Programmabegroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 def raad.pdf
Tekst van het document
Hoge energieprijzen, hoge inflatie Niet alleen van gas, olie en benzine, maar ook van voedingsmiddelen, ruwe grondstoffen en bouwmaterialen blijven de prijzen stijgen. Dit zorgt ervoor dat de inflatie naar verwachting flink boven de gemiddelde waarde blijft. De koopkracht neemt af en voor veel huishoudens zal dit problemen op gaan leveren. Bouw- en onderhoudskosten lopen eveneens op en kunnen tot hogere uitgaven leiden. Schuldhulpverlening, bijzondere bijstand Een groeiende groep inwoners en ondernemers zal naar verwachting een beroep gaan doen op ondersteuning bij het voorkomen/beperken van schulden en/of faillissement. De groep huishoudens die het risico loopt de vaste lasten niet meer te kunnen betalen neemt toe en beperkt zich niet tot vooral de lage inkomens. Risico's In het overzicht op de volgende bladzijde staan de 10 belangrijkste (geconsolideerde) risico's gepresenteerd die de grootste invloed hebben op de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit.
- 62 -
Belangrijkste financiële risico's Nr.
Risicogebeurtenis
Gevolgen
Maatregelen
Kans Financiële gevolgen
Invloed
R532 Risico's taakuitvoering GR-BAR (Nieuwe Stijl).
Geld Risicobewust handelen (Tijdelijk)extra binnen BAR. (frictie)kosten/uren/ inhuur personeel.
100% Max.€ 494.270 14,86% (BAR)
R1401 Risicocluster tekorten uitvoering gedecentraliseerde taken sociaal domein.
Geld - Opgenomen Continue sturing op risico's 3D's in GR- processen. BAR en andere overheidstaken die op lokaal overheidsniveau worden weggezet.
100% Max.€ 750.000 13,77% (BAR)
R1441 Reserve grondbedrijf (MPO) is niet toereikend.
Geld - Bijstorting uit Sturing m.b.v. MPO-t. Algemene reserve door tekort in het betreffende exploitatiejaar.
30% Max.€ 1.000.000
7,18%
R1442 Oplopende kosten in (wegen)bouwsector door stijgende conjunctuur(schaarste).
Geld – financieel.
50% Max. € 500.000
5,95%
R1552 Integraal huisvestingsplan Onderwijs. Geld – Uitwerking plan en Onzekerheid planning; goede hoeveel aan extra investeringsbegroting (tijdelijke) hiervoor opstellen. investeringen nodig zijn, ondanks opstelling integraal en strategisch Plan.
50% Max. € 500.000
5,94%
R1558 Toenemende inflatie.
Geld Conjunctuurschommelingen Dekkingsproblemen i.c.m. bij de begroting. prijsontwikkelverwachtingen tijdig bijsturen in tussenrapportages.
50% max.€ 500.000
5,93%
R385 Begrotingstekorten in gemeenschappelijke regelingen waardoor de gemeente financieel moet bijspringen.
Geld - Financieel.
50% max.€ 500.000
5,92%
R1555 Onvoldoende woonruimte beschikbaar voor tijdelijke én uiteindelijke huisvesting statushouders en vluchtelingen.
Geld – Verhuurders Goede planning en vragen hoge huur; communicatie met alle Woonruimte moet betrokken partijen. plotseling snel nieuw gebouwd worden.
50% Max. € 500.000
5,91%
R1440 Risicocluster uitvoering wet- en regelgeving beveiliging data/informatie/gegevens/privacy.
Geld - financieel, juridische aansprakelijkheid.
Goede implementatie en uitvoering van de Wetgeving.
30% Max.€ 500.000
3,59%
R501 Algemene Uitkering wordt lopende het Geld – financieel. begrotingsjaar lager i.c.m. koppeling Rijksuitgaven en verwerking aanvullende kortingen.
Goede interpretatie van circulaires. Voorzichtig begroten van inkomsten Algemene Uitkering.
30% Max. € 500.000
3,58%
Rekening houden met onvoorziene extra kosten bij ramingen en offertes.
Sturing op de ingediende begrotingen van gemeenschappelijke regelingen in samenspraak met de Raad.
Totaal Van alle risico’s: € 5.744.270
Bovenstaand overzicht toont risico’s die incidenteel schade op kunnen leveren met daarbij het maximale financiële gevolg. De onderstaande tabel geeft aan hoe groot de kans is in lengte van tijd.
- 63 -
Kwantiteit
Referentiebeelden
Kans
Toelichting kansklasse
klasse 10%
<0 of 1 keer per 10 jaar
1
Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waarvan het onwaarschijnlijk is dat deze zich in de komende jaren voordoen.
30%
1 keer per 5-10 jaar
2
50%
1 keer per 2-5 jaar
3
Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waarvan het niet waarschijnlijk is dat deze zich in de komende jaren voordoen. Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's die zich in het komende jaar wel maar ook niet kunnen voordoen.
70%
1 keer per 1-2 jaar
4
Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waarvan het waarschijnlijk is dat ze zich in de komende jaar zullen voordoen.
90%
1 keer per jaar of >
5
Deze klasse wordt gehanteerd voor risico's waarvan het zeer waarschijnlijk is dat ze zich in de komende jaar zullen voordoen.
Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie wordt toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag niet nodig is omdat de risico’s nooit allemaal tegelijk en in hun maximale omvang zullen optreden. Onderstaande figuur en de bijhorende tabel tonen de resultaten van de risicosimulatie.
Uit de simulatie volgt dat 90% zeker is dat alle risico’s van Albrandswaard kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 2.934.126 (benodigde weerstandscapaciteit).
- 64 -
Benodigde weerstands- capaciteit bij verschillende zekerheidspercentages Percentage
Bedrag
10%
1.305.773
25%
1.653.146
50%
2.072.031
75% 90%
2.514.619 2.934.126
95%
3.191.701
Risicoprofiel grondbedrijf Voor het berekenen van het risicoprofiel voor het grondbedrijf wordt aangesloten bij het Meerjaren Perspectief Ontwikkelprojecten (MPO) 2023. Voor het grondbedrijf wordt het risicoprofiel niet gesimuleerd, maar wordt de kans van optreden maal het effect van optreden opgenomen. Hierbij is rekening gehouden of het gewaardeerde risico binnen het resultaat van het project opgevangen kan worden. Wanneer dit niet het geval is, heeft dit een effect op het risicoprofiel. Project
MPO 2023
MPO 2022
MPO 2023
Risico's (ongewogen en gesaldeerd)
Risico's (ongewogen en gesaldeerd)
Risico's Risico's (gewogen en (gewogen en gesaldeerd) gesaldeerd)
MPO 2022
A
B
Verschil
Op te vangen Niet op te in grondvangen in exploitatie grondexploitatie
C=A-B
D
E=D-A
Verliesgevend Spui Polder Albrandswaard Binnenland TOTAAL
-1.064.968
-919.500
-499.490
-304.800
-194.690
0
-499.490
-291.000
-220.000
-105.500
-86.000
-19.500
0
-105.500
-150.728 -1.506.696
-2.100.000 -3.239.500
-113.046 -718.036
-650.000 -1.040.800
536.954 322.764
0 0
-113.046 -718.036
Voor het grondbedrijf Albrandswaard kunnen op basis van bovenstaande doorrekening alle risico’s worden afgedekt met een totaalbedrag van € 718.036 (benodigde weerstandscapaciteit). Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van Gemeente Albrandswaard bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico's in financiële zin af te dekken. Zie de tabel hieronder. Beschikbare weerstandscapaciteit per 1 januari 2024 Weerstandsonderdelen
Huidige capaciteit
Algemene reserve
€ 10.443.825
Reserve MPO
€ 1.089.520
Reserve Sociaal domein
€ 2.000.000
Beschikbare weerstandscapaciteit
€ 13.533.345
Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit, kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen.
- 65 -
Risico's
Weerstandscapaciteit
Bedrijfsproces
Algemene reserve
Financieel
Reserve MPO
Imago/politiek
Reserve Sociaal domein
Informatie/strategie Juridisch/aansprakelijkheid Letsel/veiligheid Materieel Milieu Personeel/Arbo Product
Weerstandvermogen Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
€ 13.533.345
=
=
3,71
(€ 2.934.126 + € 718.036) = € 3.652.162
De normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio. Weerstandsnorm Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A
>2
uitstekend
B
1.4-2.0
ruim voldoende
C
1.0-1.4
voldoende
D
0.8-1.0
matig
E
0.6-0.8
onvoldoende
F
<0.6
ruim onvoldoende
Het ratio van Albrandswaard valt in klasse A. Dit duidt op een uitstekend weerstandsvermogen. Risicokaart Risico’s waarvan de oorzaken en gevolgen in klassen ingedeeld zijn kunnen geplaatst worden in een risicokaart. Deze kaart toont in één oogopslag de spreiding van de risico’s. Er wordt een onderscheid gemaakt in het bruto en netto risico. Het bruto risico geeft de situatie weer voordat er maatregelen zijn getroffen. Het netto risico geeft het resultaat na het nemen van maatregelen.
- 66 -
Geld
Bruto 1
x > € 500.000 € 250.000 < x < € 500.000
2
1
2
6
2
2
1
€ 100.000 < x < € 250.000 € 25.000 < x < € 100.000
4
7
x < € 25.000
1
1
3
1
Geen geldgevolgen 10%
30%
1 50%
Geld
70%
90%
Netto
x > € 500.000
2
1
2
1
€ 250.000 < x < € 500.000
2
5
1
1
1
€ 100.000 < x < € 250.000 € 25.000 < x < € 100.000
7
4
x < € 25.000
1
1
3
1
Geen geldgevolgen 10%
30%
1 50%
70%
90%
Kengetallen In dit onderdeel kengetallen geven wij duiding aan onze financiële positie voor de onze begroting 2024 met haar meerjarenperspectief. Om een goed beeld te krijgen van de financiële positie kijken wij naar de ontwikkelingen aan de hand van een aantal belangrijke financiële kengetallen. Per kengetal geven wij de trend weer en de betekenis ervan voor onze financiële positie. Is de trend bijvoorbeeld risicovol, gunstig, of is het een directe dreiging voor de financiële gezondheid van onze gemeente. Ze hebben geen functie als normeringsinstrument in het kader van het financieel toezicht. Het reëel en structureel sluitend zijn van de begroting blijft het bepalende criterium.
De waarden van de kengetallen zijn ingedeeld in 3 categorieën die aansluiten bij de landelijk vastgestelde signaleringswaarden (2016). Categorie A is het minst risicovol en C het meest risicovol. Signaleringswaarden kengetallen
Categorie A
Categorie B
Categorie C
minst risicovol
neutraal
meest risicovol
1a. Netto schuldquote
< 90%
90 - 130%
> 130%
1b. Netto schuldquote gecorr. voor alle verstrekte leningen
< 90%
90 - 130%
> 130%
2. Solvabiliteitsratio
> 50%
20 - 50%
< 20%
3. Grondexploitatie
< 20%
20 - 35%
> 35%%
4. Structurele exploitatieruimte
> 0%
0%
< 0%
5. Gemeentelijke belastingcapaciteit
< 95%
95 - 105%
> 105%
- 67 -
Schuldquote Een graadmeter voor de financiële positie is de omvang van onze schuldverplichtingen in relatie tot onze opbrengsten, oftewel de schuldquote. Onderstaande grafiek illustreert deze ontwikkeling.
Onze schulden zijn toegenomen afgelopen jaren. De gemeente heeft behoorlijk geïnvesteerd. Ondanks het economisch hoogtij wat we hebben gehad, vielen de structurele opbrengsten, onder andere vanuit het gemeentefonds, tegen de afgelopen jaren. Gedane en toekomstige besluiten omtrent de besteding van gelden, en eventuele nieuwe investeringen zullen hun effect hebben op de schuldquote. Ondanks de positieve ontwikkeling, mede door het aflossen van schulden, blijven er altijd risico’s. Rentestanden lopen inmiddels op, wat zeker zijn invloed zal hebben bij nieuwe investeringen. Solvabiliteit De solvabiliteit geeft aan welke gedeelte van je bezit met eigen vermogen is gefinancierd. Een woning bijvoorbeeld, deze is voor 80% gefinancierd bij de bank en 20% betaald met eigen spaargeld. In dit geval is de solvabiliteit 20%. Onderstaande grafiek illustreert de ontwikkeling van dit kengetal voor onze gemeente.
- 68 -
Albrandswaard heeft een stabiele vermogenspositie en reservepositie, die de afgelopen jaren licht af nam. Grote investeringen / nieuwe bezittingen moesten worden gefinancierd. Keuzes omtrent de besteding van gelden hebben hun effect op de solvabiliteit. Alsmede eventuele toekomstige grote investeringen. De economie heeft een cyclisch karakter. Financiële tegenvallers zijn niet altijd goed te voorspellen. Door huidige risico’s die nog niet helemaal inzichtelijk zijn, bestaat ook minder zekerheid over de haalbaarheid van verwachte exploitatieresultaten en de groei van vermogen. Dit is ook meegenomen in de meerjarenraming. Gelet op de schaalgrootte (omzet) van Albrandswaard zijn wij kwetsbaar. Als een financieel risico zich manifesteert kan dat grote impact hebben op de stand van onze algemene reserve. Het is goed de solvabiliteit te blijven volgen, zodat bij een economisch minder goede periode er tijdig onderbouwde afwegingen gemaakt kunnen worden tussen inhoud en financiën. Grondexploitaties Afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitaties een forse impact hebben op de financiële positie van een gemeente. Bij grondexploitaties volgen de inkomsten altijd pas na de uitgaven. Bijvoorbeeld voor een nieuw woningbouwproject moet de grond eerst gekocht en bouwrijp gemaakt worden voordat het weer verkocht kan worden.
De financiering voor grondaankopen en bouwrijp maken leiden normaal gesproken (tijdelijk) tot hogere schulden. Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling weer van de (financiële) waardes van onze grondposities ten opzichte van de totale opbrengsten (exclusief reservemutaties). Daarbij geldt dat hoe lager de (boek)waardes van onze grondposities (exploitaties) zijn in vergelijking met de totale opbrengsten, des te minder financiële risico’s wij lopen. Als de waardes van de grondposities namelijk laag liggen hoeven de (grond)verkopen minder op te leveren om investeringen uit het verleden terug te verdienen.
- 69 -
Onze positie is sterk verbeterd de afgelopen jaren en de prognoses zijn goed, zoals eerder verwacht. De grafiek laat zien dat we onder de signaalgrens blijven. De realisatie van sociale woningbouw (in combinatie met woningbouw in de vrije marktsector) blijft een belangrijk speerpunt. Een speerpunt met impact op de financiële kengetallen. Nieuwe plannen en exploitaties zullen om investeringen en financiering vragen, en dat geeft inherente risico’s bij het terug verdienen. Met mogelijk risico dat de lijn omhoog schiet. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. De signaalgrens is daarom om ook 0%. Wanneer het cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te kunnen blijven dragen. In de toekomst zullen er dan opbrengststijgingen of ombuigingen gerealiseerd moeten worden. Het kengetal laat zien dat de structurele inkomsten, de onzekerheid hieromtrent en het onstabiele karakter, zijn invloed heeft. Alsmede de opgaven die we op ons af zien komen. Hierdoor zien we het kengetal onder de signaalgrens komen.
Het is nodig om kritisch te blijven kijken naar hoe structurele lasten in evenwicht kunnen blijven met structurele baten. Gemeentelijke belastingcapaciteit De gemeentelijke belastingcapaciteit geeft de gemiddelde woonlasten van een inwoner van Albrandswaard weer ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Onder woonlasten wordt hier bedoeld de rioolheffing, afvalstoffenheffing en onroerende zaakbelasting (ozb).
- 70 -
De inwoner van Albrandswaard betaalt hogere woonlasten dan de gemiddelde Nederlander. Dit betekent echter niet dat wij als gemeente meer financiële ruimte hebben dan ‘de gemiddelde gemeente’. De rioolheffing en afvalstoffenheffing zijn namelijk financieel gesloten systemen. Deze kosten kunnen hoger liggen dan gemiddeld door bijvoorbeeld de aard van de grond, oppervlakte en omgevingsfactoren. Om de lasten voor de inwoner niet onnodig te laten stijgen is het daarom van belang om bedrijfsmiddelen doelmatig in te zetten en/of innovatieve en kostenbesparende maatregelen te nemen indien mogelijk. Ook al nemen kosten op deze gebieden toe en zijn er vele variabelen en risico’s bij de bepaling van de lasten, toch zien we een stabilisatie van de belastingcapaciteit voor de inwoner van Albrandswaard. Ons beleid is kostendekkend. De relatieve hoge gemeentelijke belastingen zijn, gelet op het voorzieningenniveau, veranderingen in andere inkomsten en toenemende kosten nodig om tot een sluitende begroting te kunnen komen. Conclusie over huidige risicoprofiel In de voorgaande onderdelen is een relatie gelegd tussen het risicoprofiel van de gemeente en het benodigde weerstandsvermogen. Onze organisatie valt in klasse A (waarderingscijfer); een weerstandsvermogen dat uitstekend is. We kunnen derhalve stellen dat de organisatie er financieel goed voor staat.
Investeringen, de fluctuerende algemene uitkering en risico’s hebben een uitwerking op de kengetallen. Ook zien we rentes inmiddels stijgen. Het is noodzakelijk de kengetallen in de gaten te houden en financieel gezond te blijven door tijdig afwegingen en keuzes te maken indien nodig. Met name ook bij grote investeringen. De komende jaren moeten we ook blijven vasthouden aan een begroting op basis van reële ramingen.
- 71 -
Paragraaf 3 - Financiering In deze paragraaf beschrijven we de plannen en acties op het gebied van liquiditeitsbeheer, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s voor de jaren 2024 tot en met 2027. Naast enkele onderwerpen die verplicht onderdeel uitmaken van deze paragraaf, gaan we ook in op een aantal ontwikkelingen die van belang zijn voor een goede uitvoering van de treasuryfunctie. In deze paragraaf gaan wij achtereenvolgens in op: • • • • • • • •
Wettelijke kaders en treasurystatuut; Rentevisie en rentebeleid; Renterisicobeheer; Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte; Uitzettingen; Renteomslag; Garantstelling, en Relatiebeheer.
Wettelijke kaders en treasurystatuut De wettelijke kaders rondom de financieringsfunctie zijn vastgelegd in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). Beheersing van de financiële risico’s speelt daarin een belangrijke rol. De uitwerking van deze kaders zijn vastgelegd in de financiële verordening 2023 en het treasurystatuut 2017. In 2023 is de financiële verordening herzien en vastgesteld. Hierna zijn er geen wijzigingen meer geweest in wet- en regelgeving of in het gemeentelijk beleid. Aanpassing van de financiële verordening en/of het treasurystatuut is daarom op dit moment nog niet aan de orde. Waarschijnlijk zullen vanaf 2024 nieuwe verordeningen noodzakelijk zijn vanwege de BAR-ontvlechting en opbouw van de eigen organisatie. In 2021 heeft het college de nota Garantstellingen en Leningen 2021 vastgesteld. In deze nota zijn de spelregels en beleidskaders rondom garantstellingen en leningen vastgelegd bedoeld als uitwerking van hetgeen in het treasurystatuut is opgenomen. Rentevisie en beleid Rente speelt een belangrijke rol in de begroting. Het is, gezien de omvang van de bedragen, gewenst uw raad inzicht te geven in de keuzemogelijkheden en de factoren die invloed op de rente hebben. Dit alles vatten wij samen onder de term ‘rentebeleid’. We maken daarbij onderscheid tussen korte rente en lange rente.
Van korte rente is sprake bij leningen tot maximaal 1 jaar en van lange rente bij termijnen van 1 jaar of langer. Het is van belang de renteontwikkelingen op de kapitaalmarkt te volgen vanwege de mogelijke risico’s die ze voor ons inhouden. Wij volgen deze ontwikkelingen nauwlettend en maken gebruik van de (online) informatie van een aantal geldverstrekkers. De rente is de afgelopen jaren historisch laag geweest. De vooruitzichten voor de wereldeconomie zijn als gevolg van de oorlog tussen Rusland en Oekraïne nogal onzeker. In eerste instantie stegen de prijzen van energie en grondstoffen sterk. Begin 2023 zijn de economische vooruitzichten wat verbeterd mede doordat de prijzen van olie en gas weer wat zijn gedaald. Overheden hebben bovendien maatregelen genomen om de gevolgen van de hoge prijzen te verlichten, echter de reële beschikbare inkomens van de inwoners zullen dalen. Het IMF verwacht voor 2024 een economische groei van rond de 3%. De centrale banken zijn bezig met maatregelen om de inflatie onder controle te krijgen omdat de verwachting is dat deze boven de doelstelling blijft. De verwachting is dan ook dat de rente, met name voor de kortere looptijden, nog verder zal oplopen. De rente voor een kasgeldlening (looptijd < 1 jaar) was de afgelopen jaren negatief. Ook deze rente kent echter een stijgende trend.
Zolang het gunstiger is om voor liquiditeitstekorten een kasgeldlening af te sluiten in plaats van gebruik te maken van de
- 72 -
kredietfaciliteit op de rekening courant, maken we gebruik van deze faciliteit met inachtneming van de kasgeldlimiet. Rentevisie BNG De inflatie blijft zowel dit jaar als in 2024 duidelijk boven de doelstelling van de ECB. De centrale bank zal het monetaire beleid verder verkrappen. Hierdoor lopen de rentetarieven in met name de kortere looptijden verder op. Actueel
Over een jaar Prognose BNG
euribor 3 mnd
3,35%
4,0 - 4,2%
euroswap 5 jaar
2,96%
3,7 - 3,9%
euroswap 10 jaar
2,94%
3,4 - 3,6%
euroswap 30 jaar
2,61%
2,9 - 3,1%
Renterisicobeheer In dit onderdeel krijgt u inzicht in de renterisico’s van de gemeente. Risicobeheersing vormt één van de pijlers van de Wet Fido. Voor de bepaling van de renterisico’s die verbonden zijn aan de uitvoering van de treasuryfunctie zijn twee normen verplicht gesteld: De renterisiconorm heeft betrekking op leningen met een looptijd vanaf 1 jaar en de kasgeldlimiet op leningen met een looptijd tot maximaal 1 jaar. Het doel van deze normen is om de budgettaire risico’s als gevolg van rentestijging te beperken. Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel de risico’s te beperken van een toekomstig stijgende kapitaalmarktrente bij herfinanciering (van aflossingen op bestaande leningen) en renteherzieningen op bestaande langlopende leningen. Door toepassing van deze norm ontstaat een goede spreiding van de langlopende leningenpositie, waardoor dit renterisico gelijkmatig over de jaren wordt verdeeld. Jaarlijks komt maximaal 20% van het begrotingstotaal in aanmerking voor herfinanciering en/of renteherziening. Van renteherziening is sprake als in de leningsovereenkomst is bepaald dat de rente gedurende de looptijd in een bepaald jaar wordt aangepast. Onder herfinanciering verstaan we het afsluiten van nieuwe leningen ter vervanging van bestaande financieringen en/of aflossingen op de bestaande leningenportefeuille.
Het onderstaande overzicht maakt duidelijk dat er ruimte is binnen de renterisiconorm om ook eventuele extra investeringen of uitgaven ten behoeve van de grondexploitatie met lang vreemd vermogen te financieren. Renterisico op vaste schuld
Bedragen x € 1.000 2024
2025
2026
2027
1.
Netto renteherziening op vaste schuld
0
0
0
0
2. 3.
Betaalde aflossingen Renterisico op vaste schuld (1 + 2)
4.166 4.166
4.166 4.166
3.628 3.628
2.946 2.946
4a.
Begrotingstotaal 2024
74.152
4b.
Het bij het ministeriële regeling vastgestelde percentage Renterisiconorm
14.830
5a.
Ruime onder renterisiconorm (4 - 3)
10.664
5b.
Overschrijding renterisiconorm (4 - 3)
0
Renterisiconorm
4.
20%
Toets renterisiconorm
- 73 -
Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet heeft de wetgever een norm gesteld voor het maximum bedrag aan kortlopende middelen (looptijd tot maximaal een jaar) waarmee de gemeente haar activiteiten mag financieren. Het doel van deze limiet is het risico voorkomen dat fluctuaties van de korte rente direct grote impact hebben op de rentelasten tijdens het boekjaar. Wanneer in drie opeenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet wordt overschreden, dient dit te worden gemeld bij de toezichthouder, de Provincie, inclusief een plan om weer te voldoen aan de kasgeldlimiet. Hieronder is een prognose opgenomen van de kasgeldlimiet over 2024. Als er sprake is van een liquiditeitstekort, wegen wij af of het zinvol is om gebruik te maken van kortlopende of langlopende financiering, afhankelijk van de rentestand en de financieringsbehoefte. Bedragen x € 1.000 1e kwartaal Totaal vlottende schuld
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
0
0
0
0
Totaal vlottende middelen
3.500
3.500
3.500
3.500
Gemiddeld saldo schuld (+) of overschot (-)
-3.500
-3.500
-3.500
-3.500
6.303
6.303
6.303
6.303
9.803
9.803
9.803
9.803
Kasgeldlimiet Begrotingstotaal 2024
74.152
vastgestelde percentage
8,5%
Ruimte onder kasgeldlimiet
Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte De financieringspositie wordt bepaald door diverse factoren, zoals de ontwikkeling van het investeringsniveau en –tempo, wisselende baten in de grondexploitaties en mutaties in de geldleningenportefeuille. Met een liquiditeitenplanning brengen we structuur aan in de verwachte inkomsten en uitgaven. Hierdoor krijgen we inzicht in de financieringsbehoefte. Omschrijving
2024
2025
2026
2027
Boekwaarde kapitaaluitgaven vaste activa
71.532
70.269
69.097
66.763
grondbedrijf
2.433
2.420
2.420
2.420
totaal te financieren kapitaaluitgaven
73.965
72.689
71.517
69.183
langlopende geldleningen
39.674
35.508
31.342
27.714
reserves
33.303
33.651
34.278
34.025
voorzieningen
15.659
11.765
11.504
11.279
88.636
80.924
77.124
73.018
14.671
8.235
5.607
3.835
Boekwaarde financieringsmiddelen
Financieringsoverschot/-tekort
Verwachte financieringspositie voor de komende jaren De verwachting is dat er in 2024 geen sprake is van een financieringsbehoefte voor de liquiditeitspositie. Afhankelijk van de snelheid en doorgang van besluitvorming rondom voorgenomen projecten en de daarvoor benodigde investeringen zal dit in meer of mindere mate invloed hebben op de investeringsbehoefte in 2024. Anders zal dit meer gaan spelen in 2025 en verder.
- 74 -
Leningenportefeuille Bij een structureel liquiditeitstekort sluiten we een langlopende geldlening af. We hanteren de marktrente en berekenen jaarlijks de gemiddelde rente over de bestaande langlopende leningen (per 1 januari 2024 is deze gemiddeld 1,3%). In onderstaand overzicht is het verloop van de reeds opgenomen langlopende leningen en de verwachte financieringsbehoefte voor 2024 weergegeven. Tijdelijke liquiditeitstekorten financieren we met kortlopende leningen rekening houdend met de kasgeldlimiet. Bedragen x € 1.000 1-1-2023
1-1-2024
1-1-2025
1-1-2026
1-1-2027
Stand leningen
43.839
39.674
35.508
31.342
27.714
Nieuwe lening
0
0
0
0
0
-4.165
-4.166
-4.166
-3.628
-2.946
Reguliere aflossingen
Uitzettingen Op grond van de Regeling Schatkistbankieren zijn decentrale overheden verplicht om overtollige liquide middelen aan te houden in ’s Rijks schatkist. Overtollige middelen kunnen ook tijdelijk via deposito’s bij de schatkist worden aangehouden. De hoogte van de rentevergoeding is gelijk aan de rente waartegen de Nederlandse Staat zichzelf financiert op de geld- en kapitaalmarkten (de zogenoemde ‘inleenrente’). Deze rente is op dit moment nog vrijwel nihil. Bij overliquiditeit maken wij daarom geen gebruik van de mogelijkheid om dit op een deposito te zetten. Volgens het treasurystatuut kunnen, in het geval van tijdelijke liquiditeitstekorten en overschotten, de BAR-organisatie en de drie gemeenten elkaar onderling kasgeldleningen verstrekken tegen een marktconforme rente. Zolang de rente op kasgeldleningen gunstiger is, benutten we deze faciliteit niet. Verstrekte leningen Onderstaand overzicht geeft een beeld van de leningen die zijn verstrekt aan derden. Wanneer bij deze leningen sprake is van een variabele rente, wordt bij de renteberekening uitgegaan van het 1-maands Euribor per rentevervaldatum. Naam geldnemer
%
BAR-organisatie
n.v.t.
9.757
-3.874
5.883
Carnisse Mondzorg B.V.
3%
130.436
-26.087
104.349
140.193
-29.961
110.232
Totaal verstrekte gelden
Saldo uitzettingen 1 januari 2024
Verwachte mutaties in 2024
Saldo uitzettingen 31 december 2024
Renteomslag Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat rente via de taakvelden wordt toegerekend aan de programma’s. Door gebruik te maken van een renteomslag wordt de manier van verantwoorden van de rente in de begroting geharmoniseerd. Op advies van de commissie BBV wordt voor het berekenen van de renteomslag onderstaand model gebruikt. Hiermee geven we inzicht in de rentelasten voor externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening. Het BBV schrijft voor dat de gehanteerde omslagrente niet meer dan 0,5% mag afwijken van de berekende omslagrente. Conform onderstaande berekening komen we voor 2024 uit op een gemiddelde renteomslag percentage van 0,54%. Voor 2024 hanteren we een omslagpercentage van afgerond 0,76%, conform de jaarrekening 2022.
- 75 -
Schema rentetoerekening
Externe rentelasten financiering
+/+
497.000
Externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten
-/-
-9.100 487.900
Rente die doorberekend wordt aan grondexploitaties
-/-
-89.100
Rente projectfinanciering Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
-/-
-14.000 384.800
Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente
-502.500
Renteresutaat op taakveld treasury
-887.300
Toe te rekenen rente
384.800
Boekwaarde per 1 januari Renteomslagpercentage
71.352.000 0,54%
Garantstelling In het verleden zijn regelmatig garantstellingen geweest voor leningen aan derden. Met het oog op de financiële risico’s die de gemeente hierbij loopt, gaan wij terughoudend om met het honoreren van deze aanvragen. Alleen als het maatschappelijk belang ermee gediend is, en er voldoende zekerheden gesteld worden, wordt een garantie verleend. Per 1 januari 2023 is het totaal van de directe garantstellingen € 50.000. Het totaal van de garantstellingen met een achtervangfunctie via het Waarborgfonds Sociale Woningbouw was € 34,8 miljoen. Het risico dat de gemeente loopt bij deze garantstellingen is meegenomen in de berekening van ons weerstandvermogen. Relatiebeheer Met de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) vindt periodiek overleg plaats waarbij we nieuwe ontwikkelingen bespreken. Verschillende kredietverstrekkers geven regelmatig adviezen over het aantrekken en uitzetten van gelden. Ook in 2024 maken we gebruik van de verschillende adviserende instanties om optimaal te kunnen profiteren van de beschikbare financiële instrumenten. In ons treasurystatuut hebben wij de administratieve organisatie, interne controle en informatievoorziening uitvoerig beschreven.
- 76 -
Paragraaf 4 - Onderhoud kapitaalgoederen De gemeente beheert de kapitaalgoederen waarvoor zij verantwoordelijk is. De kapitaalgoederen verhardingen, riolering, civiele kunstwerken, groen, speelgelegenheden, openbare verlichting en watergangen vertegenwoordigen tezamen een vervangingswaarde van ruim € 190 miljoen (peildatum 2021). Zorgvuldig beheer van dit kapitaal is belangrijk. Hiermee wordt kapitaalvernietiging voorkomen en blijft de waarde zo hoog mogelijk. De waarde is afgestemd op de activiteiten die in de openbare ruimte plaatsvinden, zoals wonen, werken en recreëren. In de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen wordt aangegeven wat de kaders zijn waarbinnen het onderhoud van deze goederen plaats vindt. Aanwezige kapitaalgoederen De gemeente Albrandswaard beheert binnen de openbare ruimte de volgende kapitaalgoederen: • • • • • • • • • •
Verhardingen zoals wegen, straten, paden en pleinen binnen de bebouwde kom; Straatmeubilair; Openbare verlichting; Verkeer- en straatnaamborden; Gemeentelijke riolering; Waterbodems, beschoeiingen; Civiele kunstwerken; Openbaar groen; Speelvoorzieningen, en Gemeentelijke gebouwen.
Om de kapitaalgoederen goed te kunnen beheren, is halverwege 2020 het Beheerplan openbare ruimte 2020 - 2024 ambtelijk geactualiseerd. Het beheerplan geeft duidelijkheid over de kosten die gemaakt moeten worden om de openbare ruimte te onderhouden binnen de wettelijke kaders en de met de gemeenteraad afgesproken beleidskaders. Uitgangspunt daarbij is dat de planningen voor vervanging en groot onderhoud zijn gebaseerd op resultaatgericht beheer. Dit houdt in dat wordt onderhouden of vervangen wat daadwerkelijk nodig is, in plaats van onderhouden of vervangen op basis van technische levensduur. Gewerkt wordt aan een actualisatie van het beheerplan wegen en het beheerplan groen. Het Programma Stedelijk Water (PSW) 2021 – 2025 vormt de basis voor het onderhoud en vervangingen aan riolering. Het PSW is de opvolger van wat voorheen het Gemeentelijk rioleringsplan (GRP) werd genoemd. Binnen dit programma staat beschreven op welke locatie welk onderhoud of vervanging noodzakelijk is. De rioolheffing wordt op basis van het PSW bepaald. Voor het onderhoud en beheer van de gemeentelijke gebouwen is in 2016 voor alle gebouwen een meerjarenonderhoudsplan vastgesteld. Deze plannen vormen de basis voor een goed gebouwenbeheer. Zorg voor de openbare ruimte Binnen het vastgestelde beheerplan zijn de beeldnormeringen van de CROW en de landelijke Standaard 2018 het uitgangspunt.
Het beheerplan differentieert op basis van gebiedsindeling en kwaliteitsniveaus. Hierbij is kwaliteitsniveau B het uitgangspunt. De afgesproken kwaliteit wordt structureel bewaakt door de implementatie van een monitoringsplan.
- 77 -
In de beheerplannen zijn projecten en onderhoudsmaatregelen opgenomen om de gewenste kwaliteit te realiseren en te behouden. De planningen van de verschillende beheerdisciplines worden op elkaar afgestemd, zodat werkzaamheden gecombineerd worden uitgevoerd. Om deze integraliteit te borgen wordt het beheerplan regelmatig geactualiseerd. De onderliggende beheerplannen en het integrale beheer heeft als doel: • Het zorgen voor een veilige, comfortabele, leefbare en duurzame openbare ruimte voor de bewoners van Albrandswaard; • De afgesproken kwaliteit van de openbare ruimte waarborgen door kwaliteitssturing; • Het beleid en consequenties hiervan v.w.b. de vastgestelde kwaliteitsniveaus aan alle belanghebbenden communiceren, zodat gekozen beleid en daarmee keuzes in de dagelijkse praktijk duidelijk en uitlegbaar zijn; • Voldoen aan wettelijke normen; • Budgetbeheersing; • Integrale afstemming tussen de verschillende beheeractiviteiten; • Termijnplanning voorhanden, en • Integrale aanpak van de taakvelden om hiermee een efficiëntieslag te behalen. De beleidskaders waarbinnen het beheer en onderhoud wordt uitgevoerd is o.a.
opgenomen in: de beleidsnota’s Groenbeleidsplan 2009 - 2019, Programma Stedelijk Water 2021 -2025, het Gemeentelijke Verkeer-, en Vervoersplan 2012, Laadvisie Albrandswaard 2021, Speelruimtebeleidsplan 2010 - 2020, Licht op Albrandswaard, beleidskader openbare verlichting 2016, Beleidsplan afval en grondstoffen 2019-2023 en het Baggerplan. Dit beleid is vertaald in de genoemde beheerplannen en wordt zo ter uitvoering gebracht. Wegen De functie van het gemeentelijke wegennet is om het verkeer veilig, vlot en comfortabel te verwerken. Als wegbeheerder heeft de gemeente een zorgplicht om haar wegen te onderhouden en veilig te houden. Deze plicht is afgeleid van de Wegenwet. Onvoldoende zorg hiervoor leidt tot klachten van gebruikers van de buitenruimte en mogelijk tot schadeclaims. Door het opstellen van het beheerplan openbare ruimte 2024 - 2027 is de financiering van het onderhoud van het totale wegenbestand voor de komende jaren inzichtelijk en beheersbaar gemaakt. De onderhoudstoestand van de wegen in relatie tot het beschikbare budget is hierbij onderbouwd. Vanaf 2022 ligt de focus op het renoveren van een wijk in Poortugaal. Het gaat hier om de straten Warnaar, Meeting, Terp en De Heuvel. Deze renovatie wordt in 2023 met een doorloop in 2024 voorbereid en aanbesteed.
De uitvoering en realisatie van het project zal plaatsvinden in de 2de helft van 2024 met doorloop naar 2025. In het kader van de integrale aanpak wordt hierbij de hele openbare ruimte meegenomen waaronder groen, riolering en indien nodig openbare verlichting. Bij de planvorming wordt ook rekening gehouden met eventuele verkeerskundige aanpassingen om de verkeersveiligheid te verbeteren en zo mogelijk het aanbrengen van klimaat adaptieve maatregelen. Naast deze reconstructie vinden er aan de hand van jaarlijkse weginspecties onderhoudswerkzaamheden plaats. Deze locaties zijn pas bekend nadat de weginspecties zijn uitgevoerd en de maatregelen bepaald. Kwaliteit In 2023 beschikte Albrandswaard over circa 112 hectare aan diverse verharding met een vervangingswaarde van circa € 67 miljoen. Binnen deze discipline is kwaliteitsniveau A doorgevoerd in de centra gebieden, niveau B in de woonwijken en niveau C op industrieterreinen. Deze niveaus worden getoetst conform de CROW beeldnormeringen. De technische staat van de elementenverharding op dit moment is goed. Het effect van de doorgevoerde bezuiniging in 2021 en 2022 heeft achterstallig onderhoud veroorzaakt bij een
- 78 -
aantal asfaltwegen en paden. Op korte termijn is dus wel extra groot onderhoud en daarmee aanvullend budget noodzakelijk om opgelopen achterstanden in te halen. Dit wordt inzichtelijk gemaakt door de wegen middels jaarlijkse weginspecties te beoordelen. Zettingsgebieden De bodem onder de openbare ruimte van Albrandswaard bestaat nagenoeg overal uit klei. Klei is een middelmatig stabiele bodemondergrond en geeft doorgaans een gelijkmatige zetting. Echter in de eind jaren '90 en beginjaren '00 is er infrastructuur aangelegd op een minder stabiele bodem dan klei. Dit betreft de (Vinex) wijken Parels, Diamant van Portland en een derde deel van de wijk Valckensteijn in Poortugaal. Hier zal eerder groot onderhoud nodig zijn. Dit en komend jaar zal onderzoek verricht gaan worden om de aanpak en de kosten voor de komende periode te bepalen voor deze wijken. Straatreiniging Binnen het onderdeel ‘schoon houden van de openbare ruimte’ valt ook de onkruidbestrijding op verhardingen. Binnen Albrandswaard worden hiervoor geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt. Kwaliteit Een schone leefomgeving heeft in onze gemeente een hoge prioriteit. In de dorpscentra (winkelgebieden) wordt kwaliteitsniveau A als norm gehanteerd en voor het overige deel van de openbare ruimte kwaliteitsniveau B.
Via visuele controles buiten en tussentijdse oplevermomenten van wijken waar het onderhoud is uitgevoerd zien we erop toe dat deze kwaliteit wordt behaald. Openbare verlichting Openbare verlichting speelt een belangrijke rol in de openbare ruimte. Als gemeente dragen we zorg voor een goed functionerende openbare verlichting waarmee de sociale veiligheid, de verkeersveiligheid en de leefbaarheid wordt gediend. Bij de toepassing of vervanging van openbare verlichting hanteren we de volgende uitgangspunten: • De gemeente zorgt voor verlichting op maat daar waar het volgens de Nederlandse Praktijk Richtlijn NPR 13201 + A1:2018 nl noodzakelijk is of vanuit sociale veiligheid wenselijk is; • De openbare verlichting is energiezuinig en afgestemd op de behoefte; • Vervanging van masten/armaturen wordt zoveel mogelijk gecombineerd met geplande reconstructies en uitgevoerd in LED verlichting; • Om de elektrotechnische veiligheid van de installaties te verbeteren voorzien we niet geaarde lichtmasten van dubbel geïsoleerde aansluitkastjes, en • In het buitengebied en bij randen van natuurgebieden hanteren wij het uitgangspunt: ‘er wordt niet verlicht, tenzij’. In 2024 worden ca. 700 armaturen op diverse locaties in Rhoon en Poortugaal vervangen. Hierbij gaan we over naar LED verlichting waardoor op energie bespaard wordt. Er worden ca 10 lichtmasten vervangen.
Kwaliteit In 2023 beschikte Albrandswaard over een areaal van circa 6.290 lichtmasten met een vervangingswaarde van circa € 6,4 miljoen. De gehele openbare verlichtingsinstallatie voor het preventieve en correctieve onderhoud wordt uitbesteed aan een daartoe gespecialiseerd bedrijf. Hiervoor heeft er begin 2023 een nieuwe aanbesteding plaats gevonden. Storingen die gerelateerd zijn aan de ondergrondse infrastructuur zijn voor verantwoordelijkheid van Stedin.
- 79 -
De verlichtingskwaliteit zelf is niet via wettelijke of bindende bepalingen geregeld. De Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde (NSVV) heeft wel richtlijnen opgesteld. De gemeente Albrandswaard volgt hierbij een tweesporen beleid ten aanzien van de te hanteren verlichtingsniveaus: 1. De openbare verlichting ten behoeve van nieuwe infrastructuur bij reconstructies binnen de bebouwde kom dient te voldoen aan de Nederlandse Praktijk Richtlijn NPR 13201 + A1:2018 nl, en 2. In het buitengebied en bij randen van natuurgebieden hanteren wij het uitgangspunt: ‘er wordt niet verlicht, tenzij’. Verkeer en straatnaamborden Sinds 2023 wordt er gewerkt aan een integraal mobiliteitsplan voor de gemeente Albrandswaard. Onderdeel van dit plan is een mobiliteitsvisie waarin mobiliteitsdoelen en ambities zijn opgenomen. We doen onderzoek naar hoe de gemeente Albrandswaard in elkaar zit op het gebied van mobiliteit, om zo ons wegennet opnieuw te beoordelen op functieniveau. We stellen ook een nieuwe nota parkeernormen op zodat we daarmee zo goed mogelijk kunnen adviseren op de steeds groter wordende woningbouwopgave. Jezelf duurzaam kunnen verplaatsen en dit stimuleren wordt steeds urgenter. Zodoende is ook een strategisch plan duurzame mobiliteit onderdeel van het mobiliteitsplan.
Al deze deelproducten moeten uiteindelijk leiden tot een uitvoeringsagenda waarin toekomstige projecten en maatregelen in de tijd zijn uitgezet. Zo verbeteren we de mobiliteit in gemeente Albrandswaard in de breedste zin van het woord, van verkeersveiligheid tot bereikbaarheid. Met het mobiliteitsplan en de daarbij horende uitvoeringsagenda leggen we vast welke lijn we als gemeente willen volgen en waaraan we de komende periode gaan werken. Naast het mobiliteitsplan – waarin de focus vooral ligt op de toekomst – blijven we ons ook richten op de lopende projecten en de urgente verkeersvragen vanuit de samenleving. We zetten daarbij in op het veiliger maken van bestaande 30 km/u wegen en het verbeteren van de routes voor langzaam verkeer. Kwaliteit Voor de verkeersinrichting van wegen worden de richtlijnen van het CROW- en de SWOVrichtlijnen aangehouden. Het betreft hier richtlijnen maar geen inrichtingsvereiste, waar mogelijk worden deze toegepast maar de omstandigheden buiten laat dit niet altijd toe waardoor er soms afgeweken wordt. Ook voor verkeersmiddelen is geen landelijk afgesproken kwaliteitsnormeringssysteem ontwikkeld. We hanteren hierbij het beheerplan voor verkeer- en straatnaamborden. Bij verkeersmiddelen (verkeers- en straatnaamborden en verkeersobjecten) heeft het begrip kwaliteit betrekking op: • •
Veiligheid: het juiste bord op de juiste plaats, en Zichtbaarheid: technische normen voor reflectie.
Riolering Het Programma Stedelijk Water (PSW) 2021 – 2025 vormt de basis voor het onderhoud en vervangingen aan riolering. Het PSW is de opvolger van wat voorheen het Gemeentelijk rioleringsplan (GRP) werd genoemd. Binnen dit programma staat beschreven hoeveel onderhoud of vervanging per jaar noodzakelijk is. In een operationeel programma (bijvoorbeeld het vervangingsplan riolering) is opgenomen op welke locaties onderhoud en vervanging plaats vinden. De rioolheffing wordt op basis van het PSW bepaald.
- 80 -
Riolering draagt bij aan de volksgezondheid. De gemeente heeft een zorgplicht met betrekking tot inzameling en transport van afvalwater, hemelwater en grondwater. Hiervoor mag de gemeente een rioolheffing innen. Dit is vastgelegd in het Programma Stedelijk Water 2021 – 2025 (PSW), dat door de raad is vastgesteld in 2020. De thema's duurzaamheid en klimaatadaptie krijgen in het PSW nadrukkelijk aandacht. Het PSW geeft een actueel beeld van de benodigde onderhoudsbehoefte voor de riolering voor een periode van 5 jaar en voor de lange termijn. In 2024 wordt de openbare ruimte in de De Warnaar, De Meeting, De Heuvel en De Terp aangepakt. Door een integrale aanpak krijgt de wijk een robuuste en klimaat adaptieve inrichting. Binnen dit integrale project wordt de riolering vervangen. Kwaliteit In 2023 beschikte Albrandswaard over circa 142 kilometer vrij verval riool en 77 kilometer drukriolering. Volgens landelijke maatstaven wordt ten aanzien van de kwaliteit van rioolstelsels niet gesproken in termen van kwaliteitsnormen zoals bij wegen, groen en straatreiniging maar van schadeklassen. Voorbeelden van deze schadeklassen zijn: scheurvorming in buizen, wortelingroei, verzakking en zandinloop. De beslissing tot vervanging of renovatie is gebaseerd op de uitkomsten van een rioolinspectie. Riolering gaat normaliter gemiddeld 60 tot 65 jaar mee.
De riolering wordt eens in de 7 jaar gereinigd (ongeveer 20 km) en eens in de 14 jaar geïnspecteerd (ongeveer 10 km). Incidenteel worden extra inspecties uitgevoerd naar aanleiding van klachten (bijv. over wegverzakkingen). Bij rioolvervangingsprojecten wordt zoveel als mogelijk integraal gewerkt. Daarbij streven we ernaar om de openbare ruimte robuust in te richten. Effecten van klimaatverandering, waaronder wateroverlast, kunnen op die wijze worden beperkt. We werken samen met onze inwoners, ondernemers en woningbouwverenigingen. Risico dialogen blijven belangrijk om eventuele wateroverlast onder de aandacht van betrokkenen te brengen. Duidelijk moet zijn dat wateroverlast niet altijd door het aanpassen van riolering is op te lossen. De interactie tussen riolering en buitenruimte (groen en verharding) speelt een grote rol. Groen en bomen De bomen, beplanting en het gras in een gemeente zijn de aankleding van de openbare buitenruimte en belangrijk voor de beleving van onze buitenruimte. De gemeente hanteert het motto 'Albrandswaard: Dorpen tussen groen en stad'. De groene long in een verder verstedelijkte omgeving. Het ontwikkelen, opbouwen en onderhouden van het openbaar groen is daarom een belangrijk gegeven.
De uitgangspunten van groen zijn vastgelegd in het groenbeleidsplan waarbij sinds 2023 wordt gewerkt aan een nieuw groenbeleidsplan met een daarop volgend uitvoeringsplan. Sinds 2016 wordt er stevig ingezet op een consequent boombeheer gericht op een optimale begeleiding en ontwikkeling van bomen en het uitvoeren van structurele boomveiligheidscontroles. In 2024 wordt weer 1/3e deel van het bomenbestand gecontroleerd conform de geplande cyclus en worden de noodzakelijke snoeimaatregelen uitgevoerd. In navolging daarop ontstaat inzicht in de bomen die gekapt dienen te worden vanwege veiligheid. Deze worden vervolgens ook in hetzelfde jaar gekapt en waar mogelijk vervangen. Door jaarlijkse herhaling van deze planning wordt er zorg gedragen voor een kwalitatief goed en veilig bomenbestand. In 2023 is de nieuwe inrichting van het park van Rhoon gerealiseerd, kleurrijke vaste planten in de bloementuin, in het oog springende solitaire heesters, heestervakken en bomen en bosplantsoen met inheemse stuik- en boomsoorten, die belangrijk zijn als voor verschillende dieren. In het eerste kwartaal van 2024 komen 3 boomvervangingsplannen in uitvoering, in de Mezenstraat (Rhoon), Baljuw (Rhoon) en Mandenmaker (Poortugaal). Ook worden diverse groenperken, waar de kwaliteit en uitstraling niet meer voldoen, gerenoveerd, opnieuw
- 81 -
ingericht en beplant. Grote groene renovatieprojecten zijn o.a. De Hofnar/Kruisvaarder, Schroeder van der Kolklaan, Jasmijn, Sering, de Gaarde en De Perelaer. Deze groenrenovaties dragen bij aan het groen houden van onze dorpen, het verhogen van de kwaliteit van het groen en het vergroten van de belevingswaarde van onze burgers. Kwaliteit In 2023 beschikte Albrandswaard over circa 300 ha. beplanting, 1098 ha. gras en ruim 13.710 bomen met een vervangingswaarde van circa € 14,5 miljoen. Binnen het groen is kwaliteitsniveau A het uitgangspunt in de centra gebieden en niveau B in de woonwijken en industrieterreinen. Via visuele controles buiten en tussentijdse oplevermomenten van wijken waar het onderhoud is uitgevoerd wordt erop toegezien dat de kwaliteit wordt behaald. Waar nodig wordt vervolgens bijgestuurd of extra onderhoud gepleegd om het buiten schoon, heel en veilig te houden. Waterwegen en baggeren De gemeente en het waterschap zijn verantwoordelijk voor het onderhoud van het oppervlaktewater en voor het op diepte houden van de sloten en waterwegen in de gemeente. Het onderhoud bestaat uit het verwijderen van waterplanten en riet (dagelijks onderhoud) en baggeren (planmatig onderhoud). Bij slecht beheer en onderhoud kunnen beide ervoor zorgen dat er een slechte doorstroming en afwatering ontstaat. Van deze werkzaamheden is baggeren het meest ingrijpend.
In alle wateren in ons gebied ligt op de bodem een laag bagger: een mengeling van plantenresten en bezonken slib. De aangroei van bagger is een natuurlijk proces. Gemiddeld groeit bagger met ongeveer een centimeter per jaar. Om te voorkomen dat onze wateren steeds minder diep worden, moeten we de bagger eens in de zoveel tijd weghalen. Met het baggeren komen de sloten en waterwegen weer op de oorspronkelijke diepte. Problemen met de waterhuishouding, waterkwaliteit en te ondiep water worden daarmee opgelost. Daarnaast worden er binnen onze gemeente beschoeiingen onderhouden. Op basis van technische levensduur en visuele inspecties wordt beoordeeld waar beschoeiing aan vervanging toe is. Waar mogelijk wordt daarbij bekeken of beschoeiing vervangen kan worden door natuurvriendelijke oevers. Indien dit niet mogelijk blijkt zal nieuwe beschoeiing terug geplaatst worden. Indien uit de inspectie blijkt dat vervanging nodig is zal dit uitgevoerd worden, indien in goede staat zal vervanging worden uitgesteld. Koedood De Koedood is de grootste aaneengesloten waterplas in onze gemeente en neemt daardoor een bijzondere positie in qua waterbeheer. In 2017 is er een overeenkomst getekend met het Waterschap Hollandse Delta over het onderhoud van de Koedood bij Portland.
Per 1 januari 2018 is daarmee het baggeronderhoud door het waterschap afgekocht en ligt het volledig beheer bij de gemeente. Om het waterbeheer van de Koedood alsmede het groenbeheer van de Noordrand goed vorm te geven en aan te laten sluiten bij de wensen van de bewoners, is in 2018 samen met een groep bewoners uitgangspunten voor beheer opgesteld. Er is vervolgens gekozen voor een Europese aanbestedingsprocedure volgens de ‘mededingingsprocedure met onderhandeling’, deze is in 2020 afgerond. Middels deze procedure is een aannemer gecontracteerd met de beste kennis van zaken, creatieve en innovatie oplossingsrichtingen en de volle motivatie om de komende 10 jaar aan de slag te gaan in dit gebied. Het beschikbare budget staat vast in deze aanbesteding. Binnen dit contract is vastgelegd dat de onderhoudsaannemer samen met bewoners, gemeente en overige belangrijke stakeholders in overleg treedt over de inrichting, wensen en het onderhoud van het gebied. Hiermee moet een recreatief en aantrekkelijk gebied met ook voldoende natuur en biodiversiteit ontstaan. Omdat dit een 10-jarig contract is, is er wel een indexering van toepassing.
- 82 -
Kwaliteit De gemeente Albrandswaard beschikt over circa 46 ha. oppervlakte water (sloten en plassen). Baggeronderhoud wordt planmatig gedaan op basis van jaarlijkse steekproeven over het gehele areaal, opvolging van klachten en meldingen/afkeur van het waterschap. De hieruit voortkomende werkzaamheden worden in een onderhoudsbestek verwerkt en uitgevoerd door een aannemer. Bij uitvoering van het baggeren speelt de Wet Natuurbescherming en beperking van overlast een belangrijke rol. Daarom vindt uitvoering plaats tussen 1 oktober en 15 maart. Het dagelijks onderhoud van de oevers en het verwijderen van riet en waterplanten wordt jaarlijks uitgevoerd. Uitvoering van deze werkzaamheden vinden plaats vanaf 15 juli. Via toezicht zorgt de gemeente ervoor dat de juiste kwaliteit wordt behaald en voldaan wordt aan de wet- en regelgeving. Civiele kunstwerken De 102 civiele kunstwerken in Albrandswaard bestaan uit bruggen, trappen, geluidsschermen, vlonders en visplaatsen. Bruggen vormen hiervan het grootste aandeel. Voor het beheren en onderhouden van de bruggen is in 2023 het huidige beheerplan uit 2016 geactualiseerd. Ten aanzien van de gemiddelde onderhoudskosten en de levensduur van bruggen zijn geen landelijke normen vastgesteld. Reden hiervoor is dat dit per brug sterk afhankelijk is van de ligging, omgevingsaspecten en de toegepaste constructie.
Met de huidige objectgegevens, technische inspecties en de onderstaande uitgangspunten wordt het beheerplan opgesteld. Dit geeft inzicht in de onderhoudsaanpak. Het beheerplan 2023-2027, met daarin opgenomen het meerjarig vervangingsplan, geeft inzicht in het onderhoud en de benodigde vervangingen. Voor vervanging werkelijk plaatsvindt, wordt altijd eerst nog grondig gecontroleerd door een maatregeltoets op locatie, of dit ook werkelijk aan de orde is of dat uitstel en levensduur verlengend onderhoud mogelijk is in plaats van vervanging. Kwaliteit In 2023 beschikte Albrandswaard over circa 102 civiele kunstwerken met een vervangingswaarde van circa € 7,7 miljoen. Bij het opstellen van het beheerplan en het daarin ook opgenomen vervangingsplan zijn de hierna genoemde aspecten afgewogen: • • •
Veiligheid; Levensduur verlengend onderhoud, en Schoonhouden.
Vanwege noodzakelijke bezuinigingen in 2021 en 2022 is er op het onderhoudsbudget voor civiele kunstwerken bespaard. Dit was mogelijk vanwege de (op dat moment) goede onderhoud staat van de bruggen (schoon, heel en veilig). Nu, twee jaar later, is er onderhoud noodzakelijk t.a.v. het esthetische aspect schoon maar vooral ook het conserveren (o.a. schilderen). Bruggen zijn hierdoor op korte termijn niet minder veilig geworden maar minder fraai om te zien en kwetsbaarder door ontbreken van conserverende laklaag. Voor herstel hiervan zullen vanaf 2024 veel bruggen hiervoor het nodige onderhoud krijgen. Daarnaast zullen levensduur verlengende onderhoudswerken voortkomende uit eerdere inspecties worden gedaan. Spelen In het ‘Besluit Veiligheid van Attractie- en Speeltoestellen’ (het Attractiebesluit) zijn de wettelijke bepalingen voor aansprakelijkheid en veiligheid vastgelegd. Indien er sprake is van een ongeval door een gebrek aan het speeltoestel of een onveilige ondergrond, dan is degene die het speeltoestel beheert altijd als eerste aansprakelijk.
- 83 -
Alle speelruimten en speeltoestellen zijn beoordeeld en afgezet tegen de demografische ontwikkelingen binnen de gemeente. Dit is verwoord in het Speelruimteplan 2010 - 2020. Sinds 2023 wordt beleid ontwikkeld voor een nieuw speelruimteplan. Voor 2024 worden conform het beheerplan openbare ruimte meerdere speellocaties in de gemeente aangepakt. Het gaat hierbij om de locaties: Jadelaan, Buitenhof, Nassaustraat, Polderstraat, Nachtwaker en de Meidoornstraat. Ook hier geldt dat er pas vervangen wordt als dit vanuit veiligheid noodzakelijk is waarbij bij renovatie van volledige speellocaties altijd gekeken wordt of toestellen die herbruikbaar zijn eventueel te verplaatsen zijn. Kwaliteit In 2023 beschikte Albrandswaard over 129 speelplekken met een vervangingswaarde van circa € 2.3 miljoen. Op basis van de regelgeving worden de speeltoestellen vier keer per jaar gecontroleerd en geconstateerde afwijkingen en mankementen zo snel als mogelijk verholpen. De inspectieresultaten, reparaties en aanpassingen worden vastgelegd in een logboek. Tijdens het dagelijks onderhoud door de buitendienst wordt er op gelet dat alles schoon, heel en veilig is. Gebouwen In 2016 is voor alle gemeentelijke gebouwen een meerjarenonderhoudsplan (MOP) opgesteld. Op basis van deze MOP’s is een financiële doorrekening gemaakt met de te verwachten onderhoudskosten en hoe deze worden gedekt.
Kwaliteit Ten aanzien van de kwaliteitsnorm voor gemeentelijke gebouwen worden de volgende uitgangspunten gehanteerd:
De gemeentelijke gebouwen bevinden zich op onderhoudsniveau 3, en Het op planmatige wijze uitvoeren van regulier onderhoud met materialen van gelijkwaardige kwaliteit.
- 84 -
Budgetten en kredieten onderhoud/vervanging kapitaalgoederen Omschrijving
Budget/krediet
Opmerking
Wegen
988.600
Excl. 885.100 kapitaallasten
Riolering
791.100
Excl. 509.900 kapitaallasten
Verkeersmiddelen
179.200
Excl. 62.600 kapitaallasten
Groen, waterwegen en baggeren
1.989.800
Excl. 109.200 kapitaallasten
Civiele kunstwerken
75.100
Spelen
75.100
Straatreiniging
474.600
Straatmeubilair
70.500
Openbare verlichting
450.600
Totaal
5.094.600
Budgetten
Excl. 100.000 kapitaallasten
Excl. 96.900 kapitaallasten
Investeringen Wegen
810.600
Riolering
1.105.000
Bruggen
61.900
Beschoeiingen
87.600
Speelvoorzieningen
209.400
Openbare verlichting
250.000
Totaal
2.524.500
Relevante reserves Naam Reserve
Saldo per
Saldo per
Saldo per
Saldo per
Saldo per
Saldo per
1-1-2023
1-1-2024
1-1-2025
1-1-2026
1-1-2027
1-1-2028
Reserve Baggeren
392.086
336.186
280.286
224.386
168.486
112.586
Reserve Grootonderhoud gebouwen
950.171
1.072.517
1.188.817
1.305.117
1.421.417
1.537.717
1.342.257
1.408.703
1.469.103
1.529.503
1.589.903
1.650.303
Totaal
- 85 -
Kerngegevens kapitaalgoederen Omschrijving
Aantal
Toelichting
Groen Bomen
13.565
Natuurlijke beplanting
166.826
stuks m2
bosplantsoen, etc.
Cultuurlijke beplanting
107.368
m2
heesters, rozen, etc.
Haag
25.541
m2
Gras
1.099.239 m2
Openbare verlichting Lichtmasten
6.237
Armaturen
6.310
stuks stuks
Lichtbronnen
6.353
stuks
Speelvoorzieningen Speel- en sporttoestellen
541
Kunstmatige valondergronden 9.355
stuks verspreid over 124 speelplekken en 7 schoolpleinen m2
waaronder kunstgras, rubber tegels, ecoscape, zand, boomschors en gietvloer
Waterhuishouding Watergang
461.687
Oeverbeschoeiing
24.142
m2 m
Natuurlijke oevers
38.388
m
Verhardingen Asfalt
290.432
m2
Bestrating
897.658
m2
Overige verhardingen
14.244
m2
Goot
1.482
m
Kolken
10.744
stuks
Markeringen
2.914
m2
Lijnen markeringen
48.031
m
Verkeersborden
2.320
stuks
Verkeersteken
1.680
stuks
Verkeer
Civiele kunstwerken Fiets- en voetbruggen
68
stuks
Overige kunstwerken
69
stuks trappen, vlonders, visplaatsen
Verkeersbruggen
8
stuks
Drukriolering
77.400
m
Rioolput
3.650
stuks
Rioolvoorziening
9
stuks
Vrijvervalleiding
142.642
m
Riolering
Gemalen Bergbezinkvoorziening
5
stuks
CVK
43
stuks
Drukriool
234
stuks
Groot gemaal (droog)
4
stuks
Groot gemaal (nat)
38
stuks
Kunstwerk
1
stuks
Oppervlaktewatergemaal
2
stuks
Opvoergemaal
1
stuks
- 86 -
Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering Inleiding Om de programma's uit de begroting te kunnen realiseren, is een goede bedrijfsvoering belangrijk. Volgens de toelichting op het BBV geeft de paragraaf Bedrijfsvoering de gemeenteraad hier inzicht in. Bedrijfsvoering gaat over de bedrijfsprocessen om de beleidsdoelstellingen te realiseren en de sturing en de beheersing daarvan. Bedrijfsvoeringsprocessen zorgen voor een efficiënte en effectieve uitvoering van de beleidsprogramma’s, volgens de geldende wetgeving. Sinds 1 januari 2014 heeft de gemeente Albrandswaard haar ambtelijke organisatie ondergebracht in de Gemeenschappelijke Regeling BAR-organisatie (BAR). De BAR voert haar werkzaamheden uit voor de drie deelnemende gemeenten (Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk). Dit betreft tot 1 januari 2024 zowel bedrijfsvoeringstaken als beleids- en uitvoeringstaken. Met ingang van 2024 heeft de gemeente Albrandswaard weer een eigen ambtelijke organisatie. De beleids- en uitvoeringstaken zijn dan ontvlochten van de BAR en ondergebracht in de Albrandswaardse ambtelijke organisatie. Voor een deel van de bedrijfsvoeringstaken blijft de BAR organisatie nieuwe stijl de uitvoerende organisatie voor Albrandswaard. De paragraaf Bedrijfsvoering in de begroting 2024 van de BAR organisatie nieuwe stijl gaat hier nader op in.
In deze paragraaf wordt aan de hand van belangrijke ontwikkelingen en thema's aangegeven hoe de bedrijfsvoering integraal bijdraagt aan deze ontwikkelingen het komende jaar en/of de komende jaren. Ambtelijke organisatie Met ingang van 2024 heeft Albrandswaard weer een eigen ambtelijke organisatie. Het beleid en de dienstverlening wordt binnen de nieuw gevormde teams door Albrandswaardse medewerkers vormgegeven en uitgevoerd. Het jaar 2024 staat vooral in het teken van bouwen en ontwikkelen van een organisatie die goed in staat is om de dienstverlening aan, en voorzieningen voor de inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen te verzorgen. Er zal tijdens het bouwen en ontwikkelen nadrukkelijk aandacht zijn voor de mens en de cultuur de we nastreven. Met ingang van 1 januari 2024 zal onze inrichting van de bedrijfsvoering door de ontvlechting van GR BAR-organisatie veranderen. Wat aan bedrijfsvoering en dienstverlening overblijft in de BAR organisatie nieuwe stijl zijn: -
Financiële administratie; Administratie sociale zaken; Financieel advies/specialisten; Juridische zaken en inkoop; HRM en salarisadministratie; ICT, Automatisering en Informatiebeheer; Facilitaire zaken, en Concerncontrol.
De BAR-organisatie nieuwe stijl is een organisatie met twee hoofddoelen: het ontzorgen van ‘onze’ drie gemeenten, nu en in de toekomst op het gebied van de gehele keten van bedrijfsvoering en een fijne en goede werkgever zijn voor haar medewerkers. - 87 -
Een werkgever met een eigen ‘gezicht’ en eigen identiteit. Een organisatie die er mag zijn. Er gaat maatwerk geleverd worden en tevens efficiënt en kostenbewust gewerkt worden. In oktober 2023 zal er voor deze nieuwe organisatie ook een nieuwe naam gekozen worden. Daarnaast is het doel dat Albrandswaard en Ridderkerk een samenwerkingsovereenkomst (SWO) sluiten over de uitvoering van een aantal taken voor Albrandswaard, te weten: -