Verordening Woonruimtebemiddeling 2024.pdf
Tekst van het document
23
Bijlage II: Urgentieregio’s Artikel 1. De regio heeft zes urgentieregio's. Artikel 2.
1. De urgentieregioWaterweg bestaat uit de gemeenten Maassluis, Schiedam. Vlaardingen en het gebied dat samenvalt met de voormalige Rotterdamse deelgemeenten Hoek van Holland en Delfshaven
2. De urgentieregio Noord bestaat uit de gemeente Lansingerland en het gebied dat samenvalt met de voormalige Rotterdamse deelgemeenten Overschie en HillegersbergSchiebroek.
3. De urgentieregio Oost bestaat uit de gemeenten Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en het gebied dat samenvalt met de voormalige Rotterdamse deelgemeente Alexander 4
5
De urgentieregio Zuidrand bestaat uit de gemeenten Barendrecht,Albrandswaard, Ridderkerken het gebied dat samenvalt met de voormalige Rotterdamse deelgemeenten Charlois, Feijenoord, Hoogvliet en IJsselmonde. De urgentieregioVoorne-Putten Rozenburg bestaat uit de gemeentenWestvoorne, Brielle, Hellevoetsluis,Nissewaard en het gebied dat samenvalt met de voormalige Rotterdamse deelgemeente Rozenburg.
6
De urgentieregio Hart van Rotterdam bestaat uit de voormalige Rotterdamse deelgemeenten Delfshaven, Overschie, Hillegersberg-Schiebroek en Alexander en die delen van de gemeente Rotterdam die geen onderdeel zijn van een andere subregio
Artikel 3.
1.Voor urgentieverklaringen en herhuisvestingsverklaringen verleend vóór het moment van inwerkingtreding van deze verordening, blijven gedurende een termijn van één jaar na inwerkingtreding van deze verordening de daarin overeenkomstig Bijlage I en Bijlage II bij de VerordeningWoonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2015 opgenomen voorkeurssubregio’s van kracht
2. Na afloop van de in het eerste lid bedoelde termijn worden de in het eerste lid bedoelde urgentieverklaringenof herhuisvestingsverklaringen aangepast aan de nieuwe indeling.
24
Bijlage III: SUWR-gemeenteAlbrandswaard Schuldenproblematiek kan bij de mensen die met een beroep op artikel 5.7 van Bijlage I een urgentieverklaring aanvragen, in de weg staan aan een succesvolle uitstroom uit de in dat artikel bedoelde instellingen. Daarom stelt het vierde lid van dat artikel de voorwaarde,dat bij schuldenproblematiek regelingen met de gemeente zijn getroffen in de vorm van budgetbeheer of sprake is van schulddienstverleningof bewindvoering Van schuldenproblematiek als bedoeld in artikel 5.7 van Bijlage I is sprake, wanneer zich één of meer van de volgende omstandigheden voordoen: a. de aanvrager van de urgentieverklaring betaalt zijn of haar schulden niet af; b. de schulden van de aanvrager zijn onhoudbaar. Er wordt ook rekening gehouden met schulden van personen die tot het huishouden van aanvrager behoren of gaan behoren, zoals minderjarige kinderen.
a. Niet afbetatenvan schulden Hiervan is sprake als de aanvrager op het moment dat op de aanvraag besloten wordt, één of meer aflossingsverplichtingenniet is nagekomen. Het gaat hierbij uiteraard om aflossingsverplichtingen van schulden die nog steeds invorderbaar zijn, dus bijvoorbeeld niet
om verjaardeschulden. b. Onhoudbare schulden
Schulden moeten houdbaar zijn, anders kunnen schulden in de weg staan aan (duurzaam) zelfstandig wonen van aanvragers. Het gaat hierbij uiteraard om aflossingsverplichtingenvan schulden die nog steeds invorderbaar zijn. dus bijvoorbeeld niet om verjaarde schulden.
Schuldenzijn houdbaarals de aanvragerde aflossingsverplichtingenvan schuldenkan blijven nakomen en voldoende geld overhoudt voor vaste lasten en de andere kosten van levensonderhoud
25