CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

HvP_vastgesteld_Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 13 Nader onderzoek steenmarter en vleermuizen Sportveldweg.pdf

Gemeenteraad AW 2 juni 2025, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 10: Bestemmingsplan Hof van Poortugaal5.111 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nader onderzoek steenmarter en vleermuizen In het kader van de Wet natuurbescherming Plangebied: Antes locatie, Ontsluiting C, Poortugaal Opsteller(s): K.C. Fokker

Nader onderzoek steenmarter en vleermuizen In het kader van de Wet natuurbescherming Colofon Plangebied

Antes Locatie, Ontsluiting C, Poortugaal

Opsteller(s)

K.C. Fokker

Datum

28-12-2023

Versienummer

02

Rapportkenmerk

ER20230396NOv02

Aantal pagina’s

27

Opdrachtgever

Staat B.V.

Contactpersoon

E. Ewalt

Kwaliteitscontrole

W. Mans-Naaijer

Projectleider

L. Boon

Wijze van citeren

Fokker, K.C., 2023. Nader onderzoek steenmarter en vleermuizen. In het kader van de Wet natuurbescherming. Plangebied: Antes Locatie, Ontsluiting C, Poortugaal. Kenmerk: ER20230396NOv02. Ecoresult B.V., HendrikIdo-Ambacht.

Ecoresult B.V. Kringloopweg 22 3343 LR Hendrik-Ido-Ambacht 078 75 184 12 info@ecoresult.nl www.ecoresult.nl

© copyright Ecoresult B.V. 2023

2

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteursrechthebbende. Ecoresult B.V. kan door opdrachtgever niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die voortvloeit uit gebruik van data of gegevens of door toepassing van aanbevelingen en conclusies, die zijn opgenomen in deze rapportage.

Inhoudsopgave 1

2

3

4

5

Inleiding 1.1 Aanleiding

5 5

1.2 Onderzoeksvragen 1.3 Leeswijzer Omschrijving plangebied 2.1 Algemeen 2.2 Beschrijving 2.3 Geplande ingrepen

5 5 6 6 6 7

2.3.1 Omschrijving werkzaamheden 2.3.2 Werkplanning, werktijden en realisatieperiode 2.3.3 Methode uitvoering: materieel en werkwijze 2.3.4 (Ontwerp)tekening Onderzoek beschermde soorten 3.1 Algemeen

7 7 7 8 9 9

3.2 3.2.1

Marterachtigen Protocol

9 9

3.2.2 3.2.3

Onderzoeksmomenten Onderzoeksmaterialen

9 10

3.2.4 Verantwoording onderzoek 3.3 Vleermuizen 3.3.1 Protocol 3.3.2 Onderzoeksmomenten 3.3.3 Onderzoeksmaterialen 3.3.4 Verantwoording onderzoek Resultaten nader onderzoek 4.1 Steenmarter 4.2 Vleermuizen 4.2.1 Gewone dwergvleermuis 4.2.2 Ruige dwergvleermuis 4.2.3 Watervleermuis

10 10 10 11 11 11 13 13 15 15 17 18

4.2.4 Laatvlieger 4.3 Conclusie onderzoeksresultaten Effectbeoordeling 5.1 Habitatrichtlijn 5.1.1 Gewone dwergvleermuis 5.1.2 Ruige dwergvleermuis

18 18 20 20 20 20

5.1.3 5.1.4 5.2 5.2.1

21 21 21 21

Laatvlieger Watervleermuis Nationaal beschermde soorten Steenmarter

3

6 7 8

5.3 Voorwaarden voor ontheffing Maatregelen Conclusies en aanbevelingen 7.1 Conclusies Geraadpleegde bronnen 8.1 Literatuur

22 23 24 24 25 25

8.2

25

Internet

Ecoresult B.V. December 2023

4

1

Inleiding

1.1

Aanleiding In opdracht van Staat B.V. heeft Ecoresult B.V. een nader onderzoek steenmarter en vleermuis (gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, laatvlieger) uitgevoerd in het plangebied: Antes Locatie, Ontsluiting C, Poortugaal. De aanleiding van dit verzoek is de voorgenomen aanleg van nieuwe weg (zie verder paragraaf 2.3). Uit een verkennend veldonderzoek uitgevoerd door Ecoresult B.V. in 20221 is gebleken dat op de locatie van de nieuwe weg potenties aanwezig zijn voor steenmarter en vleermuizen (essentieel foerageergebied en vliegroute). Zodoende was nader onderzoek naar deze soortgroepen noodzakelijk om te vast te stellen of deze soorten inderdaad aanwezig zijn en zo ja, hoe in het kader van de Wet natuurbescherming gehandeld dient te worden. In voorliggende rapportage worden de onderzoeksresultaten beschreven. De resultaten van voorliggende rapportage zijn drie jaar geldig vanaf het eerste uitgevoerde veldbezoek. Mochten de voorgenomen ontwikkelingen wijzigen dient het onderzoek te worden geactualiseerd.

1.2

Onderzoeksvragen In het onderzoek worden 5 onderzoeksvragen beantwoord: 1. Zijn steenmarter en vleermuizen (gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, laatvlieger) aanwezig? 2. Welke functie(s) heeft het traject voor steenmarter en vleermuizen (gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, laatvlieger) aanwezig? 3. Blijft de functionaliteit van de voortplantingsplaatsen, vaste rust- of verblijfplaatsen en/of het essentiële functionele leefgebied (foerageergebied/vliegroute) behouden? 4. Is ontheffing op de Wet natuurbescherming noodzakelijk? 5. Welke eigenschappen van het traject of gebied moeten gemitigeerd of gecompenseerd worden?

1.3

Leeswijzer In deze rapportage worden allereerst het plangebied en de geplande activiteiten beschreven. Hierna volgt een beschrijving van de werkwijze van het onderzoek, de resultaten van het onderzoek en een effectbepaling van de geplande werkzaamheden. Aansluitend wordt beschreven welke maatregelen genomen dienen te worden om negatieve effecten te voorkomen of te verminderen. Er wordt afgesloten met de conclusies en aanbevelingen.

1 Smeets, 2022

Ecoresult B.V. December 2023

5

2

Omschrijving plangebied

2.1

Algemeen Het plangebied omvat het traject van een mogelijk nieuwe ontsluitingsweg vanuit de Antes-locatie in Poortugaal, gemeente Albrandswaard, provincie Zuid-Holland (zie Figuur 1).

Figuur 1: Ligging plangebied, voor regionale ligging zie kaartinzet rechtsboven. Kaartbron: OpenStreetMap.

2.2

Beschrijving Route C • Deze route gaat vanaf de Albrandswaardsedijk, langs het sportpark naar de Albrandswaardseweg. • Aan de zuidzijde van de Albrandswaardsedijk ligt een grote poel met wilgen en een kleine jachthaven. De dijk is begroeid met grassen, paardenbloemen, pinksterbloemen en weegbree. • Aan de noordzijde van de dijk ligt een stuk privé grond met populieren, wilgen en zwarte els, een kleine boomgaard, grasvelden, een paddock en opstallen. • Er zijn geen bomen met holtes en/of grote nesten aangetroffen. • Er zijn sloten aanwezig zonder rietkragen. • Er ligt een wal tussen de sportvelden en het stuk privé grond, deze is begroeid met hazelaar, • •

zwarte els en esdoorn. Daarnaast groeien en algemene kruiden. Parallel aan het beoogde tracé ligt een brede sloot met aan de overzijde een grotere boomgaard, weilanden en een oude boerderij. Bij de sportvelden zijn haagjes en struweel aangeplant.

Ecoresult B.V. December 2023

6

2.3

Geplande ingrepen

2.3.1

Omschrijving werkzaamheden Voor het Antes-terrein vindt onderzoek plaats naar de haalbaarheid van woningbouw. Om een goede ontsluiting hiervoor te realiseren dienen nieuwe ontsluitingsroutes gerealiseerd te worden. Het gaat om drie opties: • Een ontsluitingsweg over de huidige Slaperskade door de polder Kijvelanden (Route A); • Verbreden van of een parallelweg langs, de huidige Schroeder van der Kolklaan (Route B); • Een nieuwe weg langs de voetbalvelden richting de Albrandswaardsedijk (Route C), Dit nader onderzoek gaat enkel in op de gekozen voorkeursvariant, namelijk ontsluiting route C. Dit houdt in ieder geval in: • Het bouwrijp maken van het plangebied. • Het verwijderen en opschonen van het groen binnen het plangebied. Dit betreft ook het kappen van bomen. • •

Het (deels) dempen van sloten. Het aanleggen van nieuwe wegen en/of het verzwaren en verbreden van de bestaande wegen.

In deze beoordeling wordt ervan uitgegaan dat er geen opstallen zullen worden verwijderd.

2.3.2

Werkplanning, werktijden en realisatieperiode Een gedetailleerde planning is nog niet beschikbaar. Een doorlooptijd van de werkzaamheden is nog niet bekend. De planning is deels afhankelijk van de conclusies uit voorliggende rapportage.

2.3.3

Methode uitvoering: materieel en werkwijze De aanleg van de ontsluitingsroute start nadat het (deel)plangebied bouwrijp is gemaakt. Onder het bouwrijp maken vallen de werkzaamheden als het slopen van opstallen, waar nodig het verwijderen van bomen, heggen en struiken, de grondwerkzaamheden en de aanleg van bouwwegen. De wegwerkzaamheden bestaan in hoofdzaak uit: • grondwerk; • realiseren van de asfaltlaag; • herinrichten openbaar gebied, waaronder straten, fiets- en voetgangersvoorzieningen, parkeerplaatsen, openbaar groen, hagen als afscheiding van privé tuinen met het openbaar gebied; werkzaamheden worden met het nodige (zwaar) materieel uitgevoerd; • bomen worden alleen gekapt op de rode lijn (Figuur 2), op de blauwe lijn • tijdens de werktijden is de bouwplaats voor zonsopgang en na zonsondergang verlicht met bouwlampen; buiten de werktijden is de bouwplaats na zonsondergang tot voor zonsopgang in het kader van veiligheid spaarzaam verlicht.

Ecoresult B.V. December 2023

7

2.3.4

(Ontwerp)tekening Een ontwerptekening voor variant C is beschikbaar, zie Figuur 2. Het verlichtingsplan voor de nieuwe situatie is nog niet bekend en is mede afhankelijk van de conclusies uit deze rapportage.

Figuur 2: Gedetailleerde plankaart voor route C. Op de rode lijn zal bomenkap plaatsvinden, op de blauwe lijn worden geen bomen gekapt. Bron: opdrachtgever

Ecoresult B.V. December 2023

8

3

Onderzoek beschermde soorten

3.1

Algemeen Het onderzoek is uitgevoerd volgens de voor die soort(groep)en geldende standaarden. De onderzoeksperiode voor al de betreffende soorten is optimaal. De inventarisatie blijft echter een steekproef. Het is dan ook mogelijk dat soorten en functies niet waargenomen zijn, terwijl dat ze op een ander tijdstip wel aanwezig zijn. Dit is echter acceptabel, de Wet natuurbescherming vraagt een initiatiefnemer om alles te doen wat redelijkerwijs van hem verwacht kan worden. Met de gekozen methode en inspanning is hieraan dan ook invulling gegeven. Onderzoeksgegevens zijn geregistreerd met WrnPro. Bij elk veldbezoek wordt er door elke onderzoeker een bezoek aangemaakt waarbij de weersgegevens, datum en start- en eindtijd geregistreerd worden. Per soortgroep is er een protocol beschikbaar waardoor waarnemingen via een vooraf opgestelde richtlijn op een uniforme manier kunnen worden ingevoerd. De exacte locatie kan worden aangegeven, de soort, aantal individuen, het gedrag, type verblijfplaats, sporen en een opmerking kunnen worden geregistreerd.

3.2

Marterachtigen

3.2.1

Protocol Onderzoek naar vaste rust- en verblijfplaatsen en functioneel leefgebied van steenmarter binnen het plangebied conform de condities en methodiek van het meest actuele protocol “kleine marterachtigen van de provincie Noord-Brabant2”.

Onderzoeksmomenten In Tabel 1 wordt een overzicht gegeven van de onderzoeksmomenten, weersomstandigheden en betrokken ecologisch deskundigen tijdens de uitgevoerde veldonderzoeken.

1 2 3

26-07-2023 Voortplantings- & vaste rust- en verblijfplaatsen en functioneel leefgebied 30-08-2023 Voortplantings- & vaste rust- en verblijfplaatsen en functioneel leefgebied 16-10-2023 Voortplantings- & vaste rust- en verblijfplaatsen en functioneel leefgebied

Onderzoeker

Methode

Type onderzoek

Datum

Tabel 1: Onderzoekinformatie met betrekking tot het marteronderzoek.

Onderzoeksronde

3.2.2

Plaatsen camera's

C. Fokker

Cameracontrole

F. Bakker

Verwijderen camera's en sporenonderzoek

F. Bakker

2 Bouwers, S., 2017. Handreiking kleine marters Noord -Brabant.

Ecoresult B.V. December 2023

9

3.2.3

Onderzoeksmaterialen Bij het onderzoek naar marterachtigen is gebruik gemaakt van vier wildcamera's in metalen behuizing.

3.2.4

Verantwoording onderzoek Het onderzoek is uitgevoerd volgens de standaard voor onderzoek naar steenmarter. Om vast te stellen of steenmarter in het plangebied voorkomt, is met vier wildcamera's nader onderzoek uitgevoerd. De camera's zijn op de meest kansrijke plaatsen ingezet (zie Figuur 3). Het onderzoek is voor het grootste deel uitgevoerd binnen de meest actieve periode (maart t/m augustus) van steenmarter. Om een volledig beeld te verkrijgen is gekozen om het onderzoek door te zetten tot en met oktober. Volgens het protocol kan camera onderzoek naar marterachtigen ook buiten de meest actieve periode mits de camera's dan een totaal van 12 weken draaien. Hieraan is voldaan doordat de camera's van 26 juli 2023 t/m 16 oktober 2023 gedraaid hebben. De beelden zijn geanalyseerd door F. Bakker.

Figuur 3: Locaties van de wildcamera's binnen het plangebied. Bron: OpenStreetMap.

3.3

Vleermuizen

3.3.1

Protocol Onderzoek naar de aanwezigheid een essentiële vliegroute of essentieel foerageergebied van gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger heeft binnen het plangebied plaatsgevonden conform het Vleermuisprotocol 20213. Dit onderzoek is uitgevoerd in de periode 15 april t/m 1 oktober, met minimaal 1 bezoek in de kraamperiode (15 mei t/m 15 juli) en minimaal 1 bezoek in de periode 1 augustus t/m 1 oktober. De tussenliggende tijd tussen de veldonderzoeken was minimaal 20 dagen.

3 Vleermuisprotocol 2021

Ecoresult B.V. December 2023

10

3.3.2

Onderzoeksmomenten In Tabel 2 wordt een overzicht gegeven van de onderzoeksmomenten, weersomstandigheden en betrokken ecologisch deskundigen tijdens de uitgevoerde veldonderzoeken. De veldbezoeken voor vleermuizen zijn uitgevoerd onder goede weersomstandigheden.

1 04-07-23 Essentieel 21:45 – 00:50 Onder: 22:06 R. van Marrewijk foerageergebied en J. Kouwenberg vliegroute 2 26-08-23 Essentieel 20:43 – 23:00 Onder: 20:43 K. Peterse foerageergebied en vliegroute 3 29-08-23 Essentieel 19:25 – 21:55 Onder: 19:25 S. van Baren foerageergebied en vliegroute * Onderzochte soorten: gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger ** Regen tot 22:10, daarna droog

3.3.3

Windkracht (Bft)

Neerslag

Temperatuur (ºC)

Onderzoekers

Zonsopkomst/ Zonsondergang

Moment

Type onderzoek*

Datum

Onderzoekronde

Tabel 2: Onderzoeksmomenten reptielenonderzoek en weergegevens met eigen waarnemingen in het veld.

17

Nee** ZO3

16

Nee

W2

15

Nee

W2

Onderzoeksmaterialen Bij onderzoek naar vleermuizen zijn onderzoekers bij elk onderzoek uitgerust met: • Batdetectors (Pettersson D240X) • Batloggers (M en/of M2) • Opnameapparatuur voor de batdetector (Edirol), • Warmtebeeldcamera (Pulsar XP28 en/of Pulsar XP38 en/of FLIR Scion OTM255) • Verrekijker met 10x42 vergroting, •

3.3.4

Zaklamp.

Verantwoording onderzoek Het is aannemelijk dat te allen tijde 75% van het plangebied goed te overzien was. Het plangebied had een overzichtelijke indeling met lange kijklijnen langs de sloot. Ook liepen 2 ervaren onderzoekers constant rond waardoor zij konden inspelen op de actuele situatie. Vanaf de belangrijke observatieknooppunten langs de sloot en nabij het woonerf ten zuiden van het plangebied, konden vleermuizen lang worden gevolgd om te zien waar ze vandaan kwamen en welke richting ze op vlogen, zodat de vliegroute goed in kaart kon worden gebracht. Onderzoek maar foerageergebied is gedaan door te kijken naar locaties waar vleermuizen foerageren. Er is hierbij gelet op het aantal individuen wat aanwezig is, en hoe lang er gemiddeld gefoerageerd wordt. De aandacht voor het vleermuisonderzoek is hoofdzakelijk uitgegaan naar het plangebied. Hier waren de potenties voor een mogelijke vliegroute en foerageergebied aanwezig.

Ecoresult B.V. December 2023

11

Een foerageergebied of vliegroute wordt als essentieel bestempeld indien deze van wezenlijk belang is voor het functioneren van een vaste rust- en verblijfplaats4.

4 https://www.omgevingsweb.nl/nieuws/foerageergebied-en-vliegroutes-beschermd-of-niet/

Ecoresult B.V. December 2023

12

4

Resultaten nader onderzoek

4.1

Steenmarter Gedurende het veldonderzoek werden in totaal 387 opnames gemaakt (zie Tabel ). Geregistreerde beschermde marterachtigen: steenmarter (zie Figuur 4). Andere marterachtigen die binnen het plangebied zijn aangetroffen betreffen wezel en bunzing. Andere soorten zoals aangetroffen in het plangebied betreft onder andere huisspitsmuis, bosmuis, roodborst en groene specht. Voor een volledig overzicht zie Tabel . Steenmarter is in de provincie Zuid-Holland een nationaal beschermde soort die niet is vrijgesteld van ontheffing. Steenmarter is op tien moment vastgelegd op camera’s 1, 2 en 3. Voor vaste rusten verblijfplaatsen is binnen het plangebied geen potentie voor vaste rust- en verblijfplaatsen, opstallen of andere objecten die geschikt zijn voor vaste rust- en verblijfplaatsen ontbreken. Het plangebied is alleen geschikt als jachtgebied voor steenmarter en functioneert als verbindingszone. Deze functie is alleen aanwezig in het zuidelijke deel van het plangebied, richting de Albrandswaardseweg zijn geen waarnemingen gedaan.

Figuur 4: Geregistreerde steenmarter op wildcamera 2. Bron: Ecoresult B.V.

Ecoresult B.V. December 2023

13

Tabel 3: Geregistreerde soorten tijdens het onderzoek naar steenmarter binnen plangebied Route C Poortugaal. Wildcamera’s Route C Poortugaal Opnamedata 26 juli 2023 t/m 16 oktober 2023 Wildcamera 1 Wildcamera 2 147 opnames 517 opnames Bosmuis Bosmuis Bruine rat Bruine rat Bunzing Bunzing Egel Egel Groene specht Ekster Grote bonte specht Gaai Haas Haas Houtduif Heggenmus Huiskat Huiskat Huismuis Huisspitsmuis Huisspitsmuis Koolmees Koolmees Steenmarter (3) Steenmarter (6) Merel Merel Roodborst Roodborst Rosse woelmuis Stadsduif Vink Vink Waterhoen Winterkoning Zanglijster Zanglijster

Wildcamera 3 Wildcamera 4 200 opnames 20 opnames Bosmuis Huiskat Bunzing Huismuis Egel Huisspitsmuis Gaai Bruine rat Groene specht Grote bonte specht Haas Houtduif Huiskat Huisspitsmuis Koolmees Merel Roodborst Steenmarter (1) Vink Wezel Zanglijster

14

4.2

Vleermuizen Gedurende de veldonderzoeken zijn in totaal drie vleermuissoorten waargenomen (zie Figuur 5): • Gewone dwergvleermuis • Ruige dwergvleermuis • Watervleermuis

Figuur 5. In en rondom het plangebied aangetroffen soorten vleermuizen. Kaartbron: OpenStreetMap.

4.2.1

Gewone dwergvleermuis Tijdens alle veldbezoeken in het kader van het vleermuisonderzoek (Tabel 2) zijn 43 waarnemingen van gewone dwergvleermuizen verricht (Figuur 5): 12 in het voorjaar en 31 in het najaar. Vaste rust- en verblijfplaatsen • Binnen en buiten het plangebied zijn geen vaste rust- en verblijfplaatsen aangetroffen.

15

Figuur 6. Waarnemingen van gewone dwergvleermuis en waargenomen gedrag. Kaartbron: OpenStreetMap.

Functioneel leefgebied •

•

Binnen het plangebied zijn twee duidelijke vliegroutes aanwezig o Langs de Albrandswaardseweg in west-oostelijke richting, waarbij ze gebruik maken van o.a. bomen langs de sportvelden aan de zuidkant van de weg o Haaks op de Albrandswaardseweg in noord-zuidelijke richting, met name over de sloot in zuidelijke richting maar ook zowel ten westen (langs de bomenrij) als ten oosten van de sloot (over het veld). Binnen het plangebied werden regelmatig 5-10 foeragerende gewone dwergvleermuizen aangetroffen, met name boven de sloot die in noord-zuid door het plangebied loopt. In de omgeving is voldoende geschikt foerageergebied aanwezig boven sloten, waterpartijen, bosrijke ervaring en in het parkachtige landschap. Er is in dit geval geen sprake van essentieel foerageergebied.

Type verblijfplaats Individuen Datum Adres Vliegroute West-Oost Min. 20 Alle Albrandswaardseweg bezoeken

Opmerkingen Langs de Albrandswaardseweg in west-oost, gebruik maken van bomen langs de sportvelden.

Vliegroute NoordZuid

Haaks op de Albrandswaardseweg in noordzuidelijke richting, over de sloot, over de bomenrij ten westen en over het veld ten oosten.

Min. 10

Ecoresult B.V. December 2023

Alle Sportvelden-oostkant bezoeken

16

4.2.2

Ruige dwergvleermuis Tijdens alle veldbezoeken in het kader van het vleermuisonderzoek (Tabel ) zijn 5 waarnemingen van ruige dwergvleermuizen verricht (zie Figuur 7), allen in het najaar.

Figuur 7: Waarnemingen van ruige dwergvleermuis en waargenomen gedrag. Kaartbron: OpenStreetMap

Vaste rust- en verblijfplaatsen • Binnen en buiten het plangebied zijn geen vaste rust- en verblijfplaatsen aangetroffen. Functioneel leefgebied •

•

Binnen het plangebied zijn twee duidelijke vliegroutes aanwezig: o Langs de Albrandswaardseweg in west-oostelijke richting, waarbij ze gebruik maken van o.a. bomen langs de sportvelden aan de zuidkant van de weg o Haaks op de Albrandswaardseweg in noord-zuidelijke richting, met name over de sloot in zuidelijke richting maar ook zowel ten westen (langs de bomenrij) als ten oosten van de sloot (over het veld). Binnen het plangebied werden geen foeragerende ruige dwergvleermuizen aangetroffen, van (essentieel) foerageergebied is geen sprake.

Type verblijfplaats Individuen Datum Adres Vliegroute West-Oost Enkele Alle Albrandswaardseweg bezoeken

Opmerkingen Langs de Albrandswaardseweg in west-oost, gebruik maken van bomen langs de sportvelden.

Vliegroute NoordZuid

Haaks op de Albrandswaardseweg in noordzuidelijke richting, over de sloot,

Max. 4

Ecoresult B.V. December 2023

Alle Sportvelden-oostkant bezoeken

17

over de bomenrij ten westen en over het veld ten oosten.

4.2.3

Watervleermuis Tijdens het onderzoek zijn twee waarnemingen van watervleermuis gedaan, die zich over de sloot verplaatsten (zie Figuur 8). Dit betreffen sporadische waarnemingen. Vaste rust- en verblijfplaatsen en essentieel functioneel leefgebied zijn derhalve afwezig.

Figuur 8: Waarnemingen van watervleermuis en waargenomen gedrag. Kaartbron: OpenStreetMap

4.2.4

Laatvlieger Tijdens het onderzoek zijn binnen en rondom het plangebied geen waarnemingen verricht van laatvlieger. Vaste rust- en verblijfplaatsen en essentieel functioneel leefgebied zijn derhalve afwezig.

4.3

Conclusie onderzoeksresultaten •

Binnen het plangebied is aanwezig: o Essentieel functioneel leefgebied van steenmarter o Essentiële vliegroute van gewone dwergvleermuis o Essentiële vliegroute van ruige dwergvleermuis

In Figuur 9 staan alle aangetroffen verblijfplaatsen in en rondom het plangebied weergegeven.

Ecoresult B.V. December 2023

18

Figuur 9: Overzicht van alle aangetroffen voortplantings- en vaste rust- en verblijfplaatsen en leefgebied rondom het plangebied. Kaartbron OpenStreetMap.

Ecoresult B.V. December 2023

19

5

Effectbeoordeling

5.1

Habitatrichtlijn

5.1.1

Gewone dwergvleermuis Door het plangebied loopt een essentiële vliegroute van gewone dwergvleermuis die gebruikt wordt door ten minste 20 exemplaren. De bestaande, opgaande begroeiing en bomenlaan in het plangebied blijven behouden. De structuren die onderdeel uitmaken van de essentiële vliegroute blijven behouden, maar de inrichting verlichting in het plangebied is nog onbekend. In de nieuwe situatie moet langs de weg de verlichting zoals in de huidige situatie aanwezig is worden geplaatst (dus vergelijkbare hoogte, richting, sterkte). Wanneer de mate van verlichting gelijk is aan de huidige situatie óf als in de nieuwe situatie het plangebied donkerder wordt, zijn negatieve effecten uitgesloten. Dat kan bijvoorbeeld ook het geval zijn met hogere lantarenpalen die vleermuisvriendelijke verlichting uitstralen. Ook tijdens de werkzaamheden dienen dezelfde voorwaarden aan de verlichting te worden gesteld, tenzij de werkzaamheden plaatsvinden in de periode 1 december t/m 1 maart. Wanneer sprake is van een verslechtering van de verlichting in de nieuwe (of tijdelijke) situatie, is sprake van overtreding van de volgende verbodsbepalingen: • Art 3.5 lid 2: Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren. • Art 3.5 lid 4: Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen.

Ontheffing op de Wet natuurbescherming is dan nodig (zie Paragraaf 5.3) evenals het treffen van maatregelen (zie Hoofdstuk 6). Voorafgaand aan het uitvoeren van de werkzaamheden is een definitieve effectbeoordeling van het verlichtingsplan noodzakelijk, zodat de aanwezigheid van de vliegroute kan worden geborgd.

5.1.2

Ruige dwergvleermuis Door het plangebied loopt een essentiële vliegroute van ruige dwergvleermuis die gebruikt wordt door ten minste 4 exemplaren. De bestaande, opgaande begroeiing en bomenlaan in het plangebied blijven behouden. De structuren die onderdeel uitmaken van de essentiële vliegroute blijven behouden, maar de inrichting verlichting in het plangebied is nog onbekend. In de nieuwe situatie moet langs de weg de verlichting zoals in de huidige situatie aanwezig is worden geplaatst (dus vergelijkbare hoogte, richting, sterkte). Wanneer de mate van verlichting gelijk is aan de huidige situatie óf als in de nieuwe situatie het plangebied donkerder wordt, zijn negatieve effecten uitgesloten. Dat kan bijvoorbeeld ook het geval zijn met hogere lantarenpalen die vleermuisvriendelijke verlichting uitstralen. Ook tijdens de werkzaamheden dienen dezelfde voorwaarden aan de verlichting te worden gesteld, tenzij de werkzaamheden plaatsvinden in de periode 1 december t/m 1 maart.

Ecoresult B.V. December 2023

20

Wanneer sprake is van een verslechtering van de verlichting in de nieuwe (of tijdelijke) situatie, is sprake van overtreding van de volgende verbodsbepalingen: • Art 3.5 lid 2: Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren. • Art 3.5 lid 4: Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen Ontheffing op de Wet natuurbescherming is dan nodig (zie Paragraaf 5.3) evenals het treffen van maatregelen (zie Hoofdstuk 6). Voorafgaand aan het uitvoeren van de werkzaamheden is een definitieve effectbeoordeling van het verlichtingsplan noodzakelijk, zodat de aanwezigheid van de vliegroute kan worden geborgd.

5.1.3

Laatvlieger Binnen en grenzend aan het plangebied zijn geen vaste rust- en verblijfplaatsen of essentieel leefgebied van laatvlieger aanwezig. Negatieve effecten zijn derhalve uitgesloten. Het aanvragen van een ontheffing op de Wet natuurbescherming voor laatvlieger of het treffen van aanvullende maatregelen is niet nodig.

5.1.4

Watervleermuis Binnen en grenzend aan het plangebied zijn geen vaste rust- en verblijfplaatsen of essentieel leefgebied van watervleermuis aanwezig. Negatieve effecten zijn derhalve uitgesloten. Het aanvragen van een ontheffing op de Wet natuurbescherming voor watervleermuis of het treffen van aanvullende maatregelen is niet nodig.

5.2

Nationaal beschermde soorten

5.2.1

Steenmarter In het plangebied zijn struiken en structuren aanwezig waar op drie locaties meerdere keren steenmarter is waargenomen. Al de waarnemingen werden gedaan in het zuidelijke deel van het plangebied, grenzend aan het daar aanwezige woonerf. Het plangebied wordt kennelijk sporadisch gebruikt als jachtterrein of als migratieroute van steenmarter. Potentiële vaste rust- en verblijfplaatsen van steenmarter zijn niet in het plangebied aanwezig, opstallen ontbreken en derhalve worden geen vaste rust- en verblijfplaatsen weggenomen. Het plangebied is onderdeel van een groot, halfopen cultuurlandschap wat zich uitstrekt langs de Oude Maas en tussen de bebouwde kommen van Poortugaal en Rhoon. Het plangebied is derhalve geen essentieel onderdeel van het leefgebied van steenmarter. Het vormt geen essentiële verbindingszone tussen gebieden. Het aanvragen van een ontheffing op de Wet natuurbescherming voor steenmarter of het treffen van aanvullende maatregelen is niet nodig. Indien toch opstallen moeten worden verwijderd waar potentiële vaste rust- en verblijfplaatsen van steenmarter aanwezig zijn, dan is er sprake van een overtreding van de volgende verbodsbepaling: • Art 3.10 lid 1b: Het is verboden vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of vernielen

Ecoresult B.V. December 2023

21

Ontheffing op de Wet natuurbescherming is in dat geval nodig (zie Paragraaf 5.3) evenals het treffen van maatregelen (zie Hoofdstuk 6).

5.3

Voorwaarden voor ontheffing Een ontheffing (of een vrijstelling) kan uitsluitend worden verleend, als voldaan is aan drie cumulatieve voorwaarden. Een uitgebreidere uiteenzetting van de voorwaarden is opgenomen in Bijlage 1: • Afwezigheid van reële alternatieven (planning, werkwijze, locatie). • Wettelijk belang van de werkzaamheden (verschilt per beschermingscategorie). • Tenslotte mag de ingreep geen afbreuk doen aan de staat van instandhouding van de soort. Dit is onder andere afhankelijk van de ruimtelijke spreiding van de soort in de directe omgeving. Dit kan worden voorkomen door het treffen van voldoende mitigerende/compenserende maatregelen. Om te beoordelen of aan deze voorwaarden wordt voldaan zal een toetsing van de belangen en de alternatieven plaatsvinden en een ecologische toetsing. De richtlijn voor het behandelen van een aanvraag bedraagt 13 weken met de mogelijkheid om dit eenmalig te verlengen met 7 weken. In de praktijk wordt hier soms (sterk) van afgeweken.

Ecoresult B.V. December 2023

22

6

Maatregelen De structuren van de huidige essentiële vliegroute van gewone dwergvleermuis en ruige dwergvleermuis blijven behouden, bomen worden niet gekapt die onderdeel uitmaken van deze vliegroute. Het nieuwe verlichtingsplan is nog niet bekend, maar dit kan negatieve effecten hebben op de essentiële vliegroute die door en langs het plangebied loopt. Richting, felheid, hoogte en kleur van de lantarenpalen zijn daarbij bepalend en maatregelen zijn noodzakelijk om negatieve effecten op de vliegroute uit te sluiten. De nieuwe verlichting mag geen grotere impact hebben op de vliegroute dan de huidige verlichting, anders is een vergunning noodzakelijk. Maatregelen die genomen kunnen worden: • Geen verlichting • Goede armatuur en lamphoogte, door alleen daar te schijnen waar het nodig is en de essentiële vliegroute te ontzien • Verlichting afstemmen op verkeersdrukte, werktijden en kwetsbare periodes voor vleermuizen, of toepassen van bewegingsmelders. • Toepassen van rood of amberkleurig licht, dat vermindert de verstoring van vleermuizen. Het nieuwe verlichtingsplan dient in samenspraak met een ecoloog en de opdrachtgever verder uitgewerkt te worden om de essentiële vliegroute van gewone dwergvleermuis en ruige dwergvleermuis te borgen.

Ecoresult B.V. December 2023

23

7

Conclusies en aanbevelingen

7.1

Conclusies In opdracht van Staat B.V. heeft Ecoresult B.V. een nader onderzoek naar steenmarter en vleermuizen (gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, laatvlieger) uitgevoerd in het plangebied: Antes Locatie, Ontsluiting C, Poortugaal. De aanleiding van dit verzoek is de voorgenomen aanleg van een weg door het plangebied. De activiteiten kunnen een schadelijk effect hebben op steenmarter en vleermuizen. De Wet natuurbescherming kan hierdoor worden overtreden. In voorliggend hoofdstuk zijn de aangetroffen natuurwaarden en vervolgstappen uitgesplitst in onderstaande tabel. Voor een nadere uitwerking wordt verwezen naar Hoofdstuk 4 (Resultaten onderzoek), Hoofdstuk 5 (Effectenbeoordeling) en Hoofdstuk 6 (Maatregelen). Overige aanbevelingen met betrekking tot vrijgestelde soorten en vogels, zoals benoemd in de quickscan5 blijven van kracht.

Laatvlieger

Essentiële vliegroute

Steenmarter

Essentieel leefgebied

Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee

Nee Nee Nee n.v.t. n.v.t. n.v.t. Nee

Ja Nee Ja n.v.t. n.v.t. n.v.t. Nee

(Mitigerende) maatregelen (aantal)

Aantal Min. 20 Min. 20 4 0 0 0 Min. 1

(Mitigerende) maatregelen

Ruige dwergvleermuis Essentiële vliegroute

Binnen Buiten Binnen Buiten Binnen Buiten Binnen

Ontheffing nodig

Essentiële vliegroute

Negatief effect

Gewone dwergvleermuis

Binnen/Buiten plangebied

Soort

Functie plangebied

Tabel 1: Onderzochte en/of aangetroffen beschermde soorten en vervolgstappen.

Ja Nee Ja n.v.t. n.v.t. n.v.t. Nee

5 Smeets, 2022.

Ecoresult B.V. December 2023

24

8

Geraadpleegde bronnen

8.1

Literatuur •

Smeets, B. J. J., 2022. Quickscan flora en fauna. Plangebied: Antes-locatie, Poortugaal. Kenmerk: ER20220415v02. Ecoresult B.V., Alblasserdam

Vleermuisprotocol 2021 • Anoniem, 2021. Vleermuisprotocol 2021. Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, Zoogdiervereniging

8.2

Internet PDOK (Publieke Dienstverlening Op Kaart) https://www.pdok.nl/

Ecoresult B.V. December 2023

25

Bijlage 1 Voorwaarden ontheffing Een ontheffing (of een vrijstelling) kan uitsluitend worden verleend, als voldaan is aan elk van de volgende drie cumulatieve voorwaarden: 1. Geen andere bevredigende oplossing: •

De vraag of er een bevredigende andere oplossing is, bestaat uit drie delen: o Wat is het probleem of de specifieke situatie waarom de handeling plaatsvindt? o o

Zijn er andere oplossingen voor dit probleem? Indien er andere oplossingen zijn, welke gevolgen heeft dit dan voor de

verbodsbepalingen? Sprake van een in de wet genoemd belang

2. •

•

Voor soorten beschermd onder de Habitatrichtlijn, het Verdrag van Bern of het Verdrag van Bonn kan ontheffing of vrijstelling worden verleend op grond van de volgende belangen: o In het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna, of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats: o Ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom: o In het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten: o Voor onderzoek en onderwijs, repopulatie of herintroductie van deze soorten, of voor de daartoe benodigde kweek, met inbegrip van de kunstmatige vermeerdering van planten, of o Om het onder strikt gecontroleerde omstandigheden mogelijk te maken op selectieve wijze en binnen bepaalde grenzen een beperkt, bij de ontheffing of vrijstelling vastgesteld aantal van bepaalde dieren van de aangewezen soort te vangen of onder zich te hebben, onderscheidenlijk een beperkt bij de ontheffing of vrijstelling vastgesteld aantal van bepaalde planten van de aangewezen soort te plukken of onder zich te hebben: Voor soorten beschermd onder de Vogelrichtlijn, het Verdrag van Bern of het Verdrag van Bonn kan ontheffing

of vrijstelling worden verleend op grond van de volgende belangen: o o o o o o o

In het belang van de volksgezondheid en openbare veiligheid. In het belang van de veiligheid van het luchtverkeer. Ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij en wateren. Ter bescherming van flora en fauna. Voor onderzoek en onderwijskundige doelen. Voor het uitzetten en herinvoeren van soorten en voor de met deze doelen samenhangende teelt. Om kleine hoeveelheden van bepaalde vogels onder bepaalde omstandigheden te vangen, te houden of te gebruiken.

Ecoresult B.V. December 2023

26

3.

Geen verslechtering/afbreuk aan de staat van instandhouding van de soort. • Het ecologische toetsingscriterium verschilt per beschermingsregime, voor soorten van de Vogelrichtlijn is dit: “De maatregelen leiden niet tot verslechtering van de staat van instandhouding van de betreffende soort” • Om te beoordelen of aan deze criteria wordt voldaan, moeten de volgende vragen worden beantwoord: o

•

Wat is de staat van instandhouding (van de populatie) van de soort (in zijn natuurlijk verspreidingsgebied)?

o Wat is het effect van het verlenen van de ontheffing op de betrokken populatie(s)? Om te beoordelen of aan deze voorwaarden wordt voldaan zal een toetsing van de belangen en de alternatieven plaatsvinden en een ecologische toetsing. De richtlijn voor het behandelen van een aanvraag bedraagt 13 weken met de mogelijkheid om dit eenmalig te verlengen met 7 weken. In de praktijk wordt hier soms (sterk) van afgeweken.

Ecoresult B.V. December 2023

27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3811/documents/33966