Bijlage 1. RV Kaderbrief 2027-2030 – boekwerk
Tekst van het document
•
Kaderbrief 2027-2030
Inhoud Voorwoord
2
Financieel kader
4
Inleiding
4
Uitkering gemeentefonds
4
Groeikader
5
VNG Advies
6
Basis meerjaren investeringsprogramma (MIP)
6
Belangrijkste autonome ontwikkelingen
7
Sociaal domein
7
Fysiek domein
7
Alkmaar Grootschalig
7
Bedrijfsvoering en dienstverlening
8
Signalen en risico’s richting de Programmabegroting 2027
8
Resumé en vervolg
8
Bijlage autonome ontwikkelingen
9
1
Voorwoord Geachte leden van de raad,
Alkmaar is een stad rijk aan historie, met pittoreske dorpen in het buitengebied zoals De Rijp en Markenbinnen en met karakteristieke polders en molens. Dit maakt Alkmaar aantrekkelijk voor toeristen, maar ook een geliefde plek om te wonen en te recreëren. De nabijheid van natuur en strand en de kwaliteit van de leefomgeving dragen daar sterk aan bij. Tegelijkertijd is Alkmaar economisch krachtig, met een modern en divers bedrijfsleven. De gemeente staat voor een belangrijke opgave om door te groeien naar 140.000 inwoners. Met name in de Kanaalzone verrijzen de komende jaren nieuwe, duurzame woningen. Daarmee worden de contouren van de gemeente van de toekomst steeds zichtbaarder. Bij al deze ambities is het van belang dat de financiële positie van de gemeente op orde blijft. De Kaderbrief biedt als startdocument van de jaarlijkse planning- en controlcyclus de eerste inzichten in die financiële balans. In de daaropvolgende programmabegroting en meerjarenraming vindt verdere verdieping plaats. Op deze manier wordt het financieel perspectief stapsgewijs opgebouwd. Deze Kaderbrief 2027–2030 sluit daarbij aan. Met deze Kaderbrief informeren wij u over de financiële uitgangssituatie, de belangrijkste autonome ontwikkelingen en de signalen en risico’s die richting de Programmabegroting 2027 relevant zijn.
Allereerst wordt inzicht gegeven in de autonome ontwikkelingen waarmee de gemeente te maken heeft. Deze ontwikkelingen hebben een directe impact op het bestaande beleid en zijn daarom verwerkt in het financieel perspectief. De omvang van deze ontwikkelingen is aanzienlijk, terwijl de financiële ruimte beperkt is. Vervolgens worden de financiële uitgangspunten voor de komende begroting toegelicht, zoals loon- en prijsstijgingen en het effect van renteontwikkelingen benoemd. Naar verwachting is de uitkomst van de meicirculaire grotendeels nodig voor de reguliere indexatie van de bestaande begroting. Verder wordt invulling gegeven aan het groeikader. De meeropbrengsten als gevolg van de groei van de gemeente worden meerjarig ingezet volgens een vaste verdeelsleutel: 60% voor de reguliere exploitatie, 20% voor de toenemende kapitaallasten en 20% voor versterking van de reserves. In deze Kaderbrief is bewust een pas op de plaats gemaakt in de verdere doorvertaling van het financieel perspectief. Met de gemeenteraadsverkiezingen achter ons is het aan de nieuwe coalitie om richting te geven aan de volgende stappen. Deze Kaderbrief is daarom beleidsarm: er worden geen nieuwe beleidskeuzes gemaakt en geen aanpassingen gedaan in ambities of kwaliteitsniveaus.
2
Wel zijn autonome ontwikkelingen opgenomen die voortkomen uit wettelijke verplichtingen, prijs- en volumeontwikkelingen, landelijke wet- en regelgeving en mutaties in het gemeentefonds. Deze systematiek past bij deze fase na de verkiezingen en biedt een feitelijk en transparant vertrekpunt voor de nieuwe raadsperiode. Met deze Kaderbrief leggen wij een zorgvuldig en realistisch fundament voor de verdere uitwerking van de Programmabegroting 2027.
Namens het college van burgemeester en wethouders van Alkmaar, Marco Wiesehahn Wethouder Financiën
3
Financieel kader Inleiding Het financieel kader bouwt voort op de vastgestelde begroting 2026. In deze Kaderbrief is ervan uitgegaan dat de uitkomst van de meicirculaire in hoofdzaak nodig zal zijn om de reguliere loon- en prijsindexatie van bestaande begrotingsposten op te vangen. Daarmee ontstaat naar verwachting beperkte aanvullende financiële ruimte. Tegelijkertijd start de meerjarenbegroting vanuit een nadelige uitgangspositie. Dit betekent dat de totale omvang van alle autonome ontwikkelingen niet volledig binnen de beschikbare ruimte past en dat scherpe keuzes richting de Programmabegroting onvermijdelijk zijn. Over alle domeinen samen lopen de autonome aanvragen op van circa € 7,1 miljoen in 2027 tot € 12,3 miljoen in 2030. Inclusief de autonome ontwikkelingen start de begroting met een tekort van € 11,6 miljoen in 2027 oplopend tot ruim € 19,1 miljoen in 2030. Bedrag x € 1.000
2027
2028
2029
2030
-230
-6.406
-8.130
-8.130
- RB 16-10-2025 Uitbreiding KSE parkeergarage
-26
-170
-170
-170
- RB 11-12-2025 Belastingverordeningen - hogere inkomsten uit leges fysieke leefomgeving
215
215
215
215
- RB 11-12-2025 Def ontwerp en extra investeringskrediet dorpshuis Schermerhorn
-9
-9
-9
-9
Gewijzigd financieel kader 2027-2030
-50
-6.370
-8.094
-8.094
1. Loon en prijsindexatie
-12.253
-12.221
-12.266
-11.990
2. Meicirculaire 2026:
10.840
9.745
8.842
13.287
in 2027 claim jeugdzorg t.l.v. groei gemeentefonds
-3.100
-
-
-
Totaal loon- en prijsontwikkelingen en gemeentefonds
-4.513
-2.477
-3.424
1.298
a. Sociaal domein
-1.218
-4.318
-4.318
-4.318
b. Fysiek domein
-6.715
-6.365
-5.365
-5.365
c. Dienstverlening
863
469
-155
-2.646
Totaal autonome ontwikkelingen, bijlage
-7.070
-10.214
-9.838
-12.329
Financieel kader 2027
-11.633
-19.061
-21.356
-19.125
- = lasten, tekort of nadeel + = baten, overschot of voordeel
Saldo begroting 2026 Verwerkte raadsbesluiten:
Kaderbrief 2027-2030:
3. Aanvragen Kaderbrief stand 18-05-2026
Uitkering gemeentefonds Het grootste deel van onze inkomsten ontvangen we uit het gemeentefonds. Deze inkomsten worden driemaal per jaar door het rijk bijgewerkt met actuele ontwikkelingen, zoals beleidsimpulsen, indexatie en aanpassing van de maatstaven. Het rijk licht deze ontwikkelingen toe in circulaires (de meicirculaire, de septembercirculaire en de decembercirculaire). Op basis van deze circulaires wordt duidelijk wat de gevolgen zijn voor de uitkering die Alkmaar ontvangt uit het gemeentefonds. In deze kadernota verwerken wij de effecten van de meicirculaire. Onderstaand een korte toelichting op de grootste mutaties in deze circulaire: •
Bijstelling accres De jaarlijkse toe- en afname van het gemeentefonds wordt het accres genoemd. Het accres wordt jaarlijks geactualiseerd op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product
4
•
•
(prijsindexatie en volume). Het accres levert ongeveer € 13 miljoen structureel aan extra algemene uitkering op. Hierin is ook de verhoogde prijsindexatie over het jaar 2026 opgenomen. Minder ruimte btw-compensatiefonds Gemeenten mogen de door hen betaalde BTW, onder voorwaarden, declareren bij het btw-compensatiefonds (BCF). Het BCF kent jaarlijks een plafond. Wanneer er aan het eind van het jaar meer gedeclareerd is dan het vastgestelde plafond, dan wordt de overschrijding naar rato in mindering gebracht op het gemeentefonds. Gemeenten hebben meer gedeclareerd dan geraamd. Daarom wordt een bedrag van € 0,8 miljoen structureel in mindering gebracht op de Alkmaarse uitkering uit het gemeentefonds. Overige mutaties De overige mutaties bestaan uit: - Diverse mutaties rond de Wmo, zoals het uitstel van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp, de afschaling van de huishoudelijke hulp m.i.v. 2029 en de vangnetregeling voor de mensen die deze hulp niet zelf kunnen regelen en de groei van het beroep op Wmo voorzieningen a.g.v. vergrijzing. - een korting van € 3,2 miljoen op de algemene uitkering vanwege de WOZ waardeontwikkeling (belastingcapaciteit). - Taakmutaties, integratie en decentralisatie uitkeringen.
Decentralisatie uitkering klimaatbeleid Vanaf 2026 houdt de Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) op en worden de beschikbare middelen voor uitvoeringscapaciteit op een andere manier ter beschikking gesteld, in eerste instantie via een decentralisatie uitkering (DU), daarna via een bijzonderefondsuitkering (BFU). De DU loopt via het Gemeentefonds. Daardoor is op de DU geen aparte verantwoording van toepassing. Ook de BFU loopt via het Gemeentefonds. Voor de BFU geldt echter dat er meer mogelijkheden komen voor monitoring en ook kan er informatie worden opgevraagd. We weten nog niet hoe dat eruit gaat zien, de VNG voert hier gesprekken over met het Rijk. De bijdrage die gemeenten vanaf 2026 via de DU ontvangen is berekend op de benodigde structurele capaciteit per jaar. Alkmaar ontvangt m.i.v. 2027 jaarlijks € 3.655.000 via de algemene uitkering voor het bovengenoemde klimaatbeleid. Hiervan wordt € 2,9 miljoen gereserveerd voor capaciteit om de taken uit te kunnen voeren en € 755.000 komt ten gunste van de algemene middelen.
Groeikader In de begroting 2026 zijn de uitgangspunten en cijfers van het zogenaamde groeikader voor het eerst opgenomen. Het groeikader maakt inzichtelijk met hoeveel toekomstige baten en lasten we naar verwachting rekening kunnen houden als gevolg van een groeiend aantal inwoners. De cijfers van het groeikader worden jaarlijks geactualiseerd op basis van de meest recente woningbouwprognose (Clappform). Conform de uitgangspunten van het groeikader hanteren we een voorzichtigheidsmarge dat 75% van deze prognose wordt gerealiseerd binnen de planperiode. Daarbij houden we rekening met een dalende (landelijke) trend van de bezetting per woning. Ten opzichte van de cijfers in de begroting 2026 levert dat het volgende overzicht op:
Toename inwoners Kaderbrief 2027 Begroting 2026 Verschil
2027 417 -417
2028 1.322 2.392 -1.070
2029 3.609 3.670 -61
2030 4.885 5.269 -384
Voor 2026 is de verwachting dat een beperkt aantal woningen wordt opgeleverd en dat levert met een dalende bezetting per woning geen groei op van het aantal inwoners per 1/1/2027. Voor de ontwikkeling van de baten wordt voorgesteld om in tegenstelling tot het uitgangspunt bij de begroting 2026 vanuit het gemeentefonds alleen de algemene uitkering mee te tellen. De overige uitkeringen uit het
5
gemeentefonds (integratie en decentralisatieuitkering) worden doorgaans al 1-op-1 bestemd aan een specifiek doel. Dat betekent dat de baten per inwoner uitkomen op € 2.463 (was € 2.900). Door de baten per inwoner te vermenigvuldigen met de groei van het aantal inwoners ontstaat het volgende beeld:
Extra baten (x € 1.000) Kaderbrief 2027 Begroting 2026 Verschil
2027 1.210 -1.210
2028 3.257 6.944 -3.688
2029 8.889 10.656 -1.767
2030 12.032 15.299 -3.267
Conform de uitgangspunten van het groeikader wordt 60% gereserveerd voor de stijging van de exploitatielasten, 20% voor de kapitaallasten en 20% als aanvulling op de reserves. Zowel de baten als lasten worden (saldoneutraal) op een stelpost in de begroting opgenomen:
Toedeling lasten (x € 1.000) Toename exploitatielasten 60% Sparen 20% Ruimte kapitaallasten 20% Totaal
2027 -
2028 1.954 651 651 3.257
2029 5.334 1.778 1.778 8.889
2030 7.219 2.406 2.406 12.032
VNG Advies Het financieel perspectief van gemeenten staat landelijk onder druk. De VNG wijst in haar begrotingsadvies 2027–2030 op aanhoudende onzekerheden rond onder meer jeugdzorg, rijksbezuinigingen en toekomstige ontwikkelingen in de financiering van gemeenten. De VNG adviseert gemeenten om de begroting voor 2027 structureel sluitend op te stellen en om vanaf 2028 realistische ramingen te hanteren, onder meer door het opnemen van stelposten voor risico’s en onzekerheden rondom jeugdzorg en huishoudelijke hulp. Deze landelijke context bevestigt het beeld dat ook voor Alkmaar sprake is van beperkte financiële ruimte en dat richting de Programmabegroting 2027 nadere keuzes en afwegingen noodzakelijk zullen zijn.
Basis meerjaren investeringsprogramma (MIP) Vanuit de begroting 2026 vormen de investeringen van Jaarschijven 2027-2029 de basis voor de aankomende jaren. Door aanpassingen op het basisoverzicht als gevolg van het toevoegen van de verbouwing van het Sportpaleis en de verbouwing van een pand uit de Cultuurnota 2040 (Gemeente Alkmaar gaat de verbouwingen zelf uitvoeren) hebben er verschuivingen plaatsgevonden en vormt onderstaand overzicht de basis voor de MIP 2027-2041. Omschrijving Bedragen x € 1.000
2027
2028
2029
2030
Basis MIP begroting 2026
61.263
79.233
75.595
66.956
Nieuwbouw Sportpaleis
8.500
20.000
4.125
1.500
Aanpassing kasritme Nieuwbouw Hoornse Vaart
7.500
6.000
-2.000
-17.400
Kleine verschuivingen bestaande investeringen Totaal
648 77.911
926 106.159
459 78.179
400 51.456
6
Belangrijkste autonome ontwikkelingen Sociaal domein Binnen het sociaal domein blijft sprake van structurele druk, die grotendeels voortkomt uit wettelijke taken, landelijke ontwikkelingen en demografische veranderingen. Zo zorgen hogere kosten binnen de Wmo, onder meer door nieuwe tarieven op basis van kostprijsonderzoek en de doorwerking van eerdere resultaten, voor extra druk op de begroting. Daarnaast spelen vergrijzing, langer zelfstandig wonen en de samenhang tussen verschillende wetten een belangrijke rol, bijvoorbeeld wanneer inwoners vanuit jeugdhulp doorstromen naar voorzieningen binnen de Wmo. Ook binnen de jeugdhulp blijft de financiële druk aanwezig. De Jeugdwet kent een open-einderegeling, waardoor de vraag naar zorg maar beperkt beïnvloedbaar is. Alkmaar stuurt via het programma Grip op Jeugd op kostenbeheersing en dat levert resultaat op, maar externe ontwikkelingen, zoals de toenemende complexiteit van problematiek en druk op ambulante zorg, blijven van grote invloed op de uitgaven. Daarnaast zijn er ontwikkelingen die richting de programmabegroting nadrukkelijk aandacht vragen. Denk aan volumegroei binnen Wmo-voorzieningen, onzekerheden rond rijksmiddelen en specifieke uitkeringen, zoals AZWA en SPUK-regelingen, en mogelijke wijzigingen in landelijke wet- en regelgeving.
Onder prijsontwikkelingen vallen ook mogelijke kostenstijgingen bij lopende projecten en voorzieningen, zoals sportaccommodaties. Afzonderlijk lijken deze effecten soms beperkt, maar in samenhang kunnen zij leiden tot druk op de uitvoerbaarheid en de financiële houdbaarheid van het sociaal domein. Voor programma ASON geldt dat de kosten naar verwachting tot en met 2030 kunnen worden gedekt uit subsidies en de bestemmingsreserve. Tegelijk blijft dit programma kwetsbaar voor veranderingen in het landelijke vluchtelingenbeleid. Als de opvangopgave voor Oekraïense vluchtelingen aanhoudt, kan het nodig zijn om vanaf medio 2029 nieuwe opvanglocaties te realiseren. Dat kan tot extra kosten leiden.
Fysiek domein In het fysiek domein ligt de nadruk op het beheer, onderhoud en de uitvoering van vastgesteld beleid in een context van groei, prijsdruk en toenemende complexiteit. Deze ontwikkelingen zijn grotendeels autonoom en vragen structureel om financiële en organisatorische aandacht. Door de groei van de gemeente neemt het te beheren areaal in de openbare ruimte toe. Dit raakt onder meer wegen, civieltechnische kunstwerken, groen, riolering en openbare verlichting. Het op peil houden van het vastgestelde onderhoudsniveau is noodzakelijk om de veiligheid, bereikbaarheid en leefkwaliteit te waarborgen en om te voorkomen dat achterstallig onderhoud op termijn leidt tot hogere herstelkosten. Ook voor het gemeentelijk vastgoed geldt dat het uitvoeren van (geactualiseerde) meerjarige onderhoudsplannen randvoorwaardelijk is om gebouwen veilig, functioneel en toekomstbestendig te houden. Stijgende onderhoudskosten worden hierbij veroorzaakt door marktomstandigheden, verduurzamingsopgaven en aangescherpte technische en wettelijke eisen. Daarnaast speelt ook binnen het fysiek domein de impact van prijsontwikkelingen. Stijgingen in materiaalprijzen, energie en uitvoeringskosten werken door in beheer, onderhoud en lopende en toekomstige projecten. Deze prijsontwikkelingen overstijgen in sommige gevallen de reguliere indexatie en vergroten daarmee de druk op bestaande budgetten.
Alkmaar Grootschalig De raad heeft ingestemd met het indienen bij de rijksoverheid van de subsidieaanvraag Alkmaar Grootschalig, gericht op woningbouw en infrastructuur. De aanvraag is positief beoordeeld, maar nog niet definitief toegekend. Zodra het Rijk een besluit heeft genomen, worden projecten opgenomen in de begroting en het meerjaren investeringsprogramma. Dit vraagt niet alleen om investeringsmiddelen, maar ook om aanvullende structurele uitvoeringscapaciteit. Deze capaciteit is onlosmakelijk verbonden met de uitvoering van
7
Alkmaar Grootschalig en wordt daarom beschouwd als een autonome ontwikkeling op het moment dat de subsidie definitief wordt toegekend.
Bedrijfsvoering en dienstverlening Binnen de bedrijfsvoering nemen wettelijke eisen en maatschappelijke verwachtingen toe, onder andere op het gebied van privacy, gegevensbescherming, informatieveiligheid en rechtmatigheid. Dit vraagt structurele borging in capaciteit en middelen om de basis van de organisatie op orde te houden.
Signalen en risico’s richting de Programmabegroting 2027 Naast de autonome ontwikkelingen zijn er diverse signalen en risico’s die nog niet financieel zijn vertaald, maar wel relevant zijn voor de verdere begrotingsvorming. •
•
• •
•
• •
Prijsontwikkelingen Onzekerheid rond energieprijzen, materialen en loonontwikkeling kan leiden tot hogere kosten in beheer, projecten en voorzieningen. Uitvoering en capaciteit Beperkte beschikbaarheid van capaciteit kan leiden tot vertraging, hogere kosten of lagere uitvoeringskwaliteit. Groei en demografie De groei van de gemeente vraagt om extra inzet, terwijl baten in de eerste jaren nog beperkt zijn. Rijksprogramma’s en specifieke uitkeringen Onzekerheden rondom de omvang, verdeling en continuïteit van rijksmiddelen kunnen gevolgen hebben voor de uitvoerbaarheid van beleid. Maatschappelijke voorzieningen Stijgende kosten bij maatschappelijke voorzieningen kunnen leiden tot afwegingen tussen financiële haalbaarheid en het behoud van voorzieningen. Netcongestie Stikstof
Door deze ontwikkelingen expliciet te benoemen, ontstaat tijdig inzicht in mogelijke knelpunten richting de programmabegroting.
Resumé en vervolg Deze Kaderbrief 2027-2030 geeft een beleidsarm en feitelijk overzicht van de autonome ontwikkelingen die van invloed zijn op de Programmabegroting 2027 en de meerjarenraming 2028–2030. De eerste inventarisatie laat zien dat de omvang van de autonome druk aanzienlijk is, terwijl de ruimte beperkt is en reguliere indexatie naar verwachting al een groot deel van de beschikbare middelen opsoupeert. Daarmee is duidelijk dat er richting de begroting keuzes en afwegingen nodig zullen zijn. Deze Kaderbrief loopt daar niet op vooruit, maar biedt het noodzakelijke vertrekpunt voor het gesprek over de financiële opgave, mede in het licht van de overgang naar een nieuwe raadsperiode.
8
Bijlage autonome ontwikkelingen Nr. Programma Omschrijving 1
1
2 3 4 5 6
1 2 2 2 2
7 8 9 10 11
2 2 2 2 2
12 13 14 15 16 17 18 19 20 21
2 2 2 2 2 2 2 2 4 4 4
22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36
4 4 4 4 4 4 5 5 5 6 6 6 6 6 6
37 38
6 6
Bedrag 2027 429
Bedrag 2028 429
Bedrag 2029 429
Bedrag 2030 429
-160 382 -
382 -
382 -
382 -
-50 -750 -939
-50 -750 -
-50 -750 -
-50 -750 -
Effecten uitgeveoerd kostprijsonderzoek Wmo begeleiding Risico toename beschermd wonen Risico hulp bij huishouden Risico toename WMO begeleiding Jeugdhulp - doorwerking jaarrekening 2025 Verrekening accres GF, PM Van Ark Risico jeugd inclusief programma Grip op Jeugd Risico afnemende opvangmiddelen Oekraiense vluchtelingen Risico vervolgonderzoek kruispunten N9 Onderhoudsniveau wegen op onderhoudsniveau A/C Veilig houden dijk- en polderwegen en intensief onderhoud bestrating centrumgebied Areaalmutaties Stadswerk072 Aframen subsidie flexibele schil Onderhoudsbudgetten gemeentelijk vastgoed Aanpassing huuropbrengsten Een gezonde onderwijshuisvestingsexploitatie Een realistische parkeerbegroting Openbaar groen – onkruidbeheersing op verharding Risico verhoging bijdrage Omgevingsdienst Correctie bijdrage Omgevingsdienst Privacy, gegevensbescherming en informatiebeveiliging Storting onderhoudsvoorziening panden Facilitair VNG Fonds Gezamenlijke Gemeentelijke Uitvoering (GGU) Storting in de voorziening dubieuze belastingdebiteuren Toename inkomsten uit toeristenbelasting Dekking uitstel inkomensafhankelijke eigen bijdrage hulp bij huishouden via algemene uitkering (meicirculaire) Actualisatie dividend ADV BV Stijgende rentelasten financiering
-800 -3.100 3.100 -2.030 -600
-800 -3.100 PM -2.030 -
-800 -3.100 PM -2.030 -
-800 -3.100 PM -2.030 -
-266 -1.116 -976 -750 -150 -317 -364 -146 -260 -288 -205 -75 200 939
-266 -1.116 -976 -1.000 -150 -317 -364 -146 -260 -279 -205 -75 200 -
-266 -1.116 -976 -150 -317 -364 -146 -260 -205 -75 200 -
-266 -1.116 -976 -150 -317 -364 -146 -260 -205 -75 200 -
500 721
500 158
500 -744
500 -3.235
Totaal autonome ontwikkelingen
-7.070
-10.214
-9.838
-12.329
Vrijval stelpost loon- en prijscompensatie septembercirculaire 2022 Structurele toename adresonderzoeken Risico prijsstijging leerlingenvervoer Besparing gemeentelijke peutermiddelen Risico prijsstijgingen Hoornse Vaart en Sportpaleis Risico korting brede specifieke uitkering combinatiefunctionarissen Risico overige prijsstijgingen Alkmaar Sport Risico aanvullend zorg- en welzijnakkoord Strategisch leefbaarheidsbudget dorpen Wmo Maatwerk - doorwerking jaarrekening 2025 Uitstel inkomensafhankelijke eigen bijdrage hulp bij huishouden
9
Programma 1 Inwoner en bestuur 1. Vrijval stelpost loon- en prijscompensatie septembercirculaire 2022 In 2022 is via de algemene uitkering extra loon- en prijscompensatie ontvangen voor de gestegen inflatie als gevolg van de oorlog in Oekraïne. Van deze extra loon- en prijscompensatie staat nog € 429.000 op een stelpost. Deze stelpost kan vrijvallen. 2. Structurele toename adresonderzoeken De gemeente is verantwoordelijk voor een actuele, juiste en betrouwbare registratie van persoonsgegevens van ingezetenen in de Basisregistratie Personen (BRP). Om de kwaliteit van de adresgegevens in de BRP zo hoog mogelijk te houden geeft de wet een hoge prioriteit aan adresonderzoek. Instanties zoals de Belastingdienst, Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) en Sociale Verzekeringsbank (SVB) zijn verplicht om signalen door te geven aan gemeenten via de TerugMeldVoorziening (TMV). De gemeente beoordeelt deze signalen en voert waar nodig een adresonderzoek uit. Sinds 2023 is de Landelijke Aanpak Adreskwaliteit (LAA) wettelijk verankerd. Gemeentes ontvangen sindsdien meer signalen van mogelijk onjuiste adresregistraties. Het aantal briefadressen is ook sterk gestegen. Dit komt omdat meer mensen in sociale en financiële problemen komen en via een briefadres een uitkering aanvragen. Op deze briefadresaanvragen moeten ook periodiek heronderzoek plaatsvinden.
Maatschappelijke partners, de Belastingdienst, SVB of DUO delen vaker signalen, waardoor meer adresonderzoek nodig is. Het aantal meldingen, adresonderzoeken BRP en briefadresonderzoeken is gestegen van 1100 in 2022 tot meer dan 2250 in 2025. We verwachten een verdere toename in het aantal adresonderzoeken nu er meer mogelijkheden beschikbaar zijn, waarmee inwoners en instellingen laagdrempelig een verzoek tot adresonderzoek in kunnen dienen. Deze ontwikkelingen leggen een te grote druk op de capaciteit van adresonderzoek, waardoor er een achterstand is ontstaan op het beoordelen van de signalen en het uitvoeren van heronderzoeken om de onderzoeken juist, tijdig en volledig uit te kunnen voeren. Ook is er nu geen capaciteit om de leegstand in kaart te brengen.
Programma 2 Vitaliteit 3. Risico prijsstijging leerlingenvervoer De geopolitieke onrust in de wereld heeft grote effecten op de brandstofprijzen. Dit heeft (mogelijke) consequenties voor de jaarlijkse indexering van het leerlingenvervoer. 4. Besparing gemeentelijke peutermiddelen In de Programmabegroting 2026 is het onderzoek naar besparingsmogelijkheden voor de gemeentelijke peutermiddelen opgenomen als actie. Naar aanleiding hiervan is het onderzoeksrapport “Analyse besparingsopties peuteropvang en VE gemeente Alkmaar” van Bureau Buitenhek opgesteld, waarin verschillende scenario’s zijn uitgewerkt. Het eerder als voorkeursvariant aangemerkte scenario A1 – volledige dekking van de besparingsopgave uit de Rijksbijdrage (OAB-middelen) – is op rechtmatigheid getoetst bij de gemeentelijke externe accountant. Deze heeft bevestigd dat dit scenario financieel en rechtmatig uitvoerbaar is, door gebruik te maken van de ruimte die de wet biedt. In eerdere jaren werd dit scenario niet haalbaar geacht, omdat expliciete instemming noodzakelijk werd geacht vanuit het Rijk/ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW). Op basis van de recente verificatie door en instemming van de externe accountant is deze belemmering komen te vervallen en kan het scenario nu worden gerealiseerd.
10
5. Risico prijsstijgingen Hoornse Vaart en Sportpaleis Door de geopolitieke onrust in de wereld zien we de prijzen van materialen, energie en lonen nu al stijgen. Dit heeft (mogelijke) consequenties voor de opdrachten die uitgezet zijn/worden voor de Hoornse Vaart en het Sportpaleis en zwembad De Hout. 6. Risico korting brede specifieke uitkering (SPUK) combinatiefunctionarissen De Combinatiefunctionarissenregeling (onderdeel van de Brede Regeling Combinatiefuncties en gefinancierd vanuit de BREDE SPUK regeling) ondersteunt gemeenten financieel bij het aanstellen van professionals die sport, cultuur, onderwijs en zorg met elkaar verbinden. Deze functionarissen stimuleren deelname aan sport en cultuur en versterken samenwerking tussen bijvoorbeeld scholen, verenigingen en wijkorganisaties. Gemeente Alkmaar maakt sinds 2008 al gebruik van deze regeling. Deze regeling is voordelig, omdat het Rijk 40% meebetaalt aan de kosten van mensen die sport stimuleren. Zo kan de gemeente met minder geld meer mensen inzetten om inwoners te helpen sporten en bewegen. Sinds 2 jaar valt de regeling Combinatiefunctionarissen onder de BREDE SPUK. Vanuit het rijk is besloten om 10% korting toe te passen op verschillende SPUK regelingen, zoals ook de BREDE SPUK regeling. Hiermee is circa € 55.000 minder beschikbaar voor de combinatiefunctionarissen en kunnen minder fte's worden ingezet. 7.
Risico overige prijsstijgingen Alkmaar Sport De stijging van energieprijzen en de prijsstijging in het algemeen hebben gevolgen voor de door de gemeente gesubsidieerde, maatschappelijke organisaties. De financiële effecten worden zichtbaar bij verantwoording van de subsidie 2026 en verder. Echter, mogelijk krijgen we al tijdens 2026 te maken met aanvullende aanvragen als gevolg van oorlog/geopolitieke onrust. 8. Risico aanvullend zorg- en welzijnsakkoord De uitvoering van het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) brengt op dit moment financiële onzekerheden met zich mee. Hoewel het AZWA voorziet in (deels structurele) middelen voor gemeenten, is de nadere uitwerking van de omvang, verdeling en timing van deze middelen nog niet bekend. Dit leidt tot een risico voor de uitvoerbaarheid van de voorgenomen AZWA activiteiten binnen de gemeente Alkmaar. Het ontbreken van tijdige duidelijkheid over de bekostiging kan ertoe leiden dat activiteiten niet kunnen starten, moeten worden gefaseerd of tijdelijk worden uitgesteld. Dit risico wordt expliciet benoemd in de kaderbrief, zodat bij latere besluitvorming kan worden bijgestuurd zodra hierover landelijke en regionale duidelijkheid ontstaat en wordt voorkomen dat structurele verplichtingen worden aangegaan zonder zekere dekking. 9.
Strategisch leefbaarheidsbudget dorpen In de aangenomen motie 14-M1 in de raadsvergadering van 15 mei 2025 wordt het college verzocht om een budget Strategische Leefbaarheid Dorpen te creëren van maximaal € 50.000 per jaar. Het betreft de dorpen in landelijk Alkmaar, maar ook de dorpen in stedelijk Alkmaar waaronder Koedijk. 10. Wmo Maatwerk - doorwerking jaarrekening 2025 Uit de jaarrekening 2025 blijkt dat de uitgaven voor Wmo Maatwerk € 940.000 hoger waren dan begroot. Deze extra uitgaven werken door in de begroting 2026 en hebben effect op de begroting 2027 en verder. In de primaire begroting 2026 is de taakstelling voor de Wmo verwerkt. Voor 2027 wordt daar een extra besparing aan toegevoegd van € 190.000. 11. Uitstel inkomensafhankelijke eigen bijdrage hulp bij huishouden Het rijk heeft de invoering van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage uitgesteld naar 2028. De misgelopen inkomsten worden gecompenseerd via de meerjaren meicirculaire 2026, zie bij programma 6 Financiën.
11
12. Effecten uitgevoerd kostprijsonderzoek Wmo-begeleiding In het kader van de nieuwe contracten voor Wmo-begeleiding is de gemeente gehouden aan het uitvoeren van een kostprijsonderzoek om te voldoen aan de algemene maatregel van bestuur “Reële kostprijs Wmo 2015”. De nieuwe tarieven liggen hoger dan de tarieven van de huidige contracten en leiden daardoor tot een structurele stijging van de kosten. De toename valt voor het grootste deel in de individuele begeleiding, waarbij het Zwaartepunt bij “begeleiding midden” ligt (€ 515.000) en verder grotendeels bij “begeleiding licht” en “zwaar” (respectievelijk € 160.000 & € 25.000). De overige toename zit in dagbesteding en respijtzorg. Dit komt o.a. door meer begeleiding voor mensen met dementie als gevolg van vergrijzing en langer zelfstandig wonen. Het college heeft hier een besluit over genomen op 2 september 2025. Het kostprijsonderzoek heeft plaatsgevonden en is vastgesteld in de regionale stuurgroep. 13. Risico toename beschermd wonen De sturing op snellere uitstroom vanuit de Jeugdwet heeft financiële consequenties voor de Wmo. De tarieven binnen de Wmo liggen echter wel lager dan binnen de jeugdwet. De bezuiniging binnen de verlengde Jeugdwet wordt daarom vertaald naar een kostenstijging binnen de Wmo (beschermd wonen). 14.
Risico hulp bij huishouden Toename van 3% van het volume als gevolg van demografische verschuiving van inwoners per leeftijdscategorie van de doelgroep (ouderen met de voorziening hulp bij het huishouden) en het uitblijven van de invoering van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage. De toename van 3% ligt lager dan de trendlijn vanwege de inspanningen binnen het programma Grip op kosten Wmo. 15. Risico toename Wmo begeleiding Toename van 3% wordt opgenomen vanwege de meerjarige trend dat steeds meer inwoners gebruik (moeten) maken van de voorziening begeleiding. De toename is vooral zichtbaar in de doelgroepen 2030 jaar en 30-40 jaar. De toename van 3% ligt lager dan de trendlijn vanwege de inspanningen binnen het programma Grip op kosten Wmo. 16. Jeugdhulp - doorwerking jaarrekening 2025 Uit de jaarrekening 2025 blijkt dat de uitgaven voor Jeugd hoger waren dan begroot. Deze extra uitgaven werken door in de begroting 2026 en hebben effect op de begroting 2027 en verder. In 2027 doet de commissie Van Ark onderzoek, waarna in 2028 extra middelen worden verwacht. 17. Risico jeugd inclusief programma Grip op Jeugd Met de maatregelen GRIP, als onderdeel van het Plan van Aanpak Jeugd sturen we intensief op de alsmaar toenemende kosten van jeugdhulp.
Dit doen we onder andere via de aangescherpte Verordening Jeugdhulp, aangescherpte Nadere regels en inzet op ondersteuning dichtbij de leefomgeving. Ondanks deze inspanningen wordt de vraag naar jeugdzorg in belangrijke mate bepaald door ontwikkelingen zoals: − stijging van de complexiteit van problematiek bij jongeren (landelijke trend); − de beweging om kinderen zo lang mogelijk thuis te laten wonen gaat vaak gepaard met een grotere druk op ambulante jeugdhulp; − door het open-einde karakter van de Jeugdwet leiden deze ontwikkelingen direct tot hogere uitgaven. Ondanks het open einde karakter, sturen we binnen onze directe beïnvloedingssfeer, zoveel mogelijk op de alsmaar toenemende uitgaven. Dit doen we via GRIP, de aangepaste verordening en nadere regels, maar ook de aanscherping van de toegang. Om die reden zijn de Verordening Jeugd en Nadere Regels enkele maanden na het einde van 2025 aangescherpt en vastgesteld - en zijn stevigere beheersmaatregelen in de toekomst niet uitgesloten.
12
18. Risico afnemende opvangmiddelen Oekraïense vluchtelingen De verwachting is dat in 2027 de Europese beschermingsmaatregel voor Oekraïense vluchtelingen afloopt. Daarna wordt een transitiedocument (tijdelijke verblijfsvergunning) ingevoerd op grond waarvan de Oekraïense vluchtelingen dezelfde rechten en plichten hebben als reguliere inwoners en dus ook gebruik zullen maken van reguliere voorzieningen. Tegelijkertijd zullen de middelen voor opvang van Oekraïense vluchtelingen vanaf 2027 afnemen.
Programma 4 Leefbaarheid 19. Risico vervolgonderzoek kruispunten N9 In 2025 hebben Rijk en regio onderzoek gedaan naar de kruispunten op de N9 Westring. In het bestuurlijk overleg MIRT*) van 2025 hebben het Rijk en de regio het volgende afgesproken: “Rijk en regio spreken af dat de regio zelfstandig verder werkt aan het nader analyseren en uitwerken van de kruispuntmaatregelen N9 Westring en N242 met prioriteit voor de kruispunten Kooimeerplein en Kennemerstraatweg.” Alkmaar is trekker. Regiogemeenten Alkmaar, BUCH, Dijk en Waard en provincie Noord-Holland maken nog nadere afspraken over de onderzoeksopzet, de kosten en de dekking hiervan. De uitwerking van de N9 kruispunten betreft vastgesteld beleid zoals opgenomen in de Stedelijke Mobiliteitsvisie, coalitieakkoord en begroting. De aanvraag betreft de Alkmaarse bijdrage in de verwachte onderzoekskosten. *) MIRT = Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport
20. Onderhoudsniveau wegen op onderhoudsniveau A/C De gemeenteraad heeft besloten om, gedurende de ravijnperiode, het onderhoudsniveau wegen te verlagen van niveau B naar niveau C, met uitzondering van de centrumgebieden waarvoor niveau A blijft gelden. Met dit voorstel wordt voorkomen dat het onderhoudsniveau verder terugloopt naar D. 21. Veilig houden dijk- en polderwegen en intensief onderhoud bestrating centrumgebied Het onderhoud van de dijk- en polderwegen en van de bestrating in het centrumgebied op orde houden en voorkomen dat de kwaliteit onder het afgesproken niveau daalt. 22. Areaalmutaties Stadswerk072 De gemeente Alkmaar groeit, wat leidt tot een structurele toename van het te beheren areaal in de openbare ruimte. 23. Aframen subsidie flexibele schil De subsidie “Flexibele schil versnelling woningbouw”, die door de provincie Noord-Holland wordt verleend, is vanaf 2027 beëindigd. 24. Onderhoudsbudgetten gemeentelijk vastgoed Het onderhoud wordt gepland op basis van een dynamisch Meerjarig Onderhoudsplan (MJOP). Dit MJOP wordt jaarlijks geactualiseerd op basis van inspecties door gecertificeerde bouwkundigen. Uit de meest recente (geactualiseerde) MJOP planningen blijkt dat de kosten voor klein en groot onderhoud structureel stijgen.
De stijging van de onderhoudsbudgetten is een autonome ontwikkeling, omdat zij het gevolg is van wettelijke verplichtingen, marktontwikkelingen en (verduurzaming) beleid (portefeuilleroutekaart) voor bestaand vastgoed. Het betreft een noodzakelijke bijstelling om het vastgestelde onderhoudsniveau en maatschappelijke vastgoedfunctie in stand te houden. 25. Aanpassing huuropbrengsten In 2027 en 2028 worden de geraamde huurinkomsten neerwaarts bijgesteld. Aanleiding hiervoor is dat de sterke prijsstijgingen van de afgelopen jaren, met name bij sportaccommodaties, op basis van de bestaande contractafspraken niet volledig aan huurders konden worden doorberekend. Naar verwachting ontstaat vanaf 2029 ruimte om huurcontracten te herzien en de tarieven meer kostprijs dekkend
13
vast te stellen. Hierdoor kunnen de huurinkomsten vanaf dat moment weer op een hoger niveau worden geraamd 26. Een gezonde onderwijshuisvestingsexploitatie Voor het vaststellen van het jaarprogramma onderwijshuisvesting is, aanvullend op het beschikbare investeringsplafond, een jaarlijks exploitatieplafond nodig. Een exploitatiebudget onderwijshuisvesting wordt ingezet om kosten voor verhuizing, 1e inrichtingskosten en tijdelijke huisvesting te vergoeden, waarop niet kan worden afgeschreven. Vergoeding van deze wettelijk kosten zijn voorwaardelijk om uitvoering te geven aan een vastgesteld Integraal huisvestingsplan (IHP). 27. Een realistische parkeerbegroting De afgelopen jaren waren de opbrengsten uit straatparkeren in de begroting te laag, terwijl de opbrengsten uit het parkeren in de garages te hoog waren begroot. De werkelijke ontvangsten compenseerde deze effecten binnen het product parkeren. In 2025 zijn de opbrengsten uit naheffingsaanslagen structureel naar beneden bijgesteld en de opbrengsten uit straatparkeren structureel naar boven bijgesteld als gevolg van het succes van de scanauto. Door deze aanpassing is het eerder compenserende effect weggevallen, waardoor de te lage raming van straatparkeren de te hoge raming van de parkeeropbrengsten van de garages niet meer kan opvangen.
Over de afgelopen drie jaar is het gemiddelde nadelig saldo van de parkeeropbrengsten garages € 317.000.
Programma 5 Duurzaamheid 28. Openbaar groen – onkruidbeheersing op verharding Onkruidbeheersing op verharding om de afgesproken A- en B-beeldkwaliteit te blijven onderhouden. 29. Risico verhoging bijdrage Omgevingsdienst Het actualiseren van de bijdrage aan de Omgevingsdienst op basis van de Kadernota 2027 van de Omgevingsdienst. 30. Correctie bijdrage Omgevingsdienst Bij de kadernota 2026 en de begroting 2026 van de OD NHN heeft de raad via zienswijzen verzocht om een structurele bezuiniging van 5% door te voeren in de jaarlijkse bijdrage. Bij het door het Algemeen Bestuur van de OD NHN vaststellen van de begroting 2026 was hiervoor geen meerderheid en is dit niet doorgevoerd. In de programmabegroting 2026 van Alkmaar is bij vaststelling echter wel rekening gehouden met de gevraagde bezuinigingen. Dit zorgt voor een verschil (tekort) van € 146.000 en dient te worden gecorrigeerd.
Programma 6 Financiën 31. Privacy, gegevensbescherming en informatiebeveiliging De afgelopen jaren is het belang van privacy en gegevensbescherming binnen onze organisatie aanzienlijk toegenomen. Door de steeds strengere eisen, onder andere vanuit nationale en Europese weten regelgeving, zoals de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), zijn organisaties verplicht om persoonsgegevens zorgvuldig te beschermen en te waarborgen dat processen hierop zijn ingericht. Daarnaast heeft het rapport van de Functionaris Gegevensbescherming (FG) duidelijk gemaakt dat er nog verbeterpunten zijn in onze huidige aanpak en dat extra inzet noodzakelijk is om aan alle verplichtingen te voldoen.
14
32. Storting onderhoudsvoorziening panden Facilitair Het MJOP gebouwen Facilitair is geactualiseerd, rekening houdend met de voorschriften in de notitie Materiële Vaste Activa 2020 van het BBV. Diverse posten zijn op basis van deze notitie aangemerkt als groot onderhoud in plaats van investering. Door de omzetting van investeringen naar groot onderhoud neemt de storting in de onderhoudsvoorziening toe en nemen de kapitaallasten in de toekomst af. Dit leidt tot een tijdelijk tekort in het budget voor toevoegingen aan de onderhoudsvoorziening Facilitair. 33. VNG Fonds Gezamenlijke Gemeentelijke Uitvoering (GGU) Via de GGU en het bijbehorende fonds GGU spreken we standaarden af, kopen we samen in en werken we samen aan nieuwe diensten, producten. Denk bijvoorbeeld aan de Informatiebeveiligingsdienst, de gezamenlijke inkoop van ICT en telefonie, het Ketenbureau i-Sociaal Domein en het GGI-netwerk, een beveiligd landelijk datanetwerk voor gemeenten. Inmiddels kunnen gemeenten gebruik maken van meer dan 100 producten, diensten en standaarden. Als lid van de VNG moeten we bijdragen in deze kosten, maar de bijdrage is veel sterker toegenomen dan de regulieren indexatie. 34. Storting in de voorziening dubieuze belastingdebiteuren We zijn verplicht om een voorziening dubieuze belastingdebiteuren aan te houden en hier jaarlijks in te muteren op basis van de jaarrekening analyse.
Er is echter nooit een budget aangevraagd om deze storting te kunnen doen, wat jaarlijks leidt tot een afwijking van de begroting. Het gevraagde bedrag is een gemiddelde van de afgelopen jaren. Jaarlijks komen deze lasten bij de rechtmatigheidscontrole naar voren. Hoewel deze lasten o.g.v. wetgeving te rechtvaardigen zijn, realistisch ramen is ook dat onvermijdelijke uitgaven in de begroting zijn opgenomen. 35. Toename inkomsten uit toeristenbelasting De inkomsten uit de toeristenbelasting zijn hoger dan begroot door meer overnachtingen dan waar in de begroting rekening mee is gehouden. 36. Dekking uitstel inkomensafhankelijke eigen bijdrage hulp bij huishouden via algemene uitkering (meicirculaire) Dekking voor lagere baten eigen bijdrage Hulp bij het Huishouden, zie de toelichting bij programma 2 Vitaliteit, autonome ontwikkeling 11. 37. Actualisatie dividend ADV BV De AVA heeft de begroting van de Vastgoed BV vastgesteld en ingestemd met de hogere dividenduitkeringen. 38. Stijgende rentelasten financiering Het college heeft het treasuryjaarplan vastgesteld. Hierin is een actuele raming opgenomen met de toekomstige rentelasten en de aan te trekken geldleningen. We verwachten op korte termijn een voordeel, omdat we meer kortlopend gaan financieren. Op langere termijn valt dit voordeel weg door hogere rentepercentages en toegenomen financiering.
15