CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Reactienota IBSD Albrandswaard.pdf

Gemeenteraad AW 1 februari 2021, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 11: Integraal beleid Sociaal Domein13.015 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ik zie niet iets terug van CJG bij het doel ‘(veilig) thuis wonen’. Bij de aanpak kindermishandeling en huiselijk geweld (blz. 40) wordt CJG bijv. niet genoemd. Daar hebben wij wel een signalerende rol.

Organisatie: Distinto Vraag/opmerking Wie zitten er aan de opgavetafels? Worden wij daarvoor uitgenodigd, of is daarin een actie van ons gevraagd? Wij willen graag meedenken, namelijk.

Bij de invoering van de resultaatgerichte bekostiging is het monitoren van output opgestart, maar ook weer losgelaten vanwege de beperkingen die de AVG wetgeving met zich meebracht. Op welke wijze gaat dit vormkrijgen? Innovatie is zeer noodzakelijk. Echter, met het oog op de huidige versnippering lijkt het ons wel belangrijk om niet op een ‘ieder voor zich’ manier aan de slag te zijn. In de praktijk zien we nu wel dat dit zo gebeurt. Langs welke lijn gaan we met elkaar werken? Wat zijn voorwaarden/kaders waaronder en waarbinnen innovatie plaats moeten vinden?

Het ging hier om het aanbod Gescheiden Opvoeden. Momenteel zijn we nog in gesprek over het best passende aanbod. Vooralsnog is deze inspanning verwijderd, maar het onderwerp complexe scheidingen heeft zeker onze aandacht. De jeugdgezondheidszorg (CJG) is opgenomen bij de maatschappelijke partners onder speerpunt 5 (veilig) Thuis wonen. In de lokale uitwerking van de regiovisie huiselijk geweld en kindermishandeling 2020-2023 worden de uitgangspunten van de regiovisie verder uitgewerkt. De jeugdgezondheidszorg wordt hier ook bij betrokken.

Antwoord/reactie gemeente Fijn te lezen dat u zich betrokken voelt en deel wilt nemen aan de opgavetafels. Wij buigen ons de komende periode over de invulling en samenstelling van deze tafels. Uw organisatie zullen wij ongetwijfeld ook betrekken bij een/meerdere tafels. U ontvangt vanuit de gemeente(n) een uitnodiging hiervoor en hoeft hier zelf geen actie voor te ondernemen. Zolang wetgeving zorgt voor beperkingen in het monitoren van de output, zullen wij hier als gemeenten terughoudend in zijn. Over eventuele ontwikkelingen hierin wordt u benaderd door uw contractmanager. De gemeente zal samen met haar partners via innovatieve, projectmatige aanpakken de komende jaren op zoek gaan naar de meest effectieve en efficiënte wijze waarop de doelstellingen uit de nota gerealiseerd kunnen worden. De voorwaarden en kaders zullen o.a. in de opgavetafels besproken worden.

24

JGZ stopt veelal bij de wijkteams. Op welke wijze kunnen aanbieders van jeugdhulp meepraten/denken/initiatieven bespreken/voorstellen neerleggen? Een vraag over Passend Onderwijs: samenwerking met aanbieders van jeugdhulp wordt slechts beperkt aangestipt, de rol van het wijkteam wordt daarin genoemd. Wij signaleren in de praktijk dat er dringend behoefte is aan beleid op de samenwerking tussen onderwijs en zorg. Hoe gaat dit item opgepakt worden? Tenslotte nog een vraag over het speerpunt Ontwikkelen. Jeugdhulp wordt niet genoemd bij de inspanningen om hieraan te werken. Wat als aan het eind van de alle inspanningen de gewenste ontwikkeling uitblijft, hoe wordt dan de weg naar professionele hulp ingezet? Belangrijk dat jeugdhulp hier een rol in heeft, zeker ook weer als het gaat om de samenwerking tussen onderwijs en zorg. Organisatie: Enver Vraag/opmerking Met interesse hebben wij de conceptversies van de nota’s integraal beleid sociaal domein van de BAR gemeenten gelezen. In grote lijnen zijn wij zeer positief over de nota’s. Wij onderschrijven de noodzaak om in te zetten op duurzame samenwerkingsverbanden, een inclusieve samenleving en integraliteit. We kunnen ons goed vinden in de wijze waarop thema’s als vraaggerichtheid, maatwerk, vroegsignalering, eigen kracht en innovatie worden beschreven. Enver zal actief haar bijdrage leveren om (o.a.

tijdens de opgavetafels) samen met de inwoners, maatschappelijke partners en de (samenwerkende, responsieve) gemeenten een impuls te geven aan de transformatie. Wij kunnen ons ook goed vinden in de beschreven wijze van sturen op outcome effecten en de

Preventie is 1 van de thema’s die aan de opgavetafels in gezamenlijkheid besproken worden. Dit wordt opgepakt in de kerngroep Passend Onderwijs.

Op p.11 in de nota staat e.e.a. genoemd over integrale samenwerking en zorg dichtbij. En de inspanning wijkteams en maatwerkvoorzieningen (p. 25) gaat hier op in.

Antwoord/reactie gemeente Bedankt voor uw positieve woorden over de nota’s. Fijn te lezen dat u zich betrokken voelt en actief deel wilt nemen aan de opgavetafels.

25

doorontwikkeling van de wijkteams en het wijknetwerk. Enver is actief betrokken is bij de transformatieopgave in de regio en deze kennis en inzet willen wij graag benutten binnen de BAR. Een klein aandachtspunt wat ons betreft is de beschrijving van Pak Je Kans. Pak je Kans is geen samenwerkingsverband, maar een hulpvorm geboden door Enver, waarbij o.a. gebruik wordt gemaakt van de evidenced based interventie “”Basta”. Pak je Kans werkt nauw samen met de politie, leerplicht en Halt. “Pak je Kans is snelle, kortdurende hulp aan jongeren die in beeld zijn bij de politie Rotterdam Rijnmond, leerplicht en Bureau Halt Rotterdam-Rijnmond. Er wordt hulp geboden aan kinderen en jongeren met zorgwekkend gedrag thuis, op straat of school. Het gaat om jongeren die problemen ondervinden dan wel veroorzaken. De hulp is laagdrempelig en richt zich op gedragsverandering van de jongere en het hele gezin. De hulp wordt geboden binnen zijn/haar eigen leefomgeving.”” Wij zouden ook graag de waardevolle inzet van buurtsportcoaches bij de genoemde inspanning beschreven zien.

Organisatie: Humanitas Vraag/opmerking Het benoemen van maatschappelijke partners in de overzichten is lastig. Ik denk dat het als voorbeeld of denkrichting is benoemd, maar je zou in de huidige opzet van tekst het bijna als directe opdracht kunnen zien voor die partijen. Het zou daarom handiger zijn om geen namen te noemen of alle namen te noemen bij maatschappelijke partners. Algemene termen kunnen dan duidelijkheid geven.

Naar aanleiding van deze inspraak en afstemming met Enver is de tekst in de nota onder inspanning 1.9. aangepast.

Na navraag bij Enver n.a.v. deze opmerking hebben we begrepen dat ze de positieve ervaringen die ze hebben met de buurtsportcoach ook graag beschreven zien in Ridderkerk en Barendrecht. Preventie o.a. door middel van sport is belangrijk en daarin zullen we samenwerken met verschillende partijen.

Antwoord/reactie gemeente Aan het tekstvak ‘maatschappelijke partners’ is toegevoegd: “Niet limitatief en ten tijde van opstelling van deze nota onder meer:”.

26

Organisatie: Koers VO / RIBA / Berséba (bestuurlijke vragen/ opmerkingen) Vraag/opmerking Antwoord/reactie gemeente Nadrukkelijker benoemen onlosmakelijkheid tussen Als gemeente onderschrijven we het belang van de samenwerking jeugdhulpverlening en onderwijs, de benodigde inzet hiervoor en tussen de scholen, wijkteams en jeugdhulpaanbieders. Dit geldt het recht op onderwijs overigens ook voor de samenwerking met de jeugdgezondheidszorg en de welzijnsorganisatie(s). In alle drie de gemeenten zijn wijkteamprofessionals, oftewel schoolcontactpersonen, op de scholen werkzaam. Vragen van leerkrachten, ouders en leerlingen kunnen hierdoor vroegtijdig worden gesignaleerd en op basis van de vragen kan kortdurende ondersteuning geboden worden. Voor de gemeente Ridderkerk heeft elke school (basisscholen en voortgezet onderwijs) een vaste schoolcontactpersoon. In Albrandswaard geldt dit voor alle basisscholen en in Barendrecht geldt dit voor het voorgezet onderwijs. Onderzocht wordt of de inzet van de wijkteamprofessionals in Barendrecht ook naar de basisscholen uitgebreid kan worden. Vanuit de Lokaal en Regionaal Educatieve Agenda streven we ernaar om ambities op elkaar af en afspraken te maken over ieders rollen, taken en verantwoordelijkheden. Gezamenlijk gaan we op zoek naar nieuwe vormen van hulp en activiteiten die het welzijn van onze kinderen en jongeren kunnen vergroten.

Nadrukkelijker benoemen optimalisatie van toegang tot jeugdhulpverlening;

Tevens is het belangrijk dat er sprake is van een optimale samenwerking ten aanzien van het terugdringen van het aantal thuiszitters. Het is echter primair de taak van het onderwijs/de samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs. Als gemeente willen we hier samen in optrekken. Binnen de Kerngroep Passend Onderwijs kunnen gezamenlijke afspraken gemaakt worden. De komende periode zal de gemeente een meer prominente rol innemen bij de toegang en toeleiding naar specialistische hulpverlening. 27

Nadrukkelijker benoemen afweging thuisnabij onderwijs (ook i.c.m. vormen van jeugdhulp) ten opzichte van noodzakelijke (sub-)regionale schaalgrootte, specifiek voor jongeren in de VOleeftijd. Hierbij vragen we specifiek aandacht voor de inkoop op lokaal en sub- regionaal niveau, als ook via de GRJR. Voorbeelden hiervan zijn:  Jeugdhulp op het OPDC van Koers VO. Momenteel is het jeugdhulpdeel van het OPDC in Rotterdam voor jongeren uit de BAR niet ingekocht door uw drie gemeenten en zorgt een plaatsing voor veel bureaucratie. Wij pleiten sterk voor (sub)regionale inkoop van het jeugdhulpdeel van het OPDC.  Het zorgonderwijscentrum van Timon gericht op langdurig thuiszitters welke regionaal ingekocht is via GRJR. Aanhaking van het onderwijs voor de noodzakelijke onderwijsondersteuning was niet vroegtijdig voorzien. Wij pleiten sterk voor het tijdig gezamenlijk optrekken bij dergelijke gecombineerde oplossingen.  De Onderwijs-zorgarrangementen (OZA’s) van de gemeente Rotterdam. De BAR-gemeenten hebben er nog niet voor gekozen aan te haken bij deze aanbesteding. Dit betekent dat jongeren uit de BAR op Rotterdamse V(S)O-scholen geen

In de gemeente Barendrecht draait hieromtrent momenteel een Proeftuin, waarin verschillende wijkteamprofessionals en gedragsdeskundigen participeren. Binnen de Proeftuin wordt gewerkt volgens het proces van aanmelding, het doen van onderzoek en het afgeven van een beschikking. Dit gebeurt binnen de wettelijk gestelde termijn. Hiermee zetten we in op een duidelijkere rol- en taakverdeling tussen de professionals die werkzaam zijn als hulpverlener en professionals die werkzaam zijn ten behoeve van het stellen van indicaties. Jeugdhulp op het OPCD van Koers VO De gemeenten hebben in 2019, inzake de inzet van het OPDC, afspraken gemaakt met een van de gecontracteerde aanbieders en hun onderaanbieder voor lokale jeugdhulp. De gemaakte afspraken zijn in oktober 2019 gecommuniceerd met samenwerkingsverband Koers VO. De afspraken gelden ook voor het jaar 2020 en 2021. En indien de overeenkomsten lokale jeugdhulp nogmaals met een jaar verlengd worden, dan gelden de afspraken ook voor het jaar 2022. Zorgonderwijscentrum Timon In het kader van de onderwijs-zorgarrangementen onderschrijft de gemeente het belang van samenwerking en het tijdig gezamenlijk optrekken tussen de gemeente, het onderwijs en andere direct betrokken. Onderwijs-zorgarrangementen In 2017 hebben de drie gemeenten een gezamenlijke aanbesteding lokale jeugdhulp uitgevoerd.

De inkoop voor Jeugdhulp in de gemeenten Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk bestond uit 3 deelopdrachten: - deelopdracht 1: ambulante hulp voor jeugd met een beperking - deelopdracht 2: generalistische basis GGZ - deelopdracht 3: dyslexie 28

aanspraak kunnen maken op OZA’s waar hun Rotterdamse klasgenoten dit wel kunnen. Wij pleiten ervoor dat de BARgemeenten zich mengen in het proces van het opstellen van een nieuwe aanbesteding voor deze OZA’s en nadrukkelijk zullen overwegen om bij deze aanbesteding aan te sluiten.

Het borgen van kwaliteitskaders voor het onderwijs.

In de nota van Ridderkerk wordt specifiek benoemd dat frequent of langdurig schoolverzuim een indicator kan zijn voor onderliggende problemen. Er wordt gesteld dat de samenwerking tussen onderwijs, leerplicht, de jeugdgezondheidszorg en de wijkteams hierbij cruciaal is. Ook in het kader van eerder genoemde Recht op onderwijs en het terugdringen van thuiszitters, zouden wij graag zien dat de gemeenten Barendrecht en Albrandswaard overwegen deze passage toe te voegen. In de nota van Ridderkerk wordt aandacht besteed aan jonge mantelzorgers. Deze wordt gemist in de andere twee nota’s, waarbij dit juist voor de gemeente Barendrecht met haar atypische hoeveelheid jongeren, opvalt.

De onderwijszorgarrangementen vielen onder deze opdracht, namelijk onder deelopdracht 1 en 2. Deze aanbesteding hebben de gemeenten vooruitlopend op de aanbesteding van de gemeente Rotterdam uitgevoerd. Omdat de gemeenten sinds 1 januari 2018 voorzien in de onderwijszorgarrangementen hebben de gemeenten zich niet aangesloten bij de aanbesteding vanuit de gemeente Rotterdam. Naar verwachting zal de lokale jeugdhulp en de specialistische jeugdhulp, die door de GRJR, is ingekocht in 2022 opnieuw worden aanbesteed. Een verkennend gesprek vooruitlopend op de aanbesteding behoort tot de mogelijkheden. Als gemeente onderschrijven we het belang van het delen en verbinden van kennis en expertise op het gebied van jeugdhulp en onderwijs. Middels de kerngroep Passend Onderwijs kunnen we dit gezamenlijk oppakken en verder uitwerken. Deze passage is toegevoegd aan de nota.

In de nota is inzet voor jonge mantelzorgers meer specifiek benoemd.

29

Organisatie: Small Steps Vraag/opmerking Het is fijn is dat de gemeenten meer willen inzetten op vroegtijdiger signaleren en het versterken van preventie. In dat kader wordt de rol van de kinderopvang gemist. Kinderen starten vaak al 8 weken na hun geboorte op de kinderopvang en blijven gemiddeld tot 10 jaar. Small Steps is in de gemeenten Albrandswaard en Barendrecht als kinderopvang actief en heeft geen VVE locaties. Op blz 16 wordt aangegeven dat de gemeente afspraken heeft/gaat maken met de VVE partners rondom de doorgaande leerlijn en de kwaliteitsborging. Het wordt als een gemis ervaren dat niet alle kinderopvangorganisatie hierbij aansluiten. Ook Small Stept wil graag alle kinderen op een juiste manier willen overdragen aan de basisschool en mee werken aan een sterke doorgaande leerlijn, zodat alle kinderen dezelfde kansen krijgen. In andere gemeenten wordt de kinderopvang ook bij het project kansrijke start betrokken. De kinderopvang wordt hier niet genoemd.

De inzet van wijkteam professionals op school is denk ik goed, Echter zien wij de kinderen de eerste vier jaren van hun leven en als je het dan hebt over vroegtijdiger signaleren, dan heeft de kinderopvang een duidelijke vindplaats. Wij hebben nu geregeld contact met de wijkteams, omdat we kinderen en gezinnen tegenkomen, die extra ondersteuning nodig hebben. Als kinderopvang spelen wij hier zeker een belangrijke rol in. Op blz 28 wordt jeugdparticipatie genoemd: ook hier kan de kinderopvang een rol spelen. Wij doen veel aan kinderparticipatie en ook kindervergaderingen worden regelmatig bij ons gehouden.

Antwoord/reactie gemeente In Albrandswaard wordt momenteel nieuw VVE beleid uitgewerkt. In de LEA’s zal naar aanleiding van dit nieuwe beleid meer aandacht worden besteed aan het maken van resultaatafspraken met de partners en de overdracht van de vroegschool naar de voorschool. Zowel de kinderopvangorganisaties met VVE als zonder VVE sluiten aan bij deze overleggen en willen wij ook graag betrekken bij ontwikkelingen op het gebied van de doorgaande leerlijn en kwaliteitsborging. We hebben dit aangepast in de nota.

Dat is een terecht punt. We starten eerst met de kernpartners in en rondom de geboortezorg, maar ook de kinderopvang is hierin zeker een belangrijke partij. We gaan hierover op termijn graag met u in gesprek en hebben de kinderopvang toegevoegd in de nota bij het onderwerp Kansrijke Start. Wij delen uw mening dat de kinderopvang een belangrijke partners i.h.k.v. vroegsignalering is. Fijn om te horen dat het wijkteam in ieder geval gevonden wordt. Over de wijze waarop meer structuur kan worden gegeven aan vroegtijdiger signaleren binnen de kinderopvang gaat de gemeente graag in gesprek met de kinderopvangpartners.

Dat uw organisatie intern veel aan kinderparticipatie doet waarderen wij. In de beleidsnota wordt gedoeld op jeugdparticipatie bij gemeentelijk beleid en de uitvoering daarvan. De jeugdparticipatie zoals deze 30

Op blz 40: kindermishandeling en huiselijk geweld, Helaas hebben wij hier regelmatig mee te maken. Een link naar de kinderopvang zou daarom ook wenselijk zijn. We merken nu dat hulpverlening regelmatig vergeet dat wij ook met deze gezinnen werken en dus ook veel zien en horen.

Kortom; de rol van de kinderopvang zou ik graag wat meer beschreven zien. Organisatie: SWA en KijkopWelzijn Vraag/opmerking Hulpverleners (pagina 3): in paragraaf 2 wordt gesproken over: ‘het uitgangspunt is dat inzet van hulpverleners op elkaar is afgestemd’. Het zal een mooie brug zijn om hierbij te noemen hulpverleners en het informele netwerk van ondersteuning (vrijwilligers, mantelzorgers, familie, etc.). Zo creëer je een preventieve en integrale aanpak van het systeem in de leefwereld. Pagina 12: ‘Zorg Dichtbij’ (Albrandswaard) en Pagina 14 (Barendrecht) ‘Wijkgerichte samenwerking’: Wij zien dezelfde teksten, alleen de hoofdtekst is verschillend. Hoe moeten wij dit zien?

vormgegeven is/gaat worden, gaat uit van kinderen en jongeren in de leeftijd van 10 tot 18 jaar en richt zicht vooralsnog vooral op het primair onderwijs en in Barendrecht ook op het voortgezet onderwijs. Dit is de leeftijd waarop kinderen en jongeren goed mee kunnen denken over het beleid van de gemeente. De kinderopvang is zeker een belangrijke partner die wij bijvoorbeeld net als het onderwijs zullen betrekken bij het verbeteren van de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Er lopen nog geen afspraken, maar die staan voor de toekomst wel in de planning. De kinderopvang heeft als beroepsgroep de meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld voor hun aangesloten organisaties uitgewerkt (https://www.boink.info/meldcodekindermishandeling). Als kinderopvangorganisaties dit signaleren, dan moeten ze conform de meldcode handelen. Mee eens. In de nota is een aantal aanscherpingen doorgevoerd n.a.v. de eerder genoemde punten.

Antwoord/reactie gemeente Wij nemen uw voorstel over.

Op hoofdlijnen zijn de nota’s gelijk, maar per gemeenten zijn hier en daar andere tekstuele keuze’s gemaakt.

31

Het maatschappelijk resultaat (bladzijde 10): op meerdere plaatsen in de nota komt naar voren dat de gemeente Barendrecht/Albrandswaard meer wil gaan sturen op maatschappelijk resultaat ten opzichte van zogenaamde ‘output’. Onze huidige KPI’s, welke afgesproken zijn met de gemeente, zijn hoofdzakelijk gericht op dat tweede. Op wat voor termijn wordt de switch gemaakt naar nieuwe afspraken en indicatoren en in hoeverre worden wij daarin meegenomen? En wie is uiteindelijk verantwoordelijk voor het meten hiervan? Sturen via de opgavetafels (bladzijde 12): de gemeente wil de effecten van de middelen die worden ingezet volgen en hierop kunnen (bij)sturen. Wat moet ik mij hierbij voorstellen? In de huidige situatie hebben wij regelmatig overleg met de gemeente over afspraken en sturen wij daar eens per jaar, tijdens het maken van nieuwe afspraken, bij waar nodig. Blijft deze frequentie op deze manier of kunnen we meer/minder sturing van de gemeente verwachten? Wijkgerichte samenwerking (bladzijde 14): de gemeente wil een goed werkend wijknetwerk ontwikkelen op het gebied van welzijn, gezondheid, hulp en ondersteuning. Wij nemen bij allebei de wijkteams alleen deel vanuit onze rol als jongerencoaching. Is de ambitie om dit verder te verbreden qua doelgroepen? Algemeen: vele uitgangspunten zijn gelijk in de nota Barendrecht en Albrandswaard (wellicht ook Ridderkerk).

Hoe gaan jullie de ambities monitoren vanuit de integrale uitvoeringsorganisatie? Hoe ziet deze eruit (in het kader van leren van elkaar als gemeenten en efficiëntie van inzet van professionals)

U refereert waarschijnlijk naar de KPI’s die u naar aanleiding van een subsidie met de gemeente hebt afgesproken. Deze afspraken blijven voor de geldigheidsduur van de subsidie ongewijzigd. In de nota beschrijven wij de manier waarop we de doelen die in de nota zijn gesteld willen meten. Na vaststelling van de nota zal dit ook effect hebben op de afspraken die wij met subsidiepartners maken. Afspraken maken we altijd in overleg.

Het gaat in het verband van de opgavetafels om het sturen vanuit een gezamenlijke en gedeelde verantwoordelijkheid m.b.t. de maatschappelijke opgaven. De één op één gesprekken omtrent de voortgang en verantwoording over de inzet van de verkregen subsidiegelden zullen naar verwachting blijven. De gespreksvorming over waartoe de middelen worden ingezet willen we steeds meer integraal vorm gaan geven. Daar verwachten wij inderdaad wel een verschuiving van individuele naar integrale gesprekken en gedachtevorming aan de opgavetafels. Momenteel is er al een nauwe samenwerking, welke we graag verder intensiveren en optimaliseren. Verbreding van doelgroepen is daarbij een optie.

Op dit moment stellen de gemeenten Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk inderdaad een vergelijkbare nota integraal beleid sociaal domein op. De nota’s zijn in hoge mate vergelijkbaar en dit zal naar alle waarschijnlijkheid ook voor de monitoring gelden. De basis voor de monitoring zal bij de definitieve versie van de nota verder zijn uitgewerkt. De komende periode buigt de ambtelijke organisaties zich verder over de vormgeving en inrichting van onder meer de monitoring, waarbij het leren van elkaar tussen de gemeenten en een efficiënte inzet van professionals aandachtspunten vormen. 32

Organisatie: Vivenz / MEE Vraag/opmerking

Antwoord/reactie gemeente

De nota is meerjarig beleidskader; voor welke periode precies?

Er is geen einddatum opgenomen zodat de nota herijkt of vernieuwd kan worden wanneer de situatie in de gemeente daar om vraagt, bijvoorbeeld ook naar aanleiding van de tussentijdse evaluaties.

MEE Vivenz ziet graag dat de invulling van het partnerschap van de gemeente en de invulling van een samenwerkende en responsieve overheid duidelijker en congruent beschreven wordt in deze beleidskaders.

In de nota is onder ‘pijlers voor succesvolle implementatie’ uiteengezet welke rollen de gemeente heeft. Vervolgens is een toelichting gegeven op de richting die de gemeente wil inslaan, welk accent de gemeente wil leggen en welk onderscheid gemaakt wordt. Meer congruentie is niet aan te brengen aangezien de gemeente meerdere rollen heeft in te vullen. Daarentegen vermeldt de nota dat de gemeente het partnerschap beter wil vormgeven rondom de aanpak van de maatschappelijke opgaven. Om te beginnen heeft de gemeente dat al gedaan door de conceptversie van de nota aan verschillende organisaties voor te leggen en hen aan de voorkant te betrekken bij het formuleren van zowel het ‘wat’ als het ‘hoe’. Met de opgavetafels heeft de gemeente voor ogen intensiever samen op te trekken met partners rondom het formuleren en vormgeven van de ‘hoe’-vraag.

In de beleidskaders wordt melding gemaakt van de trend “flexibilisering van de arbeidsmarkt”. Ook voor MEE Vivenz is het in deze tijd noodzakelijk om een grotere flexibele schil van personeel te hebben dan voorheen. Daarom wordt gepleit voor meerjarige afspraken, ook als het gaat om een subsidierelatie. Deze ruimte is nodig om daadwerkelijk te kunnen innoveren. Een dergelijke ambitie of voornemen is niet terug vinden in de nota. MEE Vivenz ziet graag een voornemen of streven naar een toename van meerjarige afspraken met partners in de beleidskaders opgenomen.

In de beleidsnota wordt volstaan met het benoemen van partnerschap als belangrijke succesfactor; een pijler voor succesvolle implementatie. De (juridische) basis voor meerjarige financiële afspraken is gelegen in gesloten overeenkomsten conform het aanbestedingsrecht en de Algemene Wet Bestuursrecht i.h.k.v. subsidiëring. Toekomstige afwegingen rondom nieuwe (looptijden van) financiële afspraken zullen gemaakt worden in het perspectief van deze integrale beleidsnota.

33

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3315/documents/24006