CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2a2. Booronderzoek Sportpaleis ARGO 523 vs01

Gemeenteraad 16 april 2026, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Stedenbouwkundige kaders Sportpaleis4.579 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) plangebied ‘Sportpaleis’ aan de Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar Argo 523

ARCHEOLOGENBUREAU

ARGO

2 Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

Opdrachtgever: Bevoegde overheid: Deskundige namens bevoegde overheid: Gemeente: Plaats: Toponiem: Onderzoeksmeldingsnummer: Coördinaten: Datum veldwerk: Veldteam: Titel: Rapportnummer: Auteur(s): Illustraties: Fotografie: Opmaak: Dataverwerking: Datum uitgave: Versienummer: Beheer en plaats projectdocumentatie: Autorisatie: ISSN: Goedkeuring door de bevoegde overheid:

Sportpaleis, mevr. T. Bosma Gemeente Alkmaar G. van den Berg Alkmaar Alkmaar ‘Sportpaleis’ Terborchlaan 200 5888818001 109622 / 516570 (centrumcoördinaten) 2 maart 2025 A. Médard & J.P.L. Vaars Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) plangebied ‘Sportpaleis’ aan de Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar Argo 523 A. Médard A. Médard / J. de Munnik (tenzij anders vermeld) A. Médard (tenzij anders vermeld) A. Médard A. Médard Maart 2026 versie 01 (concept) Archeologenbureau Argo te Zaandam J. Vaars 1879-7091

Eventuele vragen over dit rapport kunnen aan de auteur worden gesteld via onderstaand mailadres: info@archeologenbureauargo.nl Disclaimer: Archeologenbureau Argo en de samensteller(s) van dit rapport kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele schade (direct of indirect danwel gevolgschade) voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek. Archeologenbureau Argo betracht de grootste zorgvuldigheid bij het uitvoeren van al haar onderzoeken. De aard van archeologisch onderzoek en in het bijzonder de steekproefsgewijze benadering die inherent is aan archeologisch vooronderzoek maakt het echter onmogelijk garanties te geven ten aanzien van de resultaten van dergelijk onderzoek. © Archeologenbureau Argo

Archeologenbureau Argo Symon Spiersweg 7-B14 1506 RZ Zaandam

075-6314418 info@archeologenbureauargo.nl www.archeologenbureauargo.nl

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

3

Inhoudsopgave 1. Inleiding..................................................................................................................................................... 4 2. Verwachting (uit: Van den Berg, 2026)......................................................................................................7 3. Doelstelling en methode............................................................................................................................ 8 4. Resultaten................................................................................................................................................ 10 5. Beantwoording onderzoeksvragen........................................................................................................... 11 6. Samenvatting en advies.......................................................................................................................... 12 7. Bronnen................................................................................................................................................... 13 7.1 Literatuur......................................................................................................................................... 13 7.2 Internetbronnen...............................................................................................................................

13 7.3 Afbeeldingenlijst............................................................................................................................... 13 Bijlage 1. Traject archeologische monumentenzorg: stappenplan...............................................................14 Bijlage 2. Tabel archeologische en geologische perioden............................................................................16 Bijlage 3. Boorbeschrijvingen....................................................................................................................... 17

4 Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

1. Inleiding In opdracht van ‘Sportpaleis’ is door Archeologenbureau Argo op 2 maart 2026 een verkennend booronderzoek uitgevoerd. Het onderzochte plangebied is gelegen aan de Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar (afbeelding 1, 2, 3 en 4) en heeft een oppervlakte van ca. 9.750 m². Het terrein is deels bebouwd met een sporthal inclusief wielerbaan. Aan de noord- en oostzijde is er een openlucht mountainbike-parcours met heuvels en kombochten. Het huidige complex is toe aan renovatie. Men heeft echter besloten de huidige bebouwing te slopen en opnieuw op te bouwen, grotendeels binnen de huidige bebouwingscontouren, met nieuwe ruimtes aan de zijde van de parkeerplaats ten westen van het complex. Naast de bestaande wielerbaan en sportvloer zal er in het nieuwe complex ruimte worden gereserveerd voor andere sporten, kleedruimtes, leslokalen en dergelijke. Deze plannen vormen tevens de aanleiding tot de uitvoering van het booronderzoek. Verwacht wordt dat bij de ontgravingen voor de toekomstige bouwwerkzaamheden eventueel aanwezige archeologisch behoudenswaardige resten verstoord kunnen raken. Het doel van een inventariserend veldonderzoek door middel van boringen is het aanvullen en toetsen van de gespecificeerde archeologische verwachting en de beantwoording van de onderzoeksvragen zoals geformuleerd in het Programma van Eisen (Van den Berg, 2026).

Voorafgaand aan het booronderzoek is een Plan van Aanpak (PvA) opgesteld (Ten Kleij & Vaars, 2026). Het onderzoek is uitgevoerd conform de op dit moment vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA 4.2) protocol 4003 Inventariserend Veldonderzoek Overig, PvE, het PvA en het Kwaliteitshandboek Archeologenbureau Argo (Médard, 2025).

Afbeelding 1. Het plangebied (rood omlijnd) op een uitsnede van een topografische kaart.

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

Afbeelding 2. Het plangebied vanaf het parkeertrrein bezien (foto richting het oosten).

Afbeelding 3. Het plangebied met links het mountainbike-parcours en rechts de sporthal (foto richting het noordoosten).

5

6 Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

Afbeelding 4. Het plangebied ter plekke van boring 7 (foto richting het zuiddwesten).

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

7

2. Verwachting (uit: Van den Berg, 2026) In het Laat-Neolithicum (vanaf ca. 2750 v.Chr.) lag de kustlijn veel oostelijker dan nu. Bewoning concentreerde zich vooral op de hoger gelegen strandwallen, die geschikt waren voor landbouw. Het gebied van het huidige Sportpaleis lag toen nog in een getijdengebied. In de Bronstijd ontstonden nieuwe strandwallen en kwelders, maar bewoning bleef schaars en vooral beperkt tot hogere delen in het landschap zoals het haakwallencomplex van Bergen. In de IJzertijd en Romeinse Tijd verbeterde tijdelijk de ontwatering, waardoor bewoning zich uitbreidde, ook in delen van het veengebied. In de omgeving zijn vindplaatsen bekend uit deze perioden, al zijn ze relatief schaars. Tegen het einde van de Romeinse Tijd leidde vernatting opnieuw tot een terugtrekking van bewoning naar de strandwallen. Vanaf circa 800 na Chr. begon men de veengebieden systematisch te ontginnen. Door ontwatering en landbouw daalde het maaiveld sterk, wat leidde tot overstromingen en landverlies. In reactie daarop werden dijken aangelegd en ontstonden waterschappen. In de Late Middeleeuwen veranderde NoordHolland in een waterrijk landschap met nadruk op veeteelt, visserij en handel. Vanaf de 16e eeuw werd het landschap verder door menselijk ingrijpen gevormd: meren werden drooggemalen en polders aangelegd.

Het plangebied van het Sportpaleis lag in de Nieuwe Tijd op een smalle landstrook tussen de Bergermeer en Egmondermeer, in een overgangszone tussen hoger oud land en lager gelegen, drassige gebieden. Oudere landschappelijke resten kunnen hier nog in de ondergrond aanwezig zijn.

8 Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

3. Doelstelling en methode Het doel van een verkennend archeologisch booronderzoek is het in kaart brengen van het landschap en het vaststellen van de gaafheid van het bodemprofiel. Ook wordt de verwachting uit het bureauonderzoek zo mogelijk getoetst en aangevuld. Er wordt (extra) informatie verkregen over de intactheid van de bodem en over bekende of verwachte archeologische waarden binnen het onderzoeksgebied. Wanneer mogelijk worden de aard, omvang, datering, gaafheid, conservering en inhoudelijke kwaliteit van de archeologische resten vastgesteld zodat deze kunnen worden gewaardeerd. Op basis van de resultaten wordt in dit rapport een advies uitgebracht over de mogelijke vervolgstappen met betrekking tot de archeologie, aan de hand waarvan de bevoegde overheid een beleidsbeslissing (selectiebesluit) kan nemen. De resultaten van het onderzoek kunnen ook uitwijzen dat de voorgenomen ingreep niet bezwaarlijk is of met welke randvoorwaarden in het plan rekening dient te worden gehouden. Het veldteam bestond uit A. Médard (senior KNA prospector, actorregisternr. 95351438) en J.P.L. Vaars (senior KNA Prospector, actorregisternr. 66160842). Bij het onderzoek zijn in totaal 10 boringen gezet (afbeelding 5 en 6) met een Edelmanboor met een diameter van zeven cm en wanneer mogelijk een guts met een diameter van drie cm. Wanneer nodig is een puinboor gebruikt.

Bij ondiepe verhardingen is ook gebruik gemaakt van een schep. In principe zijn alle boringen zo veel mogelijk op de geplande locatie gezet. Twee boringen (boring 6 en 7) zijn inpandig gezet, de overige acht op het buitenterrein. Vrijwel het gehele buitenterrein bleek ook verhard, al was dat niet direct zichtbaar omdat er een dun laagje grond op de straatstenen en straattegels lag waar gras op groeide. Onder deze verharding lag veel puin. Verschillende boringen stuikten op deze puinlaag (ook na gebruik van een puinboor en ondanks meerdere pogingen ernaast) en konden niet tot de beoogde ca. 2 m -mv worden doorgezet. De boringen worden in bijlage 3 beschreven. De locaties van de boorpunten zijn (met uitzondering van beide inpandige boringen) met een 06-GPS ingemeten in het RD-coördinatensysteem. Het opgeboorde materiaal is doorzocht op de aanwezigheid van archeologische indicatoren zoals aardewerkfragmenten, houtskool, fosfaatvlekken, steen, natuursteen, verbrand leem en bot. Ook zijn relevante lagen door middel van zoutzuur onderzocht op kalkgehalte. Het onderzoek is uitgevoerd conform de bepalingen van de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA 4.2), het Kwaliteitshandboek Archeologenbureau Argo (Médard, 2025), het PvE (Van den Berg, 2026) en het Plan van aanpak (Ten Kleij & Vaars, 2026).

De beschrijving van de boorstaten is verricht volgens de richtlijnen van de Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode (ASB/NEN 5104).

Afbeelding 5. De locatie van de boringen binnen het plangebied (rood omlijnd) geprojecteerd op een uitsnede van een topografische kaart .

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

Afbeelding 6. De locatie van de boringen binnen het plangebied (rood omlijnd) geprojecteerd op een luchtfoto.

9

10 Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

4. Resultaten Aan de hand van het onderhavige booronderzoek kan een beeld geschetst worden van de bodemopbouw binnen het plangebied. Zeven van de tien boringen konden tot 2 m -mv worden gezet. De overige drie boringen (boring 4, 5 en 8) zijn wegens ondoordringbaar puin niet tot de beoogde diepte gezet. In alle niet vroegtijdig gestuikte boringen is de bodem tot op relatief grote diepte verstoord: gemiddeld tot ca. 1,40 m -mv (oftewel minimaal -1,75 m NAP in boring 6 en maximaal -1,97 m NAP in boring 1). De recente pakketten zijn vlekkerig en bevatten in de meeste gevallen recent puin en kiezels. Onder de recente verstoringen is de natuurlijk ondergrond aangeboord. Deze bestaat uit licht blauwgrijs tot blauwgrijs (en in twee gevallen licht grijsbruin) grof zand met fijn en grof schelpgruis en hele schelpen. Dit pakket is geïnterpreteerd als strandvlakte en was dan ook (wegens nattigheid, eb en vloed etc.) ongeschikt voor bewoning. De kans dat hierin behoudenswaardige archeologische resten worden aangetroffen wordt als zeer gering geschat.

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

11

5. Beantwoording onderzoeksvragen 1. Wat is de fysiek-landschappelijke ligging van de locatie? De onder de recente pakketten aangeboorde natuurlijke ondergrond bestaat uit licht blauwgrijs tot blauwgrijs (en in twee gevallen licht grijsbruin) grof zand met fijn en grof schelpgruis en hele schelpen. Dit pakket is geïnterpreteerd als strandvlakte, een voor bewoning ongunstige afzetting. 2. Hoe is de bodemopbouw in het plangebied en in welke mate is deze nog als intact te beschouwen? De bodem in het plangebied is tot op relatief grote diepte verstoord. De recente pakketten reiken tot gemiddeld ca. 1,40 m -mv (oftewel minimaal -1,75 m NAP in boring 6 en maximaal -1,97 m NAP in boring 1). Daaronder bevindt zich de natuurlijke ondergrond, geïnterpreteerd als strandvlakte. 3. Bevinden zich archeologisch relevante afzettingen in het plangebied? En zo ja, op welke diepte t.o.v. het maaiveld en NAP? Nee, er zijn in het plangebied géén archeologisch relevante afzettingen aangeboord. De onder de diepgaande recente verstoringen aangeboorde strandvlakte was (wegens nattigheid, eb en vloed etc.) niet geschikt voor bewoning. Alhoewel vondsten die gerelateerd zijn aan de visvangst en jacht niet helemaal kunnen worden uitgesloten is de trefkans zeer klein. 4.

Wat is de specifieke archeologische verwachting van het plangebied en wordt deze bij het veldonderzoek bevestigd? In het PvE was er sprake van een relatief kleine verwachting voor archeologische vindplaatsen uit verschillende het Laat Neolithicum tot de Nieuwe Tijd. N.a.v. het booronderzoek wordt de kans op het aantreffen van zulke vindplaatsen als zeer gering ingeschat. 5. Indien aangetroffen in de boringen: wat is de verticale en horizontale ligging van vondsten, wat is de datering en wat is de invloed van deze vondsten op de archeologische verwachting van het plangebied? Niet van toepassing, er zijn geen vondsten aangetroffen. 6. In hoeverre worden eventueel aanwezige archeologische waarden bedreigd door de voorgenomen bodemverstorende werkzaamheden? De kans dat de voorgenomen bodemverstorende werkzaamheden archeologische waarden bedreigen wordt als vrijwel nihil ingeschat. Dit enerzijds door de relatief diepgaande recente verstoringen en anderzijds doordat de onder de verstoringen aangeboorde natuurlijke ondergrond niet gunstig was voor bewoning. 7. Is het plangebied voldoende onderzocht en zo nee, welke vorm van nader archeologisch onderzoek wordt geadviseerd? Het plangebied is hiermee voldoende onderzocht.

12 Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

6. Samenvatting en advies In opdracht van ‘Sportpaleis’ is door Archeologenbureau Argo op 2 maart 2026 een verkennend booronderzoek uitgevoerd. Het onderzochte plangebied is gelegen aan de Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar (afbeelding 1, 2, 3 en 4) en heeft een oppervlakte van ca. 9.750 m². Het terrein is deels bebouwd met een sporthal inclusief wielerbaan. Aan de noord- en oostzijde is er een openlucht mountainbike-parcours met heuvels en kombochten. Het huidige complex is toe aan renovatie. Men heeft echter besloten de huidige bebouwing te slopen en opnieuw op te bouwen, grotendeels binnen de huidige bebouwingscontouren, met nieuwe ruimtes aan de zijde van de parkeerplaats ten westen van het complex. Naast de bestaande wielerbaan en sportvloer zal er in het nieuwe complex ruimte worden gereserveerd voor andere sporten, kleedruimtes, leslokalen en dergelijke. Deze plannen vormden tevens de aanleiding tot de uitvoering van onderhavig booronderzoek. Verwacht werd dat bij de ontgravingen voor de toekomstige bouwwerkzaamheden eventueel aanwezige archeologisch behoudenswaardige resten verstoord kunnen raken. Het doel van inventariserend veldonderzoek door middel van boringen is het toetsen van de eerder opgestelde gespecificeerde archeologische verwachting.

De vraagstelling van een verkennend booronderzoek richt zich op de bodemopbouw en mogelijke bodemverstoringen binnen het onderzoeksgebied die de archeologische trefkans kunnen beïnvloeden. Tevens zijn op basis van de resultaten van het onderhavige onderzoek de onderzoeksvragen uit het PvE in hoofdstuk 5 beantwoord. Uit het booronderzoek blijkt dat de bodem in het plangebied tot op relatief grote diepte is verstoord. De recente pakketten reiken tot gemiddeld ca. 1,40 m -mv (oftewel minimaal -1,75 m NAP in boring 6 en maximaal -1,97 m NAP in boring 1). Daaronder bevindt zich de natuurlijke ondergrond, geïnterpreteerd als strandvlakte. Strandvlaktes zijn (wegens nattigheid, eb en vloed etc.) niet geschikt voor bewoning. Alhoewel vondsten die gerelateerd zijn aan de visvangst en jacht niet helemaal kunnen worden uitgesloten is de trefkans zeer klein. De kans dat hierin sprake is van behoudenswaardige archeologische resten worden aangetroffen wordt als zeer gering geschat. Er wordt dan ook geadviseerd af te zien van vervolgonderzoek en het plangebied vrij te geven voor de geplande sloop en nieuwbouw. De beslissing om bovenstaand advies al dan niet over te nemen (een selectiebesluit) dient door de bevoegde overheid, in dit geval de gemeente Alkmaar, te worden genomen.

Tot slot dient te worden vermeld dat, ongeacht dit advies en het selectiebesluit, er een wettelijke meldingsplicht bestaat (Erfgoedwet 2016 en omgevingswet 2024) mochten er onverhoopt toch archeologische overblijfselen worden aangetroffen.

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

13

7. Bronnen 7.1 Literatuur Berg, G. Van den, 2026. Programma van Eisen Terborchlaan 200 te Alkmaar. Gemeente Alkmaar. Kleij, P. ten & J.P.L. Vaars, 2026. Plan van Aanpak Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) ‘Sportpaleis’ Terborchlaan te Alkmaar, gemeente Alkmaar. Argo, Zaandam. Médard, A., 2025. Kwaliteitshandboek Archeologenbureau Argo versie 3.0. Argo 1, Zaandam. SIKB, 2024. Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie 4.2. SIKB, 2005. Archeologische Boorbeschrijvingswaaier. SIKB, 2005. Archeologische Standaard Boorbeschrijvingen (ASB).

7.2 Internetbronnen https://beeldbank.cultureelerfgoed.nl 7.3 Afbeeldingenlijst Afbeelding 1. Het plangebied (rood omlijnd) op een uitsnede van een topografische kaart...........................4 Afbeelding 2. Het plangebied vanaf het parkeertrrein bezien (foto richting het oosten)................................5 Afbeelding 3. Het plangebied met links het mountainbike-parcours en rechts de sporthal (foto richting het noordoosten)................................................................................................................................................... 5 Afbeelding 4. Het plangebied ter plekke van boring 7 (foto richting het zuiddwesten)...................................6 Afbeelding 5. De locatie van de boringen binnen het plangebied (rood omlijnd) geprojecteerd op een uitsnede van een topografische kaart ............................................................................................................ 8 Afbeelding 6. De locatie van de boringen binnen het plangebied (rood omlijnd) geprojecteerd op een luchtfoto.......................................................................................................................................................... 9

14 Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

Bijlage 1. Traject archeologische monumentenzorg: stappenplan In het “stappenplan archeologie” wordt aangegeven welk traject bij planvorming bewandeld moet worden als het gaat om het inpassen van archeologische waarden en verwachtingen. Het is van groot belang om in een zo vroeg mogelijk stadium van de planvorming rekening te houden met de archeologische waarden en verwachtingen en wel voordat men aanvangt met de globale invulling van een plangebied. Het stappenplan gaat uit van een brede inventarisatie van wat er bekend is over de archeologische waarden. Op basis daarvan wordt zeer gericht ingezoomd op voor het plan(gebied) relevante archeologische informatie. Na iedere stap wordt beredeneerd gekozen voor meer diepgaand onderzoek op specifieke plekken, zodat uiteindelijk voldoende bekend is over aanwezige vindplaatsen om gemotiveerde afweging in het ruimtelijke ordeningsproces te kunnen maken. I. Bureauonderzoek Het doel van bureauonderzoek is het verwerven van informatie - aan de hand van bestaande bronnen over bekende of verwachte archeologische waarden binnen of relevant voor het plangebied. Daarnaast moet het bureauonderzoek inzicht bieden in eventueel benodigd inventariserend onderzoek (stap II, zie onder).

Een bureauonderzoek bestaat uit een archief- en literatuuronderzoek van archeologische en bodemkundige gegevens die bij RCE, provincie, gemeente en/of andere instanties (b.v. universiteiten, musea) bekend zijn over het betreffende gebied. Het Bureauonderzoek dient de volgende aspecten te behandelen: • • • • • • •

• • • • •

aangeven wat de aanleiding is voor het bureauonderzoek en om welk gebied het gaat. Dit in verband met het bepalen van het onderzoekskader; beschrijven van het huidige gebruik van de locatie op basis van beschikbare relevante gegevens; beschrijven van het historische grondgebruik of de historische ontwikkeling van het gebied op basis van geofysische, fysische en historisch-geografische gegevens ; een korte impressie over de ontstaansgeschiedenis van het landschap ; een impressie van de bewoningsgeschiedenis; beschrijven bekende archeologische waarden ; archeologisch waardevolle terreinen zoals deze zijn opgenomen in het Centraal Monumenten Archief (CMA) van de RACM. Dezelfde terreinen zijn tevens opgenomen op de Archeologische Monumentenkaarten (AMK) van de provincies. Archeologisch waardevolle terreinen genieten wettelijke bescherming (ex artikel 3 en 6 van de Monumentenwet) of dienen een planologische bescherming te krijgen binnen het bestemmingsplan; archeologische vindplaatsen zoals deze in het Centraal Archeologisch Archief (CAA) van de RCE aanwezig zijn.

Clustering van vindplaatsen kan wijzen op de aanwezigheid van bewoningssporen uit het verleden; beschrijven van de archeologische verwachtingen en opstellen van een gespecificeerd en onderbouwd verwachtingsmodel van de verwachte archeologische waarden: aan de hand van de door de RCE ontwikkelde Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden. Gebieden met een hoge of middelhoge archeologische verwachtingswaarde of trefkans komen in ieder geval voor een nader archeologisch onderzoek in aanmerking; aan de hand van een meer gedetailleerde provinciale c.q. gemeentelijke verwachtingskaart; rapportage met daarin advisering ten behoeve van het vervolgtraject gerelateerd aan de verschillende stadia van het planvormingsproces.

II. Inventariserend veldonderzoek (IVO) Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het zeer gericht aanvullen en toetsen van de uitkomsten van het bureauonderzoek. Stapsgewijs wordt bekeken óf er archeologische waarden aanwezig zijn en zo ja, wat dan de aard, karakter, omvang, datering, gaafheid, conservering en relatieve kwaliteit is. Ten behoeve van een IVO dient een Programma van Eisen (PvE) opgesteld te worden. In principe wordt het IVO uitgevoerd op basis van een Plan van Aanpak (PvA). Het onderzoek kan bestaan uit de volgende methoden: • • •

non-destructieve methoden: geofysische methoden (elektrische, magnetische en elektromagnetische methoden eventueel in combinatie met remote sensing technieken); weinig destructieve methoden: oppervlaktekartering, booronderzoek, sondering (putjes van maximaal een vierkante meter); destructieve methoden: proefsleuven.

Welke methoden (kunnen) worden ingezet hangt af van de locatie en vraagstelling. De onderbouwing voor de in te zetten methoden is in het bureauonderzoek gegeven. Een inventariserend veldonderzoek moet leiden tot een waardering en een archeologisch inhoudelijk selectieadvies. Bij weinig destructieve methoden gaat het om oppervlaktekartering en booronderzoek. Dit houdt in dat het plangebied wordt gekarteerd door middel van het “belopen” van akkers en weilanden, waarbij gezocht wordt naar aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische waarden. Daarnaast wordt door middel van boringen onderzocht hoe het staat met de bodemopbouw, en of er archeologische lagen of indicatoren te onderscheiden zijn. De aangetroffen vindplaatsen kunnen vervolgens nader bekeken worden met een meer diepgaand booronderzoek. Dit levert nadere informatie over de omvang en waardering op. Soms is het nodig om in dit stadium proefputten te graven. Een proefsleuvenonderzoek wordt uitgevoerd indien uit de minder destructieve onderzoeksmethoden is gebleken dat er in een plangebied waardevolle archeologische vindplaatsen aanwezig zijn. Door middel van het graven van een aantal proefsleuven kunnen de exacte begrenzing, de datering en de graad van conservering van een vindplaats worden onderzocht. Uit het proefsleuvenonderzoek moet blijken of een

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

15

vindplaats behoudenswaardig of zelfs beschermwaardig is. Is dit het geval, dan zal bekeken moeten worden of de vindplaats ingepast kan worden in het plan. Het rijks- en ook het provinciaal archeologiebeleid gaat in eerste instantie uit van behoud van het bodemarchief in situ (ter plekke in de bodem). Eventueel: III. Opgraven ofwel archeologisch vervolgonderzoek Indien het niet mogelijk is een ‘behoudenswaardige of beschermwaardige’ vindplaats in situ te bewaren, zal het hier aanwezige bodemarchief voor het nageslacht bewaard dienen te worden door middel van een vlakdekkend onderzoek. Alleen dan is deze stap (stap III) noodzakelijk. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort.

16 Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

Bijlage 2. Tabel archeologische en geologische perioden

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

17

Bijlage 3. Boorbeschrijvingen Bij het beschrijven van de boringen is gebruik gemaakt van de Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode (ASB) en de daarvan afgeleide Archeologische Boorbeschrijvingswaaier van de SIKB (SIKB, 2005). Voor de concordantielijst van gebruikte afkortingen wordt verwezen naar de tekst van de ASB, vrij te downloaden op www.sikb.nl. Beknopte verklaring gebruikte afkortingen: 1: zwak 2: matig 3: sterk br.: bruin bl.: blauw gr.: grijs ro: rood bst: baksteen mo: mortel do.: donker H: humeus hk: houtskool sch: schelpresten zl: zandlagen fe: ijzeroer K: klei k: kleiig li.: licht mv: maaiveld R: recent ro.: rood s: siltig T: secundaire kleur V: veen Z: zand z: zandig Boring 1; -0,57 m NAP Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Van

Tot

Van

Tot

Interpretatie

0

15

-0,57

-0,72

do. br. T do. gr. Zk1 H2 + R ro. bst puin1

Recent, bouwvoor

15

90

-0,72

-1,47

li. gr. T li. br. kalkrijk grof Zs1 + br. Kz2 brokken + sch gruis1 + kiezels1, vlekkerig

Recent

90

140

-1,47

-1,97

gr. T br. kalkrijk grof Zs1 + br. Kz1 brokken + sch gruis 1 + kiezels1, vlekkerig

Recent

140

200

-1,97

-2,57

gr. T bl. kalkrijk grof Zs1 + fijn en grof sch gruis1

Natuurlijk, strandvlakte

Boring 2; -0,33 m NAP Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Interpretatie

Van

Tot

Van

Tot

0

15

-0,33

-0,48

do. br. T do. gr. Zk1 H2 + recent ro. bst puin1

Recent, bouwvoor

15

25

-0,48

-0,58

R ro. bst

Recent, bestrating

25

80

-0,58

-1,13

li. gr. T li. br. kalkrijk grof Zk1 + R bst puin2 + kiezels1, vlekkerig

Recent

80

145

-1,13

-1,78

do. gr. Zk1 + R bst puin1 + kiezels1 + do. gr. T do. br. Kz1 brokken + sch gruis 1; stinkt, vervuild

Recent

145

200

-1,78

-2,33

gr. T bl. kalkrijk grof Zs1 + fijn en grof sch gruis1

Natuurlijk, strandvlakte

18 Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

Boring 3; +0,18 m NAP Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Van

Tot

Van

Tot

Interpretatie

0

35

0,18

-0,17

do. br. T do. gr. Zk1 H2 + R ro. bst puin1

Recent, bouwvoor

35

58

-0,17

-0,4

R ro. bst puin3 + beton1 + mo2

Recent, puinlaag

58

102

-0,4

-0,84

li. gr. T li. br. kalkrijk grof Zk1 + R bst puin2 + kiezels1, vlekkerig

Recent

102

195

-0,84

-1,77

do. gr. Zk1 + R bst puin1 + kiezels1 + sch gruis 1

Recent

195

220

-1,77

-2,02

gr. T bl. kalkrijk grof Zs1 + fijn en grof sch gruis1

Natuurlijk, strandvlakte

Boring 4; m NAP; +0,27 Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Van

Tot

Van

Tot

0

15

0,27

0,12

do. br. T do. gr. Zk1 H2 + R ro. bst puin1 + beton1

Recent, bouwvoor

15

30

0,12

-0,03

li. gr. T li. br. Grof Zs1 + R grof bst puin3 + kiezels3 + beton 3 + mo1

Recent, puinlaag

30

-0,03

Interpretatie

stuikt ondanks puinboor én schep

Boring 5; +0,32 m NAP Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Van

Tot

Van

Tot

0

5

0,32

0,12

do. br. T do. gr. Zk1 H2 + R ro. bst puin1 + beton1

Recent, bouwvoor

5

40

0,12

-0,08

li. gr. T li. br. Grof Zs1 + R grof bst puin3 + kiezels3 + beton 3 + mo1; ondoordringbaar

Recent, puinlaag

40

-0,08

Interpretatie

stuikt ondanks puinboor én schep; pogingen ernaast ook

Boring 6; -0,40 m NAP Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Interpretatie

Van

Tot

Van

Tot

0

5

-0,4

-0,45

straattegel

Recent, bestrating

5

135

-0,45

-1,75

li. br. kalkrijk grof Zs1 + sch gruis 1, vlekkerig (geroerd)

Recent

135

200

-1,75

-2,4

li. br. T li. gr. kalkrijk grof Zs1 + fijn en grof sch gruis 2 (waaronder hele schelpen)

Natuurlijk, strandvlakte

Boring 7; -0,50 m NAP Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Interpretatie

Van

Tot

Van

Tot

0

5

-0,5

-0,55

straattegel

Recent, bestrating

5

140

-0,55

-1,9

li. br. kalkrijk grof Zs1 + sch gruis 1 + kiezel1, vlekkerig (geroerd)

Recent

140

200

-1,9

-2,5

li. br. T li. gr. kalkrijk grof Zs1 + fijn en grof sch gruis 2 (waaronder hele schelpen)

Natuurlijk, strandvlakte

Inventariserend Veldonderzoek d.m.v. boringen (IVO-B) Terborchlaan 200 te Alkmaar, gemeente Alkmaar

19

Boring 8; -0,11 m NAP Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Van

Tot

Van

Tot

0

5

-0,11

-0,16

do. br. T do. gr. Zk1 H2 + R ro. bst puin1

Recent, bouwvoor

5

45

-0,16

-0,56

li. br. grof Zs1 + kiezels1 + R bstpuin1

Recent

45

65

-0,56

-0,76

li. br. grof Zs1, vlekkerig, + br. Kz1 brokken + R puin1 + kiezels1

Recent

65

-0,76

Interpretatie

stuikt op ondoordringbare verharding

Boring 9; -0,81 m NAP Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Interpretatie

Van

Tot

Van

Tot

0

30

-0,81

-1,11

do. br. T do. gr. Zk1 H2 + R ro. bst puin1 + kiezels1

Recent, bouwvoor

30

60

-1,11

-1,41

li. br. grof Zs1 + kiezels 1; vlekkerig

Recent

60

85

-1,41

-1,66

li. br. grof Zs1, vlekkerig, + do. gr. Zk1 brokken

Recent

85

100

-1,66

-1,81

br. Zk1 + do. gr. Zk1 brokken + R puin1

Recent

100

200

-1,81

-2,81

li. gr. T li. bl. kalkrijk grof Zs1 + fijn en grof sch gruis1 (waaronder hele schelpen)

Natuurlijk, strandvlakte

Boring 10; -0,20 m NAP Diepte (cm)

Diepte (m NAP) Beschrijving

Van

Tot

Van

Tot

0

5

-0,2

-0,25

do. br. T do. gr. Zk1 H2 + R ro. bst puin1

Recent, bouwvoor

5

50

-0,25

-0,7

br. T gr. matig fijn Zs2 H1 + R ro. grof Bst puin2 + kiezels1

Recent

50

60

-0,7

-0,8

li. gr. matig fijn Zs1 + R puin1

Recent

60

70

-0,8

-0,9

gr. T br. Zs1 H1 + R puin3 + kiezels2

Recent, puinlaag

70

90

-0,9

-1,1

gr. T br. Zs1 H1 + R puin3 + kiezels2

Recent, puinlaag

90

-1,1

Stuikt op ondoordringbaar puin (ook met puinboor)

Interpretatie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16794524/1