BEANTWOORDING Techn vragen CDA-fractie rv Regiovisie Huiselijk geweld - BenA W 12 feb2024.pdf
Tekst van het document
Technische vragen van het CDA, met betrekking tot beraad en advies dd 12 februari 2024 mbt agendapunt 5 Regiovisie Huiselijk geweld en kindermishandeling. 1. In het verleden was er grote achterstand bij de afhandeling van meldingen bij veilig thuis. Hoe is de situatie nu en hoe worden wachtlijsten voorkomen? Sinds de verbeterde meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling van 2019 is het aantal meldingen bij Veilig Thuis gestegen. Het is nu een professionele norm om melding te doen bij Veilig Thuis als er vermoedens bestaan van acute en/of structurele onveiligheid. Professionals hoeven nu dus niet meer langer te wachten tot een zaak zeer ernstig of levensbedreigend is geworden; complexe zaken kunnen al eerder bij Veilig Thuis worden gemeld. Dit zorgde tijdelijk voor een achterstand bij de afhandeling van meldingen bij Veilig Thuis. Deze achterstand is inmiddels ingelopen, omdat er sindsdien voldoende middelen en capaciteit beschikbaar zijn gesteld aan Veilig Thuis organisaties. 2. Huiselijk geweld komt ook veel voor bij ouderen door bv overbelaste mantelzorgers en financiële uitbuiting.
Hoe wordt dat in Albrandswaard geconstateerd, door wie, aan wie en wat wordt er mee gedaan? Mbt kindermishandeling en huiselijk geweld? Zijn er ook cijfers bekend? Professionals die werkzaam zijn in gezondheidszorg, onderwijs, kinderopvang, maatschappelijke ondersteuning, jeugdhulp en justitie werken met de meldcode voor huiselijk geweld en kindersmishandeling. De lokale wijkteams van de gemeente werken hier ook mee. Bij het doen van een melding bij Veilig Thuis wordt er door professionals gebruikgemaakt van een afwegingskader. Dit afwegingskader helpt bij het wegen van het huiselijk geweld, de ouderenmishandeling of de kindermishandeling en bij het beslissen wel of niet te melden. Na een melding bij Veilig Thuis wordt met alle betrokkenen actief samengewerkt om de situatie voor iedereen weer veilig te maken. Het aantal meldingen huiselijk geweld en kindermishandeling wordt periodiek gerapporteerd door Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond aan de regiogemeenten. In 2022 waren er in onze gemeente 122 meldingen van huiselijk geweld en kindersmishandeling. In 2023 waren er 138 meldingen. Een stijging in het aantal meldingen hoeft niet per definitie te betekenen dat er meer huiselijk geweld en kindersmishandeling is. Het kan ook een indicatie zijn van betere navolging van de meldcode en dat er meer vroegsignalering plaatsvindt. 3.
Hoe werkt op dit moment de preventie en door wie wordt het uitgevoerd in Albrandswaard? Preventie is te onderscheiden in drie verschillende niveaus (zoals in de regiovisie beschreven wordt). Primaire preventie is gericht op het informeren en voorlichten van inwoners. Informatie en voorlichting over huiselijk geweld en kindersmishandeling wordt gedeeld op verschillende manieren. Waar mogelijk geven we aandacht aan landelijke campagnes over deze onderwerpen. Daarnaast biedt ons lokale wijkteam steeds vaker laagdrempelige ondersteuning aan in een zo vroeg mogelijk stadium. Voorlichting is een belangrijk onderdeel van deze ondersteuning.
Op die manier verwachten we zoveel mogelijk complexe casuïstiek (waaronder huiselijk geweld en kindermishandeling) te voorkomen. Secundaire preventie is gericht op risicogroepen. Het volgen van de stappen van de meldcode staat daarin centraal in de regiovisie. Ons wijkteam en maatschappelijke organisaties zijn goed instaat om de meldcode te volgen en om alle vormen van huiselijk geweld en kindermishandeling bespreekbaar te maken, het vroegtijdig te signaleren, het op te pakken en te melden. We zorgen ervoor dat onze wijkteammedewerkers voldoende opgeleid en getraind worden om de signalering te verbeteren. Tertiaire preventie is het voorkomen van erger en gericht op herstel. Dit doen we in het wijkteam zo veel mogelijk zelf door preventief te werken en door zelf laagdrempelige ondersteuning aan te bieden. Als dit aanbod niet voldoende is om erger te voorkomen en herstel te bevorderen verwijzen we door naar aanvullende (jeugd-)zorg. Op die manier werken we al zoveel mogelijk in lijn met het Toekomstscenario kind en gezinsbescherming. We werken namelijk toe naar een werkwijze waarin de nadruk ligt op de ‘voorkant van de keten’, stevige lokale teams en een integrale aanpak.