CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1d. Verkennend natuuronderzoek

Gemeenteraad 18 juni 2026, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Omgevingsvergunning 108 woonzorgstudio’s voor senioren Elgerweg 1012.254 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Quickscan flora en fauna Elgerweg 101 Alkmaar

In opdracht van: Aveco de Bondt 10/04/2024

Colofon Tekst en fotografie:

In opdracht van: Datum: Plaats:

T. Kesselaar Elsken Ecologie Oorgat 74 1135 CT Edam daan@elskenecologie.nl 06-34082608 Aveco de Bondt 10 April 2024 Amsterdam

Copyright © 2024 Elsken Ecologie. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd, in geautomatiseerde bestanden opgeslagen en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm, geluidsband of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Elsken Ecologie. In overeenstemming met artikel 15a van het Nederlandse auteursrecht is het toegestaan delen van deze publicatie te citeren, daarbij gebruik makend van een duidelijke referentie naar deze publicatie. Aansprakelijkheid Hoewel uiterste zorg is besteed aan de inhoud van deze publicatie aanvaardt Elsken Ecologie geen enkele aansprakelijkheid voor onvolledigheid, onjuistheid of de gevolgen daarvan. Gebruik van de inhoud van deze publicatie is voor de verantwoordelijkheid van de gebruiker.

2

Inhoudsopgave

Blz:

Samenvatting

4

1. Aanleiding 1.1 Doelstelling 1.2 Literatuuronderzoek 1.3 Veldbezoek

5 5 5 5

2. Beschrijving Plangebied en voorgenomen werkzaamheden

6

3.1 Gebiedsbescherming 3.1.1 Natura 2000 3.1.2 Natuurnetwerk Nederland

7 7 7

4. Soortbescherming 4.1 Vaatplanten 4.2 Reptielen & Amfibieën 4.3 Vissen 4.4 Vogels 4.5 Vlinders 4.6 Libellen 4.7 Zoogdieren 4.7.1 Muizen 4.7.2 kleine marterachtigen 4.7.3 Vleermuizen

8 8 8 8 8 8 8 8 8 8 8

5. Gebiedsbescherming 5.1 Ecologische hoofdstructuur en het plangebied 5.2 Natura-2000 en het onderzoeksgebied

11 11 11

6. Zorgplicht

13

Conclusies & aanbevelingen

14

3

Samenvatting Met het oog op de wens tot het slopen van een schoolgebouw aan de Elgerweg 101 te Alkmaar staan voor de nabije toekomst ruimtelijke ingrepen gepland. Volgens nationale en internationale regelgeving is de initiatiefnemer verplicht voor de ingrepen onderzoek te doen naar het (eventuele) voorkomen van beschermde flora en fauna. Dit om te toetsen of de ruimtelijke ingrepen een zogeheten ‘flora- en fauna-activiteit onder de omgevingswet betreffen. En daarmee om negatieve effecten op beschermde soorten en gebieden aan te tonen of uit te sluiten. Verschillende kieren en gleuven die zich in en rondom het schoolgebouw liggen kunnen toegang bieden voor vleermuizen om achter weg te kruipen. Het zelfde geld voor een aantal grote rolluikkasten die in de praktijk ook regelmatig waardoor gebruikt door vleermuizen als verblijfplaats. Verder onderzoek is nodig om de aan- of afwezigheid van vleermuizen aan te tonen of uit te sluiten. Voor deze onderzoeken zijn richtlijnen opgesteld in het vleermuisprotocol en betreft 5 bezoeken in de periode 10 mei t/m 30 september. Verblijfplaatsen en/of leefgebied van reptielen, amfibieën, vaatplanten, vissen, dagvlinders en/of libellen zijn niet aangetroffen en/of werden uitgesloten op basis van de fysieke kenmerken en/of ligging van het plangebied.

Het pand biedt geen gelegenheid voor jaarrond beschermde nesten van gebouw bewonende vogelsoorten. Het is de directe begroeiing aan het gebouw geschikt als nestgelegenheid voor verschillende soorten vogels en is er tijdens de ecologische quickscan ook een nest in gebruik gezien. Hierom mogen werkzaamheden alleen uitgevoerd worden buiten het broedseizoen. Dit is grofweg tussen maart en augustus.

4

1. Aanleiding Met het oog op de wens tot het slopen van een schoolgebouw aan de Elgerweg 101 te Alkmaar staan voor de nabije toekomst ruimtelijke ingrepen gepland. Volgens nationale en internationale regelgeving is de initiatiefnemer verplicht voor de ingrepen onderzoek te doen naar het (eventuele) voorkomen van beschermde flora en fauna. Dit om te toetsen of de ruimtelijke ingrepen een zogeheten ‘flora- en fauna-activiteit onder de omgevingswet betreffen. En daarmee om negatieve effecten op beschermde soorten en gebieden aan te tonen of uit te sluiten. 1.1 Doelstelling Door middel van een literatuurstudie en een veldbezoek zal deze quickscan de volgende vragen beantwoorden: - Betreft de ruimtelijke ingreep een flora- en fauna-activiteit zoals bedoelt in de omgevingswet? · Welke beschermde soorten komen er (potentieel) voor in het plangebied? · Welke negatieve effecten kan de (potentieel) aanwezige flora en fauna ondervinden van de ingreep? · Is er gezien de effecten van de ingreep sprake van een overtreding van de Omgevingswet? · Welke beschermde gebieden met gebiedsbescherming, o.a Natuurnetwerk Nederland en Natura-2000 zijn er in de nabijheid van het projectgebied aanwezig en kunnen negatieve effecten op deze gebieden worden uitgesloten? 1.2 Literatuuronderzoek Door middel van een literatuuronderzoek is gekeken welke beschermde flora, fauna en beschermde gebieden er in (de

omgeving van) het plangebied voorkomen. Daarvoor is gebruik gemaakt van verspreidingsatlassen, natuurdatabanken en is er gezocht naar bestaande onderzoeksrapporten. 1.3 Veldbezoeken Het veldbezoek is afgelegd op 7 april 2024 door T. Kesselaar van Elsken Ecologie. Voorafgaand aan het veldbezoek is de ruimtelijke ontwikkeling besproken om zo een beeld te vormen van de (eventuele) impact op beschermde natuur. Tijdens het bezoek zijn de aanwezige structuren, ecotopen en de (mogelijk) aanwezige flora en fauna geïnventariseerd. Aan de hand van het vooraf uitgevoerde literatuuronderzoek is middels een zogenaamde “expert judgement” een inschatting gemaakt van de (potentieel) aanwezige beschermde natuur, flora en fauna. In dit rapport zijn de (mogelijke) negatieve effecten van de werkzaamheden getoetst aan de Omgevingswet en de daarin verwoorden flora- en fauna-activiteiten.

5

2. Beschrijving Plangebied en voorgenomen werkzaamheden Het plangebied is gelegen aan de Elgerweg 101 te Alkmaar. Het betreft een schoolgebouw met een plat dak. Dit pand zal in zijn geheel worden gesloopt ten behoeve van nieuwbouw.

Afb.1: Ligging van het plangebied aan de Elgerweg 101 te Alkmaar.

6

3. Wettelijk kader De ruimtelijke ingrepen zoals in dit rapport zijn beschreven zijn middels een literatuurstudie en in het veld getoetst aan geldende wetgevingen omtrent de natuur. Vanaf 2024 allen geschaard onder de Omgevingswet. Hierin is de soortbescherming alsmede bescherming van gebieden opgenomen. Activiteiten waarbij schade wordt gedaan aan beschermde flora en fauna zijn krachtens deze wet verboden tenzij dit uitdrukkelijk is toegestaan. Deze quickscan is er op gericht om te bepalen of er sprake is van een flora- en fauna-activiteit zoals beschreven in de omgevingswet en/of er sprake is van negatieve effecten voor onder de omgevingsgwet beschermde soorten en/of gebieden. 3.1 Gebiedsbescherming 3.1.1 Natura 2000 Deze quickscan is bedoeld om te onderzoeken of de geplande ruimtelijke ontwikkelingen een negatief effect hebben op de instandhoudingsdoelen van Natura-2000 gebieden. Of dat er aanvullend onderzoek nodig is om de effecten van de geplande ingrepen op een natura-2000 gebied te beoordelen. Eventuele stikstofberekeningen voortkomend uit de bouw- en gebruiksfase en hun effecten op Natura-2000 gebieden zijn niet meegenomen in deze rapportage.

3.1.2 Natuurnetwerk Nederland Deze quickscan is bedoeld om te onderzoeken of de geplande ingrepen een negatief effect hebben op de wezenlijke waarden van het Natuurnetwerk Nederland dan wel dat aanvullend onderzoek nodig is om de effecten van de ruimtelijke ingrepen op het Natuurnetwerk Nederland te toetsen.

7

4. Soortbescherming Soorten die volgens het literatuuronderzoek in (de directe omgeving van) het projectgebied zijn aangetroffen en hun beschermingsstatus staan in onderstaande soortteksten beschreven. 4.1 Vaatplanten Het pand is omgeven door verhard schoolplein met enkele gecultiveerde plantvakken. Beschermde soorten vaatplanten mogen redelijkerwijs worden uitgesloten. 4.2 Reptielen & amfibieën Gezien de geografische ligging mogen reptielen worden uitgesloten. Op basis van de fysieke karakteristieken van het plangebied worden beschermde en/of algemene soorten amfibieën het perceel niet niet verwacht. Er zijn geen geschikte voortplantingswateren of rommelhopen of andere geschikte overwinteringsplaatsen. De aangrenzende sloot heeft een beschoeide oever. Van landbiotoop is evenmin sprake. 4.3 Vissen Er worden geen ingrepen aan wateren gedaan. 4.4 Vogels Het platte bitumen dak is ongeschikt voor jaarrond beschermde verblijfplaatsen van vogels. Wel is er veel begroeiing rondom het pand en in het plangebied aanwezig waar vogels in kunnen nestellen en is er tijdens de ecologische quickscan ook een boom waargenomen met een nest dat in gebruik is. Werkzaamheden kunnen daarom alleen worden uitgevoerd buiten het broedseizoen. Dit is grofweg tussen maart en augustus. 4.5 Vlinders Er zijn geen geschikte waardplanten of bomen voor beschermde vlindersoorten aanwezig in het plangebied.

4.6 Libellen Er zijn geen geschikte wateren of groenstructuren voor beschermde libellen soorten aanwezig in of nabij het plangebied. 4.7 Zoogdieren 4.7.1 Muizen Het plangebied is niet geschikt voor beschermde grondgebonden zoogdieren. Het ontbreekt er aan geschikte biotoop. Het ontbreekt aan (geschikt) water en/of een rietkraag. 4.7.2 Marterachtigen De locatie is ongeschikt voor marterachtigen vanwege de ligging in de woonwijk en het structuur van het pand 4.7.3 Vleermuizen Het pand is geschikt voor verblijfplaatsen van vleermuizen wegens een aantal kieren en gaten die zich lang het pand bevinden (afb. 3 & 4). Ook heeft het pand op verschillende plekken rolluiken die gebruikt kunnen worden door vleermuizen om achter te verblijven. (afb. 5). Verder onderzoek is nodig om aan te tonen of uit te sluiten dat middels de wet natuurbescherming beschermde verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn binnen de grenzen van het plangebied. Deze inventarisatie dient te worden gedaan volgens de richtlijnen van het vleermuisprotocol voor gebouwbewonende soorten van de geografische ligging van het plangebied. Dit betreft ten minste 5 bezoeken in de periode 10 april t/m 30 september. 8

Afb.2: Foto van gedeeltelijk verrot hout waar ruimte tussen is gekomen.

Afb.3: Foto van loszittende gevelbetimmering waar vleermuis tussen kan kruipen.

9

Afb.4: Foto van Rolluiken die geschikt zijn voor vleermuizen

10

5. Gebiedsbescherming 5.1 Natuurnetwerk Nederland en het plangebied Het plangebied ligt in niet in of nabij het Natuurnetwerk Nederland (afb.5). 5.2. Natura-2000 gebieden en het plangebied Het plangebied ligt niet in de nabijheid van de Natura-2000 (afb.6). Gezien de afstand tot Natura-2000 gebieden worden negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen voor habitattypen en habitatsoorten niet verwacht. Negatieve effecten middels additionele stikstofuitstoot zijn in deze rapportage/toets niet meegenomen.

Afb.5: Ligging van het plangebied ten opzichte van het natuurnetwerk Nederland. (bron: atlasleefomgeving.nl)

11

Afb.6: Ligging van het plangebied ten opzichte van Natura-2000 gebieden (bron: atlasleefomgeving.nl)

12

6. Zorgplicht De zorgplicht verlangt van de initiatiefnemer van ruimtelijke ontwikkelingen dat deze met respect omgaat met alle levende natuur. Deze luidt als volgt: 1. Een ieder neemt voldoende zorg in acht voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. 2. De zorg, bedoeld in het eerste lid, houdt in ieder geval in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen voor flora of fauna kunnen worden veroorzaakt, verplicht is dergelijk handelen achterwege te laten voorzover zulks in redelijkheid kan worden gevergd, dan wel alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd teneinde die gevolgen te voorkomen of, voorzover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. Invulling van de term “in redelijkheid” is een eigen verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer. De wet erkent de intrinsieke waarde van de in het wild levende dieren. Dat betekent dat voor de wet alle dieren van onvervangbare waarde zijn en dat daar niet onzorgvuldig mee mag worden omgegaan. Vanuit deze gedachte is de zorgplicht in artikel 2 van de wet opgenomen. De zorgplicht geldt voor alle soorten, ook voor plantensoorten en de soorten die niet als beschermd zijn aangewezen.

Er mag van de initiatiefnemer worden verwacht dat de personen verantwoordelijk voor de uitvoering van de werkzaamheden op de hoogte zijn of worden gebracht van de zorgplicht. Indien er twijfel bestaat over het al dan niet naleven van de zorgplicht en/of het welzijn van flora en fauna tijdens de werkzaamheden dient er contact opgenomen te worden met een erkend ecoloog.

13

Conclusies & aanbevelingen Verblijfplaatsen en/of leefgebied van reptielen, amfibieën, vaatplanten, vissen, dagvlinders en/of libellen zijn niet aangetroffen en/of werden uitgesloten op basis van de fysieke kenmerken en/of ligging van het plangebied. Het pand zelf bied geen gelegenheid voor jaarrond beschermde nesten van gebouw bewonende vogelsoorten. Het is de directe begroeiing aan het gebouw geschikt als nestgelegenheid voor verschillende soorten vogels en is er tijdens de ecologische quickscan ook een nest in gebruik gezien. Hierom mogen werkzaamheden alleen uitgevoerd worden buiten het broedseizoen. Dit is grofweg tussen maart en augustus. Verschillende kieren en gleuven die zich in en rondom het schoolgebouw liggen kunnen toegang bieden voor vleermuizen om achter weg te kruipen. Het zelfde geld voor een aantal grote rolluikkasten die in de praktijk ook regelmatig waardoor gebruikt door vleermuizen als verblijfplaats. Verder onderzoek is nodig om de aan- of afwezigheid van vleermuizen aan te tonen of uit te sluiten. Voor deze onderzoeken zijn richtlijnen opgesteld in het vleermuisprotocol en betreft 5 bezoeken in de periode 10 mei t/m 30 september. Het plangebied ligt niet in het Natuurnetwerk Nederland. Het plangebied ligt niet in de nabijheid van de Natura-2000.

Gezien de afstand tot Natura-2000 gebieden worden negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen voor habitattypen en habitatsoorten niet verwacht. Negatieve effecten middels additionele stikstofuitstoot zijn in deze rapportage/toets niet meegenomen. Tijdens de werkzaamheden dient in ieder geval rekening te worden gehouden met de zorgplicht. Indien er twijfel bestaat over het al dan niet naleven van de zorgplicht en/of het welzijn van flora en fauna tijdens de werkzaamheden dient er contact opgenomen te worden met een erkend ecoloog.

14

Literatuur Creemers, R.C.M & J.J.C.W van Delft, 2009 (Ravon). De amfibieën en reptielen van Nederland. Nederlandse fauna deel 9. Dietz , 2009. Vleermuizen, alle soorten van Europa en Noordwest-Afrika. Limpens, 2011. Vleermuizen en planologie. Svensson, 2005. Vogelgids van Europa. Internet: www.atlasleefomgeving.nl/kaarten

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16867682/1