CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

9 Besluit hogere waarde railverkeer Bloemwijk

Commissie Ruimte 7 september 2021, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Bestemmingsplan Bloemwijk2.175 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1

Besluit inzake het vaststellen van hogere waarden vanwege railverkeerslawaai in de zin van de Wet geluidhinder met betrekking tot de woningen gelegen binnen bestemmingsplan Bloemwijk in Alkmaar

1. Inleiding

Het voornemen bestaat om een deel van de Bloemwijk in Alkmaar opnieuw in te richten. Om dit mogelijk te maken, zal het merendeel van de woningen gelegen in het gebied dat wordt begrensd door het spoor tussen Amsterdam en Alkmaar, de Dahliastaat, de C.W. Bruinvisstraat en de Eikelenbergstraat worden gesloopt. In plaats daarvan zullen in totaal 174 woningen gerealiseerd worden, waaronder 97 ééngezinswoningen, 62 appartementen en 15 studio’s.

Het vigerende bestemmingsplan laat deze ontwikkeling niet toe. Er dient een nieuw bestemmingsplan opgesteld te worden. Voor de inhoudelijke afweging betreffende de ruimtelijke ordening en het bestemmingsplan wordt verwezen naar de toelichting behorende tot dit bestemmingsplan.

In het kader van de Wet geluidhinder is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting op de grenzen van de bouwdelen zowel vanwege het wegverkeer op onder meer de Westerweg als vanwege het railverkeer op het spoor tussen Amsterdam en Alkmaar.

De resultaten en bevindingen van het akoestisch onderzoek zijn weergegeven in het concept rapport ‘Weg- en railverkeerslawaai binnen het nieuwe bestemmingsplan in de Bloemwijk in Alkmaar, Onderzoek in kader van de ruimtelijke onderbouwing voor een nieuw bestemmingsplan’, zoals opgesteld door Peutz bv uit Zoetermeer met kenmerk V 1366-2-RA, d.d. 1 april 2020.

In dit besluit wordt ten behoeve van de woningen die zijn gelegen binnen de zone van het voornoemde spoor en een geluidbelasting hoger dan 55 dB ondervinden de hogere waarde vastgesteld.

Onder punt 2 van dit besluit wordt ingegaan op de juridisch planologische aspecten omtrent de hogere waarde. Daarna wordt onder punt 3 het wettelijk kader geschetst. Vervolgens wordt onder punt 4 de procedure omtrent het vaststellen van de hogere waarde omschreven. Tenslotte volgt onder punt 5 de hoogte van de hogere waarden. Besloten wordt met de tekst van het besluit hogere waarden en de overwegingen die daaraan ten grondslag liggen.

2. Juridisch planologische procedure

Het gebied dat wordt begrensd door het spoor tussen Amsterdam en Alkmaar, de Dahliastaat, de C.W. Bruinvisstraat en de Eikelenbergstraat in Alkmaar is gelegen binnen het bestemmingsplan Alkmaar Zuid-West, zoals vastgesteld op 16 mei 2013 met identificatiecode NL.IMRO.0361.BP00014-0305.

Het vigerende bestemmingsplan laat de voorgenomen ontwikkeling niet toe. Voor het perceel dient een nieuw bestemmingsplan opgesteld te worden.

Bij de procedure voor het bestemmingsplan dient rekening te worden gehouden met de wettelijke voorschriften met betrekking tot railverkeerslawaai zoals gesteld in de Wet geluidhinder. Het ontwerpbesluit is tegelijkertijd met het akoestisch onderzoek en het ontwerp bestemmingsplan ter inzage gelegd.

Nadat de eventuele zienswijzen zijn behandeld, zullen de hogere waarden worden verleend waarna het bestemmingsplan door de gemeenteraad kan worden vastgesteld.

Hypotheken 4

2

3. Wettelijk kader

Ingevolge artikel 106 Wgh is een akoestisch onderzoek ingesteld naar de geluidbelasting op de gevels van de nieuw te realiseren woningen vanwege railverkeerslawaai.

Indien de geluidbelasting hoger is dan de betreffende voorkeursgrenswaarde van 55 dB, kunnen burgemeester en wethouders overeenkomstig artikel 110a van de Wet geluidhinder hogere grenswaarden vaststellen tot een maximum van 68 dB.

4. Hogere waarde procedure Wet geluidhinder

In de Wet geluidhinder zijn normen opgenomen voor de toelaatbare geluidbelasting als gevolg van verschillende geluidbronnen (wegverkeer, railverkeer en industrielawaai).

De Wet geluidhinder maakt een onderscheid tussen de voorkeursgrenswaarde en de hoogst toelaatbare geluidbelasting. Indien de geluidbelasting onder de voorkeursgrenswaarde blijft, worden de effecten van geluid zonder meer toelaatbaar geacht. Indien de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden, maar de geluidbelasting de ten hoogste toelaatbare waarde niet te boven gaat, is de overschrijding na een afweging van mogelijke maatregelen, toelaatbaar.

Het bevoegd gezag inzake het vaststellen van hogere waarden is overeenkomstig artikel 110a Wgh het college van burgemeester en wethouders van de gemeente behoudens de in dat artikel genoemde uitzonderingen.

In artikel 110c Wgh is vastgelegd dat op het besluit tot vaststellen van een hogere waarde de afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is.

Overeenkomstig deze procedure dient het ontwerpbesluit te worden aangekondigd door middel van publicatie en zes weken ter inzage te worden gelegd. Dit geschiedt tegelijkertijd met de onderliggende ruimtelijke procedure voor het ontwerpbestemmingsplan Hertog Aalbrechtweg 1.

Tijdens de termijn van terinzagelegging is het mogelijk zienswijzen in te dienen. De zienswijzen zullen worden meegenomen in de afweging omtrent het verlenen van de hogere waarden.

Nadat het college van burgemeester en wethouders hebben besloten over de hogere waarden, staat tegen dat besluit beroep op bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (artikel 145 Wgh).

5. Akoestisch onderzoek

Voor het plan is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting op de grenzen van de bouwdelen zowel vanwege het wegverkeer op de Westerweg, de Dahliastraat en de Eikelenbergstraat als vanwege het railverkeer op het spoor tussen Amsterdam en Alkmaar.

De resultaten en bevindingen van het akoestisch onderzoek zijn weergegeven in het concept rapport ‘Weg- en railverkeerslawaai binnen het nieuwe bestemmingsplan in de Bloemwijk in Alkmaar, Onderzoek in kader van de ruimtelijke onderbouwing voor een nieuw bestemmingsplan’, zoals opgesteld door Peutz bv uit Zoetermeer met kenmerk V 1366-2-RA, d.d. 1 april 2020.

Uit de resultaten van het onderzoek volgt dat de geluidbelasting vanwege het railverkeer op het spoor tussen Amsterdam en Alkmaar ten hoogste 59 dB bedraagt.

Hiermee wordt de voorkeursgrenswaarde van 55 dB overschreden, maar de ten hoogst toelaatbare geluidbelasting van 68 dB niet.

Hypotheken 4

3

Er dienen hogere waarden vastgesteld te worden tot maximaal 59 dB.

Alvorens dit kan geschieden, zal eerst afgewogen moeten worden of er maatregelen te treffen zijn waardoor deze geluidbelasting lager kan worden.

Maatregelen Bij het treffen van maatregelen wordt een onderscheid gemaakt tussen maatregelen aan de bron, maatregelen in de overdracht of maatregelen bij de ontvanger.

Maatregelen bij de bron Maatregelen aan de bron zijn technisch mogelijk door het toepassen van raildempers. De geluidbelasting kan hiermee met circa 3 dB worden gereduceerd. De voorkeursgrenswaarde van 55 dB zal daarmee nog steeds worden overschreden. Ook is medewerking van de spoorwegbeheerder nodig.

Maatregelen in de overdracht Maatregelen in de overdracht zijn technisch mogelijk door het toepassen van een geluidscherm, maar in een stedelijke situatie niet wenselijk. Ook gelet op het beperkte aantal woningen waarvoor een hogere waarde vastgesteld dient te worden, is het toepassen van een geluidscherm vanuit stedenbouwkundig en financieel opzicht geen reële optie.

Maatregelen bij de ontvanger In de onderhavige situatie is het heel goed mogelijk de gevels van de nieuw te realiseren woningen zodanig te isoleren dat aan de geldende eisen zoals gesteld in het Bouwbesluit ten aanzien van de karakteristieke geluidwering van de gevel kan worden voldaan.

Ten behoeve van de aanvraag van de omgevingsvergunning dient dit door middel van een aanvullend akoestisch onderzoek nog wel aangetoond te worden.

Bij dit aanvullende onderzoek dient uitgegaan te worden van de cumulatieve geluidbelasting exclusief aftrek ex artikel 110g Wgh voor alle wegen en het spoor tezamen.

Conclusie Het treffen van maatregelen aan de bron en/of in de overdracht zijn onvoldoende doelmatig om de geluidbelasting op de gevels van de nieuw te realiseren woningen te verlagen tot ten hoogste de voorkeursgrenswaarde. Daarnaast zijn maatregelen niet wenselijk vanuit stedenbouwkundige dan wel financiële zin.

Ontheffingsgronden Nu verdergaande maatregelen om de geluidbelasting terug te brengen bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige dan wel financiële aard dient onderzocht te worden op basis van welke gronden ontheffing kan worden verleend.

De hogere waarden kunnen op basis van de algemene ontheffingsgrond ‘vervanging van bestaande geluidgevoelige bebouwing’ zoals verwoord in het ‘Beleid hogere waarden Wet geluidhinder gemeente Alkmaar 2016’ worden verleend.

Hypotheken 4

4

Nadere eisen geluidbeleid gemeente Alkmaar Indien de geluidbelasting vanwege het railverkeer op de gevel van een woning hoger is dan 60 dB, gelden overeenkomstig het geluidbeleid van de gemeente Alkmaar de volgende eisen:

✓ Geluidluwe gevel De woning heeft ten minste één gevel met een geluidniveau dat gelijk is aan of lager is dan de voorkeursgrenswaarde van 55 dB.

✓ Woningindeling De verblijfsruimten van de woning dienen voor ten minste 30% van de vloeroppervlakte aan de geluidluwe zijde te zijn geprojecteerd. Onder verblijfsruimte wordt verstaan: een ruimte binnen een woning die of bestemd is als slaap-, woon- of eetkamer alsmede een keuken van ten minste 11 m². Bij voorkeur worden ten eerste de slaapvertrekken aan de geluidluwe zijde gesitueerd.

✓ Buitenruimte Indien de woning beschikt over een buitenruimte volgens het Bouwbesluit, dan is deze bij voorkeur gelegen aan de geluidluwe zijde. Indien de buitenruimte aan de geluidbelaste zijde is gesitueerd, dan mag het cumulatieve geluidniveau ter plaatse van de buitenruimte niet meer zijn dan 60 dB.

Omdat de geluidbelasting vanwege het railverkeer op de gevels van de binnen het bestemmingsplan te realiseren woningen ten hoogste 59 dB bedraagt, hetgeen lager is dan 60 dB, hoeft bij de uitwerking van het plan geen rekening te worden gehouden met de voornoemde nadere eisen.

Hogere waarde De in de onderstaande tabel weergegeven hogere waarden veroorzaakt door het railverkeer op het spoor tussen Amsterdam en Alkmaar kunnen op grond van de hiervoor genoemde overwegingen worden verleend.

Hogere waarde Aantal woningen [dB] 59 4 woningen 58 4 woningen

Figuur | Woningen met hogere waarde 59 dB (rood) en 58 dB (oranje)

Hypotheken 4

5

Cumulatie Omdat sprake is van een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde dient de cumulatieve geluidbelasting te worden beoordeeld op aanvaardbaarheid.

Volgens het geluidbeleid van de gemeente Alkmaar is een cumulatieve geluidbelasting die de maximaal te ontheffen geluidbelasting van de betreffende bron niet overschrijdt, zonder meer toelaatbaar.

Uit de resultaten van het akoestisch onderzoek volgt dat de cumulatieve geluidbelasting ten hoogste 59 dB bedraagt op basis van het standaard spectrum voor railverkeer.

De maximaal te ontheffen geluidbelasting vanwege railverkeer bedraagt 68 dB. De cumulatieve geluidbelasting overschrijdt daarmee de maximaal te ontheffen geluidbelasting niet. Geconcludeerd kan worden dat sprake is van een aanvaardbare geluidbelasting.

Binnenwaarde Bij het verlenen van de omgevingsvergunning dient overeenkomstig het Bouwbesluit rekening te worden gehouden met de vereiste waarde in geluidgevoelige ruimten van maximaal 33 dB ten gevolge van de cumulatieve geluidbelasting exclusief aftrek ex artikel 110g Wgh.

Uit een aanvullend akoestisch onderzoek zal moeten blijken dat er aan de eisen zoals gesteld in het Bouwbesluit kan worden voldaan. Hierbij dient uitgegaan te worden van de cumulatieve geluidbelasting exclusief aftrek ex artikel 110g Wgh voor alle wegen en het spoor tezamen.

Hypotheken 4

6

Overwegende,

- dat op grond van artikel 110a van de Wet geluidhinder het college van burgemeester en wethouders binnen de gemeentegrenzen bevoegd is tot het vaststellen van een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting. Een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting kan op grond van artikel 110a lid 3 Wgh ambtshalve worden vastgesteld,

- dat artikel 110a, lid 5 Wgh bepaalt dat het vaststellen van een hogere grenswaarde voor geluid slechts plaats vindt indien geluidreducerende maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige of financiële aard,

- dat gemotiveerd is aangegeven waarom in dit geval maatregelen ondoeltreffend dan wel bezwarend zijn,

- dat met maatregelen aan de gevels aan de geldende binnenwaarde zoals genoemd in het Bouwbesluit kan worden voldaan,

- dat de aan dit besluit ten grondslag liggende rapport is uitgevoerd volgens de technische en wettelijke bepalingen.

- dat overeenkomstig afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht kennis is gegeven van het ontwerpbesluit en deze inclusief de stukken vanaf donderdag 14 januari 2021 tot en met woensdag 24 februari 2021 gedurende zes weken ter inzage hebben gelegen.

- dat in genoemde periode geen zijn ontvangen.

- dat het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alkmaar, gelet op artikel 110a lid 1 van de Wet geluidhinder

Hypotheken 4

7

Besluiten:

I. hogere waarden voor de ten hoogst toelaatbare geluidbelasting ten gevolge van het railverkeer op het spoor tussen Amsterdam en Alkmaar vast te stellen van:

Hogere waarde Aantal woningen [dB] 59 4 woningen 58 4 woningen

II. dat de hiervoor genoemde overwegingen onderdeel uitmaken van dit besluit.

III. kennis te geven van onderhavig besluit door toezending aan belanghebbenden / publicatie bij de officiële mededelingen.

IV. een eensluidend afschrift van onderhavig besluit aan te bieden aan het kadaster ter inschrijving van de hogere waarden, op het moment dat de adresgegevens van de betreffende woningen bekend zijn.

Aldus besloten op:

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alkmaar

Burgemeester Secretaris

Gedurende zes weken, vanaf bekendmaking van dit besluit, kan een belanghebbende die bij het ontwerpbesluit zienswijzen kenbaar heeft gemaakt of die redelijkerwijs niet kan worden verweten dat zij geen of niet tijdig zienswijzen bij het college van Burgemeester en Wethouder naar voren hebben gebracht, overeenkomstig artikel 145 en 146 van de Wet geluidhinder beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het beroepschrift moet worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State, Postbus 2009, 2500 EZ te ’s-Gravenhage.

Zij die beroep instellen kunnen overeenkomstig artikel 36 Wet op de Raad van State juncto artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht een verzoek om voorlopige voorziening vragen, wanneer onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen dat vordert. Dit besluit wordt van kracht zes weken na de hierboven genoemde datum, behoudens hetgeen gesteld in artikel 20.8 van de Wet milieubeheer.

Hypotheken 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10446101/1