartijen treedt, wordt tenminste de geraamde integrale kostprijs in rekening gebracht. Bij afwijking doet het DB vooraf voor elk van deze activiteiten afzonderlijk een voorstel aan het AB waarin het publiek belang van de activiteit wordt gemotiveerd. 2. Bij het verstrekken van leningen of garanties aan overheidsbedrijven en derden brengt de gemeenschappelijke regeling de geraamde integrale kosten in rekening.

Bij afwijking doet het DB vooraf een voorstel aan het AB waarin het publiek belang van de lening of garantie wordt gemotiveerd.

Hoofdstuk 4 Paragrafen Artikel 13 Paragrafen Bij de begroting en de jaarstukken neemt het DB conform het Besluit begroting en verantwoording minimaal de verplichte onderdelen van de paragrafen Bedrijfsvoering, Financiering, Onderhoud kapitaalgoederen, Grondbeleid, Verbonden partijen en Weerstandsvermogen en risicobeheersing op.

Hoofdstuk 5 Financiële organisatie en financieel beheer Artikel 14 Administratie De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij dienstbaar is voor:

a. Het sturen en beheersen van activiteiten en processen in de organisatie; b. Het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang van activa met economisch nut, activa met maatschappelijk nut, voorraden, vorderingen en schulden; c. Het verschaffen van informatie over uitputting van toegekende budgetten en investeringskredieten; d. Het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begrotingen relevante wet- en regelgeving; e. De controle van de registratie van gegevens als zodanig en van de daaraan ontleende informatie, alsmede voor de controle op de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en relevante weten regelgeving.

Artikel 15 Financiële organisatie Het DB zorgt voor en legt vast: a. Voor een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden, verantwoordelijkheden; b. De verlening of goedkeuring van mandaten en volmachten aan de budgethouder voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten; c. Het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan; d. Het beleid en de interne regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten en diensten met inachtneming van geldende regels vanuit de Europese Unie. Artikel 16 Interne controle 1. Het DB zorgt ten behoeve van het getrouwe beeld van de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling en de rechtmatigheid van de baten en lasten en de balans-mutaties voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het DB maatregelen tot herstel. 2. Ten behoeve van deze stelselmatige toetsing draagt het DB zorg voor een controleplan. Voor de uitvoering van dit plan en de jaarlijkse actualisatie is de uitvoeringsorganisatie verantwoordelijk.

Dit plan borgt de regelmatige toetsing van de bedrijfsprocessen, op juistheid, volledigheid en tijdigheid van de bestuurlijke informatievoorziening, op de rechtmatigheid van beheers handelingen en op misbruik en oneigenlijk gebruik. Artikel 17 Verantwoording over de rechtmatigheid 1. Het DB verantwoordt zich over de rechtmatigheid van de beheershandelingen conform de bepalingen van het BBV met een rechtmatigheidsverantwoording en toelichting in de paragraaf Bedrijfsvoering. 2. Voor het rechtmatigheidsoordeel stelt het AB de verantwoordingsgrens vast op 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan reserves. Deze grens geldt afzonderlijk voor zowel fouten als onzekerheden. 3. Het DB rapporteert in de paragraaf Bedrijfsvoering over alle bevindingen omtrent de financiële rechtmatigheid waardoor in het voorkomende geval de verantwoordingsgrens wordt overschreven en verder over alle bevindingen die het DB relevant acht voor de lezer van de jaarrekening. 4. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door het algemeen bestuur geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; a.

De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door het algemeen bestuur is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 3. b. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. c. Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting, zowel van de baten en lasten als van investeringskredieten, als onrechtmatig wordt beschouwd indien deze niet tijdig aan het algemeen bestuur is gemeld. Onder ‘tijdig melden’ wordt verstaan: bij de behandeling van de najaarsnotitie door het algemeen bestuur. Afwijkingen die tijdig zijn gemeld worden niet opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. d. Afwijkingen worden als acceptabel en rechtmatig aangemerkt in de volgende situaties:

i. De afwijking is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage, ook al is daarmee geen begrotingswijziging vastgesteld. ii. Er is sprake van een budget- of kredietonderschrijding. iii. Er is sprake van een budget- of kredietoverschrijding, waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. iv. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. v. Er is sprake van een afwijking (over- of onderschrijding) op de ontvangen bijdragen, exploitatiebaten en rentebaten. vi. Er is sprake van een afwijking in de afschrijvingskosten. vii. De overschrijding op het niveau van een begrotingsprogramma is kleiner dan € 10.000. e. Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van het algemeen bestuur worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden, maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

Hoofdstuk 6 Slotbepalingen Artikel 18 Intrekken oude verordening en overgangsrecht De Financiële verordening vastgesteld op 16 november 2022 wordt ingetrokken. Artikel 19 Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2026. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening financieel beheer Recreatieschap Geestmerambacht. Ondertekening Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het algemeen bestuur van Recreatieschap Geestmerambacht op 24 juni 2026, De voorzitter, Mevrouw E. Leibbrand

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16920984/2