Bijlage 1. Jaarverslag VTH 2025 en beleidsevaluatie 23-26
Tekst van het document
•
Jaarverslag 2025 en beleidsevaluatie 2023-2026 Vergunningverlening, toezicht en handhaving Omgevingsrecht
Inhoud Samenvatting 1. Beleid en ontwikkeling
4
1.1 Inleiding
4
1.2 2025
5
1.3 Beleidsdoelen
5
1.4 Wettelijk kader
6
1.5 Oordeel interbestuurlijk toezicht
6
1.6 Afbakening
7
2. Inhoud jaarverslag
8
2.1 Waarom een jaarverslag VTH?
8
2.2 Wettelijke eisen
8
2.3 Uitgangspunten
8
2.4 Plek in de beleidscyclus
8
2.5 Actualiteiten
10
3. Taakvelden VTH omgevingsrecht
12
3.1 Resultaten taakveld aanvragen 2025 onder de Omgevingswet
12
3.2 Conclusie taakveld aanvragen 2025
12
3.3 Resultaten taakvelden toezicht en handhaving 2025
13
3.4 Conclusie taakvelden toezicht en handhaving
14
3.5 Bezwaar- en beroepschriften VTH 2025
15
3.6 Conclusie bezwaar-en beroepschriften VTH 2025
15
3.7 Eindconclusie
15
4. Beleidsmatige activiteiten in 2025
16
4.1 Resultaten
16
4.2 Conclusie behaalde resultaten
22
4.3 Eindconclusie
23
5. Beleidsevaluatie 2023 - 2026
24
5.1 Terugkoppeling beleidsdoelstellingen
24
2
3
Samenvatting In dit evaluatieverslag wordt beschreven in hoeverre de activiteiten uit het Uitvoeringsprogramma vergunningverlening, toezicht en handhaving 2025 zijn uitgevoerd en wat de stand van zaken is met betrekking tot de beleidsdoelen uit de VTH-beleidsnota 2023-2026. De gemeente is verplicht jaarlijks verslag uit te brengen en periodiek een evaluatie uit te voeren van de uitgevoerde activiteiten en behaalde resultaten op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving binnen het omgevingsrecht. Met dit jaarverslag geven wij uitvoering aan deze verplichting.
1. Beleid en ontwikkeling 1.1 Inleiding Op 15 april 2025 is het Uitvoeringsprogramma VTH 2025 vastgesteld. Hierin zijn de beleidsuitgangspunten en doelstellingen voor vergunningverlening, toezicht en handhaving opgenomen. Ook is vastgelegd welke onderwerpen prioriteit krijgen. Daarbij moeten keuzes worden gemaakt, zodat de beschikbare capaciteit zo doelmatig mogelijk in de uitvoeringspraktijk wordt ingezet. Het doel van dit jaarverslag is inzichtelijk te maken welke werkzaamheden in het kader van de VTHuitvoeringstaken daadwerkelijk zijn verricht. In dit jaarverslag wordt verantwoord op welke wijze uitvoering is gegeven aan de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Indien uit de evaluatie blijkt dat aanpassing van het beleid noodzakelijk is, wordt dat in dit document benoemd. De VTH-beleidsnota, het uitvoeringsprogramma en dit jaarverslag zijn verplichte documenten op grond van de Omgevingswet. De Omgevingswet heeft betrekking op de fysieke leefomgeving en bevat regels voor de ruimte waarin mensen wonen, werken en recreëren. Naast de doelstellingen uit de Omgevingswet hanteert Alkmaar ook eigen beleidsdoelstellingen, die zijn vastgelegd in de VTH-beleidsnota 2023-2026. De taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving dragen bij aan het realiseren van deze doelstellingen.
Dit evaluatieverslag heeft geen betrekking op de milieutaken die in opdracht van de gemeente Alkmaar worden uitgevoerd door de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (OD NHN). Voor deze taken stelt de OD NHN een eigen uitvoeringsprogramma en evaluatieverslag op, die door het college van burgemeester en wethouders van Alkmaar worden vastgesteld. De gemeente evalueert jaarlijks of de activiteiten die in het uitvoeringsprogramma zijn opgenomen daadwerkelijk zijn uitgevoerd. Daarnaast wordt beoordeeld in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het realiseren van de doelstellingen uit de VTH-beleidsnota. Met dit jaarverslag legt het college verantwoording af aan de gemeenteraad en aan de inwoners van Alkmaar. Het beleid voor de VTH-werkzaamheden volgt een vaste beleids- en uitvoeringscyclus. Deze cyclus staat ook bekend als de ‘Big-8’, waarin planvorming, uitvoering, monitoring en bijstelling elkaar voortdurend opvolgen. Het jaarverslag en de evaluatie vormen een onderdeel van deze Big-8-cyclus. Wettelijke basis: Omgevingsbesluit, art. 13.5 t/m 13.11 (procescriteria), verplicht tot een sluitende beleidscyclus.
4
1.2 2025 In 2025 hebben wij extra ingezet op het zichtbaar sluiten van de Big-8-cyclus. Dit betekent dat wij niet alleen de uitvoering van onze VTH-taken monitoren, maar ook expliciet terugkoppelen hoe de resultaten zich verhouden tot de in het uitvoeringsprogramma en het VTH-beleid geformuleerde doelstellingen. Op basis daarvan worden gerichte verbeterpunten geformuleerd voor het uitvoeringsprogramma van het komende jaar en voor het nieuwe VTH-beleid 2027-2030. Met deze aanvullende stap borgen wij dat onze VTH-cyclus volledig voldoet aan de procescriteria uit het Omgevingsbesluit en dat de horizontale verantwoording richting raad en inwoners transparant en volledig is. In de jaarlijkse terugblik wordt voortaan opgenomen hoe de uitvoering van VTH-taken heeft bijgedragen aan de specifieke ambities en gebiedswaarden van Alkmaar, zoals dienstverlening, leefbaarheid, veiligheid, duurzaamheid en de woningbouwopgave. Hiermee sluiten wij aan bij de wettelijke verplichting tot het verbinden van beleidsdoelen aan uitvoering en verantwoording. Wij hebben geëvalueerd hoe de uitvoering van de VTH-taken zich verhoudt tot de specifieke beleidsdoelstellingen van Alkmaar. Daarbij is gekeken naar doorlooptijden, interne werkprocessen, de samenwerking met interne en externe adviseurs en de effecten daarvan op de behandeling van zaken.
Door deze activiteiten expliciet te monitoren en te evalueren, geven wij invulling aan de verplichting uit het Omgevingsbesluit om VTH-processen continu te verbeteren en daarover verantwoording af te leggen.
1.3 Beleidsdoelen In de VTH-Beleidsnota 2023-2026 zijn de volgende doelstellingen opgenomen: Beleidsdoelstelling Activiteiten Dienstverlening
Blijvend verbeteren van proces omgevingsvergunningen Blijvend verbeteren van kwaliteit interne samenwerking De veranderende rol: werken volgens de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
Leefbaarheid en veiligheid
Constructieve veiligheid gebouwen CC3 publiek toegankelijke gebouwen uit de (hoogste) gevolgklasse 3 Constructieve veiligheid bruggen Risicogerichte werkwijze
Leefbaarheid en wonen
Uitvoering geven aan woningbouwversnelling Optimaliseren Woningbouwloket Bijdrage aan stimuleren binnenstedelijke woningbouwinitiatieven
5
Leefbaarheid en ontwikkelgebieden
Verantwoorde bijdrage aan ontwikkeling Alkmaars Kanaal en Stationsgebieden
Duurzaamheid
Handhaving energielabel C kantoorgebouwen Inzet op energiezuinigheid bij vergunningverlening en toezicht Stimuleren duurzaamheidsmaatregelen via bouwleges
In hoofdstuk 5 evalueren wij deze beleidsdoelen als input voor de nieuwe beleidsnota
1.4 Wettelijk kader In afdeling 13.2. van het Omgevingsbesluit zijn regels voor kwaliteitsbevordering en afstemming van de uitvoering en handhaving opgenomen. In artikel 13.11. van het Omgevingsbesluit is de verplichting voor een jaarlijkse evaluatierapportage door bestuursorganen opgenomen. De landelijke kwaliteitscriteria voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) zijn in 2025 vernieuwd. De kwaliteitseisen en taken voor toezicht en handhaving volgen uit regels van afdeling 18.3 van de Omgevingswet en artikel 147 van de Gemeentewet. Deze criteria zijn belangrijk voor een goede en uniforme uitvoering van de doelen van de Omgevingswet door alle overheden. De nieuwe criteria zijn op 1 januari 2025 ingegaan. Hieruit volgt ook de verplichting voor een jaarprogramma VTH. Uit artikel 18.18 volgt dat betrokken bestuursorganen zorgdragen voor een goede kwaliteit van de uitoefening van de uitvoeringstaak en de handhavingstaak. Op 1 augustus 2023 is de VTH-beleidsnota 2023-2026 vastgesteld. Het uitvoeringsprogramma VTH vormt het hart van de beleidscyclus voor toezicht en handhaving en de schakel tussen de strategische en operationele cyclus. Het uitvoeringsprogramma wordt door het college vastgesteld en maakt onderdeel uit van de gemeentelijke handhavingsbeleidscyclus.
In het jaarverslag worden de in het uitvoeringsprogramma opgenomen prioriteiten en doelstellingen geëvalueerd. In maart 2021 heeft de gemeenteraad besloten onderzoek te laten uitvoeren naar de constructieve veiligheid van publiek toegankelijke gebouwen die vallen in gevolgklasse 3. Aanleiding hiervoor waren de aanbevelingen uit de rapporten van de Onderzoeksraad voor Veiligheid en bureau Berenschot naar aanleiding van de instorting van een deel van het tribunedak van het AZ-stadion.
1.5 Oordeel interbestuurlijk toezicht De provincie Noord-Holland is verantwoordelijk voor het interbestuurlijk toezicht op gemeenten voor het omgevingsrecht. Door de provincie wordt erop toegezien dat gemeenten het beleid en de jaarstukken op het gebied van uitvoering en handhaving volgens het geldende omgevingsrecht hebben opgesteld. In het beleid IBT 2022-2025 van de provincie staat een toelichting op de werkwijze van de provincie als interbestuurlijk toezichthouder. De provincie heeft ons op 7 mei 2026 haar ambtelijk oordeel over het jaar 2025 toegezonden. In het kader van interbestuurlijk toezicht controleert de provincie Noord-Holland of de gemeente voldoet aan de kwaliteitscriteria voor vergunningverlening, toezicht en handhaving. Naar aanleiding van positieve beoordelingen in voorgaande jaren stond Alkmaar de afgelopen jaren onder versoberd toezicht. De beoordeling was daardoor langere tijd uitsluitend gebaseerd op volledigheid en actualiteit.
6
In 2025 heeft de provincie het toezicht op de VTH-taken van gemeenten verder aangescherpt. Door de strengere inhoudelijke beoordeling, onder meer op de gewijzigde procescriteria voor VTH onder de Omgevingswet, zijn diverse onderdelen van het VTH-uitvoeringsbeleid als ‘nog veel te verbeteren’ beoordeeld. Deze beoordeling heeft met name betrekking op de uitvoerings- en handhavingsstrategie, zoals bedoeld in de Uitvoeringsnota VTH 2023-2026. De provincie heeft in dat kader verbeterpunten meegegeven, die waar mogelijk in de stukken zijn verwerkt. Daarnaast loopt de beleidsperiode van de VTH-beleidsnota 2023-2026 in 2026 af. Daarom wordt in 2026 gewerkt aan een nieuwe VTH-beleidsnota en uitvoerings- en handhavingsstrategie voor de periode 2027-2030, waarin deze verbeterpunten direct kunnen worden meegenomen om weer te voldoen aan de minimale eisen voor VTH-taken onder de Omgevingswet.
1.6 Afbakening Het Uitvoeringsprogramma is beperkt tot de reikwijdte van de Omgevingswet, inclusief de bepalingen uit de Verordening fysieke leefomgeving die in het omgevingsplan integreren. Dit betekent dat aandacht wordt besteed aan de preventie, vergunningverlening, toezicht en handhaving van bodemkwaliteit, omgevingsplan (ruimtelijke ordening), milieuregels, bouw-, sloop- en brandveiligheidsregels en regels over monumenten, reclame, kappen van bomen, natuurbescherming en in- en uitritten.
7
2. Inhoud jaarverslag 2.1 Waarom een jaarverslag VTH? Als college willen wij inzicht hebben in de mate waarin de geplande inzet van middelen en de voorgenomen activiteiten daadwerkelijk zijn gerealiseerd. Daarnaast willen wij kunnen beoordelen of de doelstellingen zijn bereikt en of dit op een doelmatige wijze is gebeurd. De informatie uit het jaarverslag gebruiken we voor de volgende actiepunten: • het opstellen van het nieuwe integrale VTH (uitvoering)programma; • eventuele tussentijdse bijsturing van het programma; • eventuele wijziging van het beleid of actualisatie van beleid; • het afleggen van verantwoording aan de gemeenteraad; • het tijdig kunnen aansluiten bij de gemeentelijke Planning en Control Cyclus. Voor een sluitende handhavingscyclus zijn een jaarverslag en evaluatie noodzakelijk.
2.2 Wettelijke eisen Het college moet periodiek rapporteren over: • het bereiken van de doelen; • de uitvoering van de voorgenomen activiteiten, in verhouding tot de prioriteitenstelling; • de uitvoering van de afspraken met andere betrokken bestuursorganen en de organen die belast zijn met de strafrechtelijke handhaving over de samenwerking bij en de afstemming van de werkzaamheden. Daarnaast moet het college jaarlijks evalueren of de in het uitvoeringsprogramma opgenomen activiteiten zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de gestelde doelen. De rapportage en de evaluatie moeten bekend worden gemaakt aan de raad.
2.3 Uitgangspunten Het jaarverslag is gebaseerd op: • de door het college vastgestelde Beleidsnota VTH 2023-2026; • de vastgestelde Uitvoeringsnota VTH 2023-2026; • het vastgestelde Uitvoeringsprogramma VTH 2025; • de wettelijke eisen als genoemd in het omgevingsrecht; • de aanbevelingen van de provincie Noord-Holland in het kader van interbestuurlijk toezicht.
2.4 Plek in de beleidscyclus De VTH-beleidscyclus (Big-8) omvat het opstellen van een beleidsplan, inclusief omgevingsanalyse, prioriteiten en doelstellingen, een jaarlijks uitvoeringsprogramma met een planning van instrumenten en in te zetten capaciteit, en de feitelijke uitvoering en monitoring daarvan, waaronder verslaglegging en evaluatie. Dit betreft een cyclisch proces. Dit jaarverslag is het jaarlijks op te stellen document dat invulling geeft aan de fase van evaluatie en verantwoording.
8
Formulering en vaststelling beleid door bestuur Beleidsnota VTH 2023-2026
Programmering uitvoering door college
Evaluatie en verantwoording Jaarverslag en eventueel bijstelling beleid. Input voor beleid en programma
Uitvoering van Uitvoeringsprogramma VTH (jaarlijks)
Planning & Control
Voorbereiden
Monitoring uitvoering
Uitvoeren Daadwerkelijke uitvoering toezicht/handhaving Door borging middelen, organisatie, werkprocessen etc.
Beleidscyclus Alkmaar
9
2.5 Actualiteiten In 2025 werkten wij voor het tweede jaar met de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Daarbij maakten wij gebruik van de noodzakelijke technische aansluitingen. Voor de VTHtaken werken wij met een nieuw zaaksysteem. Dit systeem wordt tijdens het gebruik verder doorontwikkeld. Het systeem is nog niet volledig ingericht. Op basis van gebruikerservaringen en veranderingen als gevolg van de Omgevingswet en het nieuwe omgevingsplan wordt het systeem daarom nog voortdurend bijgesteld. In 2024 en 2025 hebben wij ervaring opgedaan met het werken met het tijdelijke omgevingsplan voor Alkmaar. In 2025 is bovendien gewerkt aan een nieuw omgevingsplan. Verder is in 2025 de Woonvisie voor Alkmaar vastgesteld en is gewerkt aan de voorbereiding van een nieuwe Omgevingsvisie voor Alkmaar. Deze Omgevingsvisie is inmiddels vastgesteld. Het jaar 2025 stond voor de gemeente Alkmaar in het teken van verdere versterking van de uitvoering van de Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH). Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 heeft de gemeente in 2025 gewerkt aan het consolideren en door ontwikkelen van de nieuwe werkwijzen. In Alkmaar is in 2025 aanvullend gemonitord hoe de nieuwe processen, beslistermijnen en overlegstructuren functioneerden.
Hierbij is specifiek gekeken naar de kwaliteit van vooroverleggen, de rolverdeling tussen de gemeente en de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, en de inzet van nieuwe instrumenten zoals deelvergunningen en maatwerkvoorschriften. Deze monitoring maakt onderdeel uit van de wettelijke verplichting uit het Omgevingsbesluit om de effecten van proceswijzigingen periodiek te evalueren. Procesmatige versterking In de evaluatie van 2024 is vastgesteld dat aanvullende stappen nodig waren om een volledig sluitende BIG-8-cyclus te realiseren en om de wettelijke procescriteria uit het Omgevingsbesluit beter zichtbaar te maken in onze jaarlijkse verantwoording. Deze verbeterpunten vormden de basis voor de accenten in 2025. In 2025 heeft de gemeente Alkmaar de BIG-8-cyclus bestaande uit beleid, uitvoering, monitoring en evaluatie beter doorlopen. Op basis van de evaluatie van 2024 is nadrukkelijk gewerkt aan het versterken van de verbinding tussen beleidsdoelen, uitvoeringsactiviteiten en de jaarlijkse terugkoppeling. De behaalde resultaten worden afgezet tegen de in 2025 geformuleerde doelstellingen. Daarnaast wordt de VTH-Beleidsnota 2023-2026 in hoofdstuk 5 geëvalueerd en gewijzigd naar de eisen als bedoeld in de procescriteria van de Omgevingswet. Zo voldoet Alkmaar aan de in het Omgevingsbesluit vastgelegde procescriteria voor een sluitende beleidscyclus.
Uitvoering: vergunningverlening, toezicht en handhaving In 2025 is de uitvoering van de VTH-taken verder geprofessionaliseerd door intensiever gebruik te maken van risicogericht toezicht. In Alkmaar kan onderscheid worden gemaakt tussen regulier toezicht, signaal gestuurd toezicht (meldingen, verzoeken om handhaving), risico gestuurd toezicht, en projectmatig toezicht. Daarnaast zijn de gegevens over uitgevoerde controles, interventies, sancties en hercontroles systematischer geregistreerd, zodat de monitoring van de uitvoering beter aansluit bij de evaluatievereisten uit het Omgevingsbesluit. Hiermee wordt invulling gegeven aan de wettelijke verplichting om transparant te rapporteren over de wijze waarop toezicht- en handhavingstaken bijdragen aan de gestelde beleidsdoelen.
10
VTH verbonden met lokale opgaven In 2025 zijn de VTH-activiteiten sterker verbonden met de gebiedsgerichte opgaven van Alkmaar. Door beleidsdoelen te koppelen aan lokale prioriteiten, zoals woningbouw, leefbaarheid, brandveiligheid en stedelijke transformatie, sluit de uitvoering beter aan bij de gemeentelijke programma’s voor fysieke leefomgeving. Personele en financiële middelen In de begroting van 2025 waren de beschikbare personele en financiële middelen opgenomen. Er waren ook middelen opgenomen voor de inzet van een flexibele schil. In de begroting voor 2025 is een verantwoording over het jaar 2025 opgenomen. Beleidsevaluatie en vooruitblik De evaluatie van de VTH-activiteiten in 2025 laat zien dat de gemeente Alkmaar belangrijke stappen heeft gezet in het verder versterken van de wettelijke VTH-cyclus. De BIG-8-cyclus is aantoonbaar gesloten en de toepassing van de procescriteria uit het Omgevingsbesluit is duidelijker en vollediger dan in voorgaande jaren. De verdere professionalisering van toezicht en handhaving, de verbeterde rapportage met evaluatie en de samenwerking met ketenpartners vormen een stevige basis voor de beleidsdoelen van 2027 -2030.
11
3. Taakvelden VTH omgevingsrecht In dit hoofdstuk rapporteren wij over onze wettelijke taken. In het volgende hoofdstuk rapporteren wij vervolgens over onze beleidsmatige doelstellingen uit 2025. In het daaropvolgende hoofdstuk volgt de beleidsevaluatie over de jaren 2023-2026.
3.1 Resultaten taakveld aanvragen 2025 onder de Omgevingswet In 2024 is de Omgevingswet ingevoerd. Daarbij worden vergunningaanvragen niet meer als geheel, maar per aangevraagde deelactiviteit geregistreerd. Daarom meten we de voortgang vanaf die datum. Hieronder volgt het daadwerkelijke aantal aanvragen voor activiteiten onder de Omgevingswet ten opzichte van voorgaande jaren:
Product
2024
2025
Omgevingsvergunning technisch bouwen (reguliere procedure) Omgevingsvergunning ruimtelijk bouwen of gebruiken (reguliere procedure) Omgevingsvergunning afwijken van regels omgevingsplan (reguliere procedure) Omgevingsvergunning handelen in strijd met regels omgevingsplan (uitgebreide procedure) Bouwmeldingen (Wkb)
256
288
551
627
161
156
0
0
10
14
Omgevingsvergunning monumenten
86
39+39
Kappen van bomen
127
148
Uitritvergunning
40
36
Omgevingsvergunning/melding brandveilig gebruik Omgevingsvergunning sloop
47
67
27
24
Vooroverleg – principeverzoek
200
270
Melding sloop
401
425
Tot de tweede helft van 2025 zijn ook een tiental meldingen start bouw voor de Wet kwaliteitsborging ontvangen. Deze meldingen worden tijdens het opstellen van dit jaarverslag nog gecontroleerd en geregistreerd. In het jaarverslag van 2026 nemen we deze cijfers voor 2025 in bovenstaande tabel op.
3.2 Conclusie taakveld aanvragen 2025 In 2025 zijn op basis van de Omgevingswet bovenstaande aanvragen om omgevingsvergunningen verleend en meldingen gedaan. Uit de tabel blijkt dat bij veel onderdelen de aantallen nog altijd aanzienlijk hoger zijn ten opzichte van het eerder gekozen basisjaar 2019. Dat heeft geleid tot
12
blijvende werkdruk bij alle teams. In onderstaande tabel is het aantal behandelde zaken met betrekking tot aanvragen omgevingsvergunningen, meldingen en overige werkzaamheden weergegeven. Uit de cijfers blijkt dat het aantal ingekomen aanvragen ten opzichte van 2024 over het algemeen verder is toegenomen, evenals ten opzichte van eerdere jaren. Dit heeft in 2025 opnieuw geleid tot extra werkdruk.
3.3 Resultaten taakvelden toezicht en handhaving 2025 Nadat de vergunningprocedure is afgerond en de vergunning onherroepelijk is, dan wel een melding volledig is, vindt een overdracht van het dossier plaats naar het team Toezicht en Handhaving. De verleende (omgevings-)vergunningen en ingediende meldingen brandveilig gebruik worden door de toezichthouders van de gemeente gecontroleerd. Onder de Omgevingswet is de gebruiksvergunning voor brandveilig gebruik komen te vervallen. Wel zal in bepaalde gevallen nog een gebruiksmelding verplicht zijn. Voor het brandveilig gebruik van een bouwwerk zijn in paragraaf 6.1.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) regels over de meldingsplicht voor het gebruiken van een bouwwerk opgenomen. Hieronder volgt het daadwerkelijke aantal ten opzichte van het geschatte aantal: Product
Geschatte aantal uren
Resultaat aantal uren
Verschil
Bouwkundig toezicht De controles zijn gericht op veiligheid, zoals constructieve veiligheid, bouwkundige risico’s en brandveiligheid. In de risico-matrix is vastgelegd op welke aspecten de nadruk tijdens de controles dient te liggen. Toezicht op kleine werken vindt slechts plaats als de constructieve veiligheid in het geding is. Verder wordt niet actief gecontroleerd indien geen meldingen door de vergunninghouder worden ingediend.
4000
3500
-500
Handhaving conform omgevingsplan Wat betreft het gebruik van het bouwwerk (bijv. wonen of werken) is het van belang dat dit past in het omgevingsplan en dat het woon –en leefklimaat voldoende wordt gewaarborgd. Vaak wordt deze activiteit naast een andere activiteit (bijv. bouwen) vergund.
2250
2500
250
Slopen – sloopmeldingen – asbest Een sloopvergunning is verplicht daar waar het in het bestemmingsplan is opgenomen en als het slopen betreft in beschermd stads- of dorpsgezicht. Toezicht hierop valt onder de toezichthouders van team Handhaving en Toezicht. Het toezicht op sloop waarbij asbest vrijkomt valt onder de basistaken van de Omgevingsdienst NoordHolland Noord (OD NHN). De OD NHN beschikt over medewerkers die gecertificeerd zijn om tijdens de
350
450
100
13
sloop waarbij asbest vrijkomt, de locatie te mogen betreden. Bij verdachte en/of omvangrijke sloopwerkzaamheden wordt de OD ingeschakeld voor de uitvoering van een dergelijke controle. Monumenten (toezicht) Binnen de gemeente is een groot aantal rijksmonumenten aanwezig. Deze activiteit maakt vaak onderdeel uit van een meervoudige vergunning en wordt zodoende altijd integraal meegenomen tijdens een controle. Bescherming van de monumenten staan hoog op de prioriteitenlijst. Deze vergunningen worden actief gecontroleerd, zo nodig door een vakspecialist
700
800
100
Bouwen zonder omgevingsvergunning en achterstallig onderhoud (handhaving) Op basis van meldingen wordt toegezien op het bouwen zonder vereiste omgevingsvergunning, op klachten over achterstallig onderhoud en vervuilde woningen.
2500
2500
0
Brandpreventie: toezicht en naleving brandveiligheidseisen bouwwerken Om de kans op brand in bouwwerken en de gevolgen daarvan te beperken worden aan gebouwen en het gebruik ervan brandveiligheidseisen gesteld. De gemeente zet zich in op het verhogen van het brandveiligheid bewustzijn bij burgers en bedrijven.
3500
3750
250
Totaal
13.300
14.050
200
3.4 Conclusie taakvelden toezicht en handhaving Het aantal reguliere uren op het gebied van bouwtoezicht is in 2025 nagenoeg gelijk gebleven. Het aantal verleende vergunningen heeft ook in 2025 gezorgd voor meer inzet op het bouwtoezicht. Ook de afhandeling van handhavingskwesties vraagt nog veel uren. Het groeiende aantal sloopmeldingen en de extra inzet op brandveiligheid zorgde daarnaast ook voor een toename.
14
3.5 Bezwaar- en beroepschriften VTH 2025 Hieronder volgt het aantal ingediende bezwaarschriften tegen besluiten op grond van het omgevingsrecht: Bezwaar Product Besluit omgevingsvergunning bouwen en handelen in strijd met ruimtelijke regels, regels omgevingsplan Besluit handhaving wet dwangsom Besluit handhaving bestuursdwang Beroep Product Besluit omgevingsvergunning bouwen en handelen in strijd met ruimtelijke regels, regels omgevingsplan Besluit handhaving wet dwangsom Besluit handhaving bestuursdwang
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
Verschil
101
111
87
162
95
93
157
64
13
16
9
15
21
7
14
7
-
1
-
-
-
0
0
-
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
Verschil
27, waarvan 11 rechtstreeks beroep
18
11
19
25
12 (2 voorlopige voorziening; 1 hoger beroep)
-10
6
-
10
8
7
22, waarvan 1 voorlopige voorziening en 2 hoger beroep 6
0
-
-
-
-
-
0
6 (3 hoger beroep) 0
-
3.6 Conclusie bezwaar-en beroepschriften VTH 2025 Voor het aantal ingediende bezwaarschriften is in 2025 een toename geconstateerd. Dit kan samenhangen met de stijging van het aantal aanvragen om omgevingsvergunningen. Indien indieners van een bezwaarschrift het niet eens zijn met de beslissing op bezwaar, kunnen zij beroep instellen bij de rechtbank. In de beroepszaken is over het algemeen een afname zichtbaar ten opzichte van de voorgaande jaren. Het totaal aantal beroepschriften ligt in 2025 in lijn met eerdere jaren.
3.7 Eindconclusie In het uitvoeringsprogramma VTH 2025 staan diverse doelstellingen gericht op onze VTH-taken. Vanwege de voortdurende aanwas van aanvragen was het een uitdaging om onze wettelijke taken te kunnen blijven uitvoeren. In het volgende hoofdstuk beschrijven we de gevolgen hiervan voor de beleidsdoelstellingen.
15
4. Beleidsmatige activiteiten in 2025 4.1 Resultaten In het Uitvoeringsprogramma 2025 staan activiteiten benoemd die wij in 2025 zouden oppakken en waarmee wij invulling geven aan de beleidsdoelstellingen uit de Beleidsnota-VTH 2023-2026: a) toekomstbestendige en innovatieve organisatie; b) investeren in de veranderende rol; c) geprioriteerd werken. Algemeen Concreet hebben wij hier op de volgende manier invulling aan gegeven: a. toekomstbestendige en innovatieve organisatie In 2025 hebben we ingezet op doorontwikkeling en borging van processen en systemen die nodig zijn voor een toekomstbestendige uitvoering. Dit betreft onder meer het verder ontwikkelen van het (nieuwe) zaaksysteem en het uniformeren van werkprocessen, zodat termijnen en kwaliteit beter kunnen worden gemonitord. Ook is de registratie van toezicht- en handhavingsactiviteiten verbeterd, zodat monitoring en evaluatie binnen de BIG-8-cyclus beter aansluiten op de eisen uit het Omgevingsbesluit. b. investeren in de veranderende rol In 2025 is verder gewerkt aan de implementatie van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). Dit is zichtbaar in het versterken van vooroverleggen, het werken met (deel)activiteiten onder de Omgevingswet en het doorontwikkelen van de rolverdeling tussen vergunningverlening, toezicht en handhaving.
Daarnaast zijn taken, werkprocessen en processtappen waar nodig getoetst en aangepast, mede door de inrichting van de VTH-applicatie en het risicogericht werken onder de Wkb. c. geprioriteerd werken In 2025 is binnen de beschikbare capaciteit nadrukkelijk geprioriteerd op basis van risico’s, wettelijke termijnen en bestuurlijke/maatschappelijke opgaven. Dit is onder andere gedaan door inzet op risicogericht toezicht (regulier, signaalgestuurd, risicogestuurd en projectmatig), door projectmatige controles op brandveiligheid en door het leveren van capaciteit aan prioritaire gebiedsontwikkelingen en de woningbouwopgave. Waar activiteiten niet binnen 2025 konden worden afgerond, zijn deze expliciet doorgeschoven en opgenomen als actiepunt voor het uitvoeringsprogramma 2026. Projectmatige controles brandveiligheid algemeen Projectmatige controles en actualisaties op het gebied van brandveiligheid in 2025: • Zorginstellingen: in totaal 53
Gereed 100%
•
Kleinschalige hotels: in totaal 75
Gereed 100%
•
Kinderopvanglocaties met overnachtings-mogelijkheid: in totaal: 58 Bijeenkomstfunctie met CCV inspectiecertivicaat (bijv. >1000m2 BMI ed.) bijeenkomstfunctie < 500 personen:
Gereed 100 %
Scholen (basis, middelbaar en hoger onderwijs) en daarbij behorende gymzalen: in totaal 60 Parkeergarages
8 inspecties uitgevoerd.
• • • •
10 inspecties uitgevoerd. 53 inspecties uitgevoerd.
26 inspecties uitgevoerd.
16
• • •
Winkelfuncties met een hoger risico (bijv.> 10000m2/ gelijkwaardigheid Winkelfuncties
10 inspecties uitgevoerd.
Inspectie woongebouwen waar brandveiligheidsinstallaties voor de brandweer zijn vereist in verband met inzet van de brandweer bijv. brandweerlift, droge blusleiding, brandkranen etc.
55 inspecties uitgevoerd
21 inspecties uitgevoerd.
Brandveiligheid parkeergarages Daarnaast zijn naar aanleiding van regulier toezicht acties voor toezicht en handhaving van brandveiligheid van diverse parkeergarages in Alkmaar opgestart. Dit actiepunt nemen we in 2026 weer op in ons uitvoeringsprogramma. Integrale controles bedrijventerreinen Op 2 december 2025 is de ‘Aanpak Integrale Controles Bedrijventerreinen’ vastgesteld. De unit Leefgebied levert hieraan een bijdrage. Integrale controles moeten bijdragen aan de volgende doelen: 1. Versterking van toezicht en handhaving: Door 100% controles op bedrijventerreinen ontstaat een volledig beeld van de situatie. 2. Samenwerking met ketenpartners: Bundeling van expertise en bevoegdheden verhoogt de effectiviteit. 3. Vertrouwen en transparantie: Heldere communicatie richting ondernemers en de zichtbaarheid van controles draagt bij aan draagvlak en naleving. 4. Datagedreven aanpak: Selectie op basis van objectieve indicatoren zorgt voor gerichte inzet van capaciteit Direct is gestart met integrale controles op bedrijventerreinen. Hierbij ligt de prioriteit voor de toezichthouders van unit Leefgebied op het controleren en vaststellen of gebruikers van panden aan de regelgeving op het gebied van met name constructieve veiligheid en brandveiligheid voldoen. Ook de gemeentelijke ontwikkelingen zijn hierin meegenomen. Eind 2025 heeft de eerste controle plaatsgevonden.
Er zijn 42 units gecontroleerd. Er zijn geen overtredingen geconstateerd waarvoor een handhavingszaak is opgestart. In 2026 gaan de controles door. Ook dit actiepunt nemen we op in het uitvoeringsprogramma voor 2026. Geplande activiteiten voor doelstellingen 2025 Hieronder volgt het overzicht van de in 2025 geplande activiteiten uit het uitvoeringsprogramma VTH 2025 en het daadwerkelijke resultaat: Doelstelling 1 Constructieve veiligheid gebouwen CC3 Geplande uit te voeren activiteit Constructieve veiligheid gebouwen CC3
Vertaald naar uitvoeringsdoelstelling inclusief KPI en deadline Het onderzoeken van publiek toegankelijke gebouwen >500 personen, waaronder ook gebouwen in gemeentelijk eigendom.
Wijze van toetsing
Draagt bij aan beleidsdoelstelling
Monitoren van gecontroleerde gebouwen met wijze van toetsing en eventuele acties die hieruit ontstaan.
Leefbaarheid en veiligheid
Conclusie: In 2025 is uitvoering gegeven aan de keuring van de gemeentelijke panden die onder de CC3 gevolgklasse vallen: de Meent, de Hoornse Vaart, de Vest en het poppodium. In samenwerking met het
17
Doelstelling 1 Constructieve veiligheid gebouwen CC3 Geplande uit te voeren activiteit
Vertaald naar Wijze van toetsing Draagt bij aan uitvoeringsdoelstelling beleidsdoelstelling inclusief KPI en deadline ingenieursbureau zijn rapportages beoordeeld en is meegelopen met de keuringen. In 2025 is ook toegezien op private gebouwen vallend onder gevolgklasse CC3 conform de wetgeving. In 2026 worden de onderzoeken voor de resterende gemeentelijke panden afgerond. Alle gemeentelijke panden zijn geïnspecteerd op constructieve veiligheid conform landelijke aanbeveling (NTA). Op basis van een plan van aanpak voor eventuele aanpassingen zijn de geconstateerde gebreken aangepakt.
Doelstelling 2 Geplande uit te voeren activiteit
Vertaald naar Wijze van toetsing Draagt bij aan uitvoeringsdoelstelling beleidsdoelstelling inclusief KPI en deadline Constructieve veiligheid De constructieve Monitoren van Leefbaarheid en bruggen veiligheid van bruggen in gecontroleerde veiligheid bebouwde Alkmaar laten bruggen en eventuele omgeving onderzoeken en waar acties die hieruit nodig maatregelen te ontstaan. hebben genomen. Conclusie: In 2025 zijn weer diverse bruggen onderzocht. Er is toegezien op het treffen van maatregelen tot herstel of andere aanpassingen. De dit jaar gemaakte rapportages over de constructieve veiligheid van de bestaande bruggen en benodigde maatregelen zijn beoordeeld. In 2026 loopt dit proces door.
Doelstelling 3 Pilot toezicht Eilandspolder Geplande uit te voeren activiteit
Vertaald naar Wijze van toetsing Draagt bij aan uitvoeringsdoelstelling beleidsdoelstelling inclusief KPI en deadline Pilot toezicht Toezicht op recreatief Naleefgedrag Leefbaarheid en Eilandspolder gebruik van gebieden in stimuleren door Veiligheid de Eilandspolder die toezicht en (risicogericht) conflicteren met de handhaving. natuur en agrarische doelstellingen van het gebied. Conclusie: Eind 2025 is gestart met de inventarisatie, deze loopt nog. Hierna zal worden beoordeeld of een projectmatige aanpak mogelijk is. Deze doelstelling nemen we daarom mee naar 2026. In 2026 onderzoeken we ook op verzoek van de provincie Noord-Holland de mogelijkheden voor handhaving en eventueel verdere opschaling hiervan.
18
Doelstelling 4 Toezicht energielabel C kantoorgebouwen Geplande uit te voeren activiteit
Vertaald naar Wijze van toetsing Draagt bij aan uitvoeringsdoelstelling beleidsdoelstelling inclusief KPI en deadline Toezicht energielabel C Onderzoek naar Naleefgedrag Leefbaarheid kantoorgebouwen kantoorgebouwen die stimuleren door bebouwde omgeving minimaal energielabel C toezicht en handhaving moeten hebben. De volgens het verplichting volgt uit het toezichtprotocol IPLO Besluit bouwwerken (Informatiepunt leefomgeving en moet Leefomgeving) een bijdrage leveren aan een reductie van de CO2uitstoot met 49% in 2030. Conclusie: 440 kantoren voldoen aan het energielabel C. Er moeten nog 59 kantoren verder worden onderzocht. Dit doen we in 2026. Alle overige kantoren voldoen of hebben een oppervlakte <100 m2 waardoor niet aan de eis kan worden voldaan. Ook zijn er diverse kantoren die gesloopt of getransformeerd zijn. Na het uitvoeren van de resterende controles is duidelijk welke inspanningen we leveren voor de naleving van deze wettelijke verplichting bij de overige panden.
Doelstelling 5 Inzetten op volledig geïntegreerde en afgestemde vergunningverlening Geplande uit te voeren activiteit Inzetten op volledig geïntegreerde en afgestemde vergunningverlening
Vertaald naar uitvoeringsdoelstelling inclusief KPI en deadline Tijdig voldoende capaciteit inzetten (zowel bij vooroverleg als bij aanvraagprocedure, als bij het toezicht) op ontwikkelingen Alkmaars Kanaal, de Stationsgebieden en Grootschalige Gebiedsontwikkeling (GGO) om deze aanvragen zo goed mogelijk te begeleiden en af te ronden.
Wijze van toetsing
Draagt bij aan beleidsdoelstelling
Termijnen monitoren en belasting personeel (inzet flexibele schil)
Verantwoorde bijdrage aan ontwikkeling Alkmaars Kanaal en Grootschalige Gebiedsontwikkeling (GGO)
Conclusie: Er is in 2025 inzet geleverd voor projecten van het Alkmaars Kanaal en Grootschalige Gebiedsontwikkeling en dit loopt in 2026 nog door.
19
Doelstelling 6 Werken conform de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Geplande uit te voeren activiteit Werken conform de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen.
Vertaald naar uitvoeringsdoelstelling inclusief KPI en deadline Toetsen en zo nodig aanpassen van taken, werkprocessen, processtappen door onder andere de veranderde VTHapplicatie en uitvoering geven aan risicogerichte werkwijze onder de Wkb.
Wijze van toetsing
Draagt bij aan beleidsdoelstelling
Taakuitvoering moet uitwijzen of de werkwijze, werkprocessen, processtappen en VTHapplicatie goed functioneren. Personele inzet voor het annoteren en vertalen van regels voor werkprocessen en instrumenten onder de Omgevingswet.
Dienstverlening
Conclusie: Er is in 2025 opnieuw ingezet op doorontwikkeling van de VTH-applicatie en werkprocessen onder de Omgevingswet en Wkb. Er is ook ingezet op annoteren en vertalen van regels voor werkprocessen en instrumenten onder de Omgevingswet via onder andere het te ontwikkelen te wijzigen omgevingsplan.
Doelstelling 7 Inzet onderzoek en toezicht breedplaatvloeren Geplande uit te voeren activiteit Inzet onderzoek en toezicht breedplaatvloeren.
Vertaald naar uitvoeringsdoelstelling inclusief KPI en deadline Gebouwen in gevolgklasse CC2 worden op constructieve veiligheid onderzocht en we starten de beoordeling van de constructieve veiligheid van grote gebouwen. Gebouwen in gevolgklasse CC2 zijn bijvoorbeeld woongebouwen, kantoorgebouwen en openbare gebouwen.
Wijze van toetsing
Draagt bij aan beleidsdoelstelling
Monitoren van gecontroleerde breedplaatvloeren en eventuele acties voor maatregelen
Leefbaarheid en veiligheid
Conclusie: Het onderzoek naar breedplaatvloeren in gebouwen is in 2025 uitgevoerd. Wij hebben in Alkmaar geen gebouwen die in de aanvullende inspectieronde vallen.
20
Doelstelling 8 Inzet op onderzoek risicovolle woningen Geplande uit te voeren activiteit Inzet op onderzoek risicovolle woningen.
Vertaald naar uitvoeringsdoelstelling inclusief KPI en deadline Op verzoek van de Veiligheidsregio onderzoeken of er voor categorieën woningen maatregelen moeten worden genomen die gericht zijn op het voorkomen en beperken van branden voor deze categorie bouwwerken.
Wijze van toetsing
Draagt bij aan beleidsdoelstelling
Termijnen monitoren en belasting personeel (inzet flexibele schil).
Leefbaarheid en veiligheid
Conclusie: Onderzoek naar risicovolle woningen en eventuele maatregelen is in 2025 gestart en nog niet afgerond.
Doelstelling 9 Inzet op beleidsontwikkeling voor de fysieke leefomgeving Geplande uit te voeren activiteit Inzet op beleidsontwikkeling voor de fysieke leefomgeving.
Vertaald naar uitvoeringsdoelstelling inclusief KPI en deadline Tijdig een inhoudelijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van het omgevingsplan voor Alkmaar.
Wijze van toetsing
Draagt bij aan beleidsdoelstelling
Termijnen monitoren en belasting personeel (inzet flexibele schil)
Leefbaarheid en veiligheid.
Conclusie: Geborgd. In 2025 hebben wij vanuit verschillende rollen binnen de unit Leefgebied een bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van het eerste nieuwe omgevingsplan voor Alkmaar. Ook daarna loopt dit in de transitiefase nog tot 2032 door.
Doelstelling 10 Ruimhartige mogelijkheden voor tijdelijke en alternatieve maatregelen voor overbrugging en verzachting woningnood Geplande uit te voeren activiteit Ruimhartige mogelijkheden voor tijdelijke en alternatieve maatregelen voor overbrugging en verzachting woningnood.
Vertaald naar uitvoeringsdoelstelling inclusief KPI en deadline Tijdig voldoende gekwalificeerde capaciteit leveren voor mogelijkheden voor tijdelijke en alternatieve maatregelen voor
Wijze van toetsing
Draagt bij aan beleidsdoelstelling
Termijnen monitoren en belasting personeel (inzet flexibele schil)
Leefbaarheid en ontwikkelgebieden
21
Doelstelling 10 Ruimhartige mogelijkheden voor tijdelijke en alternatieve maatregelen voor overbrugging en verzachting woningnood Geplande uit te voeren activiteit
Vertaald naar uitvoeringsdoelstelling inclusief KPI en deadline overbrugging en verzachting van de woningnood, waarbij de menselijke maat niet uit het oog wordt verloren. Hierbij kan worden gedacht aan passende maatregelen bij toezicht en handhaving, inzet bij vooroverleg en vergunningverlening voor tijdelijke woningen en alternatieve woonvormen en samenwerking met team ASON (Asielzoekers, Statushouders, Ontheemden, Noodopvang). We hanteren de menselijke maat voor tijdelijk wonen in Landelijk gebied en op te transformeren bedrijventerreinen zoals Oudorp en Overdie. Waar nodig volgt een beleidsmatige aanpak.
Wijze van toetsing
Draagt bij aan beleidsdoelstelling
Conclusie: Geborgd. In 2025 hebben wij vanuit verschillende rollen binnen de unit Leefgebied project-afhankelijk een bijdrage geleverd aan tijdelijke oplossingen voor het verzachten van de woningnood, zoals de tijdelijke woningen aan de Edisonweg, Jan de Heemstraat, Sperwerstraat en Robonsbosweg.
4.2 Conclusie behaalde resultaten In 2025 zijn de VTH-taken in Alkmaar in hoofdzaak uitgevoerd binnen de kaders van de VTH-Beleidsnota 2023–2026, met blijvende focus op risicogericht toezicht en het versterken van veiligheid, gezondheid en leefomgevingskwaliteit. Aan veel activiteiten is conform planning uitvoering gegeven, maar er loopt ook een aantal activiteiten in 2026 door. Er is nadrukkelijk bijgedragen aan de binnenstedelijke woningbouwopgave, doordat vergunningverlening en toezicht zijn ingezet om ruimtelijke kwaliteit en bouwveiligheid te borgen, terwijl ruimte wordt geboden aan versnelling van woningbouwinitiatieven. Dit sluit aan bij de gemeentelijke ambitie om woningbouw te faciliteren binnen een veilige en leefbare omgeving. Ook aan het monitoren en verbeteren van de constructieve veiligheid van specifieke bouwwerken en gebouwen is via de uitvoeringsacties van 2025 uitvoering gegeven.
22
Daarnaast blijven we werken aan het verbeteren van onze dienstverlening, onder meer door verdere professionalisering in het gebruik van systemen en werkprocessen die horen bij de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). De invoering van deze wettelijke kaders vraagt om continue ontwikkeling in informatievoorziening, digitale processen en samenwerking binnen de uitvoering, zoals ook in eerdere VTH-stukken is benadrukt. Hiermee blijft Alkmaar de VTH-doelstellingen op een consistente manier realiseren, met blijvende aandacht voor duurzaamheid, kwaliteit, naleving en ondersteuning van ruimtelijke en maatschappelijke opgaven. De uitvoering volgt de lijn van eerdere jaren, waarin structureel wordt gemonitord en geëvalueerd, zoals blijkt uit de opzet van het jaarverslag 2025 en de doorwerking naar het uitvoeringsprogramma 2026. Daarmee is de belangrijkste conclusie dat Alkmaar in 2025 de strategische VTH-doelstellingen op consistente wijze heeft gerealiseerd en de uitvoeringspraktijk voor veel doelstellingen in lijn blijft met de meerjarige beleidsopdracht.
4.3 Eindconclusie Zoals gezegd vormde de voortdurende toename van het aantal aanvragen een uitdaging voor de uitvoering van onze wettelijke taken. Gezien de in 2025 behaalde resultaten concluderen wij dat wij naar behoren uitvoering hebben gegeven aan onze VTH-taken en aan onze beleidsmatige doelstellingen.
23
5. Beleidsevaluatie 2023 - 2026 5.1 Terugkoppeling beleidsdoelstellingen Dit jaarverslag wordt aangevuld met een afzonderlijk hoofdstuk ‘Beleidsevaluatie’, waarin expliciet wordt beoordeeld in hoeverre de doelen uit onze VTH-beleidsnota 2023–2026 zijn behaald. Deze evaluatie vormt formeel de ‘check’-stap binnen de wettelijke VTH-cyclus (BIG-8) en is noodzakelijk om het uitvoeringsprogramma van het volgende jaar te kunnen bijstellen (‘act’). In de Beleidsnota VTH 2023-2026 zijn verschillende beleidsdoelstellingen vastgelegd op basis van de missie, visie, ontwikkelingen en de risicoanalyse. Veel beleidsdoelstellingen hebben een looptijd van meerdere jaren. Aan deze beleidsdoelstellingen zijn vervolgens activiteiten gekoppeld die in het Uitvoeringsprogramma staan. De activiteiten zijn erop gericht om een bijdrage te leveren aan de beleidsdoelstellingen. Voor de activiteiten die in 2025 nog niet zijn afgerond geldt dat deze in 2026 een vervolg krijgen. Dat geldt zowel voor de activiteiten die extern gericht zijn en van invloed zijn op de woon- en werkomgeving van Alkmaar, als op de intern gerichte activiteiten die indirect bijdragen aan de leefomgeving in de gemeente. In de VTH-Beleidsnota 2023-2026 zijn de volgende doelstellingen opgenomen: 1.
Dienstverlening Blijvend verbeteren van proces omgevingsvergunningen In de beleidsnota is als uitgangspunt opgenomen dat vergunningverlening risicogericht en klantgericht plaatsvindt, waarbij processen worden gestandaardiseerd en continu verbeterd. Er zijn verdere stappen gezet in de optimalisatie van werkprocessen, mede door de invoering en doorontwikkeling van het zaaksysteem en de toepassing van landelijke toetsprotocollen. Dit heeft bijgedragen aan het tijdig afhandelen van aanvragen en een betere aansluiting op de systematiek van de Omgevingswet. De beleidsdoelstelling kan daarmee als grotendeels gerealiseerd worden beschouwd, met de kanttekening dat verdere digitalisering en uniformering van werkprocessen noodzakelijk blijven. Blijvend verbeteren van kwaliteit interne samenwerking De beleidsnota benadrukt het belang van integrale samenwerking en eenduidige werkwijzen binnen de organisatie. Deze samenwerking is versterkt door het werken in vaste teams en het verbeteren van afstemming in vooroverleggen en vergunningprocedures. Ook de samenwerking tussen vergunningverlening, toezicht en handhaving is intensiever geworden. De doelstelling is hiermee in belangrijke mate gerealiseerd, maar vraagt blijvende aandacht, met name gezien de toegenomen complexiteit van integrale afwegingen onder de Omgevingswet.
De veranderende rol: werken volgens de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen De beleidsnota beschrijft een verschuiving naar een meer faciliterende overheid en een grotere verantwoordelijkheid bij initiatiefnemers. In 2025 is deze rolverandering zichtbaar geworden in het versterken van vooroverleg, participatie en het werken met risicogerichte toetsing en toezicht.
24
De implementatie van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen heeft geleid tot een gewijzigde rol van de gemeente, waarbij het accent verschuift van toetsing vooraf naar toezicht en handhaving achteraf. Deze beleidsdoelstelling is in uitvoering en grotendeels gerealiseerd, maar bevindt zich nog in een doorontwikkelfase. 2. Leefbaarheid en veiligheid Risicogerichte werkwijze De beleidsnota stelt risicogericht werken als kernprincipe voor vergunningverlening, toezicht en handhaving. Dit principe is geïmplementeerd in zowel toezicht als handhaving, waarbij prioritering plaatsvindt op basis van risicoanalyse en beschikbare capaciteit. De inzet op projectmatig en gebiedsgericht toezicht sluit aan bij deze werkwijze. De doelstelling is daarmee gerealiseerd en vormt inmiddels een structureel onderdeel van de uitvoering. 3. Leefbaarheid en wonen Uitvoering geven aan woningbouwversnelling De beleidsnota legt een duidelijke koppeling tussen VTH-taken en de woningbouwopgave van de gemeente. Hieraan is bijgedragen door het verwerken van een groot aantal aanvragen en het faciliteren van woningbouwprojecten via vergunningverlening en toezicht. De hoge werkdruk onderstreept het belang van deze opgave. De doelstelling is gerealiseerd, maar blijft afhankelijk van beschikbare capaciteit en efficiënte werkprocessen.
Optimaliseren Woningbouwloket Het woningbouwloket is in de beleidsnota benoemd als instrument om woningbouwinitiatieven te faciliteren. In de afgelopen beleidsperiode is de samenwerking met het woningbouwloket versterkt en is ingezet op het versnellen van principeverzoeken voor grotere projecten. De doelstelling is deels gerealiseerd; verdere optimalisatie van doorlooptijden en afstemming blijft noodzakelijk. Bijdrage aan stimuleren binnenstedelijke woningbouwinitiatieven De beleidsnota richt zich op het stimuleren van binnenstedelijke ontwikkeling en het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit. De doelstelling is gerealiseerd en sluit aan bij de bredere ruimtelijke ambities van de gemeente door de ondersteuning van binnenstedelijke projecten en de inzet op integrale beoordeling van initiatieven. 4. Duurzaamheid Handhaving energielabel C kantoorgebouwen Deze doelstelling is grotendeels gerealiseerd, waarbij het merendeel van de kantoren voldoet en het resterende deel wordt onderzocht.
25
Inzet op energiezuinigheid bij vergunningverlening en toezicht De beleidsnota schrijft voor dat energiezuinigheid wordt meegenomen bij toetsing en toezicht. In de afgelopen beleidsperiode is dit toegepast in de beoordeling van bouwplannen en tijdens toezichtmomenten. Beoordeling: gerealiseerd; verdere concretisering gewenst. Stimuleren duurzaamheidsmaatregelen via bouwleges De beleidsnota voorziet in stimulering van duurzaamheid via financiële instrumenten zoals legesverlaging. In de uitvoering is dit instrument beschikbaar, maar de toepassing en monitoring zijn nog beperkt zichtbaar. Beoordeling: gedeeltelijk gerealiseerd; vraagt verdere uitwerking. Conclusie De evaluatie laat zien dat de gemeente Alkmaar in de periode 2023–2026 in belangrijke mate uitvoering heeft gegeven aan de beleidsdoelstellingen uit de VTH-Beleidsnota. De belangrijkste uitgangspunten – risicogericht werken, verbetering van dienstverlening en het bijdragen aan maatschappelijke opgaven – zijn zichtbaar verankerd in de uitvoeringspraktijk. De implementatie van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen heeft geleid tot een fundamentele verandering in de uitvoering van VTH-taken. De in de beleidsnota beoogde verschuiving naar een meer faciliterende en risicogerichte werkwijze is grotendeels gerealiseerd.
Tegelijkertijd laat de evaluatie zien dat verdere ontwikkeling noodzakelijk blijft, met name op: • het verbeteren en digitaliseren van werkprocessen; • het beter meetbaar maken van beleidsdoelen, met name op het gebied van duurzaamheid; • het versterken van de koppeling tussen beleidsdoelen, uitvoering en monitoring binnen de Big-8-cyclus. Daarnaast staat de uitvoering onder druk door de hoge instroom van aanvragen en de complexiteit van de nieuwe wetgeving. Dit vraagt ook in de komende beleidsperiode om duidelijke prioritering en voldoende capaciteit. Geconcludeerd kan worden dat de beleidsdoelstellingen in de basis zijn gerealiseerd en dat de uitvoering in lijn ligt met de strategische richting van de beleidsnota. De geconstateerde ontwikkelpunten worden meegenomen bij het opstellen van de nieuwe VTH-Beleidsnota en uitvoeringsstrategie voor de periode 2027–2030. 5.2 Inzichten - hoofdlijnen In deze paragraaf zijn de belangrijkste inzichten uit de beleidsevaluatie 2023–2026 op hoofdlijnen samengevat. De punten hieronder geven weer waar het huidige beleid en de uitvoering in de praktijk (nog) niet altijd optimaal op elkaar aansluiten en waar bijsturing of aanscherping nodig is.
Deze inzichten worden gebruikt als input voor de Uitvoerings- en handhavingsstrategie en de nieuwe VTH-Beleidsnota 2027–2030, zodat doelen scherper worden geformuleerd, beter kunnen worden gemonitord en de beschikbare capaciteit gerichter kan worden ingezet. Meetbaar Gestelde doelen en ambities waren niet eenvoudig meetbaar. In 2025 zijn inspanningen gedaan om deze meetbaar te maken. Grote hoeveelheid doelen Door het grote aantal doelen en ambities bestaat het risico dat deze niet altijd expliciet herkenbaar zijn voor medewerkers, ook al worden zij in de praktijk wel als logisch en passend ervaren. Dit kan erop
26
wijzen dat doelstellingen achteraf worden herkend, in plaats van dat zij vooraf en bewust richtinggevend zijn voor het handelen in de praktijk. Representativiteit Er ontstaat het beeld van individuele ervaringen en opvattingen en niet zozeer een (afgestemde) weergave van de organisatie. Werkdruk Werkdruk en gebrek aan capaciteit zijn een problematische factor bij het behalen van doelen en ambities en het toepassen van strategieën. Aanbevelingen De volgende aanbevelingen worden gedaan: • Zet in op het beperken van het aantal doelen en ambities. Zorg ervoor dat deze zijn gericht op verbetering ten opzichte van het huidige niveau en voorkom open deuren of een bevestiging van de bestaande praktijk. • Voorzie de doelen van een duidelijke wijze van monitoring op grond waarvan achteraf objectief kan worden vastgesteld of de doelen zijn behaald.
27