CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

230706 Bijlage 3 Tweede Reflectie Multidisciplinaire Crisisorganisatie VR NHN 2021 - RBT-ROT

Gemeenteraad 19 oktober 2023, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken3.681 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Coronacrisis Evaluatie multidisciplinaire crisisorganisatie Veiligheidsregio Noord-Holland Noord Tweede rapportage (december 2020 - juli 2021)

27 augustus 2021

0

Inhoudsopgave

1. Inleiding 2. Kenmerken en bijzonderheden van deze crisisperiode 3. Observaties per thema 4. Wat valt op ten opzichte van andere regio’s 5. Overkoepelend beeld 6. Aanbevelingen

1. Inleiding 1.1 Achtergrond 1.2 Werkwijze In de periode van oktober tot en met december 2020 voerden wij een Voor de input hebben we interviews gehouden onder alle leden van het eerste reflectie uit naar het optreden van crisisorganisatie tijdens de Regionaal Beleidsteam (RBT), inclusief de (ambtelijke) adviseurs. In coronacrisis. In deze evaluatie stonden de bijzonderheden en totaal vonden 27 interviews plaats. In de interviews stonden de uitdagingen van de crisisaanpak centraal. Specifiek reflecteerden we volgende thema’s centraal: op het regionaal beleidsteam (RBT), over de periode van medio maart 1. Opvolging aanbevelingen eerdere rapportage 2020 tot december 2020. Deze evaluatie heeft u ook gebruikt en 2. Samenwerking: in de regio, met partners en tussen en in RBT en aangeboden als onderdeel van de systeemtest 2020. ROT Inmiddels zijn we ruim negen maanden verder en wilt u opnieuw 3. Informatievoorziening en communicatie reflecteren op een tweede periode, van december 2020 en augustus 2021. Ook staat in deze reflectie het RBT centraal. Tevens hebben wij 4. Leerpunten langdurige opschaling voor het ROT een leertafel begeleid. De opbrengsten daarvan zijn 5. Van crisis naar projectorganisatie opgenomen in een separate rapportage. 6. Landelijke afstemming

Deze periode kenmerkte zich onder meer door de zogenoemde tweede golf en met nieuwe, aangescherpte landelijke maatregelen. Ook werd De uitkomsten van de interviews zijn aangevuld met de opbrengst van 1 december 2020 nieuwe (tijdelijke) wetgeving van kracht met een leertafel met het ROT die wij in juni begeleidden (de opbrengsten bijbehorende ministeriële regelingen, waaronder de mondkapjesplicht. hiervan zijn opgenomen in een separate rapportage). De rode draden Daarnaast begon in maart de zogenoemde derde golf en werden eind uit de interviews en de leertafel van het ROT zijn toegelicht tijdens het april versoepelingen aangekondigd. Deze werden in de periode tot burgemeestersoverleg op 19 augustus. begin juli versneld doorgevoerd. De uitkomsten van alle gesprekken hebben we samengevat in deze rapportage en aangevuld met onze inzichten.

2

2. Kenmerken en bijzonderheden van deze crisisperiode Observaties moeten altijd in context worden geplaatst. De kenmerken • Drukte in parken en andere publieke ruimten rond mooi weer, vooral van deze crisis zijn van invloed op de opgave en daarmee op de in de grote steden. Op momenten poppen illegale feesten op diverse crisisrespons. Deze crisis ontwikkelt zich continu en de schaal waarop plekken op. maatregelen tot nu toe genomen zijn is ongekend. Er is daarmee ook • Uitvoering en handhaving van de coronamaatregelen, geen ‘goed’ of ‘fout’. Wel zijn er uitdagingen, dilemma’s en keuzes versoepelingen naar de zomer toe. Het openingsplan als vervolg op waarop we kunnen reflecteren. eerdere versies van de zogenoemde routekaart. • Jongerengroepen die van zich laten horen en illegaal samenkomen. 2.1 Landelijke ontwikkelingen Soms valt dit samen met (van oudsher) kermismomenten in de • De invoering en uitvoering van de Tijdelijke wet maatregelen covid- jaarkalender. 19 (Twm, per 1 december 2020). • In het hele land: meerdere dagen van onrust en rellen in de dagen • Het bewaken van de orde en het handhaven van de na het ingaan van de avondklok. coronamaatregelen rond oud en nieuw. • Incidenten en toenemende bedreigingen rond testlocaties. • De start en uitvoering van het vaccinatieprogramma.

Hierbij spelen • Een toenemende ogenschijnlijke maatschappelijke verdeeldheid als verschillende aspecten een rol: volgorde van doelgroepen, het gaat om de crisisaanpak. vaccinatielocaties (regionaal, lokaal, dynamisch op markten e.d.), • Oplopende cijfers in de zorg, met mogelijke inschattingen van het type vaccinaties (Moderna, Janssen, Pfizer, AstraZeneca, etc.), ‘zwarte scenario’ voor zorgcapaciteit. inclusief bijhorende eisen van opslag/toedienen en tot slot de • Demonstraties en manifestaties. vaccinatiebereidheid en bijbehorende communicatie. • Zorgen over nieuwe varianten, met name over de Deltavariant.

3

2. Kenmerken en bijzonderheden van deze crisisperiode • De uitvoering/ organisatie van fieldlabs in de regio en de start van • Deze periode is onrustiger qua besmettingen. Ten opzichte van de het EURO2020 met bijkomende vraagstukken van wel/niet/beperkt eerste golf zijn er (aanzienlijk) meer besmettingen. kijken op schermen in de horeca. En het traject ‘Testen voor • Er is een zware belasting op de zorg die mogelijk de grenzen Toegang’. bereikt: de regio uit haar zorgen over het ’zwarte’ scenario. NHN • Het continueren van het optreden tegen het coronavirus in een werkt het scenario operationeel en bestuurlijk uit, dit krijgt landelijke landelijke en regionale crisisaanpak. De meeste regio’s hanteren aandacht. nog de GRIP4-structuur (met hierbij de verantwoordelijkheden zoals • De kermis als risicofactor plus ‘spontane’ feesten. belegd in de Twm, met een beperktere rol voor de voorzitter). • Toerisme als factor (met name communicatie). In sommige • Dynamiek rond reisadviezen met internationale maatregelen en gemeenten is het toerisme onveranderd groot, zoals op Texel. Dit verschillen. vergt veel lokale inspanning richting zowel Nederlandse als • Het continueren van het informeren van de colleges en buitenlandse toeristen, vooral op communicatie. gemeenteraden (verantwoording). • Oplopend aantal besmettingen na versoepelingen in juni.

2.2 Ontwikkelingen in Noord-Holland Noord • Veel van de landelijke ontwikkelingen gelden ook voor Noord- Holland Noord, zij het soms in mindere mate (zoals drukte in parken en avondklokrellen). Wel zijn er oproepen via sociale media en is er een incidentele dreiging, onder meer in Alkmaar. Er zijn ook andere ordeverstoringen (zoals de inzet van de ME in Ursem, waar tijdens het Pinksterweekend de jaarlijkse kermis niet doorgaat).

4

3. Observaties per thema In deze evaluatie staan zes thema’s centraal: Hierover is iedereen grotendeels positief. Het leidt tot meer 1. Opvolgen van aanbevelingen uit de eerste evaluatierapportage draagvlak, een betere informatiepositie en uniformiteit. Dit komt 2. Samenwerking in de crisisorganisatie mede door de rol van de voorzitter, die inzet op verbinding. 3. Informatie en communicatie • In het RBT is ruimte voor het delen van het beeld. De briefings 4. Lange duur worden anders ingericht, wat goed werkt. De briefing wordt in 5. Overgang van crisis- naar projectorganisatie verschillende gremia (waaronder het ROT) voorbereid. De 6. Landelijke afstemming Operationeel Leider start het RBT met het totaalbeeld, dat vervolgens wordt aangevuld met o.a. het beeld vanuit de zorg. Per thema beschrijven wij in de volgende pagina’s de kenmerken, Opgeteld vinden de leden de informatiestroom nog wel intensief. uitdagingen, dilemma’s en gemaakte keuzes van het perspectief van Gezien de fase van de crisis (weinig regionale besluitvorming) is er de respondenten. meer nadruk op het RBT als plek voor het delen van informatie. Het is daarmee geen klassiek ‘crisisteam’. 5.1 Opvolgen aanbevelingen • De leden herkennen dat er ruimte is voor reflectie. Sommige leden • VR NHN is actief aan de slag gegaan met de aanbevelingen en de nemen hierin ook het initiatief.

Deels wordt deze reflectie ook extern meeste aanbevelingen zijn opgevolgd. Respondenten zijn hier ondersteund. De vraag die respondenten stellen is wel of er ook positief over. reflectie was op het functioneren van het bestuurlijk overleg? • De grootste verandering in de crisisorganisatie is dat het RBT wordt Sommigen hebben het laatste gemist en zien hierin graag expliciet uitgebreid met alle burgemeesters. Dit komt in de plaats van de ruimte. twee separate overleggen die er eerder waren: één met het kernteam, gevolgd door een breder bestuurlijk briefingsmoment.

5

3. Observaties per thema 5.2 Samenwerking in de crisisorganisatie ging goed. • We zien een gemengd beeld over het verloop van de overleggen. • Respondenten vinden dat de veiligheidsregio actief inspeelt op Voorop staat dat iedereen het goed vindt om het crisisoverleg mogelijke ontwikkelingen, zoals een zwart scenario in de zorg. samen te doen. De kanttekening hierbij is dat overleggen soms te Ketenpartners uit de ‘witte’ en ‘crisis’ kolom zijn actief lang duren en te vaak plaatsvinden. Ook is er een wisselend beeld bijeengebracht. Dit vinden zij net als in eerste fase een sterk punt. over de reikwijdte van de ondersteuning door de veiligheidsregio. • De rolverdeling tussen het ROT en RBT is duidelijk. Er is nog steeds 5.3 Informatie en communicatie een prominente rol voor ROT, maar een deel van de taken verloopt • In de regio wordt vastgehouden aan de regionale lijn, net als in via de bestuurssecretaris en binnen de gemeentelijke vorige fase: “we blijven dicht blijven bij de landelijke lijn, maar geven samenwerking. In de nieuwe werkwijze is er een duidelijker rol voor ook aandacht aan wat er wel kan en we houden actief contact met de OL, die het eerste deel van de briefing verzorgt. de samenleving”. De regio zet beperkt in op specifieke regionale • Het ingaan van nieuwe wet (Twm) heeft in de praktijk niet veel kaders of campagnes. verschil gemaakt.

Wel zijn burgemeesters nadrukkelijk meer in • Lokale communicatie vanuit de burgemeester en wethouders en de positie. Zij zijn nog steeds in afstemming en in contact met de dialoog met ondernemers en anderen is in deze fase ook belangrijk. In alle gemeenten zijn er lokale uitingen en gesprekken met voorzitter VR. verschillende stakeholders (zoals Horeca, onderwijsinstellingen, • Vanwege bovenstaande situatie zijn er geen grote lokale besluiten ondernemersverenigingen, kermisexploitanten, etc.). te nemen. Er is ook niet veel lokale ruimte, behalve in de • Er zijn diverse communicatie-initiatieven: bedankfilmpjes, handhaving en in het toezicht dat nu uit naam van de burgemeester vaccinatiefilmpjes en er is een boekje uitgebracht met verhalen gebeurt in plaats van voorzitter. Afstemming over risicovolle situaties van/over de hulpverlening. vindt plaats in de driehoek. Deze samenwerking in de driehoek(en) • Gemeenteraden worden actief geïnformeerd.

6

3. Observaties per thema • VR NHN mengt zich bewust beperkt in landelijke politieke elkaar te brengen. De veiligheidsregio kan hierin faciliteren. discussies, met uitzondering van de discussie rond de openstelling • Respondenten ervaren de samenwerking tussen gemeenten als van terrassen waarbij de voorzitter VR de oproep van collega’s krachtig. In deze crisis is het belang van zorgnetwerken groot en dit ondersteunde om ruimte te bieden via de terrassen om de druk op netwerk is nu heel sterk opgezet. handhaving te verlichten. • Werken met portefeuillehouders voor specifieke thema’s/klussen, • Het blijft lastig om data goed te duiden, net als het werken met zoals nu is gedaan rond de overgang naar de volgende fase scenario’s. Inmiddels is hier wel veel ervaring mee opgedaan. (veerkracht en herstel), is positief.

5.4 Lange duur 5.5 Overgang naar projectfase • De duur van deze crisis is het lastigste. GRIP4 is hierin voor de • Er is actief aandacht voor veerkracht en herstel. Wel is het een meesten minder passend. Qua juridische basis ‘voelden’ zoektocht geweest naar de wijze van afstemmen/organiseren voor noodverordeningen en GRIP 4 niet altijd goed. Er zit een gat tussen de volgende fase. Dit bleek niet eenvoudig te zijn. Ook nu zijn er noodwetgeving (‘noodtoestand’) en GRIP4. verschillende beelden en verwachtingen tussen burgemeesters over • Wat positief werkt bij langdurige crisis als deze is een dedicated de uitdagingen en opgaven. De uitdaging blijft om dit gezamenlijk te bezetting. Met name in de ondersteuning/advisering helpt dit. volgen om tijdig te kunnen reageren. • Belangrijk is ook om een duidelijke rolverdeling te hebben en deze • Ook in deze fase blijft de opgave moeilijk in te schatten, onder meer aan te durven passen als de opgave verandert. economisch en sociaal. Tegelijkertijd is er vanwege onzekerheden • De structuur van de veiligheidsregio met haar regierol heeft gewerkt. behoefte aan een ‘schaalbaar’ mechanisme. Dit thema is actief De veiligheidsregio laat zijn meerwaarde duidelijk zien. Deze belegd bij een portefeuillehouder en een projectleider. Ook is regierol zal bij iedere langdurige crisis nodig zijn. Zo zijn er altijd kennis/ervaring van buiten benut.

veel partijen betrokken en is er noodzaak om deze bij • Onderling zijn er verschillende behoeften onder de RBT-leden. Wel benadrukt iedereen dat het terug moet naar lokaal waar het kan en regionaal waar het moet (de rol voor VR NHN ligt meer op het gebied van het inspireren door het delen van best practices). 7

3. Observaties per thema 5.6 Afstemming landelijk • De landelijke juridische ondersteuning (via loket) blijkt op momenten • De afstemming met het Veiligheidsberaad vinden de leden nuttig, al lastig en tijdrovend. Tijd die er in de uitvoeringswerkelijkheid veelal is men op op momenten wel verdeeld over een aantal onderwerpen. niet is. De input naar en terugkoppeling van de voorzitter wordt als positief ervaren, ondanks de beperkte mogelijkheid tot invloed. De informatie is wel belangrijk, ook om lokaal te kunnen informeren. Het Veiligheidsberaad zorgt voor tegendruk richting het kabinet. • Op aspecten is de aansluiting niet goed tussen het landelijk niveau en de regio. Dit speelt onder meer bij evenementen / field labs, testen voor toegang, etc.. Burgemeesters worden pas laat geïnformeerd en hebben weinig tot geen invloed op het landelijke beleid. • Op momenten is het niet goed mogelijk om landelijk beleid toe te kunnen lichten, onder meer rond het vaccinatieprogramma. Denk aan de snelheid van invoeren en de publieke discussies eromheen (voor- en tegenstanders, experts met verschillende opvattingen). Dit maakt het soms lastig om e.e.a. lokaal uit te leggen. • Het contact tussen directieleden van de veiligheidsregio met landelijke gremia draagt bij aan delen van beelden, het checken van aannames en het delen van voorbeelden.

8

4. Wat valt op t.o.v. andere regio’s Veel veiligheidsregio’s werken met een vergelijkbare crisisaanpak. Een • Er zitten grote verschillen tussen regio’s als het gaat om het aantal regio’s heeft sommige processen net iets anders ingericht. We anticiperen op de fase van veerkracht en herstel en ook – eerder – lichten een aantal observaties toe. in het omgaan met de opschaling in GRIP4. Deze laatste opschaling gaat niet over bevoegdheden (deze zijn immers in de wetgeving geregeld los van de GRIP-opschaling). Enkele regio’s hebben • In meerdere regio’s zijn er brede bestuurlijke overleggen, maar er eerder dit jaar al besloten tot het afschalen en het meer projectmatig zijn ook voorbeelden van een smallere bestuurlijke kern waarna werken ingevoerd. Hierbij zit geen ‘goed’ of ‘fout’: van belang is collega’s gericht worden geïnformeerd. Zeker in periodes met grote vooral het gesprek over nut en noodzaak en de opgaven die dynamiek waren er regelmatig bredere bestuurlijke bijeenkomsten. voorliggen. Ook in andere regio’s had een bestuurlijk overleg meer het karakter van een informatiebijeenkomst dan van een crisisteam. • Ook zijn er verschillen in de wijze waarop wordt geanticipeerd op een zwart scenario in de zorg. Dit startte in de zorg zelf • Interessante voorbeelden vanuit andere regio’s zijn specifiek logischerwijs.

De mate waarin dit meer multidisciplinair en ook ingestelde teams op één of meer uitdagingen. Voorbeelden zijn het bestuurlijk is voorbereid verschilt sterk. Noord-Holland Noord was werken met een multidisciplinair duidingsteam, het werken met een hierin duidelijk proactief. vorm van ‘spreekuur/vragenuur’ op evenementen (voor gemeenten) en/of een vergunningenloket, een breder regionaal kernteam • In veel regio’s blijkt het lastig om tot nadere samenwerking te komen communicatie waarin ook externe partners deelnemen (vanuit onder rond het onderwerp maatschappelijke impact en veerkracht & meer de zorg) en de mate waarin er regionaal specifieke herstel. Eerdere initiatieven zijn niet goed gelukt: deze kwamen te communicatiecampagnes zijn ontwikkeld en uitgevoerd. Overigens vroeg. De acute crisis vroeg steeds om nieuwe aandacht. En de blijkt maatwerk in de communicatie voor specifieke groepen niet behoefte om hier juist lokaal mee aan de slag te gaan was groot. De eenvoudig. behoefte aan regionale afstemming was minder groot. Ook in NHN kostte het tijd maar was en is het constructief.

9

5. Overkoepelend beeld In dit hoofdstuk geven we als COT een reflectie op de crisisaanpak in • Ruimte voor (inhoudelijke) reflectie deze periode. Als we kijken naar de uitkomsten van alle gesprekken In het RBT is ruimte voor reflectie, vooral op inhoudelijke thema’s, valt ons, mede in het licht van wat we elders zien, het volgende op: maar minder op het eigen functioneren: doen we (nog) de juiste dingen en hoe zitten we er gezamenlijk in? Hierin had het RBT • Goede samenwerking in het RBT actiever kunnen zijn, al bemoeilijken het digitaal vergaderen en de Respondenten zijn positief over de crisisaanpak in Noord-Holland steeds nieuwe actualiteiten deze reflectie. Noord en dan met name over de verbinding, waar de voorzitter • Ondersteuning en samenwerking met het ROT nadrukkelijk op stuurt. Doordat het RBT is uitgebreid met alle Net als in de eerste fase is er een grotere rol voor burgemeesters geven zij aan dat hun informatiepositie is verbeterd. bestuursondersteuning en de directie, minder voor het ROT. Wat In het RBT wordt het actuele beeld gedeeld. ons betreft past dit ook bij VR NHN. De vraag blijft wel hoeveel Hierover zijn de leden tevreden, al betreft het wel vaak en veel ondersteuning de veiligheidsregio kan bieden voor specifieke informatie. We zien lokaal verschillende behoeften en uitdagingen. vraagstukken. Hierin zijn de behoeften van bestuurders verschillend.

Deze verschillen komen mede door specifieke uitdagingen in de • Landelijke samenwerking verschillende gemeenten (denk aan het verschil tussen grotere en Ondanks de wetgeving is zeer beperkt ruimte voor regionale kleinere gemeenten, het eiland Texel versus het vasteland en verschillen in aanpak. Daarentegen werkt het RBT als toerisme in een deel van de gemeenten). afstemmingsorgaan goed in deze fase. Het feit dat regionaal weinig • Opvolging aanbevelingen eerste evaluatie te besluiten valt hangt direct samen met de wijze waarop Het opvolgen van de aanbevelingen uit de vorige rapportage heeft maatregelen op landelijk niveau worden afgekondigd. De ruimte volgens de respondenten positieve effecten; het draagt bij aan de moet vooral worden gezocht via een inbreng in het samenwerking onderling, de uniformiteit binnen de veiligheidsregio Veiligheidsberaad. Over het geheel verloopt dit proces goed. en het draagvlak voor de genomen besluiten (al waren dit er weinig in deze periode). Wij horen dit nadrukkelijk terug in alle gesprekken.

10

6. Aanbevelingen Tenslotte blikken we vooruit: welke uitdagingen verwachten we de 4. Bepaal in de ‘project/nafase’ wat mogelijke opschalingscriteria zijn komende periode en wat betekent dit voor Veiligheidsregio Noord- en maak afspraken over informatiedeling (wijze/middel). Draag ook Holland Noord? We geven een aantal adviezen voor de komende fase. zorg voor een bestuurlijk/ambtelijk aanspreekpunt (zoals de Daarnaast geven we adviezen voor toekomstige crisis, op basis van projectleider/OL). uitkomsten uit deze en vorige reflectieperiode. Sta bij de overgang naar de projectfase/afschaling ook stil bij vragen als: Hoe wissel je binnen de regio’s ervaringen uit in de periode van afschaling? Wanneer vindt regionale afstemming 6.1 Aanbevelingen komende periode plaats? Wat zijn vraagstukken om als gemeenten onderling af te 1. Blijf de brede maatschappelijke impact monitoren (sociaal en stemmen? economisch) en monitor de eventuele ziekte-escalatie. 5. Bouw ruimte in voor reflectie van het RBT: doen we de juiste 2. Bepaal waar je als veiligheidsregio van bent en wat niet en wat de dingen en hoe zitten we er gezamenlijk in? Maar ook: wat randvoorwaarden dan zijn als er overdracht (bijvoorbeeld naar verwachten we in de toekomst van elkaar qua governance (denk gemeenten) plaatsvindt. aan de rol en taken van de regio versus gemeenten)? 3.

Op enig moment vervalt waarschijnlijk de tijdelijke wet. Het is belangrijk om na te denken hoe de structuur en organisatie er na deze datum uit komen te zien, of dat er geen specifieke wijze van organiseren is (en dit vooral lokaal wordt opgepakt). Als de wet niet wordt verlengd betekent dit ook dat de specifieke coronamaatregelen zoals de 1,5 meter afstand verdwijnen.

11

6. Aanbevelingen 6.2 Structurele aanbevelingen crisisfunctionarissen. Daarmee wordt ook de verbinding met de 1. Burgemeesters geven aan dat zij graag vanaf het begin van elke staande organisatie versterkt. crisis aansluiten bij het RBT. In sommige gevallen kan een klein 6. Het netwerk rondom deze pandemie is sterk. Elk ander crisistype RBT zaken voorbereiden. Verder ziet iedereen het belang in van vraagt ook weer op het samenwerken met andere netwerken. een breed crisisoverleg. Investeer daarom nu al - conform de uitkomsten van de evaluatie 2. Bepaal als veiligheidsregio hoe bij langdurige crises om te gaan van de Wvr - in relevante netwerken (denk aan onder meer de met ondersteuning. Is dat iets van het ROT, bestuur ondersteuning, gevolgen van klimaatontwikkeling, maar ook verdere polarisering in projectleider, etc.? Speel betrokkenen vrij en geef ze bestuurlijk de samenleving). Neem hierin ook al de vraag mee welke data dan mandaat. Let hierbij op de benodigde competenties voor het belangrijk zijn (in gezamenlijkheid met meer veiligheidsregio’s). voorliggende vraagstuk (opgavegericht). 7. Bouw frequent reflectiemomenten in, zowel op inhoud als op de 3. Kijk mogelijk naar verschillen in opgaven per cluster van wijze van samenwerking. Zowel binnen het RBT als met andere gemeenten (toerisme, grotere versus kleinere gemeenten). Indien crisisteams.

Bedenk welke opgaven er zijn en of de structuur hierbij er specifieke opgaven zijn, dan kan per cluster een (nog steeds) passend is. portefeuillehouder worden gekozen. 4. Verwerk deze inzichten in het crisisplan en bepaal waar dit consequenties heeft in de preparatie. Zo kunnen wij ons voorstellen (ook gezien cyber, klimaat), dat er meer frequent stil wordt gestaan bij (bestuurlijke) scenario’s en ketenafhankelijkheid. 5. Zorg bij langdurige crises voor dedicated teams. Dit draagt bij aan stabiliteit. Daarbij kan ook breder expertise en ervaring worden benut: de groep van functionarissen is breder dan de aangesloten

12

Het COT is een gespecialiseerd bureau op het gebied van veiligheids- en crisismanagement. Ons werkterrein strekt zich uit van vraagstukken over de vormgeving van veiligheidsbeleid tot de voorbereiding op crisissituaties. Met onze kennis en kunde helpen we opdracht gevers in complexe situaties waarbij grote risico’s worden gelopen, strategische belangen op het spel staan en vaak vele stakeholders zijn betrokken. Advies, onderzoek, en training en oefening vormen de basis van onze dienstverlening. Het COT is een volledige dochterondernem ing van Aon Nederland.

Deze rapportage is gebaseerd op informatie die ter beschikking is gesteld, en verkregen, tijdens de periode waarin het onderzoek is uitgevoerd. Nieuwe of aanvullende informatie kan van invloed zijn op de reflectie. Het COT beschikt alleen over informatie waar het recht swege toegang toe heeft. Rapporten worden in beginsel in opdracht van de opdrachtgever gemaakt en niet gepubliceerd. Eén kopie wordt bewaard voor juridische, IT- en wetgeving- en toezichtdoeleinden.

© 2021 COT Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement

COT Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement

Admiraliteitskade 62 3063 ED Rotterdam

t +31 (0)10 448 83 00 f +31 (0)70 448 83 01

e cot@cot.nl i www.cot.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12977972/1