260515 Raadsinformatiebrief Reactie Concept Ontwerp Omgevingsvisie en IPB - bijlage
Tekst van het document
11 mei 2026, Concept Ontwerp Omgevingsvisie Noord-Holland Aanwijzing Boekelermeer en Zandhorst als Industrieterrein van Provinciaal Belang (IPB) onnodig en te ingrijpend Op 11 mei ligt het concept Ontwerp Omgevingsvisie Noord-Holland voor, waarin de mogelijke aanwijzing van de Boekelermeer en Zandhorst als industrieterrein van Provinciaal belang (IPB) is opgenomen. Dit voorstel is gedaan ondanks de eerder ingebrachte zienswijzen en zorgen, die hierin niet of onvoldoende zijn meegewogen. De beoogde aanwijzing is primair gericht op het veiligstellen van ruimte voor circulaire economie-ac viteiten, waaronder regionale en mogelijk bovenregionale grondstoffenhubs. Wij zien in deze voorgenomen aanwijzing echter aanzienlijke knelpunten en risico’s. Een IPB-status wordt als dispropor oneel, niet noodzakelijk en te ingrijpend beschouwd. In de prak jk dreigt deze aanwijzing zowel de ontwikkelingsmogelijkheden van bestaande en nieuwe bedrijven als de realisa e van woningbouw erns g te beperken, doordat de provincie via deze status te strak gaat sturen op func es en toela ng. Gelet op de omvang en impact van deze ingreep, en het ontbreken van een overtuigende noodzaak, roepen wij u met klem op om de aanwijzing van de Boekelermeer en Zandhorst als industrieterrein van provinciaal belang uit de Omgevingsvisie te schrappen.
We lichten onze bezwaren graag toe: Zorgen en inhoudelijke bezwaren 1. IPB-aanwijzing is ingrijpend en niet noodzakelijk De aanwijzing van Boekelermeer als IPB is niet nodig om de provinciale doelen te realiseren. Het gemeentelijke en regionale beleid voorziet al in het realiseren en behouden van voldoende ruimte voor bedrijven in hogere milieucategorieën op de Boekelermeer en Zandhorst, waaronder bedrijven die bijdragen aan de circulaire economie. Beide terreinen zijn bovendien nagenoeg volledig uitgegeven of gereserveerd voor bedrijven die niet mengbaar zijn met wonen. Een IPB-status leidt tot dispropor onele provinciale sturing op toela ng en ves ging van bedrijven, waardoor juist innova e en doorontwikkeling van bedrijven kunnen stagneren. Een IPB-aanwijzing is daarmee een te zwaar instrument, wat de lokale en regionale afwegingsruimte onnodig beperkt, terwijl dezelfde doelen ook met lichtere instrumenten kunnen worden bereikt. Lichtere instrumenten, zoals het convenant werkloca es en de toekomstvisie Boekelermeer, bieden de Provincie voldoende sturingsmogelijkheden op hoofdlijnen, terwijl zij tegelijker jd ruimte laten voor regionaal maatwerk, samenhang met woningbouwopgaven en een evenwich ge economische ontwikkeling. 2. Boekelermeer is cruciaal voor verplaatsing bedrijvigheid t.b.v.
woningbouwopgave De beschikbare fysieke en milieuruimte op de Boekelermeer is schaars en grotendeels gereserveerd voor de verplaatsing van niet-mengbare en milieuhinderlijke bedrijven uit de te transformeren woon-werkgebieden langs het Alkmaars Kanaal. Deze verplaatsingen zijn randvoorwaardelijk voor grootschalige woningbouw, een opgave met na onale betekenis. Een IPB-aanwijzing belemmert deze noodzakelijke transi e. 3. Te dwingende en eenzijdige focus op circulaire func es Wij onderschrijven het belang van de transi e naar een circulaire economie en ziet dat bedrijventerreinen zoals de Boekelermeer en Zandhorst daarin een rol kunnen spelen. Een aanwijzing als IPB die dwingend is gericht op specifieke circulaire func es of ac viteiten, zoals grondstoffenhubs, gaat echter te ver. Deze aanpak leidt tot een onnodige beperking van de ontwikkelingsruimte voor andere economisch waardevolle en innova eve bedrijven die passen binnen het regionale profiel en bijdragen aan werkgelegenheid en economische diversiteit. Wij staan open voor ontwikkeling rich ng meer circulariteit, maar niet via een verplichtende IPB-aanwijzing die onvoldoende ruimte laat voor maatwerk en geleidelijke ontwikkeling.
4. Behoe e aan brede economische ontwikkelruimte Los van de circulaire transi e bestaat al een groot tekort aan bedrijventerrein. Door gronden via een IPBaanwijzing te reserveren voor een beperkte invulling, neemt dit tekort verder toe. De schaarse ruimte moet juist strategisch worden ingezet voor substan ële groei van kwalita ef hoogwaardige werkgelegenheid en het realiseren van een tegenspitsfunc e, zoals ook in deze omgevingsvisie wordt genoemd. Wanneer ondernemers geen passende ves gingsloca e meer vinden binnen de regio, schaadt dit direct het ves gingsklimaat en de regionale economie in Noord-Holland Noord. 5. Geen ruimte voor grootschalige grondstoffenhubs op bovenregionale schaal Ook bij een eventuele uitbreiding van de Boekelermeer is er onvoldoende ruimte om invulling te geven aan een eventuele bovenregionale vraag naar grootschalige grondstoffenhubs of zware industriële verwerkingsen vervaardigingsloca es. De beschikbare uitbreidingsruimte is al noodzakelijk voor de autonome groei van de regionale economie. De veronderstelling dat dergelijke func es hier kunnen landen is daarom niet realis sch en legt onterechte druk op een terrein met primair een regionale func e. 6.
Samenwerkingsrela e provincie–regio onder druk Tot slot constateren wij dat een IPB-aanwijzing, ondanks expliciete regionale bezwaren, de construc eve samenwerkingsrela e tussen provincie en gemeenten onder druk zet. Juist bij complexe ruimtelijke en economische opgaven zijn regionale afstemming en wederzijds vertrouwen essen eel. Daarbij ligt het voor de hand om eerst minder ingrijpende instrumenten te benu en, zoals regionale afspraken over bedrijventerreinen. Conclusie De provincie beschikt over passende, minder ingrijpende instrumenten om ambi es op het gebied van circulariteit en toekomstbestendige bedrijvigheid te realiseren. Deze instrumenten maken het mogelijk om doelen te bereiken zonder de ontwikkelingsruimte van de Boekelermeer en Zandhorst onnodig te beperken en zonder noodzakelijke bedrijfsverplaatsing voor woningbouw te belemmeren. Een IPB-aanwijzing is daarom onnodig en te ingrijpend. Verzoek Wij verzoeken uw commissie nadrukkelijk om: af te zien van de aanwijzing van bedrijventerreinen Boekelermeer en Zandhorst als Industrieterrein van Provinciaal Belang; de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie in nauwe samenwerking vorm te geven.
Wij blijven graag in gesprek over hoe provinciale ambi es, waaronder circulariteit, effec ef kunnen worden verbonden met regionale opgaven, zonder de ontwikkelingsruimte en regie op bedrijventerreinen in de regio te ondermijnen. Hoogachtend, Fred Ruiten, wethouder economie gemeente Dijk en Waard Chris aan Peetoom, wethouder economie gemeente Alkmaar