Bijlage 1 Toelichting wijzigingen GR RAUM incl. WAS-WORDT tabel
Tekst van het document
Toelichting bij de wijzigingen van de gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer
Context – wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen Op 14 december 2021 heeft Eerste Kamer ingestemd met het wetsvoorstel “Versterken van de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen” om de Wet gemeenschappelijke regelingen (hierna: Wgr) te wijzigen. Sinds 1 juli 2022 is deze wetswijziging van kracht. De wijziging heeft tot doel de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen te versterken. Met deze wijziging hebben en krijgen volksvertegenwoordigers, waaronder gemeenteraadsleden en statenleden, meer invloed op de besluitvorming van dit soort samenwerkingen en kunnen ze die beter controleren Het gaat daarbij specifiek om de kaderstellende en controlerende rol bij de uitvoering van taken in gemeenschappelijke regelingen. Om die versterking te bereiken is een aantal bestaande instrumenten van de volksvertegenwoordiging aangepast en uitgebreid. Ook is de democratische legitimatie van de besluitvorming binnen zo’n samenwerkingsverband vergroot door participatiemogelijkheden van burgers en belanghebbenden bij de besluitvorming in gemeenschappelijke regelingen. Het instrumentarium van gemeenteraad en provinciale staten is uitgebreid. Het betreft niet alleen verplichte, uit de Wgr voortvloeiende wijzigingen.
Een aantal wijzigingen houden ook een keuze in om het instrument wel of niet in de gemeenschappelijke regeling (hierna; GR) op te nemen en toe te passen. De keuzes richten zich op: • Zienswijzen indienen, reacties op zienswijzen – begroting en andere besluiten • Evaluatie, o.a. van beleid en uitvoering van de GR • Participatie/inspraak, o.a. gemeenschappelijke (raads)adviescommissie, burgerparticipatie • Uittredingsregeling, gevolgen van, en voorwaarden waaronder uittreding mogelijk is. Alle hier bedoelde (5) recreatieschappen in Noord-Holland zijn zogeheten ‘gemengde regelingen’ van colleges, gemeenteraden en provinciale staten. Voor recreatieschap Geestmerambacht geldt dit zonder de provincie dus zonder college van GS en Provinciale Staten van Noord-Holland. De colleges, raden en staten zijn dus collectief eigenaren van deze recreatieschappen. De eigenaren (deelnemers) hebben tot uiterlijk 1 juli 2024 tijd om de regeling te wijzigen. Er zijn echter een aantal wettelijke wijzigingen die vanaf 1 juli 2022 direct in werking zijn getreden, zoals de gewijzigde begrotingstermijnen, de actieve informatieplicht van het bestuur en de bevoegdheid van lokale of gezamenlijke rekenkamers om onderzoek te doen naar het gevoerde bestuur van een gemeenschappelijke regeling (artikel 184 Gemeentewet).
Werkgroep WGR Via het voorzittersoverleg is ervoor gekozen om de besluitvorming voor aanpassing van de (5) gemeenschappelijke regelingen gecoördineerd uit te voeren. Uitgangspunt is dat voor alle schappen de wijzigingen in één keer worden gedaan zodat de colleges, gemeenteraden en provinciale staten de ontwerp regelingen slechts één keer in procedure hoeven te nemen voor alle recreatieschappen waar ze deel van uitmaken. In opdracht van, en onder aansturing van het Bestuursbureau is door RNH een ambtelijke werkgroep WGR geformeerd, bestaande uit vertegenwoordigers van adviescommissieleden van de recreatieschappen. Het betreft vrijwel dezelfde ambtelijke vertegenwoordigers die eerder betrokken zijn geweest bij de oprichting van het Bestuursbureau. Begin 2022 is reeds door een jurist een quick scan uitgevoerd waaruit blijkt met welke keuzes en wijzigingen de recreatieschappen te maken hebben. De werkgroep heeft een aantal primaire resultaten vertaald naar concrete voorstellen voor besluitvorming. Deze staan vervat in de notitie ‘Bouwstenen WGR’.
1
Bouwstenen WGR – informatiebijeenkomsten voor leden van raden en staten (nov. 2022) Omdat de gemeenschappelijke regelingen van de colleges, raden en staten zijn, zijn alle gemeenteraadsleden, statenleden en colleges van B&W en GS uitgenodigd om begin november 2022 actief (fysiek of digitaal) deel te nemen aan één van de twee informatiebijeenkomsten annex werksessies WGR. Tijdens die bijeenkomsten hebben de aanwezigen kennis genomen en kunnen reageren op de bevindingen en voorstellen (vervat in ‘Bouwstenen WGR’) die vanuit de ambtelijke werkgroep door het Bestuursbureau ter besluitvorming aan de schapsbesturen zijn voorgelegd. Aansluitend zijn in november en december 2022 de in de ‘Bouwstenen WGR’ gemotiveerde keuzes en voorstellen -als basis voor wijziging van de gemeenschappelijke regelingen- unaniem door alle recreatieschappen aanvaard of omarmd. Zo is ermee ingestemd om geen gemeenschappelijke adviescommissie (van raadsleden) in te stellen en het aantal momenten of onderwerpen voor het indienen van zienswijzen niet te vergroten. Wel is besloten om de in de wet verankerde mogelijkheid voor burgerparticipatie voor het bestuur nader uit te werken waarbij nadrukkelijk afstemming met de gemeenten moet plaatsvinden. De primaire verantwoordelijkheid voor ruimtelijke planvorming ligt bij de gemeenten. Hiervoor geldt o.a.
de Omgevingswet Een aantal zaken is verplicht uitgewerkt in de voorliggende ontwerp GR zoals het privaatrechtelijk toezicht (democratische controle), de evaluatie van de GR, uittredingsregeling, actieve informatieplicht en de wijze van reactie op zienswijzen.
Bestuurlijk portefeuillehouder en opdrachtgeverschap Vanuit het Voorzittersoverleg is Annette Groot (wethouder gemeente Dijk en Waard) aangesteld om de rol van bestuurlijke portefeuillehouder op zich te nemen. Het Bestuursbureau vervult namens de recreatieschappen de rol van ambtelijk opdrachtgever voor de procesmanager van RNH en de ambtelijke werkgroep WGR.
Gewijzigde GR in relatie tot de Verordening financieel beheer (VFB) In verband met de gewenste wendbaarheid en snelheid voor toekomstige aanpassingen in de grondslagen en/of omvang en verdeling van de participantenbijdragen, is ervoor gekozen om vrijwel alle financiële bepalingen uit de GR over te hevelen naar de ‘Verordening financieel beheer’ (VFB). Het overzicht met de verdeling van de participantenbijdragen treft u derhalve niet meer aan in de bijlage bij de GR maar in de verordening. Door het budgetrecht van gemeenteraden en Provinciale Staten wordt deze, en elke toekomstige wijziging van de verordening, altijd voor zienswijzen aangeboden aan alle deelnemers. De verdeelsleutel kan alleen op basis van unanimiteit worden gewijzigd. De nieuwe verordening treedt in werking nadat de gewijzigde GR is gepubliceerd, en zal eerst vanaf 2025 worden toegepast op de financiële jaarstukken. Een andere relevante toevoeging aan deze verordening is een bepaling (artikel 12, VFB) waarmee wordt verwezen naar het gebruik van de fiscale koepelvrijstelling voor het Btw Compensatie Fonds (BCF).
2
Naar: ‘Bouwstenen WGR’, waarover op 30-11-2022 is besloten door het AB van Recreatieschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer: Onderwerp Toelichting Advies Motivatie, en waar staat dit in de ontwerp GR (ja / nee) Gemeenschappelijke Een commissie bestaande uit raadsleden die het Nee De raden en staten worden op dit moment al voorzien van transparante (meerjaren) adviescommissie bestuur van de gemeenschappelijke regeling van programmabegrotingen en jaarrekeningen waarbij zij zienswijzen kunnen advies kan voorzien, de besluitvorming van de raden inbrengen. Ook worden (Kadernota en) gebiedsvisies voor een zienswijze bij de van de deelnemende gemeenten met betrekking tot raden en staten ingebracht. Het bestuur wordt ondersteund door een ambtelijke de gemeenschappelijke regeling kan voorbereiden of adviescommissie waarin ambtenaren van alle deelnemende gemeenten en de de raden van advies kan voorzien. provincie zitten. Recreatieschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer is een uitvoeringsgerichte orgaan (‘openbaar lichaam’) dat een recreatiegebied beheert op basis van vastgesteld provinciaal en gemeentelijk beleid. Dat maakt de behoefte aan extra adviesmogelijkheden minder groot dan bij gemeenschappelijke regelingen die ook beleidszaken regelen.
Indienen zienswijzen Gemeenteraden en provinciale staten krijgen de Nee Raden en staten mogen nu al bij de behandeling van de ontwerp (meerjaren) op verschillende bevoegdheid om een zienswijze in te dienen begroting zienswijzen indienen. Deze kunnen ook betrekking hebben op onderwerpen voorafgaand aan het nemen van besluiten door de voorgenomen beleid of financiële uitgangspunten. Alle zienswijzen worden door GR. In de regeling moet worden vastgelegd over het DB beoordeeld en becommentarieerd. Vervolgens wordt dit in het AB welke ontwerp besluiten zienswijzen kunnen worden besproken waarna de (meerjaren) begroting -eventueel gewijzigd- wordt ingediend. Het dagelijks bestuur (DB) van de GR laat vastgesteld. Bij de behandeling van de zienswijzen wordt aangegeven wat ermee is vervolgens voorafgaand aan het daadwerkelijke gedaan. Ook visies, verordeningen en uitvoeringsprogramma’s worden nu aan de besluit aan het algemeen bestuur (AB) weten óf en raden en staten voor zienswijzen voorgelegd. wat er is gedaan met deze zienswijzen. De Wgr sluit De besluiten van het bestuur waarover de raden van de deelnemende gemeenten overigens niet uit dat in de GR wordt vastgelegd dat en provinciale staten een zienswijze naar voren kunnen brengen voorafgaand aan er geen mogelijkheid tot zienswijzen bestaat voor het nemen van het besluit, staan vervat in ARTIKEL 5 Lid 5a.
Lid 5c biedt nog de bepaalde besluiten van de GR. De zienswijzen (extra) mogelijkheid om andere, specifieke ontwerp besluiten voor zienswijzen kunnen dus niet alleen in de begrotingscyclus open te stellen, ter beoordeling van het bestuur van het recreatieschap. worden ingediend, maar ook bij voorgenomen Nog meer mogelijkheden voor zienswijzen zou de bestuurlijke drukte kunnen besluiten. Bijvoorbeeld bij besluiten met een vergroten. De drukte die bestuurders ervaren als gevolg van deelname aan één of aanzienlijk financieel belang, politiek gevoelige meerdere recreatieschappen is al jarenlang een issue. besluiten of beleidsmatige keuzes. Bovendien zijn er in de afgelopen jaren weinig zienswijzen ontvangen. Ook de rol van een recreatieschap als beheerder van gebieden en terreinen zonder bevoegdheden van ruimtelijke ordening zorgt ervoor dat zienswijzen niet veel voorkomen. Burgerparticipatie Burgerparticipatie binnen het ‘verlengd lokaal Ja Er moet ruimte zijn voor het bestuur om burgerparticipatie in te stellen bij bepaalde bestuur’ is wettelijk verankerd. Zo krijgt de projecten, bijvoorbeeld met grote maatschappelijke impact. Hierbij moet worden participatie een vaste plek binnen de aangesloten op relevante wetgeving zoals de Omgevingswet. Sowieso moet voor
3
Onderwerp Toelichting Advies Motivatie, en waar staat dit in de ontwerp GR (ja / nee) gemeenschappelijke regelingen. Inwoners en ruimtelijke plannen worden samengewerkt met gemeenten (en het door hen belanghebbenden kunnen bij de voorbereiding, gevoerde participatiebeleid) omdat de ruimtelijke planvorming voornamelijk bij uitvoering en evaluatie van het beleid in regionale gemeenten is ondergebracht en niet bij de recreatieschappen. samenwerkingsverbanden betrokken worden. De ARTIKEL 5 lid 4 is toegevoegd om inspraak door ingezetenen en belanghebbenden Wgr laat overigens de vrijheid om te regelen dat een van de deelnemende bestuursorganen van de provincie en de gemeenten bij de dergelijke inspraakmogelijkheid niet wordt geboden. voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid mogelijk te maken. Aangezien het Dit kan bijvoorbeeld afhangen van de belangen die recreatieschap taken uitvoert die door de deelnemende bestuursorganen zijn de GR behartigt en van de mate waarin het door de overgedragen, is het algemeen bestuur verantwoordelijk voor het regelen van deze regeling gevoerde beleid de belangen van participatie. Daartoe zal het algemeen bestuur een verordening dienen vast te ingezetenen en andere belanghebbenden raakt. stellen, waarin de wijze waarop hieraan invulling wordt gegeven, wordt geregeld.
Privaatrechtelijk Samenwerkingsverbanden van decentrale Ja Recreatieschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer is een publiekrechtelijk toezicht overheden zijn privaatrechtelijk van aard. Hierop (verplicht) samenwerkingsverband, een openbaar lichaam. In die zin is er geen sprake van (inhoud regeling) waren de controle- en participatie-instrumenten van privaatrechtelijk toezicht. gemeenschappelijke regelingen niet van toepassing. Het aspect van toezicht zit besloten in de controlerende taken en bevoegdheden Op basis van de nieuwe Wgr gaat de regering in van de raden en staten, alsmede van de (nieuwe) bepalingen inzake evaluatie van overleg met de decentrale overheden een kader de GR. opstellen voor democratische controle op Zo kunnen gemeenteraden en provinciale staten een gezamenlijke enquête starten privaatrechtelijke samenwerkingen. naar het in de GR gevoerde bestuur. De bevoegdheid om gezamenlijk als gemeenteraden en provinciale staten onderzoek te doen naar het gevoerde bestuur Toezicht op bestuur van een GR is ingevoerd bij de wijzigingen van de Wgr (en enige andere wetten in verband met het versterken van de democratische legitimatie van GR’en). Deze wijziging heeft tot doel de controlemogelijkheden van gemeenteraden op gemeenschappelijke regelingen te versterken.
De onderzoeksbevoegdheid die is geregeld in de artikelen 155g en 155h Gemeentewet is in grote mate hetzelfde als het lokale enquêterecht van individuele gemeenteraden en provinciale staten. De belangrijkste verschillen betreffen de besluitvorming, het samenstellen van de onderzoekscommissie en de omvang van degenen die verplicht zijn mee te werken.
Alle betrokken raden en staten moeten unaniem met deze enquête instemmen.
Evaluatie van de GR Volksvertegenwoordigers krijgen vanwege hun Ja In ARTIKEL 31 wordt hierin voorzien. Hier is de evaluatie van de regeling opgenomen (inhoud regeling) controlerende functie meer invloed op het (verplicht) als uitvloeisel van het beleids- en controle-instrument van raden en staten, zoals functioneren van een regeling door een dat opgenomen is in artikel 11a van de Wgr. Eenmaal in de vier jaar wordt de evaluatiemoment in de GR op te nemen van de regeling geëvalueerd met het doel te beoordelen of met de samenwerking het regeling. beoogde doel is gerealiseerd en de taken met het oog op die samenwerking eventueel aanpassing behoeven.
4
Onderwerp Toelichting Advies Motivatie, en waar staat dit in de ontwerp GR (ja / nee) De Wgr is gewijzigd op een aantal meer procedurele In HOOFDSTUK X van de ontwerp regeling staan alle relevante bepalingen die aspecten. Zo moeten GR’en bepalingen bevatten betrekking hebben op toetreding, uittreding, wijziging en opheffing van de GR. over de wijziging, opheffing, toetreding en Overigens, staan deze goeddeels ook in de huidige GR (voorwaarden van) uittreding. Dit was al het geval voor regelingen die voor onbepaalde tijd zijn getroffen, maar deze verplichting geldt nu ook voor regelingen van bepaalde tijd. Uittredingsregeling Het opnemen van een goede uittredingsregeling in Ja In HOOFDSTUK X (ARTIKELEN 22 t/m 26) zijn de ‘spelregels’ verwoord voor toe- en (inhoud regeling) de GR. (verplicht) uittreding van participanten, inclusief de wijze waarop de GR kan worden opgeheven en geliquideerd. In de regeling dienen afspraken gemaakt te worden over (financiële) gevolgen van uittreding voor de Artikelen 23 tot en met 25 Uittreding uittredende deelnemers en voor de GR. Op deze De Wgr bepaalt in artikel 9 dat er ter zake uittreding in ieder geval drie zaken manier bestaat vooraf al duidelijkheid bij alle geregeld dienen te worden: deelnemers over de (financiële) gevolgen die een a. De voorwaarden waaronder kan worden uitgetreden; eventuele uittreding met zich mee brengt. b.
de gevolgen voor het vermogen van de rechtspersoon (het openbaar lichaam) en c. de gevolgen voor alle deelnemers.
Uittreding gebeurt bij besluit van een deelnemend bestuursorgaan. Voordat een deelnemer wenst uit te treden is het mogelijk het algemeen bestuur te verzoeken om een indicatie te geven van de gevolgen van uittreding. Deze gevolgen zien op de financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties. Uittreding kan in beginsel eerst geschieden met ingang van het derde kalenderjaar volgend op het besluit van de uittredende deelnemer. Door deze termijn kunnen zowel het openbaar lichaam als de deelnemers zich in redelijkheid aanpassen aan de nieuwe situatie. Indien de gevolgen voldoende gemitigeerd zijn of kunnen worden, kunnen de deelnemers ook besluiten deze termijn te verkorten. Voor de uittreding wordt een uittredingsplan vastgesteld, waarin de financiële gevolgen van de uittreding worden opgenomen. Daaronder vallen in ieder geval de verplichtingen van de uittredende deelnemer inzake rente en aflossing van geldleningen en andere langlopende verplichtingen. De uittreedsom die in rekening wordt gebracht bij de uittredende deelnemer en die in het uittredingsplan wordt opgenomen, behelst de frictiekosten en de desintegratiekosten. Daarbij is het openbaar lichaam gehouden om de uittredingssom zo laag als redelijkerwijs mogelijk is te houden.
5
Onderwerp Toelichting Advies Motivatie, en waar staat dit in de ontwerp GR (ja / nee) Informatieplicht Het opnemen van bepalingen omtrent de wijze Ja In de Wgr wordt expliciet de actieve inlichtingenplicht aan staten en raden geregeld (inhoud regeling) waarop de actieve informatieplicht wordt (verplicht) in lijn met de bepalingen daarover in de Provincie- en Gemeentewet. In de GR wordt vormgegeven. Een nieuw (sturings)instrument is het de invulling hiervan geregeld in ARTIKEL 17 van HOOFDSTUK VII Inlichtingen en formaliseren van de actieve informatieplicht van verantwoording bestuurders van de GR, vergelijkbaar met de Naast deze wijzigingen is tevens vooruitgelopen op de inwerkingtreding van de informatieplicht van het college aan de raad. artikelen 3.1 en 3.2 van de Wet open overheid met het oog op de actieve openbaarmaking. Verder is er een aantal tekstuele veranderingen doorgevoerd.
ARTKELEN 7 en 12 In beide artikelen wordt een lid toegevoegd (lid 7 resp. lid 5) ten behoeve van de actieve openbaarmaking, zoals dat geregeld is in artikel 3.1 en 3.2 van de Wet open overheid. Een transparante overheid als het recreatieschap zal daarop anticiperen en de agenda, verslagen en besluiten van het algemeen bestuur alsmede de agenda en de besluitenlijsten van het dagelijks bestuur reeds openbaar maken. Uiteraard dienen de belangen van anderen op grond van artikelen 5.1 en 5.2 van de Wet open overheid bij deze openbaarmaking in acht te worden genomen voordat overgegaan wordt tot het openbaar maken ervan.
Wijze van reactie op De mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen Ja De Wgr geeft de keuze aan de deelnemende raden en staten om zienswijzen zienswijzen (en het al dan niet uitsluiten van zienswijzen tegen (verplicht) mogelijk te maken bij besluiten van het bestuur van de gemeenschappelijke (inhoud regeling) voorgenomen besluiten van de GR) verplicht het regeling. In deze GR (ARTIKEL 5 lid 5a) is de afweging gemaakt om dit toe te passen dagelijks bestuur van de GR tot inhoudelijke op een aantal besluiten die de kaderstellende, controlerende en financiële becommentariëring voorafgaand aan het feitelijke bevoegdheden van de staten en raden aangaan. Het dagelijks bestuur moet op deze besluit door het algemeen bestuur zienswijzen reageren, zodat de raden en staten weten wat met hun zienswijzen gebeurd is. Tegen de ontwerp begroting kon reeds een zienswijze worden ingediend. Nieuw daarbij is dat het DB dient te reageren op de ingediende zienswijzen tegen de ontwerp begroting. Let wel bij de zienswijze op de bestuurscommissie en privaatrechtelijke rechtspersonen geldt dat de zienswijze gevraagd moet worden overeenkomstig artikel 25 lid 2 resp. art. 55a Wgr.
6
Overige relevante wijzigingen
Artikel 5 In lid 5 is de term ‘wensen en bedenkingen’ vervangen door wettelijke term ‘zienswijzen’. Hierin wordt het wettelijk verankerde instrument van zienswijze over een besluit van het algemeen bestuur ingevuld. Uitgegaan wordt van mogelijkheden die reeds in de regeling aanwezig waren en waar tegen besluiten wensen en bedenkingen konden worden ingediend. In andere gevallen kan het bestuur bij een bepaald besluit eveneens aangeven of de zienswijzeprocedure mogelijk wordt gemaakt. Het betreft voornamelijk zienswijzen die betrekking op besluiten terzake de verordenende (verordeningen al dan niet afdwingbaar met strafbepalingen) budgettaire (legesverordening) en kaderstellende (plannen) bevoegdheden. Artikel 6 Samenstelling algemeen bestuur In het achtste lid wordt geregeld dat het lidmaatschap van het algemeen bestuur onverenigbaar is met het in dienst zijn van of ondergeschikt zijn aan het recreatieschap. Artikel 8 Openbaarheid van vergaderingen De openbaarheid van vergaderingen van het algemeen bestuur is geregeld in de Wgr. Deze vergaderingen zijn openbaar, tenzij anders wordt besloten door het algemeen bestuur (artikel 52 in samenhang met artikel 22 Wgr). Artikel 9 Stemmen en besluitvorming Het algemeen bestuur beslist bij gewone meerderheid, tenzij anders in de GR geregeld. Elk lid heeft één stem.
In het 2e lid is bepaald dat besluiten tot oprichting van en deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen bij unanimiteit worden genomen.
Artikel 15 Bestuurscommissies Hierin wordt geregeld dat er bestuurscommissies worden ingesteld. Dit dient specifiek in de GR te worden genoemd. Voor adviescommissies hoeft dat niet. De bevoegdheid tot het instellen daarvan is in de Wgr zelf geregeld en derhalve niet meer vermeld in de GR. Artikel 21 Geld- en financieringsmiddelen Hoofdstuk IX: Financiële bepalingen is beperkt tot één artikel, waarin de grondslagen van de geld- en financieringsmiddelen voor het recreatieschap zijn opgenomen. De bijdragen van de deelnemers vormen daarin een belangrijk middel. De grondslag wordt bepaald in de GR, de systematiek en uitwerking ervan in een door het algemeen bestuur vast te stellen Verordening financieel beheer. Daarmee wordt de mogelijkheid om de bijdragen te wijzigen en sneller in de tijd te laten doorwerken in de planning & control cyclus van de deelnemers vergroot. De vaststelling van deze verordening gaat niet buiten de provinciale staten en gemeenteraden om, nu in artikel 5 lid 5a is bepaald dat verordeningen voor zienswijzen naar de deelnemers gaan, voordat de verordening wordt vastgesteld. De voorbereiding en de vaststelling van de begroting en jaarrekening worden bepaald in de artikelen 58, 58b en 59 van de Wgr.
De overige artikelen, inclusief de bijlage met verdeling van de participantenbijdragen zijn, vanwege de eenheid en leesbaarheid van de financiële bepalingen overgeheveld naar de Verordening financieel beheer van het recreatieschap. Artikel 28 Archief – Hoofdstuk XI Archief Dit artikel is aangepast aan de huidige Archiefwet, waarbij het dagelijks bestuur zorg draagt voor de archiefbescheiden van de organen van het recreatieschap. De archivaris van het Noord-Hollands Archief is belast met het toezicht.
Er zijn voorts redactionele verbeteringen doorgevoerd waaronder:
• Onnodige verwijzingen naar en letterlijke citaten uit de Wgr zijn goeddeels verwijderd
7
RESUMÉ OVERZICHT WIJZIGINGEN Was-wordt tabel behorend bij de wijziging Gemeenschappelijke regeling Recrea�eschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer Cijfers verwijzen naar de betreffende ar�kelen Wgr: Wet gemeenschappelijke regelingen
ONDERWERP WAS WORDT TOELICHTING (artikel) (artikel) Begripsbepalingen 1 1 Aangepast aan wettelijke begrippen Overbodige begrippen verwijderd Openbaar lichaam 2 2 Belangen/doelen 3 3 ‘recreatie’ i.p.v. ‘openluchtrecreatie’ Taken 4 4 Bevoegdheden 5, lid 1 a 5, lid 1 a Aangepast aan de Wgr 5, lid 1 b, c en h vervallen Bevoegdheid volgt uit de Wgr 5, lid 1 e vervallen Valt onder onderdeel b 5, lid 1 d 5, lid 1 b Commissies 5, lid 1 f (nieuw) Nieuw toegevoegd 5, lid 2 5, lid 5 a Ook geregeld in Wgr 5, lid 3 5, lid 2 5, lid 4 5, lid 3 Participatie 5, lid 4 (nieuw) Toegevoegd op grond van Wgr Zienswijze 5, lid 6 (nieuw) Toegevoegd op grond van Wgr Algemeen bestuur, 6, lid 3 6, lid 3 ‘eerst’ gewijzigd in ‘eerstvolgende’. In de samenstelling praktijk is het niet altijd mogelijk al in de eerste vergaderingen leden van het algemeen bestuur aan te wijzen. Geregeld in de Wgr 6, lid 5 vervallen Algemeen bestuur, 7 7 Openbaarheid documenten op grond van werkwijze 7, lid 7 (nieuw) Wet open overheid Openbaarheid 8, lid 1 vervallen Geregeld in de Wgr vergaderingen 8, onder c, d, e Verordenende bevoegdheid (c) en mogelijkheid van zienswijzen (d en e) worden in een openbare vergadering behandeld Stemmen en 9, lid 2, 3 en 4 vervallen Geregeld in Wgr; evt. in Reglement van besluitvorming 10, lid 3 9, lid 2 orde.
Unanimiteit als uitzondering op de algemene regel Bevoegdheden 10 vervallen Geregeld in de Wgr; artikelv10 lid 3 is deels verwerkt in artikel 9 lid 2 Vergoedingen en 11 10 tegemoetkoming Dagelijks bestuur, 12, lid 5 Vervallen Geregeld in de Wgr samenstelling Dagelijks bestuur, 13 12 werkwijze 12, lid 5 Openbaarheid vloeit voort uit Wet open overheid Dagelijks bestuur, 14 13 Aangepast aan Wgr taken en bevoegdheden 14 lid 1 e vervallen Bepaling met financieel karakter
8
ONDERWERP WAS WORDT TOELICHTING (artikel) (artikel) Voorzitter, 15, lid 2, 3 en 5 Vervallen Voorzitterschap is geregeld in de Wgr benoeming en taak Commissies 16 15 16 lid 1 vervallen Geregeld in de Wgr 16 lid 3 5, lid 5 Interne verantwoording en 17 lid 1 en 2 Geregeld in de Wgr inlichtingenplicht 17 16 Externe verantwoording en 18 17 Verantwoordelijkheid van voorzitter is inlichtingenplicht geregeld in de Wgr Informatieverstrekking door 19 18 het bestuur 19 lid 2 18 lid 2 (nieuw) Actieve informatieplicht toegevoegd en en 3 aangepast aan Wgr Beleid 20 vervallen Invulling van de verordening wordt meer 20 lid 1 19 lid 2 flexibel verwoord Mandaat uitvoering 21 20 Geformuleerd cf. Wgr Verantwoording / 22 lid 1 19 lid 1 verslaglegging 22 lid 2 vervallen Algemene bevoegdheid van het AB Geld- en 23 21 financieringsmiddelen 23 lid 1 onder a 21 lid 1 onder a Bijdrage wordt geregeld in de Verordening financieel beheer Financiële bepalingen 24 tot en met 32 vervallen Wordt geregeld in de Verordening financieel beheer Toetreding 33 22 Inwerkingtreding na publicatie Uittreding 34 23, 24 en 25 Aangepast aan de eisen van de Wgr (nieuw) Wijziging 35 26 Opheffing en liquidatie 36 27 Archief 37 28 (vernieuwd) Aangepast aan de Archiefwet Duur en inwerkingtreding 38 29 Geschillenregeling 39 30 Evaluatie 31 (nieuw) Evaluatiebepaling opgenomen op grond van de Wgr
Citeertitel 40 32
Verdeelsleutel participanten Bijlage vervallen Overgeheveld en tevens geactualiseerd in bijdragen Verordening financieel beheer RAUM Kaart werkingsgebied GR Bijlage Bijlage 1
9