20210705 Memorandum Inspectierapport 5 juli 2021
Tekst van het document
Memorandum
Aan : Gemeenteraad Van : Wethouder E.Konijn-Vermaas Datum : 05-07-2021 Onderwerp : Landelijk en regiorapport Noord-Holland – Amsterdam vervolgtoezicht Inspectie
Geachte raadsleden,
In het kader van actieve informatieverstrekking ontvangt u dit raadsmemo als vervolg op de memo van 24 juni jl. over het landelijk en regiorapport Noord Holland en Amsterdam inzake jeugdbescherming.
Aanleiding van dit memo Op 5 juli heeft de Inspectie een landelijk rapport over de jeugdbescherming openbaar gemaakt. Aanvullend hierop zijn ook regiorapporten gepubliceerd, waaronder een rapportage voor Noord- Holland en Amsterdam. In een vooraankondiging bent u hier op 24 juni via een raadsmemo over geïnformeerd. De link naar beide rapportages vindt u hierbij www.igj.nl en www.inspectie-jenv.nl
In deze raadsinformatiebrief geven we een samenvatting van de bevindingen van de inspecties. Vervolgens beschrijven we kort de gezamenlijke reactie van de regio’s Noord-Holland aan de Inspectie en gaan we nader in op de situatie in regio Alkmaar
Inspectie traject Dit inspectietraject is eind 2019 gestart. Per raadsinformatiebrief van 7 november 2019 hebben wij u geïnformeerd over een landelijk inspectierapport over de gecertificeerde instellingen (GI’s) ‘Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd’. In reactie op dit inspectierapport hebben de 14 account houdende regio’s in Nederland, waaronder regio Alkmaar als accounthouder voor De Jeugd- en Gezinsbeschermers, samen met VNG de signalen uit het inspectierapport opgepakt.
De inspecties hebben in vervolg op bovenstaande in oktober 2020 aan alle accounthoudende regio’s over een termijn van vier maanden een zogenaamde doorbraakaanpak in gang gezet. Kern van deze aanpak is dat elke jeugdige met een jeugdbeschermingsmaatregel: 1. tijdig een vaste jeugdbeschermer heeft 2. tijdig een gedragen koers is uitgezet en 3. tijdig passende hulp is ingezet.
Ter afsluiting van dit proces heeft de inspectie in maart 2021 een verdiepende praktijktoets uitgevoerd op bovengenoemde drie onderdelen om te toetsen of aan deze normen is voldaan. De conclusies van deze praktijktoets zijn verwoord in een kritisch regiorapport Noord-Holland – Amsterdam en een landelijk rapport.
De hoofdconclusie van de Inspecties is dat nog niet alle regio’s in Noord-Holland er in slagen om elk kind met een jeugdbeschermings- of jeugdreclasseringsmaatregel tijdig passende hulp te bieden. De Inspecties doen aanbevelingen om ervoor te zorgen dat dit in de toekomst wel gaat gebeuren. De inspecties vragen de regio’s om er per direct voor te zorgen dat er geen kinderen meer langer dan drie maanden moeten wachten op hulp, en gaan hier het komende half jaar op monitoren. Dit noemen zij ‘verscherpt toezicht’, bestuursrechtelijk een noviteit. Als account houdende regio hebben we met de inspectie afgesproken hierin vanuit partnerschap samen op te trekken.
Aanbevelingen inspectie De Inspecties doen een aantal aanbevelingen aan de gemeenten in Noord-Holland:
Memorandum Inspectierapport 5juli2021.docx
2
Maak mogelijk dat de GI de noodzakelijk geachte hulp zonder vertraging kan inzetten. Dat wil zeggen dat de inzet van hulp meteen plaatsvindt en dat de door professionals noodzakelijk geachte hulp niet wordt heroverwogen. Neem bureaucratische belemmeringen weg. Indien hier in een regio sprake van is, heroverweeg de resultaatgestuurde financiering van specialistische jeugdhulp die ertoe leidt dat zorgaanbieders de meest kwetsbare jeugdigen niet accepteren en de jeugdige niet wordt geholpen. Stel geen budgetplafonds in voor specialistisch hulpaanbod. Zorg dat er eerst een redelijk alternatief is, voordat de bestaande specialistische residentiële hulp wordt afgebouwd. Zorg in elke regio voor een operationeel expertteam.
Gezamenlijke reactie op het rapport Op NH niveau is van de gelegenheid gebruik gemaakt om een bestuurlijke reactie op te stellen, deze is op p.2 van het rapport verkort opgenomen door middel van beantwoording van drie vragen. De brief is als bijlage in het rapport opgenomen. Daarin schrijven wij als 9 regio’s dat ook wij ons grote zorgen maken over kwetsbare kinderen en gezinnen en dat wij proberen met duurzame oplossingen de situatie voor hen te verbeteren. De gezamenlijke bestuurders vragen aan de inspecties om begrip voor de context waarin de gemeenten, GI’s en hulpverleningsorganisaties hun werk moeten doen. Een situatie waarin al jaren sprake is van financiële krapte, van toenemende complexiteit van problematiek en schaarste aan goed opgeleid personeel. De regio’s vragen de inspecties om ook richting het Rijk hun rol te nemen om te pleiten voor belangrijke innovatiebewegingen, zoals bijvoorbeeld beschreven in het Toekomstscenario Gezinsbescherming en het belang van voldoende financiële ruimte bij gemeenten. Daarnaast vragen de regio’s aandacht voor een positieve beeldvorming van het vak als jeugdbeschermer en jeugdhulpverlening met het oog op de nijpende personeelstekorten binnen de sector in het hele land.
Ook vragen de bestuurders oog voor verschillen tussen de regio’s; de een heeft meer oog voor wat jeugdbescherming vraagt van gemeenten en bij de ander is er meer bureaucratie in het stelsel. Vanwege verschillen in omvang, complexiteit, historie en lokale keuzes zijn gemeenten in verschillende stadia van ontwikkeling. Niet alle knelpunten kunnen worden opgelost door bovenregionale samenwerking. De negen regio’s zijn wel een samenwerking gestart op basis van het manifest Een Thuis voor Noordje (bovenregionale samenwerking residentiele specialistische jeugdhulp). Dit manifest wordt momenteel uitgewerkt in een concreet programmaplan.
Bevindingen regio Noord-Kennemerland • Er zijn wachttijden voor verschillende vormen van hulp, o.a. J-GGZ, ambulante spoedhulp, opvoedondersteuning, residentiële hulp, ambulante hulp voor jeugdigen met ASS- problematiek, KIES-trainingen en Ouderschap blijft. • De GI heeft het mandaat om hulp in te zetten en informeert de lokale toegang. De regio werkt aan een Regionaal Uit en Instroom Team voor jeugdhulp met verblijf. • De GI weet niet altijd welk passend aanbod beschikbaar is. Het aanbod staat op de website en er is een beschikbaarheidsapplicatie ontwikkeld en geïmplementeerd. De GI sluit een paar keer aan bij de lokale toegangsteams. De GI ervaart bureaucratie bij de inzet van hulp. Onze regio herkent dat niet. • Bij niet gecontracteerd aanbod zoeken GI en het lokale toegangsteam samen naar een alternatief. Hulp kan direct worden ingezet. Een betaalovereenkomst wordt vanuit contractmanagement ingeregeld.
Vervolgtraject Rijk en VNG hebben in een landelijk bestuurlijk overleg op 1 juli jl. afspraken gemaakt dat de jeugdregio’s en gecertificeerde instellingen gezamenlijk uitvoering geven aan de verbeterpunten. Op welke wijze dit inhoudelijk vorm krijgt is afhankelijk van de lokale situatie. Hier wordt u na het zomerreces over geïnformeerd.
3