Ontwikkelagenda Jeugd en Gezin 2025-2026.pdf
Tekst van het document
Ontwikkelagenda Jeugd en Gezin 2025-2026
Versie: 7 Datum: 7 maart 2024 Opsteller: O. Osendarp Ambtelijke opdrachtgever: G. Huiskens Bestuurlijk opdrachtgever: pfh. M. van Ginkel
1
Inhoudsopgave 1. Inleiding ...........................................…..…... 3 2. Hoe werkt de jeugdhulp? ........................... 3
Emma’s verhaal Ali’s verhaal 3. Kaders ........................................................ 4
Landelijk Regionaal Lokaal 4. Doel ........................................................... 6 5. Aanpak ...................................................... 6 6. Actielijnen ................................................. 7 1) Stevige lokale teams 2) Data gestuurd werken 3) Beleid en kwaliteit 4) Keten kind- en gezinsbescherming 5) Medisch domein 6) Onderwijs 7. Financieel en Risico’s .............................. 11
2
1. Inleiding Met het oog op de landelijke problematiek rondom jeugdhulp en de stijgende kosten voor gemeenten is het hoog tijd om het lokale jeugd(hulp)beleid verder te ontwikkelen. In de afgelopen jaren zijn de uitgaven aan jeugdhulp ook in Albrandswaard fors gestegen. In 2023 waren de lasten voor jeugdhulp grofweg 10 miljoen euro1 en ongeveer 10% meer dan de kosten in 2022. Dit is ongeveer 13% van de jaarlijkse gemeentelijke lasten. De gemeente heeft verschillende stappen gezet om de kosten voor jeugdhulp beter te controleren. Echter, de inspanningen van de afgelopen jaren wegen niet op tegen de autonome stijging van zorgkosten, de zorgvraag en de complexer wordende casuïstiek. De huidige situatie en het financieel ravijnjaar 2026 in het vooruitzicht vragen om een geïntensiveerde aanpak. Opgemerkt moet worden dat het niet reëel is om te verwachten dat extra inspanningen leiden tot een kostendaling. Het zal hooguit gaan om een dempend effect op de kostenstijging, gezien de aard van de huidige Jeugdwet en de zorgplicht die gemeenten in dat kader hebben. Deze agenda is primair gericht op de inhoudelijke (ontwikkel-)opgaven en doelstellingen die in bestaande beleidstukken en besluiten zijn opgenomen. Het gaat bovendien helpen om meer regie en grip te krijgen op de uitgaven voor jeugdhulp.
De bedoelde beleidstukken en besluiten worden in de volgende paragraaf samengevat om context te bieden. Hoe werkt de jeugdhulp in Albrandswaard? Aanmelding bij het wijkteam – Emma's verhaal Emma is 12 jaar en ervaart thuis spanningen door een scheiding. Haar juf merkt dat ze moeite heeft zich te concentreren en vaak verdrietig is. In overleg met haar ouders schakelt de juf het wijkteam in. Een toegangsmedewerker onderzoekt samen met Emma’s ouders of aanvullende jeugdhulp nodig is. Omdat het wijkteam zelf kan ondersteunen, krijgen Emma en haar moeder begeleiding van een jeugdprofessional. Binnen drie weken start de hulp, waardoor escalatie wordt voorkomen. Na drie maanden wordt de hulp afgebouwd en blijft de schoolcontactpersoon hen licht begeleiden. Dankzij het wijkteam kregen Emma en haar moeder snel en dichtbij huis hulp. Directe doorverwijzing – Ali's verhaal Ali is 14 jaar en heeft last van paniekaanvallen die zijn schoolprestaties beïnvloeden. Zijn huisarts bespreekt dit met Ali’s ouders en stemt af met de praktijkondersteuner huisarts GGZ Jeugd (POH-GGZ). Samen besluiten ze Ali door te verwijzen naar een lokale GGZ aanbieder. Binnen een paar weken start Ali met begeleiding en therapie. Na vijf sessies voelt hij zich beter en gaat weer met meer vertrouwen naar school.
Dankzij de snelle inzet van de POH-GGZ en de gerichte doorverwijzing kon zeer specialistische en zware hulp worden voorkomen.
2. Kaders 1
Dit zijn de kosten van het 1. wijkteam (ingekocht en vaste medewerkers), 2. de lokale inkoop en 3. de regionale inkoop van (specialistische) jeugdhulp.
3
Deze agenda is opgesteld binnen de context en de kaders van diverse beleidsstukken en besluiten. Het gaat om kaders op landelijk, regionaal en lokaal niveau. Hieronder worden deze kaders per niveau samengevat: Landelijk Hervormingsagenda Jeugd: In 2021 besloten de VNG en het rijk om de Hervormingsagenda Jeugd 2023-20282 (HAJ) op te stellen, gebaseerd op een evaluatie van de Jeugdwet uit 2015. In april 2023 bereikten het rijk, gemeenten en jeugdzorg- en cliëntenorganisaties hierover een akkoord. Veel beleids- en wetswijzigingen moeten nog worden uitgewerkt. Gemeenten worden aangespoord meer in te zetten op preventie en normalisering, ondersteund door stevige lokale teams, zodat minder zware jeugdzorg nodig is. Ook moeten gemeenten de kosten beheersen door efficiënt gebruik van middelen, duidelijke keuzes in de jeugdhulpplicht en betere samenwerking binnen het sociaal domein. Naast het verbeteren van het jeugdhulpstelsel blijft de financiële uitdaging een belangrijke opgave. Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming: Naast de HAJ is er een Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming3 (hierna: Toekomstscenario) opgesteld door het rijk en de VNG. Het Toekomstscenario schetst op hoofdlijnen hoe de kind- en gezinsbescherming er over 5 tot 10 jaar (2026-2031) uit zou kunnen zien.
Aanleiding voor dit programma is dat de huidige de ketensamenwerking kind- en gezinsbescherming teveel problemen vertoont en niet bestemd is om de soms schrijnende problematiek aan te gaan. Regionaal Regiovisie Nabij en Passend: De regiovisie Nabij en Passend4 heeft als doel een verbeterde, toegankelijke jeugdhulpinfrastructuur in Rijnmond te realiseren door samenwerking op lokaal en regionaal niveau te versterken. De focus ligt op een nabije, passende aanpak die veerkrachtige gezinsstructuren ondersteunt en jongeren centraal stelt in hulpverlening. De visie benadrukt kostenbeheersing en effectieve inkoopmodellen, preventie en maatwerk, en ontwikkelt monitoringen evaluatiemethoden om de impact van jeugdhulp te optimaliseren. Regiovisie HGKM: Begin 2024 is de regiovisie huiselijk geweld en kindermishandeling 5 (hierna: HGKM) herijkt. Het gaat om een visie en strategie om HGKM in de regio Rotterdam Rijnmond effectief aan te pakken. De focus ligt op het doorbreken van de cirkel van geweld door middel van preventie, ondersteuning voor slachtoffers, aanpak van plegers, en duurzame veiligheid in huishoudens. Belangrijke doelen zijn onder meer de versterking van lokale teams, het bevorderen van samenwerking met ervaringsdeskundigen, en een systeemgerichte benadering die alle gezinsleden betrekt bij de hulpverlening.
De regiovisie staat niet op zichzelf, maar betrekt elementen uit het Toekomstscenario en de HAJ. 2
Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028, zie link.
3
Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming, link.
4
Regiovisie Nabij en Passend Rotterdam Rijnmond 2020, zie link.
5
Regiovisie HGKM Rotterdam Rijnmond 2024-2027, Samen de cirkel doorbreken, zie link.
4
RBOK: De Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing6 (RBOK) sluit aan bij de financiële opgave die de HAJ met zich meeneemt. In de RBOK hebben regiogemeenten, systeemaanbieders en GRJR een pakket samengesteld met verschillende kostenbeheersingsmaatregelen. De RBOK vult dit aan met een pakket aan 52 maatregelen gericht op beheersing van de jeugdhulpkosten. Deze maatregelen vallen deels onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Dit deel zal daarom in deze ontwikkelagenda meegenomen worden en aan de actielijnen toegevoegd worden. Lokaal De uitgangspunten en ambities voor de jeugd in Albrandswaard zijn onderdeel van de Nota Integraal Beleid Sociaal Domein7. Deze nota biedt de basis voor het beleid binnen alle deeldomeinen in het sociaal domein, en legt nadruk op thema’s zoals preventie, vroegsignalering en integrale samenwerking. De gemeente heeft de ambitie om in te zetten op het versterken van de sociale basis en het bevorderen van normalisering en zelfredzaamheid. Dit betekent dat we inwoners zoveel mogelijk willen ondersteunen om oplossingen te vinden binnen hun eigen netwerk, waarbij professionele hulp slechts wordt ingezet als dat echt noodzakelijk is (eigen kracht en samenkracht).
Het wijkteam vervult hierin een belangrijke rol door laagdrempelige hulp te bieden en te fungeren als schakel tussen informele zorg (zoals familie en vrijwilligers) en gespecialiseerde hulpverlening. De samenwerking met scholen, kinderopvang en sportverenigingen draagt daarnaast bij aan een sterk ondersteunend netwerk voor jeugd en gezin. De kaders voor jeugdhulp - op basis van de Jeugdwet - zijn vastgelegd in de Verordening Jeugdhulp 2022, Beleidsregels Jeugdhulp 2022 en Nadere Regels Jeugdhulp 2023. Deze documenten definiëren onder meer wat valt onder ‘eigen kracht’ en wanneer jeugdhulp nodig is. Landelijk is verkend hoe de reikwijdte van de jeugdhulpplicht beter kan worden afgebakend door gemeenten 8. De HAJ en een nieuwe VNG modelverordening bieden richtlijnen voor de gemeente. Dit zal leiden tot aanpassing van de lokale beleidsdocumenten (zie actielijn 3). De samenhang tussen al deze kaders komt tot stand door de landelijke richtlijnen, regionale afspraken en de lokale visie te vertalen naar een lokale implementatie. Dit is de aanleiding voor de gemeente om te starten met een eigen vertaling en uitwerking, de Ontwikkelagenda Jeugd en Gezin.
3. Doel
6
Update Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing (RBOK), zie link.
7
Samen leven in Albrandswaard, Nota integraal beleid sociaal domein, zie link.
8
Verkenning afbakening jeugdhulpplicht, zie link.
5
De Ontwikkelagenda heeft als doel om de verschillende opgaven uit de bovenstaande kaders op een geïntensiveerde en gecoördineerde manier uit te voeren. Daarnaast heeft deze agenda als doelstelling om meer regie en grip te krijgen op de jeugdzorgkosten. Hiermee streven we naar een inhoudelijke transformatie binnen de jeugdzorg, waarbij kostenbeheersing hand in hand gaat met behoud van de kwaliteit van de dienstverlening.
4. Aanpak Dit document richt zich op de belangrijkste gemeentelijke prioriteiten binnen de jeugdhulp, die binnen de directe invloed van de gemeente liggen. Deze prioriteiten zijn gegroepeerd in zes actielijnen, elk gericht op een kernopgave. Voor iedere actielijn worden acties uitgewerkt door de lijnorganisatie van de gemeente. Waar mogelijk worden de verwachte financiële effecten ook uitgewerkt inclusief de kostenbeheersingsmogelijkheden. De aanpak is projectmatig om de reguliere werkzaamheden te ontlasten, met als doel om de resultaten later structureel te integreren in de lijnorganisatie. De uitvoering wordt projectmatig opgepakt, waarbij alle betrokken medewerkers vanaf de start worden meegenomen in de werkwijze en planning. Ook de ambtelijke opdrachtgever is nadrukkelijk betrokken bij dit project. Binnen de projectaanpak worden afspraken gemaakt over de uitwerking van de acties. De looptijd van de Ontwikkelagenda is ongeveer anderhalf jaar, van 2025 tot en met medio 2026. Management en bestuur worden periodiek geïnformeerd over de voortgang. De zes actielijnen zijn: 1) Stevige lokale teams; 2) Data gestuurd werken; 3) Beleid en kwaliteit; 4) Keten kind- en gezinsbescherming; 5) Medisch domein; 6) Onderwijs.
5. Actielijnen 6
In deze sectie worden de zes actielijnen beschreven die centraal staan in de Ontwikkelagenda Jeugd en Gezin. Elke actielijn is gericht op een specifieke kernopgave binnen het jeugdbeleid en omvat concrete acties die bijdragen aan het versterken van de jeugdhulp en het realiseren van onze doelstellingen. 1) Stevige lokale team(s) Om te voorkomen dat problemen bij kinderen en gezinnen escaleren, is het versterken van preventie en vroegsignalering cruciaal. Dit sluit direct aan bij de Hervormingsagenda Jeugd (HAJ) en het Toekomstscenario, die pleiten voor laagdrempelige ondersteuning door lokale teams om zwaardere en duurdere jeugdhulp te voorkomen. Een goed georganiseerd en stevig wijkteam speelt hierin een centrale rol. In Albrandswaard is het wijkteam, met de Jeugdwet als basis voor indicering, het primaire aanspreekpunt voor jeugd- en gezinsvraagstukken. Het biedt laagdrempelige ondersteuning aan inwoners van alle leeftijden en werkt beleidsmatig samen met andere deeldomeinen, zoals de Wmo, Welzijn, Participatiewet en Openbare Orde & Veiligheid (OOV). De gemeente zet in op een meer integrale samenwerking binnen de gemeentelijke organisatie, in lijn met de doelen van de HAJ. Een concreet voorbeeld hiervan is de Integrale Aanpak Jeugdoverlast, die in 2024 is ontwikkeld als onderdeel van de bredere integrale jongerenaanpak uit het collegeprogramma.
Deze aanpak richt zich op preventie en vroegsignalering en omvat groepsgerichte, gebiedsgerichte en persoonsgerichte interventies om aanhoudende jeugdoverlast effectief te verminderen. Het is van belang dat het lokale wijkteam instaat is om effectief bij te dragen aan dit soort integrale aanpakken. Om te waarborgen dat het wijkteam zich optimaal doorontwikkelt, gebruiken we het richtinggevende kader van de VNG9, als leidraad. Dit kader, dat aansluit op de HAJ, helpt ons te toetsen of we op koers liggen richting een toekomstbestendig en krachtig lokaal team. De doorontwikkeling van het wijkteam richt zich op de volgende twee speerpunten: a) De basis op orde We willen de basis van het wijkteam versterken door een herijking van de formatieberekening en het actualiseren van de functieboom. Maar de huidige capaciteit van het wijkteam is gebaseerd op oude budgetafspraken, zonder dat er goed is gekeken naar de huidige instroom, toekomstige ontwikkelingen of landelijke en regionale trends. Hierdoor zijn er structureel wachtlijsten, en dat belemmert het team om snel en preventief hulp te bieden. Als we de basis niet op orde brengen, blijven problemen escaleren en zal er vaker een beroep gedaan worden op zwaardere en duurdere jeugdhulp.
Met voldoende en goed personeel kan het wijkteam beter aansluiten bij landelijke en regionale ontwikkelingen, wachtlijsten aanpakken en gezinnen tijdig de juiste hulp bieden. Voor dit onderdeel gaat de gemeente de volgende zaken uitwerken: 9
Actualisatie formatieberekening van de wijkteams;
VNG, Richtinggevend kader Toegang, lokale teams en integrale dienstverlening, zie link.
7
Actualisatie functieboom + evaluatie (neven) werkzaamheden;
Evaluatie en advies t.a.v. inrichting preventie & ondersteuning;
Evaluatie en advies inrichting zorg & veilig;
Evaluatie en advies inrichting toegang.
b) Optimalisatie dienstverlening De dienstverlening in het wijkteam vraagt om een betere inrichting, waarbij een stevige personele basis belangrijk blijft (zie punt 1.1). Dit geldt voor de volgende kerntaken: de toegangsfunctie, preventie & ondersteuning en zorg & veilig. Daarnaast zijn er voor de organisatie en ondersteuning van deze dienstverlening bepaalde medewerkers aangewezen zoals onder anderen de teamleider, proces- en kwaliteitsmedewerkers en beleidsadviseurs. Hierin is een sterke inrichting van de proces- en casusregie essentieel en vastgelegd in de Handreiking Casusregie Rijnmond. Integrale samenwerking met domeinen als Wmo, Participatie, Welzijn en OOV is daarbij van groot belang voor de aanpak van complexe multi-problematiek. Zo is de toepassing van bijvoorbeeld de doorbraakmethode belangrijk. Het is voor de gemeente bovendien belangrijk dat het wijkteam beschikt over de geschikte deskundigheid. Deskundigheidsbevordering is constant in ontwikkeling, waardoor het van belang is om hierin de actuele ontwikkelingen, zoals uit het Toekomstscenario en de HAJ, in de gaten te houden, maar ook de lokale wensen en behoeften niet uit het oog te verliezen. Voor dit onderdeel gaat de gemeente de volgende zaken uitwerken:
Werkinstructie voor proces- en casusregie; o
RBOK Maatregel 10: Kortcyclisch werken + integraal casusregie voeren;
Plan integraal werken met o.a. de Wmo, Participatiewet, Welzijn en OOV; o
RBOK Maatregel 11: Integrale aanpak: via integrale toegang;
o
RBOK Maatregel 28a: Hulp verschuiven naar ZVW/WLZ/WMO – gemeenten;
Gecoördineerd opleidingsprogramma voor deskundigheidsbevordering; o
RBOK Maatregel 3: Training kostenbewustzijn en arrangeren;
o
Inwerkprogramma’s voor nieuwe medewerkers.
2) Data gestuurd werken Betrouwbare en toegankelijke data zijn essentieel voor het monitoren en bijsturen van de prestaties in de jeugdhulp. Hoewel de gemeente al enkele systemen gebruikt, is verdere ontwikkeling nodig om optimaal gebruik te maken van data gestuurd werken. De gemeente gaat daarom aan de slag met de (door)ontwikkeling van twee Power BI-dashboards, die gericht zijn op het vergroten van inzicht en sturingsmogelijkheden in de jeugdhulpkosten en de beschikbaarheid van voorzieningen. Het gaat om de volgende twee dashboards: a) Jeugd - Financieel Dashboard
8
Dit dashboard geeft inzicht in de ontwikkeling van jeugdhulpkosten. De doorontwikkeling gebeurt in samenwerking met Ridderkerk, Barendrecht en de BedrijfsvoeringsPartner (BVP), met een nadruk op inhoudelijke analyses en kostenprognoses. Dankzij deze analyses kan de gemeente gerichter beleid ontwikkelen en meer doelgerichte interventies inzetten om de kosten beheersbaar te houden. b) Dashboard Wijkteam Voor een effectieve ondersteuning door het wijkteam is inzicht in de dienstverlening en bedrijfsvoering van groot belang. Momenteel ontbreekt er een specifiek dashboard dat inzicht biedt in het onderdeel preventie & ondersteuning van het wijkteam. Dit nieuwe instrument zal helpen om de doorontwikkeling en prestaties van het team te monitoren en verder te optimaliseren. 3) Beleid en kwaliteit De gemeenteraad stelde een jeugdhulpverordening vast voor de uitvoering van de Jeugdwet, terwijl het college aanvullende beleidsregels en nadere regels opstelde. Deze beleidsstukken worden binnenkort herzien, zodra de nieuwe modelverordening van de VNG later dit jaar wordt gepubliceerd. De herziening is mede nodig naar aanleiding van uitspraken van de Centrale Raad van Beroep, die duidelijk maakten dat gemeenten geen helder onderscheid maken tussen ‘gebruikelijke hulp’ en ‘eigen kracht’. Een andere aanleiding is discussie over de reikwijdte van de Jeugdwet, zoals vastgelegd in de HAJ.
Ook zijn er uit de lokale uitvoeringspraktijk verbeterpunten naar voren gekomen. De herziening heeft tot doel om zowel de juridische als financiële positie te versterken en om het beleid voor uitvoerende medewerkers te verduidelijken. Aanvullend worden er verschillende maatregelen genomen om de kwaliteit van het beleid en de dienstverlening te verbeteren. Voorbeelden hiervan zijn dat alle jeugdhulpindicaties van boven de €4.000 per week extra gecontroleerd worden, als één van de maatregelen uit de RBOK. Ook werkt de gemeente aan een beschikbaarheidswijzer voor lokale jeugdhulpaanbieders, waarmee de capaciteit van beschikbare jeugdhulp inzichtelijk wordt gemaakt en wachttijden worden verkort om escalatie van problematiek te voorkomen. Voor dit onderdeel werkt de gemeente aan de volgende zaken:
Herijking jeugdhulp verordening jeugdhulp, inclusief beleidsregels en nadere regels; o
RBOK Maatregel 31: Instroom beperken door beperken reikwijdte door gemeenten vooruitlopend op Rijk (HAJ);
Herijking beleid Sociaal Medische indicatie (SMI);
Implementatie Beschikbaarheidswijzer;
Verbetering kwaliteit indicatieproces; o
RBOK Maatregel 12a: Budgetlimiet - € 4.000 toets;
o
RBOK Maatregel 32: Inzet informele steunfiguren;
o
RBOK Maatregel 36a: Tijdig toewijzen.
9
4) Keten kind- en gezinsbescherming Voor de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling heeft de gemeenteraad de eerder genoemde regiovisie HGKM vastgesteld (zie paragraaf 4. Kaders). Deze regiovisie houdt ook al rekening met het Toekomstscenario en de HAJ. De gemeenteraad heeft besloten dat er op basis van de regiovisie een uitvoeringsplan komt, waarmee de visie in de praktijk kan worden geïmplementeerd. Het gezamenlijke doel is om een veilige thuisomgeving voor iedereen te realiseren. Om dit doel te bereiken, gaan we investeren in samenwerking tussen de gemeenten, Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond, gecertificeerde instellingen (GI’s) en de Raad voor de Kinderbescherming. In de regiovisie zijn vijf ontwikkelopgaven vastgesteld: -
Sterke lokale teams;
-
Verbreding van de Huiselijk Geweld (HG) leerwerkplaats;
-
Samenwerking ervaringsdeskundigen;
-
Plegersperspectief;
-
Implementatie van de visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid.
Naast het uitvoeringsplan worden de (regionaal) herijkte samenwerkingsafspraken tussen Veilig Thuis en de lokale teams geïmplementeerd in het wijkteam. Deze herijkte samenwerkingsafspraken zijn in Q4 van 2024 opgeleverd. Tot slot werkt de gemeente in de regio Rijnmond samen aan een verbredingsplan waarmee de werkwijze van het Toekomstscenario kan worden geïmplementeerd in gemeenten waar de proeftuin van het Toekomstscenario niet heeft plaatsgevonden. Deze werkwijze wordt tot op zekere hoogte ontwikkeld met behulp van de bevindingen uit de proeftuinen. Nu is de tijd aangebroken om te verbreden naar alle gemeenten binnen regio Rijnmond, waaronder Barendrecht. Zodra dit regionale plan is uitgewerkt (met onze lokale inbreng) zal dit plan moeten worden geïmplementeerd in onze wijkteams. De implementatie volgt op de uitwerking van dat regionale plan. 5) Medisch domein Belangrijke samenwerkingspartners binnen het sociaal domein zijn de huisartsen, medisch specialisten en jeugdartsen. Deze professionals zijn wettelijke verwijzers binnen de Jeugdwet en kunnen, naast het wijkteam, naar verschillende vormen van jeugdhulp verwijzen. De jeugdgezondheidszorg van het CJG, die veel jonge kinderen ziet, speelt een belangrijke rol bij het vroegtijdig signaleren van problemen en is daarom een waardevolle partner voor de gemeente.
Goede samenwerking met deze medische partners sluit aan bij de ambities uit de HAJ, het Integraal Zorgakkoord (IZA) 10 en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) 11. Voor nu richt de gemeente zich met name op de samenwerking met huisartsen, aangezien zij – na het wijkteam – de meeste verwijzingen naar jeugdhulp doen. Wanneer wachttijden bij het wijkteam oplopen, zien we dat huisartsen vaker zelf jeugdhulp indiceren. Om deze instroom beter te 10
Integraal Zorgakkoord: 'Samen werken aan gezonde zorg', zie link.
11
Gezond en Actief Leven Akkoord, zie link.
10
reguleren, gaat de gemeente actief in gesprek met huisartsen en implementeert zij het systeem Zorgdomein. Met Zorgdomein krijgen huisartsen een beter overzicht van het beschikbare lokale jeugdhulpaanbod, waardoor zij doelgerichter kunnen doorverwijzen. De invoering van een beschikbaarheidswijzer (actielijn 3) helpt daarbij om huisartsen door te laten verwijzen naar aanbieders met zo kort mogelijke wachtlijsten. Idealiter komen de meeste hulpvragen bij het wijkteam terecht, omdat het wijkteam als enige partij gedegen onderzoek kan doen en indien mogelijk zelf laagdrempelige ondersteuning biedt, zonder doorverwijzing. Een stevig wijkteam met voldoende capaciteit is dan ook essentieel om wachttijden te beperken (actielijn 1). De (huidige) inzet van een praktijkondersteuner huisarts (POH) Jeugd-GGZ helpt om een deel van de doorverwijzingen door huisartsen op te vangen. Voor deze actielijn werkt de gemeente aan de volgende zaken:
Actief overleg met huisartsen, om de instroom naar jeugdhulp beter te reguleren;
Implementatie van Zorgdomein, om huisartsen een beter overzicht te geven van het beschikbare jeugdhulpaanbod;
Evaluatie POH Jeugd-GGZ, om de effectiviteit van deze ondersteuning te beoordelen en waar nodig te verbeteren, een terugkoppeling aan portefeuillehouder; o
RBOK Maatregel 16: POH inzet financieren vanuit IZA.
6) Onderwijs Scholen zijn vaak de eerste plek waar problemen bij jeugdigen worden gesignaleerd. In Albrandswaard zetten we daarom in op een nog sterkere verbinding tussen onderwijs en jeugdhulp, zodat iedere leerling een veilige, stimulerende leeromgeving krijgt en op tijd passende ondersteuning ontvangt. Dit sluit aan bij de HAJ en draagt bij aan veerkrachtige gezinsstructuren en een gezonde persoonlijke ontwikkeling. Wij bouwen verder op de pilot ‘Jeugdhulp op School’ uit de gemeenten Ridderkerk en Barendrecht, waarin jeugdhulpprofessionals direct op school ondersteuning bieden in het speciaal onderwijs. Op basis van de positieve evaluaties ambiëren we een uitbreiding van deze aanpak naar het reguliere basisonderwijs, zodat jeugdigen preventief en laagdrempelig geholpen kunnen worden. Tegelijkertijd evalueren en verbeteren we de werkwijze van de schoolcontactpersonen, die als belangrijke schakel fungeren tussen het wijkteam en de scholen. Door deze functie te professionaliseren in het wijkteam, kunnen signalen op school sneller worden opgepakt. Dit is een manier waarop we de samenwerking tussen het gemeente en het onderwijs vormgeven. Meer in het algemeen wordt er gewerkt aan betere samenwerkingsafspraken tussen gemeenten, jeugdhulpaanbieders en onderwijsinstellingen. Dit is ook een ambitie uit de RBOK.
Hierbij werken we aan de RBOK-maatregel 29a: Hulp verschuiven naar passend onderwijs en wordt er gewerkt aan een afwegingskader Jeugdhulp en Onderwijs dat al door een andere regiogemeente is ontwikkeld. Om het zorgaanbod nog beter af te stemmen op de behoeften van de leerlingen, werken we samen met scholen en onderwijssamenwerkingsverbanden aan een gedegen analyse van de
11
zorgbehoeften op scholen. Op die manier wordt er gewerkt aan een passend lokaal zorgaanbod. Tot slot zal het onderwijsachterstandenbeleid worden herijkt. Concreet zetten we in op de volgende acties:
Uitbreiding van de pilot ‘Jeugdhulp op School’ naar ook het regulier onderwijs;
Evaluatie van de functie schoolcontactpersoon in het wijkteam;
Verbetering van de samenwerking tussen (systeem-)aanbieders, onderwijs en de gemeente, door: o
De uitwerking van RBOK-maatregel 29a, Hulp verschuiven naar passend onderwijs;
o
De ontwikkeling van een afwegingskader voor jeugdhulp en onderwijs;
o
Gezamenlijk met onderwijsinstellingen en samenwerkingsverbanden de zorgbehoeften op scholen in kaart brengen voor een passend lokaal zorgaanbod;
o
Herijking onderwijsachterstandenbeleid.
6. Financieel en Risico’s Deze Ontwikkelagenda heeft als doel om de jeugdhulp in Albrandswaard inhoudelijk te versterken en tegelijkertijd de uitgaven zoveel als mogelijk beheersbaar te houden. Door in te zetten op preventie, efficiëntere processen en kostenbewust indiceren, wordt de groei van de zorgvraag gedempt. Dit sluit aan bij de beleidskaders, maar lost de kernuitdagingen van de open-einde regeling van de Jeugdwet niet op. Landelijke besluitvorming over de reikwijdte van de Jeugdwet en een betere financiële compensatie voor gemeenten blijven noodzakelijk om de financiële problematiek structureel op te lossen. De agenda biedt daarmee een lokaal antwoord op complexe uitdagingen, maar vraagt ook om landelijke ondersteuning. Voldoende ambtelijke capaciteit is cruciaal voor een succesvolle implementatie. Om mogelijke knelpunten in de uitvoeringscapaciteit op te vangen, wordt budget beschikbaar gesteld voor de (tijdelijke) inzet van extra capaciteit voor de uitvoering en borging van de Ontwikkelagenda. Tot slot formuleren we hieronder risico’s die verbonden zijn aan de uitvoering en resultaten van deze agenda. Het gaat om de volgende risico’s:
Een tekort aan personeel/capaciteit voor de (projectmatige) aanpak kan leiden tot vertragingen en/of de kwaliteit van de resultaten beïnvloeden;
Politieke organen, zoals de gemeenteraad, het college of de landelijke overheid, kunnen noodzakelijke investeringen afkeuren, wat beoogde kwaliteitsslag en besparingen op langere termijn kan beperken;
Politieke (landelijke) beslissingen, zoals een beperkte inperking van de reikwijdte van de jeugdhulp, kunnen het behalen van de doelen beïnvloeden;
12
Het oordeel van de deskundigencommissie over de risicoverdeling tussen Rijk en gemeenten kan ongunstig uitvallen. Het risico is dat gemeenten niet zullen worden gecompenseerd voor de tekorten in de jeugdzorg;
De gemeente is deels afhankelijk van hoe de RBOK-maatregelen worden uitgevoerd door de GRJR en andere deelnemende gemeenten;
Onvoorziene omstandigheden of een autonome toename in het beroep op jeugdhulp kunnen de kosten verder doen stijgen, ondanks succesvolle inspanningen;
Geen actie ondernemen als gemeente betekent maatschappelijk gezien dat kinderen en gezinnen verder in de knel raken. Dit leidt tot blijvende schade en een zorgsysteem dat de vraag niet meer aankan. De jeugdhulpproblematiek vergroot sociale ongelijkheid, legt druk op informele netwerken en kan leiden tot een afname van vertrouwen in het lokale bestuur.
13