Bijlage 1. Stedenbouwkundige studie Woonzorgcomplex bij de Omval
Tekst van het document
Woonzorgcomplex De Omval Stedenbouwkundige studie Gemeente Alkmaar 13 maart 2025
Project Document Status Datum Referentie Opdrachtgever Projectcode Projectleider Projectdirecteur Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door
Woonzorgcomplex de Omval Stedenbouwkundigplan Definitief 13 maart 2025 146216_25-003.954 Gemeente Alkmaar 146216 Drs. T. Klumper Drs. M.J. Schilt A. Forsch Msc, L.J.H. van Zwam Msc K.A.I Kerstens Msc Drs. T. Klumper
Paraaf
Adres
Witteveen+Bos Leeuwenbrug 8 P.O. Box 233 7400 AE Deventer The Netherlands +31 570 69 79 11 www.witteveenbos.com
Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
INHOUDSOPGAVE
1
INTRODUCTIE2
1.1
Aanleiding
2
1.2
Opgave
2
2
ANALYSE3
2.1
De omval als onderdeel van de Schermer en Alkmaar
3
2.2
Historische reeks van de Omval
7
2.3
Context op perceel niveau
9
3
ONTWERP14
3.1
Voorgaande ruimtelijke verkenning
14
3.2
Ontwerpopzet
14
3.3
Gebouw opzet
16
3.4
Opgaande beplanting
18
3.5
Klimaatadaptatie en mobiliteit
21
4
ONTWERP22
4.1
Rand perceel en afbakening buitenruimte.
23
4.2
Landschappelijke inpassing private buitenruimtes
25
4.3
Statige voortuin
27
4.4
Historische erf: Boomgaard
28
4.5
Binnentuin
30
4.6
Binnentuin met samenhorigheid
31
5
STEDENBOUWKUNDIGE UITGANGSPUNTEN 32
5.1
Gebouw
23
5.2
Landschap
25
1 INTRODUCTIE
1.1
Aanleiding
Het woonzorgproject Fetura-Extra is een samenwerking tussen Esdégé-Reigersdaal, Woonwaard en de gemeente Alkmaar. Fetura-Extra is een woonzorgproject waar mensen uit de persoonsgerichte aanpak (PGA 1 %, ook wel ‘mensen met onbegrepen gedrag’ genoemd) een rustige woonplek met 24/7 nabijheid van zorg geboden wordt. Momenteel is Fetura-Extra onderdeel van de huidige voorzieningen op terreinen van Esdégé-Reigersdaal en GGZ-NHN in Heerhugowaard. De locatie in Heerhugowaard is een tijdelijke locatie gevestigd in een sterk verouderd pand dat vanwege de ouderdom en voorgenomen sloop grote onderhoudsproblemen kent. Eind 2024-begin 2025 eindigt ook het voortgezet gebruik van het instellingsterrein. Alle panden op Reigersdaal zijn aan het einde van hun levensduur. Een substantieel deel van de gebouwen op Reigersdaal is al gesloopt en de overige panden dienen op korte termijn leeg te worden opgeleverd om ook gesloopt te worden. De grond wordt bouwrijp gemaakt voor de al langer geplande woningbouw in dit deel van het gebied De Draai.
1.2
Opgave
De gemeentelijke gronden achter de Omval en de Korte Schermerdijk zijn in juli 2020 door het College van B&W van Alkmaar aangewezen als één van de locaties om onderzocht te worden voor ontwikkeling van huisvesting voor
2 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
bijzondere doelgroepen. Binnen de gemeentelijke portefeuille van Vastgoed & Gronden is deze locatie het meest geschikt voor het project van Esdegé-Reigersdaal met een longcare-voorziening zoals Fetura Extra. Afbeelding 1 toont een luchtfoto met de ligging van de locatie achter de Omval en de Korte Schermerdijk. Voor het woonzorgproject op de locatie is een eerste ruimtelijke verkenning van de bouwmassa gemaakt. U heeft Witteveen+Bos gevraagd om een nadere stedenbouwkundige analyse, onderbouwing en randvoorwaarden op te stellen. Dit met als doel om het initiatief te kunnen voorleggen voor advisering door de gemeenteraad.
Afbeelding 1. Ligging locatie (bron: Ruimtelijke verkenning bouwmassa De Omval)
2 ANALYSE
2.1
In de analyse wordt gekeken naar de positie van de beoogde locatie ten opzichte van de Schermer en Alkmaar. Vervolgens wordt in er ingezoomd op de locatie met een historische reeks van kaarten om te herleiden hoe de ruimtelijke opzet rond de locatie tot stand is gekomen. Dit hoofdstuk wordt afgesloten met een analyse op plotniveau.
Voor de analyse op deze schaal is de leidraad Landschap en Cultuurhistorie van de Provincie Noord-Holland geraadpleegd. Hierin is de Noordervaart opgenomen als een bebouwingsstructuur van de schermer. De Omval is het meest westelijke puntje van deze bebouwingsstructuur. Hier sluit de bebouwingsstructuur aan op het stedelijk weefsel van Alkmaar.
Leidraad Landschap en Cultuurhistorie Noord-Holland De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie 2018 (Leidraad) is een provinciale handreiking voor het inpassen van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het landschap, zoals bebouwing, agrarische bedrijven, infrastructuur of vormen van energieopwekking. De Leidraad geeft gebiedsgerichte én ontwikkelingsgerichte beschrijvingen en biedt zo toepasbare informatie over de manier waarop ruimtelijke ontwikkelingen kunnen bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving. De provincie beoogt met deze Leidraad om samen met bijvoorbeeld gemeenten, ontwikkelaars en initiatiefnemers te werken aan het behouden en versterken van de kwaliteit van het landschap en de cultuurhistorie.
3 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
De Omval als onderdeel van de Schermer en van Alkmaar
Afbeelding 2. Bebouwingsstructuren van de Schermer komen alleen voor langs de lengte wegen en aan de voet van de ringdijk. (bron Leidraad Landschap en Cultuurhistorie)
De omval
4 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Bebouwingsstructuur van de ringdijk De beoogde locatie is gelegen op de kruising van twee bebouwingstructuren; Noordervaart en de ringdijk. Hierin is de oude lintbebouwing van de omval duidelijk onderdeel van de structuur van de Noordervaart. De beoogde locatie ligt in de tweede rang van deze lint bebouwing maar is direct gelegen aan de dijk van de ringvaart.
Het erf als een watercarré De bebouwingsstructuren van de Schermer aan de hoofdassen en de Schermerringvaart bestaan voornamelijk uit een aaneensluiting van watercarrés. Dit zijn bebouwde erven die omringd zijn door water en beplanting. Indien nieuwe bebouwing wordt toegevoegd in de bebouwingsstructuren, dan moet dit worden ingepast met beplanting aan de rand van het erf.
De Schermerringvaart heeft een kronkelige vorm met een continu en steil talud. Daarnaast is de dijk vrij van beplantig. De erven (zoals de beoogde locatie) zijn wel voorzien van beplanting. Deze erven liggen aan de voet van de dijk. De onderstaande doorsnede komt uit de leidraad waarin wordt beschreven hoe bebouwing zich positioneerd ten opzichte van de dijk en de bebouwingslinten. Het erf van het woonzorg complex is gelegen aan het de dijk.
De beoogde locatie is voorzien van een sloot rond het erf. Daarnaast beschikt het erf over beplanting aan drie zijden. Alleen richting de dijk heeft het erf open zicht en is de erfrand in mindere mate voorzien van beplanting.
Afbeelding 3. Doorsnede van de Schermer van ringvaart tot bebouwingslint midden in de polder (bron: Leidraad Landschap en Cultuurhistorie)
5 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Afbeelding 4. Conceptuele weergave van een typerend erf met bebouwing voor de Schermer, het watercarré (bron: Leidraad Landschap en Cultuurhistorie)
6 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
2.2
Historische reeks van de omval
In deze historische reeks wordt de teruggegrepen tot aan het begin van de 19e eeuw om te begrijpen hoe de ruimtelijke opzet rond het plangebied tot stand is gekomen. 1815 De Omval ligt aan het einde van de Alkmaarsche vaart waar vaartuigen vanuit de Schermer naar Alkmaar gingen. Op de kaart wordt de Overtoom genoemd. Hier werden de vaartuigen over de Westdijk gezet vanuit de Schermer naar de Schermerringvaart en naar Alkmaar. Rond deze Overtoom is het gehucht “De Omval” ontstaan.
Afbeelding 5. De overtoom over de Westdijk (bron: onbekend/ collectie regionaal archief Alkmaar/ RAA012002322)
1850 De Omval wordt genoemd op de kaart waar intensievere bebouwing aan de vaart ontstaat. Ook het beoogde perceel is aangegeven als bebouwd perceel aan de Schermerringvaart.
1815
1850
De Noordervaart was de Alkmaardervaart. Vanuit hier gingen boten via de overtoom naar Alkmaar
Het perceel is aangegeven aan de ringdijk van de Schermer
7 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
1900
2025
Omval wordt een gehucht en het perceel wordt niet meer aangegeven als bebouwd perceel
Door de nieuwe randweg is de Omval onderdeel van Alkmaar geworden.
1900 Het perceel wordt niet meer aangegeven als bebouwd perceel. De Omval groeit als gehucht en langs de Noordervaart worden meer percelen bebouwd. 1950 Het Kanaal Omval-Kolhorn wordt aangelegd waardoor de Schermerringvaart wordt verbreed. Daarnaast krijgt de Schermer een nieuwe verbinding over het kanaal waardoor de Omval in de oksel van verschillende infrastructuur valt. De importantie van de Noordervaart als vervoerscorridor naar Alkmaar valt weg en het deel van de Noordervaart t.h.v. de omval wordt gedempt.
1950 Schermerringvaart wordt verbreed en een nieuwe brug naar Alkmaar is aangelegd vanuit de Schermer
8 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
2025 Binnen de oksel neemt de verstedelijking toe. Met de aanleg van het ongelijkvloerse kruispunt van de N242 met de N243 en N244. Daarnaast wordt er achter het lint van de omval een tuincentrum en bouwmarkt geplaatst. Hierdoor is het beoogde perceel een van de laatste groene percelen tussen de omval en de Nieuwe Schermerweg.
2.3
Analyse op perceelniveau
Context Zoals in de historische reeks duidelijk werd is het perceel door de decennia heen steeds verder ingesloten door bebouwing en infrastructuur. Hierdoor is de context van het perceel zeer divers in de verrommeling van de stadsrand van Alkmaar. Linksboven is het lint te zien van de Omval met in het midden de gedempte Noordervaart.
Afbeelding 6. Omgeving van het perceel in beeld
9 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Linksonder is de bebouwingsstructuur te zien van de Schermerringvaart. Samen met het lint van de Omval zijn dit de twee historische structuren. Rond deze structuren heeft schaalvergroting plaatsgevonden van percelen en bebouwingsstructuren. Rechtsboven is hier een voorbeeld van waar de parkeerplaats van het tuincentrum te zien is. Deze ligt aan de achterkant van het beoogde perceel. Ook aan de overkant van de ringvaart is de schaalvergroting van de bebouwing te zien zoals afgebeeld op de afbeelding rechtsonder. Hier ligt het bedrijventerrein van Oudorp achter de dijk.
Afbeelding 7. Verschillende identiteiten van de omgeving
10 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Positie van het perceel in de context Van oorsprong ligt het kavel op de kruising van twee hoofdstructuren van de Schermer; de Noordervaart én de Schermerringvaart. De bebouwing van de Omval ten zuiden van het kavel is onderdeel van het bebouwingslint van de Noordervaart zoals aangegeven in de kaart hiernaast in het geel. Later is dit deel van de Schermer in de oksel komen te liggen van een bundel aan infrastructuur. Deze bundel is verder opgevuld met bedrijventerrein/industriegebied, dit is in paars aangegeven in de kaart hiernaast. Zowel aan de oost- als westzijde is het kavel ingesloten door bedrijventerrein. De Schermerringvaart en dijk loopt hier als een groene structuur doorheen. Het groene karakter van het kavel haakt aan op de deze groene structuur. Hierdoor neemt het kavel een positie aan de Schermerringvaart. Het kavel beschikt over een watercarré wat opent richting de dijk. Aan alle zijden heeft het kavel een sloot en is er spraken van opgaande beplanting. Door de opgaande beplanting aan drie zijdes en één open zijde naar de schermerringvaart is het kavel georiënteerd naar de Schermerringvaart. Vanaf hier is er een open zicht op het kavel. Voor een ontwikkeling op de kavel is deze zijde de representatieve zijde.
11 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Afbeelding 8. Open aan de voorkant en gesloten naar de andere zijdes
Afbeelding 9. Bereikbaarheid van het perceel
12 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Ontsluiting De Schermerringvaart is een aantrekkelijke route voor fietsers en wandelaars. Het wordt dus ook gebruikt door recreantieverkeer. De fietsroute langs de Schermerringvaart gaat via de Schermerdijk. Vervolgens gaat de fietsroute met een afbuiging ten noorden van de Omval onder de Kraspolderbrug door. De Omval en het perceel zijn per auto te bereiken via de aftakking van de N244. Het perceel kan door gemotoriseerd vervoer alleen via de Omval worden bereikt. Vanuit de Omval draait het gemotoriseerd de Korte Schermerdijk op richting het noorden om het perceel te bereiken. De omliggende woningen aan de Schermerdijk worden voor zowel gemotoriseerd verkeer en langzaamverkeer ontsloten via de dijk. De nieuwe ontwikkeling op het beoogde perceel zal niet zorgen voor een substantiële toename van verkeersbewegingen. De dichtsbijzijnde bushalte voor de lijndienst richting het centrum van Alkmaar is de halte Alkmaar Saturnusstraat. Deze halte is te bereiken via de Korte Schermerdijk en de Kraspolderbrug. Hierdoor wordt het perceel voornamelijk ontsloten met verkeer richting het noorden. Alleen gemotoriseerd verkeer zal vanuit de Omval ontsloten worden.
13 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
3 ONTWERP
3.2
3.1
Op basis van de bevindingen en de voorgaande ruimtelijke verkenning wordt het ontwerp opgezet. Het ontwerp bouwt voort op de historische identiteit van de erven in de Schermer, het watercarré.
Voorgaande ruimtelijke verkenning
In een voorgaande studie is een eerste ruimtelijke verkenning van de bouwmassa gemaakt. Het ontwerp in deze stedenbouwkundige studie bouwt voort op deze ruimtelijke verkenning. De uitkomst van de verkenning was de voorkeur voor een hof-opzet van de bouwmassa. Deze opzet heeft als bijkomstig voordeel dat de wooneenheden fysiek afgesloten kunnen worden en overzicht vanuit de begeleiding bewaard kan worden. De onderstaande afbeelding is een weergave van de voorkeursvariant op kaart. Hierbij zijn de afmetingen van de wooneenheden in acht genomen. Deze afmetingen worden ook in deze stedenbouwkundige studie aangehouden.
Ontwerpopzet
Visie Het perceel wordt ontwikkeld als een boerderij in een watercarré. De bestaande opgaande beplanting wordt in stand gehouden. Daarnaast wordt de slotenstructuur rond het perceel verbreed zodat de identiteit van het watercarré wordt versterkt. Het gebouw heeft de opzet van een boerderij met een voorgebouw en een achtergebouw. Het voorgebouw is representatief en maakt een gezicht naar de Schermerdijk. Het achtergebouw heeft het karakter van een stal en gaat op in het groen van het watercarré. Het landschap om het gebouw bestaat uit inheemse beplanting waarin toekomstige bewoners voldoende privacy hebben. Daarnaast oogt het perceel naar buiten toe als een groene zone langs het dijklint. Hierdoor heeft het ontwerp minimale impact op de omgeving. Ontsluiting van het kavel gaat via de representatieve voorzijde. Hierdoor is er een kwalitatieve aanrijdroute en sluit het aan bij de omliggende bebouwing waarin woningen worden ontsloten via dijkafritten. Parkeren vindt plaats direct naast het gebouw bij de dijkafrit.
Afbeelding 10. Voorkeursvariant van de voorgaande studie
14 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Afbeelding 11. Ontwerpopzet
15 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
3.3
Gebouwopzet
De opzet van het gebouw is gebaseerd op de opzet van een boerderij. Met een voorgebouw en een stal aan de achterkant dat opgaat in het landschap. Het voorgebouw maakt een gezicht naar de Korte Schermerdijk en heeft daardoor een hogere representativiteit. Het achtergebouw heeft een anoniemere identiteit waarin het landschap de overhand neemt. Hieronder een voorbeeld van een boerderij met een representatieve voorkant.
Afbeelding 12. Boerderij met representatieve voorkant en een schuur erachter
16 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Voor-en achtergebouw Het hoofdgebouw heeft een korrelgrootte die overeenkomstig is met de omliggende bebouwing. Hierdoor past het gebouw zich aan op de omgeving. Het achtergebouw oogt vanuit de Korte Schermerdijk als een stal. Vanuit de binnenkant van het gebouw is het achtergebouw een hof-opzet.
Bouwhoogtes en rooilijn Het hoofdgebouw heeft een nokhoogte van 5,5 meter. Hiermee is de hoogte lager dan de bebouwing in de omgeving. De bouwhoogte geeft aan dat het gebouw te gast is in de omgeving. In combinatie met de korrelgrootte van het voorgebouw toont de opzet van het gebouw respect voor de omgeving terwijl het te gast is in de Schermer. De omliggende bebouwing heeft een speelse opzet aan de dijk waarmee het reageert op de dynamische vorm van de Schermerdijk. Onderdeel van de gebouwopzet is de verspringing in de rooilijn.
17 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Afstand tot de dijksloot Het gebouw neemt gepaste afstand tot de dijksloot. De Korte Schermerdijk heeft de status van een waterkering. Vanuit het waterschap moet er ten minste 8 meter afstand worden gehouden van de dijksloot die binnendijks parallel ligt aan de Korte Schermerdijk. Door de afstand van 8 meter komt het gebouw in het midden van het perceel te liggen en is er ruimte voor een voortuin terwijl, het gebouw niet te veel naar de voorgrond treedt.
Functies gebouw Het gebouw beschikt over 14 wooneenheden. Twaalf voor de bewoners, deze zijn in het lichtgeel weergegeven. Deze woningen liggen aan het hof. De twee woningen van de begeleiders zijn in het voorgebouw en in het voorste deel van het achtergebouw, deze zijn in het donker geel weergegeven. Het paarse deel is de entree van het hof. Bewoners zullen door deze ruimte moeten om het hof en de woningen te bereiken. De roze ruimtes zijn bespreekkamers waar begeleiders in gesprek kunnen met de bewoners.
18 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
3.4
Opgaande beplanting
Beplanting aan de randen van het perceel Aan de buitenranden van het perceel staat al veel opgaande beplanting, deze zijn weergegeven in het licht groen. De planting wordt verder aangevuld met onderbeplanting en bomen aan de randen. Dit wordt gedaan om zicht op de omliggende percelen de verminderen en privacy van de bewoners te vergroten.
Zicht vanaf de Korte Schermerdijk Aan de voorkant van het perceel kan beplanting worden gebruikt om de representativeit van het voorgebouw te benadrukken. Houd de zichtlijnen vanaf de dijk open naar het voorgebouw en plaats beplanting voornamelijk voor het achtergebouw.
19 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Inpassing private buitenruimtes Elke woning beschikt over een private buitenruimte. Deze buitenruimtes worden voorzien van een natuurlijke erfafscheiding. Deze natuurlijke erfafscheiding is hoog genoeg voor privacy maar draagt bij aan de landschappelijke beleving van het groen rond het gebouw. De opgaande beplanting wordt verder toegelicht in het volgende hoofdstuk, landschappelijke inpassing.
20 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
3.5
Klimaatadaptatie en mobiliteit
Klimaatadaptatie Door de ontwikkeling van het woonzorgcomplex op het perceel is compensatie voor klimaatadaptatie noodzakelijk. Deze compensatie wordt gevonden in het verbreden van de sloot rond het perceel. Hierdoor wordt het oppervlakte water vergroot en waarmee er de mogelijkheid ontstaat om voldoende water op te vangen binnen en rond het perceel. Daarnaast wordt er op het perceel meer kwalitatief groen toegevoegd met kruidenrijk grasland en biodiversere bomen.
Mobiliteit Gemotoriseerd verkeer komt vanuit het zuiden en parkeert aan de zijkant voor het voorgebouw. Het terrein wordt voorzien van vier parkeerplaatsen, twee voor de begeleiders en twee voor bezoekers en wisseling van begeleiders. Langzaam verkeer gaat vooral richting het noorden naar de Kraspolderbrug. Bij aankomst moeten de bewoners om het voorgebouw lopen om via een afsluitbare entree, waar de verzorgers zicht op hebben, het hof te betreden.
Afbeelding 13. Verbreding sloot rondom het perceel
Afbeelding 14. Bereikbaarheid van het perceel voor verschillende modaliteiten
21 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
4 L ANDSCHAPPELIJKE INPASSING
Afbeelding 15. Beplanting op de grens van het perceel langs het water
22 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
4.1
Afbeelding 16. Landschapskamer in Noord-Holland
Landschap versterken: Rand perceel en afbakening buitenruimte
Het perceel is omringd door opgaande beplanting en water. Met deze landschappelijke structuur sluit het perceel aan bij het omliggende landschap van landschapskamers. De beplanting rond het erf draagt bij aan de privacy van de toekomstige bewoners. Daarnaast is de beplanting een buffer tussen de omgeving en het woonzorgcomplex. Om deze buffer te vergroten en het beeld van de landschapskamer te versterken kan er meer onderbeplanting worden toegevoegd om de gaten op te vullen. Deze onderbeplanting bestaat bij voorkeur uit inheemse soort zoals de sleedoorn en de boswilg. Aan de achterkant wordt de perceelrand voorzien van dichtere beplanting. Hierdoor is er minder zicht naar de omliggende kavels. Aan de voorkant blijft de bestaande beplanting in stand en wordt vooral ingezet op zicht op het voorgebouw.
Afbeelding 17. Zomerlinde
Afbeelding 18. Schietwilg
Afbeelding 19. Boswilg
Afbeelding 20. Sleedoorn
23 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Afbeelding 21. De private buitenruimtes met gemengde hagen rond het achtergebouw
24 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
4.2
Landschappelijke inpassing private buitenruimtes
De woningen worden voorzien van private buitenruimtes. Deze buitenruimtes liggen om het achtergebouw en zijn 2 meter diep. Om de private buitenruimtes ligt een zoom van 2 meter die bestaat uit een gemengde haag van maximaal 1,5 meter. In de gemengde haag zitten verschillende soorten die verspreid door het jaar in bloei staan. Daarnaast wordt er gekozen voor prikkelgroen zodat de haag moeilijk doorwaadbaar is. Hierdoor is er een landschappelijke afbakening van de private buitenruimtes.
Afbeelding 22. Voorbeeld van een gemengde haag
Om de privacy tussen de buitenruimtes te vergroten worden op de grens tussen de buitenruimtes wintergroene soorten geplaatst in de hagen.
Wintergroen
Seizoensgroen
Afbeelding 23. Doorsnede van de private buitenruimtes en de gemengde haag
25 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
winterbloei
zomerbloei
voorjaarsbloei
Afbeelding 24. Voortuin met bestaande beplanting in de vorm van heesters. Daarachter het kruidenrijk gras met solitaire boom erin
26 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
4.3
Een statige voortuin
Aan de voorkant van het perceel wordt ingezet op zichtlijnen naar het voorgebouw. Huidige beplanting wordt behouden aan de slootzijde. Daarachter wordt de voortuin voorzien van een kruidenrijk mengsel. In dit kruidenrijk veld staat een solitaire boom om de representatieve voorkant te benadrukken. De bestaande beplanting bestaat voornamelijk uit heesters aan de voorzijde. Door kruidenrijk grasland en een solitaire boom toe te voegen wordt er ingespeeld op planting die voorkomt in verschillende lagen. Daarnaast wordt de biodiversiteit verhoogd.
Afbeelding 25. M5 mengsel
27 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Afbeelding 26. Solitaire boom om de statigheid te benadrukken
4.4
Historische erf: Boomgaard
Afbeelding 27. Voortuin met een boomgaard
28 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Optioneel: boomgaard van fruitbomen Boomgaarden van fruitbomen rond het hoofdgebouw op het boerenerf is gebruikelijk in de omgeving van het perceel. Het sluit aan bij de identiteit van het omliggende landschap. Daarnaast past het bij het concept van het woonzorgcomplex waarbij bewoners gestimuleerd worden om een betere levenstijl te vinden en goed voor zichzelf te zorgen. Daarbij kan fruit uit eigen tuin bijdragen aan bewustzijn voor een gezondere levenstijl. Daarnaast past een boomgaard bij de opzet van een boerderij als identiteit voor het woonzorgcomplex. Doordat de fruitbomen worden geplaatst voor het achtergebouw blijft de zichtlijn op het hoofdgebouw in stand.
Afbeelding 28. Boerenerf met fruitbomen an de voorkant
29 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Afbeelding 29. Kersenboom
Afbeelding 30. Knotwilg
Afbeelding 31. Appelboom
Afbeelding 32. Pruimboon
4.5
Binnentuin
Afbeelding 33. Binnenplaats met een kruiden- of groentetuin
30 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
4.6
Binnnentuin met samenhorigheid
Aansluitend bij het stimuleren van een gezonde levenstijl is de vormgeving van de binnentuin als kruiden- of voedseltuin. Hier is ruimte voor de bewoners om zelf gezond voedsel te verbouwen. Daarnaast draagt het bij aan de samenhorigheid in het woonzorgcomplex. Een kruiden- of voedseltuin verbindt de bewoners en zorgt voor meer interactie. De randen van de groenbakken kunnen zitgelegenheden zijn waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten en waar begeleiders kunnen verblijven.
Afbeelding 34. Gemeenschappelijke tuin
31 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Afbeelding 35. Regionaal voorbeeld
Afbeelding 36. Regionaal voorbeeld
Afbeelding 37. Kruidentuin
Afbeelding 38. Moderne kloostertuin
32 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
33 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
5 STEDENBOUWKUNDIGE UITGANGSPUNTEN
5.1
Gebouw
5.2
Landschap
Bouwhoogtes - nokhoogte voorgebouw is 5,5 meter; - nokhoogte achtergebouw 4,5 meter; - goothoogte van voor- en achtergebouw is 3 meter; - de gegeven bouwhoogtes hebben afwijkingsmarge van 10%.
Privé tuinen - omheining van gemengde haag met een maximale hoogte van 1,5 meter bestaande uit inheemse soorten; - afscheiding tussen tuinen met wintergroene hagen; - verharding maximaal 2 meter diep.
Gebouwopzet - gebouw is opgesplitst in een voorgebouw en een achtergebouw; - achtergebouw heeft een hofstructuur naar binnen toe en oogt als een stal naar buiten toe; - het hof is ontsloten via een afsluitbare entree waar begeleiders zicht op hebben.
Binnentuin - gemeenschappelijke binnentuin; - lage beplanting in de vorm van kruiden of groenten; - waterdoorlaatbare verharding.
Representativiteit - voorgebouw hogere kwaliteit gevelmateriaal en oriëntatie naar de Korte Schermerdijk; - achtergebouw robuust en gedekte uitdrukking. Rooilijn - minimaal 8 meter afstand vanaf de dijksloot. Daklandschap - geen platte daken. Kappen onder helling. Uitsluiting van ophoging nok- en goothoogte. 34 | 36
Witteveen+Bos | 146216_25-003.954 | ZZALG2000-15-19 | Definitief
Buitenruimte - landschapskamer versterken met de huidige boomsoorten en inheemse onderbeplanting; - voortuin met een solitaire boom en m5 mengsel; - optioneel voor de voortuin is een boomgaard van fruitbomen, sluit aan bij het thema van de binnentuinen; - onverhard pad rond het gebouw. Bereikbaarheid - vier parkeerplaaten naast de dijkafrit aan de voorkant van het perceel; - het naastliggende perceel ten zuiden van het gebouw is te bereiken via het perceel van het woonzorgcomplex.
www.witteveenbos.com